[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

31589 Wijziging van de Wet milieubeheer (implementatie en derogatie luchtkwaliteitseisen)

Wijziging van de Wet milieubeheer (implementatie en derogatie luchtkwaliteitseisen)

Eindtekst

Nummer: 2010D09144, datum: 2009-02-19, bijgewerkt: 2024-02-19 10:56, versie: 1

Directe link naar document (.doc), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Onderdeel van zaak 2008Z02003:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


De Tweede Kamer der Staten- PRIVATE  

Generaal zendt bijgaand door

haar aangenomen wetsvoorstel

aan de Eerste Kamer.

De Voorzitter,

19 februari 2009



Wijziging van de Wet milieubeheer (implementatie en derogatie
luchtkwaliteitseisen)



	GEWIJZIGD VOORSTEL VAN WET



	Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

	Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

	Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is om bij
wet regels te stellen ten aanzien van de luchtkwaliteit ten behoeve van
de implementatie en uitvoering van richtlijn nr. 2008/50/EG van het
Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 21 mei 2008
betreffende de luchtkwaliteit en schonere lucht voor Europa (PbEG L152),
van de in die richtlijn geregelde toepassing van uitstel en vrijstelling
van de verplichting om aan bepaalde grenswaarden te voldoen en van een
aantal overige aanpassingen van de betreffende wetgeving;

	Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg
der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij
goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

	De Wet van 11 oktober 2007 tot wijziging van de Wet milieubeheer
(luchtkwaliteitseisen) wordt als volgt gewijzigd:

	In artikel I, onder I, vervalt artikel 5.8.

ARTIKEL II

	De Wet milieubeheer wordt als volgt gewijzigd:

A

	Artikel 5.6, tweede lid, komt te luiden:

	2. Deze titel, bijlage 2 en de op deze titel berustende bepalingen zijn
niet van toepassing op plaatsen als gedefinieerd in artikel 2 van de
Richtlijn 89/654/EEG van de Raad van 30 november 1989 betreffende
minimumvoorschriften inzake veiligheid en gezondheid voor
arbeidsplaatsen (PbEG L 393), op welke plaatsen bepalingen betreffende
gezondheid en veiligheid op de arbeidsplaats van toepassing zijn en
waartoe leden van het publiek gewoonlijk geen toegang hebben.

B

	Artikel 5.7, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:

	1. Na de begripsomschrijving van “autosnelweg” worden de volgende
begripsomschrijvingen ingevoegd:

	beoordelen van de luchtkwaliteit: vaststellen van het kwaliteitsniveau
en bepalen van de mate waarin een vastgesteld kwaliteitsniveau voldoet
aan een grenswaarde, blootstellingsconcentratieverplichting,
richtwaarde, plandrempel, alarmdrempel of informatiedrempel als bedoeld
in bijlage 2;

	blootstellingsconcentratieverplichting: een op grond van de gemiddelde
blootstellingsindex bepaald kwaliteitsniveau met het doel de schadelijke
gevolgen voor de gezondheid van de mens te verminderen, waaraan binnen
een bepaalde termijn moet worden voldaan;

	buitenlucht: buitenlucht in de troposfeer;

	bijdragen van natuurlijke bronnen: emissies van verontreinigende
stoffen die niet direct of indirect zijn veroorzaakt door menselijke
activiteiten, met inbegrip van natuurverschijnselen zoals vulkanische
uitbarstingen, seismische activiteiten, geothermische activiteiten,
bosbranden, stormen, zeezout als gevolg van verstuivend zeewater of de
atmosferische opwerveling of verplaatsing van natuurlijke deeltjes uit
droge regio’s;.

	2. “EG-kaderrichtlijn” en de bijbehorende begripsomschrijving
worden vervangen door:

	EG-richtlijn luchtkwaliteit: richtlijn nr. 2008/50/EG van het Europees
Parlement en de Raad van de Europese Unie van 21 mei 2008 betreffende de
luchtkwaliteit en schonere lucht voor Europa (PbEG L 152);.

