Concept wijzigingsbesluit advisering beschut werk
Bijlage
Nummer: 2026D07760, datum: 2026-02-18, bijgewerkt: 2026-02-18 14:08, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Bijlage bij: Voorhang Ontwerpbesluit tot Aanpassing van het Besluit advisering beschut werk (2026D07759)
Preview document (🔗 origineel)
Ontwerpbesluit van PM datum tot wijziging van het Besluit advisering beschut werk over het eenvoudiger kunnen wisselen van baan in het kader van de banenafspraak terug naar beschut werk door het zonder onderzoek herleven van het advies beschut werk
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van datum openlaten, nr. nr. invullen,
Gelet op artikel 10b, tweede lid, van de Participatiewet;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [niet invullen],
HEBBEN GOEDGEVONDEN EN VERSTAAN:
Artikel I
Artikel 3 van het Besluit advisering beschut werk wordt als volgt
gewijzigd
1.Het vierde lid komt te luiden:
4. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen beantwoordt ten
minste een van de vragen, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b,
zonder onderzoek als bedoeld in het eerste lid bevestigend,
indien:
a. het een advies betreft ten aanzien van een persoon die geïndiceerd is
als bedoeld in de Wet sociale werkvoorziening of een nog geldende
indicatiebeschikking heeft op grond van artikel 11 van die wet en ten
aanzien van wie het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen heeft
geadviseerd dat hij niet in staat is tot begeleid werken als bedoeld in
artikel 4, derde lid, van het Besluit uitvoering sociale werkvoorziening
en begeleid werken, zoals die artikelen luidden voor 1 januari 2015;
of
b. het een advies betreft ten aanzien van een persoon:
1°. van wie eerder op basis van een advies van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is vastgesteld dat hij uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft; en
2°. die daarna is aangemerkt als arbeidsbeperkte als bedoeld in artikel 38b, eerste lid, aanhef, van de Wet financiering sociale verzekeringen en als zodanig is geregistreerd in de registratie van arbeidsbeperkten als bedoeld in artikel 38d van die wet.
2. Het vijfde lid wordt als volgt gewijzigd:
a. “In afwijking van het derde lid, onderdeel a, en het vierde lid”
wordt vervangen door “In afwijking van het derde lid, onderdeel a, en
het vierde lid, onderdeel a”
b. “de indicatiebeschikking, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, en
het vierde lid” vervangen door “de indicatiebeschikking, bedoeld in het
derde lid, onderdeel a, en het vierde lid, onderdeel a”.
3. Het zesde lid komt te luiden
6. In afwijking van het derde lid, onderdeel b:
a. verricht het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een onderzoek als bedoeld in het eerste lid wanneer de aanvrager die binnen twaalf maanden een nieuwe aanvraag indient, vermeldt dat er sprake is van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden ten opzichte van het eerdere advies van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, bedoeld in het derde lid, onderdeel b;
b. beantwoordt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ten minste een van de vragen, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, zonder een onderzoek als bedoeld in het eerste lid bevestigend indien het advies is aangevraagd door een persoon als bedoeld in het vierde lid, onderdeel b.
Artikel II
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken
en Werkgelegenheid,
J.N.J. Nobel
Toelichting
Algemeen
1. Inleiding
De regering vindt het belangrijk dat mensen zoveel mogelijk naar vermogen kunnen participeren in de samenleving op de voor hen best passende plek. Zij neemt drempels die daaraan in de weg staan zoveel mogelijk weg. Het is belangrijk dat mensen die zich vanuit een beschut werkplek kunnen ontwikkelen naar een baan in het kader van de banenafspraak deze stap ook zetten. Daarvoor moeten mensen de zekerheid hebben, dat als het werken in de banenafspraak, na de overstap vanuit beschut werk, niet lukt, zij kunnen terugvallen op hun eerder verkregen positief advies zonder dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (hierna: UWV) opnieuw onderzoek verricht. Hiertoe dient de voorgestelde aanpassing in het Besluit advisering beschut werk.
