Verslag van de 151e zitting van de Assemblee van de Interparlementaire Unie
Verslag van de zittingen van de Assemblee van de Interparlementaire Unie
Verslag van een bijeenkomst
Nummer: 2026D02469, datum: 2026-01-21, bijgewerkt: 2026-01-21 15:50, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: Indiener/ondertekenaar n.v.t., Functie n.v.t.
- Genève verklaring
- Rapport van de Mensenrechtencommissie over schending van de rechten van parlementariërs
Onderdeel van kamerstukdossier 29679 -44 Verslag van de zittingen van de Assemblee van de Interparlementaire Unie.
Onderdeel van zaak 2026Z01028:
- Indiener: Indiener/ondertekenaar n.v.t., Functie n.v.t.
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
- 2026-01-22 14:40: Aanvang middagvergadering: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-01-29 12:30: Procedurevergadering (Procedurevergadering), vaste commissie voor Buitenlandse Zaken
Preview document (🔗 origineel)
Staten-Generaal AR 1 / 2
Vergaderjaar 2025-2026
29 679 Verslag van de zittingen van de Assemblee van de
Interparlementaire Unie
Nr. 44 VERSLAG VAN DE 151e ZITTING
Vastgesteld 21 januari 2026
Inleiding
In Geneve, Zwitserland vond van 19 tot en met 23 oktober 2025 de 151e zitting van de Assemblee van de Interparlementaire Unie (IPU) plaats. De Nederlandse groep van de IPU vaardigde naar deze zitting een delegatie af bestaande uit de Eerste Kamerleden Talsma (ChristenUnie, delegatieleider), Belhirch (D66), Van Langen-Visbeek (BBB) en Van de Sanden (Fractie-van de Sanden). Ongeveer 600 parlementsleden uit 136 landen, waarvan 37,2% vrouwelijke leden, en 13,7% parlementariërs onder de 45 jaar kwamen bijeen. De vergadering stond in het teken van het handhaven van humanitaire normen en het ondersteunen van humanitaire actie in tijden van crisis. Vanwege verkiezingen in Tanzania werd de IPU President Dr. Tulia Ackson tijdens de zitting vervangen door IPU Vicevoorzitter Gabriela Morawska-Stanecka (Polen).
Voorafgaand aan en gedurende de Assemblee kwam de 12 Plus-groep bijeen, de Westerse groep van landen binnen de IPU waar Nederland lid van is, om de hoofdelementen van de vergadering voor te bespreken en posities binnen de Assemblee te verdelen. De Assemblee nam een Emergency Item aan over georganiseerde misdaad en een resolutie over illegale adoptie. Tijdens deze Assemblee trad het parlement van Brunei toe als lid van de IPU en Niger keerde terug als lid van de IPU, nadat eerder het lidmaatschap was opgeschort vanwege de coup in 2023, waarmee het totaal aantal lidparlementen van de IPU op 183 kwam. De Governing Council stemde in met de begroting voor 2026, inclusief een stijging van 3% ter compensatie van de inflatie. De delegatie werd ontvangen door de Nederlands Permanent Vertegenwoordiger bij VN, Erica Schouten, en haar team. Griffier van de Eerste Kamer, Remco Nehmelman en Sander Duijmaer Van Twist, directeur Concernstaf en plv. Griffier van de Tweede Kamer namen deel aan de vergadering van de wereldwijde Association of Secretary-Generals of Parliaments (ASGP).
Plenaire vergaderingen
Tijdens de opening van de 151e zitting in Genève op 19 oktober onderstreepte IPU Vicevoorzitter Morawska-Stanecka de bijzondere relevantie van het gekozen thema, mede omdat in deze stad bijna tachtig jaar geleden de Verdragen van Genève, de basis van het internationaal humanitair recht, tot stand kwamen. Zij wees op de toenemende mondiale conflicten en het afnemend respect voor humanitaire normen en de ernstige humanitaire gevolgen wereldwijd, waaronder grootschalige ontheemding, voedselonzekerheid en een groeiende behoefte aan humanitaire hulp. Morawska-Stanecka deed drie voorstellen voor actie door parlementen: het nemen van maatregelen vóór het uitbreken van conflicten om schendingen van het IHR te voorkomen, het streng handhaven van humanitaire normen door effectieve verantwoording, en het blijvend centraal stellen van humanitaire overwegingen in al het parlementaire werk. “De menselijke waardigheid moet ook in tijden van conflict worden beschermd, en parlementariërs mogen zich nooit afwenden van menselijk lijden,” zei ze. Ze riep parlementariërs op moed te tonen en op te komen voor hun principes door humanitaire normen te handhaven en onafhankelijke, principiële humanitaire hulp te beschermen.
