Compensatie van aanvullende schade in de hersteloperatie toeslagen
Toeslagen
Brief regering
Nummer: 2025D48021, datum: 2025-11-25, bijgewerkt: 2025-11-26 13:56, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S.T.P.H. Palmen, staatssecretaris van Financiën (Ooit Nieuw Sociaal Contract kamerlid)
Onderdeel van kamerstukdossier 36708 -60 Toeslagen.
Onderdeel van zaak 2025Z20379:
- Indiener: S.T.P.H. Palmen, staatssecretaris van Financiën
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Financiën
- 2025-11-26 13:20: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2025-12-04 10:00: Procedurevergadering Financiën (Procedurevergadering), vaste commissie voor Financiën
Preview document (🔗 origineel)
36 708 Toeslagen
Nr. 60 Brief van de staatssecretaris van Financiën
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 25 november 2025
De commissie Van Dam heeft geadviseerd dat de afhandeling van de compensatie van aanvullende schade van ouders die geraakt zijn door de problemen met de kinderopvangtoeslag sneller en eenvoudiger moet. En dat is de inzet van het kabinet. Met de lancering van een centraal aanmeld- en informatieportaal op 25 november 2025, de lancering van de route MijnHerstel op 2 december 2025, en de vaststelling van het één uniform schadekader gebaseerd op het reeds geruime tijd gehanteerde schadekader van SGH, zet het kabinet drie belangrijke stappen om ouders die aanvullende schade hebben ondervonden sneller en eenvoudiger voorbij het onrecht te helpen. Ondanks dat er nog veel werk is te verzetten, is hiermee het schadestelsel in essentie gecompleteerd, en zet het kabinet koers richting het afronden van het financieel herstel in 2027.
Met deze brief informeer ik uw Kamer nader over de vormgeving van het stelsel voor compensatie van aanvullende schade. Allereerst schetst deze brief het stelsel van aanvullende schade met een centraal informatie- en aanmeldportaal, en twee verschillende methodes voor compensatie van aanvullende schade, namelijk 1) de Stichting (Gelijk)Waardig Herstel (SGH) en 2) MijnHerstel. Vervolgens gaat deze brief in op hoe de bedragen worden vastgesteld, met de toepassing van één geüniformeerd forfaitair schadekader, en de mogelijkheid om in de gevallen waarin de ouder tot de conclusie komt dat de omvang of complexiteit van de gebeurtenissen maakt dat het forfaitaire kader niet voldoende past, over te stappen naar een individuele berekening op basis van de methodiek van de huidige Regieroute VSO. Tot slot informeer ik de Kamer zoals toegezegd over de inbreng die de afgelopen periode is opgehaald bij ouders en stakeholders en de manier waarop deze verwerkt is in het informatie- en aanmeldportaal en MijnHerstel.
Een vereenvoudigd stelsel voor compensatie van aanvullende
schade
Ouders die zich hebben aangemeld als gedupeerde krijgen
allemaal een integrale beoordeling (IB) door de Uitvoeringsorganisatie
Herstel Toeslagen (UHT). Daarbij worden gedupeerde ouders financieel
gecompenseerd voor de onterechte terugvorderingen en ontvangen zij een
materiële en immateriële schadevergoeding. Gemiddeld is aan ouders
ongeveer 40.000 euro toegekend. Ook zijn hun publieke schulden
kwijtgescholden en private schulden aangepakt, als die aan de
voorwaarden voldoen. Daarnaast kunnen ouders bij hun gemeente terecht
voor brede ondersteuning. Dit kwartaal worden de laatste integrale
beoordelingen afgerond. Een groot deel van de ouders zet met het
afronden van de integrale beoordeling een punt achter het financieel
herstel. Maar voor een deel van de ouders is daarvoor meer nodig, zij
kunnen een route doorlopen voor compensatie voor aanvullende schade.