2. Aanleiding en doel
In artikel 38b van de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv) is vastgelegd dat een persoon van wie het college van burgemeester en wethouders (verder: het college) heeft vastgesteld dat hij uitsluitend in een beschutte omgeving kan werken, niet gelijktijdig wordt aangemerkt als arbeidsbeperkte. Een persoon die geen arbeidsbeperkte is in de zin van artikel 38b Wfsv wordt niet in het doelgroepregister ingeschreven als bedoeld in artikel 38d Wfsv. Als een persoon al in het doelgroepregister was ingeschreven en daarna een indicatie beschut werk heeft ontvangen, wordt hij op grond van artikel 3.2, derde lid, van het Besluit SUWI uit het doelgroepregister geschreven. Een indicatie beschut werk sluit inschrijving in het doelgroepregister dus uit, en daarmee ook het werken in het kader van de banenafspraak. Beschut werk en een baan in het kader van de banenafspraak sluiten elkaar uit. Dit leidt er in de praktijk toe dat mensen die zich kunnen ontwikkelen van een beschut werkplek naar een baan in het kader van de banenafspraak, deze stap uit onzekerheid niet altijd zetten omdat de terugweg (van de banenafspraak weer terug naar beschut werk) voor hen niet veilig is. Zij weten namelijk niet of ze hun positieve advies beschut werk weer kunnen terugkrijgen omdat zij afhankelijk zijn van het onderzoek dat UWV verricht of iemand aan de criteria voor beschut werk voldoet.
Het doel van de voorgestelde aanpassing is om mensen die een stap vanuit beschut werk naar een baan in het kader van de banenafspraak hebben gezet, zoveel mogelijk zekerheid te bieden door, als dat nodig is, de terugweg naar beschut werk voor hen te vergemakkelijken. Hiertoe regelen we dat UWV voor deze groep, in de route van de banenafspraak weer terug naar beschut werk, geen onderzoek verricht naar de vraag of iemand aan de criteria voor beschut werk voldoet. UWV adviseert het college dus zonder onderzoek om vast te stellen dat iemand uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft. Hiermee krijgt de betreffende persoon die de stap van beschut werk naar een baan in het kader van de banenafspraak zet en toch terugstroomt in beschut werk altijd een positief advies van UWV. Voor personen die niet eerder een positief advies beschut werk van UWV hebben gekregen verricht het UWV wel altijd onderzoek om vast te stellen of iemand aan de criteria voor beschut werk voldoet.
In de volgende paragrafen worden de wijzigingen en de achterliggende problematiek toegelicht. Allereerst worden in paragraaf 3 het knelpunt, de voorgestelde wijziging en het informeren van de betrokkene nader toegelicht. Paragraaf 4 biedt een toelichting op de verwerking van gegevens in relatie tot de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en de Uitvoeringswet AVG. Daarna worden in paragraaf 5 de ontvangen adviezen behandeld en in paragraaf 6 de resultaten van de voorhangprocedure. Tot slot gaan paragrafen 7 en 8 in op de regeldruk en de financiële gevolgen die voortvloeien uit de voorgestelde wijzigingen en de paragrafen 9 en 10 op monitoring en evaluatie en de inwerkingtreding.
3. Toelichting knelpunt en voorgestelde wijziging
De regering vindt het belangrijk dat mensen met een arbeidsbeperking zoveel mogelijk mee kunnen doen op de voor hen best passende werkplek en bij een reguliere werkgever waar mogelijk. Om de kansen op regulier werk voor mensen die ondersteuning nodig hebben te vergroten, heeft het kabinet met sociale partners afgesproken om voor 1 januari 2026 125.000 extra banen te realiseren voor mensen met een arbeidsbeperking. Dat is de banenafspraak. Daarnaast is in artikel 10b van de Participatiewet de voorziening beschut werk opgenomen. Beschut werk is er voor die mensen van wie van reguliere werkgevers niet mag worden verwacht dat zij kunnen voorzien in hun behoefte aan aangepaste omstandigheden of begeleiding. Het college stelt, na advies van UWV, vast of iemand alleen kan werken in een beschermde omgeving en onder aangepaste omstandigheden. Voor veel mensen die beschut werken, is dit een passende werkplek. Soms ontwikkelen mensen zich echter zo, dat een baan in het kader van de banenafspraak beter past.
