36860 Advies Afdeling advisering Raad van State inzake Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek en de Wet handhaving consumentenbescherming ter implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2673 tot wijziging van Richtlijn 2011/83/EU wat betreft op afstand gesloten overeenkomsten inzake financiële diensten, en tot intrekking van Richtlijn 2002/65/EG (Implementatiewet richtlijn op afstand gesloten overeenkomsten inzake financiële diensten)
Advies Afdeling advisering Raad van State
Nummer: 2025D48561, datum: 2025-11-24, bijgewerkt: 2025-11-26 17:46, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: Th.C. de Graaf, vicepresident van de Raad van State
Onderdeel van zaak 2025Z20629:
- Indiener: E. Heinen, minister van Financiën
- Medeindiener: A.C.L. Rutte, staatssecretaris van Justitie en Veiligheid
- Volgcommissie: vaste commissie voor Justitie en Veiligheid
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Financiën
- 2025-12-04 10:00: Procedurevergadering Financiën (Procedurevergadering), vaste commissie voor Financiën
Preview document (🔗 origineel)
| No. W06.25.00183/III | 's-Gravenhage, 24 september 2025 |
Bij Kabinetsmissive van 11 juli 2025, no.2025001598, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Financiën, mede namens de Staatsecretaris van Justitie en Veiligheid, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het voorstel van wet houdende wijziging van de Wet op het financieel toezicht, Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek en de Wet handhaving consumentenbescherming ter implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2673 tot wijziging van Richtlijn 2011/83/EU wat betreft op afstand gesloten overeenkomsten inzake financiële diensten, en tot intrekking van Richtlijn 2002/65/EG (Implementatiewet richtlijn op afstand gesloten overeenkomsten inzake financiële diensten), met memorie van toelichting.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen
bij het voorstel en adviseert het voorstel bij de Tweede Kamer der
Staten-Generaal in te dienen.
De vice-president van de Raad van State,