	3. Na de begripsomschrijving van“EG-richtlijn luchtkwaliteit” wordt
de volgende begripsomschrijving ingevoegd:

	gemiddelde blootstellingsindex: gemiddeld kwaliteitsniveau dat
overeenkomstig de Regeling beoordeling luchtkwaliteit wordt bepaald op
basis van stedelijke achtergrondlocaties verspreid over het gehele
Nederlandse grondgebied en dat de blootstelling van de bevolking
weergeeft;.

	4. De begripsomschrijving van “grenswaarde” komt te luiden:
kwaliteitsniveau met als doel schadelijke gevolgen voor de menselijke
gezondheid of het milieu als geheel te vermijden, te voorkomen of te
verminderen en dat  binnen een bepaalde termijn moet worden bereikt en,
wanneer het eenmaal is bereikt, niet meer mag worden overschreden;.

	5. In de begripsomschrijving van “jaargemiddelde concentratie”
wordt na “zwevende deeltjes (PM10)” ingevoegd: en voor zwevende
deeltjes (PM2,5).

	6. De begripsomschrijving voor “richtwaarde” komt te luiden:
kwaliteitsniveau dat is vastgesteld met het doel om schadelijke gevolgen
voor de menselijke gezondheid of het milieu als geheel te vermijden, te
voorkomen of te verminderen en dat voor zover mogelijk binnen een
bepaalde termijn moet worden bereikt;.

	7. Na de begripsomschrijving van “uurgemiddelde concentratie” wordt
de volgende begripsomschrijving ingevoegd:

	vaststellen van het kwaliteitsniveau: door middel van meting of
berekening bepalen of prognosticeren van de concentratie van een
verontreinigende stof in de buitenlucht of van de depositie van die
stof;.

	8. “Verontreinigende stoffen” en de bijbehorende
begripsomschrijving worden vervangen door:

	verontreinigende stof: stof die zich in de lucht bevindt en die
waarschijnlijk schadelijke gevolgen voor de menselijke gezondheid of het
milieu als geheel heeft;.

	9. Aan het slot wordt, onder vervanging van de punt door een puntkomma,
een begripsomschrijving toegevoegd, luidende:

	zwevende deeltjes (PM2,5): in de buitenlucht voorkomende stofdeeltjes
die een op grootte selecterende instroomopening passeren met een
efficiencygrens van 50 procent bij een aerodynamische diameter van 2,5
micrometer.

C

	In artikel 5.9, eerste lid, wordt na “bijlage 2” ingevoegd: ,
voorschrift 13.1,.

D

	Artikel 5.10 vervalt.

E

	Artikel 5.11 wordt als volgt gewijzigd:

	1. Het eerste lid komt te luiden:

	1. Een plan als bedoeld in artikel 5.9, eerste lid, 5.12, eerste lid,
of 5.13, eerste lid, bevat ten minste de gegevens, bedoeld in bijlage
XV, deel A, van de EG-richtlijn luchtkwaliteit.

	2. In het tweede lid wordt “bijlage IV van de EG-kaderrichtlijn
luchtkwaliteit” vervangen door: bijlage XV, deel A, van de
EG-richtlijn luchtkwaliteit.

	3. In het derde lid wordt “artikel 5.9, eerste lid, of 5.10, eerste
lid” vervangen door: artikel 5.9, eerste lid, 5.12, eerste lid, of
5.13, eerste lid.

F

	Artikel 5.12 wordt als volgt gewijzigd:

	1. In het eerste lid wordt “gehoord de Tweede Kamer der
Staten-Generaal” vervangen door “gehoord de Eerste en Tweede Kamer
der Staten-Generaal”.

	2. De aanhef van het derde lid komt te luiden:

	Met betrekking tot één of meer in het programma, bedoeld in het
eerste lid, aangewezen gebieden omvat het programma, na overleg met de
betrokken bestuursorganen, tevens:.