Knelpunt
In het programma Simpel Switchen in de Participatieketen1 van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en het Ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) werken we met vele partners samen2 aan het realiseren van zes hoofddoelen. Eén van deze hoofddoelen is het realiseren van soepele overgangen tussen vormen van betaald werk zoals tussen beschut werk en een baan in het kader van de banenafspraak.
Bij deze overgang is een belangrijk knelpunt opgehaald. Als een persoon beschut werkt en zich zo ontwikkelt dat een baan in het kader van de banenafspraak beter past, dan zet diegene die stap nu niet altijd omdat hij geen zekerheid heeft dat hij terug kan vallen op beschut werk, mocht het werken in de banenafspraak toch niet lukken.
Op grond van de artikelen 38b en 38d van de Wfsv geldt namelijk dat iemand van wie door het college is vastgesteld dat hij uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft, niet in het doelgroepregister voor de banenafspraak kan worden opgenomen. Als iemand al eerder in het doelgroepregister was opgenomen, leidt een indicatie beschut werk ertoe dat deze registratie wordt beëindigd op grond van artikel 3.2, derde lid, van het Besluit SUWI. Mensen zijn hun positieve advies beschut werk dus kwijt als zij in het doelgroepregister worden opgenomen. Als zij weer terug willen naar beschut werk, betekent dit dat ze afhankelijk zijn van het onderzoek dat UWV moet uitvoeren om vast te stellen of iemand aan de criteria voor beschut werk voldoet. Deze onzekerheid leidt ertoe dat mensen - die dat wel zouden kunnen - de stap van beschut werk naar de banenafspraak nu niet altijd zetten.
Voorgestelde wijziging
Het voorstel is om het Besluit advisering beschut werk zo te wijzigen dat UWV geen onderzoek verricht naar de persoon die eerder een positief advies beschut werk van UWV heeft gekregen, daarna is doorgestroomd naar een baan in het kader van de banenafspraak en opnieuw in beschut werk wil instromen. Doordat UWV geen onderzoek verricht, hoeft de betreffende persoon geen onzekerheid te hebben omdat zijn eerder afgegeven positieve advies beschut werk als het ware herleeft. UWV adviseert vervolgens positief aan het college waarna het college vaststelt dat iemand uitsluitend in een beschutte omgeving kan werken. Het college is in vergaande mate gebonden aan het advies van UWV en mag hier niet lichtzinnig van afwijken. Pas als het advies van UWV ondeugdelijk tot stand zou zijn gekomen, heeft het college reden om af te wijken van het advies. Dit is alleen het geval wanneer het UWV-advies duidelijk procedureel of inhoudelijk onzorgvuldig is. In dat geval – bij twijfel over de deugdelijkheid van het advies – moet het college eerst in overleg met UWV.
Daarbij wordt de voorgestelde wijziging zo ingeregeld dat het voor zowel de mensen die het betreft als de uitvoering zo makkelijk mogelijk is.
De voorgestelde wijziging ziet wel op een aanpassing in de adviseringsrol van UWV. UWV verricht namelijk geen onderzoek meer om vast te stellen of iemand uitsluitend beschut kan werken als het een persoon betreft die eerder in een beschutte omgeving heeft gewerkt, is doorgestroomd naar een baan in het kader van de banenafspraak en weer terug wil stromen naar beschut werk. Ten aanzien van deze persoon adviseert UWV zonder onderzoek positief.
Het voorstel ziet niet op een wijziging in de uitvoeringsprocessen tussen UWV en gemeenten ten aanzien van beschut werk. Het blijft zo dat UWV het college adviseert - voor de specifieke situatie waarop de voorgestelde wijziging ziet, is dat altijd positief - waarna het college vaststelt dat iemand uitsluitend in een beschutte omgeving mogelijkheden tot participatie heeft.
Voor het college verandert haar rol niet. Zij ontvangt een positief advies van UWV, stelt vast dat iemand uitsluitend beschut kan werken en biedt vervolgens op grond van artikel 10b Participatiewet de betreffende persoon een dienstbetrekking in een beschutte omgeving aan.
