[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Memorie van toelichting

Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2023 (wijziging samenhangende met de Najaarsnota)

Memorie van toelichting

Nummer: 2023D46258, datum: 2023-11-24, bijgewerkt: 2024-02-19 10:56, versie: 2

Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36470-XVI-2).

Gerelateerde personen:

Onderdeel van kamerstukdossier 36470 XVI-2 Wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2023 (wijziging samenhangende met de Najaarsnota).

Onderdeel van zaak 2023Z19154:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Tweede Kamer der Staten-Generaal 2
Vergaderjaar 2023‒2024
36 470XVI Wijziging van de begrotingsstaat van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) voor het jaar 2023 (wijziging samenhangende met de Najaarsnota)
Nr. 2

MEMORIE VAN TOELICHTING

A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 tot en met 3

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2023 wijzigingen aan te brengen in:

  1. de departementale begrotingsstaat van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zgn. begrotingstoelichting).

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

E.J.Kuipers

B. BEGROTINGSTOELICHTING

1 Leeswijzer

De mutaties in deze suppletoire begroting bestaan uit herschikkingen binnen de begrotingsuitgaven, overboekingen van en naar andere begrotingshoofdstukken, financieringsverschuivingen en middelen die ten laste of ten gunste van het generale beeld aan de begroting van VWS worden toegevoegd of vrijvallen.

De gepresenteerde cijfers sluiten aan bij de Najaarsnota 2023, die de Minister van Financiën aan de Tweede Kamer aanbiedt.

Beroep op artikel 2.27, eerste lid, Comptabiliteitswet 2016

In deze tweede suppletoire begroting 2023 worden bij diverse artikelen majeure verplichtingenmutaties voorgelegd. Een meer specifieke toelichting is in de artikelen zelf opgenomen. Het betreft in vele gevallen verplichtingen die in 2023 worden aangegaan om uitvoering te geven aan lopend beleid in 2024. Deze verplichtingenmutaties werden door het ministerie in het recente verleden veelal opgenomen in de Veegbrief die uw Kamer vlak voor het kerstreces ontvangt. Gegeven dat uw Kamer dan zeer kort de tijd heeft om kennis te nemen van deze majeure wijzigingen heeft het ministerie ervoor gekozen om deze zoveel als mogelijk op te nemen in deze suppletoire begroting.

Gegeven dat hier sprake is van lopend beleid willen wij uw Kamer informeren dat autorisatie van uw Parlement niet wordt afgewacht alvorens de verplichting wordt aangegaan. Wij veronderstellen dat dit handelen is toegestaan conform de intentie van artikel 2.27, eerste lid, Comptabiliteitswet 2016. In dit artikel is opgenomen dat «zolang een voorstel van wet tot wijziging van een begrotingsstaat niet tot wet is verheven en in werking is getreden, wordt lopend beleid dat ten grondslag ligt aan deze wijziging met terughoudendheid in uitvoering genomen».

Daarmee wordt met dit artikel ruimte geboden om voor lopend beleid autorisatie niet formeel af te wachten, immers uw Parlement heeft eerder ingestemd met het beleid dat hieraan ten grondslag ligt en wordt met deze suppletoire begroting geïnformeerd over de budgettaire consequenties. Mocht uw Kamer deze handelswijze niet wenselijk achten, kan hierover uiteraard in overleg worden getreden.

Om de leesbaarheid van de toelichting op de beleidsartikelen te bevorderen zijn de volgende uitgangspunten toegepast:

  1. Naast de politiek en beleidsmatig relevante mutaties worden mutaties op de instrumenten toegelicht op basis van onderstaande grenzen voor het totale mutatiebedrag voor de uitgaven en ontvangsten. Hiermee wordt aangesloten bij de RBV 2023.
  2. Voor wat betreft de verplichtingenmutaties wordt per artikel enkel het saldo weergegeven en is een toelichting opgenomen indien sprake was van een mutatie boven de € 20 miljoen.
< 50 1 2
=> 50 en < 200 2 4
=> 200 en < 1000 5 10
=> 1000 10 20

Voor wat betreft de uitgaven en ontvangsten behorend tot het Uitgavenplafond Zorg worden mutaties die groter zijn dan € 10 miljoen toegelicht.

2 Beleid

2.1 Overzicht belangrijkste uitgaven- en ontvangstenmutaties

Vastgestelde begroting 2023 35.460.691
Stand suppletoire begroting Prinsjesdag 2023 47.948.081
Belangrijkste suppletoire mutaties
1) Kosten GGD'en 1 ‒ 45.000
2) Meerkosten Oekraïne in het sociaal domein 3 ‒ 45.920
3) Sectorplanplus 4 ‒ 22.800
4) Ondersteuning sportsector 6 ‒ 44.900
5) Zorgtoeslag 8 570.000
6) Tegemoetkoming Specifieke Zorgkosten 8 25.000
Stand 2e suppletoire begroting 2023 48.215.904

Toelichting

  1. Door de afname van de Covid-19 pandemie vallen de kosten van de GGD'en € 45 miljoen lager uit dan begroot.
  2. Het normbedrag per Oekraïense ontheemde voor zorg en ondersteuning vanuit de gemeente wordt naar beneden bijgesteld. Hierdoor ontstaat een meevaller van € 25,7 miljoen. Voor zorg en ondersteuning van de gemeenten voor Oekraïnse ontheemden wordt € 20,2 miljoen overgeboekt naar gemeenten.
  3. Voor Sectorplanplus zijn niet alle aanvragen daadwerkelijk gerealiseerd. Hierdoor valt er € 22,8 miljoen vrij.
  4. In het kader van de energiecompensatie voor de ondersteuning van de sportsector is € 44,9 miljoen minder nodig dan geraamd.
  5. Dit betreft een opwaartste bijstelling van € 570 miljoen aan zowel de uitgaven als de ontvangstenkant ten aanzien van de zorgtoeslag.
  6. In 2023 zijn er meer aanvragen binnen gekomen voor de Tegemoetkoming Specifieke Zorgkosten waardoor de uitgaven met € 25 miljoen zijn gestegen.
Vastgestelde begroting 2023 168.122
Stand suppletoire begroting Prinsjesdag 2023 208.624
Belangrijkste suppletoire mutaties
1) Zorgbonus Covid 250.000
2) Corona banen in de zorg (COZO) 21.000
Stand 2e suppletoire begroting 2023 260.364

Toelichting

  1. Dit betreft ontvangsten van € 250 miljoen als gevolg van de vaststellingen van de subsidies op grond van de zorgbonusregeling.
  2. Voor de subsidieregeling Coronabanen in de zorg (COZO) zijn als gevolg van de vaststellingen ontvangsten van € 21 miljoen gerealiseerd.

3 Beleidsartikelen

3.1 Artikel 1 Volksgezondheid

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 4.746.091 682.322 5.428.413
Uitgaven 2.946.757 ‒ 87.513 2.859.244
1.10 Gezondheidsbeleid 931.338 ‒ 1.418 929.920
Subsidies (regelingen) 41.398 7.064 48.462
(Lokaal) gezondheidsbeleid 41.109 7.064 48.173
Overige 289 0 289
Opdrachten 13.658 ‒ 9.180 4.478
(Lokaal) gezondheidsbeleid 13.658 ‒ 9.180 4.478
Bijdrage aan agentschappen 176.200 ‒ 4.295 171.905
Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit 135.493 ‒ 3.579 131.914
RIVM: Wettelijke taken en beleidsondersteuning zorgbreed 38.054 405 38.459
Overige 2.653 ‒ 1.121 1.532
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 392.501 5.300 397.801
ZonMw: Programmering 392.501 5.300 397.801
Bijdrage aan medeoverheden 307.581 ‒ 307 307.274
Lokale aanpak 307.433 ‒ 307 307.126
Overige 148 0 148
1.20 Ziektepreventie 1.813.485 ‒ 85.376 1.728.109
Subsidies (regelingen) 381.680 14.351 396.031
Ziektepreventie 81.279 13.466 94.745
Bevolkingsonderzoeken 193.313 885 194.198
Bevolkingsonderzoeken 449 0 449
Vaccinaties 106.639 0 106.639
Opdrachten 284.364 ‒ 124.021 160.343
Ziektepreventie 260.794 ‒ 113.381 147.413
Pandemische paraatheid 23.570 ‒ 10.640 12.930
Bijdrage aan agentschappen 487.955 96.506 584.461
RIVM: Opdrachtverlening aan kenniscentra 280.791 125.670 406.461
RIVM: Bevolkingsonderzoeken 48.082 2.000 50.082
RIVM: Vaccinaties 128.158 ‒ 903 127.255
Pandemische paraatheid 30.911 ‒ 30.261 650
Overige 13 0 13
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 117.757 ‒ 29.243 88.514
LCCB 117.757 ‒ 29.243 88.514
Bijdrage aan medeoverheden 541.729 ‒ 42.969 498.760
Pandemische paraatheid 59.542 ‒ 1.695 57.847
Overige 482.187 ‒ 41.274 440.913
1.30 Gezondheidsbevordering 168.672 ‒ 1.640 167.032
Subsidies (regelingen) 86.911 ‒ 1.889 85.022
Preventie van schadelijk middelengebruik 29.870 0 29.870
Gezonde leefstijl en gezond gewicht 26.218 0 26.218
Letselpreventie 6.821 0 6.821
Bevordering van seksuele gezondheid 20.573 ‒ 1.868 18.705
Overige 3.429 ‒ 21 3.408
Opdrachten 14.015 1.532 15.547
Gezondheidsbevordering 14.015 1.532 15.547
Bijdrage aan agentschappen 4.753 0 4.753
Overige 4.753 0 4.753
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 174 0 174
Overige 174 0 174
Bijdrage aan medeoverheden 62.819 ‒ 1.283 61.536
Heroïnebehandeling op medisch voorschrift 15.888 0 15.888
Seksuele gezondheid 46.931 ‒ 1.283 45.648
1.40 Ethiek 33.262 921 34.183
Subsidies (regelingen) 30.230 449 30.679
Abortusklinieken 19.788 3.721 23.509
Medische ethiek 10.442 ‒ 3.272 7.170
Opdrachten 440 245 685
Medische ethiek 440 245 685
Bijdrage aan agentschappen 2.592 227 2.819
CIBG: Uitvoeringstaken medische ethiek 2.592 227 2.819
Ontvangsten 88.221 14.000 102.221

