De stijgende kosten en zorgen over de leveringszekerheid door het invoedingstarief
Schriftelijke vragen
Nummer: 2026D00863, datum: 2026-01-13, bijgewerkt: 2026-01-13 14:42, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kv-tk-2026Z00337).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: D.J. van den Berg, Tweede Kamerlid (JA21)
Onderdeel van zaak 2026Z00337:
- Gericht aan: S.T.M. Hermans, minister van Klimaat en Groene Groei
- Indiener: D.J. van den Berg, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 | Vragen gesteld door de leden der Kamer |
2026Z00337
Vragen van het lid Van den Berg (JA21) aan de Minister van Klimaat en Groene Groei over de stijgende kosten en zorgen over de leveringszekerheid door het invoedingstarief (ingezonden 13 januari 2026).
Vraag 1
Bent u bekend met het artikel «Huishouden dupe extra kosten stroomnet» en met de door de Autoriteit Consument en Markt (ACM) aangekondigde voorbereiding van een invoedingstarief voor grote elektriciteitsproducenten?1
Vraag 2
Erkent u de nadelen van een invoedingstarief die in het artikel genoemd worden?
Vraag 3
Klopt het een invoedingstarief de afhankelijkheid van buitenlandse productie kan vergroten?
Vraag 44
Klopt het dat nieuwe projecten om elektriciteit op te wekken hierdoor lastiger worden?
Vraag 5
Deelt u de conclusies uit de studies van Aurora Energy, SiRM en CE Delft dat de energierekening voor afnemers waarschijnlijk stijgt?
Vraag 6
Welke gevolgen heeft een invoedingstarief voor de leveringszekerheid van elektriciteit?
Vraag 7
Kunt u uiteenzetten wat de ACM onder het voorgenomen invoedingstarief verstaat, welke definitie van «grote producenten» wordt gehanteerd en worden er uitzonderingen overwogen?
Vraag 8
Op basis van welke wettelijke grondslag en (tarief)codes heeft de ACM volgens u de bevoegdheid om een invoedingstarief in te voeren, en welke formele rol heeft u de daarbij (welke interventies zijn wél/niet mogelijk)?
Vraag 9
Klopt het dat u bij brief van 25 april 2025 (p. 13) waarschuwt dat een invoedingstarief bij nieuwe projecten leidt tot een hogere onrendabele top en daarmee meer subsidie? Kunt u de onderliggende berekeningen aan de Kamer sturen?2
Vraag 0
Kunt u uitsluiten dat huishoudens, het midden- en kleinbedrijf en de industrie per saldo meer gaan betalen door invoering van een invoedingstarief? Zo nee, welke maatregelen neemt u om dit te voorkomen? En hoe hoog is de stijging?
Vraag 11
Heeft u er kennis van genomen dat in de aangeleverde informatie wordt gesteld dat Nederlandse (gas)centrales efficiënter zijn maar door het invoedingstarief «na» Duitse centrales in de merit order kunnen komen? Herkent u dit mechanisme en wat betekent dit voor prijsniveau en de systeemkosten?
Vraag 12
Klopt het dat Duitsland, de grootste handelspartner van Nederland, geen vergelijkbaar invoedingstarief kent? Hoe is dit geregeld in de overige landen waarmee Nederland via interconnecties op het elektriciteitsnet is aangesloten (België, het Verenigd Koninkrijk, Noorwegen en Denemarken)? En welke inzet pleegt u om te voorkomen dat Nederland zich uit de markt prijst of eenzijdig nadeel creëert?
Vraag 13
Als u erkent dat de maatschappelijke en budgettaire gevolgen groot kunnen zijn, bent u dan bereid het wettelijk kader zo aan te passen dat dit type tariefwijziging niet kan worden doorgezet?