Conceptverslag Actuele ontwikkelingen in Venezuela en de veiligheid van het Caribisch deel van het Koninkrijk
Verslag van een commissiedebat
Nummer: 2026D00443, datum: 2026-01-08, bijgewerkt: 2026-01-09 11:02, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Onderdeel van activiteiten:- 2026-01-08 17:00: Actuele ontwikkelingen in Venezuela en de veiligheid van het Caribisch deel van het Koninkrijk (Commissiedebat), vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
Preview document (š origineel)
Tweede Kamer, Actuele ontwikkelingen in Venezuela en de veiligheid van het Caribische deel van het Koninkrijk
VERSLAG VAN EEN COMMISSIEDEBAT
Concept
De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, de vaste commissie voor Defensie en de vaste commissie voor Koninkrijksrelaties hebben op 8 januari 2026 overleg gevoerd met de heer Van Weel, minister van Buitenlandse Zaken, over:
de brief van de minister van Buitenlandse Zaken d.d. 6 januari 2026 inzake actuele ontwikkelingen Venezuela (29653, nr. 81).
Van dit overleg brengen de commissies bijgaand geredigeerd woordelijk verslag uit.
De fungerend voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse
Zaken,
Klaver
De fungerend voorzitter van de vaste commissie voor Defensie,
Paternotte
De fungerend voorzitter van de vaste commissie voor
Koninkrijksrelaties,
Mutluer
De griffier van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken,
Westerhoff
Voorzitter: Klaver
Griffier: Westerhoff
Aanwezig zijn zestien leden der Kamer, te weten: Van Baarle, Beckerman, Boswijk, Van der Burg, Ceder, Dassen, Dekker, Diederik van Dijk, Hoogeveen, Klaver, Van der Lee, De Roon, Struijs, Teunissen, Vermeer en Van der Werf,
en de heer Van Weel, minister van Buitenlandse Zaken.
Aanvang 17.04 uur.
De voorzitter:
Goedenavond. Ik open de vergadering van de vaste commissie voor
Buitenlandse Zaken voor het commissiedebat over de ontwikkelingen in
Venezuela en de veiligheid van het Caribische deel van het Koninkrijk.
Hartelijk welkom aan de Kamerleden. Ook hartelijk welkom aan de
minister. De allerbeste wensen, allemaal. Dit is het eerste debat van
het nieuwe jaar hier in de Kamer.
Er is grote belangstelling voor dit onderwerp. Daarom hadden we net heel
even overleg met de Kamerleden. Er staat drie uur gepland voor dit
overleg. Met zo veel Kamerleden wordt het onmogelijk om dat voor elkaar
te krijgen. We gaan het als volgt doen. Er zullen in de eerste termijn
van de Kamer geen interrupties op elkaar zijn, zodat er ruimte
overblijft om de minister een enkele vraag te stellen. Ik hoor dat de
minister daar iets van vindt; ik dacht wel dat dat zo zou zijn. We gaan
het zo doen om te proberen er zo veel mogelijk tempo in te houden. Ook
de minister vraag ik om echt kort en bondig te antwoorden, zodat er
ruimte is voor het debat met de Kamer. We gaan kijken hoever we komen
met dit debat.
Voordat ik Don Ceder als eerste aan de kant van de Kamer het woord ga
geven, wil ik de griffier nog feliciteren. Hij is vandaag jarig. Kijk
eens: de opkomst is enorm! Bedankt dat je hier op je verjaardag
zit.
(Applaus)
De voorzitter:
Ik vind het veel gedoe voor een verjaardagsfeestje, maar we doen het
graag voor je.
Meneer Ceder, het woord is aan u.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Dank u wel, voorzitter. De directe aanleiding voor het aanvragen van dit
debat is de inval in Venezuela en de arrestatie van Maduro door de
Verenigde Staten. In de dagen erna sprak president Trump echter ook over
ingrijpen in Colombia en Mexico. Het Witte Huis sluit militair ingrijpen
in Groenland inmiddels niet meer uit. De inval in Venezuela maakt ook
duidelijk: we moeten Trumps woorden serieus nemen. Het is dan ook goed
dat we dit debat met elkaar voeren. Laat helder zijn: de ChristenUnie is
niet rouwig om het vertrek van Maduro, die ook door Nederland niet
erkend werd als legitieme machthebber. Jarenlang stortte hij de
bevolking van Venezuela in het verderf. Er is echter internationale
kritiek over de legaliteit van de aanval, en terecht. Daar kom ik zo op
terug.
Er is echter ook veel vreugde onder Venezolanen wereldwijd, wat laat
zien dat de abstracte legaliteit van de internationale rechtsorde niet
los gezien kan worden van het werkelijke leed waar volkeren als gevolg
van repressieve regimes vaak onder lijden. Ik hoop dat Venezuela en de
regio zullen opbloeien als gevolg van het vertrek van Maduro en dat er
een geloofwaardig pad richting een stabiele democratie komt. Op welke
wijze draagt Nederland bij aan de overgang naar een democratisch
Venezuela? Volgens de minister staan er namelijk verschillende
instrumenten ter beschikking. Aangezien wij ook de afgelopen jaren een
belangrijke rol gehad hebben, hoor ik graag welke rol de minister
hierbij wil spelen.
Voorzitter. Ten aanzien van de militaire operatie van de VS wil ik het
volgende weten. Wanneer hoorde het kabinet van de operatie? Is er van
tevoren contact geweest of heeft het kabinet dit via het nieuws moeten
vernemen? Hoe beoordeelt de minister dit? Ik hoor ook graag wat hij aan
de Amerikanen heeft laten weten over onze beoordeling van de actie,
zeker ook omdat dit ons Koninkrijk raakt.
Voorzitter. De minister stelt dat de operatie terechte vragen oproept
over hoe die te verenigen is met het internationaal recht, maar mij
lijkt deze operatie gewoon in strijd met onder andere artikel 2 van het
VN-Handvest. Het lijkt me heel verstandig als de minister dat gewoon
erkent en uitspreekt. Als we onze bondgenoten namelijk niet meer kunnen
aanspreken, wie dan wel?
Voorzitter. Dit punt is belangrijk voor de ChristenUnie omdat de VS een
wereld voor zich lijkt te zien waarin de internationale rechtsorde opzij
wordt geschoven om belangen veilig te stellen, ook wanneer dat
bondgenoten raakt. Het westelijk halfrond, en daarmee ook het Caribisch
deel van het Koninkrijk der Nederlanden, zou onder de invloedssfeer van
de Verenigde Staten vallen. Om die reden is ook Groenland een legitiem
doelwit geworden in de ogen van de VS. Dat is geen wereld die Nederland
zich zou moeten wensen.
Voorzitter. Europa moet wat betreft Groenland dan ook sterk staan. We
moeten niet alleen praten, maar ook doen. We moeten strategische
afhankelijkheden afbouwen en bijvoorbeeld Canada, Australiƫ en het
Verenigd Koninkrijk veel dichter bij ons houden. Ik besef: de
Amerikaanse president houdt niet van kritiek en vergeet niet snel. Het
is schipperen, ook gezien het vredesproces wat betreft OekraĆÆne. Als we
nu echter geen duidelijkheid bieden over onze positie, geven we ook
andere landen, andere grootmachten, een vrijbrief.
Voorzitter. Ten aanzien van de uitspraken over Groenland heb ik de
volgende vragen. Is de minister bereid vandaag aan te geven dat
Nederland klaarstaat om aan elke hulpvraag van Denemarken te voldoen?
Wat betekent het voor de NAVO, nu een van de architecten ervan zich zo
openlijk niets aantrekt van de afspraken en het recht, dat ook voor
Denemarken geldt? Voor de NAVO geldt: ze staat in het teken van
solidariteit of ze bestaat niet meer. Hoe worden in dat kader de
relaties met Australiƫ, Canada en het Verenigd Koninkrijk versterkt? Kan
ik hier klip-en-klaar een toezegging krijgen dat de minister bereid is
om, indien noodzakelijk, onze positie, ook ten aanzien van materieel en
personen, in het Arctisch gebied in het kader van het NAVO-verband te
versterken?
Voorzitter, tot slot. In het Caribisch deel van het Koninkrijk leven er
zorgen over de veiligheid en de stabiliteit. Ik dank de minister voor de
Kamerbrief waarin heel veel vragen beantwoord zijn. Toch wil ik
specifiek weten of alle scenario's klaarliggen voor als de onrust
toeneemt. Denk niet alleen aan defensie, maar ook aan voedselzekerheid,
opvang van vluchtelingen en voldoende medische zorg.
De voorzitter:
Dank u wel.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Eerder diende ik een motie in om te verkennen hoe vertrouwelijke
informatie gedeeld kan worden met andere parlementariƫrs.
De voorzitter:
Dank u wel. U bent door uw tijd heen.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Mijn vraag is of u dat ook nog kunt benoemen.
De voorzitter:
Dank u wel. De heer Boswijk.
De heer Boswijk (CDA):
Dank u wel, voorzitter. Dit is geen zwart-wit verhaal. Ja, Maduro is een
misdadige leider. Maar nee, dat rechtvaardigt geen unilaterale
arrestatie door een andere staat zonder een internationaal mandaat,
zonder rechtsgrond. Wie internationaal recht reduceert tot iets wat
alleen geldt voor onze vijanden, maakt het recht tot een instrument van
de macht en precies dat is wat Rusland en China willen.
Nederland en Europa delen met de Verenigde Staten een diepe historische
band, een band gebouwd op gedeelde offers en op het geloof in vrijheid,
democratie en mensenrechten. Ook persoonlijk voel ik die verbondenheid.
Het Amerikaanse volk is altijd onze bondgenoot geweest en juist daarom
raakt wat er de afgelopen dagen en de afgelopen tijd is gebeurd iets
fundamenteels. Want terechte afkeer van een dictator mag ons niet blind
maken voor de manier waarop wordt gehandeld. De vraag vandaag is dus
niet: is Maduro een misdadiger? De vraag vandaag is: welk precedent
zetten we hier?
Voorzitter. Internationaal recht is geen luxe voor rustige tijden. Het
is juist bedoeld om macht te begrenzen, ook de macht van bondgenoten, en
juist daarom is het ongemakkelijk. Elk precedent dat we vandaag normaal
vinden, wordt morgen gebruikt door anderen die zich minder gelegen laten
liggen aan mensenrechten en democratie. De Amerikaanse denker Reinhold
Niebuhr zei ooit: de geschiedenis speelt zich nooit zwart-wit af, maar
in grijstinten. Dat is precies het spanningsveld waar we ons vandaag de
dag in bevinden, want we moeten ook realistisch zijn. Europa is in hoge
mate afhankelijk van de Verenigde Staten: militair, digitaal, voor
energie en zeker als het gaat om de steun aan OekraĆÆne. Dat is een
gegeven waar niemand hier vandaag omheen kan gaan. Dat spanningsveld
vraagt om volwassen politiek. Niet om morele verhevenheid, maar ook niet
om stilzwijgen. Want morele zuiverheid zonder macht is naĆÆef, maar macht
zonder een norm is gevaarlijk. Die twee zinnen vatten het dilemma samen
waar we vandaag de dag middenin zitten en om hieruit te komen, moeten er
wat ons betreft drie dingen gebeuren.
Ten eerste: blijf helder staan voor het internationaal recht, ook
wanneer dat richting bondgenoten ongemakkelijk is. Niet uit
vijandigheid, maar uit verantwoordelijkheid. Dat geldt ook voor de
recente uitspraken over Groenland. Uitspraken over het territorium van
NAVO-bondgenoten zijn onacceptabel. Groenland is geen ruilmiddel of een
invloedssfeer, maar onderdeel van het koninkrijk Denemarken. Nederland
moet Denemarken daarin publiekelijk en binnen EU- en NAVO-verband
steunen. Ik sluit me ook aan bij de opmerkingen en vragen van de heer
Ceder daarover.
Ten tweede: investeer actief in een dialoog met de Verenigde Staten,
vanuit de lange trans-Atlantische traditie die ons verbindt. Maak
duidelijk dat Europa niet alleen de VS nodig heeft, maar dat de VS ons
net zo goed nodig hebben. Ik heb hier al eerder gepleit voor een
expliciete Amerikastrategie. Hoe staat het daarmee? Deze motie is vorig
jaar april al aangenomen. Wat mij betreft hebben we geen tijd te
verliezen om duidelijk in kaart te brengen wat de afhankelijkheden van
de VS zijn en wat er nodig is om die beter in balans te brengen, maar
ook wat de VS van ons nodig hebben.
Ten derde: onze krampachtigheid komt voort uit onze afhankelijkheid.
Versnel daarom het verminderen van de ongezonde afhankelijkheden die er
zijn, van China en van Rusland, maar ook van de Verenigde Staten. Dat
gaat over de maakindustrie, over energie, lng, en over onze veiligheid.
Doe dat Europees waar mogelijk, maar wacht niet op de hekkensluiters of
dissidenten als Hongarije en betrek bondgenoten als Canada, Australiƫ,
het VK en Noorwegen.
Voorzitter. Mag ik ervan uitgaan nu de Verenigde Staten lijken te
bewegen richting de erkenning van de vicepresident als legitieme
vertegenwoordiger van Venezuela dat Nederland blijft vasthouden aan de
erkenning van de legitimiteit van de gekozen oppositieleider? Ik zie
inderdaad ook blije Venezolanen zowel in Nederland als over de hele
wereld. Tegelijkertijd ben ik nog niet gerust, omdat het erop lijkt dat
het regime gewoon blijft zitten. Kan de minister daar iets meer over
delen met ons?
Tot slot, welke concrete gevolgen van de ontwikkelingen in Venezuela
ziet het kabinet voor de veiligheid van Caribisch Nederland, met name op
het gebied van migratiestromen, veiligheid en voedselzekerheid en hoe
worden Aruba, CuraƧao en Bonaire daarin betrokken?
Voorzitter. Onze relatie met de VS is te waardevol voor stilzwijgen en
het internationaal recht is te kostbaar om selectief toe te
passen.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Mevrouw Van der Werf.
Mevrouw Van der Werf (D66):
Voorzitter. Voor veel Venezolanen was er zaterdagochtend even iets te
vieren: Maduro is weg. De man die zijn land in een jarenlange politieke,
economische en humanitaire crisis stortte, was eindelijk gevallen. Na
jaren van angst, corruptie en gestolen verkiezingen, was er hoop voor
Venezuela. Miljoenen vluchtelingen durfden misschien aan terugkeer te
denken en honderden politieke gevangen aan vrijheid. Maar hoop moet al
snel hebben plaatsgemaakt voor desillusie, want na deze inval blijft de
rest van Maduro's regime gewoon zitten. Wie durfde te hopen op
democratie, ziet dat andere belangen voorgaan. Dit is America first:
machtspolitiek, ogenschijnlijk zonder plan. De gewone Venezolaan moet
maar zien waar dit eindigt.
Onze regering draagt de democratische krachten in Venezuela een warm
hart toe. Hoe verhoudt die inzet zich tot Trumps keuze om een
vicepresident uit het Maduroregime te accepteren als nieuwe leider? Wie
bepaalt volgens de minister eigenlijk de toekomst van Venezuela? Is het
kabinet bereid om, net als Frankrijk, expliciet op te roepen tot de
installatie van GonzƔlez als de legitieme president?
We beginnen 2026 in een wereld waarin de Verenigde Staten zich schaart
bij grootmachten die ongegeneerd militair ingrijpen in kleinere landen
binnen hun zelfverklaarde invloedssfeer. We moeten deze aanval noemen
wat die is: een schending van het internationaal recht. Het is niet
alleen een bevestiging van de nieuwe Amerikaanse veiligheidsstrategie,
en daarmee ook een dreigement aan Groenland, maar ook een legitimatie
van het recht van de sterksten. Dat schept gevaarlijke precedenten,
bijvoorbeeld voor de toekomst van de Baltische staten of Taiwan. Wanneer
het recht wijkt voor macht, is er namelijk geen grens en geen mens meer
veilig. Dat moet stevig benoemd worden. Dat onze regering en andere
Europese leiders dit niet onomwonden wilden zeggen, laat zien hoe
verstikkend onze afhankelijkheid van de VS is geworden. Daarom vraag ik
de minister: is hier sprake geweest van een schending van het
internationaal recht? Is hij het met ons eens dat dit een gevaarlijk
precedent schept?
Voorzitter. Laat dit onze laatste wake-upcall zijn. Wie het
internationaal recht wil verdedigen, moet er ook voor kunnen staan.
Alleen een Europa dat zichzelf serieus neemt, kan Washington
geloofwaardig aanspreken en zijn soevereiniteit beschermen. Laten we er
in hemelsnaam voor zorgen dat we zelf iets te zeggen hebben tegen
Rusland en de Verenigde Staten, zonder hulp van een generaal van een
ander continent. Dat kan door te investeren in onze economie en
gezamenlijke defensie en door intensief en structureler samen te werken.
Waarden zonder macht zijn kwetsbaar. Als we ons willen verhouden tot
grootmachten, zullen we er zelf een moeten worden. In de toekomst ligt
een Europa waarin we weer zeggen wat we vinden en beschermen wat ons
dierbaar is, maar dan moeten we wel de schouders eronder zetten ā
vandaag nog.
Voorzitter, tot slot. De aanval op Venezuela en de dreiging van verdere
instabiliteit brengen ook het Caribisch deel van ons Koninkrijk in
onzekerheid. Zo bestaan er zorgen over de aanhoudende aanwezigheid van
Amerikaanse strijdkrachten in het Caribisch gebied. Die roept vragen op
over de veiligheid in het maritieme domein en het luchtdomein rond de
eilanden, waarin al eerder incidenten hebben plaatsgevonden. Welke
scenario's zijn uitgewerkt voor mogelijke sluitingen van het luchtruim
en de economische gevolgen daarvan? Hoe onderhoudt het kabinet
structureel contact met onze lokale besturen, om tijdig te kunnen
anticiperen? Het is de dure plicht het Caribisch deel van Nederland vast
te houden nu alles om hen heen in beweging is.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Meneer Dassen.
De heer Dassen (Volt):
Dank, voorzitter. De illegale ontvoering van Maduro door de Verenigde
Staten is een schending van het internationale recht. Het komt
rechtstreeks uit de Amerikaanse nationale veiligheidsstrategie. Daarin
zijn ze klip-en-klaar over de bedoelingen: dominantie over het westelijk
halfrond, het afbreken van multilaterale instanties ā zie ook de
boodschap die ze vandaag weer gaven, en de terugtrekking die daaruit
volgde ā en imperialistische machtspolitiek boven internationaal recht.
Dat is een boodschap die door Poetin en Xi goed verstaan wordt, en
waarmee Trump laat zien weg te stappen van oude bondgenoten. Niemand is
rouwig om de afschuwelijke dictator Maduro, maar wel om het torpederen
van het internationaal recht. Dat moet ook veroordeeld worden.
Niet het recht van de sterkste, maar het recht van ons allen moet
leidend zijn, in ons eigen belang. Ons Koninkrijk grenst aan Venezuela
via de Caribische eilanden. Als de territoriale integriteit van de
eilanden wordt geschonden, is Nederland verplicht om op te treden. Ik
vraag ook aan de minister of artikel 42.7 van de EU ook van kracht is op
het Caribisch gebied. Hoe gaat de minister er dan ook voor zorgen dat de
veiligheid en het opvangen van de economische schade die daaraan
gerelateerd is voor de Caribische eilanden gewaarborgd is? Hoe ziet de
minister nu een transitiepad in Venezuela zelf? Komt dat er, of heeft
Trump zijn zin gekregen met de olie en laat hij de Venezolanen verder
aan hun lot over?
