Tweeminutendebat Raad Buitenlandse Zaken Handel (CD 3/4) (ongecorrigeerd)
Stenogram
Nummer: 2025D14891, datum: 2025-04-03, bijgewerkt: 2025-04-04 09:29, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Onderdeel van activiteiten:- 2025-04-03 13:17: Tweeminutendebat Raad Buitenlandse Zaken Handel (CD 3/4) (Plenair debat (tweeminutendebat)), TK
Preview document (🔗 origineel)
Aan de orde is het tweeminutendebat Raad Buitenlandse Zaken Handel d.d. 7 april 2025 (CD d.d. 03/04).
De voorzitter:
We gaan over tot een echt debat, namelijk het tweeminutendebat over de
Raad Buitenlandse Zaken Handel. Er hebben zich zeven leden ingeschreven.
Ik heet de minister van harte welkom, maar ook de leden en iedereen die
dit debat op afstand volgt. Ik geef het woord aan de eerste spreker, de
heer Ceder, die het woord voert namens de ChristenUnie. Gaat uw
gang.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Dank u wel, voorzitter. Dank voor het debat van zonet. Ten aanzien van
de door Amerika aangekondigde importtarieven heb ik de volgende
motie.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Verenigde Staten ongekende importtarieven hebben
aangekondigd voor de Europese Unie;
overwegende dat de EU hierbij met gelijke munt moet terugslaan en
tegelijkertijd wel in gesprek moet blijven met de VS;
verzoekt de regering om in EU-verband aan te dringen op een snelle
inventarisatie van de verwachte economische schade voor Europese
sectoren, op gerichte, proportionele en effectieve tegenmaatregelen
zonder verdere escalatie uit te lokken en op het openhouden van
diplomatieke kanalen met de VS om via overleg tot structurele
handelsafspraken te komen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Ceder en Boswijk.
Zij krijgt nr. 3089 (21501-02).
De heer Ceder (ChristenUnie):
Deze motie gaat over de CSDDD.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de impact van de wijzigingsvoorstellen voor de CSDDD
op de te behalen doelstellingen van de oorspronkelijke wetgeving niet is
getoetst;
constaterende dat de ACM risico's signaleert ten aanzien van de
effectiviteit en uitvoerbaarheid van de voorgestelde inperking van
gepaste zorgvuldigheid tot directe zakenrelaties en ook het kabinet
vragen en aandachtspunten bij deze inperking heeft;
overwegende dat effectiviteit en uitvoerbaarheid van wet- en regelgeving
van groot belang is;
verzoekt de regering om aan te dringen op het toetsen van de impact van
de inperking tot directe zakenrelaties op de oorspronkelijke
doelstelling en hierover de Kamer te informeren voordat definitieve
besluitvorming plaatsvindt,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Ceder en Hirsch.
Zij krijgt nr. 3090 (21501-02).
De heer Ceder (ChristenUnie):
Ik ben blij dat de minister de toezegging heeft gedaan om bij het
standpunt van de Kamer, dat uiteraard ook het kabinetsstandpunt is, te
blijven, namelijk dat de doelstellingen zo veel mogelijk overeind
blijven. Daar gaat het ons allemaal om. Ik denk dat dat belangrijk is
als we geen tandeloze wet willen hebben. Daarbij moet er uiteraard oog
zijn voor wet- en regelgeving die onnodig de druk opvoert bij
ondernemers. Maar ik hoop wel echt dat we die doelstellingen voor ogen
blijven houden. Dat vertrouw ik de minister toe.
Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan krijgt mevrouw Kamminga het woord namens de fractie van
de VVD. Gaat uw gang.
