[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Verslag van de plenaire conferentie van commissies voor Europese aangelegenheden van de parlementen van de Europese Unie, gehouden in Kopenhagen, Denemarken van 30 november tot en met 2 december 2025

Conferentie van commissies voor Europese aangelegenheden uit de parlementen van de lidstaten van de EU en van een delegatie uit het Europees Parlement

Verslag van een bijeenkomst

Nummer: 2026D05051, datum: 2026-02-03, bijgewerkt: 2026-02-03 15:54, versie: 2 (versie 1)

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen:

Onderdeel van kamerstukdossier 22660 -93 Conferentie van commissies voor Europese aangelegenheden uit de parlementen van de lidstaten van de EU en van een delegatie uit het Europees Parlement.

Onderdeel van zaak 2026Z02198:

Preview document (🔗 origineel)


Staten-Generaal BY 1/2

Vergaderjaar 2025-2026

22 660 Conferentie van commissies voor Europese aangelegenheden uit de parlementen van de lidstaten van de EU en van een delegatie uit het Europees Parlement

Nr. 93 VERSLAG
Vastgesteld 3 februari 2026

Van zondag 30 november tot en met dinsdag 2 december 2025 vond in Kopenhagen, Denemarken, de plenaire conferentie van commissies voor Europese aangelegenheden van de parlementen van de Europese Unie, hierna aangeduid als de plenaire COSAC, plaats. Naast de genoemde delegaties namen ook delegaties van de nationale parlementen van kandidaat-lidstaten van de Europese Unie deel als waarnemer, evenals delegaties van de Raad van de Europese Unie en van de Europese Commissie.

De delegatie van het Nederlands parlement bestond uit de Eerste Kamerleden Van Apeldoorn (SP), commissievoorzitter, en Van Rooijen (50PLUS) en Tweede Kamerlid Klos (D66). Ambtelijke ondersteuning werd verzorgd door Van den Driessche en Kort (beiden Eerste Kamer) en Timmer en Hoedemaker (beiden Tweede Kamer). De delegatie brengt als volgt verslag uit1:

1. En marge van de conferentie

Voorafgaand aan de conferentie heeft de delegatie op zondag 30 november 2025 een technische briefing gekregen van Nienke Trooster, Ambassadeur van Nederland in Denemarken. Met name is gesproken over het politieke landschap in Denemarken en het Deense EU-voorzitterschap.

2. Plenaire COSAC

De voorzitter van de sessie, Brigitte Klinskov Jerkel, voorzitter van de commissie voor Europese aangelegenheden van het Deense parlement, opende de vergadering. De ondervoorzitter van het Deense Parlement, Lars-Christian Brask verzorgde een openingswoord en ging in op de hoofdthema’s van de bijeenkomst, ten eerste veiligheid en strategische autonomie en ten tweede concurrentiekracht en de groene transitie.

Onder het agendapunt procedurele zaken werd verslag gedaan van de vergadering van de Troika-voorzittersbijeenkomst en werd het 44e bi-annual report van COSAC gepresenteerd. Ook kwam de benoeming van het permanente lid van het COSAC-secretariaat aan de orde. De troika adviseert het huidige permanente lid en enige kandidaat Sjövall opnieuw te benoemen. Hierover wordt later door de COSAC-voorzitters gestemd.

Vervolgens werd het voorstel over wijziging van de regels met betrekking tot cofinanciering van het COSAC-secretariaat toegelicht. Het voorstel is om vanaf 1 januari 2027 de financiering van het permanente lid van het COSAC-secretariaat volledig te verdelen onder de parlementen. Deze wijziging vereist unanimiteit tijdens de slotsessie. Dan ligt ook een mogelijke wijziging van het COSAC-reglement van orde voor.

Ten slotte werden alle ingekomen brieven vermeld. Deze zijn terug te vinden op IPEX.