Toelichting

Verplichtingen
De verplichtingen in 2023 zijn in totaal met € 682 miljoen verhoogd voor het aangaan van verplichtingen voor 2024 en verder. De ophoging van de verplichtingen heeft geen consequenties voor de geraamde uitgaven 2023, maar is noodzakelijk om ook uitvoering te kunnen geven aan lopend beleid in 2024 en hiervoor tijdig een verplichting aan te kunnen gaan.

Het betreft de verhoging van de verplichtingenraming met circa:

‒ € 121 miljoen voor de GGD'en voor het in stand houden van de basiscapaciteit voor Covid-19 vaccinaties;
‒ € 29 miljoen voor het RIVM-vaccinatieprogramma Covid-19 in 2024;
‒ € 218 miljoen voor de (meerjarige) opdrachtverlening aan ZonMw;
‒ € 41 miljoen voor de opdrachtverlening aan de NVWA;
‒ € 66 miljoen voor de RIVM-programma's op het terrein van Pandemische paraatheid;
‒ € 52 miljoen voor de aankoop en donatie van Covid-19 vaccins;
‒ € 46 miljoen voor de (meerjarige) verlening van subsidies op het terrein van (Lokaal) gezondheidsbeleid;
‒ € 22 miljoen voor de specifieke uitkeringen Aanvullende seksuele Gezondheid en PrEP;
‒ €16 miljoen voor de uitvoering van de specifieke uitkering Heroïnebehandeling;
‒ € 20 miljoen voor verlening subsidies Preventie schadelijk middelengebruik Alcohol, Drugs en Tabak;
‒ € 21 miljoen voor verlening subsidies Voeding en Gezond Gewicht;
‒ € 27 miljoen voor de (meerjarige) opdrachtverstrekking aan Intravacc.

De overige circa 25 mutaties bedragen per saldo € 3 miljoen.

2. Ziektepreventie

Subsidies

Ziektepreventie
De coördinerende taken van de LCCB zijn vanaf 1 juli 2023 overgedragen aan de GGD-GHOR. Daarvoor is € 13,5 miljoen overgeheveld van het instrument Bijdrage aan ZBO's/RWT's naar het instrument Subsidies.

Opdrachten

Ziektepreventie (COVID-19)

Vanwege de afloop van Covid-19 is € 14,0 miljoen minder uitgegeven aan kosten voor het coronadashboard, data- en ontwerpkosten en aan (gedrags)onderzoek. Daarnaast zijn de middelen voor de Overdracht van Covid-19 vaccinaankopen naar het RIVM van ongeveer € 89,6 miljoen en de uitvoering van de rioolwatersurveillance door het RIVM van ongeveer € 7,3 overgeheveld naar het instrument RIVM: Opdrachtverlening aan kenniscentra. Verder is € 1,8 miljoen overgeboekt voor een door TNO uit te voeren project "Pandemische Paraatheid Diagnostiek & (Post)Covid-19". De overige mutaties bedragen per saldo minus € 0,7 miljoen.

Pandemische paraatheid

De versterking voor pandemische paraatheid gebeurt onder andere op het terrein van kennis, innovatie en internationale samenwerking. In dit kader hebben zowel departementale als interdepartementale overboekingen geleid tot een mutatie van € 10,6 miljoen. Via de overboekingen worden middelen beschikbaar gesteld aan TNO, ZonMw, Coalition for Epidemic Preparedness Innovations (CEPI), WHO en Pandemic Fund.

Bijdrage aan agentschappen

RIVM: Opdrachtverlening aan kenniscentra
De middelen voor de Overdracht van Covid-19 vaccinaankopen naar het RIVM van ongeveer € 89,6 miljoen en de uitvoering van de rioolwatersurveillance door het RIVM van ongeveer € 7,3 zijn overgeheveld van het instrument Opdrachten Covid-19 naar RIVM: Opdrachtverlening aan kenniscentra. Voor de versterking van infectieziektebestrijding en uitvoering van het Nationaal actieplan versterken zoönosebeleid is € 24,6 miljoen overgeheveld van het instrument «bijdrage aan agentschappen» artikelonderdeel Pandemische Paraatheid. De overige mutaties bedragen per saldo minus € 4,2 miljoen.

Pandemische Paraatheid

Voor de versterking van infectieziektebestrijding en uitvoering van het Nationaal actieplan versterken zoönosebeleid zijn middelen beschikbaar gesteld aan het RIVM en het ministerie van LNV. Overboekingen in dit kader hebben geleid tot een mutatie van minus € 30,2 miljoen.

Bijdragen aan ZBO's/RWT's

Landelijke Coördinatie COVID-19 Bestrijding

Bij het instrument ZBO/RWT's (LCCB) is er een meevaller van € 17,5 miljoen. De uitgaven van de LCCB over het eerste half jaar van 2023 zijn lager dan geraamd. De taken van de LCCB zijn vanaf 1 juli 2023 overgedragen aan de GGD-GHOR.

Bijdragen aan medeoverheden

Overige
Door de afloop van Covid-19 vallen de uitgaven aan de GGD'en ter bestrijding van de Covid-19 lager uit dan eerder begroot. Er is sprake van een meevaller van € 45 miljoen ten opzichte van de 1e suppletoire begroting.

Ontvangsten

Overige
De ontvangstenraming is verhoogd met € 14,0 miljoen vanwege ontvangsten door de vaststellingen van subsidies voor IC-opschaling.

