Tweeminutendebat EU Actieplannen Israël en Palestijnse Gebieden (CD 26/6) (ongecorrigeerd)
Stenogram
Nummer: 2026D04109, datum: 2026-01-28, bijgewerkt: 2026-01-29 10:12, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Onderdeel van activiteiten:- 2026-01-28 15:55: Tweeminutendebat EU Actieplannen Israël en Palestijnse Gebieden (CD 26/6) (Plenair debat (tweeminutendebat)), TK
Preview document (🔗 origineel)
EU-actieplannen Israël en Palestijnse gebieden
EU-actieplannen Israël en Palestijnse gebieden
Aan de orde is het tweeminutendebat EU-actieplannen Israël en
Palestijnse gebieden (CD d.d. 26/06).
De voorzitter:
Aan de orde is het tweeminutendebat EU-actieplannen Israël en
Palestijnse gebieden. Er zijn iets meer sprekers dan bij het vorige
tweeminutendebat. De eerste spreker is mevrouw Piri van
GroenLinks-PvdA.
Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. Laat ik eerst mijn langste motie voorlezen.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat de EU nog steeds zo'n vijftien keer meer goederen
importeert uit illegale nederzettingen in de bezette Palestijnse
gebieden dan van Palestijnse ondernemers;
constaterende dat er duidelijke uitspraken liggen van het Internationaal
Gerechtshof over het stoppen van investeringen in en handel met illegale
nederzettingen;
constaterende dat de Israëlische regering op grote schaal doorgaat met
de verdere annexatie van Palestijns grondgebied en de bouw van illegale
nederzettingen;
verzoekt het kabinet om vaart te zetten achter de nationale wetgeving om
investeringen in en handel met illegale nederzettingen te
verbieden,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Piri.
Zij krijgt nr. 619 (23432).
Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):
Dan mijn tweede motie.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Israëlische autoriteiten nog steeds geen toegang
tot Gaza verlenen aan internationale organisaties zoals Artsen zonder
Grenzen, noch aan buitenlandse journalisten;
verzoekt het kabinet om in EU-verband het opschorten van het handelsdeel
van het EU-Israël-associatieakkoord opnieuw te agenderen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Piri.
Zij krijgt nr. 620 (23432).
Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):
Tot slot.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat er serieuze kritiek is op het voorgestelde mandaat, de
besluitvormingsstructuur en de samenstelling van Trumps Board of
Peace;
overwegende dat het VN-Handvest leidend is;
verzoekt de regering om niet toe te treden tot de Board of Peace,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Piri en Van der Werf.
Zij krijgt nr. 621 (23432).
Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan is nu het woord aan de heer Van Baarle van DENK.
De heer Van Baarle (DENK):
Voorzitter.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
verzoekt het kabinet de volledige regering-Netanyahu tot persona non
grata te verklaren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Baarle.
Zij krijgt nr. 622 (23432).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de Europese Unie financiële steun aan de Palestijnse
Autoriteit koppelt aan bestuurlijke en financiële hervormingen;
constaterende dat de uitvoering van deze hervormingen praktisch wordt
ondermijnd door maatregelen van lsraël, waaronder het inhouden van
Palestijnse belasting- en douanetegoeden, verregaande beperkingen op de
bewegingsvrijheid van personen en goederen, en vernietiging en
beschadiging van civiele en bestuurlijke infrastructuur;
verzoekt de regering zich er in de EU voor in te zetten dat de druk op
Israël wordt opgevoerd om maatregelen die hervormingen en bestuur door
de Palestijnse Autoriteit ondermijnen, waaronder het inhouden van
tegoeden, het vernietigen van infrastructuur en het beperken van de
bewegingsvrijheid, te beëindigen, en tevens in de EU inzet te plegen om
ervoor te zorgen dat de Palestijnse Autoriteit niet wordt afgerekend op
het uitblijven van hervormingen voor zover deze aantoonbaar worden
ondermijnd door Israëlische maatregelen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Baarle.
Zij krijgt nr. 623 (23432).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat uit het door de Europese Unie uitgevoerde onderzoek naar
de naleving van artikel 2 van het EU-Israël-associatieakkoord blijkt dat
er aanwijzingen zijn dat Israël handelt in strijd met zijn
mensenrechtenverplichtingen, waaronder in de Gazastrook en op de
Westelijke Jordaanoever;
overwegende dat de regering om die reden de verlenging van het
EU-Israël-actieplan blokkeert;
verzoekt de regering de reeds ingenomen positie ten aanzien van het
blokkeren van het EU-Israël-actieplan te handhaven, in ieder geval
zolang de uitkomsten van EU-onderzoek naar de naleving van artikel 2 van
het associatieakkoord daartoe aanleiding blijven geven,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Baarle.