Mevrouw Kamminga (VVD):
Dank u wel, voorzitter. Ik heb drie moties, dus ik begin maar
meteen.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat een meerderheid van de Kamer de regering in november
verzocht heeft de Europese Raad te laten weten dat Nederland het
EU-Mercosur-verdrag niet zal ondertekenen;
constaterende dat de geopolitieke context sindsdien substantieel is
gewijzigd door zowel de aangekondigde "Liberation Day"-tarieven van de
Verenigde Staten als de toenemende onzekerheid over Amerikaanse
veiligheidsgaranties voor Europa;
overwegende dat de Mercosur-landen een aanzienlijk aandeel hebben in de
productie van kritieke grondstoffen die essentieel zijn voor onze
defensie- en energiesector en daarmee van groot belang zijn voor onze
strategische soevereiniteit;
verzoekt de regering om gelet op deze gewijzigde omstandigheden tijdens
de informele RBZ Handel aandacht te vragen voor het belang van het
EU-Mercosur-verdrag voor het vergroten van onze strategische
soevereiniteit en zich actief in te zetten voor de totstandkoming van
het verdrag,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Kamminga en Paternotte.
Zij krijgt nr. 3091 (21501-02).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Verenigde Staten onder president Trump net als op
producten uit de EU tarieven hebben ingevoerd op producten uit Canada en
Mexico;
overwegende dat vrijhandel een essentiële pijler is voor de welvaart in
Nederland en de Europese Unie en dat strategische soevereiniteit en
toegang tot kritieke grondstoffen, waaraan Canada en Mexico rijk zijn,
van toenemend belang zijn voor de Europese economie;
overwegende dat de huidige geopolitieke situatie, waarin traditionele
handelsnormen onder druk staan, juist kansen biedt voor Europa om deze
normen te verdedigen door handelsrelaties met gelijkgezinde partners te
verdiepen;
verzoekt de regering om op Europees niveau te pleiten voor verdere
liberalisatie en verdieping van handelsrelaties met Canada en Mexico, en
daarbij bijzondere aandacht te besteden aan het veiligstellen van
toeleveringsketens voor kritieke grondstoffen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Kamminga en Boswijk.
Zij krijgt nr. 3092 (21501-02).
Mevrouw Kamminga (VVD):
Tot slot, voorzitter.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Amerikaanse "Liberation Day"-heffingen Nederland
minstens 12 miljard euro zullen kosten;
constaterende dat intra-EU-barrières volgens het IMF en het
Letta-rapport equivalent zijn aan een tarief van 44% voor goederen en
110% voor diensten;
overwegende dat vermindering van deze barrières de pijn voor Nederlandse
consumenten kan verzachten en ook Europese toeleveringsketens en
strategische soevereiniteit ten goede kan komen;
verzoekt de regering om in Europees verband te pleiten voor het wegnemen
van barrières in de dienstensector, en het bestrijden van
consumentenbelemmeringen zoals territoriale leveringsbeperkingen, in
lijn met de aanbevelingen uit het Letta-rapport,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Kamminga en
Martens-America.
Zij krijgt nr. 3093 (21501-02).
Hartelijk dank. Dan gaan we nu luisteren naar de heer Ram, die het woord voert namens de fractie van de PVV.
De heer Ram (PVV):
Dank u wel.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat de voorgenomen extra importheffingen voor 75% worden
afgedragen aan de Europese Unie zonder de burger daarvoor te
compenseren;
verzoekt de regering om binnen de Europese Raad te pleiten voor
compensatie voor de burger en het bedrijfsleven voor de gevolgen van de
importheffingen ingesteld door de Europese Unie,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Ram.
Zij krijgt nr. 3094 (21501-02).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
de Europese Commissie de Omnibus Simplification Package heeft
voorgesteld om de administratieve lasten voor bedrijven te verminderen
en de concurrentiepositie van de EU te versterken;
verzoekt de regering om binnen de Europese Raad te pleiten voor een
verdere versimpeling van de Omnibus en de CSDDD met als doel een verdere
reductie van bureaucratie, van administratieve lasten en van kosten voor
het bedrijfsleven,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Ram.
Zij krijgt nr. 3095 (21501-02).
Dank u wel. Dan gaan we luisteren naar mevrouw De Korte. Zij voert het woord namens de fractie van Nieuw Sociaal Contract.
