Amendement van de leden Stultiens en Van Oosterhout over het afschaffen van enkele fossiele subsidies
Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2026)
Amendement
Nummer: 2025D48081, datum: 2025-11-25, bijgewerkt: 2025-11-25 11:41, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: L.C.J. Stultiens, Tweede Kamerlid (GroenLinks-PvdA)
- Mede ondertekenaar: A.S. van Oosterhout, Tweede Kamerlid (GroenLinks-PvdA)
Onderdeel van kamerstukdossier 36812 -59 Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2026).
Onderdeel van zaak 2025Z20409:
- Indiener: L.C.J. Stultiens, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: A.S. van Oosterhout, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
- 2025-11-27 12:00: STEMMINGEN (over alle amendementen ingediend bij het Pakket Belastingplan 2026 en over de ingediende moties) (Stemmingen), TK
Preview document (đ origineel)
| TWEEDE KAMER DER STATEN-GENERAAL | 2 | |
| Vergaderjaar 2025-2026 | ||
| 36 812 | Wijziging van enkele belastingwetten en enige andere wetten (Belastingplan 2026) | |
| Nr. 59 | AMENDEMENT VAN de leden stultiens en van oosterhout | |
| Ontvangen 25 november 2025 | ||
| De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor: | ||
In artikel XIX worden na onderdeel B twee onderdelen ingevoegd, luidende:
Ba
Artikel 64 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het vierde lid komt te luiden:
4. Vrijstelling van belasting wordt verleend ter zake van de levering of het verbruik van elektriciteit voor de productie van waterstof, waaronder wordt verstaan de demineralisatie of elektrolyse van water alsmede de purificatie en compressie van de uit dit water ontstane waterstof.
2. Het vijfde lid vervalt, onder vernummering van het zesde tot en met achtste lid tot vijfde tot en met zevende lid.
3. In het zesde lid (nieuw) wordt âhet eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde lidâ vervangen door âhet eerste, tweede, vierde en vijfde lidâ.
Bb
Artikel 70 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het tweede lid vervalt âeerste volzin, eerste aandachtsstreepje,â.
2. In het derde lid wordt âvierde lid, eerste volzin, tweede aandachtsstreepje, vijfde en zesde lidâ vervangen door âvierde en vijfde lidâ.
Toelichting
Algemeen
Dit amendement schaft per 1 januari 2026 de vrijstellingen af in de energiebelasting voor (a) metallurgische procedĂ©s, (b) mineralogische procedĂ©s, (c) chemische reductie en (d) elektrolytische procedĂ©s anders dan voor de productie van waterstof. De genoemde vrijstellingen zijn zogenaamde âfossiele subsidiesâ. Fossiele subsidies zijn vrijstellingen, belastingteruggaven en lagere tarieven waarmee het gebruik van fossiele brandstoffen wordt gestimuleerd. De fossiele industrie heeft hierdoor een concurrentievoordeel ten opzichte van duurzamere bedrijven. Dat is ongewenst, met name in sectoren waarvan de overheid verlangt dat zij op korte termijn gaan verduurzamen.
Veel fossiele subsidies kunnen alleen in internationale context worden afgeschaft. Het is dan ook van belang dat het kabinet zich hier zo snel mogelijk internationaal voor gaat inzetten.
Dit amendement is specifiek gericht op vrijstellingen die wél op korte termijn kunnen worden afgeschaft. Daartoe heeft de regering eerder zelf een voorstel gestaan met het Belastingplan 2024 (in het wetsvoorstel Wet fiscale klimaatmaatregelen industrie en elektriciteit).
De indieners zijn van mening dat de genoemde fossiele subsidies dienen te verdwijnen en stellen daarom voor deze per 1 januari 2026 af te schaffen.
Budgettaire gevolgen
De budgettaire gevolgen zijn opgenomen in tabel 1.
Tabel 1: Budgettaire opbrengst afschaffen vrijstellingen voor (a) metallurgische procedĂ©s, (b) mineralogische procedĂ©s, (c) chemische reductie en (d) elektrolytische procedĂ©s anders dan voor de productie van waterstof in mln. âŹ
| 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | 2031 (=stuc) | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Budgettaire opbrengst | 156 | 152 | 149 | 149 | 148 | 151 |
Toelichting â technisch
Artikel 64, vierde en vijfde lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm) bevat de mineralogische en metallurgische vrijstellingen alsmede de vrijstellingen voor chemische reductie en elektrolytische procedés. Dit amendement schaft de vrijstellingen af voor (a) metallurgische procedés, (b) mineralogische procedés, (c) chemische reductie en (d) elektrolytische procedés anders dan voor de productie van waterstof (zie artikel XIX, onderdeel Ba).
De vrijstelling blijft behouden voor de levering of het verbruik van elektriciteit voor de productie van waterstof, waaronder wordt verstaan de demineralisatie of elektrolyse van water alsmede de purificatie en compressie van de uit dit water ontstane waterstof, in artikel 64, vierde lid, Wbm zoals dat zou komen te luiden na inwerkingtreding van artikel XXXI, onderdeel G, van het Belastingplan 2025 (BP 2025) met ingang van 1 januari 2026. Dat betekent dat elektrolytische procedés voor de productie van materialen niet langer zijn vrijgesteld maar de productie van de energiedrager waterstof wel blijft vrijgesteld. Voorgesteld wordt de hiervoor genoemde wijziging uit het BP 2025 effectief geen doorgang te laten vinden omdat deze wordt geïncorporeerd in het voorgestelde artikel 64, vierde lid, Wbm. Technisch vindt dit plaats doordat de door het BP 2025 te wijzigen tekst van genoemd vierde lid per 1 januari 2026 integraal wordt vervangen ingevolge artikel XIX, onderdeel Ba.
In artikel XII van het wetsvoorstel Overige fiscale maatregelen 2026 is eveneens een wijziging van artikel 64, vierde lid, Wbm per 1 januari 2026 opgenomen. Zoals ook volgt uit het gegeven dat aan die wijziging terugwerkende kracht wordt verleend tot en met 6 september 2025 dient genoemd artikel XII toepassing te vinden voordat de wijzigingen van artikel 64, vierde lid, Wbm in artikel XIX, onderdeel Ba, worden toegepast.
In artikel 70, tweede en derde lid, Wbm zijn de corresponderende teruggaveregelingen opgenomen voor de vrijstellingen in artikel 64, vierde en vijfde lid, Wbm. Dit amendement regelt dat die teruggaveregelingen komen te vervallen per 1 januari 2026 met uitzondering van die voor de productie van waterstof (zie artikel XIX, onderdeel Bb).
Stultiens
Van Oosterhout