3. Sessies

Videoboodschap Ursula Von der Leyen, Voorzitter van de Europese Commissie

Commissievoorzitter Ursula Von der Leyen benadrukte in een videoboodschap aan COSAC twee grote uitdagingen: Europese veiligheid en economische weerbaarheid. Ze wees op de toegenomen dreigingen voor Europa en prees de snelle reactie van Europa met ongekende defensie-investeringen. Economisch moeten obstakels voor investeringen worden weggenomen, zoals hoge energieprijzen, gebrek aan infrastructuur, innovatie en kapitaalmarkten. Ze gaf aan dat de Europese Commissie voorstellen hiertoe heeft gedaan en onderstreepte de cruciale rol van parlementen bij het vormgeven en uitvoeren van oplossingen.

Sessie I: Een sterk Europa in een veranderende wereld: de koers uitgezet door het Deense voorzitterschap

De Deense minister voor Europese Zaken Marie Bjerre lichtte in haar keynote speech de prioriteiten van het Deense voorzitterschap toe: versterking van Europese veiligheid, vergroting van concurrentievermogen en voortgang op de groene transitie. Ze ging daarbij in op het belang van steun aan Oekraïne, van het defensie-industrieprogramma en van nieuwe sancties tegen Rusland. Ook gaf ze aan dat vereenvoudiging van regelgeving, investeringen en duurzaamheid centraal staan bij het vergroten van concurrentievermogen. "Concurrentievermogen moet hand in hand gaan met groene transitie", aldus Bjerre. Ze gaf daarnaast aan dat EU-uitbreiding, met nadruk op Oekraïne, strategisch cruciaal is.

 

Tijdens de discussie was er brede steun voor Oekraïne – politiek, economisch en militair – en werd uitbreiding met Oekraïne en de Westelijke Balkan als strategische noodzaak gezien. Lidstaten benadrukten het belang van versterking van Europese defensiecapaciteit, economische concurrentiekracht en versnelling van de groene transitie, met aandacht voor investeringen en minder bureaucratie. Ook kwamen rechtsstaat, migratie, handelsbeleid en technologische autonomie aan bod, waarbij nationale parlementen nauwere betrokkenheid bij EU-besluitvorming vroegen. Tot slot gaf Bjerre aan dat “status quo geen optie is”: Europa moet als één blok handelen om mondiale uitdagingen het hoofd te bieden.

 

Het lid Klos benadrukte namens de delegatie van de Tweede Kamer dat als we een sterker Europa in de wereld willen, we onze waarden moeten verdedigen. Daarnaast zal de Europese economie moeten groeien en de besluitvorming slagvaardiger moeten, bijvoorbeeld door gekwalificeerde meerderheidsbesluitvorming op het gebied van defensie en buitenlands beleid. Dit vereist nationale moed.

Sessie II: EU-handelsbeleid in een onzekere wereld

Tijdens deze sessie stond centraal hoe de Europese Unie haar handelsbeleid kan inzetten in een wereld waarin open handel en de bijhorende spelregels steeds meer onder druk staan. De sessie ging over de noodzaak om de EU economisch én geopolitiek weerbaarder te maken: door het versterken van de interne markt, het bewaken van stabiele relaties met grote spelers zoals de VS en China, het afsluiten van nieuwe handelsakkoorden (waaronder Mercosur) en het hervormen van de Wereldhandelsorganisatie zodat voorspelbare regels en effectieve geschilbeslechting blijven bestaan. Ook werd de spanning besproken tussen economische belangen en andere waarden, zoals klimaatdoelen, mensenrechten en bescherming van Europese sectoren zoals de landbouw.

De minister van Buitenlandse Zaken van Denemarken Lars Løkke Rasmussen, benadrukte dat Europa groot is geworden door openheid en een op regels gebaseerde wereldorde, maar dat deze waarden nu worden aangevallen en de EU daarom sneller en strategischer moet handelen. Volgens hem moet de EU het trans-Atlantische partnerschap veiligstellen en tegelijk nieuwe handelsakkoorden sluiten (met Mercosur als prioriteit), omdat handel steeds meer een geopolitiek instrument is geworden.

Maroš Šefčovič, Eurocommissaris voor handel en economische veiligheid, stelde dat de EU nieuwe markten moet openen én bestaande handelsrelaties moet verbeteren, waarbij nationale parlementen een actieve rol moeten spelen in het debat en de koersbepaling. Hij wees erop dat het akkoord met de VS de stabiliteit heeft hersteld, maar dat Europa tegelijk kwetsbaar blijft—zoals blijkt uit Chinese exportbeperkingen op kritieke grondstoffen— en daarom sneller handelsdefensiemiddelen moet kunnen inzetten in het kader van economische veiligheid.