Voor de doelgroep betekent de voorgestelde wijziging dat zij minder onzekerheid ervaren. Doordat zij niet opnieuw worden onderzocht door UWV en weten dat zij tot pensioengerechtigde leeftijd opnieuw een positief advies beschut werk krijgen, als zij vanuit de banenafspraak willen terugstromen naar beschut werk. Er is gekozen voor de pensioengerechtigde leeftijd en niet bijvoorbeeld voor een termijn van 10 jaren, omdat dit essentieel is om mensen de zekerheid te geven dat ze altijd terug kunnen vallen op het eerder afgegeven positieve advies beschut werk. Zoals dat ook geldt voor mensen die niet in het doelgroepregister zijn opgenomen maar een andere stap hebben gezet.
Informeren
Het is belangrijk dat mensen weten dat als zij een stap van beschut werk naar een baan in het kader van de banenafspraak zetten, zij bij een eventuele terugkeer in beschut werk altijd weer een positief advies beschut werk van UWV krijgen. De gemeente informeert hen hierover. Het is ook belangrijk dat de gemeente door UWV wordt geïnformeerd als een persoon wil terugkeren naar beschut werk. Bij een terugkeer is het namelijk de verantwoordelijkheid van de gemeente om de betreffende persoon een beschut werkplek te bieden. Het kan zijn dat er niet meteen een beschut werkplek kan worden aangeboden. Het is belangrijk dat de betreffende persoon zich ervan bewust is dat een herleeft positief advies beschut werk van UWV en een daaropvolgende beschikking beschut werk van het college geen garantie geven dat hij meteen op een beschut werkplek kan instromen. Net als bij alle positieve adviezen beschut werk geldt ook hier dat volgens artikel 10b, eerste, vierde en zesde lid van de Participatiewet, de gemeente, personen die een positief advies beschut werk van UWV hebben gekregen niet mag uitsluiten van een beschut werkplek zolang de gemeente het aantal beschutte werkplekken zoals neergelegd in de ministeriële regeling nog niet heeft bereikt. Het kan zijn dat UWV meer positieve adviezen beschut werk afgeeft dan een gemeente werkplekken moet realiseren zoals vastgelegd in de ministeriële regeling. In dat geval kan er niet direct een plek voor iemand beschikbaar zijn. Ook kan het soms tijd kosten om een passende werkplek voor een persoon te vinden.
4. Gegevensverwerking
Voor de gegevensverwerking heeft de voorgestelde regeling beperkte impact. Eerder uitgewisselde persoonsgegevens vormen de grondslag voor de uitvoering zoals in deze regeling voorgesteld. Met de wijziging worden geen nieuwe persoonsgegevens uitgewisseld. Wel worden de bewaartermijnen zo aangepast dat de gegevens gerelateerd aan het advies beschut werk bewaard kunnen blijven tot het overlijden of de pensioengerechtigde leeftijd van een persoon. UWV is samen met het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bezig met het actualiseren van de selectielijsten waarin de bewaartermijnen van bepaalde gegevens worden vastgelegd. De aanpassing van de bewaartermijn van gegevens betreffende beschut werk worden hier door UWV in meegenomen.
5. Ontvangen commentaren en adviezen
Over deze voorgestelde wijziging is formeel advies uitgevraagd bij UWV, ATR en VNG. Ook heeft het voorgestelde wijzigingsbesluit vier weken opengestaan voor internetconsultatie. In die periode zijn twaalf reacties ontvangen.
ATR heeft het dossier niet geselecteerd voor een formeel advies, omdat het geen omvangrijke gevolgen voor de regeldruk heeft.
VNG heeft laten weten geen aanleiding te zien voor een uitvoeringstoets. Gemeenten waarderen dat de voorgestelde wijziging zich beperkt tot een verduidelijking binnen de bestaande regeling, zonder wijziging van gemeentelijke taken, bevoegdheden, administratieve processen of budgettaire consequenties. VNG ziet de wijziging in lijn met de huidige werkwijze om mensen eenvoudiger te laten switchen tussen beschut werk en de banenafspraak.
UWV heeft op 9 december 2025 een formele uitvoeringstoets uitgebracht.
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de uitvoeringstoets van UWV en de ontvangen reacties op de internetconsultatie.
5.1 Uitvoeringstoets UWV
UWV geeft in zijn uitvoeringstoets aan dat de voorgestelde wijziging uitvoerbaar is, mits rekening wordt gehouden met de door UWV gestelde implementatietermijn. Daarnaast heeft UWV nog enkele aandachtspunten meegegeven waarop hieronder wordt ingegaan.