Mevrouw De Korte (NSC):
Nieuw Sociaal Contract maakt zich ernstig zorgen over de
handelsbeperkingen van de Amerikaanse president Trump. We hebben daar
goed over gesproken, en hebben hier twee moties over.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Europese Commissie voornemens is op korte termijn
tegenmaatregelen in te stellen tegen Amerikaanse importheffingen;
constaterende dat deze maatregelen grote economische gevolgen kunnen
hebben voor Nederlandse bedrijven en sectoren;
verzoekt de regering om in kaart te brengen wat de impact is van de
importheffingen van Amerika en de eventuele tegenmaatregelen van Europa
op de Nederlandse sectoren, en de Kamer hierover binnen twee maanden te
informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden De Korte en Ceder.
Zij krijgt nr. 3096 (21501-02).
Mevrouw De Korte (NSC):
De tweede.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat via pakketpost uit China op grote schaal producten
worden ingevoerd die niet voldoen aan Europese regelgeving;
overwegende dat volgens de Douane tot 95% van deze zendingen niet
voldoet aan producteisen en belastingregels;
constaterende dat deze praktijken leiden tot oneerlijke concurrentie,
risico's voor consumenten en ondermijning van de interne markt;
verzoekt de regering om in de Raad Buitenlandse Zaken Handel van 7 april
2025 te pleiten voor herinvoering van bulkcontroles op zendingen uit
risicolanden zoals China, versnelling van de Europese douanehervorming,
en versterking van de handhavingscapaciteit van nationale douanes,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid De Korte.
Zij krijgt nr. 3097 (21501-02).
Mevrouw De Korte (NSC):
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan is het woord aan de heer Boswijk. Hij spreekt zijn
termijn uit namens het CDA. Gaat uw gang.
De heer Boswijk (CDA):
Dank u wel, voorzitter. Dank aan de minister voor de beantwoording. Ik
heb twee moties.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Verenigde Staten ongekende handelstarieven hebben
aangekondigd waardoor een wereldwijde handelsoorlog dreigt;
van mening dat het juist nu van het grootste belang is binnen en buiten
de Europese Unie zo veel mogelijk met gelijkgestemde landen op te
trekken;
verzoekt de regering zowel binnen als buiten de Europese Unie een
coalitie te bouwen met gelijkgestemde landen zoals Canada, Australië,
Nieuw-Zeeland, Zuid-Korea en Japan om samen te werken in het licht van
de Amerikaanse handelstarieven,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Boswijk en Paternotte.
Zij krijgt nr. 3098 (21501-02).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat er in de mogelijke onderhandelingen over handelstarieven
vanuit de Verenigde Staten druk gezet kan worden op de EU om Europese
wetgeving met betrekking tot het reguleren van grote techbedrijven af te
zwakken;
van mening dat ter bescherming van Europese burgers grote techbedrijven
juist strenger gereguleerd zouden moeten worden omdat deze bedrijven een
fundamentele impact hebben;
verzoekt de regering er bij de Europese Commissie voor te pleiten om
niet te zwichten voor mogelijke druk om Europese wetgeving met
betrekking tot het reguleren van grote techbedrijven af te
zwakken,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Boswijk, Hirsch en
Paternotte.
Zij krijgt nr. 3099 (21501-02).
De heer Boswijk (CDA):
Tijdens het debat vroeg ik aan de minister hoe het stond met mijn motie
over Chinese auto's. Ik was even abuis; vorige week is er al een brief
gekomen. Er is dus al een toezegging gedaan. Een toezegging is niet meer
nodig, want ik heb al een brief gekregen. Excuus voor de verwarring, en
dank voor de brief.
De voorzitter:
Dank voor uw inbreng. Dan gaan we luisteren naar mevrouw Hirsch. Zij
voert het woord namens de fractie van GroenLinks-Partij van de
Arbeid.