3.2 Artikel 2 Curatieve Zorg

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 3.857.046 3.303.347 7.160.393
Uitgaven 3.799.484 ‒ 32.496 3.766.988
2.10 Kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van de zorg 383.319 ‒ 26.357 356.962
Subsidies (regelingen) 327.527 ‒ 22.245 305.282
Medisch specialistische zorg 78.189 ‒ 895 77.294
Curatieve ggz 12.247 ‒ 451 11.796
Eerstelijnszorg 11.881 ‒ 1.878 10.003
Lichaamsmateriaal 25.781 ‒ 300 25.481
Medische producten 199.429 ‒ 18.721 180.708
Opdrachten 32.527 ‒ 14.581 17.946
Medisch specialistische zorg 3.687 ‒ 1.018 2.669
Curatieve ggz 4.288 ‒ 2.535 1.753
Eerstelijnszorg 7.829 ‒ 5.571 2.258
Lichaamsmateriaal 1.554 ‒ 1.100 454
Medische producten 15.169 ‒ 4.357 10.812
Bijdrage aan agentschappen 22.099 ‒ 501 21.598
aCBG 8.503 0 8.503
CIBG 12.896 ‒ 580 12.316
Overige 700 79 779
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 0 10.957 10.957
Overige 0 10.957 10.957
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties 1.000 0 1.000
Overig 1.000 0 1.000
Garanties 166 13 179
Overige 166 13 179
2.34 Ondersteuning van het zorgstelsel 3.416.165 ‒ 6.139 3.410.026
Subsidies (regelingen) 171.823 14.216 186.039
Stichting Klachten en Geschillen Zorgverzekeringen 1.476 0 1.476
Regeling medisch noodzakelijke zorg onverzekerden 75.334 19.100 94.434
Regeling veelbelovende zorg 33.276 0 33.276
Medisch specialistische zorg 11.050 ‒ 3.379 7.671
Medisch specialistische zorg 7.534 5.800 13.334
Curatieve ggz 41 259 300
Eerstelijnszorg 2.926 6.499 9.425
Overige 40.186 ‒ 14.063 26.123
Bekostiging 3.136.972 2.700 3.139.672
Rijksbijdrage 18- 3.078.200 0 3.078.200
Zorg illegalen en andere onverzekerbare vreemdelingen 58.772 2.700 61.472
Inkomensoverdrachten 26.480 ‒ 6.226 20.254
Overgangsregeling FLO/VUT ouderenregeling ambulancepersoneel 26.380 ‒ 6.226 20.154
Overige 100 0 100
Opdrachten 33.669 ‒ 15.879 17.790
Risicoverevening 2.184 0 2.184
Uitvoering zorgverzekeringsstelsel 11.545 ‒ 5.112 6.433
Medisch specialistische zorg 5.567 ‒ 3.008 2.559
Curatieve ggz 1.602 ‒ 104 1.498
Eerstelijnszorg 986 ‒ 225 761
Passende Zorg 4.520 ‒ 4.400 120
Overige 7.265 ‒ 3.030 4.235
Bijdrage aan agentschappen 39.494 ‒ 950 38.544
CJIB: Onverzekerden en wanbetalers 9.285 ‒ 950 8.335
Overige 30.209 0 30.209
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 7.727 0 7.727
Sociale Verzekeringsbank: Onverzekerden 6.872 640 7.512
Overige 855 ‒ 640 215
Ontvangsten 76.612 15.419 92.031

Toelichting

Verplichtingen

De verplichtingen in 2023 zijn in totaal met € 3,3 miljard verhoogd voor onder andere het aangaan van verplichtingen voor 2024. De ophoging van de verplichtingen heeft geen consequenties voor de geraamde uitgaven 2023, maar is noodzakelijk om ook uitvoering te kunnen geven aan lopend beleid in 2024 en hiervoor tijdig een verplichting aan te kunnen gaan.

Het betreft de verhoging van de verplichtingenraming voor het Zorginstituut Nederland in het kader van Veelbelovende Zorg (VEZO). De toekenningsbrief inzake het budget 2024 wordt in 2023 verzonden en daarmee moet ook de verplichting in 2023 worden vastgelegd. Het gaat hier om een verhoging van € 23,5 miljoen.

Er is ruim € 3,3 miljard aan verplichtingenruimte toegevoegd voor de Rijksbijdrage 18-. Dit betreft de Bijdrage aan het Zorgverzekeringsfonds (Zvf) voor de zorgkosten van kinderen onder de 18 jaar waardoor de verplichting in 2023 wordt vastgeled voor 2024.

1. Kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van de zorg

Subsidies

Medische producten

Voor de programmalijnen ‘Human Capital Growth’ en ‘Shared Development Infrastructuur‘ van het Nationaal Groeifonds (NGF)-project PharmaNL gaat ZonMw subsidieprogramma’s uitvoeren. Hiervoor wordt € 11,0 miljoen in 2023 overgeboekt van het instrument ‘Subsidies’ naar het financieel ‘Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s’. Een bedrag van € 3,0 miljoen wordt dit jaar niet aangewend.

De in de 1e suppletoire begroting 2023 aangekondigde ondersteuningsregeling voor de eerstelijns leveranciers van medische producten apotheken en leveranciers van hulpmiddelen is vanwege staatssteunregels niet uitvoerbaar. Het hiervoor gereserveerde budget van € 10,0 miljoen valt daarom vrij.

Vanuit artikel 11 vindt een overheveling plaats naar artikel 2 voor de prijsbijstelling 2023 van Pallas (€ 7,2 miljoen).

Tezamen met een aantal kleinere mutaties vallen hierdoor de uitgaven per saldo € 18,7 miljoen lager uit.

Bijdragen aan ZBO's/RWT's

Overige

Om te komen tot de uitvoering van de programmalijnen ‘Human Capital Growth’ en ‘Shared Development Infrastructuur' van het Nationaal Groeifonds (NGF)-project PharmaNL gaat ZonMw subsidieprogramma’s uitvoeren. Hiervoor wordt € 11,0 miljoen in 2023 overgeboekt van het instrument ‘Subsidies’ naar het instrument ‘Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s’. PharmaNL geeft een duurzame impuls aan het benutten van het economisch potentieel van innovatieve farmaceutische producten en productietechnologieën.

3. Ondersteuning van het zorgstelsel

Subsidies

Regeling medisch noodzakelijke zorg onverzekerden (SOV)

Het CAK heeft de raming van de reguliere uitgaven in het kader van de regeling SOV geactualiseerd. Op basis hiervan wordt het beschikbare budget verhoogd met € 10,7 miljoen. Deze bijstelling is met name nodig omdat GGZ-aanbieders inmiddels grotendeels klaar zijn met de noodzakelijke aanpassingen in hun ICT-systemen als gevolg van de invoering van het Zorgprestatiemodel (ZPM). Daardoor zijn zij nu in staat bij het CAK declaraties in te dienen voor zorg aan onverzekerden. De GGZ-instellingen hebben daardoor niet alleen declaraties over zorg in 2023 ingediend, maar tevens uitgestelde declaraties over zorgjaar 2022.

In de actuele prognose verwacht het CAK € 20,4 miljoen aan SOV-kosten ten behoeve van Oekraïense ontheemden. Dit is € 8,4 miljoen hoger dan de eerder geraamde € 12 miljoen. De belangrijkste reden voor deze bijstelling komt eruit voort dat zorgaanbieders voor ontheemden die zich niet in de Basis Registratie Persoonsgegevens (BRP) hebben laten registreren, geen gebruik kunnen maken van de Regeling Medische zorg voor Ontheemden uit de Oekraïne (RMO) en als gevolg daarvan kosten via de SOV declareren.

Overige

Er zijn minder subsidieaanvragen ontvangen voor de subsidieregeling Coronabanen in de zorg (COZO), waardoor een meevaller van € 14 miljoen ontstaat.

Ontvangsten

De afrekening van de agentschapsbijdrage over 2022 aan het CIBG - Landelijk Consortium Hulpmiddelen (LCH) leidt tot een extra ontvangst van € 12,3 miljoen. Daarnaast wordt € 1,0 miljoen van het Landelijk Coördinatiecentrum Geneesmiddelen (LCG) ontvangen. Dit betreft de afrekening van het voorschot dat in de periode 2020-2022 is verstrekt voor de activiteiten rond de beschikbaarheid van geneesmiddelen.

3.3 Artikel 3 Langdurige zorg en ondersteuning

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 29.974.307 16.290.971 46.265.278
Uitgaven 29.765.243 ‒ 96.668 29.668.575
3.10 Participatie en zelfredzaamheid van kwetsbare groepen 417.727 ‒ 87.792 329.935
Subsidies (regelingen) 56.567 6.524 63.091
Toegang tot zorg en ondersteuning 10.272 90 10.362
Passende zorg en levensbrede ondersteuning 2.944 8.331 11.275
Inclusieve samenleving 31.287 ‒ 3.883 27.404
Kennis en informatiebeleid 9.135 0 9.135
Overige 2.929 1.986 4.915
Opdrachten 145.102 ‒ 60.342 84.760
Bovenregionaal gehandicaptenvervoer 64.060 0 64.060
Toegang tot zorg en ondersteuning 2.378 ‒ 306 2.072
Passende zorg en levensbrede ondersteuning 2.763 ‒ 735 2.028
Inclusiviteit 62.683 ‒ 52.020 10.663
Kennis, informatie en innovatiebeleid 970 0 970
Overige 12.248 ‒ 7.281 4.967
Bijdrage aan agentschappen 14.957 ‒ 8.374 6.583
Overige 14.957 ‒ 8.374 6.583
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 14.004 0 14.004
Doventolkvoorzieningen 14.004 0 14.004
Bijdrage aan medeoverheden 167.297 ‒ 7.000 160.297
Overige 167.297 ‒ 7.000 160.297
Storting/onttrekking begrotingsreserve 19.800 ‒ 18.600 1.200
Stimuleringsregeling wonen en zorg 19.800 ‒ 18.600 1.200
3.21 Langdurige zorg tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten 29.347.516 ‒ 8.876 29.338.640
Subsidies (regelingen) 169.487 6.662 176.149
Zorg merkbaar beter maken 79.033 6.283 85.316
Kennis, informatie en innovatiebeleid 27.592 602 28.194
Palliatieve zorg en ondersteuning 62.862 ‒ 223 62.639
Bekostiging 28.973.126 0 28.973.126
Bijdrage in de kosten van kortingen (BIKK) 4.823.800 0 4.823.800
Bijdrage Wlz 9.650.000 0 9.650.000
Overige 14.499.326 0 14.499.326
Opdrachten 21.309 ‒ 4.846 16.463
Zorgdragen voor langdurige zorg 21.309 ‒ 4.846 16.463
Bijdrage aan agentschappen 475 0 475
Algemeen 475 0 475
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 173.244 ‒ 6.076 167.168
Uitvoeringskosten Sociale Verzekeringsbank 45.768 0 45.768
Uitvoeringskosten Centrum Indicatiestelling Zorg 127.476 ‒ 6.076 121.400
Bijdrage aan medeoverheden 9.875 ‒ 4.616 5.259
Overige 9.875 ‒ 4.616 5.259
Ontvangsten 10.051 0 10.051