Implementatiedatum
De voorgestelde implementatiedatum van 1 januari 2027 is niet haalbaar voor UWV. UWV heeft na opdrachtverstrekking twee jaar nodig om een register in te richten waarin mensen die de overstap maken van beschut werk naar de banenafspraak worden geregistreerd.
In reactie hierop wordt erkend dat het belang van het goed kunnen registreren van mensen die overstappen belangrijk is om deze wijziging goed te kunnen uitvoeren. Daarom wordt de inwerkingtredingsdatum voor dit voorgenomen wijzigingsbesluit aangepast naar een bij koninklijk besluit te bepalen datum. Hierbij wordt gestreefd naar een uiterlijke inwerkingtredingsdatum van 1 juli 2028. Vooruitlopend op formele publicatie van dit wijzigingsbesluit, wordt bezien of het noodzakelijk is om UWV hiervoor voortijdig de opdracht te verstrekken om te starten met het inrichten van het register.
Aandachtspunten
Dit wijzigingsbesluit vergemakkelijkt de terugweg voor de mensen die een stap vanuit beschut werk naar een baan in het kader van de banenafspraak hebben gezet. UWV ziet ook graag een vereenvoudigde heenweg. UWV wil voor mensen die voldoen aan de voorwaarden voor een baan in het kader van een banenafspraakbaan geen inhoudelijke beoordeling doen om vast te stellen dat iemand niet meer in aanmerking komt voor beschut werk. Dit vermindert administratieve lasten en geeft mensen meer zekerheid. Omdat dit aandachtspunt niet de terugweg maar de heenweg betreft, heeft dit aandachtspunt geen invloed op de uitvoerbaarheid van wijzigingsbesluit en wordt daarom nu niet meegenomen. De regering is wel van mening dat het goed is dit samen met UWV te verkennen en verder te onderzoeken.
UWV geeft ook aan dat de criteria en werkwijzen van de beoordelingen voor beschut werk en de banenafspraak verschillen waardoor het voor kan komen dat iemand een negatief advies beschut werk krijgt, maar geen indicatie banenafspraak. UWV stelt dat het onduidelijk is of deze mensen gebruik kunnen maken van de versoepelde terugweg.
De versoepelde terugweg geldt voor mensen die eerder een positief advies beschut werk hebben gehad, daarna zijn geïndiceerd voor de banenafspraak en terugstromen naar beschut werk. De groep mensen waar UWV op doelt, heeft geen indicatie banenafspraak, zij kunnen dus geen gebruik maken van de versoepelde terugweg. Omdat beide beoordelingen gedaan worden door UWV, gaat de regering ervanuit dat UWV inzichtelijk heeft of iemand in aanmerking komt voor een indicatie banenafspraak voordat sprake is van het negatief adviseren voor beschut werk.
Een ander aandachtspunt dat door UWV wordt aangegeven is dat het wijzigingsbesluit niet voorziet in het herleven van een eerder, door het college afgegeven beschikking voor beschut werk, maar alleen in een herleving van het door UWV afgegeven positieve advies. Bij de uitvoering van dit wijzigingsbesluit baseert UWV zich uitsluitend op de door UWV aan gemeenten afgegeven adviezen en niet op de beschikkingen van het college. De regering erkent dat dit wijzigingsbesluit niet ziet op het herleven van de beschikking van het college. Dit staat los van het directe doel van dit wijzigingsbesluit, namelijk het versoepelen van de overgang tussen beschut werk en de banenafspraak voor de mensen die de stap zetten.
Tot slot stelt UWV in de uitvoeringstoets dat onvoldoende is onderbouwd waarom de mensen voor wie dit wijzigingsbesluit geldt tot AOW-leeftijd kunnen terugvallen op een eerder afgegeven positief advies zonder een nieuw sociaal-medisch oordeel. De regering volgt dit niet en verwijst naar de toelichting bij dit wijzigingsbesluit waarin staat aangegeven dat dit essentieel is om mensen de zekerheid te geven dat ze altijd terug kunnen vallen op het eerder afgegeven positieve advies beschut werk. Daarnaast geldt ook dat voor mensen die niet in het doelgroepregister zijn opgenomen maar een andere stap hebben gezet vanuit beschut werk hun positieve advies beschut werk niet wordt ingetrokken als zij of de gemeente daar niet om verzoekt.