Begin dit jaar heeft de commissie Van Dam geadviseerd om toe te werken naar twee schaderoutes die eindigen in een vaststellingsovereenkomst, met één schadekader met vaste, collectieve, forfaitaire bedragen. Het kabinet heeft in haar reactie1 aangegeven deze vereenvoudiging te omarmen. Daartoe zet het kabinet naast de schaderoute van SGH met een vertellende aanpak, in op de route MijnHerstel waarbij ouders en gemachtigden ondersteund worden met een gebruiksvriendelijke digitale omgeving waarin zij hun verhaal kunnen toelichten en eventueel ondersteunende stukken kunnen indienen. Beide routes monden uit in een vaststellingsovereenkomst waarin de ouder en de Staat een punt zetten achter het financieel herstel. Beide routes worden hieronder nader toegelicht. Maar de vervolgstappen richting compensatie van aanvullende schade, beginnen voor ouders op het centraal informatie- en aanmeldportaal. Hier kunnen zij informatie inwinnen over de mogelijkheden rondom aanvullende schade en vervolgens een route kiezen.
Het informatie- en aanmeldportaal
Met de opening van het informatie- en aanmeldportaal op 25
november, is dit portaal de startplek voor informatie, en de plaats voor
het indienen van de aanvraag voor aanvullende compensatie en het maken
van een keuze tussen de twee routes. Het portaal is te bereiken via de
website schadeherstel.toeslagen.nl. Het portaal biedt overzichtelijk de
informatie over het aanvragen van compensatie en geeft informatie over
de routes die beschikbaar zijn. Daarvoor is een routeoverzicht
beschikbaar. Ouders kunnen extra informatie en uitleg krijgen via online
informatiebijeenkomsten en kunnen zich daarvoor aanmelden via het
portaal. Daarnaast kunnen ouders hulp vragen bij het aanvragen en het
kiezen van een route. Daarvoor is gratis onafhankelijke juridische hulp
beschikbaar.
Het portaal is de startplek voor ouders die tot nu toe nog geen aanvraag over hun aanvullende schade hadden gedaan maar daar wel aanleiding toe zien. Maar het portaal is ook de plek waar ouders naar worden verwezen die in het verleden al een aanvraag hadden gedaan. Alle ouders die tot op heden een al een aanvraag hebben ingediend via de CWS worden uitgenodigd om via het informatie- en aanmeldportaal een keuze te maken voor de route van SGH of MijnHerstel. Zij worden persoonlijk schriftelijk benaderd en uitgenodigd gebruik te maken van het informatie- en aanmeldportaal.
In de Kamerbrief van 11 november 20252 heb ik de Kamer geschreven dat het belangrijk is dat ouders voldoende tijd en informatie hebben om een keuze te maken over het indienen van een aanvraag voor compensatie van aanvullende schade. Nu de openstelling van het informatie- en aanmeldportaal een feit is en op 2 december de openstelling van MijnHerstel volgt, is de informatie hiertoe beschikbaar. Het kabinet wil ouders tot 1 april 2026 de tijd geven om een aanvraag in te dienen. Wanneer een ouder pas net, of nog niet, zijn of haar IB heeft ontvangen dan heeft de ouder tot zes maanden na ontvangst van de IB de tijd om zich aan te melden voor compensatie van aanvullende schade. Ook als dit pas na 1 april is. Nadat ouders zich hebben aangemeld voor aanvullende schadecompensatie, hebben zij nog zes maanden om een keuze te maken tussen de route van SGH of MijnHerstel. Voor die keuze geldt de uiterste aanvraagdatum van 1 april dus niet.
De schaderoute van Stichting (Gelijk)waardig
Herstel
De ene route die een ouder kan kiezen om aanvullende schade
gecompenseerd te krijgen is de bestaande schaderoute van SGH. SGH is een
stichting voor en door ouders. Samen met experts hebben zij een
herstelaanpak ontwikkeld voor emotioneel en financieel herstel. De basis
is een eigen feitenrelaas van de ouder, opgesteld met een luisterend
schrijver. De gebeurtenissen uit dat feitenrelaas worden waar nodig
aangevuld met ondersteunende documenten en vervolgens omgezet naar een
vaststellingsovereenkomst. Deze route is na een eerdere pilot voor een
brede groep ouders opengesteld nadat in de zomer van 2024 een
dienstverleningsovereenkomst is gesloten tussen de staat en SGH.
In de afgelopen zomer zijn tussen het ministerie en SGH nieuwe afspraken gemaakt die worden uitgewerkt in een gewijzigde dienstverleningsovereenkomst. Dankzij deze afspraken hebben ouders met een IB van minder dan €30.000 nu eveneens toegang tot de SGH-route. Daarnaast is de rol van het ministerie bij de totstandkoming en beoordeling van individuele schadestaten binnen de SGH-route komen te vervallen. In plaats daarvan is, in samenwerking met SGH, een systeem voor kwaliteitsborging ingericht.
