Amendement van het lid Van Eijk c.s. ter vervanging van nr. 16 over een beperking van het toepassingsbereik van het bonusplafond
Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998 en enige andere wetten in verband met de goede werking van het chartale betalingsverkeer (Wet chartaal betalingsverkeer)
Amendement (gewijzigd/nader/vervangend)
Nummer: 2026D01007, datum: 2026-01-13, bijgewerkt: 2026-01-13 19:31, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: W.P.J. van Eijk, Tweede Kamerlid (VVD)
- Mede ondertekenaar: I. (Inge) van Dijk, Tweede Kamerlid (CDA)
- Mede ondertekenaar: N. van Berkel, Tweede Kamerlid (D66)
Onderdeel van kamerstukdossier 36711 -19 Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998 en enige andere wetten in verband met de goede werking van het chartale betalingsverkeer (Wet chartaal betalingsverkeer).
Onderdeel van zaak 2026Z00417:
- Indiener: W.P.J. van Eijk, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: I. (Inge) van Dijk, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: N. van Berkel, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
| TWEEDE KAMER DER STATEN-GENERAAL | 2 | |
| Vergaderjaar 2025-2026 | ||
| 36 711 | Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998 en enige andere wetten in verband met de goede werking van het chartale betalingsverkeer (Wet chartaal betalingsverkeer) | |
| Nr. 19 | AMENDEMENT VAN het lid van eijk c.s. ter vervanging van dat gedrukt onder nr. 161 | |
| Ontvangen 13 januari 2026 | ||
| De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor: | ||
I
In het opschrift wordt na “het chartale betalingsverkeer” ingevoegd “alsmede met een aanpassing van het toepassingsbereik van het bonusplafond” en wordt na “chartaal betalingsverkeer” ingevoegd “en aanpassing van het toepassingsbereik van het bonusplafond”
II
In de beweegreden wordt na “het chartale betalingsverkeer” ingevoegd “alsmede om het toepassingsbereik van het bonusplafond aan te passen ten behoeve van het vestigingsklimaat”
III
In artikel I worden na onderdeel A vijf onderdelen ingevoegd, luidende:
Aa
In artikel 1:118, derde lid, wordt na “De variabele beloning” ingevoegd “van natuurlijke personen werkzaam onder de verantwoordelijkheid van de onderneming wier werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden”.
Ab
In artikel 1:120, tweede lid, onderdeel b, wordt na “natuurlijke personen werkzaam onder haar verantwoordelijkheid” ingevoegd “wier werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden”.
Ac
Artikel 1:121 wordt als volgt gewijzigd:
1. In het eerste lid wordt na “een natuurlijk persoon werkzaam onder haar verantwoordelijkheid” ingevoegd “wier werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden”.
2. In de aanhef van het tweede lid wordt na “een natuurlijk persoon werkzaam onder haar verantwoordelijkheid’ ingevoegd “wier werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden”.
3. In het tweede lid, onderdeel a, wordt na “alle natuurlijke personen werkzaam onder de verantwoordelijkheid van de onderneming” ingevoegd “wier werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden”.
4. In het derde en vierde lid wordt na “een natuurlijk persoon werkzaam onder verantwoordelijkheid van de onderneming” ingevoegd “wier werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden”.
5. In het vijfde lid wordt na “een natuurlijke persoon werkzaam onder verantwoordelijkheid van de aan het hoofd van die groep staande groepsmaatschappij” ingevoegd “wier werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden”.
Ad
In artikel 1:122, eerste lid, wordt na “een onder haar verantwoordelijkheid werkzame natuurlijk persoon” ingevoegd “wier werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden”.
Ae
In artikel 1:130 wordt na “een natuurlijk persoon werkzaam onder haar verantwoordelijkheid” ingevoegd “wier werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden”.
IV
Aan artikel VII wordt toegevoegd “en aanpassing van het toepassingsbereik van het bonusplafond”.
Toelichting
In Nederland geldt een maximale variabele beloning van 20% voor alle werknemers van alle financiële ondernemingen (enkele uitzonderingen daargelaten), terwijl deze maximale variabele beloning in de Europese Unie (EU) 100% bedraagt en alleen geldt voor degenen die het risicoprofiel van banken en grote beleggingsondernemingen wezenlijk beïnvloeden. Zowel de reikwijdte (alle financiële ondernemingen), het toepassingsbereik (alle werknemers) als de hoogte (20%) van het bonusplafond zijn in Nederland strenger dan in de rest van de EU. Dit amendement beoogt het toepassingsbereik van het bonusplafond aan te passen. Hierdoor dient het bonusplafond voor financiële ondernemingen toegepast te worden op natuurlijke personen werkzaam onder haar verantwoordelijkheid waarvan de werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden (‘identified staff’) in plaats van op alle natuurlijke personen werkzaam onder de verantwoordelijkheid van de financiële onderneming. Hiermee wordt aansluiting gezocht bij de rest van de EU. De hoogte en reikwijdte van het bonusplafond blijven ongewijzigd, waardoor het bonusplafond van 20% van toepassing blijft op bestuurders van financiële ondernemingen.
