[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Eindtekst

Invoering publiek toezicht en handhaving van de verordening 2019/1150 van het Europees Parlement en de Raad ter bevordering van billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten (Wet publiek toezicht en handhaving verordening bevordering billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten)

Eindtekst

Nummer: 2024D13042, datum: 2024-03-28, bijgewerkt: 2024-04-03 10:17, versie: 1

Directe link naar document (.doc), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Onderdeel van zaak 2022Z26102:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


De Tweede Kamer der Staten- PRIVATE  

Generaal zendt bijgaand door

haar aangenomen wetsvoorstel

aan de Eerste Kamer.

De Voorzitter,

28 maart 2024







Invoering publiek toezicht en handhaving van de verordening 2019/1150
van het Europees Parlement en de Raad ter bevordering van billijkheid en
transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten
(Wet publiek toezicht en handhaving verordening bevordering billijkheid
en transparantie voor zakelijke gebruikers van
onlinetussenhandelsdiensten)







VOORSTEL VAN WET



	Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins
van Oranje-Nassau, enz. enz. enz. 

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de
Autoriteit Consument en Markt te belasten met het toezicht op de
naleving en de handhaving van Verordening (EU) 2019/1150 van het
Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 ter bevordering van
billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van
onlinetussenhandelsdiensten (PbEU 2019, L 186);

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State
gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden
en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1 (begripsbepalingen)

	In deze wet wordt verstaan onder: 

	Autoriteit Consument en Markt: de Autoriteit Consument en Markt,
genoemd in artikel 2, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit
Consument en Markt;

	bedrijfswebsitegebruiker: bedrijfswebsitegebruiker als bedoeld in
artikel 2, onderdeel 7, van verordening 2019/1150;

	bindende gedragslijn: een zelfstandige last die niet wegens een
overtreding wordt opgelegd;

	consument: consument als bedoeld in artikel 2, onderdeel 4, van
verordening 2019/1150;

	onlinetussenhandelsdienst: onlinetussenhandelsdienst als bedoeld in
artikel 2, onderdeel 2, van verordening 2019/1150;

	onlinezoekmachine: onlinezoekmachine als bedoeld in artikel 2,
onderdeel 5, van verordening 2019/1150;

	Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat;

	verordening 2019/1150: Verordening (EU) 2019/1150 van het Europees
Parlement en de Raad van 20 juni 2019 ter bevordering van billijkheid en
transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten
(PbEU 2019, L 186);

	zakelijke gebruiker: zakelijke gebruiker als bedoeld in artikel 2,
onderdeel 1, van verordening 2019/1150.

Artikel 2 (reikwijdte)

	Deze wet is van toepassing op onlinetussenhandelsdiensten en
onlinezoekmachines, voor zover die worden verstrekt of worden aangeboden
aan zakelijke gebruikers of bedrijfswebsitegebruikers als bedoeld in
artikel 1, tweede lid, van verordening 2019/1150 die:

	a. zijn gevestigd in Nederland, en

	b. via die onlinetussenhandelsdiensten of onlinezoekmachines goederen
en diensten aanbieden aan consumenten in Nederland.

Artikel 3 (aanwijzing toezichthouder)

	De Autoriteit Consument en Markt is belast met het toezicht op de
naleving van de artikelen 3, eerste, tweede en vijfde lid, 4, 5, eerste,
tweede, derde, vierde en vijfde lid, 6, 7, 8, 9, eerste en tweede lid,
10, eerste lid, 11, eerste, tweede, derde en vierde lid, en 12, eerste,
tweede, derde, vierde en zesde lid, van verordening 2019/1150.

Artikel 4 (bindende gedragslijn)

	De Autoriteit Consument en Markt kan een bindende gedragslijn tot
naleving van een bepaling als bedoeld in artikel 3 opleggen.

Artikel 5 (handhaving)

	Indien de Autoriteit Consument en Markt van oordeel is dat een
overtreding van een bepaling als bedoeld in artikel 3 heeft
plaatsgevonden, die daadwerkelijke of mogelijke schade toebrengt of kan
toebrengen aan de collectieve belangen van zakelijke gebruikers of
bedrijfswebsitegebruikers, kan zij de overtreder opleggen:

	a. een last onder dwangsom;

	b. een bestuurlijke boete.

Artikel 6 (hoogte bestuurlijke boete)

	1. De bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 5, onderdeel b, bedraagt
ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de zesde categorie,
bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, of,
indien dat meer is, 10% van de omzet van de overtreder,
onderscheidenlijk, indien de overtreding door een ondernemersvereniging
is begaan, van de gezamenlijke omzet van de ondernemingen die van de
vereniging deel uitmaken, in het boekjaar voorafgaande aan de
beschikking waarin de bestuurlijke boete wordt opgelegd. 

	2. De bestuurlijke boete die ingevolge het eerste lid ten hoogste kan
worden opgelegd, kan worden verhoogd met 100%, indien binnen een tijdvak
van vijf jaar voorafgaand aan de dagtekening van het van de overtreding
opgemaakte rapport, bedoeld in artikel 5:48, eerste lid, van de Algemene
wet bestuursrecht, een aan die overtreder voor een eerdere overtreding
van eenzelfde of een soortgelijk wettelijk voorschrift opgelegde
bestuurlijke boete onherroepelijk is geworden.

Artikel 7 (wijziging Algemene wet bestuursrecht)

	In de artikelen 7 en 11 van bijlage 2 bij de Algemene wet bestuursrecht
wordt telkens in de alfabetische opsomming ingevoegd “Wet publiek
toezicht en handhaving verordening bevordering billijkheid en
transparantie voor zakelijke gebruikers van
onlinetussenhandelsdiensten”. 

Artikel 8 (wijziging Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek)

	Na artikel 305c van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek wordt een artikel
ingevoegd, luidende:

Artikel 305ca

	Op een rechtsvordering als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van
Verordening (EU) 2019/1150 van het Europees Parlement en de Raad van 20
juni 2019 ter bevordering van billijkheid en transparantie voor
zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten (PbEU 2019, L 186)
, die strekt tot bescherming van gelijksoortige belangen van andere
personen, is artikel 305a, lid 2, onderdelen c, d, aanhef en onder 7°
en 8˚, en e, lid 3, onderdelen b en c, en lid 4, van overeenkomstige
toepassing.

Artikel 9 (wijziging Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering)

	Aan titel 14A wordt een artikel toegevoegd, luidende:

Artikel 1018o

	Op een rechtsvordering als bedoeld in artikel 14, eerste lid, van
Verordening (EU) 2019/1150 van het Europees Parlement en de Raad van 20
juni 2019 ter bevordering van billijkheid en transparantie voor
zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten (PbEU 2019, L 186)
is deze titel van overeenkomstige toepassing.

Artikel 10 (inwerkingtreding)

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen
tijdstip, dat voor verschillende onderdelen van deze wet verschillend
kan worden bepaald.

Artikel 11 (citeertitel)

Deze wet wordt aangehaald als: Wet publiek toezicht en handhaving
verordening bevordering billijkheid en transparantie voor zakelijke
gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat
alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks
aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden. 

Gegeven 

De Minister van Economische Zaken en Klimaat, 

 

 

 PAGE    

 PAGE   1