Mevrouw Hirsch (GroenLinks-PvdA):
Dank u wel, voorzitter. Ik heb drie moties, dus ik ga snel van
start.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de opwerping van handelstarieven door de Verenigde
Staten vraagt om een krachtig en eensgezind EU-optreden;
constaterende dat de Hongaarse premier Viktor Orbán in reactie op
Amerikaanse handelstarieven heeft aangekondigd dat Hongarije en de
Verenigde Staten werken aan een pakket voor economische
samenwerking;
overwegende dat dit past in een patroon waarbij Hongarije voortdurend
gemeenschappelijk Europees buitenlandbeleid ondermijnt;
verzoekt het kabinet om in Europees verband maatregelen te nemen om
naleving van de tegenmaatregelen tegen de Amerikaanse importheffingen
door Hongarije af te dwingen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Hirsch, Paternotte, Kamminga en
Boswijk.
Zij krijgt nr. 3100 (21501-02).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat president Trump handelstarieven heeft aangekondigd die
de wereldeconomie hard raken, waardoor diversificatie van handelsstromen
nadrukkelijk in beeld komt;
overwegende dat handelsakkoorden oog moeten hebben voor het belang van
alle partijen;
overwegende dat het van belang is om richting een toekomstbestendige
wereld te bewegen;
verzoekt in Europees verband met andere continenten te werken aan
handelsbetrekkingen die modern en duurzaam zijn,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Hirsch en Ceder.
Zij krijgt nr. 3101 (21501-02).
Mevrouw Hirsch (GroenLinks-PvdA):
De laatste.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat tarieven vanuit de Verenigde Staten, evenals de
vergeldende tarieven vanuit de EU, gevolgen gaan hebben voor Nederlandse
werknemers;
verzoekt de regering in kaart te brengen welke werknemers en sectoren
getroffen worden, en te onderzoeken of en hoe zij gecompenseerd kunnen
worden,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Hirsch, Ceder en Boswijk.
Zij krijgt nr. 3102 (21501-02).
Mevrouw Hirsch (GroenLinks-PvdA):
Als laatste: we hebben het even gehad over de CSDDD. Ik wil hier
nogmaals benadrukken dat ik mij grote zorgen maak over de moedwillige —
zo lijkt het — spraakverwarring die aan het ontstaan is rondom die wet.
Ik zal er ook zeker in toekomstige debatten op terugkomen. Dank u
wel.
De voorzitter:
Hartelijk dank. Tot slot in deze termijn van de Kamer is het woord aan
de heer Van Houwelingen, die zal spreken namens Forum voor
Democratie.
De heer Van Houwelingen (FVD):
Dank u, voorzitter. Trump heeft handelstarieven aangekondigd. In reactie
daarop gaat de Europese Unie waarschijnlijk ook allerlei tarieven
invoeren. Dat betekent een belasting voor onze economie en voor onze
welvaart, juist voor Nederland. Wij hebben intensieve handelsrelaties
met de Verenigde Staten. Economen zijn ook van mening dat importtarieven
vaak het land dat die invoert, het hardst treffen. Dat heeft de minister
zelf ook gezegd over Amerika. En het geld gaat voor een groot deel naar
de Europese Unie. Dat is dus allemaal niet in ons belang. Wij geloven
echt niet dat het invoeren van die tarieven ertoe gaat leiden dat Trump
van gedachten gaat veranderen. Daar heeft hij natuurlijk allang rekening
mee gehouden. Die EU-tarieven zullen dus uitsluitend en alleen
resulteren in een extra Europese belasting voor onze bevolking. Dat is
het. Daar moeten we in het Nederlandse belang natuurlijk tegen zijn. Dat
spreekt bijna voor zich. Daarom dien ik deze motie in. Die had ik
eigenlijk ook wel verwacht van andere partijen, maar dat was helaas niet
zo.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de invoering door de Europese Unie van importtarieven
op Amerikaanse producten slechts onze economie zal schaden en dus niet
in het Nederlandse belang is, want het is alleen maar een extra
belasting voor onze burgers;
verzoekt de regering zich tijdens de ingelaste Raad Buitenlandse Zaken
aanstaande maandag uit te spreken tegen de invoering van deze
importtarieven door de Europese Unie,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Houwelingen.
Zij krijgt nr. 3103 (21501-02).
De heer Van Houwelingen (FVD):
Dank u wel.
De voorzitter:
Hartelijk dank. Volgens mij zijn er vijftien moties ingediend. We gaan
ook vijftien minuten schorsen en dan krijgen we een appreciatie van de
minister.