UWV geeft als aandachtspunt mee dat het belangrijk is om inzicht te krijgen in de beschikkingen van de gemeente en dat de overwegingen van gemeenten transparant moeten zijn. Daar waar mogelijk neemt de regering dit punt mee bij de verdere uitwerking van de verbeteragenda beschut werk met betrekking tot de samenwerking tussen gemeente en UWV.
5.2 Internetconsultatie
De voorgestelde aanpassing van het Besluit heeft vier weken open gestaan voor internetconsultatie. Er zijn 12 reacties binnengekomen waarvan 11 openbaar. De regering wil eenieder danken die de moeite heeft genomen te reageren.
In z’n algemeenheid zijn alle reacties positief en wordt de voorgestelde wijziging ondersteund en toegejuicht. In de reacties wordt onderstreept dat de voorgestelde wijziging goed past bij de denklijn van het Programma Simpel Switchen, de ontwikkelingen in het kader van de banenafspraak en Participatiewet in balans waarin de ondersteuningsbehoefte van mensen centraal staat. Men vindt het positief dat mensen niet opnieuw beoordeeld hoeven te worden omdat dit altijd zorgt voor extra stress en onzekerheid bij mensen. De voorgestelde wijziging leidt ertoe dat meer mensen zich kunnen ontwikkelen omdat er meer rust, stabiliteit en vertrouwen is om in veiligheid steppen te kunnen zetten. In veel reacties wordt aangegeven dat de voorgestelde wijziging een belangrijke en 1e stap in de goede richting is maar dat er meer nodig is voor een drempelloze arbeidsmarkt. Het is nodig dat blijvend wordt ingezet op structurele hervormingen.
Er wordt dan ook een aantal specifiekere aandachtspunten meegegeven. Er kunnen risico’s voor de mensen zijn omdat zij nu wel een garantie hebben op het terugkrijgen van hun positieve advies beschut werk, maar zij weten niet op welke werkplek zij terecht komen. Het kan zelfs zo zijn dat iemand op een wachtlijst voor beschut werk komt, bijvoorbeeld als een gemeente boven de taakstelling voor beschut werk zit. Er wordt ook aandacht gevraagd voor het eenvoudiger mogelijk maken om vanuit een baan via de banenafspraak een 1e indicatie beschut werk te kunnen krijgen omdat soms na enige tijd blijkt dat beschut werk beter passend is dan een banenafspraakbaan.
Deze aandachtspunten neemt de regering zoveel mogelijk mee in de aanpassingstrajecten die op dit moment lopen voor zowel beschut werk als de banenafspraak.
6. Resultaten voorhangprocedure
Een ontwerp van dit besluit is op [datum] aangeboden aan de voorzitters van de Eerste en Tweede Kamer voor de in artikel 10b, achtste lid, van de Participatiewet voorgeschreven voorhangprocedure van vier weken.
[Uitkomst voorhangprocedure]
7. Regeldrukgevolgen
Onder regeldruk wordt hier verstaan: administratieve lasten en inhoudelijke nalevingskosten voor burgers en bedrijven. De regering verwacht dat voorliggend wijzigingsbesluit geen gevolgen heeft voor de regeldruk voor bedrijven. Daarom wordt alleen ingegaan op de verwachte regeldrukgevolgen voor burgers. De in dit besluit voorgestelde procesversimpeling zorgt naar verwachting voor een regeldrukafname voor de burgers.
In de structurele situatie in 2048 en verder zijn er volgens de ministeriele regeling 30.300 beschutte werkplekken. Op dit moment zijn er weinig cijfers bekend van mensen die van beschut werk naar een baan in het kader van de banenafspraak switchen. Een grove inschatting is dat het nu jaarlijks 150 mensen zijn. We verwachten dat dit aantal om twee redenen hoger zal worden:
Jaarlijks stijgt de doelstelling van het aantal beschutwerkplekken met gemiddeld 800. Van 11.900 in 2025 naar 30.300 in 2048.
