Reactie op de petitie 'Bied jongeren met long covid een toekomst'
Infectieziektenbestrijding
Brief regering
Nummer: 2026D04162, datum: 2026-01-29, bijgewerkt: 2026-01-29 13:42, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: J.A. Bruijn, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Onderdeel van kamerstukdossier 25295 -2241 Infectieziektenbestrijding.
Onderdeel van zaak 2026Z01775:
- Indiener: J.A. Bruijn, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Volgcommissie: vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid
- Volgcommissie: vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- 2026-02-11 10:15: Procedurevergadering Volksgezondheid, Welzijn en Sport (Procedurevergadering), vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Preview document (🔗 origineel)
> Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag
De Voorzitter van de Tweede Kamer
der Staten-Generaal
Postbus 20018
2500 EA DEN HAAG
Datum 29 januari 2026
Betreft Beantwoording commissiebrief reactie op de petitie 'Bied jongeren met long covid een toekomst'
Geachte voorzitter,
Met deze brief reageer ik, mede namens de minister van SZW, de staatssecretaris van OCW en de staatssecretaris Langdurige en Maatschappelijke Zorg, op het verzoek van uw Kamer dd. 16 december 2025 om een reactie op de petitie 'Bied jongeren met long covid een toekomst'.
De situatie van post-COVID patiënten - en van jongeren met post-COVID in het bijzonder - gaat mij aan het hart. Veel van hen kampen al jaren met aanhoudende gezondheidsklachten en het moet enorm frustrerend zijn dat er nog steeds geen genezende behandeling bestaat. Ik begrijp het initiatief van deze petitie, die ingaat op verschillende onderwerpen waar jongeren met post-COVID tegenaan lopen, dan ook goed.
Post-COVID onderzoek en zorg
Er gebeurt veel op het gebied van post-COVID. In mijn laatste brief aan uw Kamer heb ik u geïnformeerd over de stand van zaken van de verschillende beleidsinitiatieven rondom post-COVID en ander postinfectieuze aandoeningen.1 De voornaamste inzet vanuit het ministerie van VWS is om kennis te ontwikkelen en te vermeerderen, via onder andere het ZonMw Post-COVID programma (2023-2028).2
Er is ruim €40 miljoen vrijgemaakt voor de vorming van een netwerk en een onderzoeksprogramma, met als doel het vergroten en delen van kennis en expertise over post-COVID voor diagnose, behandeling en het optimaliseren van zorg. Dit betekent dat er tot en met 2028 in Nederland tientallen onderzoekers bezig zijn om meer kennis over post-COVID te vergaren. En dat is ook de inzet van de post-COVID expertisecentra, die in de petitie worden genoemd.
De reeds verworven kennis en inzichten over post-COVID worden overgebracht aan zorgverleners en de samenleving. Het delen van kennis wordt onder andere gedaan door het landelijk samenwerkingsnetwerk Post-COVID Netwerk Nederland
(PCNN) dat in 2024 uit het ZonMw programma is voortgekomen. In dit netwerk werken patiënten, wetenschappers, zorgprofessionals en maatschappelijke partners samen om wetenschappelijk onderzoek en patiëntenzorg voor mensen met post-COVID een stap verder te brengen. Het samenbrengen van deze kennis is nodig om post-COVID beter te begrijpen, diagnoses te verbeteren en betere behandelingen te ontwikkelen. Vanuit dit netwerk is onlangs een handreiking over post-COVID voor zorgverleners en professionals in het sociaal domein beschikbaar gekomen.3 De praktische handvatten kunnen verbindend werken tussen disciplines en de samenwerking bevorderen. Ook werken de Federatie Medisch Specialisten (FMS) en het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) samen aan herziening van de medische richtlijn voor post-COVID en adviseert en ondersteunt de patiënten nazorgorganisatie C-support professionals onder andere huisartsen en Wmo-consulenten door het geven van trainingen en nascholing over post-COVID.
Goede en gelijke ondersteuning, waar je ook woont
De wetten in het sociaal domein, waaronder de Participatiewet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) en de Jeugdwet, kennen een gedecentraliseerde uitvoering. Dit betekent dat gemeenten zelfstandig invulling geven aan de toegang tot voorzieningen. Als gevolg hiervan bestaan er verschillen tussen gemeenten.
Post-COVID kan een diepgaande en langdurige impact hebben op alle domeinen van het dagelijks leven. Tegelijkertijd ervaren patiënten met post-COVID dat er in de praktijk nog onvoldoende bekendheid is met hun ziektebeeld. Tegen deze achtergrond hebben Q-support en C-support, in afstemming met de VNG, VWS, gemeenten en patiënten, de Handreiking postinfectieuze aandoeningen voor Gemeenten ontwikkeld, die in september 2025 is opgeleverd.4 Deze handreiking ondersteunt gemeenten door het bieden van zowel inhoudelijke kennis over postinfectieuze aandoeningen, waaronder post-COVID, als een praktisch handelingskader per relevante wet. Daarnaast wordt expliciet aandacht gevraagd voor de belangrijke, maar vaak kwetsbare positie van mantelzorgers, en worden gemeenten opgeroepen hier in hun beleid en uitvoering oog voor te hebben en waar mogelijk ontlastende ondersteuning te bieden.