Het algemene debat over het centrale thema Het handhaven van humanitaire normen en het ondersteunen van humanitaire actie in tijden van crisis begon op 20 oktober met bijdragen van voorzitters, ondervoorzitters en leden van parlementen. Vanuit de Nederlandse delegatie sprak Van de Sanden. Hij benadrukte het belang van het beschermen van humanitaire normen in tijden van crisis, met speciale aandacht voor de rol van kunstmatige intelligentie (AI) in humanitaire actie. Hij stelde dat zelfs in oorlog, ramp of wanhoop er een grens moet blijven die we niet overschrijden - de grens van menselijke waardigheid. “Laten we ons niet afvragen wat technologie voor ons kan doen, maar wat wij samen kunnen doen, om ervoor te zorgen dat innovatie de waarden versterkt die ons verbinden. Laten we bouwen aan een toekomst waarin menselijke waardigheid en digitale vooruitgang hand in hand gaan, niet in conflict, maar in harmonie,” aldus Van de Sanden. Ook Van Langen-Visbeek sprak in het algemene debat. Zij wees er in haar bijdrage op dat voedselzekerheid en klimaatdoelen niet tegenover elkaar moeten staan, maar gelijktijdig nagestreefd moeten worden. Ze riep op om samen te werken aan een eerlijke en duurzame wereldeconomie, zonder dat vooruitgang op één terrein ten koste gaat van de meest kwetsbaren. “Het doel is niet om te kiezen, maar om tegelijkertijd aan voedsel en klimaat te werken,” zei Van Langen-Visbeek. Aan het eind van de conferentie op 22 oktober namen de leden de Genève-Verklaring aan over het handhaven van humanitaire normen en het ondersteunen van humanitaire acties in tijden van crisis (als bijlage toegevoegd aan dit verslag).
Op 21 oktober vond de plenaire stemming plaats over de ingediende onderwerpen voor het urgentiedebat, het zogenaamde Emergency Item, waarbij de nationale delegaties hoofdelijk stemden. Twee voorstellen waren ingediend voor een urgentiedebat, een belangrijk onderdeel van de IPU Assemblee. Een voorstel ging over een oproep tot parlementaire solidariteit en gecoördineerde actie inzake Madagaskar, ingediend door Zuid-Afrika, en het andere over parlementaire actie tegen transnationale georganiseerde misdaad, cybercriminaliteit en hybride bedreigingen voor democratie en menselijke veiligheid van Thailand, Argentinië, Chili, Polen en Zweden met steun van de Latijns-Amerikaanse geopolitieke groep en de 12 Plus groep. Beide voorstellen behaalden de vereiste tweederdemeerderheid, waarbij het tweede voorstel meer stemmen kreeg en daardoor werd toegevoegd aan de agenda van de Algemene Vergadering. In het urgentiedebat op 22 oktober over georganiseerde misdaad stelde Van de Sanden dat hybride aanvallen, desinformatiecampagnes en schendingen van het luchtruim een schending vormen van het VN-Handvest, en dat staten de volledige verantwoordelijkheid dragen voor dergelijke handelingen, ongeacht hoe zij deze trachten te benoemen.
Vergaderingen van de 12 Plus Groep
Op 18 oktober bereidde de 12 Plus Groep, bestaande uit 47 westerse landen, de plenaire vergadering van de IPU voor en het actualiteitendebat (het Emergency Item). Er werd gesproken over de procedure voor de verkiezing van een nieuwe secretaris-generaal tijdens de volgende IPU Assemblee in 2026. De Poolse Gabriela Morawska-Stanecka deed hierover verslag vanuit de Executive Committee (ExCom) en lichtte de procedure toe voor de selectie van kandidaten. Vanuit de 12 Plus Groep werd er input geleverd op een profielschets voor de nieuwe secretaris-generaal voor de ExCom bij de selectieprocecure. Verder kwamen de begroting en amendementen op de reglementen van de IPU aan de orde en werden de conceptresoluties en amendementen besproken. Leden uit de 12 Plus Group werden verkozen om vacatures binnen de IPU in te vullen. Voorts kwam de 12 Plus Groep dagelijks bijeen om de overige vergaderingen voor te bereiden en terug te koppelen uit de diverse commissies.
