Begeleidende brief RvE Reactie op het GREVIO-rapport
Bijlage
Nummer: 2025D48905, datum: 2025-11-27, bijgewerkt: 2025-11-27 17:56, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Bijlage bij: Reacties op aanbevelingen GREVIO in het kader van implementatie Verdrag van Istanbul (2025D48901)
Preview document (🔗 origineel)
Geachte mevrouw Nelles,
Op 10 juli 2025 ontving de Nederlandse overheid het evaluatierapport over de implementatie van het Verdrag van Istanbul met het specifieke thema: Building trust by delivering support, protection and justice. Dit verdrag van de Raad van Europa richt zich op het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld. Het rapport is opgesteld door de Group of Experts on Action against Violence against Women and Domestic Violence (GREVIO), jullie comité van onafhankelijke experts dat namens de Raad van Europa toezicht houdt op de naleving van het verdrag.
Namens het Nederlandse kabinet spreek ik mijn waardering uit voor het grondige en inzichtelijke werk van GREVIO. De aanbevelingen uit het rapport bieden ons waardevolle aanknopingspunten om kritisch te reflecteren op de Nederlandse aanpak en om verdere verbeteringen te realiseren in de bescherming van vrouwen en andere slachtoffers van huiselijk geweld.
In deze brief informeer ik u, mede namens de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid en de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, over de wijze waarop Nederland opvolging geeft aan de aanbevelingen uit het evaluatierapport. In deze brief ga ik in op de door GREVIO aangemerkte prioritaire thema’s. In de bijlage treft u een uitgebreide beleidsreactie op alle aanbevelingen.
Algemeen
GREVIO signaleert positieve ontwikkelingen in de Nederlandse aanpak in de afgelopen vijf jaar. Dit gaat onder andere over de uitbreiding van het beleidskader van de aanpak van geweld tegen vrouwen. Hierin is meer focus zichtbaar op de ongelijke machtsverhoudingen tussen mannen en vrouwen (gendersensitief beleid) en op de diverse geweldsvormen waarvan vrouwen relatief vaker dan mannen slachtoffer zijn. Recente voorbeelden zijn het nationaal actieprogramma Aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld (2023) inclusief de benoeming van een Regeringscommissaris en het plan van aanpak Stop femicide! (2024). Een andere belangrijke ontwikkeling is de komst van de Wet seksuele misdrijven (2024), waarin verkrachting wordt gedefinieerd op basis van het ontbreken van toestemming en waarin (online) seksuele intimidatie strafbaar is gesteld.
Daarnaast waardeert GREVIO de Nederlandse inzet op preventie en bewustwording. In een groot aantal campagnes en initiatieven was de afgelopen jaren aandacht voor doelgroepen die slachtoffer kunnen worden van gendergerelateerd geweld. Ook meer kwetsbare doelgroepen zoals mensen met een beperking en mensen die zich identificeren als lhbtiq+ kwamen hierbij expliciet aan bod. De stem van vrouwelijke slachtoffers komt in campagnes en initiatieven bovendien vaak naar voren, wat bijdraagt aan herkenning, erkenning en bewustwording in de samenleving.
Waar GREVIO ook positief over is, is de multidisciplinaire samenwerking binnen het Centrum Seksueel Geweld (CSG). Hierin kunnen slachtoffers van seksueel geweld of seksueel grensoverschrijdend gedrag alle hulp krijgen die ze nodig hebben (forensische, medische en/of psychische hulp). Het CSG heeft inmiddels landelijke dekking vanuit 16 locaties. Multidisciplinaire samenwerking gebeurt ook op andere thema’s, zoals bij de deskundigheidsbevordering van professionals binnen de zorg- en veiligheidssector over gendergerelateerd geweld. En bij de herijking van instrumenten voor veiligheidsbeoordeling en risicotaxtatie. GREVIO onderstreept het belang van multidisciplinaire samenwerking voor een succesvolle aanpak.
Prioritaire thema’s
Naast positieve ontwikkelingen benoemt GREVIO (prioritaire) thema’s waarop de Nederlandse aanpak van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld verder kan worden versterkt.