	3. Aan het slot van het derde lid wordt toegevoegd: Bij ministeriële
regeling kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze van
uitvoering van de onderdelen a tot en met e en van het vierde en zesde
lid, met inbegrip van daarbij te hanteren uitgangspunten en criteria.

	4. Het vijfde lid komt te luiden:

	5. In een programma als bedoeld in het eerste lid worden geen besluiten
als bedoeld in het derde lid, onder c, opgenomen, indien het aannemelijk
is dat deze een overschrijding of verdere overschrijding van een
geldende grenswaarde tot gevolg hebben op het tijdstip waarop, met
toepassing van:

	a. uitstel als bedoeld in artikel 22, eerste lid, van de EG-richtlijn
luchtkwaliteit, van de tijdstippen waarop aan de in bijlage 2 opgenomen
grenswaarden voor stikstofdioxide of benzeen moet worden voldaan,

	b. vrijstelling als bedoeld in artikel 22, tweede lid, van de
EG-richtlijn luchtkwaliteit, van de verplichting om aan de in bijlage 2
opgenomen grenswaarden voor zwevende deeltjes (PM10) te voldoen,

	ingevolge die richtlijn aan de desbetreffende grenswaarde moet worden
voldaan.

	5. In het tiende lid wordt “gehoord de Tweede Kamer der
Staten-Generaal” vervangen door: gehoord de Eerste en Tweede Kamer der
Staten-Generaal.

	6. In het elfde lid wordt “gehoord de Tweede Kamer der
Staten-Generaal” vervangen door: gehoord de Eerste en Tweede Kamer der
Staten-Generaal.

	7. In het twaalfde lid wordt “krachtens het derde lid aangewezen
gebied” vervangen door “een gebied als bedoeld in het derde lid”
en wordt “met overeenkomstige toepassing van artikel 5.19” vervangen
door: met toepassing van de artikelen 5.19 en 5.20 en de daarop
berustende bepalingen.

G

	Na artikel 5.12 wordt het volgende artikel ingevoegd:

Artikel 5.12a

	Indien op of na het daarbij behorende tijdstip niet wordt voldaan of
dreigt te worden voldaan aan de blootstellingsconcentratieverplichting,
opgenomen in voorschrift 4.6 van bijlage 2, draagt Onze Minister zorg
voor het nemen van maatregelen waardoor aan die verplichting wordt
voldaan. Deze maatregelen kunnen deel uitmaken van het programma,
bedoeld in artikel 5.12, eerste lid.

Ga

	Artikel 5.15 wordt als volgt gewijzigd:

	

	1. De aanduiding “1.” voor de tekst van het eerste lid vervalt.

	

	2. Het tweede lid vervalt.

H

	Artikel 5.16 wordt als volgt gewijzigd:

	1. De aanhef van het eerste lid komt te luiden:

	Bestuursorganen maken bij de uitoefening van een in het tweede lid
bedoelde bevoegdheid of toepassing van een daar bedoeld wettelijk
voorschrift, welke uitoefening of toepassing gevolgen kan hebben voor de
luchtkwaliteit, gebruik van een of meer van de volgende gronden en maken
daarbij aannemelijk:.

	2. In het eerste lid, onder a, wordt “hetzij in gevallen waarin bij
een uitoefening of toepassing aannemelijk is gemaakt dat die”
vervangen door: dat een.

	3. De aanhef van het eerste lid, onder b, komt te luiden: dat, met
inachtneming van het vierde lid en de krachtens dat lid gestelde
regels:.

	4. In het eerste lid, onder c, vervalt: hetzij in gevallen waarin bij
een uitoefening of toepassing aannemelijk is gemaakt.

	5. In het eerste lid, onder d, wordt “hetzij indien” vervangen
door: dat.

	6. Het tweede lid, onder a tot en met f, wordt vervangen door:

	a. de artikelen 1.2, 7.27, 7.35, 7.42, 8.2 en 8.40, eerste lid;

	b. de artikelen 13 en 16 van de Wet inzake de luchtverontreiniging;

	c. de artikelen 3.1, 3.10, 3.22, 3.26, 3.27, 3.28 en 3.29 van de Wet
ruimtelijke ordening;

	d. artikel 15 van de Tracéwet;

	e. artikel 9 van de Spoedwet wegverbreding.