Commissie inzake vrede en internationale veiligheid
In de commissie Vrede en Internationale Veiligheid vonden op 20 oktober twee paneldiscussies plaats, een over wapenwedloop en de andere over het versterken van parlementair toezicht op defensie-uitgaven. Bij het laatste panel benadrukten de panelleden het belang van een verantwoord en transparant defensiebudget en het rekening houden met maatschappelijke belangen. “Veiligheid gaat niet alleen over legers en wapens, het gaat er ook om of een kind veilig naar school kan, of een boer droogte kan overleven, en of mensen hun stem kunnen laten horen,” aldus Belhirch. Zij vroeg de panelleden hoe parlementsleden ervoor kunnen zorgen dat investeringen in preventie, inclusie en menselijke veiligheid niet op de achtergrond raken tijdens crisissituaties. Op 21 oktober organiseerde de commissie een hoorzitting met deskundigen ter voorbereiding van haar volgende resolutie over de rol van parlementen bij het opzetten van robuuste mechanismen voor postconflictbeheer en het herstel van een rechtvaardige en duurzame vrede. Belhirch, rapporteur voor deze resolutie, constateerde dat de ingebrachte ervaringen met bemiddeling, de geschetste kaders voor menselijke en gemeenschappelijke veiligheid, en voorbeelden van de parlementaire praktijk in fragiele en herstellende staten, zeer van pas komen bij de voorbereiding van de concepttekst voor de volgende IPU Assemblee en dat het van belang is om naar conflictpreventie en naar vredesopbouw te kijken en naar de reeds bestaande mechanismen.
Commissie inzake duurzame ontwikkeling
De vaste commissie duurzame ontwikkeling vergaderde op 21 en 22 oktober 2025. Ter voorbereiding op de conceptresolutie Het opbouwen van een eerlijke en duurzame wereldeconomie: de rol van parlementen bij het bestrijden van protectionisme, het verlagen van tarieven en het tegengaan van belastingontwijking door bedrijven waren er drie bijeenkomsten met deskundigen van de Verenigde Naties, het maatschappelijk middenveld en de academische wereld over een eerlijke en duurzame wereldeconomie, de impact van klimaatverandering op kwetsbare gemeenschappen, en de voorbereiding van de parlementaire bijdrage aan COP30. Daarbij werd onder meer ingestemd met een aanpassing van de titel van een toekomstige resolutie om de focus te leggen op legale belastingontwijking die door parlementen kan worden aangepakt. De conceptresolutie komt aan de orde bij de volgende vergadering.
Commissie inzake democratie en mensenrechten
In de commissie Democratie en Mensenrechten werden op 20 oktober de ingediende amendementen besproken op de resolutie over ‘erkenning en ondersteuning van de slachtoffers van illegale internationale adoptie en het nemen van maatregelen ter voorkoming van deze praktijk’. Het door Van de Sanden ingediende en aangenomen amendement vraagt om onderzoek naar illegale adopties en de ontwikkeling van passende wetgeving die het belang van het kind centraal stelt, met aandacht voor preventie, erkenning van slachtoffers en ondersteuning bij het achterhalen van afkomst. Daarnaast moedigt het internationale samenwerking en uitwisseling van goede praktijken, met respect voor culturele en juridische verschillen, aan. Dit onderwerp werd ook besproken tijdens het forum van vrouwelijke parlementsleden op 19 oktober waar Van Langen-Visbeek bij de bespreking van deze resolutie verwees naar de illegale adoptiepraktijken in Nederland in de jaren zestig, waarbij tienermoeders onder druk werden hun kinderen af te staan. Zij benadrukte het belang van nader onderzoek, zoals verwoord in het ingediende amendement van Van de Sanden. Op 22 oktober kwam de herziene ontwerpresolutie wederom aan de orde en werd een definitief besluit over twee resterende amendementen genomen waarbij Van de Sanden een actieve rol speelde. De uiteindelijke resolutie werd op 23 oktober door de Assemblee aangenomen.