Definitie huiselijk geweld
GREVIO onderstreept het belang van een genderspecifieke benadering in wet- en regelgeving op alle bestuursniveaus. Nederland past deze benadering in recente beleidsprogramma’s bewust toe, zoals GREVIO ook opmerkt1. Daarnaast bereidt het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een verruiming voor van de huidige wettelijke definitie van huiselijk geweld in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. Het voornemen is om deze uit te breiden met de begrippen ‘geweld tegen vrouwen’ en ‘economisch geweld’. Hiermee beoogt Nederland dat een meer gendersensitieve benadering bij de aanpak van geweld consequent wordt doorgevoerd op alle bestuurlijke niveaus. De wetswijziging is onderdeel van het implementatietraject van de Europese richtlijn ter bestrijding van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld (hierna: EU-richtijn), die medio 2027 in werking treedt2.
Coördinatie en financiering van beleid
Zoals eerder genoemd is GREVIO positief over de uitbreiding van het beleidskader met nieuwe beleidsprogramma’s. GREVIO benadrukt hierbij de noodzaak van coördinatie tussen deze programma’s om het risico op gefragmenteerd beleid te voorkomen. Nederland beaamt dit en heeft een onderzoek laten uitvoeren naar hoe de coördinatie op de brede aanpak van huiselijk geweld - binnen de Nederlandse context van een gedecentraliseerd stelsel - kan worden versterkt. Onderdeel van het onderzoek is de consultatie van 47 organisaties die actief zijn binnen de aanpak van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld. De resultaten van het onderzoek zijn dit najaar opgeleverd en worden meegenomen in het implementatietraject van de EU-richtlijn.
GREVIO benoemt ook het belang van voldoende duurzame financiering voor de aanpak van huiselijk geweld, zowel op landelijk als op lokaal niveau en voor NGO’s die zich inzetten voor vrouwenrechten. In Nederland wordt een groot deel van de aanpak uitgevoerd door gemeenten. Het Rijk verstrekt hiervoor structurele middelen aan gemeenten. Gemeenten hebben beleidsruimte bij het uitgeven van deze middelen, zodat zij op lokaal niveau een maatwerkaanpak kunnen ontwikkelen die aansluit bij de lokale opgave. De Nederlandse regering onderschrijft het belang van voldoende en duurzame financiering voor de aanpak van huiselijk geweld, kindermishandeling en geweld tegen vrouwen, gelet op de omvang van dit veiligheidsprobleem in het land.
Gegevensverzameling
GREVIO benoemt het belang van goede en gedetailleerde gegevensverzameling. Met verwijzing naar eerdere bevindingen beveelt GREVIO aan om de gegevensverzameling over huiselijk geweld uit te breiden met meer gegevens over daders en slachtoffers. Nederland erkent het belang van gegevensverzameling binnen de aanpak van geweld en heeft daarom in 2019 de Impactmonitor Huiselijk Geweld en Kindermishandeling ingericht. Deze monitor combineert data vanuit de politie, justitie, Veilig Thuis en het jeugddomein. Nederland onderzoekt hoe bestaande data op geaggregeerd niveau verder in de monitor kan worden geïntegreerd en weergegeven. Er wordt ook gekeken naar hoe het zorgdomein beter betrokken kan worden bij de gegevensverzameling, zonder dat dit extra regeldruk voor zorgprofessionals veroorzaakt.
Een belangrijke mijlpaal uit 2024 is het toevoegen van een wettelijke grondslag aan de Verzamelwet Gegevensverwerking VWS. Hierdoor ontstaat voor het Centraal Bureau voor de Statistiek de mogelijkheid om data van Veilig Thuis met behulp van het burgerservicenummer (bsn) op een veilige, niet tot personen herleidbare wijze te koppelen aan andere CBS-databestanden. Het CBS is hierdoor in staat om data van Veilig Thuis te verrijken. Zo kan het CBS meer inzicht krijgen in de achtergronden van slachtoffers en plegers van huiselijk geweld en kindermishandeling en de geleverde hulp, zorg en eventuele justitiële interventies. Dit is nodig om het beleid en de aanpak op de langere termijn te verbeteren. De implementatie van deze wetswijziging vindt momenteel plaats, conform de wettelijke eisen en Europese standaarden voor privacy en gegevensbescherming.