	7. Het derde lid komt te luiden:

	3. Bij de uitoefening van een bevoegdheid of toepassing van een
wettelijk voorschrift als bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder c
of d, gedurende de periode waar een programma als bedoeld in artikel
5.12, eerste lid, of 5.13, eerste lid, betrekking op heeft, vindt met
betrekking tot de effecten van de desbetreffende ontwikkeling of het
desbetreffende besluit op de luchtkwaliteit geen afzonderlijke
beoordeling van de luchtkwaliteit plaats voor een in bijlage 2 opgenomen
grenswaarde voor die periode, noch voor enig jaar daarna.

I

	Artikel 5.17 komt te luiden:

Artikel 5.17

	

	1. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aan te wijzen
bestuursorganen stellen alle nodige maatregelen vast, gericht op het
voor zover mogelijk bereiken van een in bijlage 2 opgenomen richtwaarde
binnen de daarvoor gestelde termijn. Deze maatregelen kunnen deel
uitmaken van een plan of programma als bedoeld in artikel 5.9, eerste
lid, 5.12, eerste lid, of 5.13, eerste lid, dan wel van een ander plan
of programma.

	2. Bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het
eerste lid, worden nadere regels gesteld met betrekking tot de in dat
lid bedoelde maatregelen, waartoe in elk geval behoren regels omtrent de
aard van die maatregelen.

J

	Artikel 5.18 wordt als volgt gewijzigd:

	1. Aan het slot van het eerste lid wordt een zin toegevoegd, luidende:
Wanneer overschrijding van een informatiedrempel of alarmdrempel
voorkomt in samenhang met overschrijding van een in bijlage 2 genoemde
grenswaarde voor een andere verontreinigende stof in de buitenlucht,
doet de commissaris van de Koningin tevens mededeling van laatstbedoelde
overschrijding.

	2. In het tweede lid, wordt “artikel 7, derde lid, van de
EG-kaderrichtlijn luchtkwaliteit” vervangen door: artikel 24 van de
EG-richtlijn luchtkwaliteit.

K

	Het opschrift van § 5.2.5 komt te luiden:

§ 5.2.5. Beoordeling van de luchtkwaliteit

L

	Artikel 5.19 komt te luiden:

Artikel 5.19

	

	1. Het beoordelen van de luchtkwaliteit vindt overeenkomstig de bij of
krachtens deze paragraaf gestelde regels plaats in alle agglomeraties en
zones, aangewezen krachtens artikel 5.22.

	2. In afwijking van het eerste lid vindt op de volgende locaties geen
beoordeling van de luchtkwaliteit plaats met betrekking tot
luchtkwaliteitseisen voor de bescherming van de gezondheid van de mens,
opgenomen in bijlage 2:

	a. locaties die zich bevinden in gebieden waartoe leden van het publiek
geen toegang hebben en waar geen vaste bewoning is;

	b. terreinen waarop een of meer inrichtingen zijn gelegen, waar
bepalingen betreffende gezondheid en veiligheid op arbeidsplaatsen als
bedoeld in artikel 5.6, tweede lid, van toepassing zijn;

	c. de rijbaan van wegen en de middenberm van wegen, tenzij voetgangers
normaliter toegang tot de middenberm hebben.

	3. Bij het vaststellen van het kwaliteitsniveau worden bij het bepalen
van de concentraties verontreinigende stoffen de concentratiebijdragen
van natuurlijke bronnen, na afzonderlijk te zijn bepaald, meegerekend.

	4. Bij het bepalen van de mate waarin een vastgesteld kwaliteitsniveau
voldoet aan een in bijlage 2 opgenomen grenswaarde worden, indien dat
kwaliteitsniveau hoger is dan die grenswaarde, de concentratiebijdragen
van natuurlijke bronnen steeds in aftrek gebracht.