Voorzitter. Frankrijk, Duitsland, Italiƫ, Polen, Spanje, het Verenigd
Koninkrijk en Denemarken spraken heldere taal ten aanzien van Groenland
in een gezamenlijk statement. De principes van het VN-Handvest, met name
de soevereiniteit, territoriale integriteit en de onschendbaarheid van
grenzen gelden universeel en moeten worden verdedigd. Terecht dat er
duidelijk een grens wordt gesteld. Maar hoe kun je opkomen voor Taiwan
of een land dat dichterbij is, zoals Groenland, als je niet consequent
bent als het gaat om Venezuela? Ik hoor dan ook graag daar een reactie
op van de minister. Waarom is er in dit rijtje geen eenduidige Europese
reactie? Want ik mis bijvoorbeeld de minister-president. Ik mis
Nederland. Waar zijn de andere landen? Deze interne verdeeldheid kunnen
we onszelf namelijk niet veroorloven als Europa. Het is pijnlijk omdat
het laat zien dat we nog steeds afhankelijk zijn van Trump. Deze
afhankelijkheidsangst verlamt Europese leiders om te doen wat nodig is:
opkomen voor het internationaal recht, opkomen voor Europese waarden,
opkomen voor onszelf. Kan de minister aangeven dat we Groenland en
Denemarken bijstaan in tijden van nood? Frankrijk zou werken aan een
plan voor het geval dat de VS overgaan tot annexaties. Hoe ziet de
minister dat momenteel voor zich? Wordt er bijvoorbeeld gewerkt aan een
sanctiepakket ter afschrikking?
Voorzitter. We moeten in Europa af van het idee dat we door de Verenigde
Staten overklast worden. De reden dat Trump ons uit elkaar wil spelen,
is omdat we een krachtige speler zijn en omdat we nog veel sterker
zouden kunnen zijn. Nee, Europa is geen utopia. Er zal veel verbeterd
moeten worden. Het is tijd voor Ʃchte Europese defensie. Eurocommissaris
Kubilius hintte deze week op de noodzaak van een Europees leger. Is dit
kabinet nog steeds van mening dat de VS een hoeksteen zijn voor onze
veiligheid? Of wordt het tijd om als een doldwaze te gaan investeren in
onze eigen Europese defensie? Alle taboes moeten overboord. We moeten
inzetten op eigen intelligence, eigen commandostructuren en gezamenlijke
inkoop.
Waarom accepteren we dat Europa nog steeds niet met ƩƩn mond spreekt op
het wereldtoneel? We staan namelijk op een historisch kruispunt. Blijft
de EU zwijgen als dat beter uitkomt of zijn we een waardenunie die het
internationaal recht volgt? Blijven we afhankelijk van anderen of nemen
we zelf de regie? Een verenigde staten van Europa is geen droom, maar
een noodzaak, voor onze veiligheid, voor onze welvaart en voor onze
toekomst. Die urgentie is er nu. Het is tijd voor een extra Europese top
waarin Europese leiders hiervoor de juiste stappen gaan nemen. Ik vraag
aan deze minister en aan dit kabinet of zij bereid zijn de president van
de Europese Raad, Costa, daartoe te bewegen.
Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel, meneer Dassen. Mevrouw Teunissen.
Mevrouw Teunissen (PvdD):
Dank u wel, voorzitter. De VS zijn onder leiding van Trump het grootste
gevaar voor onze veiligheid en de internationale rechtsorde. Als het
kabinet daar niet tegen opstaat en zich niet stevig uitspreekt, is
uiteindelijk ook Nederland in gevaar. Wat de Partij voor de Dieren
betreft moeten nu twee dingen gebeuren: een veel steviger optreden tegen
de VS om de internationale rechtsorde te beschermen en versneld
onafhankelijk worden van de VS, zowel qua grondstoffen als qua
veiligheid. Denk aan het grotere plaatje.
Het Amerikaanse imperialisme is geen nieuw fenomeen. Kijk naar de
invallen in Chili, Panama, Irak en Venezuela. Landen buiten de westerse
wereld hebben al decennia gevoeld dat de VS geen veiligheid brengen. Nu
ook westerse landen worden bedreigd, voelen Europanen het Amerikaanse
imperialisme ook. Trump probeert de illegale aanval niet eens goed te
praten met beloftes over democratie. Vooropstaat, Maduro is een wrede en
gewelddadige dictator die de Venezolaanse bevolking onderdrukt,
tegenstanders vermoordt en verkiezingen manipuleert, maar de oplossing
ligt bij de Venezolanen zelf, met de steun van de internationale
gemeenschap, via een vreedzaam en democratisch proces. Nederland moet nu
de schending van het internationaal recht door de VS scherp veroordelen
en sancties instellen tegen de VS vanwege deze inval. Dat zou de enige
juiste reactie zijn. Is het kabinet hier alsnog toe bereid?
Voorzitter. Verschillende experts, zoals Jan Pronk en Marieke de Hoon,
geven aan dat niet alleen het internationaal recht wordt geschonden,
maar dat ook handhavende instituties, zoals de rechtspraak en de VN,
actief worden ondermijnd door de VS. Dat de VS dit ongestraft kunnen
doen, brengt de veiligheid van landen, ook die van Nederland, regelrecht
in gevaar. Nederland en Europa moeten dus een grens trekken. Het zijn
dominostenen, die sneller omvallen als Europa geen grens trekt.
Daar waar vorige Amerikaanse leiders hun imperialistische motieven nog
verbloemden, heeft Trump openlijk toegegeven dat het hem om de olie
gaat. De olie-industrie is door haar rol als aanjager van de
klimaatcrisis een van de grootste bedreigingen voor onze veiligheid. Er
is geen veiligheid met een Trump, die bereid is om het laatste drupje
olie uit de grond te halen. De noodzaak om voor onze grondstoffen
onafhankelijk te worden van de VS is alleen nog maar groter geworden.
Nederland importeert nog steeds veel gas en olie uit de VS. Komt daar
nou eindelijk een afbouwplan voor, zo vraag ik de minister.
Met zijn onmenselijke deportatiebeleid heeft Trump al laten zien dat hij
lak heeft aan het rechtssysteem. Gisteren nog werd in Minneapolis Renee
Nicole Good in haar auto gedood door de paramilitaire brigade ICE, die
Trump in zijn eigen land heeft losgelaten. Eergisteren was het vijf jaar
geleden dat Trump met een staatsgreep aan de macht probeerde te blijven.
Donald Trump is een levensgevaarlijke autocraat. We kunnen niet meer
rekenen op de VS. We moeten afscheid nemen van de illusie dat de VS ons
gaan beschermen. Het imperialistische optreden van Trump, zoals het
bedreigen van de eigen NAVO-bondgenoot Denemarken, laat zien dat de NAVO
haar langste tijd heeft gehad. Een verkenning naar een alternatief
samenwerkingsverband voor de NAVO is dus op zijn plaats, op basis van
het internationaal recht, gelijkwaardigheid en solidariteit, gericht op
verdediging, vrede, veiligheid en wederzijdse ontwapening. Is de
minister bereid de mogelijkheden van een alternatief
samenwerkingsverband voor de NAVO te verkennen?
Door je niet ferm uit te spreken en niet te sanctioneren, prevaleert
niet het recht maar de macht. Uiteindelijk is ook Nederland voor de
eigen veiligheid afhankelijk van de internationale rechtsorde. Daarom
moet Nederland pal staan voor het internationaal recht.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. De heer Van Dijk.
De heer Diederik van Dijk (SGP):
Dank, voorzitter. De kerkhervormer Maarten Luther beleefde
internationaal gezien ook turbulente tijden. Hij zei: "De wereld is als
een dronken boer. Als je hem aan de ene kant op het paard tilt, stort
hij er aan de andere kant af." Ook vandaag is dat een herkenbaar beeld.
De kunst van de internationale politiek is om de boer een beetje recht
op zijn paard te houden. Terecht spreken we vandaag over Venezuela. Met
opluchting neemt de SGP kennis van het bericht dat er geen acute
dreiging is voor Aruba, CuraƧao, Bonaire en onze militairen. Tegelijk
hebben de ontwikkelingen omvangrijke gevolgen voor Nederland en Europa.
Verschillende sprekers betoogden al dat de Amerikaanse aanval op
Venezuela in strijd is met het internationaal recht. De aanklacht tegen
Maduro vormt geen rechtmatige juridische basis voor een inval. Het
internationaal recht is nodig om een minimale orde en stabiliteit tussen
volken te garanderen.
We leven echter niet in de ideale wereld van het internationaal recht.
De geschiedenis leert dat grootmachten groot mƔchten blijven, ook de VS.
Ter illustratie: Amerika is geen partij bij het Internationaal Strafhof,
trekt zich weinig aan van het Internationaal Gerechtshof en heeft
evenmin het VN-Zeerechtverdrag geratificeerd. Ik moest denken aan de
metafoor van Nietzsche over roofvogels en lammeren: "Het is begrijpelijk
dat de kwetsbare lammeren de krachtige roofvogels als het grote kwaad
zien, maar daarmee veranderen roofvogels nog niet zomaar in lammeren."
Daaruit zijn twee lessen te trekken voor de internationale politiek.
Een. Normen en regels staan zelden los van reƫle machtsverhoudingen.
Twee. Niet alles wat krachtig is, is verkeerd. Het internationaal recht
mag geen dekmantel worden voor onrecht en onderdrukking. Onze
verontwaardiging, terechte verontwaardiging, over Trump en diens
methodes mag het niet winnen van een nuchtere taxatie van de
internationale verhoudingen en de feitelijke situatie in Venezuela. De
democratische oppositie geniet brede steun. Kerkleiders die kritisch
zijn op Maduro of sociale projecten leiden, worden geĆÆntimideerd,
gearresteerd. Nederland erkent Maduro niet vanwege verkiezingsfraude.
Analisten zagen de afgelopen jaren geen kans op een vreedzame doorbraak
van binnenuit. En Venezuela is een knooppunt van georganiseerde misdaad
en internationaal terrorisme. De Iraanse Revolutionaire Garde en
Hezbollah zitten in de haarvaten van het veiligheidsapparaat. Is de
minister het met ons eens dat vervanging van Maduro een waardevol
strategisch signaal richting Iran is?
Voorzitter. Critici waarschuwen voor precedentwerking. De SGP
ondersteunt de oproep van de regering, ook richting de VS, om verdere
escalatie te voorkomen en het internationaal recht te respecteren. Ook
hier is nuchterheid gepast. Poetin en Xi laten zich niet leiden door ons
begrip van internationaal recht, maar door macht. De feiten van
Russische agressie in Oekraïne, en daarvoor Georgië, spreken voor zich.
China treedt op zijn eigen manier internationale rechtsregels met
voeten. Nederland en bondgenoten kunnen alleen een stabiele wereldorde
helpen afdwingen als we zelf sterker worden. Militair behoren Nederland
en Europa tot de wereldwijde periferie. De Amerikaanse perceptie van
zwakke Europese NAVO-bondgenoten speelt de radicaalste krachten in het
Witte Huis in de kaart. We mogen Trump niet in de verleiding brengen
zijn retoriek over Groenland om te zetten in actie, zelfs niet in de
vorm van druk richting Denemarken. Daarom vraag ik de minister: is er
iets wat Nederland of andere NAVO-bondgenoten kunnen leveren om het
Arctisch gebied militair te versterken en komen Europese leiders bijeen
om tot een gedeelde strategie te komen?
Tot slot. Het Koninkrijk verdient leiderschap dat kijkt naar recht en
macht. Laten we standvastig handelen en tegelijk onze
verantwoordelijkheid nemen.
Dank u, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel. Meneer Struijs.
De heer Struijs (50PLUS):
Of we het leuk vinden of niet: langzaam maar zeker hebben we te maken
met een andere wereldorde. Ik sluit mij bij vele sprekers voor mij aan:
50PLUS staat voor een internationale rechtsorde met duidelijke
afspraken. Maar helaas, de praktijk is anders. Ik ga mijn betoog een
beetje praktisch insteken. Ik weet als geen ander uit mijn verleden dat
Maduro echt een despoot is die met zijn handen in de drugs zit en mensen
onderdrukt. Nu nog zitten gevangenissen vol met mensen die oppositie
hebben gepleegd, terechte oppositie hebben gepleegd. Daar gaat dadelijk
ook mijn vraag over.
Een tweede vraag. Het wordt heel spannend in ons Koninkrijk, zeker bij
de eilanden. Daar verblijven momenteel namelijk veel mensen uit
Venezuela met een illegale status. Die mensen moeten zich wel beschermd
voelen, want het is nog niet over in Venezuela, zo blijkt uit de laatste
intelligencerapporten.
Een derde punt dat ik echt van de minister wil weten. We zien natuurlijk
nu dat er een schurk is gepakt door een president bij wie je ernstig kan
twijfelen aan zijn motieven. Kan de minister wat duiding geven aan de
motieven van de president van Amerika, die hij heeft gevoeld uit alle
gesprekken? Was dit nu om een onderdrukt volk te helpen? Was het voor de
olie of voor zelfverrijking? Of was het om de achterdeurveiligheid te
garanderen? Het gaat me dus om het zicht op die motieven. Twee. Is de
minister ook bereid om in de gesprekken een beroep te doen om mensen die
oppositie hebben gevoerd tegen Maduro zo snel mogelijk vrij te laten?
Dit zijn onschuldige mensen, en het zijn er niet te weinig. Mijn derde
vraag. Is er op CuraƧao, Bonaire en Aruba bij de lokale bestuurders
voldoende mandaat om te kunnen handelen naar goed inzicht, dicht bij de
mensen? Of moeten ze, zoals ze mij zelf vertellen, vijf keer per dag
naar Buitenlandse Zaken bellen om iets voor mekaar te krijgen? Hoe werkt
dat? Dat de contacten goed zijn, geloof ik. Maar hoe zit het nou echt
met het mandaat in een bijna pseudo-oorlogsgebied, zal ik maar zeggen?
Of misschien Ćs het wel een oorlogsgebied.
Dit drijft ons in een heel sterk Europa ā wij geloven daar erg in. Wie
zijn onze vrienden in Europa en waarop gaat de minister ā daarop sluit
ik mij een beetje aan bij de vraagstelling van vorige sprekers ā gas
geven om een coalitie te maken om Ʃn aan de ene kant Amerika erop aan te
spreken dat echt de rechtsorde is geschaad Ʃn aan de andere kant
pragmatisch te kunnen handelen in een hele moeilijke tijd?
Ik dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel, meneer Struijs. Dat was keurig binnen de tijd. Heel
goed.
Meneer Vermeer.
De heer Vermeer (BBB):
Dank u wel, voorzitter. Na tijden van onderdrukking is dictator Maduro
in het holst van de nacht van zijn bed gelicht en verscheept naar een
gevangenis in New York. We zagen beelden van mensen in Venezuela die in
juichen uitbarstten en van geƫmotioneerde gevluchte Venezolanen. De
Venezolaanse oppositieleider en Nobelprijswinnaar Machado zei treffend
dat Venezuela binnengevallen is, maar niet door Trump. Dit gebeurde
daarvoor al door Rusland, Iran, Cuba, Hezbollah en Colombiaanse
drugskartels Ʃn met steun van de ondemocratische regering van
Maduro.
Niet alleen Venezuela is geholpen met het oppakken van Maduro, ook wij
zijn hierbij gebaat. De regimes die onze normen en waarden niet
respecteren en Venezuela als hub voor het kwaad gebruikten, zijn nu
namelijk de pas afgesneden. De precisie waarmee de VS een politiek einde
maakten aan Maduro is bewonderenswaardig. Voor BBB zijn wetten en
verdragen een fundament onder de internationale rechtsorde, maar gƩƩn
garantiebewijs voor vrede en veiligheid. Wetten en verdragen werken
alleen als iedereen zich eraan houdt: staten, regimes en terroristische
organisaties. Maar we weten natuurlijk wel beter. De werkelijkheid is
dat ook grote landen verdragen naast zich neerleggen zodra ze die niet
meer passend vinden. De Verenigde Staten erkennen het Internationaal
Strafhof al lang niet meer en stapten uit internationale afspraken, ook
onder presidenten als Joe Biden en Barack Obama. Het internationale
recht is geen veiligheidsgarantie. De macht om recht af te dwingen is
een veiligheidsgarantie. Zonder naleving verliezen regels hun kracht.
BBB is realistisch: we houden vast aan het recht, maar zijn niet blind
voor een wereld die verandert en voor een wereld waarin niet iedereen
zich aan dezelfde spelregels houdt. Dat is de echte wereld, of we het
nou leuk vinden of niet.
Het is onduidelijk hoe het nu verder moet in Venezuela. De VS hebben
aangeven dat zij tijdelijk het bestuur gaan overnemen en de economie en
infrastructuur weer gaan herstellen. Ze laten de Amerikaanse
oliebedrijven daar een prominente rol in spelen. Het is nog onzeker in
hoeverre de Venezolaanse machthebbers dit accepteren. Het is nog niet
bekend hoe stabiel het blijft. Hoe kijkt het kabinet naar de
geopolitieke context rondom grondstoffen en energie? En wat is hierin de
positie van Europa?
Venezuela is ook een van onze grootste buurlanden. Het is geen
ver-van-ons-bedshow. Het gaat om de voordeur van ons Koninkrijk. Het
ligt enkele tientallen kilometers van ons Koninkrijk af. We hebben de
plicht om de bewoners van het overzeese deel van ons Koninkrijk veilig
te houden. De Caribische eilanden van het Koninkrijk vallen niet onder
NAVO-verdragsbescherming en ook niet onder Europese verdragsbescherming.
Onze eilanden zijn dan ook extra kwetsbaar voor migratiestromen als de
situatie in Venezuela escaleert. Het is aan ons om ze te beschermen. Dat
kunnen wij niet zonder bondgenoten en de VS. Als Koninkrijk zijn we, net
als het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, een trans-Atlantisch land, met
twee gebieden in twee werelddelen. Daarom de volgende vragen. Hebben
Nederland, het VK en Frankrijk contact met elkaar over deze situatie en
mogelijke andere, komende situaties in dat gebied? In welke mate wordt
er samen opgetrokken? Ziet het kabinet ook mogelijkheden om met deze
twee landen een nauwere veiligheidssamenwerking aan te gaan, om zo onze
gezamenlijke positie in het Caribisch gebied te versterken?
Tot slot, voorzitter. Daardoor hebben wij een direct belang bij een warm
bondgenootschap met Washington. Onvoorzichtige en harde bewoordingen
vanuit Nederland en de EU richting de VS klinken mooi, maar kunnen
mogelijk de veiligheid van onze eilanden en zelfs de onderhandelingen
over OekraĆÆne raken. Het is tijd dat de Tweede Kamer dat onder ogen ziet
en dat een toekomstig kabinet dat onthoudt en daarop anticipeert.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank. Meneer Dekker.
De heer Dekker (FVD):
Voorzitter. De richting die de VS kiezen ten aanzien van geopolitieke
brandhaarden als OekraĆÆne, Gaza en Iran was tot dusver nog wat
dubbelzinnig en verwarrend: enerzijds stevige uitspraken en financiƫle
en militaire betrokkenheid, anderzijds goede diplomatieke contacten en
prettige gesprekken. De National Security Strategy van een paar weken
geleden gaf richting, zeker waar het het westelijk halfrond betreft.
Maar het bleef de vraag hoe heet die soep uiteindelijk zou worden
gegeten.
Welnu, de recente Amerikaanse actie in Venezuela lijkt aan te tonen dat
het de VS in ieder geval in hun eigen achtertuin menens is. President
Maduro en zijn familie zijn door een speciale militaire eenheid met
geweld uit hun paleis in Caracas gehaald om in de VS te worden berecht
voor terrorisme, drugshandel en wapenbezit. Bij die operatie zijn naar
verluidt tientallen doden gevallen, vooral onder de lijfwachten van
Maduro. Vooralsnog heeft de huidige Venezolaanse vicepresident, met
goedkeuring van de VS, de leiding overgenomen en is de huidige regering
grotendeels nog steeds in functie. Een merkwaardige formule. Veel is
onduidelijk. Het is geen invasie en zelfs geen echte regime change, maar
een afgedwongen personele wissel. Hoe dit verder gaat, is ongewis. Het
is bijzonder risicovol.
Deze spectaculaire Amerikaanse actie verdraagt zich uiteraard niet met
internationale rechtsregels zoals vastgelegd in het Handvest van de VN
en de daaraan verbonden jurisprudentie van het internationaal recht.
Over de regering van Maduro kan van alles worden gezegd, maar Venezuela
vormde geen serieuze bedreiging voor de VS. De Verenigde Naties waren
vooraf niet betrokken bij deze kwestie. Wel kwam de VN-Veiligheidsraad
achteraf in spoedzitting bijeen, maar omdat de VS hierin vetorecht
hebben, is dit slechts van symbolische betekenis.