Toelichting

Verplichtingen
Verplichtingen De raming van verplichtingenbudget in 2023 is in totaal met € 16,3 miljard gemuteerd voor het aangaan van verplichtingen voor 2023 en verder. Daar waar de mutatie betrekking heeft op de geraamde uitgaven 2023 (-€ 96,7 miljoen), volstaat de toelichting bij de uitgaven. Daarnaast is de raming van het verplichtingenbudget gemuteerd ten laste van het verplichtingenbudget 2024 en verder (€ 16,4 miljard), waardoor meerjarige verplichtingen aangegaan kunnen worden. Deze mutatie heeft onder andere betrekking op:

  1. € 5,3 miljard aan verplichtingenruimte om verplichtingen voor de BIKK (Rijksbijdrage In Kosten van Kortingen) 2024 in 2023 vast te kunnen leggen.
  2. € 11,0 miljard aan verplichtingenruimte om verplichtingen voor de bijdrage Wlz (Wet langdurige zorg) 2024 in 2023 vast te kunnen leggen.
  3. Daarnaast betreft het middelen voor de bijdrage ZBO aan de sociale verzekeringsbank (€49,7 miljoen), voornemens tot verlening van subsidies op het terrein van langdurige zorg (€ 6,7 miljoen) en subsidies in het kader van geweld in afhankelijkheidsrelaties en de sociale werkplaatsen (€ 21 miljoen).

1. Participatie en zelfredzaamheid van mensen met beperkingen

Opdrachten

Inclusiviteit

De meerkosten voor Oekraïense ontheemden in het sociaal domein (€ 45,7 miljoen) waren tijdelijk geboekt op artikelonderdeel 3.1. De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning aan Oekraïense ontheemden vanuit de Wmo, Jeugdwet en de Wet publieke gezondheid ligt bij gemeenten. Het beschikbare bedrag voor gemeenten voor deze meerkosten is voor 2023 vastgesteld op € 20,2 miljoen op basis van (een raming van) daadwerkelijke aantallen opgevangen Oekraïense ontheemden en een onderzoek naar de gemaakte kosten bij gemeenten. Dit bedrag wordt in 2023 beschikbaar gesteld aan gemeenten via een decentralisatie uitkering in het Gemeentefonds. De overige € 25,5 miljoen is als meevaller ingeleverd.

Van dit artikelonderdeel is daarnaast een aantal regeerakkoord middelen als meevaller ingeleverd. Het gaat hierbij om € 1,8 miljoen aan middelen van Wonen en Zorg voor ouderen (WOZO), € 1,4 miljoen van respijtzorg en € 2,9 miljoen vanuit het programma onbeperkt meedoen.

Overig

Uit de door het CAK opgestelde uitvoeringstoets passende eigen bijdrage huishoudelijke hulp bleek dat de geraamde kosten lager uitvielen dan de beschikbare regeerakkoordmiddelen (€ 10 miljoen). Het CAK komt begin 2024 met een nieuwe uitvoeringstoets voor het wetsvoorstel inkomensafhankelijke eigen bijdrage Wmo. In 2023 is € 483.000 van de € 10 miljoen naar het CAK overgeheveld voor de indexatie van het abonnementstarief en ongeveer € 1,5 miljoen voor de kosten van het CAK voor de implementatie van de eigen bijdrage huishoudelijke hulp. De resterende middelen zijn als meevaller ingeleverd.

Bijdragen aan medeoverheden

Overig

In 2023 is er € 150 miljoen beschikbaar voor de SPUK IZA en circa € 299 miljoen voor de brede SPUK GALA. Voor beide SPUK-regelingen wordt er conform afspraak voor 2023 in totaal € 7 miljoen afgedragen aan het BTW-compensatiefonds. Bij de totstandkoming van de regeling Brede SPUK GALA is geen afdracht gedaan aan het BTW-compensatiefonds. Dit is gecorrigeerd met deze boeking.

Storting/onttrekking begrotingsreserve

Voor de financiering van de planontwikkeling van nieuwe woonvormen verstrekt de Rijkdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) leningen in kader van de stimuleringsregeling wonen en zorg aan sociale ondernemers en bewonersinitiatieven. In de regeling is afgesproken dat de middelen kunnen revolveren zolang de regeling bestaat (leningen die worden afbetaald, kunnen opnieuw worden uitgeleend). De RVO verwacht een uitgave van € 1,2 miljoen in 2023 voor de planontwikkelfase, waardoor in 2023 € 18,6 miljoen van de beschikbare € 19,8 miljoen onbenut blijft.

2. Zorgdragen voor langdurige zorg tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten

Subsidies

Zorg merkbaar beter maken

Een afspraak uit het Groninger Zorgakkoord is dat het ministerie van VWS bij het afstoten van de panden het waardeverlies van de betreffende zorglocatie voor haar rekening neemt. De benodigde middelen (€ 7,9 miljoen) waren in het najaar 2023 niet voorzien. Dit leidt tot een tegenvaller in 2023. Daarnaast is het voornemen om verpleegzorgorganisaties te ondersteunen bij het maken van de omslag naar digitale/ hybride zorg niet gestart (€ 1,3 miljoen). De overige mutaties en interne herschikkingen leiden tot een negatieve mutatie van per saldo € 0,3 miljoen.

Bijdragen aan ZBO's/RWT's

Uitvoeringskosten Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ)

Doordat de personele opschaling binnen de reguliere uitvoering dit jaar langzaam op gang kwam en de realisatie van het nieuwe IT-zaaksysteem vertraging opliep, valt er bij het CIZ op de reguliere middelen € 2,7 miljoen vrij. Ook de Werk aan Uitvoering (WaU) activiteiten bleven aanzienlijk achter waardoor er € 3,4 miljoen minder wordt uitgegeven dan begroot voor dit project. De vrijval op WaU hangt samen met de achterstanden voor wat betreft de werkvoorraden, de hoge werkdruk en schaarste op de arbeidsmarkt, waardoor de focus op het afhandelen van indicatiebesluiten is gelegd.

