Antwoord op vragen van het lid Boswijk over het bericht dat ‘Israëlische agenten Palestijnen doden ondanks overgave’
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D00642, datum: 2026-01-12, bijgewerkt: 2026-01-12 16:44, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
Onderdeel van zaak 2025Z21292:
- Gericht aan: D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
- Indiener: D.G. Boswijk, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
AH 848
2025Z21292
Antwoord van minister Van Weel (Buitenlandse Zaken) (ontvangen 12 januari 2026)
Vraag 1
Hoe beoordeelt u het bericht waarin wordt gemeld dat Israëlische undercoveragenten in Jenin drie Palestijnse mannen zouden hebben doodgeschoten, ondanks dat zij hun handen in de lucht zouden hebben gestoken in een teken van overgave?1
Antwoord
Het kabinet heeft kennisgenomen van dit bericht waarin wordt beschreven dat twee Palestijnen zijn doodgeschoten door de Israëlische grenspolitie. Het kabinet kan dit specifieke incident niet eigenstandig verifiëren en heeft daarom Israël om opheldering gevraagd. Israël heeft bevestigd dat de Israëlische krijgsmacht het incident onderzoekt. Dit wacht het kabinet af.
Vraag 2
Kunt u bevestigen of laten verifiëren of deze gebeurtenis daadwerkelijk heeft plaatsgevonden?
Antwoord
Zie het antwoord op vraag 1.
Vraag 3
Deelt u de mening dat ook bevriende democratische staten zoals Israël, gehouden zijn aan het internationaal recht en dat Nederland, als voorvechter daarvan, dit nadrukkelijk moet uitdragen?
Antwoord
Ja. Alle staten zijn gebonden aan het internationaal recht.
Vraag 4
Hoe verhoudt dit optreden van Israël zich tot het internationaal humanitair recht?
Antwoord
Zie antwoord op vraag 1. Op basis van de berichtgeving in de media lijkt het relevante rechtsregime voor dit optreden niet dat van het humanitair oorlogsrecht, maar was er sprake van rechtshandhaving door Israëlische grenspolitie. Daardoor moet op basis van mensenrechten worden beoordeeld hoe dit optreden zich verhoudt tot het internationaal recht.
Vraag 5
Bent u bereid om in EU-verband te pleiten voor een onafhankelijk internationaal onderzoek naar deze en vergelijkbare incidenten op de Westelijke Jordaanoever? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Gedegen en onafhankelijk onderzoek is nodig. Het is in eerste instantie aan de meest betrokken staat of staten die terzake rechtsmacht hebben om onderzoek te doen. In dit geval heeft Israël aan het kabinet bevestigd dat de Israëlische krijgsmacht het incident onderzoekt. Dit wacht het kabinet af. Nederland roept Israël op, en zal Israël blijven oproepen, het internationaal recht te respecteren, na te leven, en vermeende schendingen te onderzoeken en berechten. Nederland spreekt Israël hier consistent op aan, ook in EU-verband.
Vraag 6
Deelt u de mening dat het associatieverdrag met Israël moet worden heroverwogen als er ernstige mensenrechtenschendingen plaatsvinden door Israël? Valt dit incident daar wat u betreft onder?
Antwoord
Zie de antwoorden op de vragen 1 en 5.
Vraag 7
Zo ja, bent u bereid om het opschorten van het associatieverdrag bespreekbaar te maken binnen de eerstvolgende EU-Raad Buitenlandse Zaken van 15 december? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Nee, zie ook de antwoorden op de vragen 1 en 5.
https://nos.nl/artikel/2592300-israelische-agenten-schieten-palestijnen-dood-op-westoever-na-schijnbare-overgave↩︎