Commissie inzake VN-aangelegenheden
Tijdens de bijeenkomsten van de vaste commissie inzake VN-aangelegenheden werd op 21 oktober gesproken over het verkiezingsproces voor de secretaris-generaal van de Verenigde Naties en werd de motie Aanbeveling om de eerste vrouw te benoemen tot secretaris-generaal van de Verenigde Naties, ingediend door mevrouw S. Ataullahjan (Canada) aangenomen. De vergadering op 22 oktober stond in het teken van het nieuwe UN80-hervormingsinitiatief wat zich richt op het relevanter en effectiever maken van de VN in het reageren op de huidige wereldwijde uitdagingen.
Commissie inzake Midden-Oosten vraagstukken
Talsma, voorzitter van het IPU-commissie inzake Midden-Oosten vraagstukken, leidde de twee vergaderingen van de commissie op 20 en 22 oktober. Tijdens deze bijeenkomsten was het Palestijnse ex officio-lid aanwezig; het Israëlische lid ontbrak, waardoor slechts één kant van de situatie in de regio werd belicht. Er werd gesproken over herstructurering van de commissie, met als doel meer inclusiviteit te waarborgen — waaronder gendergelijkheid en jongerenparticipatie — en het formuleren van een duidelijker mandaat, met specifieke aandacht voor het Israëlisch-Palestijns conflict en bredere regionale crises. De commissie besloot beide ex officio-leden te verzoeken hun betrokkenheid bij de commissie formeel te herbevestigen. Daarnaast werd een ontmoeting begin 2026 besproken. Tijdens de vergadering gaf David Fernández Puyana, vertegenwoordiger van de Universiteit voor Vrede van de Verenigde Naties (UPEACE), een toelichting op zijn recente bezoek aan Israël en Palestina. Hij benadrukte het belang van onderwijs als instrument voor vrede. UPEACE, gevestigd in Costa Rica, is opgericht door de Verenigde Naties met het specifieke mandaat om vrede te bevorderen via onderwijs en academische samenwerking.
Comité van de mensenrechten van parlementariërs
Het speciale comité binnen de IPU dat zich bezighoudt met schendingen van mensenrechten van parlementsleden wereldwijd presenteerde op 23 oktober haar conceptrapport over
casussen in onder meer Algerije, Bangladesh, Iraq, Israël, Myanmar en Türkiye. Meest voorkomende schendingen zijn onrechtmatige schorsing en verlies van het parlementaire mandaat, schending van vrijheid van meningsuiting, gebrek aan een eerlijk proces en schending van de vrijheid van vergadering. Diverse leden uit de Turkse delegatie reageerden op de zaken uit hun land. Zo zou de documentatie van het comité niet kloppen en bestaat er in Türkiye een functionerende rechtsstaat. Andere leden van de Turkse delegatie lichtten toe zelf in de casussen voor te komen op beschuldiging van terrorisme. In 2024 waren er zaken van 957 parlementsleden wereldwijd in 55 landen onder behandeling van dit comité, waarvan 790 het leden van de oppositie en 63 onafhankelijke leden betrof.
Het conceptrapport van het IPU-comité inzake de mensenrechten van parlementsleden werd aangenomen door de Governing Council (als bijlage toegevoegd aan dit verslag).
Overige
De delegatie nam deel aan alle 12 Plus Groep-overleggen voorafgaand en en marge van de Assemblee. Van Langen-Visbeek en Belhirch woonden het forum van vrouwelijke parlementsleden bij op 19 oktober. Belhirch ontmoette op 20 oktober haar collega’s uit de Verenigde Arabische Emiraten en sprak met UNRWA en het Internationale Rode Kruis op 21 oktober. Van Langen-Visbeek bezocht op 20 oktober de workshop Breaking the hunger cycle: Addressing food security. Talsma was aanwezig bij het 12 Plus side event Protecting humanity in times of war: Strategies for strengthened political engagement op 20 oktober en bij de Interfaith workshop: Countering intolerance and fostering religious literacy for more inclusive and peaceful societies op 21 oktober. Van Langen-Visbeek en Van de Sanden volgden de workshop over AI op 21 oktober. Van Langen-Visbeek was ook aanwezig bij een skills building sessie over Implementing the IPU anti-harassment policy. Talsma onderhandelde namens de 12 Plus groep op 22 oktober over het Emergency Item inzake georganiseerde misdaad. Belhirch werd benoemd tot Vice-President van het bureau van de commissie voor Vrede en Internationale Veiligheid. De 152e IPU Assemblee vindt van 15 tot en met 19 april 2026 plaats in Istanboel
De voorzitter van de delegatie,
Talsma
De griffier van de delegatie,
Bakker