Momenteel bedraagt de output van de SGH-route circa 25 VSO’s per week. Dat is onvoldoende gelet op het aantal aanmeldingen voor aanvullende schade. Het ministerie en SGH werken gezamenlijk aan de verdere opschaling van de SGH-route, met als doel om in het eerste kwartaal van 2026 een productie van 100 VSO’s per week te realiseren.
De schaderoute Mijnherstel
De andere route die een ouder kan volgen om aanvullende schade
gecompenseerd te krijgen is MijnHerstel, die opengesteld wordt op 2
december 2025. Deze route is door het ministerie van Financiën
ontwikkeld in samenwerking met ouders, experts en advocaten. Ouders
kunnen hun situatie en schadeposten via MijnHerstel zelf toelichten.
Hoewel hier een gebruiksvriendelijk online portaal voor is ontwikkeld,
wordt ouders geadviseerd om bij het toelichten van hun situatie en het
eventueel indienen van ondersteunende stukken hulp in te schakelen van
een advocaat of gemachtigde of iemand die zij vertrouwen. Ook is er de
mogelijkheid voor persoonlijk contact en het voeren van een
herstelgesprek. Ook kan de ouder gebruik maken van
ervaringsdeskundigheid. Hiervoor wordt momenteel uitgewerkt hoe
ervaringsdeskundigen kunnen helpen, bijvoorbeeld bij de
informatievoorziening over MijnHerstel of rondom de begeleiding voor
ouders die de route willen doorlopen.
In deze route is bij sommige gebeurtenissen al informatie bij de overheid bekend. Deze informatie vooraf wordt ingevuld zodat ouders deze alleen nog maar hoeven te verifiëren. Voor een aantal andere posten kan de ouder gevraagd worden om, net als bij de SGH-route, voor een aantal gebeurtenissen ondersteunende stukken aan te leveren.
Het behandelproces is vervolgens zo ingericht dat dossiers zorgvuldig, consistent en met aandacht voor de positie van ouders worden bezien. Daarbij wordt per situatie vastgesteld welke elementen relevant zijn en hoe de individuele omstandigheden van ouders een rol spelen. Heldere en begrijpelijke terugkoppeling maakt inzichtelijk hoe besluiten tot stand komen en hoe de inbreng van ouders is meegenomen.
MijnHerstel wordt op 2 december direct opengesteld voor alle ouders die een beroep willen doen op een schaderoute, zodat ook ouders voor wie de methodiek van SGH niet passend is een alternatief hebben. Tegelijkertijd blijft de SGH-route open voor de ouders die om welke reden dan ook geen voorkeur hebben voor MijnHerstel. Ouders die voor MijnHerstel kiezen wordt geadviseerd de tijd te nemen om samen met een gemachtigde de schadeposten in te dienen. Hiermee zal naar verwachting piekbelasting bij opening voorkomen worden. Vanaf de start zal MijnHerstel voortdurend worden verbeterd op basis van de ervaringen die worden opgedaan. Hiervoor wil het kabinet de kennis en ervaring van ouders, herstelrechtdeskundigen en advocaten betrekken, en daarvoor nauw blijven samenwerken met onder meer de werkgroep toeslagenadvocaten.
De ingerichte afhandelcapaciteit en beoogde behandelsnelheden zijn erop gericht om veel meer ouders te helpen bij afronding van het financieel herstel dan in het verleden lukte. In de volgende voortgangsrapportage over de hersteloperatie geef ik voor de beide routes nadere informatie over daadwerkelijk behaalde resultaten en hierop gebaseerde prognoses. Op het moment dat de beschikbare behandelcapaciteit binnen MijnHerstel knelt met het beroep dat daarop wordt gedaan, ligt het in de rede eerst de aanvragen van de ouders die het langst geleden een aanvraag voor compensatie van aanvullende schade hebben gedaan, te behandelen.
