[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Berichtgeving ILT over druppellekkages vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor

Brief regering

Nummer: 2026D06404, datum: 2026-02-10, bijgewerkt: 2026-02-10 16:00, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van zaak 2026Z02846:

Preview document (🔗 origineel)


Geachte voorzitter,

Op 22 januari jl. publiceerde de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) het nieuwsbericht “Extra aandacht voor schoon en veilig vervoer van gevaarlijke stoffen per spoor” over de signalering en aandacht voor zogenoemde druppellekkages1. Tijdens de begrotingsbehandeling IenW op 22 januari is een toezegging gedaan aan het lid Kostić2 om in een brief toelichting te geven over dit bericht.

De ILT geeft in het bericht aan dat ze in 2025 op basis van meldingen en eigen toezicht ruim 400 druppellekkages hebben geconstateerd. Dit is een sterke stijging ten opzichte van vorige jaren. Bij een druppellekkage gaat het soms om een defect aan een afsluiter, soms lijken handelingen door verantwoordelijke partijen in de keten niet (goed) uitgevoerd en in andere gevallen is er sprake van restproduct aan de buitenzijde van een ketelwagen. Deze stijging van het aantal lekkages is volgens het ministerie, de ILT en ook de keten volstrekt onwenselijk. Gezien de omvang van de stijging hebben de betrokken partijen gedurende 2025 aandacht besteed aan dit onderwerp. In deze brief geef ik invulling aan de toezegging om toelichting te geven op het nieuwsbericht en wordt ingegaan op de toename van deze veelal relatief kleine druppellekkages en op de acties die al zijn ingezet. Daarnaast wordt ook ingegaan op het veilig vervoer van gevaarlijke stoffen en hoe we dat in Nederland wettelijk hebben geregeld.

Veilig vervoer van gevaarlijke stoffen

Bij het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor gelden de internationale eisen uit het verdrag voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor (RID)3. Deze zijn geïmplementeerd via de regeling vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor (VLG). Vervoer dat aan deze regelgeving voldoet, is voldoende veilig en mag daarom internationaal vervoerd worden. Het ministerie van IenW stelt, samen met de andere lidstaten van het RID en de EU, de internationale eisen op. Het is de verantwoordelijkheid van de hele vervoersketen (vuller, verlader, verzender, vervoerder, ontvanger) om het vervoer op een veilige manier te laten plaatsvinden. De ILT ziet hier in Nederland risicogericht op toe, en handhaaft op basis van de Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO). Daarnaast is er in Nederland een plicht om bij het vervoer van gevaarlijke stoffen voorvallen of ongevallen te melden. Dit draagt bij aan het zicht op de veiligheid van het vervoer en stelt de ILT in staat om te beoordelen of en zo ja op welke wijze een vervoershandeling na het voordoen van een voorval voortgezet kan worden.

Aandacht voor de veiligheid van het vervoer van gevaarlijke stoffen blijft te allen tijde belangrijk. Daarom wil het ministerie bij de beleidsontwikkeling van het vervoer van gevaarlijke stoffen ook de focus leggen op gesprekken over daadwerkelijke veiligheid en blijvende inzet om het huidige veiligheidsniveau te behouden. Dat wordt onder andere gedaan door bij nieuwe technologische ontwikkelingen, wetenschappelijke inzichten en bij ongewone voorvallen of ongevallen in gesprek te gaan en in te zetten op proportionele acties om de regelgeving en naleving daarvan op hoog niveau te houden. Zo ook bij de druppellekkages.

Oorzaak stijging geconstateerde druppellekkages

Vanaf eind 2024 is er op basis van meldingen en het toezicht door de ILT een stijging geconstateerd van situaties waarbij druppellekkages zijn aangetroffen. Dit signaal is eerder gedeeld in de ‘Reflectie op het spoor in 2025’ die de ILT uitbracht bij het Jaarverslag Spoorwegveiligheid 2024.4 Meestal gaat het hierbij om relatief kleine hoeveelheden vloeistof die uit de wagons lekken of waarbij restproduct zich aan de buitenzijde bevindt. Uit de analyse van de meldingen blijkt er in sommige gevallen sprake te zijn van technische defecten aan de ketelwagens. Er zijn ook gevallen waar geen technisch defect is aangetroffen. Mogelijk dat er in die gevallen bij het laden/vullen van de reservoirwagen iets niet goed is gegaan. Verder heeft de ILT naar aanleiding van de toegenomen meldingen en constateringen eerder risicogericht besloten om meer controles op dit aspect uit te voeren.