Voorzitter. Deze gebeurtenissen laten zien dat internationaal recht of,
zo u wilt, de rules-based international order uiteindelijk ondergeschikt
is aan internationale machtspolitiek: het recht van de sterkste. In
woord wordt deze machtspolitiek door de regering-Trump tegenwoordig
onomwonden naar voren gebracht. In daad blijft het tot dusverre bij
beperkte militaire ingrepen. Als Nederland hebben wij geen
noemenswaardige invloed op de geschetste geopolitieke dynamiek, maar
voor ons land zijn deze gebeurtenissen om verschillende redenen wel van
belang. Allereerst is Venezuela ons buurland in de CaraĆÆben, met name
van Aruba, Bonaire en CuraƧao. Verstoringen in Venezuela hebben al snel
invloed op de situatie in Caribisch Nederland. In dit verband is het
verstandig om als Nederland niet meteen fors stelling te nemen, maar de
verdere gang van zaken af te wachten, te pleiten voor stabiliteit in de
regio en, waar mogelijk, op allerlei terreinen stand-by te zijn voor
ondersteuning aan de lokale bevolking.
Ten tweede drukken deze geopolitieke gebeurtenissen onze neus weer eens
op de realiteit. Nederlandse gezagsdragers zijn van oudsher bevlogen
voorstanders van internationaal recht en internationale orde. Ze hebben
zich de laatste jaren dan ook meer dan ooit als ideologische EU- en
NAVO-koploper opgeworpen. Nu de regering-Trump ingrijpt in Venezuela en
serieus overweegt om Groenland te annexeren, blijkt dat de EU, de NAVO
en hun verheven moreel-ideologische omlijsting weleens luchtkastelen
zouden kunnen zijn. Ook blijkt dat het ontwikkelen van eigen kracht en
het onderhouden van constructieve buitenlandse betrekkingen met Ɣlle
partijen uiteindelijk de basis moet zijn voor het Nederlands
buitenlandbeleid. Realisme, een nuchtere oriƫntatie op eigenbelang en
vooruitzien zijn in buitenlandpolitiek essentieel. Dat moeten we weer de
aandacht geven die het verdient.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Meneer Hoogeveen. Nee, sorry! Meneer De Roon.
De heer De Roon (PVV):
Dank, voorzitter. Uit de brief die we van de minister ontvingen, bleek
het al: Venezuela is een schurkenstaat. Bovendien is het een land dat
door corrupte en dictatoriale communisten aan de rand van de afgrond is
gebracht. Nog niet zo heel lang geleden behoorde Venezuela tot de
twintig rijkste landen van de wereld. Nu leeft 70% van de bevolking
tegen of onder de armoedegrens. Bijna 8 miljoen inwoners zijn om
politieke en economische redenen het land uit gevlucht. Nationalisaties
en benoemingen van incompetentie figuren hebben de grootste bron van
welvaart, de olie-industrie, vrijwel vernietigd.
Naast de economische rampspoed heeft het regime een morele rampspoed
teweeggebracht. Ik noem corruptie, wetteloosheid, grootschalige
mensenrechtenschendingen en het op grote schaal binnenhalen van actoren
uit andere repressieve landen, maar ook nepverkiezingen, repressie en
terreur tegen de bevolking door gewapend tuig dat op motorfietsen
rondtoert op jacht naar andersdenkenden. Dat de VS met een chirurgische
ingreep beoogt orde op zaken te stellen, valt te waarderen. De
aanhouding en de berechting van de Maduro's is een eerste stap.
Voorzitter. Dan kom ik bij de kwestie dat de arrestatie van de Maduro's
een inbreuk op de soevereiniteit van Venezuela en een schending van het
internationaal recht wordt genoemd. De PVV ziet het fenomeen
"internationaal recht" als een zeer gebrekkig juridisch systeem. Dat
systeem is er nooit in geslaagd om kwaadwillenden als Poetin, Assad, de
Iraanse ayatollahs of Maduro aan te pakken of hun misdaden te stoppen.
Dat zou alleen kunnen lukken, denk ik, met global power politics door
grote wereldmachten. Europa is daar dus absoluut niet toe in staat en
heeft daar trouwens ook niet het lef voor. Van zwaargewichten als
Rusland en China hoeven we uiteraard helemaal niets te verwachten.
Alleen de VS is daartoe in staat, en dan nog alleen met een president
die niet probeert iedereen te vriend te houden, maar kiest voor
bescherming van zijn eigen land tegen een uitermate kwaadaardig
samenspel van slechtwillenden. Ik bedoel daarmee natuurlijk het
samenspel tussen zuivere criminelen uit Colombia en Venezuela en het
tirannieke regime van Maduro. En dat regime werkt in de drugs- en
wapenhandel en bij het witwassen van opbrengsten daarvan weer samen met
Iran en Hezbollah. Ook werkt het regime samen met Rusland en
China.
Het is dan ook verstandig en te prijzen dat onze regering zich
terughoudend opstelt en geen afstand neemt van Amerika, althans van de
Amerikaanse actie. Ik vraag de minister om dat ook te blijven doen en de
VS bij de ontwikkeling van een plan om Venezuela weer op het rechte pad
te brengen, niet voor de voeten te lopen. Dat zou sowieso voor Nederland
schadelijker uitpakken dan voor de VS. Nederland zou met de VS juist
samenwerking moeten zoeken waar dat mogelijk is. In die context van
mogelijke samenwerking kijk ik bijvoorbeeld naar de raffinaderij op
CuraƧao. Die was juist gebouwd om de zware olie uit Venezuela te
raffineren. Wil de regering onderzoeken of het mogelijk is om die
raffinaderij weer operationeel te laten zijn? Dat zou goed zijn voor de
werkgelegenheid Ʃn voor de inkomsten van CuraƧao. Het zou ook goed zijn
voor Nederland, want de inkomsten daaruit kunnen in mindering worden
gebracht op de steun die CuraƧao nu nog steeds van Nederland
bedingt.
Het is natuurlijk goed nieuws dat de veiligheid van het Caribisch deel
van het Koninkrijk geen gevaar loopt. De PVV kan zich uiteraard vinden
in het feit dat het kabinet zich voorbereidt op scenario's die zich voor
zouden kunnen doen en daarvoor ook voorbereidingen treft. Mijn vraag is
hoe het kabinet zich voorbereidt op het verhinderen van een mogelijk
verhoogde migratie-instroom. Dat vraag ik aan de minister. Is hij het
met de PVV eens dat we absoluut gƩƩn migratie-instroom moeten hebben,
ook niet in Caribisch Nederland?
Tot zover, voorzitter. Dank u zeer.
De voorzitter:
Dank u wel, meneer De Roon. Meneer Hoogeveen.
De heer Hoogeveen (JA21):
Dank u, voorzitter. De situatie in Venezuela en de daaropvolgende
geopolitieke ontwikkelingen vragen niet om emotioneel of ideologisch
wensdenken, maar om nuchterheid. Laat ik beginnen met een feit dat we
niet moeten relativeren: het socialisme van ChƔvez en Maduro, het
chavismo, heeft Venezuela aan de rand van de afgrond gebracht. Maduro
was geen democratisch gelegitimeerde leider, maar een dictator. Hij
exporteerde drugs en instabiliteit in de regio. Voor weinig Venezolanen
zal zijn vertrek een verslechtering betekenen. Maar in de internationale
politiek geldt een harde les: het verwijderen van een regime, of in dit
geval slechts de politiek leider, is vaak slechts de eerste stap. Wat
daarna komt, is fundamenteel onzeker. Militaire interventies zoals deze
kennen een terugkerend patroon. De eerste fase is spectaculair en snel.
De tweede fase, de politieke ordening of in dit geval de sturing, is
onvoorspelbaar en eindigt vaak in geweld. De geschiedenis is hier
onverbiddelijk over, van Irak tot Afghanistan en Libiƫ. Het idee dat
machten van buiten een samenleving op afstand kunnen herontwerpen, is
keer op keer naĆÆef gebleken.
Dat brengt mij bij de rol van de Verenigde Staten. De actie om president
Maduro op te pakken was vanuit militair oogpunt dan misschien wel
indrukwekkend, maar staat op gespannen voet met het volkenrecht.
Daarnaast roept het voornemen van president Trump om Venezuela te runnen
en er olie op te pompen fundamentele vragen op. De aanname dat een korte
interventie voldoende is om een politieke uitkomst in Venezuela naar
Amerikaanse hand te zetten, miskent de realiteit van lokale
machtsverhoudingen.
Voorzitter. De belangrijkste les van deze interventie en de
daaropvolgende Amerikaanse retoriek, bijvoorbeeld over Groenland, is dat
wij niet langer leven in een wereld van global governance en universele
spelregels, maar in een multipolaire wereld waarin grootmachten
concurreren om invloed. Het tijdperk waarin wij konden vertrouwen op
deze internationale instituties en gedeelde regels loopt helaas ten
einde, niet in de laatste plaats omdat juist de architect van dat
systeem de regels steeds vaker zelf aan zijn laars lapt. Invloedssferen
doen er weer toe. Wie de realiteit niet onder ogen wil zien, loopt
strategisch achter de feiten aan.
Voor ons Koninkrijk is dit geen abstract geopolitiek vraagstuk meer.
Onze belangen liggen in de achtertuin van Venezuela. Instabiliteit daar
raakt ook Aruba, CuraƧao en Bonaire. Daarom heb ik enkele vragen. Hoe
beoordeelt het kabinet de risico's van de situatie in Venezuela voor de
veiligheid rond de ABC-eilanden, met name op het gebied van drugssmokkel
en georganiseerde criminaliteit? Ziet het kabinet veranderingen in de
bestaande vluchtelingenstroom richting de eilanden, en hoe is het
Koninkrijk daarop voorbereid? Daarbij kunnen we ook niet om de Verenigde
Staten heen. Het kabinet schrijft dat er telefonisch een open gesprek is
gevoerd met de Amerikaanse buitenlandminister Rubio over de situatie in
Venezuela en de noodzaak van een vreedzame transitie. Wat verstaat het
kabinet precies onder die "vreedzame transitie"? Ligt die definitie op
dezelfde lijn als die van de Amerikanen? Heeft het kabinet in dit
gesprek ook gewezen op de risico's, gezien de directe gevolgen die
instabiliteit in Venezuela kan hebben voor het Caribisch deel van het
Koninkrijk? Ten slotte. Hoe beoordeelt het kabinet de relatie met de
Verenigde Staten en de rol van Caribisch Nederland in wat de Verenigde
Staten tegenwoordig beschouwen als hun eigen halfrond?
Voorzitter. In een wereld die harder wordt, kan het Koninkrijk zich niet
permitteren naĆÆef te zijn. Wie veiligheid en welvaart wil beschermen,
moet de wereld zien zoals hij is, niet zoals wij hem graag zouden willen
zien.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan de heer Van Baarle.
De heer Van Baarle (DENK):
Voorzitter. Toen ik de foto zag van Maduro die gegijzeld werd door de
Verenigde Staten, moest ik denken aan de foto van Saddam Hoessein toen
hij in 2003 gevangen werd genomen door Amerikaanse militairen tijdens de
Irakoorlog. Het gaat mij hier niet om Saddam Hoessein. Het gaat mij erom
dat het allebei illegale oorlogen waren. Het gaat allebei om Amerika dat
misdaden pleegt voor macht en olie. Het zijn allebei schendingen van het
internationaal recht. Het staat symbool voor een wereld waarin de
Verenigde Staten met misdaden de wereld naar hun hand proberen te zetten
en mensen vermoorden. Dat moeten we gewoon stoppen.
Trump is een misdadige despoot. Dat begon met de aanvallen van de VS op
die vermeende drugsboten. Tientallen mensen zijn vermoord op zee.
Geƫxecuteerd door Amerikaanse militairen. En de Nederlandse regering
besloot weg te kijken door geen enkele veroordeling hierover uit te
spreken. Dat is schandalig.
Vervolgens viel Amerika Venezuela illegaal binnen en gijzelde Maduro.
Trump is zelf duidelijk in waar het om gaat: om de olie. Trump zei
doodleuk dat hij daarom Venezuela zou gaan besturen.
Waarom weigert de Nederlandse regering nou om dit Amerikaanse illegale
imperialisme keihard te veroordelen als schendingen van het
internationaal recht? De Verenigde Staten verdienen toch gewoon sancties
hiervoor? Het kan toch niet zo zijn dat staatshoofden zomaar worden
ontvoerd, en dat landen zomaar worden binnengevallen en overgenomen,
voor olie?
En ik zie echt een patroon, namelijk dat de Nederlandse regering als het
gaat om de Verenigde Staten en als het gaat om Israƫl steeds maar
wegkijkt als het gaat om het plegen van internationale misdaden. Dat kan
gewoon niet. Kan de regering verzekeren dat op geen enkele manier door
Nederland is bijgedragen aan deze operatie en dat er ook op geen enkele
manier bij deze operatie vanuit de wateren of het grondgebied van het
Koninkrijk is geacteerd? Minister Brekelmans zei bij zijn bezoek aan
Aruba dat Nederland de samenwerking met de VS op het gebied van
drugsbestrijding opschort. Wat wordt daar volgens de regering precies
mee bedoeld? Welke samenwerking wordt nu precies opgeschort? Wordt alle
samenwerking op dit moment opgeschort? Als het tijdelijk is, onder welke
omstandigheden ziet de Nederlandse regering dan een mogelijkheid om weer
met de Verenigde Staten van Trump te gaan samenwerken? Wat mij betreft
moeten we dat niet doen.
DENK heeft grote sympathie voor de mensen op Aruba, Bonaire en CuraƧao.
Onze Koninkrijksgenoten en landgenoten verdienen onze steun, want zij
leven al jarenlang met de directe gevolgen van de crisis in Venezuela:
onzekerheid, migratiedruk, druk op voorzieningen en een
veiligheidscontext die steeds grilliger wordt. Welke concrete scenario's
zijn uitgewerkt voor mogelijk toenemende escalatie in Venezuela? Ik noem
toename van smokkel, gewapende groepen en hybride dreigingen richting de
eilanden. Welke maritieme capaciteit en luchtcapaciteit is nu
daadwerkelijk beschikbaar rond de eilanden en wat is het tijdspad als
het eventueel nodig is om op te schalen? Hoe krijgen de eilanden
structureel inzicht, zodat het voor hen niet voelt alsof men afhankelijk
is van Den Haag, dat zegt dat het wel goedkomt? Wat is het concrete
opvang- en ondersteuningspakket voor Aruba, Bonaire en CuraƧao bij een
eventuele nieuwe migratiegolf?
De voorzitter:
Dank u wel. U bent door de tijd heen.
De heer Van Baarle (DENK):
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank. Meneer Van der Burg.
De heer Van der Burg (VVD):
Voorzitter. Maduro weg: daar rouwt werkelijk helemaal niemand om; het is
al door verschillende collega's hier gezegd. De vraag is of de
Venezolanen die nu blij zijn, er beter van worden, of dat ze van de
regen in de drup terechtkomen. De manier waarop is een schending van het
internationaal recht. Dat hebben ook al vele mensen hier gezegd.
Internationaal recht is bedoeld om niet het recht van de sterkste te
laten gelden. Hetzelfde geldt voor wetten. Wetten zijn niet bedoeld voor
de sterken. Wetten zijn bedoeld ter bescherming van de zwakkeren. Europa
moet eensgezind duidelijk maken dat ze staat voor het internationaal
recht en dat wat hier gebeurd is dus niet kan.
Tegelijkertijd zijn, zoals ik ook een aantal collega's hier heb horen
uitspreken, sancties vanuit Europa een gotspe. Beggars can't be
choosers. We hebben er als Europa zelf voor gekozen om, als het gaat om
onze brandstof en onze energie, afhankelijk te zijn van een dictator als
Poetin. We hebben er zelf voor gekozen om onszelf, om een paar eurocent
te verdienen op bepaalde producten, helemaal afhankelijk te maken van de
middelen van China. We hebben ons zelf, met name sinds 1989, afhankelijk
gemaakt van de veiligheid van de Amerikanen, opdat wij het geld op een
andere manier konden consumeren. De prijs die we daarvoor betalen, is nu
genadebrood. Dat wij er als Europa en als Nederland een prijs voor
betalen, is nog tot daar aan toe, maar het internationaal recht betaalt
er een grote prijs voor en OekraĆÆne betaalt er een grote prijs
voor.
Wat moeten wij in de ogen van de VVD doen? EƩn: als Europa eensgezind
staan voor het internationaal recht en duidelijk maken hoe we erin
zitten. Twee: nadrukkelijk investeren in defensie, ReArm Europe, de
3,5%. 2035 is niet heel ver weg. Het is misschien wel te ver weg aan de
andere kant. We zullen daarin actie moeten ondernemen. Drie: investeer
in Europa als economische macht. Twintig jaar geleden waren we nog net
zo groot als de Amerikanen. Nu hebben wij nog maar 50% van wat de
Amerikanen realiseren, waardoor we economisch weliswaar nog steeds een
machtige factor zijn, maar niet meer de positie hebben die we hadden.
Wij moeten ervoor zorgen dat we onafhankelijker worden van China, van
Rusland, van de VS. Wij moeten zorgen dat we andere relaties veel
sterker maken, met Canada, met Australiƫ, op dit moment heel
nadrukkelijk met het Verenigd Koninkrijk, met Noorwegen, met Japan. Denk
ook aan verdragen als Mercosur. Wat we nu vooral moeten doen, en wat de
komende tijd zeker buitengewoon belangrijk is, is als ƩƩn Europa achter
de Denen staan en staan voor de soevereiniteit van het Deense volk en de
bevolking in Groenland.
Dat gezegd hebbend: het debat werd in eerste instantie aangevraagd om
het ook uitgebreid te hebben over onze eilanden, met name Aruba, Bonaire
en CuraƧao. We zien gelukkig dat dat buitengewoon goed gaat op dit
moment. Zowel de gouverneurs als de gezaghebber geven aan dat er op de
drie eilanden voldoende middelen, medicijnen en brandstof zijn. Dat moet
wel goed in de gaten gehouden worden. Ik heb minister Brekelmans, die er
nu niet is, al het een en ander horen zeggen over eventuele
ondersteuning. Ik hoor ook daar graag meer over van de minister.
Daar wil ik het voor nu bij laten. Er zijn veel vragen gesteld. Laten we
het gesprek aangaan met de minister.
De voorzitter:
Heel fijn. Dank u wel. Ook u bent ruim binnen de tijd gebleven, waarvoor
dank. Mevrouw Beckerman.
Mevrouw Beckerman (SP):
Dank u wel, voorzitter. Wat er gebeurt, is geen incident en geen
ontsporing. De opstelling van Trump is niets nieuws. Het is het bewust
verdiepen of aangrijpen van crises om economische en politieke controle
af te dwingen. De VS neemt landen in de economische en militaire
wurggreep. Het doel is steeds hetzelfde: alles voor de olie en de
grondstoffen; alles voor Trump en zijn oligarchen. Ook het resultaat is
steeds hetzelfde: groeiende internationale instabiliteit, onrust en
onveiligheid. Gewone mensen betalen de prijs, daar en hier. Het gaat
telkens om grondstoffen en olie. Daar is Trump zelf ook heel helder
over. Natuurlijk, ook hier het bekende rookgordijn, narcoterroristen,
maar als het erop aankomt zegt hij het gewoon: wij gaan het land runnen
en Amerikaanse oliebedrijven binnenbrengen.
Volgende stop: Groenland. Ook hier gaat het om olie en grondstoffen. Ook
hier neemt de VS een land in economische en militaire wurggreep. Trump
en de VS laten weten militair geweld te gebruiken als Denemarken weigert
Groenland af te staan of ze willen het land kopen. Dat doen bondgenoten
niet. Zo handelen imperiale leiders en oligarchen. Het is heel
gevaarlijk wanneer de internationale gemeenschap Trump niet normeert,
maar wegkijkt, zwijgt of handelsbelangen vooropstelt. Dan verschuift de
wereldorde van internationaal recht naar militaire agressie en expansie.
Dit geeft groen licht aan autoritaire leiders met imperiƫle bedoelingen
om landen binnen te vallen wanneer ze dat willen. Deze koers van Trump
is in lijn met die van de Chinese leider Xi Jinping en de Russische
Poetin. Een wereldorde waarin de macht van de sterkste geldt, is een
wereldorde die nog meer instabiliteit en onveiligheid brengt. Daar
betaalt uiteindelijk iedereen de prijs voor.