Zij krijgt nr. 624 (23432).
De heer Van Baarle (DENK):
Tot slot, voorzitter.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het werk van UNRWA op dit moment ernstig ondermijnd
wordt door juridische maatregelen, praktische tegenwerking en zelfs de
vernieling van een UNRWA-kantoor;
overwegende dat het EU-programma over Palestijns herstel en veerkracht
ook een bijdrage bevat aan UNRWA om de cruciale humanitaire rol op het
gebied van dienstverlening te continueren;
verzoekt de regering om in EU-verband operationele bescherming van UNRWA
te bepleiten, waaronder veilige en onbelemmerde toegang,
bewegingsvrijheid van personeel, steun voor het mandaat en continuering
van noodzakelijke financiering,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Baarle.
Zij krijgt nr. 625 (23432).
De heer Van Baarle (DENK):
Bedankt, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan is nu het woord aan mevrouw Dobbe van de SP.
Mevrouw Dobbe (SP):
Dank u wel. Ik heb twee moties.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat Israël doorgaat met de bouw van de zogenaamde
E1-nederzettingen, in strijd met internationaal recht en met als
duidelijk doel de levensvatbaarheid van de Palestijnse Staat onmogelijk
te maken;
verzoekt de regering alle redelijke maatregelen te nemen om Israël te
doen stoppen met de aanleg van deze nederzettingen, waaronder in ieder
geval het opschorten van het bilaterale belastingverdrag, het opschorten
van het EU-associatieakkoord met Israël, een wapenembargo en
persoonlijke sancties tegen leden van de Israëlische regering,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Dobbe, Piri en Teunissen.
Zij krijgt nr. 626 (23432).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
verzoekt de regering zich bilateraal en in Europees verband in te
spannen voor de toelating van onafhankelijke waarnemers en journalisten
in de Gazastrook en op de Westelijke Jordaanoever,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Dobbe, Piri en Teunissen.
Zij krijgt nr. 627 (23432).
Mevrouw Dobbe (SP):
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan is het woord aan de heer Ceder van de ChristenUnie.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Dank u wel, voorzitter. Vrede tussen Israël en de Palestijnen lijkt
sinds 7 oktober 2023 en de oorlog in Gaza verder weg dan ooit. Er is een
wankel vredesakkoord onder leiding van de Verenigde Staten, maar echte
en duurzame vrede tussen Israëli's en Palestijnen gaat nooit worden
bewerkstelligd door Donald Trump, noch door de Verenigde Staten en zelfs
niet door ons hier, door het Nederlandse parlement. Echte vrede en
verzoening kunnen enkel plaatsvinden als gewone Israëli's en Palestijnen
elkaar in de ogen kunnen aankijken en beseffen: de enige weg voorwaarts
is een weg die we samen opgaan. Het kan alleen als men van beide kanten
ondanks diepe pijn, woede en wantrouwen weet: samen moeten we
door.
Voorzitter. Ik ben de afgelopen jaren in Palestijnse gebieden geweest en
ik ben getuige geweest van hele indrukwekkende ontmoetingen van moedige
Israëli's en Palestijnen die vanuit deze overtuiging juist werkten aan
vrede en verzoening. De afgelopen jaren hebben veel stukgemaakt. De weg
naar vrede is ook lang, maar deze vrede kan niet worden bereikt zonder
vredesprojecten van onderop. Het zou daarom ook goed zijn als de
Nederlandse regering onderdeel is van deze oplossing. Daarom dien ik de
volgende motie in.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat het nu meer dan ooit noodzakelijk is om te investeren in
projecten om verzoening en samenwerking tussen Israëli's en Palestijnen
te bevorderen;
verzoekt de regering om nog dit jaar het budget voor projecten die
samenwerking en verzoening tussen Israëli's en Palestijnen "van onderop"
bevorderen met €250.000 te verhogen, door dit bedrag in het
Stabiliteitsfonds voor deze projecten te reserveren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Ceder.
Zij krijgt nr. 628 (23432).
De heer Ceder (ChristenUnie):
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Dan is het woord aan de heer Stoffer van de SGP. Hij schudt
nee. Dan gaan we even vijf minuten schorsen.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.
De voorzitter:
We gaan verder met het tweeminutendebat. De minister gaat reageren op de
ingediende moties. Het woord is aan de minister.
Minister Van Weel:
Dank, voorzitter. Ook hier weer een debat uit juni, nog gevoerd met mijn
voorganger. Desondanks zijn de moties wel geactualiseerd. Erg tijdig
dus. Dank voor de inbreng. Ik loop ze zo snel mogelijk langs.
