De kansen voor Nederland en Curaçao om te profiteren van de aanlanding en opslag van Venezolaanse olie
Schriftelijke vragen
Nummer: 2026D01395, datum: 2026-01-15, bijgewerkt: 2026-01-15 13:22, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: P. van Duijvenvoorde, Tweede Kamerlid (FVD)
Onderdeel van zaak 2026Z00594:
- Gericht aan: V.P.G. Karremans, minister van Economische Zaken
- Gericht aan: E. van Marum, staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Gericht aan: F. Rijkaart, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
- Indiener: P. van Duijvenvoorde, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
2026Z00594
(ingezonden 15 januari 2026)
Vragen van het lid Van Duijvenvoorde (FVD) aan de minister van Economische Zaken en de minister en staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de kansen voor Nederland en Curaçao om te profiteren van de aanlanding en opslag van Venezolaanse olie
1. Heeft u kennisgenomen van het bericht dat een tanker met Venezolaanse olie is aangemeerd op Curaçao en dat deze olie daar tijdelijk wordt opgeslagen? 1)
2. Deelt u de opvatting dat deze ontwikkeling Curaçao opnieuw positioneert als een strategisch knooppunt voor energieopslag en -logistiek in het Caribisch gebied? Zo ja, welke kansen ziet u hierin voor het Koninkrijk der Nederlanden als geheel?
3. Ziet u mogelijkheden om de bestaande olie- en haveninfrastructuur op Curaçao structureel beter te benutten voor opslag, overslag en doorvoer van energieproducten, mede gezien de gunstige geografische ligging van het eiland?
4. In hoeverre ziet u kansen voor Nederland en Nederlandse bedrijven - onder meer actief in havenontwikkeling, maritieme dienstverlening, energie-logistiek, opslagtechnologie en engineering - om te profiteren van de toegenomen rol van Curaçao in internationale energiestromen, waarbij recente ontwikkelingen meer ruimte hebben gecreëerd voor opslag, overslag en doorvoer, in het licht van de vergrote Amerikaanse betrokkenheid bij de Venezolaanse olie-industrie?
5. Is er vanuit het Rijk actief contact met de regering van Curaçao over het versterken van economische samenwerking op het gebied van energie-logistiek en strategische infrastructuur? Zo ja, hoe krijgt deze samenwerking concreet vorm?
6. Ziet u mogelijkheden om Curaçao binnen het Koninkrijk te ontwikkelen tot een structurele energie-hub, vergelijkbaar met de rol die Nederland zelf vervult binnen Noordwest-Europa?
7. Welke kansen ziet u om deze ontwikkelingen te benutten voor economische groei, werkgelegenheid en kennisontwikkeling op Curaçao, en daarmee voor een versterking van de sociaaleconomische positie van het eiland binnen het Koninkrijk?
8. In hoeverre wordt bij deze ontwikkelingen gekeken naar synergie met Nederlandse havens, logistieke netwerken en kennisinstellingen, zodat toegevoegde waarde zo veel mogelijk binnen het Koninkrijk blijft?
9. Bent u bereid om, samen met Curaçao, te verkennen hoe deze ontwikkelingen kunnen worden ingebed in een bredere economische en strategische visie voor het Koninkrijk der Nederlanden op het gebied van energie en logistiek?
10. Kunt u aangeven welke vervolgstappen u ziet om deze kansen actief te benutten, en op welke termijn de Kamer hierover nader kan worden geïnformeerd?
1) Nos.nl, 15 januari 2026, "Tanker met Venezolaanse olie meert aan op Curaçao', Tanker met Venezolaanse olie meert aan op Curaçao