We zien nu dat het kabinet geen duidelijkheid geeft. Het kabinet
veroordeelt het schenden van internationaal recht door Trump en de VS
niet. Hoe kan dat, vragen we het kabinet. Dat is voor ons de
allerbelangrijkste, eerste stap. Want de prijs van politici die
wegkijken, zwijgen of buigen voor imperiƫle leiders en oligarchen wordt
betaald door gewone mensen. De vrijheid van de wolf heeft voor de
schapen vaak de dood betekend. Laten we hier niet naĆÆef in zijn. Dit is
slechts een oefenterrein voor Trump voor een wereldorde waarin macht
bepaalt wie mag nemen.
Het internationaal recht wordt geschonden en dat is glashelder. Als
Poetin het internationaal recht schendt, wordt hier, terecht, schande
van gesproken. Maar als Trump dit keer op keer doet, blijft het kabinet
muisstil. Dat is riskant en gevaarlijk. Nederland en de Europese Unie
moeten dit sterk veroordelen. Nederland moet optrekken met landen,
organisaties en volkeren die zich uitspreken, die zich verzetten en dit
veroordelen. Zonder weerspraak en tegenmacht verschuift de wereldorde
immers zo van internationaal recht naar militaire agressie en expansie
en daarmee naar het recht van de sterksten. Daarvoor betalen gewone
mensen altijd de prijs.
Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel, mevrouw Beckerman. Ook ruim binnen de tijd. De heer Van der
Lee.
De heer Van der Lee (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. Ik vrees dat ik een beetje in herhaling ga vallen, maar ik
zal proberen dat te beperken. Ook voor mijn partij, GroenLinks-PvdA,
geldt dat wij Maduro zien als een wrede dictator, die
verkiezingsuitslagen vervalst en onder wiens verantwoordelijkheid
martelingen en buitenrechtelijke executies plaatsvinden. Hij dient zich
echt voor de rechter te verantwoorden. Maar dat had het Internationale
Strafhof kunnen en moeten zijn. Het is in onze ogen echt een schending
van het internationale recht als je met militair geweld een inbreuk doet
in een soeverein land en daar de zittende regeringsleider, hoe vreselijk
hij ook is, gevangen neemt. Ik heb goed geteld: er zijn 99 zetels in dit
huis die dat ook vinden. Mijn vraag aan de minister is of hij volmondig
erkent dat hier sprake is geweest van een schending van mensenrechten.
Erkent hij dat, nu hij alle informatie tot zich heeft kunnen nemen en
heeft kunnen zien dat de Amerikanen allerlei verschillende motieven
lijken te hebben en geen juridische onderbouwing geven voor hun ingreep?
Is hij ook bereid om deze actie duidelijk te veroordelen?
Het is belangrijk dat Nederland dat doet, zeker in Den Haag, stad van
vrede en recht. Het internationaal recht is in belangrijke mate bedoeld
om de zwaksten te beschermen. Het is bedoeld om kleinere landen te
beschermen, waaronder Nederland. Niet alleen vanwege het belang van
veiligheid, maar ook vanwege het belang van een goedlopende
internationale wereldhandel en het respecteren van handelsverdragen.
Juist voor een land als Nederland is dat cruciaal.
Wij maken ons ook zorgen over wat er gebeurt in de regio zelf, namelijk
op Aruba, CuraƧao en Bonaire. De brief lijkt weinig reden tot zorg te
geven, maar we kregen vandaag ook een stuk van Clingendael. Men wijst
terecht op de deportaties die plaatsvinden vanuit Amerika. Ook de onrust
die zal blijven bestaan in Venezuela kan ertoe leiden dat er toch
onverhoopt migratiestromen richting de eilanden op gang komen. Zijn we
daar, samen met de eilanden, voldoende op voorbereid? Welke scenario's
zijn er? Zijn al die scenario's in adequate mate voorbereid?
Onze tweede zorg is natuurlijk het gevaarlijke precedent. De
Monroedoctrine is veel benoemd. Ze wordt door de president zelfs de
Donroedoctrine genoemd. In hoeverre moeten we dat echt zien als een
fundamentele verschuiving? Hoe reƫel zijn de dreigementen die geuit
worden richting Cuba, richting Colombia en richting Mexico? Hoe kijkt de
regering daarnaar? Wat wil ze daaraan doen? Buurlanden van Venezuela
hebben duidelijk een veroordeling uitgesproken. Ook Spanje heeft dat
gedaan. Is Nederland gevraagd dat ook te doen? Zo ja, waarom hebben wij
daarvan afgezien?
Onze derde zorg is het signaal dat hiermee is afgegeven, ook richting
Poetin en Xi Jinping. Is het niet alleen al om die reden belangrijk dat
wij ons als Nederland heel kernachtig uitspreken? En hoe ziet de
minister het volgende? Is het risico niet enorm dat zuidelijke landen
nog meer een dubbele moraal zien werken en dat de steun die wij voor
bijvoorbeeld OekraĆÆne zochten, nog verder gaat afbrokkelen?
Tot slot wil ik ook nog een aantal dingen vragen over Groenland.
Daarover maken wij ons ook grote zorgen, ook omdat de retoriek enorm is
opgeschaald en geƫscaleerd. We zagen wel dat de vijf grootste
EU-lidstaten samen met Denemarken een verklaring hebben afgegeven.
Nederland zat daar niet bij. Waarom niet? Ik zag dat de
minister-president zich daar per tweet onder schaarde. Geven we
voldoende steun aan de Denen? Kunnen we daar nog meer doen dan we op dit
moment doen? En bereiden we ook hiervoor scenario's voor? Wat doen we in
het onverhoopte geval dat er echt stappen worden gezet? Moeten we geen
maatregelen voorbereiden om dan als Europa eensgezind tegen zo'n
onacceptabele actie van de VS op te treden?
De voorzitter:
Dank u wel. We zijn aan het einde gekomen van de eerste termijn van de
Kamer. We gaan twintig minuten schorsen, dus we zien elkaar hier om
18.25 uur terug. Ik schors de vergadering.
De vergadering wordt van 18.02 uur tot 18.26 uur geschorst.
De voorzitter:
Ik heropen het debat. Aan de orde is de eerste termijn van de zijde van
het kabinet. Er is ruimte voor drie interrupties, met het verzoek deze
onder de 30 seconden te houden. Als ze langer zijn dan 30 seconden, dan
tel ik ze dubbel. Normaal gesproken kennen we in deze commissie de regel
om onbeperkt te kunnen interrumperen, maar daar is vanavond echt geen
ruimte en tijd voor. De minister zal in blokjes antwoord geven. Hij zal
zo dadelijk opnoemen welke dat zijn. Aan het einde van ieder blokje geef
ik de ruimte voor interrupties.
Het woord is aan de minister.
Minister Van Weel:
Dank, voorzitter en dank aan de leden voor hun uitgebreide vragen in de
eerste termijn. Ik zal proberen daar in de beantwoording zo goed
mogelijk recht aan te doen. Ik zal dat doen in de volgende blokjes. Ik
begin met Venezuela en het Caribisch deel van het Koninkrijk. Daarin zal
ik vooral schetsen wat er is gebeurd, hoe we de situatie in Venezuela
appreciƫren en hoe we voor het Koninkrijk de weg voorwaarts zien. Ik heb
het dan nog niet over de juridische beoordeling. Dan ga ik naar het
blokje Groenland in combinatie met de Europese samenwerking. Daarna kom
ik terug op wat dit alles betekent, wat we hier als Koninkrijk van
vinden, maar ook: wat moeten we hier als Europa van vinden? Velen van u
hebben hieraan ook gerefereerd.
De druk op het Maduroregime door de Verenigde Staten is de afgelopen
maanden drastisch opgevoerd. Dat is geen nieuws, ook niet voor u. De
minister van Defensie en ik hebben daar voor het laatst op 9 december
over gedebatteerd met uw Kamer. We hebben het toen vooral gehad over de
zaken die we niet wisten, zoals hoe om te gaan met de onzekerheden voor
de eilanden, wat we weten over de intenties van de Amerikanen, wat te
doen met eventuele vluchtelingenstromen, wat te doen op het moment dat
er geen communicatie mogelijk is met de eilanden of als
communicatiewegen worden afgesloten.
Dit heeft de afgelopen maanden geleid tot een overlegstructuur, waarbij
ik in eerste aanleg samen met de premiers van de eilanden, de
gezaghebber van Bonaire en met de gouverneurs, op wekelijkse of
tweewekelijkse basis van gedachten heb gewisseld over wat we zien
gebeuren, wat het informatiebeeld is, wat men daar in de regio ziet
gebeuren, wat het voor ons betekent en met welke scenario's we rekening
moeten houden. Op basis van die scenario's is, onder andere door de
staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de
minister van JenV, maar ook de minister van Defensie, gekeken naar de
crisisstructuur op de eilanden: welke plannen moeten worden uitgewerkt?
Welke voorzorgsmaatregelen moeten we nemen? Moeten we militair materieel
prepositioneren of niet? Moeten we eenheden naar een hogere gereedheid
brengen?
Dat alles hebben we gedaan onder de premisse dat we wel heel graag
wilden weten wat de Verenigde Staten van plan waren, maar daar absoluut
geen bemoeienis mee wilden hebben. Die lijn hebben wij vastgehouden en
die houden we vast tot op de dag van vandaag. We hebben dus altijd
betoogd en duidelijk gemaakt in de communicatie met Venezuela dat er
geen Nederlands aandeel was in de operaties die de VS daar uitvoerden
noch in de verhoogde militaire presentie. Daarmee hebben we ook
geprobeerd om het risico weg te nemen dat Venezuela zou denken dat wij
vanuit ons Koninkrijk zouden fungeren als uitvalsbasis of dat wij een
meewerkende rol zouden hebben. We wilden daarmee het risico voor ons
eigen Koninkrijk zo veel mogelijk mitigeren, want dat is uiteindelijk
waarvoor wij verantwoordelijk kunnen worden gehouden als regering.
Tot op heden heeft dat geleid tot een aantal kleinere incidenten, onder
andere militair vliegverkeer dat onaangekondigd door het luchtruim ging,
wat mogelijk tot gevaarlijke situaties heeft geleid. Daarnaast was er
het uitroepen van vliegverboden voor deze operatie, waardoor er
tijdelijk een onderbreking was in het vliegverkeer of er moest worden
omgevlogen. Maar er waren geen grote disrupties, ook niet voor de
economie van de eilanden, zeg ik daarbij. De toeristen zijn blijven
komen. In die zin hebben de eilanden tot op heden weinig concrete hinder
gehad van de operatie.
Afgelopen weekend werd ik net als velen van u opgeschrikt door de
operatie die gaande was. Ik werd door onze ambassade in Caracas
geattendeerd op de situatie op basis van wat er op dat moment gebeurde.
Wij zijn daar niet over geĆÆnformeerd door de Verenigde Staten. We zijn
op dat moment informatie gaan verzamelen: wat is er aan de hand, wat
kunnen we hierover te weten komen, wat betekent dit voor Nederlanders in
Venezuela en wat betekent het voor onze eigen eilanden in het Caribisch
gebied, zo dicht voor de kust van Venezuela?
Wat betreft de Nederlanders in Venezuela hebben we zo snel mogelijk een
pushbericht doen uitgaan om diegenen die daar in het gebied aanwezig
zijn, op te roepen contact te zoeken met de ambassade en om eventuele
hulpverzoeken te kunnen kanaliseren. Natuurlijk is er ook direct gekeken
of iedereen van de ambassade, zowel het lokale als het uitgezonden
personeel, kon worden gelokaliseerd. Dat was gelukkig al vrij snel het
geval. Onze ambassade daar is trouwens ook altijd aan het werk gebleven.
Er zijn ook geen hulpverzoeken ontvangen van Nederlanders in Venezuela.
Wat dat betreft hebben wij de dienstverlening geopend, maar bleek al
vrij snel, in de loop van de volgende dag, dat er geen sprake was van
grote onrust of onlusten in Venezuela. Er was dus geen aanleiding om
onze hulp te vragen om het land te verlaten. Onze ambassade is ook op
dit moment nog open.
Wat betreft de eilanden was er vanwege deze operatie natuurlijk sprake
van een onderbreking van het vliegverkeer. Dat heeft wel degelijk geleid
tot hinder. Mensen konden de eilanden niet verlaten en konden niet naar
de eilanden toe. De eilanden hebben dat overigens in alle kalmte en rust
weten te managen en ze hebben gezorgd dat iedereen daar adequaat
onderdak kreeg. Uiteindelijk heeft dat natuurlijk wel geleid tot enige
overlast. Gelukkig is na 24 uur het luchtruim weer geopend en is het
vliegverkeer hervat. Op dit moment is de situatie op de eilanden weer
terug bij normaal. Natuurlijk is er schrik geweest, maar ook nu is er
nog geen zichtbare teruggang in het aantal boekingen, draait de
bevoorrading nog en draait de toeristische industrie nog.
Er zijn voor ons geen aanleidingen om extra maatregelen te nemen. Ik
verwacht ook niet dat die situatie snel gaat veranderen, maar daar zal
ik zo meteen op terugkomen. Dan zal ik schetsen hoe ik de toekomst van
Venezuela en de manier waarop het zich ontwikkelt, voor me zie. In
Caracas is op dit moment sprake van een weliswaar stabiele, maar niet
hele bestendige situatie. Dat komt door de aanvliegroute die de
Verenigde Staten voor deze operatie hebben gekozen.
Venezuela bevond zich in een situatie met een grote rol in de
narco-industrie in het Caribisch gebied en in de Verenigde Staten, met
een grote uitstraling van onrust en onveiligheid naar de regio ā het
werd al genoemd; ik heb het ook in de brief genoemd ā met 8 miljoen
vluchtelingen en met een grote invloed van Venezolaanse maffia, gelieerd
aan het bewind van Maduro, in diverse landen. Ik heb in de afgelopen 24
uur diverse landen gesproken. Ecuador, Panama, Colombia: de hele regio
heeft last van wat daar de afgelopen decennia is neergezet, namelijk de
complete failed state en narcostaat die Venezuela uiteindelijk is
geworden. Daar hebben landen als Iran, China en Rusland gretig gebruik
van gemaakt, natuurlijk door in het gat te springen dat er was door de
sancties die op het regime van Maduro lagen. Dat was opportunisme, maar
ze deden het natuurlijk ook omdat Venezuela een erg aantrekkelijk land
is, doordat het in de nabijheid van de Verenigde Staten ligt. Het was
aantrekkelijk om daar, in de achtertuin van de Verenigde Staten, om het
zo maar te zeggen, onrust te veroorzaken en in stand te houden. Er zijn
daar mijnen waar Hezbollah daadwerkelijk heeft gemijnd. Hamasterroristen
kwamen daarnaartoe om bij te komen van de strijd. De economie van het
land en de onrust die het land bracht, niet alleen voor de regio, maar
ook voor de hele wereld, was een grote hoofdpijn.
Ik kom straks op wat ik vind van de acties, maar ik zal u nu vertellen
wat de Amerikaanse gedachte was over de aanpak die ze uiteindelijk
hebben willen volgen. Die ontleen ik aan het gesprek dat ik heb gehad
met de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Rubio. De Amerikanen
hebben ook geleerd van regime changes. Zij hebben ook gezien dat het
niet automatisch tot succes of stabiliteit leidt als je het complete
apparaat of de complete top van een land probeert weg te halen en te
vervangen door iemand anders. Integendeel, we hebben in Irak, maar ten
dele ook in Afghanistan en andere landen, gezien dat dat ook kan leiden
tot heel veel instabiliteit. Dan is er een hele grote inspanning nodig
om uiteindelijk de rust te bewaren of zelfs om een burgeroorlog of
interne chaos te voorkomen.
Vandaar dat hier gekozen is voor maximale druk op Maduro om zijn koers
te wijzigen: om afstand te nemen van de drugshandel en om afstand te
nemen van onwelgevallige bondgenootschappen met terroristische
organisaties als Hezbollah en Hamas, maar ook van landen als Iran, China
en Rusland. Die druk die de afgelopen maanden is opgebouwd, heeft niet
geleid tot enige koerswijziging van Maduro. Uiteindelijk hebben de
Verenigde Staten besloten dat Maduro het veld moet ruimen voordat er
sprake kan zijn van enige betekenisvolle transitie van de koers van
Venezuela terug naar een democratie. Dat heeft geleid tot deze operatie,
die dus niet als scope had om de hele Venezolaanse krijgsmacht uit te
schakelen, om Venezuela bezet te houden of om andere doelwitten of
andere leden van het bewind te raken, maar puur om Maduro en zijn vrouw
het land uit te halen en zo is dat ook gebeurd.
Op dit moment is de vraag: wat gebeurt er nu verder met het land?
Daarbij is gekozen voor het proberen in contact te komen met de
vicepresident, Delcy Rodriguez, om te kijken of er gekomen kan worden
tot een vergelijk, tot een samenwerking die kan leiden tot een
transitie. Delcy Rodriguez lijkt daar nu voor open te staan en er zijn
een aantal sporen de Verenigde Staten daarin willen doorlopen. 1. Het
openen van contacten, het openen van een eigen ambassade. 2. Het komen
tot een vergelijk over het vrijlaten van politieke gevangenen. Terwijl
ik hier in de break zat, lijkt de voorzitter van het parlement,
overigens de broer van de huidige vicepresident dan wel president, nu
een opening te maken tot een aanstaande vrijlating van politieke
gevangenen. Een belangrijk punt, ook door een aantal van u gemaakt.
Natuurlijk komt daar ook het vraagstuk in van de economische
samenwerking ā daar werd ook al door een aantal van u aan gerefereerd ā
namelijk hoe wordt omgegaan met de olie, hoe wordt omgegaan met de
economische banden met China, Rusland en andere landen en hoe president
Trump aankijkt tegen die inkomsten.
Zover het mij verteld is ā ik vertel het op deze manier, omdat ik het
plan gewoon in alle openheid met u wil delen zoals ik het heb gehoord
van de Amerikaanse Secretary of State, die ik toch zie als een van de
architecten van dit plan ā is het idee om de mensen uit het regime van
Maduro nu zelf te dwingen om een transitie door te maken, door politieke
gevangenen vrij te laten, door oppositie weer toe te laten, ook in de
openheid, door de gewapende milities die zijn opgetuigd over de
afgelopen jaren te ontmantelen en door uiteindelijk in te zetten op
verkiezingen in Venezuela en herstel van de democratie. Er is niet voor
gekozen om mevrouw Machado, de Nobelprijswinnares, dan wel Edmundo
GonzƔlez nu te parachuteren in Caracas, om de redenen die ik net noemde.
De risico's die dat zou hebben zonder steun van het veiligheidsapparaat
met alle militiestructuren die daar zijn opgetuigd, met alles wat
daarachter staat, werden gezien als veel groter voor de stabiliteit van
Venezuela dan de aanpak die hiervoor wordt voorzien.
Om dat voor elkaar te krijgen ā je vraagt uiteindelijk mensen uit een
regime om hun eigen gedrag te veranderen, om hun eigen structuren te
ontmantelen ā is die druk nodig, is die Amerikaanse druk nodig en die
druk bestaat voornamelijk uit economische druk. Vandaar de olieblokkade
die daar nog ligt. We hebben nu ook gezien dat de Amerikanen twee
schepen uit die schaduwvloot, van de Russen in dit geval, hebben
opgepakt, eentje voor de kust van Groot-Brittanniƫ en eentje dichterbij
het Caribisch gebied, om te zorgen dat er een drukmiddel is op dat
regime om het geld goed te besteden en dat de hervormingen die gevraagd
worden, zowel waar het gaat om de internationale contacten als waar het
gaat om de eigen structuur en het herstel van de democratie, gestand
gedaan worden. Dit is allemaal geen gegeven. Dat moge duidelijk zijn.
Dit zijn echt de eerste dagen van dit proces. Er zijn wat eerste
hoopvolle tekenen. In eerste instantie zijn de rust en kalmte die
heersen in Venezuela het meest hoopvol. Mijn antwoord op de vraag over
vluchtelingenstromen is daarom: die zien wij op dit moment niet. We zien
geen mensen vertrekken uit Venezuela en we zien ook niet dat ze daar
aanstalten toe maken.
Twee. We hebben gezien dat mevrouw RodrĆguez zich in ieder geval heeft
opengesteld voor conversaties met de Verenigde Staten. Ze draagt ook uit
dat ze bereid is om dat gesprek aan te gaan. Het is te vroeg om nu al
wat te zeggen over de persconferentie die gaande is, maar de vrijlating
van politieke gevangenen als een volgende stap zou natuurlijk een heel
bijzonder, welkom en positief signaal zijn.