3.4 Artikel 4 Zorgbreed beleid

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 1.247.813 293.173 1.540.986
Uitgaven 1.468.781 ‒ 21.807 1.446.974
4.10 Positie cliënt en transparantie van zorg 62.013 ‒ 3.129 58.884
Subsidies (regelingen) 39.366 ‒ 2.400 36.966
Patiënten- en gehandicaptenorganisaties 17.861 ‒ 136 17.725
Transparantie van zorg 21.241 ‒ 2.000 19.241
Overige 264 ‒ 264 0
Opdrachten 12.924 ‒ 729 12.195
Ondersteuning cliëntorganisaties 4.214 0 4.214
Transparantie van zorg 3.106 0 3.106
Overige 5.604 ‒ 729 4.875
Bijdrage aan agentschappen 9.723 0 9.723
CIBG 9.723 0 9.723
4.20 Opleidingen, beroepenstructuur en arbeidsmarkt 822.920 ‒ 25.890 797.030
Subsidies (regelingen) 790.645 ‒ 25.545 765.100
Opleidingen, beroepenstructuur en arbeidsmarkt 504.832 ‒ 24.004 480.828
Opleidingen, beroepenstructuur en arbeidsmarkt 280.863 0 280.863
Overige 4.950 ‒ 1.541 3.409
Opdrachten 16.824 ‒ 345 16.479
Opleidingen, beroepenstructuur en arbeidsmarkt 16.745 ‒ 285 16.460
Opleidingen, beroepenstructuur en arbeidsmarkt 19 0 19
Overige 60 ‒ 60 0
Bijdrage aan agentschappen 15.451 0 15.451
CIBG 15.451 0 15.451
4.30 Informatiebeleid 106.353 ‒ 9.865 96.488
Subsidies (regelingen) 48.631 ‒ 3.845 44.786
Informatiebeleid 37.818 ‒ 3.690 34.128
Overige 10.813 ‒ 155 10.658
Opdrachten 44.738 ‒ 6.020 38.718
Informatiebeleid 38.528 ‒ 10.579 27.949
Overige 6.210 4.559 10.769
Bijdrage aan agentschappen 12.984 0 12.984
Informatiebeleid 12.984 0 12.984
4.40 Inrichting zorgstelsel 295.587 10.322 305.909
Subsidies (regelingen) 423 0 423
Programma's zorgstelsel 423 0 423
Opdrachten 594 0 594
Overige 594 0 594
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 294.570 10.322 304.892
CAK 130.444 6.112 136.556
NZa 73.040 2.550 75.590
ZiNL 88.328 1.660 89.988
CSZ 1.681 0 1.681
Overige 1.077 0 1.077
4.50 Zorg, welzijn en jeugdzorg op Caribisch Nederland 181.908 6.755 188.663
Subsidies (regelingen) 4.210 0 4.210
Algemeen 4.210 0 4.210
Bekostiging 170.848 2.203 173.051
Zorg en welzijn 18.620 ‒ 4.697 13.923
Zorg en welzijn 152.228 6.900 159.128
Opdrachten 1.000 4.052 5.052
Zorg 1.000 ‒ 119 881
Welzijn 0 4.171 4.171
Bijdrage aan medeoverheden 5.850 500 6.350
Overige 5.850 500 6.350
Ontvangsten 14.215 279.516 293.731

Toelichting

Verplichtingen
De verplichtingen in 2023 zijn in totaal met circa € 293 miljoen verhoogd voor het aangaan van verplichtingen voor 2024 en verder. De ophoging van de verplichtingen heeft geen consequenties voor de geraamde uitgaven 2023, maar is noodzakelijk om ook uitvoering te kunnen geven aan lopend beleid in 2024 en hiervoor tijdig een verplichting aan te kunnen gaan.

Het betreft de verhoging van de verplichtingenraming met circa:

  1. € 115 miljoen voor de vastlegging in 2023 van verschillende subsidies en bijbehorende uitgaven in 2024 voor opleidingen en arbeidsmarktbeleid;
  2. € 17,5 miljoen voor de instellingssubsidie aan de patiënten- en gehandicaptenorganisaties;
  3. € 63 miljoen voor de uitvoeringskosten 2024 van de Nederlandse Zorgautoriteit;
  4. Aangaan van verplichtingen aan het Zorginstituut Nederland en het CAK. Beide toekenningsbrieven inzake het beheerskostenbudget 2024 worden in 2023 verzonden en daarmee moeten beide verplichtingen in 2023 worden vastgelegd. Het gaat hier om een verhoging van de verplichtingenruimte (€ 69,0 miljoen) ten behoeve van het Zorginstituut Nederland en een verhoging van de verplichtingenruimte (€ 40,0 miljoen) ten behoeve van het CAK.
  5. Voor de NEN wordt in 2023 een meerjarige overeenkomst (2024 - 2027) aangegaan inzake de elektronische gegevensuitwissiling in de zorg. Het betreft een opghoging van de verplichting met € 5,1 miljoen.

2. Opleidingen, beroepenstructuur en arbeidsmarkt

Subsidies

Het animo voor het vierde en laatste tijdvak van SectorplanPlus 2017-2022 is bijzonder groot geweest; er is voor meer deelnemers een aanvraag gedaan dan in de eerste drie tijdvakken samen. Echter zijn niet alle aanvragen daadwerkelijk gerealiseerd, bijvoorbeeld omdat opleidingen niet doorgaan of een kortere doorlooptijd kennen dan bij aanvraag is opgegeven. Inmiddels heeft RegioPlus haar controlewerkzaamheden ten aanzien van de bij de aanvragen ingediende verantwoordingsstukken afgerond. Op basis van de controlewerkzaamheden van RegioPlus is duidelijk geworden dat de realisatie binnen de subsidie lager uit zal komen dan de inschatting ten tijde van de 1e suppletoire begroting. Daardoor is in 2023 niet al het gereserveerde budget nodig en is er circa € 23 miljoen vrijgevallen.

3. Informatiebeleid

Opdrachten

Informatiebeleid

Er is circa € 5 miljoen van het instrument informatiebeleid overgeheveld naar het instrument overige voor werkzaamheden voor de Persoonlijke Gezondheidsomgeving (PGO) Open House.

In 2023 is verder gewerkt aan de standaardisering van Gegevensuitwisseling in de Zorg. Bij 1e suppletoire begroting zijn hiervoor middelen beschikbaar gesteld vanuit de aanvullende post bij Financiën. Voor het standaardiseren van de eenheid van taal is € 1,7 miljoen beschikbaar gesteld aan het RIVM en daarnaast is € 3,8 miljoen niet tot besteding gekomen vanwege het ontbreken van beschikbare capaciteit op de thema’s Eenheid van Taal, PGO en Generieke functies.

Ontvangsten

De subsidies van de Subsidieregeling bonus zorgprofessionals Covid-19 (bonusregeling) en van de Subsidieregeling coronabanen in de zorg (COZO 2021) zijn gecontroleerd en vastgesteld. Op grond van de vaststellingen ontstaan er vorderingen die tot ontvangsten leiden, hiervan is op dit moment circa € 250 miljoen van de bonusregeling en € 21 miljoen van de COZO-subsidies teruggevorderd. Bij de bonusregeling speelt de vrije ruimte werkkostenregeling mee: over een deel van de uitbetaalde bonussen was geen eindheffing verschuldigd en dat deel is teruggevorderd. Bij de COZO-banen is er vooral onderbesteding omdat er uiteindelijk minder coronabanen zijn gerealiseerd dan aangevraagd.

3.5 Artikel 5 Jeugd

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 181.057 ‒ 29.319 151.738
Uitgaven 150.674 ‒ 38.819 111.855
5.30 Effectief en efficiënt werkend jeugdstelsel 150.674 ‒ 38.819 111.855
Subsidies (regelingen) 101.652 ‒ 32.080 69.572
Kennis en informatiebeleid 14.194 738 14.932
Jeugdbeleid 48.312 ‒ 27.472 20.840
Jeugdstelsel 39.146 ‒ 5.346 33.800
Opdrachten 15.085 ‒ 5.430 9.655
Kennis en informatiebeleid 2.510 ‒ 552 1.958
Jeugdbeleid 11.960 ‒ 4.497 7.463
Jeugdstelsel 615 ‒ 381 234
Bijdrage aan agentschappen 1.527 336 1.863
Overige 1.527 336 1.863
Bijdrage aan medeoverheden 32.155 ‒ 1.390 30.765
Overige 32.155 ‒ 1.390 30.765
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken 255 ‒ 255 0
Overige 255 ‒ 255 0
Ontvangsten 2.400 1.103 3.503

Toelichting

Verplichtingen
De verplichtingenstand volgt grotendeels de bijbehorende verlaging van de uitgavenbudgettenbudgetten.

Voor het vastleggen van diverse (meerjarige) Jeugd subsidies is het verplichtingenbudget in 2023 met € 9,5 miljoen verhoogd. De ophoging van de verplichtingen heeft geen consequenties voor de geraamde uitgaven 2023, maar is noodzakelijk om ook uitvoering te kunnen geven aan meerjarig lopend beleid en hiervoor tijdig een verplichting aan te kunnen gaan. Dit betreft dus een technische mutatie van enkel de verplichtingenruimte en heeft verder geen invloed op het kasbudget. In totaal worden hierdoor de verplichtingen verlaagd met circa € 29,3 miljoen.

3. Effectief en efficiënt werkend jeugdstelsel

Subsidies

Jeugdbeleid

Eén van de maatregelen uit het rapport van cie. de Winter betreft de tegemoetkomingsregeling voor slachtoffers van geweld in de jeugdzorg. Deze regeling wordt per 1-1-2021 uitgevoerd door het Schadefonds Geweldsmisdrijven (SGM) en liep af op 31 december 2022. In 2023 wordt de resterende werkvoorraad afgehandeld en uitgekeerd. Volgens de laatste cijfers van het SGM is voor de afhandeling van de laatste overgelopen dossiers in 2023 vanuit VWS een bedrag nodig van in totaal € 48,5 miljoen. Gezien de eerder beschikbaar gestelde bedragen ten behoeve van 2023, wordt nu het resterende bedrag van € 17,2 miljoen overgeboekt aan het SGM. Omdat hier eerder € 24,3 miljoen voor was begroot is, valt er € 7,1 miljoen vrij.