Vicevoorzitter van het Europees Parlement Esteban González Pons waarschuwde dat de EU in een tijd van economische fragmentatie en geopolitieke druk óf invloed moet organiseren óf uiteindelijk afhankelijk wordt van anderen. Hij pleitte daarom voor drie prioriteiten: vasthouden aan een regels-gebaseerd systeem, afhankelijkheden afbouwen door diversificatie van ketens en investeren in digitale technologie. Hij verdedigde het Mercosur-akkoord, dat volgens hem van groot strategisch belang is en voorzien van voldoende waarborgen voor Europese boeren.

Het lid Van Apeldoorn plaatste kritische kanttekeningen bij het EU-VS-handelsakkoord en vroeg of, zoals door sommige experts wordt gesuggereerd, de EU hier niet te gemakkelijk heeft toegegeven in plaats van uit te gaan van de eigen marktmacht. Hij riep ertoe op dat de EU bij de uitwerking van het akkoord duidelijke grenzen trekt, met name als het gaat om behoud van bestaande regelgeving (bijvoorbeeld op digitaal gebied). Daarnaast wierp Van Apeldoorn de vraag op hoe we ervoor kunnen zorgen dat er in multilaterale handelsbetrekkingen steeds aandacht blijft voor sociale rechten, mensenrechten en milieu- en andere wettelijke eisen.

In het debat was verder aandacht voor de noodzaak voor flexibiliteit van de EU in snel veranderende omstandigheden, het belang van handel voor grotere concurrentiekracht en de waarde van internationale vrijhandelsakkoorden. Er waren verschillende kritische reacties op het Mercosur-akkoord.

COSAC-voorzittersbijeenkomst:

Tijdens deze sessie werden de voorgestelde conclusies en contributies en ingediende amendementen besproken. De delegatie van Eerste en Tweede Kamer had geen amendementen ingediend.

Paneldebat: de groene transitie van een competitieve Europese agri-food sector

De eerste spreker, Jacob Jensen, de Deense minister voor voedsel, landbouw en visserij, pleitte ervoor om te komen tot de groene transitie en de landbouwsector te versterken door de aandacht te richten op de klimaatrisico’s, concurrentiekracht, vereenvoudiging van wetgeving en jonge boeren. Eurocommissaris voor landbouw en visserij Christophe Hansen sprak over de duurzame toekomst voor de landbouw. Die heeft volgens hem drie dimensies: milieu, sociaal en economisch. Hij gaf aan hoe de Europese Commissie landbouwers wil ondersteunen om klimaatuitdagingen het hoofd te bieden, bijvoorbeeld door verdubbeling van het fonds voor compensatie bij weerschade. Daarnaast wil hij boeren stimuleren om meer te investeren. Hansen benadrukte dat de Commissie naar aanleiding van de boerenprotesten landbouwers op verschillende vlakken tegemoetkomt, zoals betere prijzen voor hun producten, vermindering van administratieve lasten en meer wederkerigheid in internationale handel.

De voorzitter van COPA (Committee of Professional Agricultural Organisations) Massimiliano Giansanti zei dat de veranderlijke geopolitieke situatie en volatiliteit van de markten grote gevolgen heeft voor boeren. Giansanti riep op tot meer steun voor en bescherming van boeren en beleidsinstrumenten die boeren helpen om productiever te worden en om beter te kunnen concurreren, maar ook duurzaam te kunnen zijn. Prioriteiten voor COPA in de samenwerking met de Commissie zijn een sterk nieuw Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB), handelsakkoorden en vereenvoudiging van wetgeving. Ariel Brunner, de regionaal directeur van Birdlife Europa en Centraal Azië, benadrukte dat er geen toekomst is voor boeren als de klimaatproblemen niet worden aangepakt. Hij vond de huidige Europese voorstellen voor het nieuwe GLB niet verregaand genoeg en vooral een bevestiging van de status quo. Hij pleitte voor focus op veerkracht van boeren in plaats van op financiële compensatie en riep op consumptievermindering.