Hoe snel gaat dit? Dat weet ik niet op dit moment. Hoe hard gaat het?
Gaat het bestendigen? Dat weet ik ook niet. Op dit moment wil ik in
ieder geval kijken waar wij zelf kunnen bijdragen, als Nederland en als
Koninkrijk, maar ook als EU, aan de transitie terug naar het
democratische Venezuela waar wij in het verleden zulke goede banden mee
hadden. Dat zouden wij graag willen terugzien.
Ik kijk even of ik daarmee in ieder geval de ... Nogmaals, ik kom nog
terug op de vraag wat dit nou allemaal betekent en wat we ermee doen.
Dit is het in ieder geval voor het kopje "Waar is de situatie?".
Ik wil nog iets aanvullen over de crisisscenario's en het feit dat wij
nu geen drastische of acute risico's of dreigingen zien voor de situatie
op de eilanden. Deze exercitie heeft ons wel een hoop gebracht,
bijvoorbeeld met betrekking tot de persoonlijke en nauwe contacten die
ikzelf en de minister van Defensie en de andere ministers hebben mogen
onderhouden. We hebben ook een aantal plannen kunnen uitwerken die hoe
dan ook ... Voor eilanden die natuurlijk op een kwetsbare positie zitten
qua logistiek en wat ze aankunnen qua capaciteit in geval van nood of
qua vluchtelingenstroom ... Het heeft wel hele nuttige aanknopingspunten
opgeleverd met betrekking tot de vraag hoe we dat gaan bestendigen. Die
exercitie zetten we ook niet stil, ondanks dat we nu geen acute noodzaak
zien om weer materieel die kant op te sturen. Het defensiematerieel dat
in Nederland op een notice to move is gezet, dus op een alerteringstijd,
blijft dat voorlopig, totdat we echt zeker weten dat deze situatie zich
daar bestendigt.
Moeten ze op de ABC-eilanden vijf keer per dag met BZ bellen? Liever
niet, al zeg ik wel dat de lijnen bijzonder kort zijn op dit moment,
juist doordat we elkaar twee keer per week spreken. Die ruimte is er dus
wel. Maar ik denk dat we ook heel duidelijk allemaal binnen ons eigen
mandaat weten waar onze verantwoordelijkheid ligt en wat we oppakken.
Het is goed om te zien dat de drie eilanden ook zaken met elkaar
afstemmen, zoals wanneer ze een persconferentie geven en wat hun
boodschap wordt, juist ook om daar de eenduidigheid te bewaren voor de
bevolking. Ik denk dat dat een mooie lesson learned is van dit geluk bij
een ongeluk ā laat ik zo maar noemen.
Migratie. Ik noemde al dat we op dit moment geen migratiestromen zien,
maar u kunt zich voorstellen dat de capaciteit van de eilanden heel snel
verzadigd is als die op gang komen, en dat er heel snel gekeken wordt
naar hulp. Formeel gezien zijn de landen, dus Aruba en CuraƧao, zelf
verantwoordelijk voor hun migratiepolitiek. Ze zijn dus ook niet
gebonden aan de regelgeving daaromtrent van Nederland of de EU.
Uiteraard hebben we wel scenario's gemaakt met die landen met betrekking
tot de vraag: hoe gaan we om met aantallen waardoor het eiland overlopen
wordt? Ik wil daar niet al te veel over uitweiden, maar weet dat die
scenario's, in overleg met het ministerie van Asiel en Migratie, wel
zijn uitgewerkt.
De raffinaderij op CuraƧao. Dat is aan CuraƧao. Ik moet u eerlijk
zeggen: als u 'm in recente jaren weleens gezien heeft ... Ik weet niet
of die de investering nog waard zal zijn en of er überhaupt wel
draagvlak is op het eiland om die raffinaderij nog te heropenen. Maar
wij gaan daar niet over.
Ten slotte werd er gesproken over het stopzetten van de samenwerking met
de VS op het gebied van drugsbestrijding. Dat is niet helemaal juist in
de media weergegeven. Wat wij hebben gedaan, is het stoppen met alle
samenwerking die zou kunnen bijdragen aan de nationale operatie van de
Verenigde Staten.
We hebben een hele lange en nauwe samenwerking met de Verenigde Staten,
maar ook met landen als het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk, die
aanwezig zijn in het Caribische gebied. Dat is juist om die drugshandel
tegen te gaan. Je kunt dat niet als land alleen, omdat dit vaak gaat om
schepen die door meerdere economische zones heen gaan en omdat dit
natuurlijk ook een groot probleem is. Het aanpakken van die
internationale drugshandel is niet iets wat alleen de Verenigde Staten
bezighoudt. Dat geldt ook voor ons. We hebben helaas een aantal hele
grote namen in deze business. Voor ons is dit een grote ondermijnende
factor. Dus die samenwerking is niet stopgezet. Dat geldt wel voor
informatievoorziening of voor alles wat bij zou kunnen dragen aan de
nationale operatie van de Verenigde Staten. Daar hebben we wel een stop
op gezet. Dat geldt ook bijvoorbeeld voor het gebruik van de basis op
CuraƧao door de Verenigde Staten.
De voorzitter:
Dank u wel. Ik kijk even naar de collega's of er behoefte is aan vragen.
De heer Van Baarle. Voor degenen die wat later binnenkwamen: ik heb
aangegeven dat er ruimte is voor drie interrupties. Als ze langer dan 30
seconden duren, tel ik ze dubbel. De heer Van Baarle.
De heer Van Baarle (DENK):
We komen natuurlijk later op de duiding van de regering over de
operatie. De regering schrijft in de brief ā en de minister zegt het
zelf net ook ā dat er geen betrokkenheid zou zijn van Nederland bij de
operatie. Het is natuurlijk zo dat de Verenigde Staten basissen op de
eilanden gebruiken als Forward Operating Locations. Kan de minister nou
garanderen dat op geen enkele manier vanuit het grondgebied of de
wateren van het Koninkrijk, of vanuit die basis, de Verenigde Staten
hebben bijgedragen aan deze operatie? Of is dat niet zo?
Minister Van Weel:
Wij zijn heel duidelijk geweest naar de Verenigde Staten dat wij
absoluut geen betrokkenheid bij deze operatie wilden. Dat hebben wij
vanaf het begin van de troepenopbouw gezegd. Daar hebben wij ook
consequenties voor onze wijze van concrete samenwerking aan verbonden,
ook daar waar het gaat om het gebruik van de Forward Operating Location
op CuraƧao. Sowieso is die basis alleen bedoeld voor onbewapende
vluchten. Maar we hebben nu ook in elk geval, bij elke aanvraag voor een
landing daar, voor een stop-over of voor bevoorrading, een check gedaan
of dat verband zou kunnen houden met deze operatie of niet. Op het
moment dat het verband zou kunnen houden met die operatie, is daar geen
toestemming voor verleend. Dat is verder allemaal in goede harmonie
gegaan. Er was ook begrip vanuit de Verenigde Staten dat wij hier geen
betrokkenheid bij wilden hebben. Zo is daar dus naar gekeken.
De voorzitter:
Dank u wel. Er is verder geen behoefte aan interrupties? O, toch wel.
Mevrouw Van der Werf.
Mevrouw Van der Werf (D66):
De minister leidde net ook al even in wat de takes van de Verenigde
Staten zijn wat betreft Venezuela. Ik ben iets minder optimistisch over
de rust die daar nu zou heersen. Er waren ook vandaag weer berichten dat
er journalisten zijn opgepakt. Wat is de inzet van Nederland als het
gaat om de vrijheid en de veiligheid van de politieke gevangenen
daar?
Minister Van Weel:
Dat die vrijkomen. Dat is overigens ook de inzet van de Verenigde
Staten. Dat is ook een van de eerste punten die zij willen zien als een
teken van goede wil van het huidige regime. Terwijl we hier zitten, is
die persconferentie van Jorge RodrĆguez gaande. Die leek te duiden op
een spoedige vrijlating van de politieke gevangenen. Wij hopen ten
zeerste dat dat het geval is. In alle landen waar ik de afgelopen 48 uur
mee gesproken heb ā dat zijn Panama, BraziliĆ«, Colombia en Ecuador ā
komt dit als een speerpunt naar voren, als iets wat snel gerealiseerd
zou kunnen worden. Dat zou ook iets van vertrouwen kunnen geven aan de
bevolking, namelijk dat er iets gaat veranderen. Ik denk dat dat heel
erg nodig is.
De voorzitter:
Dank. Ik zie dat er geen vragen zijn van de zijde van de Kamer. Ik vraag
u om door te gaan met de beantwoording. We hebben het over Groenland en
de positie van de EU.
Minister Van Weel:
Dan Groenland. We weten dat deze president persoonlijk, ook in zijn
eerste termijn, een zeer warme belangstelling heeft voor Groenland. Een
warme belangstelling voor Groenland an sich is het probleem niet, denk
ik, maar alles wat zou duiden op annexatie of het met geweld of op
andere wijze verstoren van de territoriale integriteit of de
soevereiniteit van Groenland binnen het Deense koninkrijk, kan niet
worden geaccepteerd. Ik denk dat we daar als EU helder in zijn
geweest.
Er werd gevraagd waarom Nederland niet bij die eerste verklaring zat.
Dit soort dingen wordt vaak snel opgesteld door een groepje landen en
dan wordt er op het moment dat die bijna uitgaat nog een outreach gedaan
naar anderen. Op die manier zijn wij, als retweeter, zeg ik dan maar
even in slecht Nederlands, wel meteen betrokken en daarbij aangehaakt
geweest. Ik heb vóór die verklaring overigens zelf al een statement uit
doen gaan dat alleen Denemarken en Groenland gaan over de toekomst van
Groenland en dat er natuurlijk kan worden gesproken over de
veiligheidsimplicaties voor het Arctisch gebied, maar dat we daar nou
juist de NAVO voor hebben, om dat in gezamenlijkheid te doen. Bovendien,
als je het zou hebben over militaire inname, zitten er al sinds de jaren
vijftig, denk ik, meer Amerikaanse militairen op Groenland dan Deense.
De facto is dat dus niet aan de orde. Het kan niet waar zijn dat daar
militaire actie zou zijn; dat kan ik me ook niet voorstellen.
Ik heb gebeld met mijn Deense collega vandaag en gevraagd: wat helpt
jullie op dit moment het meest? Het antwoord was "dank voor de
solidariteit in statements en in de verklaringen." Mijn Deense collega
heeft volgende week een gesprek met minister van Buitenlandse Zaken
Rubio. Daarin hoopt hij ook tot een pad te komen van wat de Amerikanen
denken nodig te hebben aan veiligheidsmaatregelen op Groenland en hoe we
dat binnen de huidige verdragen kunnen accommoderen. Daar staan de Denen
wel degelijk voor open ā dat hebben ze ook altijd gezegd ā maar zonder
dat we bij dit soort extreme opties uitkomen zoals die nu in de retoriek
over tafel zijn gegaan. Mijn collega vraagt verder of wij terughoudend
willen zijn, dus geen al te wilde statements, ook juist om niet weer een
tegenreactie via de media uit te lokken. Hij voert het allerliefste dit
gesprek volgende week met de Verenigde Staten, vermoedelijk in
Washington, al weet ik niet waar ze afspreken. Uiteraard zijn we daar
als EU nauw bij aangehaakt. Afhankelijk van de uitkomst daarvan zullen
we ook doen wat Denemarken van ons vraagt.
Die solidariteit is er dus zeker en de oproep daartoe heb ik goed
gehoord, ook in de aankondiging van een mogelijke motie daarover die ik
al kon lezen. Daar kan ik nu al oordeel Kamer aan geven, maar ik kan het
ook op X zetten als u dat wilt.
De voorzitter:
We noteren dit als een toezegging.
Minister Van Weel:
Er staat op dit moment geen Europese top gepland. Ook daarin is
Denemarken wat ons betreft weer leidend. Als Denemarken zegt "het dient
ons nu om bij elkaar te komen, omdat wij denken dat dat nodig is om de
druk op te bouwen of gezamenlijk te komen tot een inzet", dan zullen wij
hen daar uiteraard van harte bij steun. Als Denemarken zegt "wij vinden
dit juist geen handig initiatief", dan doen we het niet. Ik heb vandaag
al tegen mijn Deense collega gezegd dat wat zij en de Groenlanders
willen, wat ons betreft leidend is in de strategie, ook omdat zij het
beste beeld hebben van wat er nu leeft op het eiland en wat er nodig is,
maar ook omdat zij volgende week, gelukkig, direct contact hebben met de
VS.
Kunnen wij zelf dan nog iets betekenen in het Arctisch gebied? Nee, we
zijn daar niet helemaal nieuw in. Binnen de NAVO dragen we natuurlijk
bij aan alle Arctische initiatieven. Ook daar wordt gesproken over wat
er moet gebeuren op veiligheidsgebied in het Arctisch gebied. Dat raakt
natuurlijk ook aan wat nodig is voor Groenland. Daarnaast zijn we
onderdeel van de Joint Expeditionary Force, een samenwerkingsverband van
Noordse landen, inclusief het Verenigd Koninkrijk, Belgiƫ, Duitsland en
Polen. Ook daarin is het Arctisch gebied natuurlijk een van de
aandachtspunten, omdat dit de landen binnen de NAVO zijn die daar vooral
op gericht zijn. We doen ook mee aan patrouilles in het Arctisch gebied
vanuit de NAVO, maar we hebben er geen permanente stationering.
Ik denk dat dat Groenland was.
De voorzitter:
De heer Boswijk. De vraag is al beantwoord? OkƩ. Mevrouw Van der Werf
wilde ik daarna het woord geven, maar ook die vraag is al beantwoord.
Dan gaan we naar de heer Van Dijk.
De heer Diederik van Dijk (SGP):
Inmiddels zien we in het nieuws, onder meer bij de NOS, dat de NAVO een
Groenlandmissie overweegt om de crisis te bezweren. De minister sprak er
al een heel klein beetje over. Mijn vraag daarbij is: als deze missie
inderdaad van de grond komt, ligt hier dan ook een kans dat juist de
Europese NAVO-bondgenoten daarop inspringen, om zo misschien ook wat
meer mee te werken aan iets meer gelijkwaardigheid tussen de bijdrage
van de VS en die vanuit Europa?
Minister Van Weel:
U bent erg up-to-date. Ik krijg het bericht net binnen, maar ook dat is
een NOS-bericht. Ik heb intern nog niks gehoord, maar ik weet wel dat er
binnen de NAVO naar aanleiding van de ontstane situatie natuurlijk ook
gesproken wordt over wat er nodig is. Uiteindelijk gaat het om
bescherming van het NAVO-grondgebied, dus daar ligt wel degelijk een
taak voor de NAVO. Zou het komen tot een intensivering of een missie in
dat gebied en dat zou tegemoetkomen aan de veiligheidszorgen die er
zijn, dan zullen we natuurlijk heel welwillend kijken naar welke
bijdrage wij daaraan zouden kunnen of willen leveren.
De voorzitter:
Een vervolgvraag voor meneer Van Dijk.
De heer Diederik van Dijk (SGP):
Nog even aanvullend. De minister zegt "wij". Ik neem aan dat hij daarmee
vooral "als Nederland" bedoelt. Mijn vraag is vooral hoe de minister
ertegen aankijkt als op dit vlak de Europese NAVO-bondgenoten een extra
stap naar voren kunnen doen. Voelt de minister er ook voor om dat
eventueel te bevorderen?
Minister Van Weel:
De NAVO is een samenwerkingsverband van 32 landen. Daarvan liggen er 30
op het Europese continent. Ik vind dat er in alle missies waar mogelijk
sprake moet zijn van evenwicht en balans, dus ook bij een eventuele
missie in het Arctisch gebied. Het enige bijzondere aan de Arctic zijn
natuurlijk de bijzondere weersomstandigheden. Er zijn landen binnen de
NAVO ā denk aan Finland, Zweden, Denemarken en Canada ā die van oudsher
beter toegerust zijn op operaties daar dan andere bondgenoten.
De voorzitter:
We hebben de afgelopen dagen kunnen oefenen hier met die omstandigheden.
We kunnen nog wat leren! Meneer Van der Lee.
De heer Van der Lee (GroenLinks-PvdA):
Ja, dat klopt zeker. Ik heb nog een vraag. De afgelopen jaren hebben de
VS hun militaire presentie in Groenland juist afgebouwd. Het aantal
bases was in de dubbele cijfers, maar nu is het er nog maar ƩƩn en het
gaat maar om een beperkte bezetting. Er liggen afspraken en er kan
gewoon worden uitgebreid. Roept dat niet de vraag op of er meer speelt
dan louter veiligheidsoverwegingen? Welke motieven, zoals zeldzame
metalen, zitten er nog meer achter?
Minister Van Weel:
Ik lees die analyses ook en heb die ook tegen mijn Deense collega
aangehouden vandaag. Hij zei: waar het gaat om economisch of anderszins,
zie ik het niet. Hij zei dat er kan worden toegewerkt naar een
onafhankelijk Groenland en dat die ruimte er is voor de Groenlanders,
maar ook dat dit met 50.000 man niet eenvoudig is en dat er op dit
moment ook een hoop Deense staatssteun richting Groenland moet om daar
hetzelfde welvaart-/social-welfaresysteem overeind te kunnen houden. Hij
meldde ook dat er op basis van de verdragen ontzettend veel mogelijk is,
ook in meer presentie. Dat is dus ook zijn insteek voor het gesprek
volgende week met secretary Rubio, om te zeggen: als dit inderdaad gaat
om onze collectieve veiligheid, zijn wij bereid om mee te denken, want
volgens ons is die ruimte er. Hopelijk horen we dan ook meer over
eventuele andere motieven.
De voorzitter:
Ik kijk nog even rond. Meneer Dassen.
De heer Dassen (Volt):
Ik had nog een vraag over het vermeende plan van Frankrijk, dat
blijkbaar ergens besproken wordt. Ik heb ook gezien dat andere ministers
uit andere landen hebben aangegeven daar nog weinig over te weten, maar
ik ben benieuwd of de minister daar wel wat van weet. Wat zegt nou het
"oordeel Kamer" op de motie-Boswijk? De vraag is wat dan die politieke
en diplomatieke steun is. Is dat alleen iets uitspreken, of is dat ook
daadwerkelijk overgaan tot consequenties?
Minister Van Weel:
Ik zie dat voornamelijk als een oproep om Denemarken te blijven steunen
en om hier gezamenlijk, ook in EU-verband, in op te trekken. Dat doen we
ook. Ik bespeurde weinig enthousiasme bij mijn Deense collega voor het
Franse plan. Dat leg ik in het kader van "op dit moment zijn we er even
bij gebaat om geen stevige statements over en weer te maken", maar ik
wil heel graag de dialoog aangaan met de Verenigde Staten. Daarbij is
rust in de buitenwereld voor mij het allerbelangrijkste.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Ik ben blij dat deze ontwikkelingen plaatsvinden en dat partijen weer om
de tafel gaan. Of we het nou willen of niet: ik denk dat een wereld
waarin de VS een bondgenoot zijn in plaats van dat ze dat niet zijn
zowel voor Nederland en Europa als de Verenigde Staten een betere wereld
is. Dat neemt niet weg dat er uitspraken zijn gedaan waaruit blijkt dat
militair ingrijpen niet uitgesloten wordt en dat die uitspraken ook nog
niet zijn teruggenomen. Gezien de stappen van afgelopen week betekent
dat ook dat het de vraag is of er wel aan scenario's gewerkt wordt,
achter de schermen uiteraard, voor het geval dat de overleggen niet
lukken. Mijn vraag aan de minister is of dat scenario nog wel
gelijktijdig loopt. Dat is voor ons namelijk wel essentieel om
geloofwaardig te antwoorden en ook om een geloofwaardig continent te
blijven.
Minister Van Weel:
We gaan als Europa niet in oorlog komen met de Verenigde Staten om
Groenland. Dat is het meest onzalige scenario dat zowel wij als de
Verenigde Staten zich denk ik zouden kunnen bedenken. Dus ja: ik heb die
interviews met onder andere Stephen Miller, een van de adviseurs van
Trump, over het niet uitsluiten van welke opties dan ook, gezien. Ik
lees dat toch vooral als retoriek. Ik grapte daarnet dat er al jaren
meer Amerikaanse dan Deense militairen op Groenland zitten. Maar ik denk
echt dat we nu op een volwassen manier achter gesloten deuren met de
Denen en met Rubio tot de kern moeten komen van wat hierachter zit. Als
het om veiligheidsbelangen gaat, dan kunnen we daar goed op samenwerken.