Sociale zekerheid
De beoordeling voor een WIA- of Wajong-uitkering kan als belastend worden ervaren door mensen die langdurig ziek zijn, overigens ongeacht de aard of oorzaak van hun ziekte. De beoordeling door UWV komt op een moment waarop mensen kwetsbaar zijn. Zij ervaren onzekerheid over hun gezondheid en inkomen. Het is belangrijk dat zij zich gezien, gehoord en geholpen voelen door een goede arbeidsongeschiktheidsbeoordeling.
De afgelopen jaren zijn verschillende acties ondernomen gericht op het verhogen van het kennisniveau van professionals binnen het domein van Arbeid en Gezondheid. Zo heeft het ministerie van SZW de totstandkoming van leidraden ondersteund voor arbodeskundigen, waaronder bedrijfsartsen, verzekeringsartsen en paramedische zorgprofessionals, voor begeleiding van werkenden met post-COVID volgens de stand van de wetenschap. Ook heeft UWV voor alle verzekeringsartsen en verpleegkundigen een bijscholing georganiseerd over post-COVID en voert UWV kwaliteitsonderzoek uit naar beoordelingen van aanvragers van een WIA-uitkering met post-COVID. Dit draagt bij aan de verbetering van de kwaliteit van sociaal-medische beoordelingen van mensen met post-COVID.
Het kabinet is zich ervan bewust dat hypotheekverstrekkers terughoudend zijn bij het verstrekken van hypotheken op basis van WGA-arbeidsongeschiktheids-uitkeringen. Dat kan het lastig maken voor mensen met een WGA-uitkering om een hypotheek te krijgen. Het kabinet begrijpt dat het toekomstperspectief van jongeren hierdoor ingrijpend kan veranderen als zij arbeidsongeschikt worden. Tegelijkertijd gaat het hier om een kwetsbare groep die ook behoed moet worden voor het risico van overkreditering bij het krijgen van een hypotheek.
Onderwijs
Post-COVID heeft ook op de schoolloopbaan van kinderen grote impact, en het is schrijnend als je tijdens je schooltijd te maken hebt met de langdurige gevolgen van COVID. Scholen hebben een zorgplicht en zij moeten leerlingen ondersteunen, daarbij geholpen door het samenwerkingsverband passend onderwijs als extra ondersteuning nodig is. In voorjaar 2023 is door OCW onder meer in samenwerking met de PO-raad en jeugdartsen een handreiking opgesteld, hoe scholen deze ondersteuning kunnen vormgeven.5
Ook onderwijs op afstand kan voor deze leerlingen daarbij een uitkomst zijn, om de verbinding met de klas te behouden. Het kabinet stimuleert dat scholen de kansen van digitaal afstandsonderwijs benutten. Ook werkt het kabinet aan meer ruimte voor maatwerk voor kwetsbare leerlingen, iets wat ook wettelijk beter zal worden vastgelegd. Tot slot kunnen scholen een beroep doen op ondersteuning via de consulenten ondersteuning zieke leerlingen.6
Recent is door uw Kamer de motie Ceder aangenomen.7 Deze motie verzoekt om - in het kader van dat kinderen en jongeren met PAIS/post-COVID - landelijke richtlijnen voor scholen op te stellen en mogelijke knelpunten uit huidige wet- en regelgeving tegen het licht te houden. Voor de zomer zal uw Kamer worden geïnformeerd over de uitvoering van deze motie.
Ik ben optimistisch dat met alle inspanningen op het gebied van onderzoek, expertisebevordering en organisatie van zorg de kennis over post-COVID, en daarmee ook over andere postinfectieuze aandoeningen, de komende periode blijft toenemen bij zorgprofessionals, binnen het sociaal domein en breder in de samenleving. En ik ben ervan overtuigd dat onze inzet bijdraagt aan herkenning, erkenning en perspectief voor alle patiënten met post-COVID of een andere postinfectieuze aandoening.
Hoogachtend,
de minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,
Jan Anthonie Bruijn
Kamerstukken II 2025/26, 25295, nr. 2238.↩︎
www.zonmw.nl/nl/programma/post-covid-onderzoeksprogramma-kennisinfrastructuur-en-expertisenetwerk↩︎
https://kennis.c-support.nu/eerste-publicatie-integrale-handreiking-post-covid/↩︎
https://vng.nl/nieuws/handreiking-postinfectieuze-aandoeningen↩︎
Schooldeelname na vervallen coronamaatregelen 26 juni 2023 RA AJN↩︎
Kamerstukken II 2025/26, 36 530 nr. 22.↩︎