De overige mutaties betreffen diverse overboekingen en mutaties ten behoeve van (inter)departementale samenwerkingen op het gebied van jeugdhulp, waaronder de departementale overboeking van circa € 2 miljoen ten behoeve van de subsidie voor inkoop sociaal domein.

Jeugstelsel

Binnen het beschikbare jeugdbudget is een deel van de middelen herschikt naar andere instrumenten binnen artikel 5. Hierbij is circa € 3,4 miljoen overgeheveld van opdrachten Zorg voor de Jeugd (van ongeveer € 2,3 miljoen) en van het instrument Bijdrage aan medeoverheden (van ongeveer € 1,4 miljoen) naar subsidies Jeugdstelsel.

Verder is er € 10 miljoen afgeboekt ten behoeve van de subsidieregeling continuïteit van cruciale jeugdzorg. Deze middelen zullen in 2024 weer volledig beschikbaar worden gesteld voor deze regeling en zullen worden ingezet om eventuele subsidies voor tijdelijke liquiditeitssteun te kunnen verlenen.

De overige mutaties op dit budget betreffen diverse overboekingen en mutaties ten behoeve van (inter)departementale samenwerkingen op het gebied van jeugdhulp.

Opdrachten

Jeugdbeleid
Binnen het beschikbare jeugdbudget, is een deel van de middelen herschikt naar andere budgetten binnen artikel 5. Hierbij is ca. € 2,3 miljoen overgeheveld vanuit opdrachten Zorg voor de Jeugd naar subsidies jeugdstelsel (zie toelichting aldaar). Daarnaast is vanwege verwachte incidentele onderuitputting circa € 2,2 miljoen afgeboekt op dit artikelonderdeel. De overige mutaties op dit instrument betreft diverse overboekingen en mutaties ten behoeve van (inter)departementale samenwerkingen op het gebied van jeugdhulp.

3.6 Artikel 6 Sport en bewegen

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 713.212 11.669 724.881
Uitgaven 708.771 ‒ 79.031 629.740
6.40 Sport verenigt Nederland 708.771 ‒ 79.031 629.740
Subsidies (regelingen) 259.140 ‒ 20.406 238.734
Sportakkoord 160.115 ‒ 16.031 144.084
Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties 81.874 ‒ 100 81.774
Kennis en innovatie 17.151 ‒ 4.275 12.876
Inkomensoverdrachten 19.604 ‒ 900 18.704
Financiële voorziening topsporters 19.604 ‒ 900 18.704
Opdrachten 9.572 ‒ 275 9.297
Sportakkoord 9.333 ‒ 275 9.058
Kennis en innovatie 239 0 239
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 3.314 0 3.314
Dopingautoriteit 3.314 0 3.314
Bijdrage aan medeoverheden 416.571 ‒ 57.450 359.121
Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties 416.571 ‒ 57.450 359.121
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties 500 0 500
Dopingbestrijding 500 0 500
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken 70 0 70
Sportakkoord 70 0 70
Ontvangsten 52.024 0 52.024

Toelichting

Verplichtingen
De verhoging van de verplichtingen in 2023 van in totaal € 11,7 miljoen betreft een saldo van verscheidene mutaties. De onderliggende mutaties hebben betrekking op:

  1. Verplichtingenruimte voor het aangaan en administratief vastleggen van meerjarige verplichtingen (€ 85,7 miljoen) voor diverse thema’s uit het Sportakkoord, waaronder het Stipendium. De ophoging van de verplichtingen heeft geen consequenties voor de geraamde uitgaven 2023, maar is noodzakelijk om ook uitvoering te kunnen geven aan lopend beleid in 2024 en hiervoor tijdig een verplichting aan te kunnen gaan;
  2. Een administratieve correctie op een negatieve verplichtingenstand jaarovergang 2022/2023 (€ 5 miljoen);
  3. De verplichtingen van de uitgavenmutaties in deze 2e suppletoire begroting 2023 (vrijval van € 79,0 miljoen).

4. Sport verenigt Nederland

Subsidies

Sportakkoord
In de uitvoering is onderbesteding opgetreden. De vrijval bedraagt € 13,2 miljoen. Daarnaast heeft een aantal mutaties (€ 2,6 miljoen) plaatsgevonden in verband met het uitvoeren en verantwoorden van beleidsthema's via andere artikelonderdelen van de VWS-begroting en andere departementen. Overige mutaties zijn technisch van aard. In totaal gaat het om een bedrag van € 16,0 miljoen.

Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties
In 2023 vindt financiering van de Provincie Fryslân voor het verbeteren van een duurzame exploitatie van Thialf (€ 1,0 miljoen), en de gemeente Eindhoven voor het (ver)bouwen van het zwembad de Tongelreep (€ 1,0 miljoen) plaats.

Bijdrage aan medeoverheden

Duurzame en toegankelijke sportaccommodaties
In verband met uitvoeringskosten op een aantal regelingen is er een mutatie geweest naar een ander instrument (€ 2,6 miljoen). Daarnaast is ruimte ontstaan doordat er voor een lager dan geraamd bedrag een beroep is gedaan op de Energietegemoetkomingsregeling Sport (€ 44,9 miljoen). Ook is bij de regeling SPUK Stimulering Sport in de uitvoering onderbesteding opgetreden. Het betreft hier incidentele vrijval (€ 10 miljoen).

In totaal gaat het om een bedrag van € 57,5 miljoen.

3.7 Artikel 7 Oorlogsgetroffenen en Herinnering WOII

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 213.102 4.391 217.493
Uitgaven 218.069 3.491 221.560
7.10 De zorg- en dienstverlening aan verzetsdeeln. en oorlogsgetroffenen WOII en de herinnering aan WOII 27.493 ‒ 620 26.873
Subsidies (regelingen) 26.406 ‒ 620 25.786
Nationaal Comité 8.301 0 8.301
Nationale herinneringscentra 3.025 0 3.025
Herinnering Indisch Molukse Doelgroep 1.130 0 1.130
Zorg- en dienstverlening 6.923 0 6.923
Overige 7.027 ‒ 620 6.407
Bekostiging 400 0 400
Overige 400 0 400
Opdrachten 461 0 461
Overige 461 0 461
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties 226 0 226
Overige 226 0 226
7.20 Pensioenen en uitkeringen voor verzetsdeeln. en oorlogsgetroffenen WOII 190.576 4.111 194.687
Inkomensoverdrachten 180.514 4.111 184.625
Wetten/regelingen verzetsdeelnemers/oorlogsgetroffenen 180.514 4.111 184.625
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 10.062 0 10.062
Sociale Verzekeringsbank 9.312 0 9.312
Pensioen- en Uitkeringsraad 750 0 750
Ontvangsten 3.339 0 3.339

Toelichting

2. Pensioenen en uitkeringen voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen WO II

De oorlogspensioenen op grond van de V&O wetten en regelingen zijn gekoppeld aan het minimumloon. Als gevolg van de verhoging van het minimumloon worden de ramingen van de uitgaven onder deze regelingen met € 4,1 miljoen verhoogd.

3.8 Artikel 8 Tegemoetkoming specifieke kosten

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 8.439.949 595.000 9.034.949
Uitgaven 8.439.949 595.000 9.034.949
8.10 Tegemoetkoming specifieke kosten 8.439.949 595.000 9.034.949
Inkomensoverdrachten 8.439.949 595.000 9.034.949
Zorgtoeslag 8.372.000 570.000 8.942.000
Tegemoetkoming specifieke kosten 67.949 25.000 92.949
Ontvangsten 0 570.000 570.000

Toelichting


Verplichtingen
De verplichtingen hangen samen met de geraamde uitgaven.

1. Inkomensoverdrachten

Zorgtoeslag

Inkomensoverdrachten
Om aan te sluiten bij de ramingen van het Centraal Planbureau worden in de VWS-begroting de netto uitgaven aan zorgtoeslag weergegeven. Dat wil zeggen de geraamde uitgaven aan zorgtoeslag verminderd met de geraamde terugvorderingen en ontvangsten. Bij Slotwet/Jaarverslag worden de uitgaven en de ontvangsten daarentegen afzonderlijk gepresenteerd. Vooruitlopend op deze desaldering wordt reeds nu een technische bijstelling gedaan aan de uitgaven- en ontvangstenkant ten aanzien van de zorgtoeslag, zodat de bijstelling bij Slotwet beperkt kan blijven. De totale netto-uitgaven aan de zorgtoeslag wijzigen niet. Het betreft een opwaartse bijstelling van € 570 miljoen aan de uitgavenkant en een opwaartse bijstelling van € 570 miljoen aan de ontvangstenkant. Dit bedrag is een raming op basis van de gerealiseerde ontvangsten zorgtoeslag tot en met augustus 2023.