De vaststellingsovereenkomst als uitgangspunt
Het uitgangspunt is om via de bovengenoemde routes te komen tot een
vaststellingsovereenkomst (VSO) als sluitstuk. Voor een VSO is de
handtekening van zowel de Staat als de ouder nodig. Met de VSO spreken
de Staat en de ouder af een punt te zetten achter het financieel
herstel. Snel daarna wordt het compensatiebedrag uitgekeerd. Voor die
gevallen waarin de ouder tot de conclusie komt dat de omvang of
complexiteit van de gebeurtenissen maken dat het forfaitaire kader niet
voldoende past, is er de mogelijkheid van een individuele berekening,
welke ook leidt tot een VSO.
De ouder heeft altijd het wettelijke recht om van de overheid een besluit (beschikking) te ontvangen over aanvullende schade, conform de Wet hersteloperatie toeslagen. Als het niet lukt om een VSO te sluiten via één van de hierboven beschreven beschikbare forfaitaire-routes en de individuele berekening, zal dat de uitkomst zijn. We onderzoeken momenteel opties om de bestuursrechtelijke afronding voor ouders die hun financieel herstel niet via een VSO willen afronden op efficiënte wijze in te richten. Dit kan door oog te hebben voor het feit dat er in de meeste gevallen al een route is doorlopen, documenten al zijn aangeleverd, en er al een analyse van de gebeurtenissen is gemaakt. Hierdoor kan een afgewezen concept-VSO naar verwachting worden omgezet in een beschikking. Ouders worden via het aanmeldportaal geïnformeerd over de verschillende mogelijke stappen in het proces, waaronder de afdoening van de aanvraag met een beschikking.
Aanvullende schade voor specifieke doelgroepen
Het bovenstaande schadestelsel met twee schaderoutes, gebaseerd op
een geüniformeerd forfaitair schadekader, staat open voor gedupeerde
ouders met aanvullende schade die niet al vergoed is. Voor een aantal
specifieke doelgroepen kan sprake zijn van specifieke aanpak binnen SGH
of MijnHerstel of het doorlopen van een andere route. De Kamer is eerder
geïnformeerd dat als een ouder over één of twee toeslagjaren minder dan
€2.000 per jaar heeft terugbetaald of de terugvordering snel is
hersteld, in het forfaitaire stelsel niet op voorhand wordt aangenomen
dat schade (volledig) is ontstaan door de toeslagenaffaire. Deze ouders
kunnen terecht bij MijnHerstel of SGH maar daar kunnen posten pas worden
toegekend als uit aanvullende onderbouwing blijkt dat de schade
aannemelijk gevolg is van de toeslagenaffaire. Voor ouders die enkel
gedupeerd zijn vanwege een onterecht label opzet/grove schuld (O/GS), en
voor nabestaanden van ouders waarbij de integrale beoordeling niet de
volledige schade dekt, wordt nader uitgewerkt hoe zij via de methode van
de individuele berekening kunnen worden geholpen.
Een uniform forfaitair schadekader
Het kabinet heeft als doel om ouders zo snel mogelijk voorbij het onrecht te helpen zodat zij verder kunnen met hun leven. Tegelijkertijd is het belangrijk dat zo goed mogelijk recht wordt gedaan aan de individuele situatie. De commissie Van Dam heeft geadviseerd om hiervoor bij zowel de SGH-route als MijnHerstel te werken met één uniform forfaitair schadekader, gebaseerd op het kader van SGH (het zogenoemde SGH-Herstelmodel). Door te werken met vaste, collectieve bedragen per gebeurtenis, weten ouders waar zij aan toe zijn en wordt een versnelling bereikt.
Voorop staat dat de vaste vergoeding erkenning biedt voor de impact van de gebeurtenissen op het leven van de ouder en het gezin. Vaste, collectieve bedragen, zijn gericht op erkenning zonder een precieze berekening te kunnen zijn waarin alle persoonlijke omstandigheden zijn verwerkt. De aard, ernst en duur van fysieke klachten wordt bijvoorbeeld niet individueel vastgesteld. Daar tegenover staat dat er geen medisch bewijs nodig is om in aanmerking te komen voor de vaste vergoeding voor fysieke klachten. Het uniforme forfaitaire schadekader is opgenomen in de bijlage bij deze brief met een toelichting. Voor gebruikers en gemachtigden wordt nog gewerkt aan een meer precieze handleiding.
