[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [šŸ§‘mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [šŸ” uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Inbreng verslag van een schriftelijk overleg over Stand van zaken omtrent de medische capaciteit in de Gazastrook en de regio (Kamerstuk 23432-629)

Inbreng verslag schriftelijk overleg

Nummer: 2026D07389, datum: 2026-02-16, bijgewerkt: 2026-02-16 09:19, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen:

Onderdeel van zaak 2026Z02002:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (šŸ”— origineel)


Nr.

INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG

Vastgesteld …………. 2026

Binnen de vaste commissie voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp hebben enkele fracties de behoefte een aantal vragen en opmerkingen voor te leggen aan de staatssecretaris van Buitenlandse Zaken over de brief: Stand van zaken omtrent de medische capaciteit in de Gazastrook en de regio (Kamerstuk 23432, nr. 629).

De op 13 februari 2026 toegezonden vragen en opmerkingen zijn met de door de staatssecretaris bij brief van ……. 2026 toegezonden antwoorden hieronder afgedrukt.

De fungerend voorzitter van de commissie,

Boswijk

Adjunct-griffier van de commissie,

De Keijzer

Inhoudsopgave

  1. Vragen en opmerkingen vanuit de fracties

  • Inbreng VVD-fractie

  • Inbreng GroenLinks-PvdA-fractie

  • Inbreng CDA-fractie

  • Inbreng SP-fractie

  1. Reactie van de staatssecretaris

  2. Volledige agenda

  1. Vragen en opmerkingen vanuit de fracties

Inbreng leden van de VVD-fractie
De leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van de Stand van zaken omtrent de medische capaciteit in de Gazastrook en de regio (Kamerstuk 23432, nr. 629). Deze leden hebben geen opmerkingen of aandachtspunten te vermelden.

Inbreng leden van de GroenLinks-PvdA-fractie

De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben met grote verontrusting en zorg in de Kamerbrief van 30 januari 2026 gelezen over de situatie van Palestijnen in de Gazastrook die dringend levensreddende medische zorg nodig hebben.

De bijna complete verwoesting van de medische infrastructuur in de Gazastrook en de daardoor ontstane enorme druk op de zorg in omliggende landen in de regio maakt volgens deze leden evident dat de internationale gemeenschap Palestijnen moet helpen die dringend levensreddende zorg nodig hebben. Zij vragen of het kabinet deze analyse deelt.

De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie benadrukken dat meer dan 18.500 Palestijnen wachten op medische evacuatie vanuit Gaza. Nederland evacueerde, na langdurige politieke onwil, in oktober eindelijk een zeer beperkt aantal van vijf Palestijnse kinderen. Deze leden vragen het kabinet hoe dit in verhouding staat tot wat andere Europese landen opvangen. Hoe staat dit in verhouding tot de aantallen die Nederlandse ziekenhuizen hebben aangegeven te kunnen opvangen?

De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben gelezen hoe het kabinet hardnekkig bleef vasthouden, ook in de brief van 30 januari 2026, aan het idee dat medische hulp voor Palestijnen uit Gaza het meest effectief is in de regio. Deze leden wijzen erop dat medische experts en hulporganisaties verschillende redenen hebben aangedragen waarom dit idee niet klopt. Allereerst gezien de regio volledig overbelast is en bijvoorbeeld Egyptische ziekenhuizen niets meer aankunnen, maar ook omdat kindzorg complex is en verschillende specialismen vereist die in Nederlandse kinderziekenhuizen samenkomen en dit dus niet opgelost kan worden door artsen of kennis met de regio te delen.

De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen het kabinet of zij nu wƩl naar medische experts en professionele hulporganisaties gaan luisteren om te bepalen wat nodig is en wat Nederland kan doen. Wat vindt het kabinet dat de Nederlandse inzet zou moeten zijn?