En zo niet, dan niet. Tot die tijd is ons statement helder: de toekomst
van Groenland is aan Denemarken en de Groenlanders, en aan niemand
anders.
De heer Boswijk (CDA):
Allereerst ben ik het er zeer mee eens dat wat Denemarken doet inderdaad
leidend moet zijn en dat wij wat dat betreft moeten volgen.
Het ging al even over de motie die over politieke en diplomatieke steun
gaat. Het gaat nu inderdaad in de media over een mogelijke NAVO-missie
om tegemoet te komen aan de zorgen van zowel de VS als Denemarken en de
zorgen van het hele NAVO-bondgenootschap over het Arctisch gebied. Zou
het deze minister helpen als wij ook militaire steun aan dat voorstel
toevoegen als het gaat over die NAVO-trainingsmissie, of welke vorm die
missie dan ook gaat hebben, zodat de minister in ieder geval weet hoe de
Kamer daar tegenover staat?
Minister Van Weel:
Ik vind het nog iets te vroeg om daarop te reageren. Ik zie ook alleen
het NOS-bericht binnenkomen. Dat is me nog iets te mager om te weten
waar de NAVO nu staat. Ik heb ook nog geen formele verklaring gezien
vanuit de NAVO zelf. Ik haal daar dus liever eerst wat informatie op,
maar wij weten elkaar vast te vinden voor het tweeminutendebat.
De voorzitter:
Dus het is staatsrechtelijk ⦠U wordt nu namelijk aangesproken op het
aanpassen van een motie die nog niet is ingediend.
Minister Van Weel:
En die al oordeel Kamer heeft.
De voorzitter:
En dat die motie al oordeel Kamer heeft. Betekent deze suggestie nog
iets voor het oordeel van de minister?
Minister Van Weel:
Laten we het niet nog complexer maken.
De voorzitter:
OkƩ, dan gaan we door. Ik kijk even of er nog andere vragen zijn op dit
punt. Anders gaan we door naar het volgende blokje.
Minister Van Weel:
Ja, dat is het kopje waar natuurlijk de meeste vragen over gingen. Dat
verbaast me niet. Ik denk dat daar de meeste discussies over gegaan zijn
in diverse gremia de afgelopen week. Dat is hoe we nu aankijken tegen
deze operatie. Laat ik beginnen met zeggen dat ik het ongemak deel dat
ik proef uit een hoop van uw interventies. Dat is het ongemak dat wij
naar een multipolaire wereld dreigen te gaan waarin de macht van de
grootmachten zwaarder weegt dan het internationaal recht. Van nature
zijn wij in Europa als een conglomeraat van individuele kleinere staten
gebaat bij een systeem dat gebaseerd is op het internationaal recht,
waarin het internationaal recht wordt gerespecteerd en waarin er in
overleg in multilaterale gremia zoals de VN kan worden gekomen tot een
ordening van de wereld.
Maar we wisten al langer dat die wereld niet perfect is. Dat is niet
nieuw. Schendingen van het internationaal recht zijn dat ook niet. Het
is wat dat betreft ironisch om te zien dat de landen die als eerste naar
buiten kwamen met een veroordeling van deze schending door de Verenigde
Staten, nou juist die landen zijn die het internationaal recht waar
mogelijk en in de praktijk vaak volledig aan hun laars lappen. De eerste
landen die naar buiten kwamen met een veroordeling van deze actie van de
Verenigde Staten waren Iran, Rusland, China en Noord-Korea. Het was ook
Hamas.
Natuurlijk hebben wij als Europa snel gezegd: "Wij willen niet naar een
orde waarbij het internationaal recht niet meer leidend is in onze
ordening. Wij hechten aan het internationaal recht. Dat vinden wij
wezenlijk voor ons voortbestaan. Dat is ook hoe wij onze wereld voor ons
zien." Met die insteek is het ook belangrijk dat in een wereld waarin
grootmachten steeds luider en vocaler worden en steeds minder lijken te
hechten aan het internationaal recht, we als EU samenkomen. Laat ik die
oproep, die een groot aantal van u heeft gedaan, van harte ondersteunen.
Wat mij betreft ā dat zal ik u eerlijk zeggen ā zijn wij nog niet op het
punt aanbeland waarop we met Europese legers aan de slag zouden kunnen
of moeten en waarop we als Europa ƩƩn grote leider hebben die namens ons
spreekt. Maar ik zou het heel wat vinden als we in dit soort gevallen
als EU sneller met z'n zevenentwintigen op ƩƩn lijn kunnen komen en als
we sneller kunnen schakelen op het moment dat dit soort zaken zich
aandienen. U heeft nu gezien dat er uiteindelijk een verklaring van 26
EU-landen is uitgegaan. Er ontbreekt er dus een. Dat is in dit geval
Hongarije. Die verklaring ging uit na 30 uur. Die verklaring heeft
natuurlijk ook nog eens weinig impact op de situatie in de wereld zoals
die is.
Dat is misschien wel de ultieme wake-upcall hier; als wij ons tot een
wereld van grootmachten willen verhouden, dan zullen we ook de taal van
macht weer moeten leren spreken. Dat betekent ook het hebben van macht.
Dat betekent het inzetten van macht. Dat betekent ook dat je als Unie
gezamenlijk komt tot een structuur waarbinnen dat mogelijk is. Alleen
dan kun je niet alleen commentaar leveren op wat er gebeurt in de wereld
of statements afgeven, maar dan kun je ook een verschil maken in de
wereld waarin we leven en dan kunnen we overeind houden wat ons
bindt.
Laat ik daaraan toevoegen dat wij dat moeten doen en moeten willen doen
met de Verenigde Staten als onze bondgenoot. Als ik kijk naar de andere
krachten, naar de andere grootmachten, in de wereld, dan is het
bondgenootschap met de VS onze ultieme verzekering van onze veiligheid.
Dat is het nu, maar dat is het ook als wij onze eigen defensie opbouwen
en, als we dat met maximale kracht doen, over twintig jaar misschien in
staat zijn om voor een groter deel voor onze veiligheid zorg te dragen.
Dan nog is in die wereld een bondgenootschap en een partnerschap met een
land als de VS, waarmee we toch de meeste waarden delen als het gaat om
vrijhandel, mensenrechten en het respecteren van de democratie ⦠Dat is
in ons belang, maar, zeg ik erbij, dat is ook in Amerikaans belang. In
die zin zullen we dus tegenover de Verenigde Staten helder moeten maken
dat de Verenigde Staten ook in zo'n nieuwe multipolaire wereld gebaat
zijn bij een stevig partnerschap met de Europese Unie.
Dit alles vormt de context waarin de Europese Unie naar deze acties
heeft gekeken.
In het EU-statement van de 26 landen staat dat gehecht wordt aan het
handhaven en het respecteren van het internationaal recht, zeker wat
betreft landen die een zetel in de Veiligheidsraad bezetten. In mijn
brief heb ik al in aanvulling op deze stelling toegevoegd dat deze
operatie terecht vraagtekens heeft opgeroepen over dat recht. Laat ik u
hier zeggen dat ik op basis van de informatie die ik nu heb, die ik tot
op heden van de Verenigde Staten heb gekregen, niet kan zien hoe deze
actie in lijn is met het internationaal recht. Maar een definitief
oordeel hierover heeft de Europese Unie nu niet willen vellen. Wij
hebben gemarkeerd dat we alle landen oproepen zich te houden aan het
internationale recht. We hebben in de verklaring impliciet ā dat maak ik
voor u nu expliciet ā grote vraagtekens geplaatst bij de vraag of dat
bij deze operatie het geval is, maar in eerste instantie is het aan
landen die het internationaal recht preken om daarover verantwoording af
te leggen. Dat doen de Verenigde Staten op verschillende manieren.
Daarvoor is er een sessie van de VN-Veiligheidsraad geweest. Overigens
heeft die niet vanwege een veto van de Amerikanen geen vervolg gekregen.
Er is gewoon een uitwisseling geweest van gedachten, meningen en
oordelen over wat er gebeurd is. Er is een vergadering geweest van de
G7, waarin dat tussen de landen uitgebreid gewisseld is, en eergisteren
is er een vergadering geweest van de Organisatie van Amerikaanse Staten,
waarin alle landen van de Amerikaanse continenten, Noord- en
Zuid-Amerika, hierover van gedachten hebben gewisseld. Ook in de
bilaterale contacten komt dit aan de orde, en dus ook in mijn contacten
met Secretary Rubio.
Ik zeg er wel bij dat de context natuurlijk een rol speelt, dat ik geen
traan heb gelaten om het feit dat Maduro zich nu in Amerikaans
gevangenschap bevindt en dat er nu mogelijk zicht is op een einde aan
deze dictatuur, die voor zo veel onrust heeft gezorgd, niet alleen in
Venezuela, maar ook daarbuiten. Dat is ook waarom ik en al mijn Europese
collega's zich willen richten op de vraag hoe wij ons maximaal kunnen
inspannen ā waar hebben wij wĆ©l invloed op? ā opdat die transitie wĆ©l
gebeurt en die stappen wƩl worden gezet. Ik krijg net binnen dat
inderdaad politieke gevangenen zullen worden vrijgelaten en dat
RodrĆguez dit ziet als een teken, als een gesture van goodwill. Maar we
weten nog niet om welke aantallen het gaat of om welke nationaliteit.
Hopelijk krijgen we daar snel meer duidelijkheid over.
Ik denk dat de Europese Unie nu het verschil kan maken door dat traject
te blijven steunen, door daar bovenop te zitten. Wij, en Nederland in
het bijzonder, hebben al jaren warme contacten met de oppositie. Ook
vandaag hebben Nederlandse functionarissen contacten gehad met
oppositieleiders en -leden. Hopelijk kunnen wij daarmee een verschil
maken voor een transitie naar een democratisch Venezuela.
De voorzitter:
Dank u wel. Mevrouw Teunissen had zich gemeld.
Mevrouw Teunissen (PvdD):
Ik hoor nog steeds geen klip-en-klare veroordeling van de inval door de
VS in Venezuela. Snapt het kabinet dat hierdoor een gevaarlijk precedent
wordt geschapen waardoor landen zomaar straffeloos andere landen kunnen
binnenvallen, en dat de soevereiniteit en veiligheid van elk land
daardoor in gevaar komen?
Minister Van Weel:
Ik heb het geformuleerd zoals ik het net heb geformuleerd: op basis van
de informatie die ik nu heb gekregen, kan ik niet komen tot een oordeel
over hoe dit in lijn kan zijn met het internationale recht. Ik heb ook
gezegd dat het nu aan de VS is om daar in eerste instantie
verantwoording over af te leggen en om aan te geven hoe zich dit volgens
hen wƩl verhoudt tot het internationale recht. Die discussie zullen we
afwachten. Die discussie wordt op dit moment overigens ook in de
Verenigde Staten zelf gevoerd. Vandaag is er in de Senaat een stemming
geweest, waardoor in ieder geval de power, de macht, van Trump om in
Venezuela unilateraal nog verdere stappen te nemen, is afgenomen. Dat is
al een significante stap om te zien hoe deze democratie, namelijk de
Verenigde Staten, zich verhoudt tot wat er hier gebeurd is. Er loopt ook
een wetstraject tegen de heer Maduro. Een strafrechter in New York zal
ook beoordelen of de manier waarop de heer Maduro naar New York is
gekomen wel legaal is en of hij daardoor wel vervolgd kan worden. Dat
zijn wel de stappen die niet alleen ik, maar wij als EU willen afwachten
om daarin verder de dialoog voort te zetten. Daarnaast roepen we wel
voor de toekomst op ā daarom wijzen ook alle Europese landen op het
belang van soevereiniteit en territoriale integriteit ā dat iedereen
zich aan de grondbeginselen van het VN-verdrag moet houden, en zeker de
landen die in de VN-Veiligheidsraad zitten. Wat betreft Groenland hebben
we zelfs expliciete waarschuwingen en statements afgegeven dat we dat
absoluut niet zullen tolereren.
Dan wat betreft precedentwerking. Ook dit hoor je weer veel vanuit
landen die eigenlijk toch al niet zo heel veel op hadden met het
internationaal recht, alsof dit een extra verantwoording zou geven voor
de daden die zij eigenlijk al deden. Laten we eerlijk zijn: Poetin had
deze rechtvaardiging niet nodig om zijn brute agressieoorlog tegen het
democratische OekraĆÆne te starten. China had deze rechtvaardiging niet
nodig om de acties die zij in de Zuid-Chinese Zee of op de grens met
India uitvoeren te rechtvaardigen. In die zin zullen zij van goede wil
dus elke schending van het internationaal recht betreuren, en dat doen
wij als Europa dus ook. Zij van slechte wil zullen degenen zijn die het
aangrijpen om ook hun eigen oordeel te rechtvaardigen.
Mevrouw Teunissen (PvdD):
Ik vind het een zeer vreemde reactie van de minister dat we ons moeten
meten aan landen die niet deugen, om dan vervolgens te zeggen: die
landen hebben het wel veroordeeld en wij doen dat niet. Dat is echt de
omgekeerde wereld. Nederland was er, terecht, als de kippen bij toen
Rusland agressief OekraĆÆne binnenviel. Dat hebben we toen direct
veroordeeld. Waarom is er nu zo'n dubbele maat? Waarom zetten we nu
vraagtekens bij of het wel gerechtvaardigd is? Hoe gaan Nederland en
Europa de VS dan ter verantwoording roepen, als de minister dat gaat
doen?
Minister Van Weel:
Nou, allereerst is "ter verantwoording roepen" geen term die zich
verhoudt tot het internationaal recht. Er is geen wereldpolitie. Wij
zijn als wereldgemeenschap verantwoordelijk voor het overeind houden van
het internationaal recht. Er is geen politie waar je in dit soort
gevallen naartoe kunt gaan. Je zult dat dus in dialoog moeten doen. Die
dialoog voeren we. Die voeren we ook in eerlijkheid, maar niet altijd in
de hardheid en in de openbaarheid zoals die nu door sommige van deze
landen wel wordt gevoerd. Daarbovenop vind ik het belangrijk ā dat is me
echt uit het hart gegrepen ā dat we hierin als EU gezamenlijk optreden.
Dat sluit ook aan bij wat velen van u hebben genoemd. 27 verschillende
geluiden, oordelen, uit de Europese Unie is wellicht het slechtste wat
we ons kunnen veroorloven als wij een machtsfactor willen zijn tegenover
de grootmachten die we nu eenmaal kennen in de wereld. Dat geeft geen
pas en dat haalt ook niks uit. Een verklaring van 26 landen kent soms
misschien niet alle scherpte die je in een enkel geval wellicht de ene
kant op dan wel de andere kant op zou willen, maar het is nog altijd een
sterk signaal. Een signaal van 26 landen is sterker dan dat van 1.
Mevrouw Teunissen (PvdD):
Ik constateer veel omfloerstheid. Ik constateer wel dat het kabinet iets
is opgeschoven. Eerst wilde het kabinet namelijk geen oordeel vellen
over de aanval op Venezuela en nu zet het toch een klein beetje
vraagtekens bij de schending van het internationaal recht. De vraag is
of de minister dit ook overgebracht heeft op zijn Amerikaanse collega
tijdens het gesprek. Heeft hij ook gezegd dat wij er als Nederland
vraagtekens bij zetten of dit een schending is van het internationaal
recht? Heeft hij dat gedaan?
Minister Van Weel:
Normaliter weid ik niet uit over wat ik allemaal bespreek in dit soort
gesprekken, maar ik ben vrij openhartig geweest over wat ik gehoord heb.
Ik heb dit opgebracht, ja.
De heer Dassen (Volt):
Ik proef hier toch een beetje die afhankelijkheidsangst voor de
Verenigde Staten die we hebben als Europa. De minister noemt allerlei
landen, maar bijvoorbeeld Braziliƫ, Mexico, Colombia en een Europees
land als Spanje hebben wel degelijk een veroordeling uitgesproken, net
als veel Amerikaanse politici zelf.
Ik vind het ook een gevaarlijke precedentwerking hebben, juist omdat je
een signaal afgeeft richting roofdieren zoals Poetin en Xi. Zo van: het
internationaal recht is dus soms belangrijk. Ik noem het sterke
statement over Groenland dat terecht wordt gegeven. Maar bij een land
dat voor ons wellicht wat minder relevant wordt geacht, of waar we
minder invloed denken te hoeven uitoefenen, doen we dat niet. Dat geeft
natuurlijk een hypocriete houding op het wereldtoneel en dat kan ons als
Europa ook daadwerkelijk schade toebrengen.
Minister Van Weel:
Ik hoor u. Ik zie dat gevaar minder. Ik denk niet dat mensen als Poetin
of Xi zich in enige mate gelegen laten liggen aan hoe Europa oordeelt
over de toepassing van het internationaal recht door de Verenigde
Staten. Ze zullen uiteraard wel de verschillen uitbuiten die er zullen
zijn tussen verschillende Europese landen. Dat risico loop ik wel. Maar
ik denk niet dat we hiermee de wereld gevaarlijker hebben gemaakt.
Puntkomma; ik heb wel gezegd dat we in algemene zin bewegen naar een
multipolaire wereld waarin het recht van de sterkste groter wordt. Die
zorg hangt hier wel overheen. Die gaat niet alleen maar om dit geval. Ik
denk niet dat dit geval de wereld onveiliger heeft gemaakt.
De inval in OekraĆÆne heeft de wereld onveiliger gemaakt. De acties van
China, of het nu op handelsgebied is of in de eigen regio, maken de
wereld onveiliger. De inname van Groenland zou dat eveneens doen. En
indien hier daadwerkelijk wordt vastgesteld dat dit een schending van
het internationaal recht is, betreur ik dat ook. Want al die zaken
dragen daar niet aan bij. Maar dat is voor mij wel de nuance die hierbij
hoort.
De heer Dassen (Volt):
Het gaat er hier inmiddels natuurlijk om dat de Verenigde Staten het
internationaal recht vaker aan hun laars lappen. Daarin moeten we
volgens mij als Europa dus ook duidelijk een grens stellen, door te
zeggen: dit accepteren wij niet, ook als bondgenoten niet. We moeten
zeggen: Verenigde Staten, hier moet het ophouden. Ik denk dat de
minister terecht aangeeft dat het veel sterker zou zijn als we dat
gezamenlijk zouden doen. Hij zei eerder: ik denk nog niet dat we met ƩƩn
stem op het wereldtoneel moeten gaan spreken. Dan is mijn vraag: wanneer
gaan we dat dan wel doen? Wanneer is het wel noodzakelijk? We leven in
een multipolaire wereld, met grootmachten als China en de Verenigde
Staten, die allemaal een eigen koers varen. Is dan nu niet echt het
moment om te zeggen: wij moeten als Europa met ƩƩn stem gaan spreken? We
moeten af van het veto. Daarom heb ik er ook toe opgeroepen om de
Europese Raad bijeen te roepen om die noodzakelijke stappen te gaan
zetten. Dit is het moment om dat te doen.
Minister Van Weel:
Ik ben helemaal niet tegen met ƩƩn stem spreken. Ik ben dus uiteindelijk
ook blij dat we in ieder geval de EU-26-verklaring nog wel hebben
gekregen. Maar alleen verklaringen afgeven is niet genoeg in een wereld
van macht. Er is een X-account "Is EU Concerned?". Ik raad het u van
harte aan voor een luchtig intermezzo overdag. Daar wordt bijgehouden
hoeveel keren per dag de EU "concerned", "very concerned" "extremely
concerned" of "slightly concerned" is. Waar we voor moeten oppassen, is
dat we als EU niet de tribuneklanten van de wereldpolitiek worden,
waarbij we wel het commentaar leveren, maar geen daadwerkelijke rol
spelen in de oplossing van conflicten dan wel in het dichterbij brengen
van de rechtsorde. Dat kun je alleen maar doen door je structuren in te
richten. Uw Kamer is in grote meerderheid voorstander van het afschaffen
van het veto op buitenlands beleid. Daar spannen we ons voor in. Dat zou
een belangrijke stap kunnen zijn om in dit soort gevallen sneller bij
elkaar te komen. Het gaat er ook om dat je een geloofwaardige macht hebt
om daadwerkelijk mee te praten aan tafel. Het gaat om economische macht,
inclusief alle drukmiddelen die erbij horen, maar ook militaire
macht.