De vergadering wordt van 13.30 uur tot 13.45 uur geschorst.
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Aan de orde is de voortzetting van het
tweeminutendebat Raad Buitenlandse Zaken Handel. Ik geef de minister
voor Buitenlandse Zaken en Ontwikkelingshulp het woord; "Buitenlandse
Handel" moet ik zeggen.
Minister Klever:
Buitenlandse Handel, dat klopt. Voorzitter, dank u wel. We hebben
vanmorgen in de commissiezaal een goed debat gehad over de
handelsrelatie met de Verenigde Staten. Ik voel grote steun voor het
beleid van het kabinet om als EU eensgezind op te treden en om in ieder
geval de-escalerend op te treden, maar ook om niet terug te deinzen voor
stevige maatregelen, mocht dat nodig zijn.
Er zijn vijftien moties ingediend. Mijn oordeel reflecteert voor een
groot deel de eensgezindheid in het debat.
De motie op stuk nr. 3089 van de heer Ceder krijgt oordeel Kamer. Wilt u
dat ik daar nog een toelichting op geef …
De voorzitter:
Nee hoor.
Minister Klever:
… of is het voldoende als ik het zo zeg?
De motie op stuk nr. 3090 van de heer Ceder vraagt om de impact van de
inperking tot directe zakenrelaties op de oorspronkelijke doelstelling
te toetsen. De druk om de onderhandelingen over de CSDDD snel af te
ronden, is hoog. Het Poolse voorzitterschap mikt ook op afronding van de
Raadspositie medio mei. Het draagvlak voor dit tijdpad is groot. Als we
nu pleiten voor een pauze om een impactassessment te doen, plaatsen we
onszelf buiten de onderhandelingen. Daarom moet ik deze motie
ontraden.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Als het zo kan worden geïnterpreteerd dat het wordt voorgelegd, denk ik
niet dat het een vertraging oplevert. Ik vraag u om het wel op te
brengen, want als het wel kan binnen het tijdspad, denk ik dat het geen
bezwaar zou moeten zijn om de effecten inzichtelijk te maken. Ik zou
daarmee kunnen leven. Als het vertraging oplevert, leggen we ons daarbij
neer.
Minister Klever:
De Commissie heeft met een staff working document reeds op hoofdlijnen
de impact van deze Omnibuswetgeving in kaart gebracht. Het kabinet heeft
in het BNC-fiche de regeldrukvermindering van de voorstellen afgewogen
tegen de effectiviteit. Het kabinet is van mening dat de
beleidsdoelstellingen nog voldoende worden behaald, met uitzondering van
een aantal punten waarvoor het kabinet ook aandacht zal vragen. Dat heb
ik ook in het debat gesteld. Ik moet de motie dus toch ontraden.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 3090 is ontraden.
Minister Klever:
Voorzitter. De motie op stuk nr. 3091 van mevrouw Kamminga vraagt mij om
in de RBZ Handel aandacht te vragen voor het belang van het
EU-Mercosur-akkoord en mij actief in te zetten voor de totstandkoming
van dat verdrag. De besluitvorming over het EU-Mercosur-akkoord is nog
niet aan de orde. De definitieve teksten worden rond de zomerperiode pas
verwacht. Dan komt er een kabinetsappreciatie uw kant op. Deze motie is
dus ontijdig. Na de appreciatie hebben we nog genoeg gelegenheid om met
de Kamer hierover te spreken voordat we een definitieve positie in de
Raad innemen.
De voorzitter:
Bij het oordeel "ontijdig" is er ook een beroep op het Kamerlid om de
motie aan te houden, dus ik geef mevrouw Kamminga het woord.
Mevrouw Kamminga (VVD):
Dat snap ik, maar in dit geval doe ik dat niet. Voor mijn collega's is
het oordeel "ontijdig" nooit aanleiding geweest om hun moties aan te
houden, dus dat doe ik met de mijne ook niet.
De voorzitter:
Dan komt de motie in stemming met het oordeel "ontijdig".
