[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Reactie signalering WKR 'bossen en bodems in zwaar weer'

Natuurbeleid

Brief regering

Nummer: 2026D07337, datum: 2026-02-13, bijgewerkt: 2026-02-20 11:41, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van kamerstukdossier 33576 -475 Natuurbeleid.

Onderdeel van zaak 2026Z03302:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Geachte Voorzitter,

In de procedurevergadering van 26 november 2025 heeft de vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur besloten graag een reactie te ontvangen op de signalering van de Wetenschappelijke Klimaatraad (WKR) ‘Bossen en bodems in zwaar weer’. Met deze brief reageren wij op dit verzoek.

De publicatie van de WKR is geen officieel advies met aanbevelingen voor beleid, maar is een signalering over de toenemende druk op bossen en bodems. In deze brief gaan we eerst in op de drukfactoren van bossen en bodems en de gevolgen hiervan voor het klimaatbeleid. Vervolgens gaan we in op de drie onderwerpen van hoofdstuk drie van de signalering: 1) bos- en bodemherstel in Nederland, 2) de Nederlandse bijdrage aan de bescherming van bossen en bodems wereldwijd, én 3) het combineren van het beleid van klimaat en biodiversiteit.

Drukfactoren en gevolgen voor klimaatbeleid

Bossen en bodems hebben een grote invloed op onze leefomgeving. Ze bieden verkoeling, houden water vast, herbergen een rijke biodiversiteit en slaan CO2 op. De WKR stelt in de signalering dat uit recente wetenschappelijke inzichten blijkt dat systematische en toenemende druk door menselijk handelen en klimaatverandering de vastlegging van koolstof door bossen en bodems en hun weerbaarheid verkleint. Deze druk heeft gevolgen voor het klimaatmitigatiebeleid, in het bijzonder het beleid dat inzet op het vastleggen van koolstof en dat uitgaat van de beschikbaarheid van duurzame biomassa, en het klimaatadaptatiebeleid. Het zal moeilijker worden om het internationale klimaatdoel van 1,5 graad en de EU LULUCF doelen voor de EU als geheel en voor Nederland te halen. De beschikbaarheid van duurzame biomassa wordt onzekerder, waardoor ook de haalbaarheid van beleid dat hierop gestoeld is meer onzeker wordt. Het klimaatadaptatiebeleid gaat uit van gezonde bossen en bodems, maar door de toenemende druk kunnen zij deze adaptatiediensten niet of minder goed leveren.

Het demissionaire kabinet deelt het belang van bossen en bodems voor onze maatschappij wereldwijd en in Nederland in zowel het kader van gezonde landbouwbodems, de klimaatopgave en de biodiversiteitopgave. Om te zorgen dat de klimaat en natuuropgave niet groter worden, deelt het demissionaire kabinet het belang om bossen en bodems adequaat te beschermen.

Bos- en bodemherstel in Nederland

De WKR stelt dat druk op Nederlandse bossen en bodems deels samenhangt met de omvang en intensiteit van de landbouw. Hieruit volgt dat keuzes over de ruimtelijke inrichting en over structuuraanpassingen in de landbouw kunnen helpen om bossen en bodems te beschermen. Ten aanzien van ruimtelijke keuzes heeft het demissionaire kabinet in september de Ontwerp-Nota Ruimte gepresenteerd met daarin de nationale richtingen en keuzes voor de leefomgeving van Nederland tot 2050 en een doorkijk naar 2100. Landbouw en Natuur en Water en Bodem zijn twee van de vier grote thema’s. De definitieve Nota Ruimte wordt in 2026 vastgesteld.