De mogelijkheid van de individuele berekening
De ouder wordt zoveel mogelijk tegemoetgekomen in het aannemelijk maken van de gebeurtenissen. Voor een aantal schadeposten is het voldoende dat het verhaal van de ouder past in de tijdlijn van de integrale beoordeling. Het uniforme forfaitaire schadekader beoogt zoveel mogelijk gebeurtenissen te omsluiten. Er zijn binnen het schadekader op meerdere leefgebieden vaste bedragen beschikbaar om erkenning te bieden voor impactvolle gebeurtenissen die niet expliciet onderdeel zijn van het kader. Hoewel het schadekader geschikt is voor veel gedupeerden, en ruimhartig is van opzet, brengt de forfaitaire methode met zich mee dat zeer ingewikkelde schade zich hiervoor niet altijd goed leent. Bijvoorbeeld wanneer sprake was van een onderneming, of van een complexe inkomens- of vermogensschade.
Wanneer de ouder tot de conclusie komt dat de forfaitaire vergoedingen geen recht doen aan de gebeurtenissen van de ouder, staat de mogelijkheid open om de forfaitaire route via MijnHerstel of SGH af te sluiten en over te stappen naar een individuele berekening. De individuele berekening volgt een andere schaderechtelijke methode. Deze is vergelijkbaar met de methode en het kader van de Regieroute VSO. Deze precieze berekening brengt met zich mee dat de ouder gevraagd zal worden om meer ondersteunende stukken beschikbaar te stellen om een precieze berekening te kunnen maken en het causaal verband aannemelijk te kunnen maken. Er zijn bij deze methode voor materiele schadeposten geen vaste bedragen per gebeurtenis, zoals bij SGH of MijnHerstel. Dat betekent dat de totale aanvullende compensatie op basis van de precieze detailberekening lager of hoger kan uitvallen dan via de twee routes waar het schadekader met vaste bedragen wordt toegepast. Immers: in tegenstelling tot de forfaitaire routes, wordt bij de individuele berekening veel preciezer gekeken naar de werkelijke situatie en de werkelijke hoogte van de individuele schade. Omdat reeds gekeken is naar de werkelijke situatie kan een ouder ook niet meer terugkeren naar het forfaitaire bedrag. De uitkomst wordt vervolgens evengoed vastgelegd in een VSO, zoals ook gebeurt bij de Regieroute VSO. De individuele berekening zal de komende tijd overeenkomstig de Regieroute VSO verder worden uitgewerkt. Het kabinet wendt hiervoor alle binnen de hersteloperatie beschikbare kennis en expertise aan. Zoals eerder aangekondigd, blijft de Regieroute VSO dan ook operationeel tot minstens het moment dat de mogelijkheid om te kiezen voor een individuele berekening uitgewerkt en operationeel is.
Inbreng ouders en stakeholders
In het commissiedebat van 23 september jl. heb ik u toegezegd nader in
te gaan op de inbreng die ouders hebben gehad in de uitwerking van de
adviezen van de commissie Van Dam en de vereenvoudiging van het
schadestelsel. Inbreng van ouders heeft een belangrijke plek gekregen in
de ontwikkeling van de route MijnHerstel.
Kort na het verschijnen van het advies van de spoedcommissie Van Dam heeft een aantal plenaire brainstormsessies plaatsgevonden met een brede vertegenwoordiging van ouders en andere stakeholders in de hersteloperatie. Vertegenwoordigd waren onder andere de Oudercommissie, de werkgroep toeslagadvocaten en SGH, maar ook organisaties die in bredere zijn bij de hersteloperatie zijn betrokken, zoals de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), de Nationale Ombudsman en stichting Lotgenotencontact. Inzichten uit deze sessies zijn meegenomen bij de opzet en inrichting van het schadestelsel en in het communicatieplan richting stakeholders en het informatieve deel van het aanmeldportaal. Het belang van het inrichten van een tweede route naast de SGH-route is breed onderschreven.