	5. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld
indien noodzakelijk voor een juiste uitvoering van het eerste tot en met
vierde lid. 

M

	Artikel 5.20 komt te luiden:

Artikel 5.20

	1. Bij ministeriële regeling worden voor de toepassing van deze titel,
bijlage 2 en de op deze titel berustende bepalingen regels gesteld ten
aanzien van het beoordelen van de luchtkwaliteit met betrekking tot de
in bijlage 2 genoemde stoffen, waartoe in elk geval kunnen behoren
regels omtrent:

	a. de voor beoordeling van de luchtkwaliteit verantwoordelijke
bestuursorganen;

	b. de wijze waarop en de frequentie waarmee de luchtkwaliteit wordt
beoordeeld, met inbegrip van de locaties waar de luchtkwaliteit wordt
beoordeeld, en de te gebruiken gegevens;

	c. de wijze waarop en de frequentie waarmee het kwaliteitsniveau
gemeten of berekend wordt; 

	d. de wijze van bekostiging van de metingen en berekeningen;

	e. de wijze en het tijdstip waarop verslag wordt gedaan van beoordeling
van de luchtkwaliteit en de in het verslag op te nemen gegevens;

	f. de wijze waarop het bereiken van de grenswaarden, bedoeld in de
artikelen 5.12 of 5.13 wordt vastgesteld; 

	g. de wijze waarop de effecten van ontwikkelingen, besluiten en
maatregelen als bedoeld in deze titel afzonderlijk en in samenhang
worden bepaald en daarbij te gebruiken gegevens;

	h. de wijze waarop de autonome ontwikkeling als bedoeld in deze titel
wordt bepaald.

	2. Bij de regeling, bedoeld in het eerste lid, kan worden bepaald dat
daarbij aangewezen regels van toepassing zijn dan wel buiten toepassing
blijven in daarbij genoemde gevallen.

	3. Bij de regeling, bedoeld in het eerste lid, kan worden bepaald dat
het gebruik van andere dan de daarin genoemde methoden voor de
beoordeling van de luchtkwaliteit of voor het bepalen van effecten of
het gebruik van andere dan daarin genoemde gegevens niet is toegestaan
dan na voorafgaande goedkeuring door Onze Minister.

	4. De goedkeuring, bedoeld in het derde lid, kan worden onthouden of
ingetrokken indien het gebruik van de betreffende methode of gegevens
naar het oordeel van Onze Minister niet, of niet langer, leidt tot een
voldoende nauwkeurige of betrouwbare beoordeling van de luchtkwaliteit
of bepaling van effecten en daarvoor meer geschikte methoden of gegevens
beschikbaar zijn.

	5. Aan de goedkeuring kunnen voorwaarden of beperkingen worden
verbonden. Deze kunnen worden gewijzigd of ingetrokken.

N

	Artikel 5.22 wordt als volgt gewijzigd:

	Het derde lid, komt te luiden:

	3. Onze Minister stelt op basis van de aanwijzing van zones en
agglomeraties, bedoeld in het eerste lid, en de resultaten van de
metingen en berekeningen, bedoeld in dat lid, lijsten vast als bedoeld
in artikel 27 van de EG-richtlijn luchtkwaliteit en artikel 3 van
richtlijn nr. 2004/107/EG van het Europees Parlement en de Raad van de
Europese Unie van 15 december 2004 betreffende arseen, cadmium, kwik,
nikkel en polycyclische aromatische koolwaterstoffen in de lucht (PbEG L
23).

O

	Het opschrift van § 5.2.6 komt te luiden:

§ 5.2.6. Handhaving en internationale samenwerking

P

	Aan het slot van titel 5.2 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 5.24

	1. Onze Minister is belast met de organisatie van de samenwerking met
andere lidstaten en met de Commissie van de Europese Gemeenschappen, ter
uitvoering van de EG-richtlijn luchtkwaliteit.

	2. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld
omtrent de samenwerking, bedoeld in het eerste lid.