Ten aanzien van structuuraanpassingen in de landbouw noemt de WKR het verweven van landbouw en natuur, extensiever beheer en duurzame landbouw. Het demissionaire kabinet heeft in juli met de Uitwerking contourenbrief Agrarisch Natuurbeheer de inzet op Agrarisch Natuurbeheer bekend gemaakt. Hiervoor is in de voorjaarsnota €200 miljoen per jaar aan structurele middelen toegekend. Met Agrarisch Natuurbeheer wil het demissionaire kabinet agrarische ondernemers stimuleren om op vrijwillige basis een bijdrage te leveren aan de Europese wettelijke doelstellingen voor natuur, water en klimaat. De aanpak is gericht op gebieden waar vanuit de landbouw aanvullende inspanningen nodig zijn om wettelijke doelen te halen, zoals de Nederlandse veenweidegebieden, in en rondom Natura 2000-gebieden, in grondwaterbeschermingsgebieden en brede beekdalen. Naast het Agrarisch Natuurbeheer werken Rijk en provincies samen aan bosaanleg en herstel in het kader van de Landelijke Bossenstrategie4. Binnen het kennisprogramma Klimaatslim Bos en Natuurbeheer wordt onderzoek gedaan naar maatregelen om het bestaande bos vitaal te houden door onder andere hydrologisch herstel en aanplant van klimaatbestendige soorten.

In de signalering constateert de WKR dat natuurbranden zowel direct als indirect bijdragen aan het verlies van vastgelegde koolstof en een afname van koolstofvastlegging. Dit is zorgwekkend omdat het aantal natuurbranden in Europa steeds extremer wordt en de verwachting is dat natuurbranden ook in Nederland steeds meer een uitdaging gaan vormen. De toename van natuurbranden heeft naast klimaatverandering ook andere oorzaken zoals recreatiedruk, verstedelijking en brandgevaarlijke monotone bossen. Er wordt door het demissionaire kabinet dan ook actief ingezet op het voorkomen en beperken van natuurbranden. Daarbij wordt er onder andere gewerkt aan het bevorderen van kennis en bewustwording over de risico’s van natuurbrand, het verlagen van de kans op het ontstaan van een natuurbrand en het proactief verminderen van de potentiële impact van een natuurbrand. Dit is niet alleen belangrijk voor de bescherming van de fysieke leefomgeving en de gezondheid en veiligheid van mensen en dieren, maar ook belangrijk voor de netto-positieve opslag van koolstof in de natuur.

De WKR benadrukt dat vooral veenbodems, historisch gezien de snelst slinkende koolstofvoorraad in Nederland, onder druk staan. Lage waterstanden zorgen voor oxidatie, afbraak van veen, bodemdaling en emissies van broeikasgassen. Met het nationaal, interbestuurlijk programma veenweide, werken overheden, private en maatschappelijke partijen samen om uitvoering te geven aan de gemaakte afspraken uit het Klimaatakkoord. De gezamenlijke inzet is erop gericht om veenafbraak door ontwatering zoveel mogelijk tegen te gaan en tegelijkertijd toekomstperspectief te blijven bieden aan melkveehouderij in de veenweidegebieden. Bij de aanpak worden andere gebiedsopgaven, waaronder ook opgaven voor biodiversiteit, betrokken om tot maatregelen te komen die meerdere doelen dienen, daarmee kosteneffectief zijn en bijdragen aan het gewenste toekomstperspectief van agrarische bedrijven.

In het Nationaal Programma Landbouwbodems (NPL) werkt het demissionaire kabinet samen met boerenorganisaties, onderzoekers en adviseurs, ketenpartijen (zoals leveranciers, voedselverwerkers en financiers) en regionale overheden aan duurzaam beheer van landbouwbodems. Dit betekent dat de bodem op lange termijn gezond en vruchtbaar blijft, zonder dat dit ten koste gaat van het milieu. Het doel van het NPL is dat in 2030 alle landbouwbodems in Nederland duurzaam worden beheerd en vanaf 2030 jaarlijks 0,5 megaton extra CO2 in minerale bodems wordt opgeslagen, conform de afspraken uit het Klimaatakkoord.