We vergemakkelijken de stap weer terug naar beschut werk voor mensen. Het doel hiervan is dat dit ertoe leidt dat meer mensen de stap van beschut werk naar de banenafspraak zetten. Het gaat naar verwachting niet om grote aantallen, omdat beschut werk voor veel mensen een passende werkplek is.
In de structurele situatie in 2048 gaat het naar verwachting om jaarlijks 400 mensen die van een beschut werkplek naar een baan in het kader van de banenafspraak switchen. Dit staat los van de voorgestelde wijziging. Omdat we het makkelijker maken voor mensen, verwachten we daarnaast, door de voorgestelde wijziging, een toename van zo’n 250 mensen per jaar. Een inschatting is daarmee dat jaarlijks rond de 650 mensen van beschut werk naar een baan in het kader van de banenafspraak doorstromen, uitgaande van 30.300 beschutwerkplekken in de structurele situatie. Een beperkt deel daarvan zal ook weer terugstromen in beschut werk. Een inschatting van het percentage mensen dat terugstroomt is zo’n 10%, dan gaat het over jaarlijks Ongeveer 65 mensen.
Voor deze mensen geldt dat als zij weer willen terugstromen naar beschut werk, zij geen formulieren (denk aan (medische) rapporten, verslagen van gemeenten of werkgevers) aan UWV hoeven te overleggen en ook geen (fysiek) contactmoment met UWV hebben. Zij krijgen hun eerder afgegeven positieve advies beschut werk met een administratieve handeling van UWV (zonder inhoudelijke beoordeling of de persoon aan de criteria voor beschut werk voldoet) terug. Voor de burger bespaart het een gemiddelde tijdsinvestering van 5 uur. We gaan uit van 17 euro kosten per uur die een burger besteedt aan administratieve lasten, zoals is opgenomen in de Rijksbrede methodiek voor regeldrukeffecten. Een grove inschatting laat dan zien dat de totale afname van de regeldruk jaarlijks maximaal 5525 euro is. (5 uur x 17 euro x 65 mensen).
8. Financiële gevolgen
De wijziging leidt tot extra incidentele en structurele uitvoeringskosten bij UWV.
De incidentele kosten hebben betrekking op de implementatie van deze regeling, waaronder het bouwen van een nieuw register. Deze kosten bedragen in totaal € 1,4 miljoen en worden conform afspraak door UWV zelf opgevangen.
De structurele kosten bedragen € 1 miljoen vanaf 2031 en hebben betrekking op de verwachting dat door de voorgestelde wijziging meer mensen doorstromen van beschut werk naar een baan in het kader van de banenafspraak. UWV moet dan twee beoordelingen uitvoeren. Een beoordeling voor een indicatie banenafspraak en een beoordeling voor een (negatief) advies beschut werk, hier is capaciteit voor nodig. De structurele uitvoeringskosten worden gedekt binnen de SZW-begroting.
| Structurele uitvoeringskosten (bedragen x € mln.) | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | 2031 | struc |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| UWV | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 1 | 1 |
9. Monitoring en evaluatie
Er zal worden aangesloten bij de reguliere monitoring van de Participatiewet, waaronder het Dashboard Beschut werk. Met UWV wordt de komende periode verkend in hoeverre met de aanpassing van dit besluit nieuwe monitoringsinformatie gewenst is.
10. Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. De beoogde uiterlijke datum van inwerkingtreding is 1 juli 2028.
Artikelsgewijs
Artikel I
Artikel 3, vierde lid
Artikel 3, vierde lid, is aangepast zodat UWV zonder onderzoek als bedoeld in het eerste lid ten minste een van de vragen, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, bevestigend beantwoordt, indien het een advies betreft ten aanzien van een persoon die eerder een positief advies beschut werk heeft gehad en daarna geregistreerd is als arbeidsbeperkte in de registratie van arbeidsbeperkten als bedoeld in artikel 38d van de Wfsv. Ten behoeve van de registratie als arbeidsbeperkte is de indicatie beschut werk van deze persoon noodzakelijkerwijs ingetrokken op basis van een negatief advies van UWV. Iemand kan op grond van artikel 38b van de Wfsv immers niet worden geregistreerd als arbeidsbeperkte, als door het college is vastgesteld dat diegene uitsluitend in een beschutte omgeving onder aangepaste omstandigheden mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft als bedoeld in artikel 10b, eerste lid, van de Participatiewet. Deze registratie als arbeidsbeperkte in het doelgroepregister is echter nodig om te kunnen werken in het kader van de banenafspraak.
