Antwoord op vragen van de leden Boswijk en Jumelet over de berichten dat Taiwan een initiatief heeft gelanceerd ter verdediging van onderzeese kabels
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D02263, datum: 2026-01-20, bijgewerkt: 2026-01-21 15:11, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (ah-tk-20252026-911).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
- Mede namens: R. Tieman, minister van Infrastructuur en Waterstaat
Onderdeel van zaak 2025Z21291:
- Gericht aan: D.M. van Weel, minister van Buitenlandse Zaken
- Gericht aan: R. Tieman, minister van Infrastructuur en Waterstaat
- Indiener: D.G. Boswijk, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: H.G. Jumelet, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 | Aanhangsel van de Handelingen |
| Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden |
911
Vragen van de leden Boswijk en Jumelet (beiden CDA) aan de Ministers van Buitenlandse Zaken en van Infrastructuur en Waterstaat over de berichten dat Taiwan een initiatief heeft gelanceerd ter verdediging van onderzeese kabels (ingezonden 5 december 2025).
Antwoord van Minister Van Weel (Buitenlandse Zaken), mede namens de Minister van Infrastructuur en Waterstaat (ontvangen 20 januari 2026). Zie ook Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 815
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van de berichten over het Taiwanese initiatief ter verdediging van onderzeese kabels genaamd RISK?1
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Ziet u ook de risico’s van deze onderzeese kabels in het kader van ongelukken met scheepsvaart en/of sabotage in het kader van hybride oorlogsvoering?
Antwoord 2
Ja, het kabinet erkent de risico’s van het beschadigen van onderzeese kabels. Ongelukken met scheepvaart vormen een belangrijke oorzaak voor dergelijke beschadigingen. Tegelijkertijd is er sprake van een aanhoudende sabotagedreiging, onder andere gericht op maritieme kritieke infrastructuur zoals onderzeese kabels.
Vraag 3
Deelt u de mening dat de vrijheden van de internationale wateren niet in het geding mogen komen en dat het doelbewust beschadigen van internationale onderzeese kabels mogelijk hierop een inbreuk maakt? Zo niet, waarom niet?
Antwoord 3
Ja, Nederland hecht groot belang aan de vrijheden van de volle zee, waaronder de vrijheid van navigatie en de vrijheid om kabels en pijpleidingen te leggen, gecodificeerd in het VN-Zeerechtverdrag. Deze vrijheden gelden onder de voorwaarden die het zeerecht daaraan stelt ook in de exclusieve economische zone. In overeenstemming met het zeerecht, dienen deze vrijheden te worden uitgeoefend en beschermd op een wijze die terdege rekening houdt met rechten en plichten van de kuststaat in de EEZ en de belangen van andere staten op volle zee.
Vraag 4
Zijn er overeenkomsten te vinden tussen de Chinese dreiging aan het adres van Taiwan en de Russische dreiging richting Europa wat betreft hybride oorlogsvoering, in het bijzonder als het onderwaterinfrastructuur betreft?
Antwoord 4
In algemene zin is er zowel in Europa als in de Indo-Pacific sprake van hybride dreigingen en werken landen aan het verbeteren van hun weerbaarheid hiertegen. Sabotage vormt een onderdeel van de dreiging in beide regio’s. Sabotage heeft verschillende verschijningsvormen en kan zich onder meer richten op vitale maritieme infrastructuur zoals data- en elektriciteitskabels.
Vraag 5
Deelt u de mening dat in het kader van het beschermen van internationale onderzeese kabels, het zowel in het belang van Nederland is als dat van Taiwan als er meer wordt gewerkt aan het delen van informatie en het samen opbouwen van kennis om zo de kans op beschadigingen of sabotage aan onderzeese kabels in de Noordzee en de wateren rondom Taiwan te verkleinen?
Antwoord 5
Het beschermen van internationale onderzeese kabels is een gedeeld wereldwijd belang. Internationale samenwerking is dan ook belangrijk en noodzakelijk. Dit doen we binnen de EU en de NAVO en daarbuiten waar nodig en mogelijk.
Vraag 6
Bent u bereid zich aan te sluiten bij de vier initiatieven zoals deze worden beschreven in het Taiwanese RISK-initiatief? Zo niet, zou u kunnen uitweiden waarom niet?
Antwoord 6
Gezien het belang van het beschermen van onderzeese kabels neemt Nederland deel aan verschillende internationale gremia waarin deze thematiek wordt geadresseerd. Nederland is bijvoorbeeld lid van de International Telecommunication Union (ITU) en via het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangesloten bij het International Cable Protection Committee (ICPC). Hierbinnen wordt al in breed internationaal verband gewerkt aan versterking van de weerbaarheid van de onderzeese kritieke infrastructuur door het delen van best practices tussen overheden, de industrie en bedrijven. Nederland ziet derhalve op dit moment geen noodzaak om zich aan te sluiten bij het Taiwanese initiatief, maar zal het belang van internationale samenwerking op dit thema, waar in mondiaal belang ook met Taiwan, blijven voorstaan en de noodzaak van deelname aan verscheidene initiatieven doorlopend blijven wegen.
Vraag 7
Zijn er andere staten waarmee u de banden zou willen verstevigen in het kader van het beschermen van onze cruciale infrastructuur en dus onder andere internationale onderzeese kabels?
Antwoord 7
Ter bescherming van de kritieke onderzeese infrastructuur en maritieme veiligheid in brede zin richt Nederland zich primair op de nabije regio, en werkt daarom actief met de Noordzeelanden, de Scandinavische en Baltische staten.
Daarnaast is in het kader van het Programma Bescherming Noordzee Infrastructuur (PBNI) ook met andere landen kennis uitgewisseld op het gebied van kritieke onderzeese infrastructuur, zoals met Singapore en ASEAN (Association of Southeast Asian Nations). Verder heeft Nederland in het kader van het Indo-Pacific Ministerial Forum op 21 november jl. met diverse andere Europese lidstaten een samenwerking van de EU met de regio op dit terrein voorgesteld, waarbij de EU inzet op samenwerking met partners in de Indo-Pacific regio gericht op uitwisseling van kennis en expertise op het gebied van beschermen van kritieke infrastructuur op zee.
Vraag 8
Op welke manieren bent u bereid zich in te zetten voor een betere bescherming, internationaal, van de onderzeese kabelinfrastructuur?
Antwoord 8
Van belang is een goede informatie-uitwisseling en het delen van best practices. Niet alleen tussen landen onderling maar ook in samenwerking met de industrie die over veel kennis en ervaring beschikt. Zo is samenwerking, nationaal en internationaal, publiek en privaat, een belangrijke actielijn binnen het PBNI. In dit kader is in 2024 een Joint Declaration of Intent ondertekend door de verschillende Noordzeelanden (België, Duitsland, Denemarken, Noorwegen, het Verenigd Koninkrijk en Nederland) om samen te werken aan verbeterde informatie-uitwisseling en het nemen van coherente en gecoördineerde weerbaarheidsmaatregelen.
Ministry Of Foreign Affairs (MOFA), 28 oktober 2025, «RISK Management Initiative on International Undersea Cables» (https://ws.mofa.gov.tw/Download.ashx?u=LzAwMS9VcGxvYWQvNDAyL3JlbGZpbGUvNzQvMTIwOTcwLzkyNjk5NmU2LTE5NWMtNGEyNy1hY2YxLTg4Y2I5NTUxNDhkNC5wZGY%3D&n=5rW357qc5YCh6K2w5Y6f5paHLnBkZg%3D%3D)↩︎