[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

34848 Advies Afdeling advisering Raad van State inzake Wijziging van de Wet voorkoming misbruik chemicaliën ter uitvoering van Verordening (EU) nr. 1258/2013, Verordening (EU) nr. 1259/2013, Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/1011 en Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1013

Wijziging van de Wet voorkoming misbruik chemicaliën ter uitvoering van Verordening (EU) nr. 1258/2013, Verordening (EU) nr. 1259/2013, Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/1011 en Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1013

Advies Afdeling advisering Raad van State

Nummer: 2017D36087, datum: 2017-12-06, bijgewerkt: 2024-02-19 10:56, versie: 1

Directe link naar document (.doc), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Onderdeel van zaak 2017Z17378:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


No.W13.17.0159/III	's-Gravenhage, 12 juli 2017

Bij Kabinetsmissive van 14 juni 2017, no.2017000973, heeft Uwe
Majesteit, op voordracht van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en
Sport, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging
aanhangig gemaakt het voorstel van wet, houdende wijziging van de Wet
voorkoming misbruik chemicaliën ter uitvoering van Verordening (EU) nr.
1258/2013 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 273/2004, ter
uitvoering van Verordening (EU) nr. 1259/2013 tot wijziging van
Verordening (EG) nr. 111/2005, ter uitvoering van de Gedelegeerde
Verordening (EU) 2015/1011 tot aanvulling van Verordening (EG) nr.
273/2004 en Verordening (EG) nr. 111/2005 en tot intrekking van
Verordening (EG)  nr. 1277/2005 en ter uitvoering van
Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1013 tot vaststelling van voorschriften
met betrekking tot Verordening (EG) nr. 273/2004 inzake drugsprecursoren
en Verordening (EG) nr. 111/2005 houdende voorschriften voor het
toezicht op en de handel tussen de Europese Unie en derde landen in
drugsprecursoren, met memorie van toelichting.

De Wet voorkoming misbruik chemicaliën geeft uitvoering aan enkele
EU-verordeningen over precursoren, stoffen die gebruikt kunnen worden om
verdovende middelen te maken. Die verordeningen zijn gewijzigd; met het
wetsvoorstel wordt de Wet voorkoming misbruik chemicaliën aangepast aan
die wijzigingen.

De Afdeling advisering van de Raad van State adviseert het voorstel aan
de Tweede Kamer te zenden, maar acht op twee onderdelen een aanpassing
van het voorstel aangewezen. Het betreft de mogelijkheid om verwijzingen
in de wet naar latere wijzigingen van een verordening aan te passen bij
algemene maatregel van bestuur, en een algemene bevoegdheid om regels
ter uitvoering van (latere wijziging van) de verordeningen vast te
stellen bij ministeriële regeling.

1.	Wijziging van de wet bij algemene maatregel van bestuur

De Wet voorkoming misbruik chemicaliën stelt handelingen, omschreven in
enkele EU-verordeningen, strafbaar. Om dat te bereiken bevat de wet
gerichte verwijzingen naar artikelen en artikelleden van die
verordeningen. Voorgesteld wordt te bepalen dat deze verwijzingen kunnen
worden gewijzigd bij algemene maatregel van bestuur. Volgens de
toelichting is deze bepaling bedoeld om het mogelijk te maken
wetstechnische wijzigingen van de verordeningen – zoals vernummering
van artikelen – sneller aan te kunnen brengen, zodat sneller kan
worden zorggedragen voor een goede aansluiting op de verordeningen.

De Afdeling onderschrijft het belang van snelle aanpassing van de wet
aan wetstechnische wijzigingen van verordeningen. Zij merkt echter op
dat de voorgestelde bepaling in zijn formulering niet is beperkt tot
wetstechnische wijzigingen. Een hogere regeling mag in beginsel niet
worden gewijzigd bij lagere regeling. Uitzonderingen op dit beginsel
zijn toegestaan, maar dienen te worden beperkt tot het volgens vaste
systematiek aanpassen van bedragen, tarieven en percentages, en
wetstechnische aanpassingen van verwijzingen naar bindende
EU-rechtshandelingen en verdragen of onderdelen daarvan.

De Afdeling adviseert de voorgestelde bepaling te beperken tot
verwijzingen naar bepalingen van verordeningen die wijzigingen van
wetstechnische aard inhouden.

2.	Het stellen van nadere regels bij ministeriële regeling

Het voorstel creëert een grondslag om bij ministeriële regeling nadere
regels te stellen, voorzover een van de vier verordeningen die aan de
wet ten grondslag liggen uitdrukkelijk een grondslag geeft voor het
stellen van voorschriften door de lidstaten. Uit de toelichting blijkt
dat bewust is gekozen voor een ruime delegatiegrondslag: indien de
ministeriële bevoegdheid zou worden begrensd tot in de wet zelf
genoemde artikelen uit de verordeningen, zou die bevoegdheid bij
toekomstige wijzigingen in de verordeningen telkens gecreëerd moeten
worden. Vanuit overwegingen van wetgevingseconomie is dit een
onverkieslijke situatie. De noodzakelijke begrenzing is gevonden door te
bepalen dat de relevante verordeningen uitdrukkelijk een grondslag
moeten geven voor het stellen van voorschriften, aldus de toelichting.

De Afdeling merkt op dat, ook met deze begrenzing, de delegatiegrondslag
nog steeds te ruim is. Het is immers niet bij voorbaat duidelijk welke
wijzigingen de verordeningen in de toekomst zullen ondergaan. De
ministeriële regeling dient in het algemeen te worden beperkt tot
administratieve voorschriften, details en voorschriften die vaak of met
spoed gewijzigd moeten kunnen worden. Delegatie aan een minister is ook
toegestaan als het gaat om het verwerken van internationale regelingen
in de Nederlandse wetgeving en die regelingen, behoudens op
ondergeschikte punten, geen ruimte laten voor het maken van
beleidsinhoudelijke keuzes. De voorgestelde delegatiegrondslag is daar
echter niet toe beperkt.

De Afdeling adviseert de grondslag voor het stellen van voorschriften
bij ministeriële regeling nader toe te spitsen.

3.	De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele
bijlage.

De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging het
voorstel van wet te zenden aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal,
nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.

De vice-president van de Raad van State,

Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de
Raad van State betreffende no.W13.17.0159/III

In de aanhef de vier verordeningen die worden uitgevoerd opnemen in een
opsomming.

In de transponeringstabel aangeven bij welke bepalingen van de
verordeningen beleidskeuzes moesten worden gemaakt en waar in de
toelichting die keuze wordt toegelicht (aanwijzing 338, tweede lid, van
de Aanwijzingen voor de regelgeving).

 	Voorgesteld artikel 2a.

 	Toelichting op artikel I, onderdeel C.

 	Zie ook aanwijzing 34, tweede lid, onderdeel b, van de Aanwijzingen
voor de regelgeving (Ar).

 	Voorgesteld artikel 3, tweede lid; toelichting op artikel I, onderdeel
D, onderdeel 2.

 	Zie ook aanwijzing 26 van de Aanwijzingen voor de regelgeving.

 PAGE   1 

  PAGE  2 

 PAGE   I 

........................................................................
...........

AAN DE KONING