Dan de motie op stuk nr. 3092.
Minister Klever:
De motie op stuk nr. 3092 van mevrouw Kamminga: oordeel Kamer. Ik deel
het belang van internationale samenwerking en het aanhalen van relaties
met handelspartners. Op dit moment is dat nog belangrijker dan
ooit.
De motie op stuk nr. 3093 van Kamminga en Martens-America kan ik ook
oordeel Kamer geven. De minister van Economische Zaken is de
eerstverantwoordelijke, maar de motie krijgt oordeel Kamer.
De motie-Ram op stuk nr. 3094 verzoekt mij om binnen de Europese Raad te
pleiten voor compensatie voor de burger vanwege hogere heffingen.
Allereerst is het niet zeker dat hogere heffingen leiden tot hogere
inkomsten. Ze kunnen ook leiden tot een lagere import omdat het tot
minder handel leidt. Dat drukt dus juist de inkomsten. Daarnaast hebben
we in de EU een vaste begrotingssystematiek voor uitgaven en inkomsten.
Volgens mij is het ook niet in het Nederlandse belang om daaraan te gaan
morrelen, want dat kan ook weer de deur openzetten voor heel veel meer
hogere EU-uitgaven, ook aan andere landen. Volgens mij wil de PVV dat
ook niet. Deze motie moet ik dus ontraden.
De heer Ram (PVV):
Het punt is dat de Trumpregering wel haar burgers en bedrijfsleven
compenseert. Zij is voornemens de sales tax, de inkomstenbelasting en de
omzetbelasting te verlagen. Wij stellen daar in Nederland en in de
Europese Unie niets tegenover. We hebben nu importtarieven. Er wordt ook
nog btw over geheven, waardoor de regering ook nog extra inkomsten zou
kunnen krijgen. Waarom wordt niet in bredere zin gekeken hoe we de
burger en het bedrijfsleven kunnen compenseren voor dit
koopkrachtverlies?
Minister Klever:
In de motie wordt verzocht om binnen de Europese Raad te pleiten voor
compensatie. Dat betekent dan compensatie vanuit de EU. Ik denk niet dat
dat slim is, want dan zetten we de deur open voor compensatie voor
allerlei andere getroffenen binnen de EU. Het kabinet heeft natuurlijk
wel oog voor de koopkracht van burgers. Dat is een integraal onderdeel
van het kabinetsbeleid. Hogere importtarieven leiden natuurlijk ook … Je
weet niet of het tot een hogere import leidt. Dat hangt er maar van af.
Het kan ook zijn dat het tot minder import leidt en dat we dus ook
minder tarieven ontvangen. Wat dat betreft is het afwachten hoe het
uitpakt, maar het kabinet heeft wel degelijk oog voor de koopkracht van
burgers, zeg ik bij dezen tegen de heer Ram.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 3095.
Minister Klever:
Dan de volgende motie van de heer Ram. Dat is de motie op stuk nr. 3095.
Die verzoekt de regering om te pleiten voor een nog verdere versimpeling
van Omnibus en CSDDD. Het Omnibusvoorstel richt zich precies op het doel
van vermindering van administratieve lasten voor bedrijven. Dat is ook
een prioriteit van het kabinet. Het kabinet heeft het Omnibusvoorstel
dan ook in grote lijnen verwelkomd. Dat standpunt staat ook in het
BNC-fiche. Nog verdere versimpeling moet ik ontraden; dat is niet het
kabinetsstandpunt. De motie op stuk nr. 3095 wordt dus ontraden.
Dan de motie op stuk nr. 3096 van De Korte en Ceder. Die verzoekt om in
kaart te brengen wat de impact is. Dit heb ik in het commissiedebat
reeds toegezegd, dus ik kan de motie oordeel Kamer geven.
Dan de volgende motie. Dat is de motie op stuk nr. 3097 van De Korte
over de pakketjes. Die vraagt om in de Raad Buitenlandse Zaken Handel te
pleiten voor herinvoering van bulkcontroles en voor versterking van
handhavingscapaciteit van nationale douanes. Mevrouw De Korte kaart een
belangrijk probleem aan en ik kan deze motie dan ook oordeel Kamer
geven.