In de bijdragen na het paneldebat was er veel aandacht voor de positie van het GLB in het MFK en kritiek op de voorgestelde samenvoeging van het GLB en cohesiebeleid. Verschillende deelnemers riepen op tot meer steun voor landbouwers, sommigen pleitten voor het belang van de groene transitie of juist voor meer efficiëntie. Ook het handelsakkoord met Mercosur kwam aan de orde.

Sessie III: Duurzame groei en energie

In deze sessie ging Agnieszka Pomaska, voorzitter van de commissie voor EU-zaken van de Poolse Sejm, in op de noodzaak voor een gemeenschappelijk Europees energiebeleid. Zij belichtte hoe de energietransitie in Polen verloopt, vroeger het EU-land dat het meest afhankelijk was van steenkool. Pomaska pleitte voor een gemeenschappelijk energiebeleid. Dit vraagt volgens haar om rechtvaardig beleid (met oog voor de verschillende startpunten van de lidstaten), technische en financiële steun van de EU, flexibiliteit voor lidstaten bij beleidskeuzes en het wegnemen van overbodige administratieve lasten. Teruggaan naar afhankelijkheid van Russisch gas is geen optie, aldus Pomaska.

Vervolgens sprak Kristian Jensen, CEO van Green Power Denmark en voormalig Deens minister van buitenlandse zaken en van financiën. Hij reflecteerde op het Draghi-rapport, dat een nieuw businessmodel voor Europa voorstaat. Een model dat uitgaat van Europese autonomie, compatibiliteit tussen de lidstaten, concurrentiekracht ten opzichte van China en de VS en de groene transitie. Jensen betoogde dat we dat businessmodel kunnen ontwikkelen door eigen energiebronnen in te zetten (wind, water en zon in plaats van import van lng), door compatibiliteit op het gebied van energie te verbeteren (versterking van energienetwerken) en meer samen te werken tussen landen.

Ten slotte was het woord aan Jette Bredahl, hoogleraar bij de Universiteit van Kopenhagen en vice-voorzitter van de Europese Wetenschappelijke Adviesraad voor Klimaatverandering. Haar pleidooi was om nu actie te ondernemen tegen klimaatverandering. Bijvoorbeeld door adaptatie, het vergroten van weerbaarheid en door klimaatrisico-inschattingen integraal onderdeel van beleid te maken. Concurrentiekracht en veiligheid van Europa en de groene transitie kunnen samengaan, aldus Bredahl, maar daarvoor is lange termijnplanning nodig. Ook zij benadrukte het belang van overgaan op schone Europese energie.

De interventies na het debat gingen in op de noodzaak voor grotere Europese autonomie op het gebied van energie. Ook de hoge en veranderlijke energieprijzen kwamen aan bod. Verschillende sprekers noemden nucleaire energie als belangrijke alternatieve energiebron. De noodzaak voor het moderniseren van het Europese energiesysteem werd breed gevoeld.

Sessie IV: EU-uitbreiding, interne hervormingen en de rechtsstaat

De sessie over EU-uitbreiding, interne hervormingen en de rechtsstaat werd ingeleid door de Deense minister van Europese Zaken, Marie Bjerre. Zij onderstreepte de strategische noodzaak van uitbreiding van de EU in de huidige geopolitieke context. Aanzienlijke vooruitgang was geboekt door kandidaat-lidstaten, met name Albanië, Montenegro, Moldavië en Oekraïne. De minister herhaalde dat naast hervorming, uitbreiding gebaseerd moet blijven op verdiensten (merit-based) en op de Kopenhagencriteria. Zij benadrukte ook dat de waarden van de EU moeten worden beschermd en stelde mechanismen voor om mogelijke achteruitgang onder toekomstige leden aan te pakken.

Ook Adrián Vázquez Lázara, vicevoorzitter van de AFCO-commissie van het Europees Parlement, zag uitbreiding als essentieel voor de veiligheid, stabiliteit en mondiale relevantie van Europa. Hij identificeerde drie kernuitdagingen voor een grotere EU: efficiëntie, de nodige middelen en de versterking van de democratie. Vázquez Lázara merkte op dat de nationale parlementen een cruciale rol spelen als hoeders van checks-and-balances, de uitvoering van de EU-wetgeving en de democratische cultuur.

