Aanbiedingsbrief
Bijlage
Nummer: 2022D01253, datum: 2022-01-17, bijgewerkt: 2024-02-19 10:56, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Bijlage bij: Voorstel van wet (2022D01252)
Preview document (š origineel)
Geachte Voorzitter,
Bijgevoegd ontvangt u de derde incidentele suppletoire begroting van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (XIII) voor het jaar 2022. Het wetsvoorstel gaat vergezeld van een memorie van toelichting.
In deze derde incidentele suppletoire begroting worden budgetmutaties voorgesteld die betrekking hebben op de Garantie Klein Krediet Corona (KKC) en Garantie Ondernemingsfinanciering Uitbraak Corona (GO-C).
In een separate Kamerbrief stuur ik u gelijktijdig het ingevulde Toetsingskader risicoregelingen Rijksoverheid voor beide garantieregelingen.
Normaliter wordt nieuw beleid in uitvoering genomen nadat de Staten-Generaal de begrotingswet heeft geautoriseerd. Aangezien uitvoering van de spoedeisende maatregelen die in deze derde incidentele suppletoire begroting zijn opgenomen in het belang van het Rijk zijn en niet kan wachten tot formele autorisatie van beide Kamers der Staten-Generaal, zal het kabinet de uitvoering van de maatregelen starten. Hiermee wordt gehandeld conform lid 2 van artikel 2.27 van de Comptabiliteitswet 2016. Voor de indiening van deze derde incidentele suppletoire begroting is uw Kamer vooraf geĆÆnformeerd via de Kamerbrief Steunpakket in het eerste kwartaal van 2022 van 14 december 2021.
Op grond van de nieuwe werkwijze met betrekking tot artikel 3.1 van de Comptabiliteitswet (Kamerstuk 31 865, nr. 198) is het met ingang van 1 november 2021 verplicht om beleidsvoorstellen met budgettair beslag van meer dan ⬠20 miljoen per jaar in een kader toe te lichten. Voor de garantie KKC en de GO-C ziet dit kader er als volgt uit:
| Beleidskeuzes uitgelegd - Onderbouwing doeltreffendheid, doelmatigheid en evaluatie (CW 3.1) | |
|---|---|
| CW3.1 Kader garantie KKC en GO-C | |
| 1. Doel(en) | Het doel van de regelingen is voorzien in de liquiditeitsbehoefte die is ontstaan als gevolg van de uitbraak van het coronavirus. De KKC doet dit voor zoveel mogelijk kleine ondernemingen en de GO-C voor het grotere mkb en (middel)grote ondernemingen. |
| 2. Beleidsinstrument(en) | Om deze doelen te bereiken worden garantieregelingen gebruikt. KKC: Onder de regeling wordt 95% van het kredietbedrag dat kredietinstellingen verstrekken aan ondernemingen gegarandeerd door de Staat. De Staat ontvangt een eenmalige premie van 2% voor deze garantie en de kosten die financiers aan de ondernemers mogen doorrekenen als zij gebruik maken van deze garantieregeling zijn gemaximeerd op 4% van het kredietbedrag. GO-C: Met de GO-C kunnen leningen tot een maximum van ā¬150 miljoen worden gegarandeerd met een staatsgarantie van 90% voor het mkb en 80% voor het grootbedrijf. Bij de GO-C deelt de Staat naar rato met de bank in de zekerheden bij een eventueel faillissement. |
| 3a. FinanciĆ«le gevolgen voor het Rijk | KKC: Het voorgenomen garantieplafond voor 2022 bedraagt ⬠100 miljoen. Het verwachte verlies wordt ingeschat op 25%. De Staat ontvangt een eenmalige premie van 2%. Ter afdekking van eventuele verliezen is in het voorjaar van 2020 een kasbuffer van ā¬164 miljoen beschikbaar gesteld. GO-C: Voor 2022 bedraagt het garantieplafond ⬠300 miljoen. In het voorjaar van 2020 is een kasbuffer aangelegd om eventuele verliezen te kunnen opvangen. De stand van de kasbuffer was bij Najaarsnota 2021 ⬠102 miljoen. De Staat ontvangt een garantieprovisie naar rato van het garantiepercentage (80 of 90%). |
| 3b. FinanciĆ«le gevolgen voor maatschappelijke actoren | KKC: De overheid staat garant voor 95% van de risicoās, de andere financiers voor 5%. Ten slotte geldt ook dat met ondernemers een persoonlijke borg wordt afgesproken van 10% van de lening. Ook wordt er een premie betaald van 2%. GO-C: De overheid garandeert een staatsgarantie van 90% voor het mkb en 80% voor het grootbedrijf. De andere financiers voor respectievelijk 10% en 20%. De financier betaalt een garantieprovisie naar rato van het garantiepercentage (80 of 90%). |
| 4. Nagestreefde doeltreffendheid | KKC: Door een groot gedeelte van de risicoās op zich te nemen en alleen toe te staan dat de handelingskosten van de financiers kunnen worden doorgerekend aan de klanten, wil de Staat zo gunstig mogelijke condities creĆ«ren voor deze groep ondernemingen die normaal gesproken niet of nauwelijks in aanmerking zou komen voor kredietfinanciering. GO-C: Met de GO-C module kunnen ook ondernemingen die, vanwege hun omvang, niet in aanmerking komen voor de BMKB(-C) (maximale borgstelling BMKB is ā¬1,5 miljoen) gebruik maken van een verruimde staatsgarantie. Hierdoor kunnen banken het mkb en (middel)grootbedrijf met een acute liquiditeitsbehoefte door de Coronacrisis blijven financieren. |
| 5. Nagestreefde doelmatigheid | De staat werkt samen met andere financiers om er voor te zorgen dat zij een gedeelte van de risicoās op zich nemen, maar ook dat gebruik kan worden gemaakt van de expertise van die groep bij de beoordeling van kredieten. Daarmee kunnen op efficiĆ«nte wijze leningen worden verschaft aan in de kern gezonde bedrijven. |
| 6. Evaluatieparagraaf | De evaluaties van de KKC en de GO-C vinden regulier plaats, net zoals geldt voor alle andere regelingen. Deze worden eens in de vijf jaar geëvalueerd. Derhalve zal de eerste evaluatie in beginsel plaatsvinden in 2025, tenzij op een eerder moment uit de uitvoering van de regeling blijkt dat op basis van de dan beschikbare data steekhoudende conclusies kunnen worden getrokken, of eerder indien de regeling voor 2025 komt te vervallen. In de evaluatie zal informatie worden betrokken van RVO, de uitvoerende financiers, enquêtes onder ontvangende ondernemers en interviews met marktpartijen. Indien mogelijk zal hierbij een kwantitatieve analyse worden uitgevoerd. |
M.A.M. Adriaansens
Minister van Economische Zaken en Klimaat