Inbreng verslag van een schriftelijk overleg Voortgang internationaal cultuurbeleid (ICB) (Kamerstuk 31482-124)
Inbreng verslag schriftelijk overleg
Nummer: 2025D04242, datum: 2025-02-03, bijgewerkt: 2025-02-06 07:26, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (nds-tk-2025D04242).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: J.F. Klaver, voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken (GroenLinks-PvdA)
- Mede ondertekenaar: L.B. Blom, adjunct-griffier
Onderdeel van zaak 2024Z22003:
- Indiener: C.C.J. Veldkamp, minister van Buitenlandse Zaken
- Medeindiener: E.E.W. Bruins, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Medeindiener: R.J. Klever, minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp
- Volgcommissie: vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp
- Volgcommissie: vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
- 2025-01-14 15:00: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2025-01-23 12:30: Procedurevergadering (Procedurevergadering), vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
- 2025-02-03 14:00: Voortgang internationaal cultuurbeleid (ICB) (Inbreng schriftelijk overleg), vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
Preview document (🔗 origineel)
2025D04242 INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
Binnen de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken hebben de onderstaande fracties de behoefte vragen en opmerkingen voor te leggen aan de Minister van Buitenlandse Zaken over de brief Voortgang internationaal cultuurbeleid (ICB) (Kamerstuk 31 482, nr. 124).
De voorzitter van de commissie,
Klaver
Adjunct-griffier van de commissie,
Blom
Inhoudsopgave
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractie
II Antwoord/Reactie van de Minister
III Volledige agenda
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de PVV-fractie
De leden van de PVV-fractie hebben kennisgenomen van de voortgangsrapportage over het Nederlands internationaal cultuurbeleid (ICB). Deze leden hebben enkele vragen en opmerkingen over de rapportage én de actualiteit.
De leden van de PVV-fractie constateren dat uit de voortgangsrapportage blijkt dat er in 2023 circa 18 miljoen euro is uitgegeven aan 1.430 projecten in het kader van het ICB. Wat deze leden betreft is dat teveel, omdat het gros van de projecten niet direct bijdraagt aan het Nederlands belang. Deze leden willen daarom weten in hoeverre er de komende jaren bezuinigd gaat worden op het ICB. Tevens willen deze leden van de Minister horen hoeveel hij in totaal verwacht uit te geven aan het ICB in 2025.
Het valt de leden van de PVV-fractie op dat er buitengewoon veel cultuurprojecten gesubsidieerd worden in landen in onze eigen regio, zoals in Duitsland, België, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Waar ligt de meerwaarde om juist in deze welvarende landen projecten te subsidiëren, waar we al uitstekende bilaterale betrekkingen mee hebben, ook op cultureel gebied? In bijlage 1 van de Voortgangsrapportage 2023 staat dat er in 2023 nog zeven projecten gefinancierd zijn in Rusland. Waarom is de financiering van projecten in Rusland niet gestopt na de grootschalige inval van Rusland in Oekraïne? Is de Minister bereid om geen projecten meer te financieren in Rusland zolang de illegale oorlog van Rusland in Oekraïne voortduurt? Deze leden ontvangen graag een antwoord op deze vragen.
Wat de leden van de PVV-fractie verder opvalt is dat in het landenoverzicht een bedrag van circa vier miljoen euro wordt geschaard onder posten en fondsen onder de categorie «Overig». Deze leden vinden dit een opmerkelijke werkwijze omdat over meerdere landen juist zeer zorgvuldig gerapporteerd wordt, ook waar het gaat over relatief kleine bedragen. Kan deze categorie daarom alsnog uitgesplitst worden naar landen/gebieden waar de projecten plaatsvonden? Zo nee, waarom niet?
De leden van de PVV-fractie willen tevens weten of er ook geld is gegaan naar ICB-projecten in de Palestijnse gebieden. Zo ja, om wat voor projecten gaat het en hoeveel is er in totaal aan uitgegeven?
De leden van de PVV-fractie willen het tot slot hebben over de Roemeense kunstschatten die gestolen zijn uit het Drents Museum. Deze leden waren verbaasd over de amateuristische beveiliging van de gestolen objecten, zoals de gouden helm van Coțofenești. Het is deze leden uit mediaberichtgeving en uitspraken van experts duidelijk geworden dat de beveiliging ondermaats was. Het leverde Nederland een flinke berisping op van de Roemeense premier. De diefstal levert Nederland dus flinke immateriële schade op, zo constateren deze leden, in ieder geval voor wat betreft de bilaterale relatie met Roemenië. Deelt de Minister deze mening en wat heeft deze Minister in de richting van Roemenië gedaan om deze schade te herstellen?