De voorzitter:
Dank u wel.
De heer Van der Lee (GroenLinks-PvdA):
Ik moet de minister een compliment maken. Hij is een goede diplomaat.
Maar daarom moet je ook heel goed luisteren. Ik hoor hem nu op twee
momenten een stap verder zetten dan die Europese verklaring. Dat roept
vragen op en hij komt tot het oordeel dat deze operatie in lijn is met
het internationaal recht. Dat zijn twee stappen verder. Hij benadrukt
ook dat we als Europa de taal van de macht moeten spreken. Dat hoeft dus
niet unaniem. Dat kan ook zonder veto. Mag ik daaruit dan afleiden dat
in dit concrete geval Nederland wat eerder en een wat scherpere
verklaring had willen hebben van een misschien kleiner aantal EU-leden
dan nu het geval is?
Minister Van Weel:
Dank voor het compliment overigens. U vergeet nog ƩƩn nuance. Ik heb
gezegd: op basis van de informatie die ik nu heb. Dat is het voorbehoud
dat ook in de EU-verklaring zit, omdat het nu wel echt aan de VS is om
eerst die stappen te doorlopen. Je doet een aanklacht. Je plaatst ergens
twijfels bij. Dan is het ook aan de partij bij wie die twijfels gezet
worden om te komen met een verklaring, alvorens je daar definitief een
oordeel over hebt. De worstmakerij van 26 landen in een kamer is een
proces dat ik niemand zou willen aandoen. Natuurlijk zitten daar
ontzettend veel tinten in. In de EU-verklaring kun je wat ik nu
expliciet maak, heel impliciet lezen. Daar ben ik blij mee. Dat is dat
vooral landen die een zetel in de Veiligheidsraad hebben een speciale
verantwoordelijkheid hebben voor het hooghouden en handhaven van het
internationale recht.
De heer Van der Lee (GroenLinks-PvdA):
Weer een compliment, maar dan toch iets minder positief, want u draait
eromheen. Ik had toch een heel specifieke vraag over hoe Nederland zich
in deze casus heeft opgesteld. Een land als Estland is heel outspoken,
omdat zij de hete adem van Rusland in hun nek voelen. Dit schept een
precedent dat hen direct bedreigt. Voor Nederland is het ook veel
bedreigender dan voor een nucleaire macht als Frankrijk. Hoe heeft
Nederland zich in deze discussie opgesteld? Had u eerder en wat harder
willen oordelen?
Minister Van Weel:
Wij staan achter het EU-statement. Ik geef u hier vandaag iets meer
duiding aan hoe ik dat lees, op basis van de informatie die ik nu heb.
Dat is het nuanceverschil dat u hier van mij hoort.
De heer Van Baarle (DENK):
Ik zie een minister die het internationaal recht eigenlijk een beetje
opzijzet. In het verleden deed hij dat wanneer het om Israƫl ging. Dat
doet hij nog steeds. Nu doet hij dat bij de Verenigde Staten. De
Verenigde Staten schieten gewoon tientallen mensen van bootjes in de zee
af. Dat zijn standrechtelijke executies. De Nederlandse regering zegt:
ze moeten maar met een uitleg komen. Ze veroordeelt dat niet. Ze
ontvoeren nu een president en vallen een land illegaal binnen. De
Nederlandse regering zegt: ze moeten maar met uitleg komen. Ze
veroordeelt dat niet. Deze minister kan op het moment dat deze
overduidelijke schendingen van het internationaal recht niet door hem
veroordeeld worden toch nooit meer in de wereld geloofwaardig over het
internationaal recht praten?
Minister Van Weel:
Deze minister vindt van wel. Ik heb ook geprobeerd uit te leggen in wat
voor wereld wij leven, hoe we ons daartoe moeten verhouden, maar
tegelijkertijd ook hoe belangrijk het dan is dat je je eenheid als EU
bewaart en blijft staan voor de zaken waar je voor staat. Dat is precies
wat er in die EU-verklaring staat.
De heer Van Baarle (DENK):
Er staat letterlijk vrijwel niets in die EU-verklaring en deze minister
zegt vrijwel niets. Het enige wat deze minister oppert, is een aantal
diplomatieke omslachtigheden, omdat hij afhankelijk is van de Verenigde
Staten en de waarheid niet tegen Trump durft te zeggen. Dat is gewoon
wat hier aan de hand is. Wanneer deze minister zegt dat hij zich dan nog
prima in de spiegel aan kan kijken, dan vraag ik me gewoon af wat het
internationaal recht nog waard is.
De voorzitter:
Dank u wel.
De heer Van Baarle (DENK):
Al die landen die het internationaal recht nog wel serieus nemen ā¦
De voorzitter:
Dank u wel. De minister.
De heer Van Baarle (DENK):
⦠zien een minister die dat nu niet doet.
Minister Van Weel:
Ik moet even kijken wat de vraag hier nou was. Is het internationaal
recht nou wat waard? Ja, absoluut. Daarom staat het ook centraal in de
verklaring die we hebben gegeven. Daarom hebben we het daar ook over in
de bilaterale gesprekken die we hebben.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Volgens mij kunnen er twee dingen tegelijk waar zijn. Er kan sprake zijn
van schending van het internationaal recht, namelijk door het
binnenvallen van een land, wat niet mag. Tegelijkertijd kun je
concluderen dat er in de huidige situatie en de stelling van de
multipolaire orde geen gevolgen aan verbonden worden. Dit past in het
patroon dat de Europese Raad en de Commissie zich niet uitspreken als
het gaat om belangen. Denk aan Nagorno-Karabach, aan Saudi-Arabiƫ tegen
Jemen en aan Turkije-Syriƫ. Tegen Rusland wel, maar tegen Amerika nu ook
weer niet. Mijn vraag is wat het betekent voor artikel 90 dat wij
geroepen zijn om de internationale rechtsorde te bevorderen. Is die
rechtsorde er dan nog wel? Hoe ziet het bevorderen ervan er dan uit
volgens de minister?
Minister Van Weel:
Er is een verschil tussen bevorderen, statements geven en oordelen, en
dan gaat het ook nog om de manier waarop je daarmee omgaat. Ik zie
mijzelf als een realpolitiker, in die zin dat ik kijk naar de wereld
zoals die is en niet per se naar de wereld zoals ik die zou willen
hebben. Binnen de wereld zoals die is, kijk ik hoe ik een verschil kan
maken om de wereld een stukje dichter te brengen bij hoe ik de wereld
graag zou willen hebben. Dat vereist heel vaak diplomatie achter de
schermen. Dat vereist heel vaak optrekken met anderen, om niet alleen te
staan en daardoor je impact te verkleinen. Per definitie komt dat minder
spectaculair over, maar ik denk dat ik met mijn reƫle bijdrage de
belofte van artikel 90 wel degelijk gestand doe. Met volle
overtuiging.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Volgens mij zijn een paar landen individueel wel verder gegaan. De
minister is vandaag ook een paar stappen verder gegaan. Ik ben nog
benieuwd wat de concrete vrees is van de minister als hij enerzijds
benoemt dat er sprake is van schending van het internationaal recht en
anderzijds accepteert dat daar geen gevolgen aan verbonden kunnen
worden. Volgens mij kunnen die twee dingen naast elkaar waar zijn. De
minister doet dat niet, ook vandaag weer niet. Ik ben benieuwd waar dat
'm in zit. Is het de onvoorspelbaarheid van de heer Trump? Zit er een
andere reden achter? Ik vraag dat ook in het licht dat andere landen
zich kennelijk wel geacht en vrij voelen om die stap te zetten.
Minister Van Weel:
EƩn. Die twee dingen kunnen naast elkaar bestaan. Daarom vind ik de
context zo belangrijk van wat er gebeurd is. Het was namelijk een
beperkte operatie, waardoor een vreselijke dictator, die wij niet
erkenden als staatshoofd, niet meer in Venezuela is. Dat geeft mij hoop.
Dat neemt niet weg dat je over de route waarop men daar gekomen is, wel
degelijk een oordeel kunt hebben. Ieder land kiest zijn eigen zaak. Ik
denk dat er maar een paar landen zijn geweest die zijn afgeweken van de
EU-26-verklaring. Soms waren het alleen sommige functionarissen en soms
was men zelfs tegenstrijdig. Ik vind dat niet sterk. Dat maakt ons als
EU niet sterker. Ik zou ervoor pleiten om zo veel mogelijk op ƩƩn lijn
te blijven zitten. Dit is onze lijn en daar sta ik achter. Ik heb er net
wat kleuring aan gegeven over hoe ik er zelf tegen aankijk en hoe ik de
verklaring lees.
Mevrouw Van der Werf (D66):
De minister had het net in het Groenlandblokje nog over de woorden van
Stephen Miller. Hij deed ze af als retoriek. Ik ben daar echter
allerminst van overtuigd. Ik denk dat het zeer belangrijk is dat we er
niet nog een keer 30 uur over doen om met een verklaring te komen. Stap
ƩƩn, die je heel snel zou kunnen nemen, is het afschaffen van het veto
op buitenland- en veiligheidsbeleid. Is dat iets waarvoor de minister
gaat pleiten?
Minister Van Weel:
Ja, uw Kamer heeft daarvoor een motie aangenomen. Wij spannen ons daar
absoluut voor in. We zien de frustratie bij besluiten die eenzijdig
worden geblokkeerd door ƩƩn of twee lidstaten. Ik moet eerlijk zijn: ik
heb me zelf hard gemaakt om dan maar een EU-26-verklaring te doen
uitgaan, in plaats van alleen maar een verklaring vanuit de Hoge
Vertegenwoordiger, wat de normale route is. Ik had nog steeds liever een
verklaring namens 26 lidstaten, want dan weet iedereen wie er niet wilde
meespelen. Zo heb je in ieder geval iets van naming-and-shaming en heb
je de massa van 26 landen erachter. Dat is hoe we het inmiddels een
aantal keren met sancties en anderszins voor elkaar hebben gekregen: dat
een regeringsleider net even niet in de zaal is of vergeet te stemmen.
Dat is hoe we het nu werkend maken. Idealiter zou je daarvan af willen
en dit soort besluiten met een gekwalificeerde meerderheid nemen.
De voorzitter:
Ik hoor dat mevrouw Van der Werf haar interruptie spaart. Ik kijk even
verder. Dan zijn we aan het einde gekomen van de beantwoording van de
minister.
Minister Van Weel:
Ik heb nog een blokje.
De voorzitter:
Sorry, heeft u nog een blokje overig? O, dat had ik niet genoteerd. Heel
goed.
Minister Van Weel:
Nogmaals, omwille van uw timemanagement heb ik ongetwijfeld enkele
vragen net te kort beantwoord of te veel samengepakt. In dat geval hoor
ik dat graag van u.
De heer Dassen had een vraag over artikel 42, lid 7. Dat is niet
onverkort van toepassing op het Caribisch deel van het Koninkrijk. We
zullen daar dus zelf voorzieningen voor moeten treffen. Dat doen we ook;
vandaar dat we onze eigen Defensie daar gestationeerd hebben.
Mevrouw Teunissen vroeg of ik bereid ben om een alternatief
samenwerkingsverband voor de NAVO te verkennen. Na mijn betoog van net
mag het geen verrassing zijn dat ik denk dat de NAVO cruciaal is voor
onze veiligheid. Dat is nu het geval, maar ook, zelfs met de massale
inspanningen op het gebied van de opbouw van onze defensie, in de
komende twintig jaar. We kunnen de scheefheid verder gelijktrekken. Ik
ben er erg voor dat we dat doen. Ik ben er erg voor dat we als Europese
landen een beter evenwicht hebben met de Verenigde Staten. Ik denk dat
dat de relatie ook ten goede komt, maar zonder de NAVO zou ik me op dit
moment ernstig zorgen maken over onze veiligheid hier in Europa.
Dan was er nog de vraag van de heer Vermeer over de geopolitieke
situatie op het gebied van grondstoffen. Ja, de EU is daar ook mee
bezig. Ik denk dat dit nou typisch een vraagstuk is dat we ook in
EU-verband moeten aanpakken. Er is de Critical Raw Materials Act van de
EU. De EU heeft in december ook het RESourceEU-actieplan gepresenteerd.
Dat zult u binnenkort met een appreciatie van het kabinet ontvangen.
Zelf kijken wij natuurlijk ook in het kader van de Nationale
Grondstoffenstrategie naar een verbetering van de
leveringszekerheid.
Dan voor zover u doelde op de twee landen waarover we het vandaag hebben
gehad. Dat betreft Venezuela en olie. Voor zover ik het van de Verenigde
Staten begrijp, is de grootste frustratie dat er mijnen in handen van
terroristische organisaties zijn. Daar wordt goud uit gehaald, dat
uiteindelijk oorlogen elders op de wereld financiert.
Niet-vriendschappelijk gezinde landen als Iran en Rusland profiteren van
de olie die uit Venezuela komt. De opbrengsten daarvan komen ten gunste
aan het regime, dat uiteindelijk met drugstransporten en repressie de
eigen bevolking onderdrukt. Ik zie dat als de grootste motivatie.
Natuurlijk zit het businesssausje er overal overheen met deze
administratie, en zeker bij deze president. Maar als we intern kijken of
als we opvragen wat de olieassets van Venezuela betekenen voor de
wereldwijde markt, dan duurt het nog heel veel jaren tot je kunt komen
tot een echte opwaardering van de productie. Die zit nu op een vrij laag
niveau, met een vrij lage kwaliteit olie.
De vragen over Groenland heb ik eigenlijk al beantwoord in antwoord op
de vraag van de heer Van der Lee. Denemarken zelf ziet daar niet de
grote vis.
De voorzitter:
Dank. Wilde u nog interrumperen op dit punt, meneer Vermeer?
De heer Vermeer (BBB):
Voorzitter, dat is niet op dit punt. Voor mijn gevoel heb ik echter nog
geen concreet antwoord gekregen op mijn vraag hoe het nou zit met samen
met het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk in het Caribisch gebied een
echt intensieve samenwerking opzetten. Die drie landen hebben eigenlijk
dezelfde belangen, van twee werelden in twee gebieden.
Minister Van Weel:
Die banden zijn heel nauw. Op Sint-Maarten is dat natuurlijk evident,
want daar ligt de enige landsgrens die wij met Frankrijk hebben. Daar
bestrijkt het dus alle terreinen. Maar ook waar het gaat om
veiligheidsissues in het Caribisch gebied wordt er nauw samengewerkt
door onze Defensies, met gezamenlijke oefeningen. De Britten en de
Fransen zitten ook in dat drugsbestrijdingsconvenant. Ook nu zijn er
direct nauwe contacten geweest met deze landen, met name over onze
primaire zorg. Dat is: wat betekent dit voor de stabiliteit bij ons
Koninkrijk, Engeland en de Republiek?
De voorzitter:
Dank. Ja, meneer Hoogeveen.
De heer Hoogeveen (JA21):
Ik had de minister nog een vraag gesteld over zijn gesprek met minister
Rubio. Ik vroeg met name hoe de Amerikanen kijken naar Caribisch
Nederland, bijvoorbeeld naar de ligging. De minister zei dat er in het
gesprek ook is gesproken over dat de eilanden bijvoorbeeld zouden kunnen
worden gebruikt bij de interventie van de Amerikanen. We hebben dat als
Nederland afgehouden. Hoe kijken de Amerikanen naar de strategische
ligging van Caribisch Nederland, denkend aan veiligheid en de belangen
van veiligheid? Ik wil geen slapende honden wakker maken, maar als we
zien wat er nu in Venezuela aan de hand is, zou Caribisch Nederland ook
aantrekkelijk kunnen zijn.
Minister Van Weel:
De samenwerking met de VS is altijd goed geweest. De heer Van Baarle
refereerde al aan de forward operating base die de Amerikanen hebben op
CuraƧao. Die samenwerking is dus intensief. Ik denk dat ze ons gedurende
deze operatie vooral als een hinder hebben gezien, omdat we daar in de
weg lagen tussen de Verenigde Staten en Venezuela en wij heel duidelijk
hebben gemaakt dat we geen enkele zweem van bemoeienis van onze landen
wilden met deze operatie. Secretary of State Rubio heeft mij gebeld na
de operatie. Hij heeft gezegd dat nu deze operatie voorbij is, wat hem
betreft, er ook weer volledige openheid in de informatie-uitwisseling
kan zijn en dat ze geen verdere militaire interventies voorzien. In die
zin kijken ze graag hoe wij kunnen bijdragen aan de transitie van
Venezuela, zowel economisch als politiek. Dat zijn twee doelen die we
natuurlijk steunen.
De heer Boswijk (CDA):
De krampachtigheid waar we ons toch een beetje in bevinden, komt
natuurlijk door de grote afhankelijkheid die we hebben van de Verenigde
Staten. Vorig jaar april heb ik een voorstel gedaan om met een
Amerikastrategie te komen, omdat we ons elke keer laten overvallen en
het heel vaak hebben over onze afhankelijkheden van de VS, terwijl er
natuurlijk ook afhankelijkheden zijn van de VS richting ons. Zo'n
strategie zou kunnen helpen om een wat meer evenwichtige relatie te
hebben en veel strategischer na te denken over hoe we de relatie
duurzaam evenwichtiger kunnen maken. Ik had er een vraag over gesteld,
want destijds werd de motie ontraden, maar wel aangenomen. Gezien de
actualiteit ben ik benieuwd of de motie mogelijk met meer bloedspoed kan
worden uitgevoerd.
Minister Van Weel:
Die adviesaanvraag ligt bij de AIV, die daarmee aan de slag is gegaan.
Uit mijn hoofd zeg ik dat we daarvoor in november de opdracht hebben
gegeven. Ik wil wel kijken hoe we daar uiteindelijk mee omgaan. We
hebben die discussie eerder gehad over de Chinastrategie. We leven
uiteindelijk in een wereld waarin misschien niet alle strategieƫn in
alle openheid op tafel moeten komen te liggen. Als het advies van de AIV
komt, dan zullen we dat uiteindelijk appreciƫren, maar mogelijk zullen
we daar dan in vertrouwelijke setting met u over praten.
De voorzitter:
Ja, helder.
De heer Boswijk (CDA):
Ik snap dat, het is ook niet bedoeld als een soort exitstrategie: we
hakken de banden los en zoek het uit. Het is er juist voor bedoeld om er
op een meer evenwichtige manier naar te kijken en aan de Amerikanen te
kunnen laten zien dat ze ons ook nodig hebben, bijvoorbeeld bij andere
conflicten in de wereld. Op die manier is het ook bedoeld.
Minister Van Weel:
Helder.
Mevrouw Van der Werf (D66):
De minister gaf aan het begin van zijn inbreng duidelijk aan wat er in
het telefoongesprek met Rubio is uitgewisseld; dank voor die openheid.
Ik vraag me wel af hoeveel zin het heeft om alleen op die analyse te
varen. Ik begreep zowel vanuit Washington als van andere experts dat
juist Vance en Miller heel erg het oor van de president hebben. Varen we
dan niet te veel op ƩƩn geluid uit die kring? Is het verstandig, als we
dat doen, om op die manier ons voor te bereiden op bijvoorbeeld
Groenland?
Minister Van Weel:
Ik grapte tegen Rubio dat ik weleens klaag dat ik met twee
ministerschappen best een drukke baan heb, maar vergeleken bij wat deze
man allemaal te verhapstukken heeft, is dat nog helemaal niks. Inmiddels
gaan de memes over welke nieuwe functie deze man heeft gehad overal over
het internet, geloof ik. Ik proefde in het gesprek ā Rubio heeft vanuit
zijn herkomst een achtergrond in de regio ā een diepe analyse die is
voorafgegaan aan het plan zoals hij daarover met mij heeft gesproken. In
die zin vertrouw ik er dus ook op dat dit de strategie was zoals die
ontwikkeld was, met name door Rubio, denk ik. Hij is niet de enige die
het oor van de president heeft ā mensen als Vance en Miller hebben het
ook ā maar ik denk dat hij hier wel het brein is, in ieder geval
strategisch gezien, omdat hij degene is met de meeste kennis van
buitenlandpolitiek. Daarom ben ik ook blij dat mijn collega Rasmussen
volgende week met hem rond de tafel zit om te spreken over Groenland en
over hoe het nu verder moet.