Mevrouw Kamminga (VVD):
Ik ben dan nog wel even nieuwsgierig. Dit is op zich heel goed, want ik
heb zelf in mijn betoog ook aandacht gevraagd voor de uitvoering. Ziet
de minister dit dan als een extra claim, of is haar oordeel dat dit ziet
op "binnen bestaande middelen en capaciteiten"? Ik denk dat dat wel
relevant is.
Minister Klever:
Dan heeft zij het over de Douane. Ja, dit ziet zeker op "binnen de
bestaande middelen".
Dan de motie van de heer Boswijk van het CDA op stuk nr. 3098. Die
vraagt om een coalitie te vormen met gelijkgestemde landen om samen te
werken in het licht van de Amerikaanse handelstarieven. Het kabinet zet
zich daar ook voor in. Dit sluit aan bij de kabinetsinzet. Daarom geef
ik 'm oordeel Kamer.
Dan de motie op stuk nr. 3099 van de heer Boswijk, die vraagt om niet te
zwichten voor druk om EU-wetgeving voor techbedrijven af te zwakken.
Momenteel is er geen sprake van afzwakking of aanpassing van de
wetgeving. Druk van derde landen om aanpassingen te doen is ook geen
aanleiding om dat te doen. De EU gaat over haar eigen wetgeving. Omdat
het nu niet aan de orde is, moet ik de motie "ontijdig" geven.
De voorzitter:
"Ontijdig" is ook een verzoek aan de indiener om 'm aan te houden. Ik ga
eerst even naar de heer Boswijk.
De heer Boswijk (CDA):
Het verbaast mij een beetje, want dit is niet ontijdig, denk ik. Ik denk
dat als we alle verschillende kabinetsleden, officiële of niet-officiële
zoals de heer Musk, moeten geloven, de rode draad sinds ze zijn
geïnstalleerd eigenlijk is het ontmantelen van de Europese Commissie en
de Europese Unie omdat die met wetgeving komen tegen grote bedrijven, in
het bijzonder techbedrijven. Ze halen zelfs artikel 5 van de NAVO erbij;
daar hebben we het ook in het debat over gehad. Het is vrij naïef om te
denken dat ze dat nu met deze handelstarieven ineens als een losstaand
iets zouden zien. Ik zou dus toch zeggen dat het juist nu tijd is; het
is ontzettend actueel. Laten wij hier vanuit de Kamer zeggen: als
Nederlands parlement vinden wij het niet wenselijk dat we onze burgers
gaan blootstellen aan grote techbedrijven en zeker niet om concessies te
doen aan handelstarieven.
Minister Klever:
Ik deel de zorgen van de heer Boswijk, maar op dit moment is een
aanpassing van EU-wetgeving niet aan de orde. Op het moment dat dat wel
aan de orde komt, komt het ook weer hier in uw Kamer voor te liggen en
kunnen we daarover spreken. Maar om er nu op voorhand al voor te pleiten
om voor bepaalde dingen niet te gaan zwichten … Ik denk dat het een hele
moeilijke onderhandeling gaat worden. De inzet is zeker niet om zomaar
onze wetgeving te laten bepalen door andere landen. We gaan daar zelf
over. Er ligt echter nog niks voor. Er is nog niks aan de orde. Ik moet
dus toch blijven bij "ontijdig".
De heer Boswijk (CDA):
Ik breng 'm toch in stemming en ik doe een appel op mijn collega's om
toch met een wat reëlere blik te kijken. We zien namelijk een land als
Hongarije nu al concessies doen. Ik denk dat het dan goed is dat wij
vanuit Nederland laten horen hoe wij er in ieder geval in zitten. Ik
laat 'm dus toch in stemming komen.
De heer Ram (PVV):
Ik wil mijn motie op stuk nr. 3094 aanhouden.
De voorzitter:
Op verzoek van de heer Ram stel ik voor zijn motie (21501-02, nr. 3094)
aan te houden.
Daartoe wordt besloten.