In het debat dat volgde klonk vaak steun voor de uitbreiding – met name voor Oekraïne, Moldavië en de Westelijke Balkan – in combinatie met oproepen tot institutionele hervormingen en conditionaliteit.

Het lid Van Apeldoorn beklemtoonde dat rechtsstatelijkheid en de Kopenhagencriteria ook na toetreding tot de EU een voorwaarde van lidmaatschap zijn. Zeker in tijden van grote onrust in de wereld is het van belang om lidstaten die artikel 2 van het EU-Verdrag schenden aan te pakken. Hij bedankte minister Bjerre voor haar bijdrage waarin zij dit ook benadrukte en opriep om in dezen de bestaande mechanismes verder uit te werken. Van Apeldoorn riep op dat het tijd was om artikel 7 van het Verdrag en de unanimiteitsvereiste bij besluitvorming te herzien. Minister Bjerre reageerde instemmend op de inbreng van Van Apeldoorn en herhaalde het belang van het bewaken en versterken van de fundamentele Europese waarden. Volgens haar zijn hervormingen nodig, afgezien van de gevolgen van uitbreiding.

Slotsessie: vaststelling van de contributies en conclusies van de LXXIV COSAC

De ontwerpcontributies en-conclusies, zoals besproken door de vergadering van de COSAC-commissievoorzitters op maandag 1 december 2025 werden bij consensus door de plenaire vergadering aangenomen.2 Wel werden op verzoek van enkele delegaties vier voetnoten toegevoegd aan de contributies om hun positie te specificeren.

Er is gesproken over de voorliggende amendementen op het COSAC-reglement met betrekking tot de wijziging van de vereiste gekwalificeerde meerderheid in het geval van stemmen over contributies (het overgaan op een vereiste twee derde meerderheid in plaats van drie kwart) en met betrekking tot het gelijkelijk toepassen van de stemprocedure op het aannemen van conclusies. Het wijzigen van het Reglement van Orde vereist unanimiteit onder de aanwezige delegaties. Omdat bleek dat een delegatie zich niet kon vinden in een wijziging van het reglement en unanimiteit niet zou kunnen worden bereikt, heeft de voorzitter van de bijeenkomst afgezien van stemming. Verschillende delegaties, waaronder delegatieleider Van Apeldoorn, spraken hun teleurstelling hierover uit. Tijdens het Cypriotische voorzitterschap zal het onderwerp opnieuw ter tafel komen.

De conclusies bevatten de herbenoeming van Jakob Sjövall als permanent lid van het COSAC-secretariaat en de goedkeuring van de taakomschrijving van zijn functie. Het besluit om de financiering van het permanente lid van het COSAC-secretariaat vanaf 1 januari 2027 volledig te verdelen onder de parlementen zal worden doorgeleid naar de Griffiersbijeenkomst die op 1-2 februari 2026 plaatsvindt.
De plenaire vergadering werd gesloten.

Namens de delegatie,

De voorzitter van de commissie voor Europese Zaken van de Eerste Kamer,
Van Apeldoorn

Lid van de commissie voor Europese Zaken van de Tweede Kamer,
Klos


  1. De documenten bij deze plenaire vergadering zijn te raadplegen op de website van IPEX:

    https://secure.ipex.eu/IPEXL-WEB/conferences/cosac/home↩︎

  2. Contributies van de LXXIV COSAC, https://ipexl.europarl.europa.eu/IPEXL-WEB/download/file/8a8629a89ae7869c019ae920fcff0109/Contribution%20of%20the%20LXXIV%20COSAC%20in%20Copenhagen%202025%20(FINAL).pdf,
    Conclusies van de LXXIV COSAC, https://ipexl.europarl.europa.eu/IPEXL-WEB/download/file/8a8629a89ae7869c019ae9218ec7010b/Conclusions%20of%20the%20LXXIV%20COSAC%20in%20Cophagen%202025%20Final%20ENG.pdf↩︎