Is de Minister over het algemeen van mening dat ook de betrouwbaarheid van Nederland als partner in internationale cultuuruitwisseling schade is toegebracht? Zo ja, wat gaat de Minister doen om deze te herstellen en heeft hij hierover contact met zijn collega van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW)? Is er wellicht wetgeving nodig om moderne eisen te stellen aan tentoonstellingen waarin kostbare en onvervangbare voorwerpen internationaal worden uitgeleend?
Vragen en opmerkingen van de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben met grote belangstelling kennisgenomen van de voortgangsrapportage over de uitvoering van het internationaal cultuurbeleid (ICB) in 2023. Deze leden zijn geschokt door de recente kunstroof uit het Drents Museum te Assen, waarbij cultuurgoederen van internationaal historisch belang zijn gestolen. Zij spreken hun grote waardering uit voor politie en justitie die nu alles op alles zetten om de daders op te sporen en de gestolen voorwerpen ongeschonden te achterhalen. Maar bovenal willen deze leden hun enorme waardering en warme sympathie uitdrukken richting de medewerkers van het Drents Museum Assen die al jarenlang erin slagen geweldige tentoonstellingen van groot cultuurhistorisch belang te organiseren. Deze leden hopen van harte dat deze verschrikkelijke recente gebeurtenis hen én alle andere enthousiaste museummedewerkers niet uit het veld slaat om samen met internationale partners bij te dragen aan verdieping, verlevendiging en verrijking van de culturele beleving, hier en elders. Deze leden roepen de betrokken bewindspersonen van Buitenlandse Zaken, voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp en van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap ertoe op al het mogelijke te doen om culturele organisaties en instellingen daarbij actief, direct en indirect te ondersteunen. Concreet willen deze leden graag weten welke mogelijke gevolgen te verwachten zijn van deze kunstroof voor de bi- en multilaterale culturele samenwerking en hoe het kabinet deze mogelijke gevolgen zo veel mogelijk hoopt te voorkomen en/of te beperken.
De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lezen dat het ICB, zo wordt in de voortgangsrapportage gesteld, in belangrijke mate bijdraagt aan de wereldwijde culturele scene en aan de Nederlandse economie. Deze leden delen deze constatering, maar vragen de Ministers om dit nader te concretiseren. Deze leden zijn sowieso overtuigd van het grote belang van cultuur voor het maatschappelijke en individuele welbevinden, maar ervaren regelmatig een zekere onderschatting van het economische belang van de culturele sector voor de Nederlandse economie. Het zou naar het oordeel van deze leden goed zijn als periodiek inzicht wordt gegeven in het verdienvermogen van de culturele sector. Kan inzicht worden gegeven in het aandeel van cultuur in het bruto nationaal product en is het kabinet bereid om de Kamer over de ontwikkelingen in het culturele aandeel periodiek te informeren, bijvoorbeeld in onderhavige toekomstige voortgangsrapportages?
Bij de mondiale spreiding van de ICB-activiteiten valt het de leden van de GroenLinks-PvdA-fractie op dat er, met uitzondering van Marokko, Egypte en Zuid-Afrika, op het Afrikaanse continent geen ICB-activiteiten plaatsvinden. Klopt dat en waardoor wordt dit veroorzaakt, zo vragen deze leden. Deze leden onderschrijven van harte het streven om met cultuur nieuwe deuren te openen en zijn erg benieuwd hoe dit lovenswaardige streven wordt ingevuld, specifiek als het om initiatieven op het Afrikaanse continent gaat. Zijn er meer regio’s waarvan het kabinet vindt dat een intensivering van de culturele samenwerking gewenst is en zo ja, hoe wordt dit opgepakt, zo vragen deze leden.
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
De leden van de VVD-fractie hebben met belangstelling kennisgenomen van het rapport internationaal cultuurbeleid 2023 en de verdere voortgang van het internationale cultuurbeleid (ICB). Deze leden hebben hierover enkele vragen en opmerkingen.
De leden van de VVD-fractie zijn positief over het feit dat Nederland zich inzet om de Oekraïense culturele identiteit te beschermen. Zij constateren echter dat er in 2023 in Oekraïne slechts zes projecten liepen, terwijl in veel andere Europese landen aanzienlijk meer projecten werden uitgevoerd. Deze leden vragen dan ook welke overwegingen het kabinet heeft gemaakt om relatief weinig projecten in Oekraïne uit te voeren. In dit verband willen zij concreet weten waarom in een land als Oekraïne, waar directe culturele investeringen van groot belang zijn, binnen het ICB aanzienlijk minder wordt uitgegeven in vergelijking met Frankrijk, waar het meeste geld heengaat. Daarnaast vragen deze leden aan het kabinet middels welke projecten zij in het komende jaar verder willen inzetten op de bescherming van de Oekraïense identiteit binnen het ICB.
De leden van de VVD-fractie merken op dat er geen criterium is voor het aangaan van nieuwe projecten binnen het ICB-beleidskader dat zich richt op geopolitieke belangen of belangen zoals het tegengaan van irreguliere migratie. Dit terwijl het voldoen aan één van de Sustainable Development Goals (SDG’s) wel als expliciet criterium benoemd wordt om subsidie te verkrijgen. Hierom willen deze leden het kabinet vragen waarom de SDG’s een prominente plaats krijgen in het beleidskader, terwijl dit niet geldt voor geopolitieke belangen of belangen op asiel en migratie. Tot slot vragen deze leden op welk type projecten het kabinet de komende jaren wil gaan inzetten en of hier veranderingen in zullen plaatsvinden t.o.v. het vorig jaar gepubliceerde beleidskader voor de periode 2025–2028.
De leden van de VVD-fractie constateren dat het beleidskader voor 2025–2028 stelt dat cultuur kan fungeren als «soft power», terwijl bij de «focus» landen bijna geen landen staan waarbij het tegengaan van irreguliere migratie een rol speelt. Landen uit het Midden-Oosten, kritieke doorreislanden in Noord-Afrika en andere landen waar een groot belang m.b.t. migratiesamenwerking bestaat, ontbreken. Dit terwijl culturele samenwerking een bijzonder platform kan bieden om na te denken over o.a. het bevorderen van terugkeersamenwerking. Deze leden willen het kabinet vragen hoe zij op de selectie van «focus» landen reflecteert en hoe zij aankijkt tegen het betrekken van belangen op het gebied van migratie in het internationale cultuurbeleid.
Vragen en opmerkingen van de leden van de NSC-fractie
De leden van de NSC-fractie hebben met interesse kennisgenomen van de stukken bijgaand dit schriftelijk overleg. In de voortgangsrapportage van het ICB misten deze leden informatie rond het thema restitutie van kunstobjecten die, in het verleden, oneigenlijk verkregen zijn. Deze leden hebben daarom nog enkele vragen.
De leden van de NSC-fractie constateren dat er, met betrekking tot restitutie van objecten uit een koloniaal verleden, al langere tijd processen in gang zijn met betrekking tot de restitutie van kunst en andere waardevolle objecten uit het koloniale verleden aan hun vermoedelijk rechtmatige eigenaar. Voor de teruggaveverzoeken van nazi-roofkunst bestaat een restitutiecommissie. Deze leden vragen of een soortgelijke commissie ook voor koloniale roofkunst bestaat. En zo niet, zou het niet waardevol zijn om een soortgelijke commissie of een ander toezichthoudend orgaan in het leven te roepen? Deze leden zijn zich ervan bewust, dat deze vraag ook de portefeuilles van andere Ministers raakt.
De leden van de NSC-fractie zien dat restitutie een kans biedt om onrecht uit het verleden recht te zetten. Nog te vaak spelen er politieke en financiële belangen mee in restitutiezaken, terwijl het herkomstonderzoek en erfgoedbescherming van betrokken partijen zwaarder zou moeten wegen. Deze leden vragen dan ook of er niet een objectieve instantie vanuit de Nederlandse overheid op teruggave van koloniale kunst toe zou moeten zien.
Daarnaast hebben de leden van de NSC-fractie nog een vraag over de diefstal van de Roemeense topstukken uit het Drents museum. Enkele dagen geleden werden Roemeense topstukken uit het Drents museum in Assen gestolen. Deze diefstal en het verwijt dat de stukken niet adequaat waren beveiligd, raakt ook het nationale Nederlandse belang, omdat musea in het buitenland huiverig zullen zijn om in de naaste toekomst waardevolle objecten aan Nederlandse musea uit te lenen. Onder deze omstandigheden vragen deze leden of niet ook bruikleenovereenkomsten op de een of andere manier aan toezicht vanuit het Rijk onderhevig zouden moeten zijn. Brengt het feit dat het blijkbaar om een contract gaat, zoals tussen ieder andere partij, niet het risico met zich mee, dat bepaalde criteria (bijvoorbeeld verzekeringen) in te hoge mate onderhevig zijn aan inschattingen en (markt)belangen van de betrokken partijen en te weinig aan de verdediging van Nederlandse nationale belangen?
II Antwoord/Reactie van de Minister
III Volledige agenda
− Brief van de Minister van Buitenlandse Zaken over Voortgang internationaal cultuurbeleid (ICB) (Kamerstuk 31 482, nr. 124)