Onderwijs
GREVIO beveelt Nederland aan om in het onderwijscurriculum meer aandacht te hebben voor gelijkwaardigheid en andere elementen uit het Verdrag van Istanbul. De kerndoelen en examenprogramma’s voor het primair en voortgezet onderwijs worden momenteel geactualiseerd. In de nieuwe leergebieden is expliciet aandacht voor thema’s zoals respectvolle omgang (in relatie tot geslacht), stereotype rolpatronen, vrijwillige toestemming in seksuele relaties (consent) en online weerbaarheid. Scholen zijn wettelijk verplicht om de kerndoelen na te leven en hebben hierbij de ruimte om zelf te bepalen hoe zij dit doen en welk lesmateriaal zij gebruiken. Om de kwaliteit van leermiddelen te verbeteren, wordt gewerkt aan een landelijke kwaliteitsalliantie en een kwaliteitskader op basis van wetenschappelijke inzichten. Ook investeert het ministerie van OCW in de deskundigheidsbevordering van onderwijsprofessionals, onder meer in de toepassing van de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling en in de samenwerking met Veilig Thuis.
Deskundigheidsbevordering
GREVIO dringt er bij Nederland op aan om de deskundigheid te versterken van professionals uit verschillende domeinen die met slachtoffers van geweld tegen vrouwen werken. Nederland streeft ernaar dat alle professionals die werken met slachtoffers van geweld in afhankelijkheidsrelaties beschikken over de juiste kennis en vaardigheden om signalen van gendergerelateerd geweld tijdig te herkennen, daarop adequaat te handelen en passende hulp te bieden aan slachtoffers. Individuele organisaties doen al veel aan deskundigheidsbevordering. Recente voorbeelden zijn o.a. de deskundigheidsbevordering over psychisch geweld en dossiervorming (mede in voorbereiding op het wetsvoorstel voor een strafbaarstelling van dwingende controle); de ontwikkeling van het nieuwe kader voor intieme terreur en scholing hierin binnen Veilig Thuis; de uitbreiding van training binnen de politie-basisteams over huiselijk geweld, stalking en dwingende controle; de ontwikkeling van kennisproducten over huiselijk geweld voor de medische sector en huisartsen door Pharos; de scholing van docenten in de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling; en het aanstellen van een coördinerend Officier van Justitie voor huiselijk geweld en kindermishandeling bij ieder parket.
Hiernaast wordt momenteel samen met partijen uit de zorg- en veiligheidssector gewerkt aan een strategie om deskundigheid op het gebied van gendergerelateerd geweld in de gehele keten structureel te versterken. De ontwikkeling van deze strategie is onderdeel van het plan van aanpak Stop femicide! (2024) en deze moet in 2026 gereed zijn. De ministeries voeren daarnaast het gesprek met de gezondheidssector om structurele aandacht voor huiselijk geweld en geweld tegen vrouwen te stimuleren. Daarnaast ontwikkelen expertise- en kenniscentra handreikingen, kennisproducten, voorlichtingsmateriaal en trainingen. Met de implementatie van EU-richtlijn wil Nederland de deskundigheidsbevordering van professionals verder stimuleren.
Ondersteuning aan slachtoffers
GREVIO signaleert een verbetering van de ondersteuning aan slachtoffers van (seksueel) geweld en spoort Nederland aan om hiermee door te gaan. Nederland erkent het belang van goede ondersteuning voor het herstel van slachtoffers. Gemeenten en andere meer gespecialiseerde organisaties kunnen slachtoffers ondersteuning bieden op alle leefgebieden, waaronder financieel, dagbesteding en betaalbare huisvesting. Het ministerie van VWS voert momenteel gesprekken met gemeenten, de vrouwenopvang (Valente) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) over het vergroten van de opvangcapaciteit voor vrouwelijke slachtoffers. De Wet versterking regie volkshuisvesting verplicht gemeenten vanaf 2026 om urgentie te verlenen aan vrouwen die uitstromen uit de vrouwenopvang en een nieuwe woonruimte zoeken.
