Motie van het lid Grinwis c.s. over expliciete aandacht voor het specifieke karakter van familiebedrijven bij vormgeving en evaluatie van beleid
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 2026
Motie (kabinetsappreciatie: Oordeel Kamer)
Nummer: 2026D02915, datum: 2026-01-22, bijgewerkt: 2026-01-23 11:43, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36800-XIII-36).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: P.A. Grinwis, Tweede Kamerlid (ChristenUnie)
- Mede ondertekenaar: M.R.H. van Lanschot, Tweede Kamerlid (CDA)
- Mede ondertekenaar: A. Kisteman, Tweede Kamerlid (VVD)
- Mede ondertekenaar: A.J. Flach, Tweede Kamerlid (SGP)
- Mede ondertekenaar: H. Vermeer, Tweede Kamerlid (BBB)
- Mede ondertekenaar: J. Schoonis, Tweede Kamerlid (D66)
- Mede ondertekenaar: A. Nanninga, Tweede Kamerlid (JA21)
Onderdeel van kamerstukdossier 36800 XIII-36 Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 2026.
Onderdeel van zaak 2026Z01236:
- Indiener: P.A. Grinwis, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: A. Kisteman, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: A. Nanninga, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: A.J. Flach, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: H. Vermeer, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: M.R.H. van Lanschot, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: J. Schoonis, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
- 2026-01-22 19:15: Begroting Economische Zaken (36800-XIII) voortzetting (Plenair debat (wetgeving)), TK
- 2026-01-27 15:00: Stemmingen (Stemmingen), TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
36 800 XIII Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Economische Zaken (XIII) voor het jaar 2026
Nr. 36 MOTIE VAN HET LID GRINWIS C.S.
Voorgesteld 22 januari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat het grootste deel van de Nederlandse bedrijven een familiebedrijf is en zich als afzonderlijke categorie onderscheidt van veel andere bedrijven, bijvoorbeeld door het eigenaarschap, de investeringshorizon en de regionale verankering;
verzoekt de regering het specifieke karakter van familiebedrijven te erkennen door bij de vormgeving en evaluatie van beleid – bijvoorbeeld op het gebied van investeren, financiering en innovatie – expliciet aandacht te hebben en te houden voor familiebedrijven, en daartoe regelmatig te overleggen met relevante vertegenwoordigers van familiebedrijven,
en gaat over tot de orde van de dag.
Grinwis
Flach
Vermeer
Van Lanschot
Kisteman
Schoonis
Nanninga