De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie lazen in de brief over een ā€œzeer complexe operatieā€ om de vijf patiĆ«nten naar Nederland te evacueren. Deze leden vragen of het kabinet kan verklaren waarom dit zo complex was. Immers, volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) kan een medische evacuatie ā€œredelijk snelā€ vanwege bestaande regelingen met de Europese Unie (EU) en Nederlandse ziekenhuizen gaven aan ā€œtientallenā€ zieke of gewonde kinderen uit de Gazastrook te kunnen opnemen.

De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie vragen verder of gesteld kan worden dat een volgende ronde medische evacuaties minder complex zou zijn, omdat nu bekend is welke stappen gezet moeten worden. Voorts vragen deze leden het kabinet of zij een inschatting kunnen maken van het aantal dodelijke slachtoffers en gewonden sinds het staakt-het-vuren en de effecten daarvan op de WHO-wachtlijst voor medische evacuaties. Is het juist dat het staakt-het-vuren niet heeft geleid tot een reductie van het aantal patiƫnten op de wachtlijst, maar dat de lijst juist groeit? Hoe verklaart het kabinet dit?

De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie hebben verder grote zorgen over de nieuwe Israƫlische registratie-eisen voor hulporganisaties, omdat deze indruisen tegen internationaal afgesproken humanitaire principes, tegen Nederlandse en Europese data-wetgeving, en het werk van hulporganisaties ernstig belemmeren of onmogelijk maken. Deze leden vragen het kabinet wat volgens hen de consequenties zijn van het de-registreren door Israƫl van 37 hulporganisaties en het ontzeggen van toegang tot Gaza voor het aantal patiƫnten dat op de wachtlijst komt te staan. Wat betekent dit volgens het kabinet voor de noodzaak voor een nieuwe impuls aan levensreddende medische evacuaties uit Gaza, inclusief Europa en Nederland? Zijn er ook gevolgen voor het proces van medische evacuaties wanneer deze hulporganisaties geen toegang meer hebben?

De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie zien dat patiƫnten maar mondjesmaat Gaza kunnen verlaten en het van enorm belang is dat Israƫlische autoriteiten de grenzen zo snel mogelijk openen om mensen te kunnen redden. Deze leden vragen het kabinet of zij de schatting kennen dat, in het huidige tempo, het meer dan viereneenhalf jaar zou duren voordat de 20.000 mensen die dringend medische evacuatie nodig hebben, kunnen vertrekken. Deze leden vragen het kabinet wat zij verder kunnen inschatten over de snelheid waarmee de wachtlijst zal worden opgelost. Kan het kabinet haar inzet om de Israƫlische autoriteiten te bewegen de grenzen te openen, intensiveren? Verder vragen deze leden hoe reƫel de verwachtingen uit de Kamerbrief zijn dat de tweede fase van het vredesplan voor Gaza zal leiden tot een grotere bereidheid aan de Israƫlische kant om medische evacuaties op significante schaal toe te staan. Welke signalen heeft het kabinet hierover?

De leden van de GroenLinks-PvdA-fractie wijzen er tot slot op dat het evacueren van patiƫnten nooit gebruikt mag worden als instrument om Palestijnen uit hun rechtmatige thuisland te verdrijven. Wat kan het kabinet doen om het recht om weer terug te keren te garanderen voor patiƫnten die medisch geƫvacueerd worden? Klopt het dat de Israƫlische autoriteiten een bijna volledig verbod hebben ingesteld op medische evacuaties vanuit de Gazastrook naar nabijgelegen Palestijnse ziekenhuizen op de Westelijke Jordaanoever (inclusief Oost-Jeruzalem)? Is het kabinet het ermee eens dat deze beperking de humanitaire crisis verergert, onacceptabel en in strijd met het internationaal recht is?

Inbreng leden van de CDA-fractie
De leden van de CDA-fractie hebben kennisgenomen van de kabinetsbrief met betrekking tot de stand van zaken omtrent de medische capaciteit in de Gazastrook en de regio. Deze leden hebben hier enkele vragen bij.

