Motie van het lid Ceder over uiterlijk per 24 april niet meer spreken van "de kwestie van de Armeense genocide"
Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (V) voor het jaar 2026
Motie (kabinetsappreciatie: Ontraden)
Nummer: 2026D04083, datum: 2026-01-28, bijgewerkt: 2026-01-29 14:20, versie: 4 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36800-V-77).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: D.G.M. Ceder, Tweede Kamerlid (ChristenUnie)
Onderdeel van kamerstukdossier 36800 V-77 Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (V) voor het jaar 2026.
Onderdeel van zaak 2026Z01724:
- Indiener: D.G.M. Ceder, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
- 2026-01-28 16:15: Begroting Buitenlandse Zaken (36800-V) voortzetting (Plenair debat (wetgeving)), TK
- 2026-02-04 00:00: Aanvang middagvergadering: Stemmingen (Stemmingen), TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
36 800 V Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (V) voor het jaar 2026
Nr. 77 MOTIE VAN HET LID CEDER
Voorgesteld 28 januari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat inmiddels vier keer met brede steun een motie is aangenomen die de regering verzoekt om erkenning van de Armeense genocide, waarvan ook andere christelijke minderheden slachtoffer werden, zoals Assyriërs, Arameeërs (de Sayfo) en Grieken, maar dat de regering deze nog steeds zonder deugdelijke motivering weigert uit te voeren;
verzoekt de regering om uiterlijk per 24 april 2026 niet meer te spreken van «de kwestie van de Armeense genocide»,
en gaat over tot de orde van de dag.
Ceder