UWV beantwoordde de vragen, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, al zonder onderzoek bevestigend indien het een advies betreft ten aanzien van een persoon die geïndiceerd is als bedoeld in de Wet sociale werkvoorziening of een nog geldende indicatiebeschikking heeft op grond van artikel 11 van die wet en ten aanzien van wie UWV heeft geadviseerd dat hij niet in staat is tot begeleid werken als bedoeld in artikel 4, derde lid, van het Besluit uitvoering sociale werkvoorziening en begeleid werken, zoals die artikelen luidden voor 1 januari 2015 (de datum van inwerkingtreding van artikel II van de Invoeringswet Participatiewet). Deze situatie is nu beschreven in artikel 3, vierde lid, onderdeel a. De nieuwe situatie zoals hierboven beschreven is opgenomen in onderdeel b.
Artikel 3, vijfde lid
Het vijfde lid behoefde een technische aanpassing, naar aanleiding van het toevoegen van artikel 3, vierde lid, onderdeel b. Het vijfde lid regelde dat, in afwijking van het derde lid, onderdeel b, en het vierde lid, UWV wél onderzoek verricht als bedoeld in het eerste lid wanneer de aanvrager vermeldt dat er sprake is van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden ten opzichte van de indicatiebeschikking, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, en het vierde lid. Het vijfde lid is zodanig aangepast dat het enkel een uitzondering vormt op artikel 3, vierde lid, onderdeel a. Het is immers niet wenselijk dat een persoon als bedoeld in het vierde lid, onderdeel b, te maken krijgt met een onderzoek door UWV. De voorgestelde aanpassing beoogt juist te regelen dat iemand die van beschut werk overstapt naar de banenafspraak, zónder onderzoek door UWV diens positieve advies beschut werk terugkrijgt. Het aangepaste vijfde lid vormt na aanpassing daarom een uitzondering op het derde lid, onderdeel a, en het vierde lid, onderdeel a.
Artikel 3, zesde lid
Het zesde lid van artikel 3 is eveneens aangepast. Op grond van het huidige derde lid, onderdeel b, beantwoordt UWV de vragen, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, zonder onderzoek beiden ontkennend indien het advies is aangevraagd door een persoon als bedoeld in artikel 10b, derde lid, van de Participatiewet, en UWV in de twaalf maanden voorafgaand aan het verzoek ten aanzien van die persoon een advies heeft gegeven als bedoeld in artikel 10b, tweede of derde lid, van de Participatiewet. Het derde lid, onderdeel b, voorkomt dat personen herhaaldelijk het UWV verzoeken om opnieuw te adviseren. Het zesde lid vormt een uitzondering op het derde lid, onderdeel b, en regelt dat UWV wél een onderzoek verricht als bedoeld in het eerste lid wanneer de aanvrager die binnen twaalf maanden een nieuwe aanvraag indient, vermeldt dat er sprake is van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden ten opzichte van het eerdere advies van UWV, bedoeld in het derde lid, onderdeel b.
Aan het zesde lid is een tweede uitzondering op het derde lid, onderdeel b, toegevoegd. Indien het advies is aangevraagd door een persoon als bedoeld in het vierde lid, onderdeel b, beantwoordt UWV ten minste een van de vragen, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, bevestigend zonder onderzoek als bedoeld in het eerste lid. Daarmee wordt geregeld dat personen die vanuit beschut werk de stap hebben gezet naar een baan in het kader van de banenafspraak en die binnen twaalf maanden terug willen naar beschut werk, zonder onderzoek van UWV een positief advies beschut werk krijgen.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken
en Werkgelegenheid,
J.N.J. Nobel
Programma Simpel Switchen in de Participatieketen | Publicatie | Rijksoverheid.nl↩︎
Werkplaats Simpel Switchen: Ministeries van SZW en VWS, Divosa, VNG, UWV, VGN, Cedris, Movisie, Iederin, Mind, Optimalistic, SAM, en de LCR↩︎