Antwoord op vragen van de leden Ellian en Becker over het bericht ‘Vader van vermoorde Ryan loopt vrij rond in Syrië, wat kan Nederland doen?’
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D00715, datum: 2026-01-12, bijgewerkt: 2026-01-12 16:01, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: F. van Oosten, minister van Justitie en Veiligheid (Ooit VVD kamerlid)
- Mede namens: D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
Onderdeel van zaak 2025Z20881:
- Gericht aan: D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
- Gericht aan: F. van Oosten, minister van Justitie en Veiligheid
- Indiener: U. Ellian, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: B. Becker, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
In antwoord op uw brief van 1 december 2025, deel ik u, mede namens de minister van Buitenlandse Zaken, mee dat de vragen van de leden Ellian en Becker (beiden VVD) over het bericht ‘Vader van vermoorde Ryan loopt vrij rond in Syrië, wat kan Nederland doen?’, worden beantwoord zoals aangegeven in de bijlage bij deze brief.
De Minister van Justitie en Veiligheid,
Foort van Oosten
Vragen van de leden Ellian en Becker (beiden VVD) aan de ministers van Justitie en Veiligheid en van Buitenlandse Zaken over het bericht ‘Vader van vermoorde Ryan loopt vrij rond in Syrië, wat kan Nederland doen?’ (ingezonden op 1 december 2025, 2025Z20881)
Vraag 1
Bent u bekend het bericht ‘Vader van vermoorde Ryan loopt vrij rond in Syrië, wat kan Nederland doen’[1]?
Antwoord op vraag 1
Ja.
Vraag 2
Bent u bereid concreet toe te lichten wat u kunt doen om straffeloosheid in zaken zoals deze te voorkomen? Zo ja/nee, waarom?
Antwoord op vraag 2
Over lopende strafrechtelijke procedures kan ik geen uitspraken doen. In algemene zin merk ik op dat straffeloosheid zoveel als mogelijk moet worden voorkomen, in het bijzonder waar het gaat om zeer ernstige misdrijven. Ook in zaken met een internationale context zetten alle betrokken Nederlandse autoriteiten, waaronder mijn departement, zich daartoe in. Samen met het Openbaar Ministerie wordt in zaken zoals deze gekeken naar verschillende mogelijkheden om tot gerechtigheid te komen. Een goede samenwerking met de justitiële autoriteiten in het buitenland is hierbij een aspect dat een rol speelt. Over het aangaan en versterken van deze samenwerkingsrelaties voert mijn departement waar nodig overleg met het ministerie van Buitenlandse Zaken.
Vraag 3
Bent u bereid te kijken naar de mogelijkheid tot het indienen van een rechtshulpverzoek, en zo ja, acht u dit kansrijk en welke criteria hanteert u bij het indienen van rechtshulpverzoeken als er geen adequaat verdrag is met een land als Syrië? Zo nee, wat gaat u dan doen?
Vraag 4
Onder welke omstandigheden acht u het denkbaar dat u in overleg treedt over een rechtshulp- en/of uitleveringsverdrag met Syrië?
Antwoord op vragen 3 en 4
Over individuele strafzaken, het contact daarover met een buitenlandse autoriteit en de wijze waarop door een buitenlandse autoriteit wordt gehandeld, kan ik geen mededelingen doen.
In zijn algemeenheid kan ik toelichten dat rechtshulpverzoeken worden ingediend op verzoek van de officier van justitie of de rechter. Inzending naar het buitenland vindt plaats door tussenkomst van mijn departement als centrale autoriteit, dat in dit kader adviseert over de (on)mogelijkheden en de afweging om een verzoek al dan niet te verzenden. Daarbij wordt waar nodig het ministerie van Buitenlandse Zaken betrokken.
Met Syrië bestaat momenteel geen justitiële rechtshulprelatie. Voor het aangaan van een dergelijke wederzijdse rechtshulprelatie is het essentieel dat er een bestendige, algemene diplomatieke relatie met een land is. Ook van belang is of een land partij is bij relevante internationale verdragen, die bijvoorbeeld zien op de naleving van fundamentele mensenrechten of op justitiële samenwerking in strafzaken. Om een verzoek tot rechtshulp in te dienen is een bepaalde mate van vertrouwen in elkaars rechtssysteem nodig. Daarnaast komen er verschillende praktische aspecten bij kijken en dient een verzoek uitvoerbaar te zijn voor het bevraagde land. Al deze aspecten gelden des te meer voor het sluiten van bilaterale rechtshulp- en uitleveringsverdragen, waar een sterke mate van wederkerigheid bij komt kijken.
Het rechtssysteem in Syrië is sinds de val van het regime van president Assad, in december 2024, nog in opbouw. Het kabinet blijft de ontwikkelingen nauwlettend volgen in het licht van een mogelijke toekomstige samenwerkingsrelatie.
Vraag 5
Welke andere Europese landen hebben inmiddels rechtshulpverzoeken aan Syrië gedaan en kunt u in overleg treden met deze landen om te bespreken hoe zij deze rechtshulpverzoeken hebben voorbereid en welke voorwaarden daarbij zijn gesteld?
Antwoord op vraag 5
Ik ben niet bekend met rechtshulpverzoeken die andere (Europese) landen aan Syrië hebben gedaan. Wellicht ten overvloede merk ik op dat ik geen uitspraken kan doen over de justitiële rechtshulprelaties die andere landen aangaan met Syrië.
In Europa bestaan diverse overleggremia en samenwerkingsverbanden, zowel binnen de Raad van Europa als de Europese Unie. Hierin delen landen best practices met elkaar en kunnen ervaringen over justitiële samenwerking met specifieke landen worden uitgewisseld. Nederland is vertegenwoordigd in deze overlegstructuren en neemt actief deel aan deze vormen van informatie-uitwisseling.
Vraag 6
Bent u bereid de zaak van de vermoorde Ryan bij elk diplomatiek (ambtelijk en politiek) overleg met vertegenwoordigers van de Syrische regering blijvend onder de aandacht te brengen om straffeloosheid te voorkomen? Zo ja, kunt u de Kamer hierover periodiek informeren? Zo nee, waarom niet?
Antwoord op vraag 6
Dit is een uiterst tragische zaak. Zowel het ministerie van Buitenlandse Zaken als mijn departement bezien of – met inachtneming van hetgeen hiervoor uiteen is gezet – en op welke gepast moment, niveau en wijze de zaak onder de aandacht gebracht kan worden bij vertegenwoordigers van de Syrische overgangsregering. Ik kan de Kamer hierover niet periodiek informeren, aangezien ik niet in kan gaan op individuele strafzaken en de al dan niet diplomatieke stappen die daarin worden gezet. Dit zou ook niet in het belang zijn van de zaak, aangezien juist vertrouwelijkheid van diplomatiek verkeer een relatie ten goede komt.
[1] NOS, 26 november 2025, Vader van vermoorde Ryan loopt vrij rond in Syrië, wat kan Nederland doen? (https://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2592138-vader-van-vermoorde-ryan-loopt-vrij-rond-in-syrie-wat-kan-nederland-doen).