De budgettaire derving van de nieuwe voorgestelde fiscale regeling om vastgoed uit te zonderen van de vermogensaanwasbelasting
Schriftelijke vragen
Nummer: 2026D02721, datum: 2026-01-22, bijgewerkt: 2026-01-22 13:25, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: L.C.J. Stultiens, Tweede Kamerlid (GroenLinks-PvdA)
Onderdeel van zaak 2026Z01140:
- Gericht aan: E.H.J. Heijnen, staatssecretaris van Financiën
- Indiener: L.C.J. Stultiens, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
2026Z01140
(ingezonden 22 januari 2026)
Vragen van het lid Stultiens (GroenLinks-PvdA) aan de staatssecretaris van Financiën over de budgettaire derving van de nieuwe voorgestelde fiscale regeling om vastgoed uit te zonderen van de vermogensaanwasbelasting
Klopt het dat u voornemens bent om vastgoed uit zonderen van de vermogensaanwasbelasting in box 3 door hiervoor een vermogenswinstbelasting te hanteren?
Klopt het dat u in het toetsingskader fiscale regelingen aangeeft dat deze uitzondering voor vastgoed “in de eerste jaren kan oplopen tot één miljard euro per jaar” maar niet aangeeft wat de totale budgettaire derving is?
Klopt het dat u in hetzelfde toetsingskader fiscale regelingen wél aangeeft wat de totale budgettaire derving is bij de uitzondering voor startups? Waarom heeft u hier wel het totale bedrag genoemd en bij de uitzondering voor vastgoed niet?
Klopt het dat de leden van de fractie van GroenLinks-PvdA eerder in het verslag over het wetsvoorstel werkelijk rendement Box 3 hebben gevraagd wat de budgettaire gevolgen zijn van deze uitzondering voor vastgoed en dat daarop uw antwoord was dat deze uitzondering voor vastgoed de komende tien jaar zo’n 23 miljard euro gaat kosten aan budgettaire derving?
Klopt het dat u tijdens het wetgevingsoverleg van maandag 19 januari 2026 hebt erkend dat deze uitzondering voor vastgoed de komende dertig jaar zo’n 42 miljard euro gaat kosten aan budgettaire derving?
Wat is het totale bedrag dat deze uitzondering voor vastgoed gaat kosten, dus het totale bedrag (cumulatief) totaan het moment dat de structurele opbrengsten van vermogensaanwas en vermogenswinst aan elkaar gelijk zijn?
Hoe is het mogelijk dat dit totale bedrag nooit eerder is gecommuniceerd richting de Kamer, terwijl het hier gaat om een nieuwe fiscale regeling die de overheid meer dan 42 miljard euro aan budgettaire derving gaat kosten?
Klopt het dat, in tegenstelling tot wat door sommige Kamerleden in het wetgevingsoverleg werd beweerd, deze budgettaire derving nooit wordt ingelopen omdat je bij een vermogenswinstbelasting constant (nieuwe) belastinginkomsten naar de toekomst doorschuift?
Kunt u, in lijn met artikel 3.1 van de Comptabiliteitswet, heel stevig onderbouwen waarom deze fiscale uitzondering voor vastgoed doelmatig zou zijn, gelet op de budgettaire derving van minstens 42 miljard euro?
Kunt u aangeven wat de totale budgettaire derving is van een vermogenswinstbelasting ten opzichte van een vermogensaanwasbelasting (cumulatief, tot aan het moment dat de opbrengsten structureel gelijk zijn)?
Kunt u deze vragen, een voor een, beantwoorden gelijktijdig met de toegezegde antwoorden op openstaande vragen uit het wetgevingsoverleg?