Tegemoetkoming specifieke zorgkosten

Door invoering van de herstelwetgeving box 3 is een deel van de productie (en daarmee de uitgaven) in het jaar 2022 naar het jaar 2023 verschoven. Daarnaast hebben gewijzigde heffingskortingen tot meer TSZ-aanvragen geleid en daarmee hogere uitgaven.

4 Niet-beleidsartikelen

4.1 Artikel 9 Algemeen

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 36.386 28.282 64.668
Uitgaven 39.979 2.942 42.921
9.10 Internationale samenwerking 13.879 2.942 16.821
Bijdrage aan agentschappen 1.175 0 1.175
Overige 1.175 0 1.175
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties 12.704 2.942 15.646
World Health Organization en Mondiale Gezondheidsstrategie 4.397 0 4.397
EMA 4.073 142 4.215
Overige 4.234 2.800 7.034
9.20 Verzameluitkering 200 0 200
Bijdrage aan medeoverheden 200 0 200
Overige 200 0 200
9.30 Eigenaarsbijdrage 20.900 0 20.900
Bijdrage aan agentschappen 20.900 0 20.900
Eigenaarsbijdrage RIVM 20.900 0 20.900
9.40 Begrotingsreserve achterborg WFZ-garanties 5.000 0 5.000
Garanties 5.000 0 5.000
Overige 5.000 0 5.000
Ontvangsten 1.500 0 1.500

Toelichting

Verplichtingen
De verplichtingen worden in 2023 in totaal met circa € 28 miljoen verhoogd. Voor een bedrag van € 25,3 gaat het om het kunnen aangaan van een meerjarige verplichting in 2023 voor lopend beleid voor de WHO(€ 13,3 miljoen), de Coalition for Epidemic Preparedness Innovations (CEPI € 9 miljoen) en de UNDP inzake de Antimicrobial resistance (AMR) (€ 3 miljoen).

Internationale samenwerking

Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties

De bijdragen aan (inter-)nationale organisaties worden middels de 2e suppletoire begroting met € 2,9 miljoen verhoogd. Hiervan heeft € 2 miljoen betrekking op de verhoging van de bijdrage 2023 aan de Coalition for Epidemic Preparedness Innovations (CEPI) van € 3 miljoen naar € 5 miljoen. Daarnaast vindt een overheveling van € 0,8 miljoen plaats naar dit artikel in verband met bijdragen aan programma's van de WHO, onder meer in het kader van duurzaamheid.

4.2 Artikel 10 Apparaat Kerndepartement

Apparaatsuitgaven departement Budgettaire gevolgen

Verplichtingen 633.975 167 634.142
Uitgaven 651.105 ‒ 7.969 643.136
Kerndepartement 495.936 ‒ 8.579 487.357
Personele uitgaven 396.004 ‒ 4.251 391.753
Eigen personeel 283.634 ‒ 4.243 279.391
Eigen personeel 2.211 0 2.211
Externe inhuur 107.399 ‒ 8 107.391
Overige 2.760 0 2.760
Materiële uitgaven 99.932 ‒ 4.328 95.604
ICT 17.184 ‒ 3.043 14.141
Bijdrage SSO's 64.838 ‒ 5.395 59.443
Overig 1.250 0 1.250
Overige 16.660 4.110 20.770
Ontvangsten 12.002 ‒ 337 11.665
Art. Verplichtingen 633.975 167 634.142
Uitgaven 651.105 ‒ 7.969 643.136
10.30 Kerndepartement 495.936 ‒ 8.579 487.357
Personele uitgaven 396.004 ‒ 4.251 391.753
Eigen personeel 283.634 ‒ 4.243 279.391
Eigen personeel 2.211 0 2.211
Externe inhuur 107.399 ‒ 8 107.391
Overige 2.760 0 2.760
Materiële uitgaven 99.932 ‒ 4.328 95.604
ICT 17.184 ‒ 3.043 14.141
Bijdrage SSO's 64.838 ‒ 5.395 59.443
Overig 1.250 0 1.250
Overige 16.660 4.110 20.770
10.40 Inspecties 117.538 163 117.701
Personele uitgaven 93.715 163 93.878
Eigen personeel 92.274 163 92.437
Externe inhuur 1.168 0 1.168
Overige 273 0 273
Materiële uitgaven 23.823 0 23.823
ICT 9.426 0 9.426
Bijdrage SSO's 3.950 0 3.950
Overige 10.447 0 10.447
10.50 SCP en Raden 37.631 447 38.078
Personele uitgaven 27.752 980 28.732
Eigen personeel 25.634 1.435 27.069
Externe inhuur 2.118 ‒ 455 1.663
Materiële uitgaven 9.879 ‒ 533 9.346
ICT 3.489 ‒ 290 3.199
Bijdrage SSO's 301 0 301
Overige 6.089 ‒ 243 5.846
Ontvangsten 12.002 ‒ 337 11.665

Toelichting apparaatsuitgaven kerndepartement

Verplichtingen
De verplichtingenruimte 2023 is per saldo met € 167.000 verhoogd. Naast de bij de uitgaven opgenomen Kas=Verplichtingen-mutaties (totaal bijna -/- € 8 miljoen) is sprake van mutaties welke enkel het ophogen van het verplichtingenbudget 2023 tot gevolg hebben (totaal ruim € 8,1 miljoen). De laatstgenoemde mutaties hebben betrekking op:

  1. Verplichtingenruimte voor het aangaan in 2023 van verplichtingen voor externe inhuur 2024, waaronder:
  2. Afhandeling van WOO-verzoeken in 2024 (€ 6,6 miljoen)
  3. In 2023 worden verplichtingen aangegaan in het kader van OpenKAT (de bestaande Kwetsbaarheden Analyse Tool). Om voor het eerste half jaar van 2024 verplichtingen te kunnen aangaan is op het inhuurbudget een verplichtingbudget van circa € 1,5 miljoen toegevoegd.

Uitgaven

Personele uitgaven kerndepartement

De personele uitgaven van het kerndepartement worden met per saldo € 4,3 miljoen neerwaarts bijgesteld. Het betreft een saldopost van diverse mee- en tegenvallers.

Eigen personeel

Er is onderuitputting op het budget Eigen Personeel van totaal € 7,0 miljoen. De redenen hiervoor zijn onder meer gelegen in het uitstel van de Parlementaire Enquête Commissie Corona en het moeilijker kunnen vervullen van vacatures. Vanuit diverse opdrachtgevers vindt overheveling van budget plaats ten behoeve van de uitvoeringskosten van subsidieregelingen door DUS-I (€ 7,4 miljoen), waarvan € 1,6 miljoen vanuit het ministerie van OCW.

Vanwege de bijdrage aan Raden in het kader van de Faciliteitenregeling Medezeggenschap vindt een overheveling plaats naar het betreffende artikelonderdeel van € 1,3 miljoen.

Materiele uitgaven kerndepartement

De materiële uitgaven dalen per saldo met € 4,3 miljoen. Tegenover lagere uitgaven voor ICT (€ 3 miljoen) en bijdrage aan SSO's (€ 5,4 miljoen) staan hogere uitgaven voor overige materiële uitgaven (€ 4,1 miljoen).

Op het ICT budget is onderuitputting van € 1,8 miljoen, onder meer vanwege het staken van corona gerelateerde apps. Daarnaast zijn er lagere uitgaven aan iRealisatie, welke veroorzaakt worden door het niet invullen van vacatureruimte en uitstroom van medewerkers.

Met betrekking tot de bijdrage aan SSO's vindt vanuit het ministerie van OCW een overheveling van budget plaats ten behoeve van de uitvoeringskosten van subsidieregelingen door DUS-I (€ 3,9 miljoen). Daar tegenover staat een budgetoverheveling naar het ministerie van BZK van € 3,7 miljoen, als bijdrage voor de kosten vanuit het dienstverleningmutatie-overzicht FMH, de kosten van de centrale voorziening ter vervanging van DigiInkoop en het Programma Hybride Werken. Technische mutaties en interne doorbelastingen leiden per saldo tot een afname van het budget ten behoeve van SSO's met € 4,8 miljoen.

Er vindt een tegenvaller plaats op de overige materiële uitgaven van € 3,4 miljoen. In verband met de overgang van de activiteiten van PD-Alt / Intravacc naar Intravacc BV dient fiscale eindafrekening plaats te vinden met de belastingdienst.