De motie-Piri op stuk nr. 619: oordeel Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 619 krijgt oordeel Kamer.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 620 moet ik ontraden. Er ligt geen directe link
tussen het associatieakkoord en de overweging. De inhoud van de
overweging heeft onze volledige aandacht en daar blijven wij ons voor
inzetten, ook in EU-verband.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 620 wordt ontraden.
Minister Van Weel:
De motie op stuk nr. 621, over de Board of Peace, wil ik het oordeel
ontijdig geven. Zoals het nu staat, zijn wij niet toegetreden tot de
Board of Peace. Dit vanwege het mandaat, dat veel verder lijkt te
strekken dan alleen Gaza. Dat is het voornaamste bezwaar tegen
toetreding van de meeste Europese landen. Het is een bezwaar dat
overigens ook gedeeld wordt door de Arabische landen, die uiteindelijk
wel toegetreden zijn. Waarom zijn zij wel toegetreden? Omdat zij
uiteindelijk het belang van de implementatie van het Gaza peace plan en
de betrokkenheid van de Verenigde Staten daarbij, zwaarder vinden wegen
dan wat zij zien als een misvatting wat betreft het mandaat, dat op
gespannen voet staat met het VN-Handvest. Mocht het komen tot een
aanpassing van het mandaat waardoor het weer binnen de reikwijdte valt
van de resolutie van de VN-Veiligheidsraad waarin de Board of Peace
wordt besproken, dan zou ik daar niet tegen zijn. Dat geldt ook als wij
als Europese landen op een andere manier kunnen komen tot een associatie
met de Board, zonder daarop in te tekenen. Het nadeel dat we nu hebben,
is dat we compleet aan de zijlijn staan. Dat zien we al, want de eerste
resoluties van de Board of Peace komen uit. Wij hebben nu geen enkele
stem of inspraak in de implementatie van het vredesplan in Gaza. Ook dat
is ongemakkelijk. Daarom wil ik dat muizengaatje openhouden en geef ik
de motie het oordeel "ontijdig".
Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):
Dat is teleurstellend, maar ik hoop in ieder geval op een ruime
meerderheid in de Kamer. Laten we eerlijk zijn: niet alleen het mandaat
is problematisch, maar ook de samenstelling. Vanuit de EU hebben alleen
Viktor Orbán en volgens mij een uitgaande Bulgaarse premier toegezegd.
Er zitten twee mensen in die gezocht worden door het Internationaal
Gerechtshof. Ook Loekasjenko zit erbij. Inmiddels is de uitnodiging voor
de Canadese premier ingetrokken. Ik snap de formele opmerking van de
minister, maar ik hoop dat de Kamer wat moediger is.
De voorzitter:
De minister heeft het oordeel "ontijdig" gegeven. Als mevrouw Piri de
motie in stemming wil brengen, betekent dit dat deze ontraden wordt. De
motie op stuk nr. 621 wordt dus ontraden. Dan de motie op stuk nr.
622.
Minister Van Weel:
De motie-Van Baarle op stuk nr. 622 moet ik ontraden. Ik verwijs daarbij
ook naar het tweeminutendebat dat wij gisteren hebben gehad over de RBZ.
Daar kwam dezelfde vraag naar voren.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 622: ontraden.
Minister Van Weel:
De motie-Van Baarle op stuk nr. 623: oordeel Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 623: oordeel Kamer.
Minister Van Weel:
De motie-Van Baarle op stuk nr. 624: oordeel Kamer, in die zin dat het
opschorten van het associatieakkoord nooit van tafel is gehaald. We
zullen dat ook niet doen. In die zin handhaven wij de positie zoals die
was.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 624 krijgt oordeel Kamer.
Minister Van Weel:
De motie-Van Baarle op stuk nr. 625 kan ik ook oordeel Kamer geven,
waarbij ik met betrekking tot de zinsnede "noodzakelijke financiering"
verwijs naar het amendement-Stoffer/Eerdmans, waaraan wij gehouden zijn
en dat wij volgen wat betreft de financiering. Maar verder: oordeel
Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 625: oordeel Kamer.
Minister Van Weel:
De motie-Dobbe c.s. op stuk nr. 626 moet ik ontraden. Dat komt door de
enorme lijst van zaken in het dictum.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 626 wordt ontraden.
Minister Van Weel:
De motie-Dobbe c.s. op stuk nr. 627 geef ik oordeel Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 627: oordeel Kamer.
Minister Van Weel:
De motie-Ceder op stuk nr. 628 geef ik ook oordeel Kamer.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 628 krijgt ook oordeel Kamer.
Daarmee is er een einde gekomen aan dit tweeminutendebat.
De beraadslaging wordt gesloten.
De voorzitter:
We gaan zo meteen door met het volgende tweeminutendebat, na een kort
moment van schorsing.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.