Q

	In artikel 20.2, eerste lid, wordt, onder vervanging van de punt aan
het slot van onderdeel e door een puntkomma, een onderdeel toegevoegd,
luidende:

	f. houdende een kennisgeving als bedoeld in artikel 22, vierde lid, van
de EG-richtlijn luchtkwaliteit.

ARTIKEL III

	Bijlage 2 van de Wet milieubeheer wordt als volgt gewijzigd:

A

	In voorschrift 1.2 wordt “of van autosnelwegen,” vervangen door: ,
van autosnelwegen of hoofdwegen waarvan per dag meer dan 50.000
motorrijtuigen als bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994
gebruik maken,.

B

	Na voorschrift 2.1 wordt een voorschrift ingevoegd, luidende:

Voorschrift 2.1a

	In afwijking van voorschrift 2.1 gelden voor een of meer bij algemene
maatregel van bestuur aangewezen zones of agglomeraties of een gedeelte
daarvan, waarvoor uitstel krachtens artikel 22, eerste lid, juncto
vierde lid, van de EG-richtlijn luchtkwaliteit van toepassing is, tot
een bij die maatregel genoemd tijdstip, doch uiterlijk tot 1 januari
2015, voor stikstofdioxide de volgende grenswaarden voor de bescherming
van de gezondheid van de mens:

	a. 300 microgram per m3, gedefinieerd als uurgemiddelde concentratie,
waarbij geldt dat deze maximaal achttien maal per kalenderjaar mag
worden overschreden, en

	b. 60 microgram per m3, gedefinieerd als jaargemiddelde concentratie.

C

	In voorschrift 2.2 wordt na “gelden” ingevoegd: buiten de krachtens
voorschrift 2.1a aangewezen zones en agglomeraties.

D

	Voorschrift 2.3 wordt als volgt gewijzigd:

	1. Na “gelden” wordt ingevoegd: buiten de krachtens voorschrift
2.1a aangewezen zones en agglomeraties.

	2. “voorschrift 2.1, onder 2” wordt vervangen door: voorschrift
2.1, tweede lid.

E

	In voorschrift 3.1 wordt “of van autosnelwegen,” vervangen door: ,
van autosnelwegen of hoofdwegen waarvan per dag meer dan 50.000
motorrijtuigen als bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994
gebruik maken,.

F

	§ 4 wordt als volgt gewijzigd:

	1. Het opschrift komt te luiden:

§ 4. Grenswaarden voor zwevende deeltjes (PM10); plandrempel,
richtwaarden, grenswaarde en blootstellingsconcentratieverplichting voor
zwevende deeltjes (PM2,5)

	2. Na voorschrift 4.1 worden de volgende voorschriften ingevoegd:

Voorschrift 4.2

	In afwijking van voorschrift 4.1 gelden voor een of meer bij algemene
maatregel van bestuur aangewezen zones of agglomeraties of een gedeelte
daarvan, waarvoor vrijstelling krachtens artikel 22, tweede lid, juncto
vierde lid, van de EG-richtlijn luchtkwaliteit van toepassing is, tot
een bij die maatregel genoemd tijdstip, doch uiterlijk tot 11 juni 2011,
voor zwevende deeltjes (PM10) de volgende grenswaarden voor de
bescherming van de gezondheid van de mens:

	a. 48 microgram per m3, gedefinieerd als jaargemiddelde concentratie,
en

	b. 75 microgram per m3, gedefinieerd als vierentwintig-uurgemiddelde
concentratie, waarbij geldt dat deze maximaal vijfendertig maal per
kalenderjaar mag worden overschreden.

Voorschrift 4.3

	Voor zwevende deeltjes (PM2,5) geldt de volgende richtwaarde voor de
bescherming van de gezondheid van de mens, die met ingang van 1 januari
2010 voor zover mogelijk moet worden bereikt: 

25 microgram per m3, gedefinieerd als jaargemiddelde concentratie.