4.3 Artikel 11 Nog onverdeeld

Budgettaire gevolgen Nog onverdeeld

Art. Verplichtingen 27.414 ‒ 27.065 349
Uitgaven 27.092 ‒ 27.065 27
11.4 Nog onverdeeld 27.092 ‒ 27.065 27
Nog te verdelen 27.092 ‒ 27.065 27
Loonbijstelling 3.972 ‒ 3.972 0
Prijsbijstelling 9.657 ‒ 9.657 0
Overige 13.463 ‒ 13.436 27
Ontvangsten 0 0 0

Toelichting

Loonbijstelling

Deze mutatie betreft de toebeleding van de loonbijstelling tranche 2023 aan de diverse instrumenten in 2e suppletoire begroting (€ 4 miljoen).

Prijsbijstelling

Deze mutatie betreft de toebeleding van de prijsbijstelling tranche 2023 aan de diverse instrumenten in 2e suppletoire begroting (€ 9,7 miljoen).

Overige

Het grootste deel van dit bedrag was bestemd voor de uitvoering van de subsidieregeling post-covid. Hiervoor zou het budget van artikel 11 naar artikel 4 worden overgeheveld. De subsidieregeling is inmiddels opengesteld op artikel 4, hierdoor valt € 27 miljoen vrij.

5 Financieel Beeld Zorg

5.1 Inleiding

Deze paragraaf geeft een actueel beeld van de zorguitgaven. De gepresen­ teerde cijfers sluiten aan bij de Najaarsnota 2023, die de Minister van Financiën aan de Tweede Kamer aanbiedt.

In deze paragraaf worden alleen de nieuwe mutaties voor het jaar 2023 toegelicht, die na de ontwerpbegroting 2024 hebben plaatsgevonden.

Dit deel van de 2e suppletoire begroting 2023 bestaat uit de volgende paragrafen:

  1. Paragraaf 5.1: Inleiding
  2. Paragraaf 5.2: Verticale ontwikkeling van de zorguitgaven en –ontvangsten 2023
  3. Paragraaf 5.3: Ontwikkeling van het Uitgavenplafond Zorg 2023
  4. Paragraaf 5.4: Toetsing van de netto zorguitgaven aan het Uitgavenplafond Zorg 2023

5.2 Verticale ontwikkeling van de zorguitgaven en -ontvangsten 2023

Tabel 1 laat vanaf de ontwerpbegroting 2024 de verticale ontwikkeling van de zorguitgaven en -ontvangsten in het lopende jaar zien. De bijstellingen in de raming voor 2023 die reeds hebben plaatsgevonden in de ontwerpbegroting 2023, de 1e suppletoire begroting 2023 en in de ontwerpbegroting 2024, zijn in die stukken toegelicht.

Bruto zorguitgaven ontwerpbegroting 2024 93.403,7
Bijstelling 2e suppletoire begroting 2023
Autonoom ‒ 179,6
Actualisering Zvw-uitgaven (zie tabel 1A) ‒ 192,5
Begrotingsgefinancierde zorguitgaven 17,5
Overige ‒ 4,5
Beleidsmatig ‒ 0,7
Overige begrotingsgefinancierde zorguitgaven ‒ 0,7
Totaal bijstelling uitgaven ‒ 180,2
Bruto zorguitgaven 2e suppletoire begroting 2023 93.223,4
Ontvangsten ontwerpbegroting 2024 5.542,4
Bijstelling 2e suppletoire begroting 2023
Totaal bijstelling ontvangsten Nvt
Ontvangsten 2e suppletoire begroting 2023 5.542,4
Netto zorguitgaven ontwerpbegroting 2023 87.861,3
Totaal netto bijstelling 2e suppletoire begroting 2023 ‒ 180,2
Netto zorguitgaven 2e suppletoire begroting 2023 87.681,1
Bron: VWS, Zorginstituut Nederland, NZa en CAK.

Toelichting nieuwe mutaties

Uitgaven

Autonoom

Actualisering van de Zvw-uitgaven

Eerstelijnszorg 4,7
Tweedelijnszorg ‒ 128,9
Geneeskundige geestelijke gezondheidszorg 13,7
Apotheekzorg en hulpmiddelen ‒ 39,9
Wijkverpleging ‒ 22,7
Ziekenvervoer ‒ 12,1
Opleidingen ‒ 50,0
Grensoverschrijdende zorg 42,7
Totaal 2e suppletoire begroting 2023 ‒ 192,5
Bron: VWS, Zorginstituut Nederland, NZa en CAK.

In tabel 1A is het onderdeel ‘Actualisering Zvw-uitgaven’ uit tabel 1 uitgesplitst. Ieder kwartaal rapporteren de verzekeraars hun nieuwste ramingen aan het Zorginstituut. Op basis van de derde kwartaalcijfers zijn de Zvw-ramingen over 2023 in de 2e suppletoire begroting 2023 geactualiseerd. Binnen de uitgaven die betrekking hebben op de Zorgverzekeringswet tekent zich per saldo een incidentele verlaging van de ramingsbijstelling voor het jaar 2023 af van circa € 193 miljoen ten opzichte van de ontwerpbegroting 2024.

Begrotingsgefinacierde zorguitgaven

Deze post is het saldo van enkele bijstellingen, waaronder een hogere bijdrage aan Caribisch Nederland ten behoeve van medische uitzendingen en farmaceutische zorg (€ 8,8 miljoen) en kosten voor de uitvoering van de regeling Versnellingsprogramma Informatie-uitwisseling Patiënt & Professional 5 (VIPP5) die eerder tot uitgaven leiden dan was verwacht (€ 5,8 miljoen).

Overige

Deze mutatie betreft de vrijgevallen middelen op de Aanvullende Post (AP).

Beleidsmatig

Overige begrotingsgefinancierde zorguitgaven

Deze post is het saldo van kleine beleidsmatige bijstellingen.

5.3 Ontwikkeling van het Uitgavenplafond Zorg 2023

In tabel 2 is de opbouw van het Uitgavenplafond Zorg vanaf de stand ontwerpbegroting 2024 te zien.

Uitgavenplafond Zorg stand ontwerpbegroting 2024 89.662,1
Overboekingen tussen uitgavenplafonds 0,3
Totaal bijstelling Uitgavenplafond Zorg 0,3
Uitgavenplafond Zorg stand 2e suppletoire begroting 2023 89.662,4

Toelichting

Overboekingen tussen de Uitgavenplafonds

Het Uitgavenplafond Zorg is ten opzichte van de ontwerpbegroting 2024 verhoogd met circa € 0,3 miljoen als gevolg van overboekingen tussen het Uitgavenplafond Zorg en het Uitgavenplafond Rijksbegroting.

5.4 Toetsing van de netto zorguitgaven aan het Uitgavenplafond Zorg 2023

Tabel 3 laat de bijstellingen in de toetsing van de netto zorguitgaven aan het Uitgavenplafond Zorg zien vanaf de stand ontwerpbegroting 2024.

A Netto zorguitgaven
1 Stand ontwerpbegroting 2024 87.861,3
2 Bijstelling bij 2e suppletoire begroting 2023 ‒ 180,2
3 Stand 2e suppletoire begroting 2023 87.681,1
B Uitgavenplafond Zorg
4 Stand ontwerpbegroting 2024 89.662,1
5 Bijstelling bij 2e suppletoire begroting 2023 0,3
6 Stand 2e suppletoire begroting 2023 89.662,4
C + Overschrijding/- Onderschrijding
7 Stand ontwerpbegroting 2024 (=1-4) ‒ 1.800,8
8 Bijstelling bij 2e suppletoire begroting 2023 ‒ 180,6
9 Stand 2e suppletoire begroting 2023 (=3-6) ‒ 1.981,4
1 Als gevolg van afronding kan de som der delen afwijken van het totaal.
Bron: VWS, Zorginstituut Nederland, NZa en CAK.

Toelichting

De stand van de onderschrijding van het Uitgavenplafond Zorg bij de 2e suppletoire begroting 2023 bedraagt circa € 2 miljard (regel 9).

Ten opzichte van de ontwerpbegroting 2024 is er sprake van een toename van de onderschrijding van het Uitgavenplafond Zorg met € 180,6 miljoen (regel 8). De toename van de onderschrijding komt door de neerwaartse bijstelling van de netto zorguitgaven met € 180,2 miljoen (regel 2) enerzijds en de opwaartse bijstelling van het Uitgavenplafond Zorg met € 0,3 miljoen (regel 5) anderzijds.

De bijstelling van de netto zorguitgaven en het Uitgavenplafond Zorg is opgenomen en toegelicht in de paragrafen 5.2 (tabel 1 en tabel 1A) en 5.3 (tabel 2).