Antwoord op vragen van het lid Bruyning over kindgesprekken van kinderen bij rechters, naar aanleiding van de podcast ‘Scheidszaken’ van het Jeugdjournaal
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2025D14395, datum: 2025-04-02, bijgewerkt: 2025-04-04 12:03, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (ah-tk-20242025-1805).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: T.H.D. Struycken, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
Onderdeel van zaak 2025Z02997:
- Gericht aan: T.H.D. Struycken, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
- Indiener: F.H. Bruyning, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
Vergaderjaar 2024-2025 | Aanhangsel van de Handelingen |
Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden |
1805
Vragen van het lid Bruyning (Nieuw Sociaal Contract) aan de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid over kindverhoor naar aanleiding van de podcast «Scheidszaken» van het NOS Jeugdjournaal van 22 juli 2024 (ingezonden 18 februari 2025).
Antwoord van Staatssecretaris Struycken (Justitie en Veiligheid) (ontvangen 2 april 2025). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2024–2025, nr. 1585.
Vraag 1
Herinnert u zich nog de vragen van het lid Bruyning over Kindgesprekken van kinderen bij rechters, naar aanleiding van de podcast «Scheidszaken» van het Jeugdjournaal van 22 juli 2024?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Heeft u nog kennis van zijn beantwoording op deze vragen die aan de Kamer zijn verzonden op 30 augustus 2024?2
Antwoord 2
Ja.
Vraag 3
Staat u nog steeds achter zijn beantwoording dat volgens het VN-Kinderrechtencomité kinderen gehoord dienen te worden in een omgeving die niet intimiderend of vijandig is en waarin rekening wordt gehouden met de leeftijd van het kind?
Antwoord 3
Ja, hier sta ik nog steeds achter.
Vraag 4
Klopt het volgens u dat binnen de rechtspraak deze veiligheid van kinderen gewaarborgd wordt door het kindgesprek te houden in een daarvoor geschikte werk- of spreekkamer of een zittingszaal indien een kindvriendelijke ruimte om gebouw-technische of logistieke redenen niet beschikbaar is? En klopt het volgens u dat, indien het gesprek onverhoopt toch in een zittingszaal plaatsvindt, bijzondere aandacht geschonken wordt aan de grootte van de zittingszaal (bij voorkeur kleinere zittingszaal) en de opstelling voor het gesprek?
Antwoord 4
Ja, vanuit de rechtspraak is aangegeven dat op deze wijze ervoor gezorgd wordt dat de veiligheid van kinderen gewaarborgd wordt.
Vraag 5 en 6
Kunt u bevestigen dat vanuit de Rechtspraak is aangegeven dat de algemene lijn is dat het kindgesprek plaatsvindt op een ander moment dan de zitting, zodat een confrontatie met andere procesdeelnemers wordt vermeden? Kunt u bevestigen dat dit geldt voor alle soorten zittingen? Kunt u bevestigen dat alle gerechten (op een enkele uitzondering na) deze lijn volgen bij scheidingszaken?
Kunt u dan reflecteren op de vraag waarom er nog met grote regelmaat signalen binnenkomen dat in meerdere gerechten de kindgesprekken nog altijd voorafgaand aan de zittingen plaatsvinden, waarbij de gesprekken in de zittingszaal plaatsvinden, er confrontaties zijn met andere procesdeelnemers, jongeren tegenover rechters zitten in toga die op een verhoging zitten? Bent u bekend met het signaal dat het onder meer om de rechtbanken in Rotterdam, Almere, Utrecht en Zwolle gaat?
Antwoord 5 en 6
Het is niet wenselijk voor een kind dat hij of zij wordt geconfronteerd met onderlinge spanning tussen de ouders en/of de andere procesdeelnemers in de wachtkamer of tijdens de zitting. Hier is binnen de gerechten aandacht voor. Ook is het te allen tijde het streven om waar dat mogelijk is het kind in een kindvriendelijke ruimte te horen en het kind niet in de wachtruimte van de ouders te laten plaatsnemen voorafgaand aan het kindgesprek. Hiervoor zal ik blijvend aandacht vragen. Dit doe ik mede in het licht van de uitwerking van de eerder door u ingediende en aangenomen motie aangaande kindvriendelijke ruimtes en het horen van kinderen in een pedagogische omgeving met voldoende tijd voor het kind3.
Ik kan bevestigen dat de rechtspraak heeft aangegeven dat de algemene lijn al is dat het kindgesprek in gezag- en omgangzaken op een ander moment plaatsvindt dan de zitting. Besloten is dat dit uiterlijk per 1 oktober 2025 ook het geval zal zijn in de civiele jeugdzaken. Dit om confrontatie met andere procesdeelnemers te vermijden.