Professionals binnen de gezondheidszorg, het onderwijs, kinderopvang, maatschappelijke ondersteuning, jeugdhulp en justitie zijn verplicht te werken met de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Vermoedens of signalen van geweld kunnen door iedereen worden gemeld bij Veilig Thuis. Voor slachtoffers en plegers van huiselijk geweld en kindermishandeling (waaronder ook seksueel geweld) werkt o.a. Veilig Thuis, politie en de justitieorganisaties met de methodiek die gebaseerd is op de visie Gefaseerd samenwerken aan veiligheid, waarin expliciet aandacht is voor gendersensitieve factoren. Specifiek binnen de gezondheidszorg kunnen signalen worden besproken met het Landelijk Expertisecentrum Kindermishandeling (LECK, met gecombineerde medische en forensisch-medische expertise) of met een regionaal forensisch arts en kinderarts of andere medische specialist. Vanuit de werkagenda van het VN-verdrag handicap en beleidsvisie Intimiteit en seksualiteit voor mensen met een beperking (2023) is extra aandacht voor slachtoffers met een beperking, bijvoorbeeld op het vlak van zelfbeschikking en toegankelijke informatievoorziening.
Het CSG biedt daarnaast laagdrempelige en multidisciplinaire zorg en ondersteuning vanuit een inmiddels landelijk dekkend netwerk. Er is onder meer medische, forensische en psychosociale hulp beschikbaar, met aanvullende specifieke expertise voor diverse doelgroepen. Ook wordt vanuit campagnes en andere communicatie actief ingezet op het wegnemen van psychologische drempels van slachtoffers die het zoeken van hulp in de weg staan. En daarnaast op het vergroten van de bekendheid van de beschikbare hulpvoorzieningen en het verbeteren van de fysieke en digitale toegankelijkheid.
Voogdij
GREVIO roept op om maatregelen te nemen op het vlak van voogdij- en omgangsrecht, gericht op het verder waarborgen van om de veiligheid van slachtoffers en hun kinderen. Naar aanleiding van het rapport Waar geweld uit beeld raakt (2024) is inmiddels een verbetertraject gestart om de aandacht voor huiselijk geweld binnen familierechtzaken te versterken. Eén van de aanbevolen maatregelen is de ontwikkeling van een toetsingskader voor screening en risicotaxatie aan het begin van de procedure. De aanbevelingen van GREVIO worden meegenomen in dit traject, dat in samenwerking met onder andere de rechtspraak, de Raad voor de Kinderbescherming en Slachtofferhulp Nederland wordt vormgegeven.
Veiligheidsbeoordeling en risicotaxatie
Instrumenten voor veiligheidsbeoordeling en risicotaxatie spelen een essentiële rol in het voorkomen van gendergerelateerd geweld. Professionals in de zorg- en strafrechtketen gebruiken deze instrumenten om acute dreiging en toekomstige risico’s in kaart te brengen. GREVIO vindt het van belang dat deze instrumenten systematisch en uniform worden gebruik. In samenwerking met betrokken partijen (waaronder Veilig Thuis, politie, vrouwenopvang, reclassering, Raad voor de Kinderbescherming en forensische ggz) voert Nederland daarom een beoordeling uit van of deze instrumenten nog voldoen aan de laatste wetenschappelijke inzichten. Hierbij wordt ook gekeken of de instrumenten op het juiste moment en op de juiste manier worden ingezet door de betrokken partijen.
Daarnaast werkt Nederland aan een verkenning voor een standaardaanpak voor de analyse van fatale geweldszaken binnen de huiselijke kring (HG-reviews), inclusief zelfdoding en kinderdoding. Ook wordt vanaf 2025 de Nederlandse Femicide Monitor opgezet, die inzicht geeft in aard, omvang en kenmerken van vrouwenmoord in Nederland. De monitor helpt om structurele tekortkomingen in de bescherming van slachtoffers te identificeren en draagt zo bij aan verdere verbetering van risicotaxatie, preventie en samenwerking.