Nederlandse bijdrage aan de bescherming van bossen en bodems wereldwijd

De WKR stelt dat de Nederland, via zijn omvangrijke import, substantieel bijdraagt aan de druk op bossen en bodems wereldwijd. De WKR benadrukt dat bestaande EU-regelgeving zoals de Europese Ontbossingsverordening (EUDR), de herziene Renewable Energy Directive (RED III) en de Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD) belangrijke stappen zet om de druk op bossen en bodems te verminderen. De WKR benoemt dat huidige regels vooral gericht zijn om hoe er wordt geproduceerd en niet de totale consumptie begrenzen terwijl het verminderen van de vraag naar biomassa, en het prioriteren van hoogwaardige toepassingen, de meest zekere manier is om de druk op bossen en bodems wereldwijd te verminderen. De WKR stelt dat door de totale vraag naar en duurzame beschikbaarheid van biomassa in kaart te brengen knelpunten tussen de consumptie en ecologische grenzen kunnen worden opgelost. Een eerste aanzet hiervoor wordt gemaakt in de nationale biogrondstoffenstrategie. Deze strategie is toegezegd in het Regeerprogramma en wordt momenteel uitgewerkt onder leiding van het ministerie van LVVN.

Het demissionaire kabinet onderschrijft het belang van het beschermen van bossen en bodems wereldwijd. Het demissionaire kabinet blijft zich inzetten voor internationale samenwerking om ontbossing en bodemdegradatie wereldwijd tegen te gaan onder andere door duurzame productiepraktijken in producerende landen te ondersteunen en transparantie in ketens te bevorderen.

Beleid voor klimaat en biodiversiteit combineren

De WKR benoemt verder het belang om klimaat- en biodiversiteitsbeleid te combineren vanwege de verwevenheid van de klimaat- en biodiversiteitscrises in zowel de oorzaken als oplossingen. Veel maatregelen om biodiversiteit te beschermen kunnen bijdragen aan klimaatmitigatie en -adaptatie. Het demissionaire kabinet onderstreept dit belang. Behoud, herstel en het vergroten van natuurlijke koolstofreservoirs, zoals bossen, kwelders en zeegrassen, is dan ook essentieel voor het tegengaan van klimaatverandering. Het is wenselijk om verdere integratie en synergiën tussen klimaat en natuur te benutten en tot instrumentarium te komen dat gericht aan beide doelen bijdraagt voor bos, bomen en natuur.

Het is van belang om actief te zoeken naar natuurinclusieve oplossingen (Nature Based Solutions – NBS). Nederland gaat voorzichtig om met koolstofvastlegging in natuur. Bij de inzet van NBS zal de vastlegging van koolstof voorlopig niet leidend zijn. In afwezigheid van zulke kaders kan koolstofvastlegging bij natuurherstel slechts een nevendoel zijn, naast biodiversiteitsherstel en adaptatie. Ondertussen blijft het belang van natuurherstel om andere redenen dan mitigatie onverminderd groot

De WKR stelt dat bossen en bodems bescherming nodig hebben in een warmer klimaat. De Nationale Klimaatadaptatie Strategie (NAS) is een Rijksbrede strategie gericht op het klimaatbestendiger maken van Nederland en het treffen van klimaatadaptieve maatregelen in de vorm van natuurlijke oplossingen. Hiermee wordt zowel gewerkt aan de klimaatmitigatie, –adaptatie en biodiversiteit opgaven voor de korte- en lange termijn. Onder de volgend jaar te verschijnen NAS'26 valt het Actieprogramma Klimaatadaptatie Landbouw en het Actieprogramma Klimaatadaptatie Natuur. Deze programma’s hebben als doel om in 2030 Rijk, medeoverheden en terreinverantwoordelijken toegerust te hebben om beter om te kunnen gaan met de grootste klimaatrisico's voor de landbouw en natuur, natuurlijke oplossingen in te zetten als adaptatie maatregel, en klimaatadaptatie van en met natuur te integreren in beleid en uitvoering. Klimaatadaptatie is immers geen doel op zich, maar een voorwaarde om staande natuurdoelen in de toekomst te behalen.

Hoogachtend,

Femke Marije Wiersma

Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur

Jean Rummenie

Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur