Nota van wijziging
Wijziging van het voorstel van wet tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, het Burgerlijk Wetboek en enige andere wetten (tegengaan huwelijkse gevangenschap en enige andere onderwerpen)
Nota van wijziging
Nummer: 2022D40912, datum: 2022-10-13, bijgewerkt: 2024-02-19 10:56, versie: 3
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36123-7).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: F.M. Weerwind, minister voor Rechtsbescherming
Onderdeel van kamerstukdossier 36123 -7 Wijziging van het voorstel van wet tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, het Burgerlijk Wetboek en enige andere wetten (tegengaan huwelijkse gevangenschap en enige andere onderwerpen).
Onderdeel van zaak 2022Z10898:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
- Stemmingen en besluiten:
- 2022-11-17 10:15 ⇒ Wetsvoorstel zonder stemming aangenomen. (Besluit)
- 2022-11-10 14:45 ⇒ Agenderen voor plenair debat. (Besluit)
- 2022-11-09 14:30 ⇒ Aanmelden voor plenaire behandeling als hamerstuk. (Besluit)
- 2022-07-07 14:00 ⇒ Inbreng geleverd. (Besluit)
- 2022-06-15 14:30 ⇒ Inbrengdatum voor het verslag vaststellen op donderdag 7 juli 2022 te 14.00 uur. (Besluit)
- 2022-06-02 15:10 ⇒ In handen gesteld van de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid (Besluit)
- 2022-06-02 15:10 ⇒ Koninklijke boodschap, met de erbij behorende stukken, is al rondgezonden en gepubliceerd. (Besluit)
Onderdeel van zaak 2022Z19108:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
- Stemmingen en besluiten:
- 2022-11-09 14:30 ⇒ Betrekken bij de verdere behandeling van het wetsvoorstel. (Besluit)
- 2022-06-02 15:10: Aansluitend: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2022-06-15 14:30: Procedures en brieven (Procedurevergadering), vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
- 2022-07-07 14:00: Tegengaan huwelijkse gevangenschap en enige andere onderwerpen (36123) (Inbreng verslag (wetsvoorstel)), vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
- 2022-11-09 14:30: Procedures en brieven (Procedurevergadering), vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
- 2022-11-10 14:45: Aansluitend aan de stemmingen: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2022-11-17 10:15: Hamerstuk: Wijziging van het voorstel van wet tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, het Burgerlijk Wetboek en enige andere wetten (tegengaan huwelijkse gevangenschap en enige andere onderwerpen) (36123) (Hamerstukken), TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2022-2023 |
36 123 Wijziging van het voorstel van wet tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, het Burgerlijk Wetboek en enige andere wetten (tegengaan huwelijkse gevangenschap en enige andere onderwerpen)
Nr. 7 NOTA VAN WIJZIGING
Ontvangen 13 oktober 2022
Artikel I van het voorstel van wet komt als volgt te luiden:
Artikel I
Indien het bij koninklijke boodschap van 25 november 2019 ingediende voorstel van wet tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, het Burgerlijk Wetboek en enige andere wetten (Kamerstukken 35 348) tot wet wordt verheven, wordt die wet als volgt gewijzigd:
1. Artikel I onderdeel B vervalt.
2. Artikel IIIA komt te luiden:
ARTIKEL IIIA
In het tweede lid van artikel 449 van het Wetboek van Strafrecht wordt «twee maanden» vervangen door «zes maanden» en wordt «tweede categorie» vervangen door «derde categorie».
Toelichting
In het verslag van de Tweede Kamer is door de leden van de VVD-fractie terecht opgemerkt dat de kritiek van consultatiepartijen die aanleiding vormt voor de novelle zich enkel richt op de voorgestelde uitbreiding van de strafbaarstelling en de daarmee samenhangende strafuitsluitingsgrond. Over de in dat kader tevens voorgestelde strafverzwaring zijn geen opmerkingen gemaakt, waardoor er geen zwaarwegende aanleiding bestaat om dat onderdeel te schrappen. Met deze nota van wijzing blijft de in het voorstel opgenomen wijziging van het strafmaximum in het tweede lid van artikel 449 (de strafverzwaring in het geval van herhaalde veroordeling) van twee naar zes maanden en van een geldboete van de tweede categorie naar een boete van de derde categorie, alsnog gehandhaafd.
De Minister voor Rechtsbescherming,
F.M. Weerwind