[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Overzicht scenario's AOW-opbouw en AIO-recht

Brief regering

Nummer: 2026D07151, datum: 2026-02-12, bijgewerkt: 2026-02-12 17:26, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van zaak 2026Z03217:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


In het Commissiedebat Pensioenonderwerpen op 29 januari 2026 is de PVV-fractie toegezegd scenario’s te schetsen van de omvang van het AIO-recht in relatie tot de AOW. De AIO staat voor Aanvullende Inkomensvoorziening voor Ouderen en wordt net als de AOW door de SVB uitgevoerd. De AIO is geen aparte regeling, maar onderdeel van de Participatiewet en werkt hetzelfde als de gemeentelijke algemene bijstand voor mensen jonger dan de AOW-gerechtigde leeftijd. Het is een vangnet om te voorkomen dat ouderen met een onvolledige AOW-opbouw onder het sociaal minimum terecht komen.

De AOW is een volksverzekering. In de 50 jaar voorafgaand aan de AOW-gerechtigde leeftijd bouwt men 2% AOW op voor ieder jaar dat men in Nederland ingezetene van Nederland is geweest en/of in loondienst heeft gewerkt. Dit resulteert in 100% opbouw. De opbouwperiode begint bij de aanvangsleeftijd die altijd exact 50 jaar voor de AOW-gerechtigde leeftijd ligt. Voor het recht op AIO speelt de AOW-opbouw mee en er wordt voor de hoogte van de uitkering rekening gehouden met zowel het vermogen als het inkomen. Ook wordt in de AIO de kostendelersnorm toegepast.

Wat betreft het vermogen geldt dat mensen met een vermogen boven de vermogensnorm geacht worden in ieder geval voor een periode zelf in de kosten van levensonderhoud te kunnen voorzien. Zij kunnen dan geen aanspraak maken op de AIO. Op dit moment is die vermogensnorm € 8.000 voor alleenstaanden en € 16.000 voor gehuwden en ongehuwd samenwonenden.

Voor het inkomen geldt dat ouderen met een netto-inkomen dat onder de bijstandsnorm voor gepensioneerden ligt, een aanvulling kunnen krijgen die hun inkomen aanvult tot aan die bijstandsnorm. Op dit moment is dat € 1.486 per maand voor alleenstaanden en € 2.037 voor gehuwden en ongehuwd samenwonenden (exclusief vakantiegeld). Een deel van het in aanmerking te nemen inkomen bestaat veelal uit een gedeeltelijke AOW-uitkering, maar er wordt ook rekening gehouden met andere inkomsten als een aanvullend pensioen. Een belangrijk verschil tussen AIO en AOW is dat deze laatste niet afhankelijk is van ander inkomen of vermogen. Daarnaast is de maximale AOW iets hoger. Momenteel is dat netto € 1.558 voor alleenstaanden en € 2.135 voor gehuwden en ongehuwd samenwonenden (exclusief vakantiegeld).

In figuur 1 is schematisch en bij benadering weergegeven hoe het inkomen van een alleenstaande gepensioneerde is opgebouwd bij een AOW-opbouw van 0% (geen opbouw), 40% (20 jaar), 80% (40 jaar) en 100% (50 jaar) en daarnaast een aanvullend pensioen van €0, €400 en €800 per maand (waarvan €27 wordt vrijgelaten in de inkomenstoets). In deze figuur geeft het rode gedeelte de AIO-aanvulling weer en staat het bedrag voor de hoogte van de AIO-uitkering. De figuur laat zien dat het AIO-bedrag kleiner wordt naarmate de AOW en het aanvullende pensioen hoger zijn. Als dat inkomen boven de AIO-norm uitkomt, raakt de betrokken het recht op AIO kwijt.

Figuur 1: opbouw inkomen gepensioneerde AOW, AIO en aanvullend pensioen

Voor gehuwden en ongehuwd samenwonenden telt bij de inkomenstoets het verzamelinkomen. Voor toelichting daarop en voor meer exacte berekeningen van het recht op AIO verwijs ik naar de AIO-check op de website van de SVB. Ik hoop u op deze wijze voldoende te hebben geïnformeerd.

De Minister van Sociale Zaken
en Werkgelegenheid,

Mariëlle Paul