Huisverboden, contactverboden en beschermingsbevelen
GREVIO roept Nederland op om zorg te dragen voor aaneensluitende beschermingsmaatregelen bij huiselijk geweld, kindermishandeling en geweld tegen vrouwen, zodat de bescherming niet wegvalt wanneer een huis- of contactverbod afloopt. Kinderen moeten worden betrokken in dezelfde beschermingsmaatregelen als hun moeder (of vader) als zij slachtoffer zijn of geweld hebben meegemaakt. Ook moet het gebruik van contactverboden worden gestimuleerd en beter worden gehandhaafd.
Nederland werkt momenteel samen met gemeenten en andere betrokken partners aan verbetering van de inzet van het tijdelijk huisverbod. Begin 2026 starten pilots in vermoedelijk vier regio’s met als doel om de inzet en handhaving hiervan te verbeteren. Daarbij wordt ook gekeken of het wenselijk is of naast de politie ook andere partijen een huisverbod kunnen adviseren ter oplegging door de burgemeester. Ook wordt een handreiking voor professionals ontwikkeld over de toepassing van het huisverbod in de praktijk. Ook wordt onderzocht hoe burgemeesters bestaande bestuursrechtelijke beschermingsmaatregelen beter kunnen inzetten voor de aanpak van huiselijk geweld, kindermishandeling en geweld tegen vrouwen en of zij extra bestuursrechtelijke bevoegdheden nodig hebben om slachtoffers beter te kunnen beschermen.
Beschermingsmaatregelen
GREVIO spoort Nederland aan om de belemmeringen te identificeren en aan te pakken die bestaan bij de praktische uitvoering van alle beschermingsmaatregelen en signaleert hierbij een aantal tekortkomingen.
Nederland herkent deze tekortkomingen in de praktische uitvoering van slachtofferrechten. Met de nieuwe Meerjarenagenda Slachtofferbeleid 2025–2028 zijn betere bescherming, voorspelbaarheid en keuzevrijheid voor slachtoffers opnieuw prioriteit. Onderzoek naar de belemmeringen in de uitvoering en de doeltreffendheid van maatregelen is gestart via een meerjarig programma van het WODC en aanvullende deelonderzoeken. Daarnaast wordt gewerkt aan een gezamenlijke aanpak met CSG, Veilig Thuis, Slachtofferhulp Nederland, Perspectief Herstelbemiddeling, OM en politie. In deze aanpak staan de behoeften van slachtoffers en hun omgeving centraal, met pilots in 2025 in Den Haag en Oost-Brabant en mogelijke landelijke uitrol in 2026. Ten aanzien van de bescherming van persoonsgegevens trad op 1 juli 2025 nieuwe wetgeving in werking, die de privacy van slachtoffers versterkt door het beperken van persoonsgegevens in strafdossiers en automatische toezending van vonnissen aan benadeelde partijen.
Tot slot
De afgelopen jaren heeft Nederland, zoals GREVIO ook opmerkt, veel gedaan om de aanpak van gendergerelateerd geweld te versterken. Samen met gemeenten, NGO’s, uitvoeringsorganisaties, ervaringsdeskundigen, nabestaanden en de betrokken ministeries is intensief gewerkt aan structurele verbeteringen. Deze gezamenlijke inzet blijft nodig, want hoewel Nederland goede stappen heeft gezet blijft, zijn we er nog niet.
Het Verdrag van Istanbul blijft voor Nederland een leidend kader voor de aanpak van gendergerelateerd geweld. De implementatie van de EU-richtlijn ter bestrijding van geweld tegen vrouwen en huiselijk geeft hieraan een extra impuls. De komende tijd werken de Staatssecretaris van Rechtsbescherming, de Staatssecretaris van Funderend Onderwijs en ik gezamenlijk verder aan de (prioritaire) aanbevelingen van GREVIO.
Hoogachtend,
De staatssecretaris Langdurige en Maatschappelijke Zorg,
Nicki J.F. Pouw-Verweij
Voorbeelden van beleidsprogramma’s die GREVIO noemt zijn: Geweld hoort nergens thuis (2017), Actieagenda schadelijke praktijken (2020), Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming (2021), Nationaal Actieprogramma Aanpak seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld (2023) en Stop Femicide! (2024).↩︎
Verwijzing naar EU-richtlijn↩︎