De voorzitter:
Er is ƩƩn vraag niet beantwoord, hoor ik van meneer Ceder. Ik wilde het
eigenlijk als volgt doen. Het is nu 19.40 uur. We hebben geen tijd voor
een volledige tweede termijn, maar ik wil u nog wel even de ruimte geven
om nog een enkele vraag te stellen. Die lopen we dan even langs en die
inventariseren we. Dan kan de minister daar in ƩƩn keer op terugkomen.
Is het voor u akkoord om het zo te doen? Ja? Dan beginnen we bij meneer
Ceder.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Dank u wel voor de toelichting. Ik zou in deze ruimte graag een
tweeminutendebat willen aanvragen om ruimte te creƫren voor
richtinggevende Kameruitspraken.
Er is ƩƩn vraag niet beantwoord. Die ging over de ABC-eilanden. Er wordt
geklaagd, er worden opmerkingen gemaakt, dat de informatievoorziening
niet alleen te traag verloopt, maar ook te indirect. Ik heb eerder het
voorstel gedaan om ook parlementariƫrs van bijvoorbeeld Aruba en
CuraƧao, misschien gezamenlijk met Nederlandse parlementariƫrs,
vertrouwelijk te informeren over wat er in de regio gebeurt. Mijn vraag
is of de minister, ook gezien de afgelopen dagen, bereid is om dat te
gaan verkennen. Er leeft namelijk een behoefte om dat als
Koninkrijksparlementariƫrs gezamenlijk met elkaar te overleggen.
De voorzitter:
Helder, dank. Meneer Boswijk, had u nog een vraag?
De heer Boswijk (CDA):
Dank, voorzitter. Dank aan de minister voor alle antwoorden. Ik wil me
eigenlijk kort aansluiten bij de oproep van collega Van Dijk wat betreft
een mogelijke bijdrage bij een mogelijke NAVO-missie. Ik denk inderdaad
dat die belangrijk zou zijn. Als de minister iets meer informatie heeft,
zou hij dan wellicht vóór het tweeminutendebat al iets met ons kunnen
delen over wat daar nou de status van is, zodat we daar ook nog iets mee
kunnen?
De voorzitter:
Helder. Mevrouw Van der Werf.
Mevrouw Van der Werf (D66):
Dank. In het debat en de afgelopen dagen ging het natuurlijk heel erg
over het internationaal recht en de kwalificaties daarvan, maar de
achterliggende vraag is volgens mij: wat gaan we nou op korte termijn
doen om de geloofwaardigheid van Europa op het internationale toneel te
vergroten? Wat zou je dus, naast dingen als het wegnemen van zo'n veto,
nog meer kunnen doen volgens deze minister?
De voorzitter:
Meneer Dassen, u hoeft het woord niet meer, denk ik. Klopt dat?
De heer Dassen (Volt):
Zeker wel, voorzitter; graag zelfs. Ik heb nog een paar vragen. Ik heb
een vraag over de gezamenlijke structuur waar de minister het net over
had. We moeten tot een gezamenlijke structuur komen om een macht op het
wereldtoneel te zijn. In mijn ogen hebben we de Europese Unie en zullen
we de Europese Unie dus moeten hervormen om te zorgen dat we een
structuur krijgen waarin we geen twitteraccount meer nodig hebben om aan
te tonen dat we concerned of very concerned zijn en waarin we
daadwerkelijk kunnen acteren op het wereldtoneel. Dan zullen er echter
wel hervormingen moeten plaatsvinden.
De voorzitter:
En uw vraag?
De heer Dassen (Volt):
Ik ben benieuwd: wanneer is de minister dan bereid om echt stappen te
zetten voor die Europese hervormingen om van Europa daadwerkelijk een
wereldmacht te maken?
De voorzitter:
Duidelijk. Mevrouw Teunissen.
Mevrouw Teunissen (PvdD):
Ik heb gevraagd om een concreet afbouwplan om snel onafhankelijk te
worden van gas en olie uit de VS, ook in het belang van de Nederlandse
veiligheid. Die afhankelijkheid is namelijk alleen maar toegenomen in de
laatste jaren. Nederland doet nauwelijks iets aan klimaatbeleid en het
versnellen van de groene transitie. Mijn vraag aan de minister is dus:
kan het kabinet komen met een concreet afbouwplan op korte termijn? Ik
heb het dus niet over de grondstoffenstrategie; dat is iets op de lange
termijn. Ik heb het over de korte termijn.
De voorzitter:
Dank. Meneer Van Dijk.
De heer Diederik van Dijk (SGP):
Dank, voorzitter. De minister heeft ons uitvoerig bijgepraat over zijn
contacten met Rubio. Die zijn natuurlijk buitengewoon belangrijk.
Tegelijkertijd zei de minister, terecht: de VS zijn nog steeds een
rechtsstaat. Is het niet minstens zo cruciaal dat we ook onze
diplomatieke contacten met de Senaat en het Congres op een hoog peil
houden? Kunnen we ervan uitgaan dat dat ook gebeurt?
De voorzitter:
De heer Struijs.
De heer Struijs (50PLUS):
Veel steun voor het tweeminutendebat, omdat deze bijeenkomst iets meer
het karakter van een briefing had dan van een debat en omdat de
omloopsnelheid van informatie ontzettend hoog is.
Wij hadden als een van de speerpunten de politieke gevangenen, dus graag
voor het tweeminutendebat daar waar mogelijk een brief van de minister
om even nog een update te geven over wat er de komende tijd staat te
gebeuren ā dat is veel, begrijp ik ā en ook over het vrijlaten van de
politieke gevangenen daar, om daar iets meer duiding aan te geven.
Dank u.
De voorzitter:
Dank u. Meneer Vermeer.
De heer Vermeer (BBB):
Voorzitter. De minister gaf aan ā ik ben dat met hem eens ā dat we de
taal van macht meer moeten leren spreken en die ook uit moeten durven
oefenen. In dat verband zou ik toch willen vragen of er niet overwogen
wordt om samen met het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk in het
Caribische gebied gewoon echt een duidelijk zichtbaar
samenwerkingsverband te starten, zodat duidelijk is dat je als je een
van die eilanden aanvalt te maken hebt met meer landen dan alleen
Nederland.
De voorzitter:
Meneer Dekker.
De heer Dekker (FVD):
Dank u, voorzitter. Rubio had het in een persconferentie over een strijd
tegen oligarchen die zich met drugshandel en witwasserij bezighouden en
de minister noemde vandaag terroristische organisaties. Ik vroeg me af
of daar meer over bekend is. Zijn dat statelijke actoren? Wat zijn dat
voor een organisaties? Want daar wordt blijkbaar tegen gestreden.
De voorzitter:
Helder. Meneer De Roon, wilt u nog?
De heer De Roon (PVV):
Ik wil de minister bedanken voor de beantwoording en vooral voor het
feit dat hij geen afstand neemt van de VS en dat hij, integendeel zelfs,
bereid is om met de VS samen te werken aan de uitvoering van dat
stappenplan om Venezuela in de richting van democratie en rechtsstaat te
brengen. Daar heb ik geen vragen over, maar ik wens hem daarbij veel
succes.
De voorzitter:
Dank u wel. Meneer Hoogeveen.
De heer Hoogeveen (JA21):
Voorzitter, dank. Ik heb daar wel een vraag over. De minister zei net
dat wij terecht betrokkenheid bij de operatie van de Verenigde Staten
hebben afgehouden, maar dat we wel zijn gevraagd om te helpen met de
transitie van Venezuela. Hoe zou dat er concreet uitzien? Kan de
minister daar wat meer over vertellen? Hebben we de Amerikanen ook al
gevraagd wat daar precies van ons gevraagd wordt?
Dank u.
De voorzitter:
Meneer Van Baarle.
De heer Van Baarle (DENK):
Voorzitter. Toen mijn minister mijn vraag beantwoordde over de
uitspraken van de heer Brekelmans over het opschorten van de
samenwerking met de VS op het gebied van drugsbestrijding, zei hij dat
dat ziet op het stoppen met alle samenwerking die bijdraagt aan de
nationale actie van de VS. Ik denk dat de minister met "de nationale
actie van de VS" doelt op de actie van de VS in de Caribische Zee, onder
andere in de richting van de boten en ook Venezuela. Dat bevreemdt mij,
want eerder leek de positie van de Nederlandse regering te zijn dat er
überhaupt geen bijdrage vanuit Nederland was aan die nationale actie en
het bestrijden van die bootjes. Als dat wel zo is, heeft Nederland dus
blijkbaar een actieve rol gehad in die nationale actie van de VS. Kan de
minister daar een duiding aan geven? Als we daar een samenwerking mee
hebben gehad, op welke manier hebben we die acties van de VS in de
Caribische Zee dan ondersteund?
De voorzitter:
Meneer Van der Burg.
De heer Van der Burg (VVD):
Ik ben het eens met de heer Struijs dat dit door de aard van de avond
die wij zelf met elkaar gekozen hebben meer het karakter had van een
briefing dan van een debat. We hebben überhaupt niet met elkaar
gedebatteerd, maar ik heb in ieder geval een soevereine minister gehoord
die op mij de indruk heeft gemaakt dat hij volledig in controle is als
het gaat om het hier op een juiste wijze op reageren. Geen vragen. We
leveren af en toe kritiek op het kabinet. Als iemand het gewoon
uitstekend doet, moet je dat hier ook kunnen zeggen.
De voorzitter:
En uw vraag aan de minister is: klopt dat?
De heer Van der Lee.
De heer Van der Lee (GroenLinks-PvdA):
Dank. Volgens mij was het tijdstip eigenlijk meer een gebaar richting
het ministerie van Buitenlandse Zaken, maar dat terzijde. Ik vroeg me
nog iets af. De minister zegt terecht dat wij als Europa de taal van
macht weer meer moeten leren spreken en ook moeten omzetten in daden.
Dat vereist ook middelen. Ik bedoel: Venezuela, Groenland. Leidt dit nou
ook tot andere opvattingen over straks het Meerjarig Financieel Kader of
over eurobonds? Want je kunt wel roepen dat het niet bij verklaringen
mag blijven, maar dan moeten er toch ook gewoon daden volgen? Kan de
minister daar nog op ingaan?
De voorzitter:
Goed. De minister kort op deze punten.
Minister Van Weel:
Ja, ik zal proberen om er zo snel mogelijk in chronische volgorde op te
reageren.
In antwoord op de vraag van de heer Ceder. Ik heb veelvuldig contact met
zowel de gouverneurs, de minister-presidenten als de gezaghebber van
Bonaire. En de Rijksvertegenwoordiger, moet ik erbij zeggen. Dat zijn al
best wat telefoontjes in de week. Uiteindelijk is het hun
verantwoordelijkheid om dat dan weer te vertalen richting hun eigen
parlementen. Zij hebben ook het seniorenconvent om dat eventueel in
vertrouwelijke vorm te kunnen doen. Wij zijn altijd bereid om de mensen
die we daar hebben, te helpen met eventuele briefings of andere zaken,
waar dat kan. Maar de informatievoorziening wil ik primair bij de
regeringen daar laten.
De heer Boswijk. Als er meer te delen valt vóór het tweeminutendebat,
zal ik u dat laten weten.
Mevrouw Van der Werf vroeg nog: wat kunnen we nog meer doen als EU? Ik
vind dat een uiterst interessante vraag. Ik zou dat ook heel graag in de
aanloop naar een komende RBZ in een meer strategische vorm oppakken. Als
we de geopolitieke rol van de EU willen vergroten, welke mogelijkheden
zien we daar dan voor? Een aantal zijn vandaag gepasseerd. De heer
Dassen noemt terecht dat de EU daarvoor het forum, het gremium is. Wat
moet daar veranderen als je hier een grotere rol wil spelen? Die
handschoen pak ik graag op. Als de afdronk van vandaag is dat we daar
echt wat mee moeten, vond ik het, los van de briefing, een heel zinnig
debat.
Voor de vraag van mevrouw Teunissen schiet ik tekort qua kennis. Die zal
ik echt moeten doorgeleiden naar de minister van KGG. Ik zal haar vragen
hoe het daarmee staat. Daar kan ik u nu helaas geen antwoord op
geven.
De heer Diederik van Dijk. Onze ambassade weet natuurlijk ook
senaatsleden en congresleden te vinden, zoals ambassadeurs hier in Den
Haag ook u allemaal weten te vinden, in wisselende samenstelling. Dat is
een onderdeel van het democratische proces. Dat loopt inderdaad.
De heer Struijs. Natuurlijk zullen we u op de hoogte houden van de
ontwikkelingen. Die kunnen snel gaan of langzaam gaan, maar in ieder
geval denk ik dat dit een onderwerp is waarvoor we in de aangelegen
brieven, bijvoorbeeld over de RBZ of anderszins, in ieder geval de stand
van zaken zullen meegeven.
Wat ik net oplas over de politieke gevangenen, is vers van de pers. Dat
is op dit moment dus de laatste stand. Aantallen zitten daar dus nog
niet bij.
De heer Vermeer vroeg naar het samenwerkingsverband. Dat
samenwerkingsverband hebben we met de VS. Dat is eigenlijk de beste
garantie tegen binnenvallen, want dan zit je namelijk aan tafel en vaar
je rond met degene waar je vrees voor zou hebben. Ik moet eerlijk
zeggen: ik heb die vrees niet. Ik denk dat de operatie in Venezuela
absoluut gericht was op Maduro en de strategische veiligheidsrisico's
die de VS percipieerde vanuit Venezuela, en die ik voor een heel groot
deel kan volgen. Dat zijn natuurlijk bedreigingen die wij absoluut niet
vormen vanuit onze eilanden, zoals wij die hebben of zoals het VK of
Frankrijk die hebben in dat gebied.
De heer Dekker vroeg: is er meer bekend over terreurorganisaties? Alles
zit voor een groot deel in Venezuela. Hezbollah, terreurorganisatie.
Hamas, terreurorganisatie. Maar er zijn ook statelijke actoren. Iran
speelt een rol in de bewapening van Venezuela, China in het leveren van
radars en het afnemen van olie, Rusland in het afnemen van olie en het
leveren van wapens. Denk ook aan economische activiteiten. Daar komen de
kartels nog bovenop. Denk overigens ook aan de FARC. Datgene wat van die
terreurorganisatie niet langer in Colombia zit, zit nu in Venezuela.
Daarbovenop komen de colectivo's, de milities van het Maduroregime. Er
is dus echt ontzettend veel te doen om dit terug te brengen naar een
normale staat, maar we moeten daar wel voor gaan.
De heer Hoogeveen vroeg: wat kunnen wij betekenen in die transitie? Wij
hebben dus goede contacten met de oppositie. Wij hebben een ambassade in
Caracas. Die hebben de Verenigde Staten niet meer; die willen ze
overigens wel weer gaan openen. Je zou je kunnen voorstellen dat je
bepaalde gevoelige gesprekken kunt faciliteren op onze eilanden,
waardoor je dicht bij Venezuela bent, maar niet daar. Dat zijn allemaal
zaken die gaan lopen nu dat politieke proces gaat lopen en waarvan ik
denk dat wij daarbij wel een constructieve rol zouden kunnen spelen,
zonder de gevoeligheid die daar tot nu toe natuurlijk overheen
hing.
De heer Van Baarle. Nee, we zijn daar ... Het is niet helemaal goed
gelopen met de nieuwsvoorziening. Het werd gebracht als iets nieuws van
de minister van Defensie, maar eigenlijk heeft hij willen zeggen wat we
vanaf het begin af aan al zeggen, zodra deze internationale operatie
ging lopen. Dan hebben we het over september, zeg ik uit mijn hoofd.
Toen hebben we gezegd: daar willen wij niks mee te maken hebben. Daar is
dus niks in veranderd. We hebben nooit een bijdrage geleverd, noch aan
de acties tegen de bootjes, noch aan deze actie tegen Venezuela van
afgelopen weekend. Dus daar kan ik u geruststellen.
Dan ten slotte dank natuurlijk aan de heer Van der Burg.
Tegen de heer Van der Lee zeg ik: dit komt niet gratis. Dat betekent dat
je zult moeten investeren in defensie. Als je het echt alleen wilt doen,
red je het niet met 3,5% binnen de NAVO. Dan zul je dat nog een keer
moeten verdubbelen. Dat levert dan voorlopig ook niks op. Want
uiteindelijk hebben we de fabrieken niet om de spullen te leveren daar.
Daar gaat een hoop geld in zitten; niet alleen om je militaire
zelfstandigheid te vergroten, maar ook je economische onafhankelijkheid.
Denk aan een businesscase zoals we die nu hebben lopen. Daar is u ook
alles van bekend. Het zou kunnen zijn dat als je voor bepaalde zaken
niet meer afhankelijk wilt zijn van andere landen, het duurder is en
meer investeringen vraagt om dat dan zelf te kunnen doen in eigen land
of in bevriende landen. Wat ons betreft staat daar voorop dat je binnen
het MFK met modernisering en herprioritering nog een heel eind komt.
Maar die discussie zal nog een lange aanloop kennen.
De voorzitter:
Helder. Dit is ook uitlokking richting de heer Dassen, terwijl die niks
meer mag zeggen. Dus dat is onmenselijk, zeg ik tegen de minister.
Dank.
Dan zijn we aan het einde gekomen van dit debat. Maar niet voordat ik
nog een aantal dingen met u heb afgehandeld. Dat is de administratie,
oftewel de toezeggingen.
De belangrijkste toezegging, dat alle toekomstige moties van de heer
Boswijk oordeel Kamer krijgen, hebben we niet genoteerd in het register,
maar is wel belangrijk omdat ze op X worden aangekondigd.
De toezegging die er wel is, is dat als er voor het tweeminutendebat meer te melden is over de mogelijke NAVO-missie naar Groenland of over de punten die de heer Struijs aanhaalde, met name als het gaat over de politieke gevangenen, de Kamer daar dan per brief over wordt geĆÆnformeerd.
Er is een tweeminutendebat aangevraagd door de heer Ceder. We hebben
begrepen dat dit volgende week ingepland kan worden.
Tot slot. Bij dit debat waren vanavond vijftien leden aanwezig. Dat vind
ik altijd heel heugelijk, want dat betekent dat er veel interesse is in
zo'n debat. Er waren maar acht mensen die zich hadden opgegeven. Dat
doet iets met de planning en de tijd die vervolgens voor een debat als
dit wordt ingepland. Daarom nogmaals het volgende verzoek aan iedereen.
Ook als u zich niet opgeeft, mag u komen spreken. Dat heeft echter wel
gevolgen voor de orde van het debat en voor hoeveel ruimte er is voor
het debat zelf. De vraag aan iedereen is dus om u alstublieft aan te
melden. Dan kunnen we daar namelijk op anticiperen. Dan zorgen we ervoor
dat het debat langer wordt gepland.
Dat gezegd hebbende, bedankt voor uw discipline. Maar een debat eindigt
nooit zonder een nabrander van de heer Dassen.
De heer Dassen (Volt):
Er was nog een andere toezegging richting mevrouw Van der Werf en
mijzelf over de vraag welke mogelijkheden de Europese Unie heeft om een
speler van wereldformaat te worden. De minister zei daarbij dat dit kon
voor de volgende RBZ. We hebben binnenkort ook een plenair debat over de
nationale veiligheidsstrategie van de Verenigde Staten. Wellicht kunnen
we dit daar als input voor gebruiken. Dat zou mooi zijn.
De voorzitter:
Ik kijk even naar de minister. Was dat inderdaad een toezegging?
Minister Van Weel:
Ik ga mijn best doen wat betreft de timing. Maar de toezegging
klopt.
De voorzitter:
OkƩ. Dan is de toezegging dus dat er een brief komt over de
mogelijkheden van de Europese Unie als het gaat om effectiever te
opereren? Ah, om een speler van wereldformaat te worden. OkƩ. We
proberen dit in ieder geval voor het debat over de Amerikaanse
veiligheidsstrategie te doen.
Dank u wel. Dan zijn we aan het einde gekomen van dit debat.
Sluiting 19.58 uur.
ONGECORRIGEERD STENOGRAM Aan ongecorrigeerde verslagen kan geen enkel recht worden ontleend. Uit ongecorrigeerde verslagen mag niet letterlijk worden geciteerd. Inlichtingen: verslagdienst@tweedekamer.nl |
|---|