Voor de betrokkenheid van ouders is een Oudertoetsgroep ingesteld. Op diverse momenten heeft deze groep ouders meegedacht over de opzet van de route MijnHerstel. De Oudertoetsgroep telt circa tien ouders. Per sessie namen meestal zes tot acht ouders deel steeds in verschillende samenstellingen. Voor de Oudertoetsgroep zijn ouders uitgenodigd die eerder ook rondom de brainstormsessie betrokken waren. In de eerste sessie is de aanwezige ouders gevraagd andere ouders uit hun eigen netwerk aan te dragen, om de diversiteit van perspectieven te vergroten. De omvang van het contact en de betrokkenheid van de ouders uit de Oudertoetsgroep heeft geleid tot een waardevolle uitgebreide inbreng. Opgeteld komt dit neer op circa 60 inhoudelijke bijdragen en/of aandachtspunten. Vrijwel alle inbreng van de oudertoetsgroep is verwerkt of wordt meegenomen in de verdere uitwerking. Voor vijf punten is dit niet het geval. Hiervoor waren verschillende redenen, bijvoorbeeld dat een suggestie juridisch te complex was of omdat het botste met de inbreng elders uit de hersteloperatie.
Ook de Oudercommissie is meegenomen in het ontwerp en ontwerpkeuzes in juni, augustus, september en november. De Oudercommissie heeft waardevolle inzichten gedeeld rondom de communicatie over het schadekader waardoor nu meer rekening wordt gehouden met de emotionele belasting voor ouders. Ook heeft de oudercommissie in meerdere sessies aangegeven dat ‘digitaal ondersteund’ niet moet omslaan in een ‘volledig digitale’ route. Op basis hiervan is steeds nagegaan waar en op welke manier persoonlijke ondersteuning van de ouder geboden kan worden.
Graag sta ik ook stil bij de waardevolle input van de werkgroep toeslagadvocaten. Met deze werkgroep vindt op periodieke basis overleg plaats, en op verschillende momenten zijn daarnaast specifieke sessies georganiseerd gericht op MijnHerstel en het informatie- en aanmeldportaal. Vroeg in het proces heeft de werkgroep benadrukt dat de individuele berekening van groot belang is. Mede hierdoor krijgt dit een belangrijke plek in het stelsel. Daarnaast heeft de werkgroep gewezen op het belang van transparantie van de berekeningen en de verdere inrichting van het schadestelsel, waaronder de wijze waarop aanvullende schade wordt gesaldeerd. In de uitgebreide gebruikershandleiding bij MijnHerstel worden dergelijke punten nader toegelicht aan de hand van voorbeelden. De werkgroep blijft, net als de Nederlandse orde van advocaten (NOvA), de verdere ontwikkeling van MijnHerstel kritisch volgen en hecht aan het behoud van zoveel mogelijk aspecten van de regieroute VSO. In het kader van de rechtsbescherming hebben zij daarbij onderstreept hoe essentieel de rol van de advocaat is binnen MijnHerstel. Mede daarom worden ouders die zich melden bij MijnHerstel aangemoedigd zich te laten ondersteunen door een advocaat.
Tot slot
Zoals gezegd is er nog ontzettend veel werk te verzetten om ouders voorbij het onrecht te helpen. Hoewel er in de afgelopen maanden door vele betrokkenen hard is gewerkt aan het ontwerp en de realisatie van MijnHerstel en het aanmeldportaal, zullen er ook na de lancering onvermijdelijk aanpassingen en verbeteringen nodig zijn op het gebied van technische functionaliteiten of bij de ondersteuning van ouders. Een aantal onderdelen bevindt zich nog in de opstartfase en zal ook de komende tijd nog verbeterd worden op basis van de ervaringen die we opdoen in de uitvoering en de reacties die ouders en gemachtigden geven. Om de kwaliteit en samenhang tussen de routes te bevorderen en verdere ontwikkeling en werking van MijnHerstel te optimaliseren worden leercirkels ingericht en zal monitoring plaatsvinden. Hierbij zullen ook de ervaringen van ouders, herstelrechtdeskundigen en advocatuur op een structurele wijze betrokken worden.
Ook dient zoals hierboven is toegelicht een aantal onderdelen nog nader te worden uitgewerkt, waarmee we er nog niet zijn. Maar met de openstelling van het informatie- en aanmeldportaal, en de aanstaande openstelling van MijnHerstel naast de schaderoute van SGH, zijn de belangrijkste elementen van het schadestelsel ingericht. Door hiermee voortvarend aan de slag te gaan, wil ik toe blijven werken naar het doel om het financieel herstel voor ouders in 2027 af te ronden. Ik zal de Kamer via de periodieke voortgangsrapportages hersteloperatie toeslagen (VGR) op de hoogte houden over de relevante ontwikkelingen.
De staatssecretaris van Financiën,
S.T.P.H. Palmen