De leden van de CDA-fractie constateren dat het kabinet aangeeft zich zorgen te maken omtrent de herregistratieplicht voor internationale niet-gouvernementele organisaties (ngo’s). Inmiddels is duidelijk geworden dat Artsen zonder Grenzen uiterlijk 28 februari 2026 uit Gaza moet zijn vertrokken. Deze leden vragen het kabinet zich ervoor in te spannen dat dit besluit van IsraĆ«l ingetrokken wordt, of dat op zijn minst deze deadline verder verschoven wordt. Kan het kabinet daarnaast aangeven welke gevolgen het heeft voor de humanitaire situatie in Gaza als Artsen zonder Grenzen definitief uit Gaza weg moet? Deelt het kabinet de mening dat het wegvallen van Artsen zonder Grenzen een verdere verzwakking zou betekenen van de toch al vrijwel ingestorte gezondheidsinfrastructuur? En deelt het kabinet de urgentie om dit zo spoedig mogelijk na het aantreden van het nieuwe kabinet op hoog niveau binnen de EU aan de orde te stellen?

De leden van de CDA-fractie lezen dat het kabinet aangeeft dat begin oktober besloten is om vijf kinderen uit Gaza met hoog-specialistische zorgbehoeften naar Nederland te evacueren. Deze leden vragen hoe deze selectie is gedaan en welke lessen geleerd zijn voor eventuele vervolggevallen. Welke concrete beslispunten en scenario’s legt het kabinet klaar voor opvolging (bijvoorbeeld extra regionale opvang, meer evacuaties naar Nederland, extra diplomatieke druk)? Deze leden vragen daarnaast of het kabinet de mening deelt dat er vanuit Nederland meer medische evacuaties van kinderen uit Gaza mogelijk zouden moeten worden gemaakt.

In de brief benoemt het kabinet dat er grote tekorten aan personeel, goederen en apparatuur zijn. Deze leden vragen of duidelijk is welke tekorten momenteel het meest levensbedreigend zijn (bijvoorbeeld traumazorg, IC-capaciteit, dialyse, oncologie, verloskunde). Op welke wijze zou Nederland en/of de EU kunnen helpen om deze tekorten tegen te gaan?

Inbreng leden van de SP-fractie

De leden van de SP-fractie hebben kennisgenomen van de kabinetsbrief over de stand van zaken omtrent de medische capaciteit in de Gazastrook en de regio. Deze leden zijn diep teleurgesteld en verontwaardigd over de onmenselijke wijze waarop deze regering omgaat met de medische evacuatie van Palestijnse kinderen uit Gaza. Deze kinderen kunnen in de regio niet de noodzakelijke zorg krijgen.

De leden van de SP-fractie lezen in de brief van 30 januari 2026 dat de regering uiteenzet welke stappen zij onderneemt om de zorgcapaciteit in de regio te versterken. Dat is echter niet waar de Kamer om heeft gevraagd en het gaat volledig voorbij aan de kern van het probleem: die capaciteit is en blijft ontoereikend.

De beperking in de capaciteit wordt ook nog eens verergerd door de voortdurende illegale blokkade van humanitaire hulp door Israƫl. Is het kabinet bereid dit te veroordelen?

De regering weigert bovendien uitvoering te geven aan aangenomen Kamermoties die oproepen tot het overbrengen van meer Palestijnse kinderen naar Nederland voor levensreddende medische behandeling. De mogelijkheid om te helpen is er, maar de bereidheid ontbreekt. Voor deze leden is dit zowel onbegrijpelijk als onaanvaardbaar. Kan het kabinet toelichten waarom Nederland, naast de eerste vijf kinderen, verder geen medische evacuaties heeft georganiseerd? Welke (geo)politieke overwegingen liggen aan deze keuze ten grondslag?

De leden van de SP-fractie constateren dat het kabinet-Schoof de afweging over de medische evacuaties aan de nieuwe regering heeft gelaten. Deze leden gaan ervan uit dat een nieuwe regering wel bereid is tot het evacueren van deze kinderen, voor wie geen medische hulp in de regio geboden kan worden. Kan het kabinet aangeven of dit inderdaad klopt?

II. Reactie van de staatssecretaris

III. Volledige agenda

  • Kamerstuk 23432, nr. 629: Stand van zaken omtrent de medische capaciteit in de Gazastrook en de regio.