Eén gerecht, de rechtbank Limburg, heeft de kindgesprekken in de gezag- en omgangszaken al wel losgekoppeld van de zittingen, maar zal dat vooralsnog niet doen voor wat betreft de kindgesprekken in de civiele jeugdzaken. Dit gerecht heeft wel kindvriendelijke ruimtes en werkt ook op andere onderdelen aan kindvriendelijkheid (zoals de aanwezigheid van informatiezuilen en een website specifiek voor jeugdigen en begeleiding van de jongeren binnen de rechtbank). Binnen de rechtbank Midden-Nederland wordt e.e.a. al gerealiseerd binnen de locaties Utrecht en Lelystad, maar zijn er nog stappen te maken voor wat betreft de locatie Almere. Binnen de rechtbank Rotterdam en de rechtbank Overijssel, inclusief locatie Zwolle, zijn al kindvriendelijke ruimtes en wordt de landelijke lijn van het loskoppelen van de kindgesprekken van de zittingen ook gevolgd.
Ten aanzien van de verzoeken machtiging gesloten jeugdhulp moet worden opgemerkt dat die situatie juridisch geheel anders is. De minderjarige is in deze zaken procespartij en wordt daarom altijd voor de zitting uitgenodigd met zijn advocaat. Vaak zal de minderjarige met zijn advocaat in een apart kindgesprek spreken met de rechter en zullen vervolgens de overige procesdeelnemers binnenkomen en zal de zitting dus in aanwezigheid van de minderjarige plaatsvinden.
Vraag 7
Erkent u dat vanuit de Rechtspraak is aangegeven dat in de praktijk op veel gerechten aparte kindvriendelijke ruimtes voor het kindgesprek beschikbaar zijn? Kunt u aangeven in welke gerechten deze ruimtes niet beschikbaar zijn en, als ze er niet zijn, hoe lang het nog gaat duren voor deze ruimtes wel beschikbaar zijn en hoeveel van deze ruimtes beschikbaar zijn per gerecht? Kunt u uitleggen hoe de gesprekken vorm worden gegeven als deze ruimte niet beschikbaar is?
Antwoord 7
Ja, vanuit de rechtspraak is aangegeven dat in de praktijk op veel gerechten aparte kindvriendelijke ruimtes voor het kindgesprek beschikbaar zijn.
Gevraagd wordt welke gerechten geen kindvriendelijke ruimte beschikbaar hebben, en als deze er niet zijn, hoe lang het nog gaat duren voor deze ruimtes wel beschikbaar zijn. Ook vraagt u hoeveel ruimtes beschikbaar zijn per gerecht. De ontwikkelingen in dit kader zijn volop in beweging binnen de rechtspraak. De rechtspraak geeft aan dat op dit moment (minimaal) 20 van de 25 locaties van de rechtbanken en gerechtshoven kindvriendelijke ruimtes hebben. Rechtspraaklocaties waar nog geen kindvriendelijke ruimtes zijn, zijn druk bezig om dit zo spoedig mogelijk te realiseren. In het algemeen wordt bij nieuwbouw en renovatie rekening gehouden met een kindvriendelijke spreekkamer en zo mogelijk wachtruimte en/of zittingszaal. Afhankelijk van de gebouwelijke situatie worden ook bestaande ruimtes aangepast. Verder zijn er binnen diverse gerechten initiatieven om minderjarigen te laten begeleiden naar het kindgesprek.
De aanwezigheid van kindvriendelijke ruimtes bij alle gerechtshoven en rechtbanken, en uniformiteit daarin, heeft binnen de rechtspraak en de gerechtsbesturen aldus de aandacht. Dat ondersteun ik. Mede in het licht van uw hierboven genoemde motie, ben ik hierover ook nader met de rechtspraak in gesprek.
Vraag 8
Heeft u kennisgenomen van de brandbrief die op 2 september 2024 is verzonden vanuit 18 instanties aan de Minister-President met een cc naar de Staatssecretarissen Karremans en u over het participatierecht van kinderen en het kindgesprek bij de rechters, waarin zij de noodklok luiden over de wijze waarop dit op dit moment gebeurt?
Antwoord 8
Ja, hier heb ik kennis van genomen.
Vraag 9
Klopt het dat, ondanks een toezegging van u dat u het gesprek aan zou gaan met de initiatiefnemers, zij tot op de dag van vandaag nog niets gehoord hebben? Indien dit klopt, wanneer verwacht u het gesprek met de initiatiefnemers aan te gaan? Kunt u toezeggen dat dit nu op korte termijn gaat gebeuren?
Antwoord 9
Ik streef ernaar op korte termijn in gesprek te treden met initiatiefnemer(s) van deze brief over het participatierecht van kinderen en het kindgesprek bij de rechters.