Voorschrift 4.4

	1. Voor zwevende deeltjes (PM2,5) geldt met ingang van 1 januari 2015
de volgende grenswaarde voor de bescherming van de gezondheid van de
mens:

	25 microgram per m3, gedefinieerd als jaargemiddelde concentratie.

	2. Tot 1 januari 2015 blijft het eerste lid buiten toepassing bij de
uitoefening van een bevoegdheid of toepassing van een wettelijk
voorschrift met toepassing van artikel 5.16, eerste lid, ongeacht of de
desbetreffende uitoefening of toepassing ook na de genoemde datum
gevolgen voor de luchtkwaliteit heeft of kan hebben.

Voorschrift 4.5

	Voor zwevende deeltjes (PM2,5) geldt tot 1 januari 2015 de volgende
plandrempel voor de bescherming van de gezondheid van de mens,
gedefinieerd als jaargemiddelde concentratie:

	in 2008, 25 microgram per m3, verhoogd met 20%, welk percentage op de
daaropvolgende eerste januari en vervolgens iedere 12 maanden met
gelijke jaarlijkse percentages wordt verminderd tot 0% op 1 januari
2015.

Voorschrift 4.6

	Voor zwevende deeltjes (PM2,5) geldt met ingang van 1 januari 2015 een
blootstellingsconcentratieverplichting van ten hoogste 20 microgram per
m3, gedefinieerd als gemiddelde blootstellingsindex.

Voorschrift 4.7

	a. Voor zwevende deeltjes (PM2,5) geldt de volgende richtwaarde inzake
vermindering van de blootstelling van de mens die met ingang van 1
januari 2020 voor zover mogelijk moet worden bereikt:

a. indien de  gemiddelde blootstellingsindex in 2010 bedraagt:	een
vermindering van de blootstelling ten opzichte van 2010 met:

8,5 ÎŒg/m3 of minder	0 %

8,5 ÎŒg/m3  of meer maar niet meer dan 13 ÎŒg/m3	10 %

13 ÎŒg/m3  of meer maar niet meer dan 18 ÎŒg/m3 :	15 %

18 ÎŒg/m3  of meer maar niet meer dan 22 ÎŒg/m3 :	20 %



b. indien de gemiddelde blootstellingsindex in 2010 meer bedraagt dan 22
ÎŒg/m3:	een waarde van 18 ÎŒg/m3 voor de gemiddelde blootstellingsindex



G

	1. In de voorschriften 8.1, onder a, en 8.2, onder a, wordt “die op 1
januari 2010 zoveel mogelijk is bereikt” vervangen door: die met
ingang van 1 januari 2010 voor zover mogelijk moet worden bereikt.

	2. In de voorschriften 8.1, onder b, en 8.2, onder b, wordt na
“richtwaarde” ingevoegd “voor de lange termijn” en vervalt: die
op 1 januari 2020 zoveel mogelijk is bereikt.

H

	In de voorschriften 9.1, 10.1, 11.1 en 12.1 wordt “ die op 1 januari
2013 zoveel mogelijk is bereikt” vervangen door: die met ingang van 1
januari 2013 voor zover mogelijk moet worden bereikt.

I

	In voorschrift 13.1 komt onderdeel a te luiden:

	a. plaatsen buiten de krachtens voorschrift 2.1a aangewezen zones en
agglomeraties, waar de in de voorschriften 2.2 en 2.3 genoemde
plandrempels voor stikstofdioxide worden overschreden, waarbij geldt dat
in het plan wordt aangegeven op welke wijze voldaan zal worden aan de in
voorschrift 2.1, eerste lid, onder b, en tweede lid, genoemde
grenswaarden.

J

	Voorschrift 13.2 vervalt.

ARTIKEL IV

	De Wet inzake de luchtverontreiniging wordt als volgt gewijzigd:

	In artikel 53 vervalt de tweede volzin.

ARTIKEL V

	De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk
besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen, de
onderdelen daarvan of de daarin opgenomen bepalingen of voorschriften
verschillend kan worden vastgesteld.

	Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en
dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

 PAGE    

 PAGE   12