In 2024 is een evaluatie gedaan naar de effecten van het bonusplafond op het Nederlandse vestigingsklimaat.2 Uit interviews blijkt dat het bonusplafond het moeilijker maakt om werknemers in de financiële sector aan te trekken en te behouden. De beloningsregels vormen daarmee een rem op het concurrerend vermogen in de financiële sector en dat straalt negatief af op het Nederlandse vestigingsklimaat. Daarnaast lijken de beloningsregels een relevante factor te zijn geweest voor partijen om na de Brexit niet naar Nederland te komen. Verder laat de evaluatie zien dat de beloningsregels knellend kunnen zijn voor specialistisch personeel, zoals IT-ers. Deze specialisten zijn essentieel voor de veiligheid en innovatiekracht van de financiële sector. Gelet hierop achten de indieners het wenselijk dat het toepassingsbereik van het bonusplafond binnen de onderneming in lijn met Europa wordt gebracht en het bonusplafond alleen gaat gelden voor natuurlijke personen werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een financiële onderneming waarvan de werkzaamheden het risicoprofiel van een onderneming wezenlijk beïnvloedt, maar niet voor alle werknemers. Dit is ook in lijn met het beleid om het concurrentievermogen en vestigingsklimaat van Nederland te versterken. Het doelbereik van het bonusplafond, namelijk het verminderen van perverse prikkels en borging van het klantbelang, blijft gehandhaafd omdat het strenge bonusplafond van 20% onverkort blijft gelden voor degenen die het risicoprofiel van een onderneming wezenlijk beïnvloeden. Dit amendement doet daarom geen afbreuk aan de financiële stabiliteit of bescherming van de consument.
Voor de definitie van een natuurlijk persoon werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een financiële onderneming waarvan de werkzaamheden het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden wordt aangesloten bij artikel 92, derde lid, van de richtlijn kapitaalvereisten. Het gaat dan om: a) alle leden van het leidinggevend orgaan en de directie; b) personeelsleden met leidinggevende verantwoordelijkheid over de controlefuncties of de essentiële bedrijfseenheden van de financiële onderneming; en c) personeelsleden die in het voorgaande boekjaar recht hadden op een significante beloning, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: i) de beloning van het personeelslid is gelijk aan of hoger dan € 500.000 en gelijk aan of hoger dan de gemiddelde beloning die wordt toegekend aan de leden van het leidinggevend orgaan en de directie van de financiële onderneming als bedoeld onder a); en ii) het personeelslid verricht de beroepswerkzaamheden in een essentiële bedrijfseenheid en de werkzaamheden zijn van dien aard dat zij een aanzienlijke impact hebben op het risicoprofiel van de betrokken bedrijfseenheid.
In het amendement wordt het toepassingsbereik van de volgende bepalingen ook beperkt tot degenen die het risicoprofiel van de onderneming wezenlijk beïnvloeden: de eis om variabele beloningen voor ten minste 50% te baseren op niet-financiële criteria (artikel 1:118), de eis om jaarlijks de uitgekeerde bedragen aan variabele beloningen op te nemen in het beloningsbeleid in het bestuursverslag (artikel 1:120), de voorwaarden van retentievergoedingen (artikel 1:122) en de retentieperiode van 5 jaar van financiële instrumenten in vaste beloningen (artikel 1:130). Doordat met dit amendement enkel werknemers die het risicoprofiel van de onderneming niet wezenlijk beïnvloeden worden uitgezonderd van het huidige strenge bonusplafond zijn deze bepalingen namelijk niet van substantiële toegevoegde waarde, zo menen de indieners.
Dit amendement creëert meer ruimte voor ondernemingen om specialistisch personeel, zoals IT’ers, aan te trekken en te behouden. Dit verbetert het vestigingsklimaat en het concurrentievermogen wordt versterkt, zowel in Nederland als in de EU. De financiële sector is belangrijk voor het verdienvermogen van Nederland. Daarvoor is een goed vestigingsklimaat essentieel.
Van Eijk
Inge van Dijk
Van Berkel
Vervanging in verband met een wijziging in de ondertekening.↩︎
Nadere evaluatie Wet beloningsbeleid financiële ondernemingen: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2025/04/17/rapport-seo-nadere-evaluatie-wbfo.↩︎