De voorzitter:
Dan gaan we door naar de volgende motie. Dat is de motie op stuk nr.
3100 van mevrouw Hirsch.
Minister Klever:
De motie op stuk nr. 3100 is overbodig. Die verzoekt het kabinet "om in
Europees verband maatregelen te nemen om de naleving van
tegenmaatregelen tegen de Amerikaanse importheffingen door Hongarije af
te dwingen". Hongarije kan zich niet onttrekken aan de maatregelen die
de EU treft. We zitten met elkaar in één duale Unie, dus ook Hongarije
is daaraan gehouden. Deze motie is dus overbodig.
De motie op stuk nr. 3101, van het lid Hirsch, verzoekt in Europees
verband met andere continenten te werken aan handelsbetrekkingen die
modern en duurzaam zijn. Die motie krijgt oordeel Kamer.
De motie op stuk nr. 3102, over in kaart brengen welke werknemers en
sectoren getrokken kunnen worden, moet ik ontraden. Compensatie is niet
aan de orde. Het is nog onduidelijk wat de effecten van de Amerikaanse
tarieven zijn op de Europese markt. Het is ook nog onduidelijk wat de
Europese reactie daarop zal zijn. Ik wil niet vooruitlopen op wat er
allemaal gaat gebeuren.
Mevrouw Hirsch (GroenLinks-PvdA):
U heeft het over vooruitlopen. Ik vind het een lastig antwoord. Er is
heel veel onrust over de aangekondigde tarieven van Trump. Er wordt ook
gediscussieerd over de reactie van de EU en over wat die tarieven voor
specifieke sectoren gaat betekenen. Dat is meerdere keren aan bod
gekomen tijdens het debat. Ik vraag de minister niet of zij gaat
compenseren. Ik vraag haar te onderzoeken óf er gecompenseerd moet
worden en hoe dat zou zijn. Het is dus meer een voorbereiding op wat
wellicht komen gaat. Het is in ieder geval ook het wegnemen van zorgen
van mensen die bang zijn dat ze binnenkort getroffen worden door wat er
op dit moment in de wereld gebeurt.
Minister Klever:
Ik snap de zorgen van mevrouw Hirsch, maar er is nog helemaal geen
reactie van Europa; er zijn nog helemaal geen tegenmaatregelen bekend.
Daar moeten we eerst nog over gaan praten. Daarnaast heeft Nederland
natuurlijk een solide sociaal vangnet voor mensen die getroffen zouden
worden door het verlies van hun baan et cetera. Daar hebben wij als
Nederland onze sociale voorzieningen voor.
Tot slot de motie op stuk nr. 3103, van de heer Van Houwelingen. Die
moet ik ontraden, onder verwijzing naar het debat. Zoals ik heb
aangegeven moet een Europese reactie robuust, proportioneel en
de-escalerend zijn. Het allerbelangrijkste doel van de Europese
tegenmaatregelen is om de VS aan de onderhandelingstafel te krijgen. Wij
willen geen tarieven. Die zijn slecht voor iedereen: voor Nederland,
voor de VS, voor de burger en voor bedrijven. Wij willen het vooral
gebruiken om de VS aan de onderhandelingstafel te krijgen. Deze motie
moet ik dus ontraden.
De voorzitter:
Dank aan de minister. Dit was de termijn van de regering.
De beraadslaging wordt gesloten.
De voorzitter:
We gaan even schorsen. O, mevrouw Hirsch wil nog iets zeggen.
Mevrouw Hirsch (GroenLinks-PvdA):
Ja, over hoelang we gaan schorsen. Er zitten een paar moties tussen die
echt heel verreikende effecten zouden kunnen hebben, dus mijn verzoek is
of we twintig minuten kunnen schorsen.
De voorzitter:
Laten we dan in het midden gaan zitten. Laten we om 14.15 uur stemmen.
Ja? Er moet ook nog even een stemmingslijst gemaakt worden, waarna die
wordt rondgedeeld. Dan stemmen we om 14.15 uur over de ingediende moties
bij dit debat. Ik dank de minister en de leden. We zijn even
geschorst.