Ondanks de over het algemeen beperkte hoeveelheid vrijkomend product is het belangrijk om zulke lekkages te voorkomen en adequaat te handelen als ze toch voorkomen. Het vormt een risico voor mens en milieu. Daarom ben ik blij met de scherpe aandacht voor dit soort voorvallen. Het zorgt ervoor dat de opvolging van de regelgeving in brede zin op hoog niveau blijft.

Ondernomen acties

Er wordt op verschillende manieren ingezet om het aantal (geconstateerde) druppellekkages te verkleinen. De ILT zet momenteel in op een bronaanpak bij het laden en lossen van ketelwagens. Daarnaast wordt er door IenW nationaal en internationaal aandacht gevraagd voor het onderwerp en uniforme toepassing van regelgeving (RID), om daarbij een gelijk speelveld in Europa te garanderen.

De ILT heeft het project laden en lossen gestart waarbij met de keten extra aandacht en toezicht wordt gevestigd op de procedures voor het laden en lossen van stoffen. De ILT kijkt op werkvloerniveau mee of de laders en lossers procedures hebben die aansluiten op de verplichtingen in het RID. Ook zijn gesprekken gevoerd met veiligheidsdiensten, de branchevereniging van tankopslagbedrijven en de chemische industrie. Het ministerie steunt deze actie.

IenW blijft het onderwerp druppellekkages meenemen bij reguliere gesprekken met ILT, ProRail en de keten. Daarin wordt door de keten gevraagd om duidelijkheid en informatie te geven bij constateringen van de ILT, zodat daarop proportioneel actie kan worden ondernomen.

Omdat de ILT-inzet op druppellekkages onderdeel vormt van het toezicht op internationale regelgeving en internationaal vervoer, is het ook belangrijk om de druppellekkages in naburige landen en binnen de overleggen over het RID te bespreken. ILT spreekt en onderneemt gezamenlijke controles met Duitsland en België. Daar is in dezelfde tijdsperiode geen noemenswaardige toename van het aantal druppellekkages geconstateerd. IenW heeft in internationaal overleg van het RID, aandacht gevraagd voor uniforme toepassing én handhaving van de voorschriften over druppellekkages5. Dat is belangrijk voor een gelijk Europees speelveld. In de internationale regelgeving zit ruimte voor de interpretatie van de regelgeving bij handhaving. In de vergadering is bevestigd dat gevaarlijke resten aan de buitenkant van de tankwagen gedurende transport een overtreding is. Uit de internationale vergadering bleek ook dat er ruimte is voor de interpretatie over de vraag of kleine restanten aan de buitenzijde van ketelwagons ook gevaarlijk zijn, en over de wijze van handelen. Deze restanten maken onderdeel uit van de in 2025 door de ILT geconstateerde lekkages, maar worden in verschillende andere landen niet als zodanig beoordeeld.

IenW en ILT blijven in gesprek. Mocht uit de analyses van de druppellekkages blijken dat verduidelijking of aanscherping van het RID wenselijk is, zal IenW in afstemming met de ILT daarvoor voorstellen ontwikkelen. Een internationale inzet kan helpen om druppellekkages van vervoer naar en uit het buitenland te verminderen.

Kortom, de stijging in het aantal druppellekkages is ongewenst en moet worden verminderd. Ondanks het beperkte risico van druppellekkages zijn de sector, ILT en IenW vorig jaar gestart met een aantal concrete acties om de stijging te keren. De verwachting is dat met bovengenoemde acties het aantal druppellekkages op korte termijn zal dalen. Tegelijkertijd laat deze kwestie zien dat de regelgeving, verantwoordelijkheden in de keten, toezicht en handhaving cruciaal zijn ter bescherming van mens en milieu.

De ILT rapporteert jaarlijks over het toezicht en handhaving van het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor in het jaarverslag spoorveiligheid. De cijfers van 2025 zullen eind dit jaar in het jaarverslag spoorveiligheid 2025 terugkomen. De inzet van alle partijen is dat het jaarverslag spoorveiligheid 2026, dat in 2027 wordt gepubliceerd, een forse verbetering zal laten zien.

Hoogachtend,

DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT - OPENBAAR VERVOER EN MILIEU,

dhr. A.A. (Thierry) Aartsen


  1. https://www.ilent.nl/actueel/nieuws/2026/01/22/extra-aandacht-voor-schoon-en-veilig-vervoer-van-gevaarlijke-stoffen-over-het-spoor↩︎

  2. Toezegging TZ202601-071, lid Kostić↩︎

  3. RID - Règlement concernant le transport international ferroviaire des marchandises dangereuses↩︎

  4. Kamerstuk 29893-284↩︎

  5. Definitief verslag van de 19e sessie van de RID Committee of Experts’ standing working group (Luxemburg, 18 tot 21 November 2025), paragrafen 54-59↩︎