Aansluitend: Debat over de regeringsverklaring 1e TK (stenogram)
Stenogram
Nummer: 2026D08598, datum: 2026-02-25, bijgewerkt: 2026-02-26 09:56, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Onderdeel van activiteiten:- 2026-02-25 11:00: Aansluitend: Debat over de regeringsverklaring 1e TK (Plenair debat (overig)), TK
Preview document (🔗 origineel)
Debat regeringsverklaring
Debat regeringsverklaring
Aan de orde is het debat over de
regeringsverklaring.
De voorzitter:
We gaan beginnen met de eerste termijn van de zijde van de Kamer. Er is
geen maximumaantal interrupties vandaag, maar we interrumperen wel in
reeksen van maximaal drie. Ik wijs er ook op dat interrupties kort en
bondig dienen te zijn, want ik hoor u liever praten dan dat ik mijzelf
hoor spreken. Ik geef het woord aan de heer Klaver als eerste spreker
van de zijde van de Kamer en tevens als fractievoorzitter van de
grootste oppositiepartij. Het woord is aan hem.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter, wij horen u allemaal heel graag praten, hoor. En we vinden
het ook fijn als u luistert.
Voorzitter, dank. Hartelijke felicitaties aan deze mooie kabinetsploeg.
We wensen jullie heel veel succes. Er ligt een belangrijke taak voor
jullie. Persoonlijk wil ik nog iets zeggen tegen de minister-president.
Ik hoop dat u mij toestaat om te tutoyeren. Beste Rob, heel veel succes
met de belangrijke taak die voor je ligt. Je weet dat ik je ontzettend
gun dat je hier een succes van gaat maken. Dat is ook echt nodig om
Nederland verder vooruit te helpen. Heel veel succes met alles.
Voorzitter. In de regeringsverklaring ging het er even over dat zoveel
mensen zich in de steek gelaten voelen door de politiek en dat ze het
gevoel hebben dat die er niet voor hen is. Ik denk dat dat niet alleen
komt door de houding die politici misschien hebben, maar ook vooral door
de keuzes die worden gemaakt. Er zijn steeds meer politieke partijen die
opkomen voor de allerrijkste mensen. Ik vind dit regeerakkoord daar ook
een voorbeeld van. Dat neemt het vooral op voor de mensen die het
eigenlijk al heel erg goed hebben. Er zijn ook politieke partijen die
vervolgens proberen die plannen iets minder erg te maken door voor de
allerkwetsbaarste groepen iets te regelen. Het is niet zo dat deze
mensen daar écht mee worden geholpen, maar het lijkt wél alsof er iets
verandert. De hele grote brede middengroep die daartussen zit, blijft
echter verweesd achter. Terecht denken die mensen: zijn de mensen in Den
Haag er wel voor mij? Bij iedere verkiezing wordt er namelijk
verandering beloofd, maar je krijgt te vaak meer van hetzelfde. Het is,
denk ik, onze taak om ervoor te zorgen dat iedereen vooruitgaat.
De nieuwe premier had het over de "vertrouwensdemocratie"; dat vind ik
mooi. Ik heb het vaak over de "belofte van vooruitgang", de
"sociaaldemocratische belofte", zoals wij die noemen, waarmee je ervan
op aan kan dat je het beter krijgt dan je ouders het hadden en dat je
vooruit kan komen in het leven. Ik ben een product van die belofte, de
belofte dat je kan opklimmen in het leven, dat het niet uitmaakt waar je
wieg heeft gestaan. Ik denk dat velen van ons hier in deze zaal dat
zijn. Die belofte staat echter onder druk. Het is van het grootste
belang dat we dat met elkaar weten te herstellen. De wetenschap dat die
belofte onder druk staat, dat mensen in dit land het moeilijk hebben om
rond te komen en dat zij zich afvragen of de politiek er voor hen is,
brengt ons ertoe te zeggen: wij kiezen voor verantwoordelijke oppositie.
Alle grote dingen die dit land ooit heeft bereikt, zijn namelijk voor
elkaar gekomen door samen te werken en door de bereidheid om over je
eigen schaduw heen te stappen, compromissen te sluiten en soms dingen te
doen waarvan je denkt: het is niet helemaal wat ik wil, maar op deze
manier brengen we dit land vooruit.
Dat vraagt veel van de oppositie, maar vraagt misschien nog wel meer van
dit kabinet, een minderheidskabinet, en ook van deze coalitie. Het
vraagt om een andere cultuur. In dat kader vond ik het interessant dat
coalitiepartijen in het vorige debat geen vraag gesteld hebben aan de
oppositie. Er is geen vraag gesteld als: wat bedoelt u nou, meneer
Eerdmans? Excuus, toen was mevrouw Nanninga erbij. "Mevrouw Nanninga,
wat bedoelt meneer Eerdmans eigenlijk?" Ik had het een hele goede vraag
gevonden! Misschien hadden we daar dan antwoord op gekregen. Maar het
gaat over een oprechte interesse over en weer. "Wat bedoelt u nou
eigenlijk?" "Zit hier echt pijn?" "Is dit politiek spel?" "Wat moet hier
nu eigenlijk gebeuren?" Die houding is wel nodig, wil je met elkaar
verder komen hier in het parlement.
Bij zo'n nieuwe politieke cultuur horen ook minder politieke spelletjes.
Als er, terwijl hier de regeringsverklaring wordt gegeven, pushmeldingen
komen met het bericht dat de minister van Financiën, niet de
staatssecretaris van Financiën, aangeeft dat er iets moet veranderen in
box 3, dan maakt dat mij in alle eerlijkheid een beetje cynisch. Het zou
nu namelijk moeten gaan over de regeringsverklaring en niet over ander
nieuws dat even gemaakt wordt door een minister die dit even zegt. Deze
minister is veel te ervaren om dit een "slip of the tongue" te noemen.
Dit hoort wat mij betreft niet bij de nieuwe politieke cultuur die we
nastreven. Dit is even niet het moment van de minister van Financiën;
dit gaat over een nieuwe premier, die probeert een boodschap af te geven
namens dit kabinet. Ik vind het ronduit ongepast, zeg ik hier, zonder in
te gaan op de inhoud. Dat komt later. Ik vind het ronduit
ongepast.
Voorzitter. Om ervoor te zorgen dat we dit land weer vooruithelpen, is
het belangrijk dat we samenwerken, maar er zijn nog een aantal andere
zaken zeer belangrijk. De eerste: competent bestuur. Ik weet niet hoe
jullie het gaan doen, maar ik ben wel blij dat er een nieuwe ploeg zit.
Ik zie ook dat een aantal mensen die ook in het vorige kabinet zaten,
een herkansing hebben gekregen. Ook dat is een sociaaldemocratische
waarde: je moet mensen nieuwe kansen geven in het leven. We gaan er
scherp op letten of die kansen ook worden gepakt. Ik zie de minister van
Justitie schuldbewust kijken. Ik weet niet of dat bewust was, maar we
gaan daar goed op letten. De minister van Financiën kijkt iets minder
schuldbewust, maar ook op hem zullen we goed letten in deze periode. Dat
is één.
Ik verwacht ook dat het betekent dat de rechtsstaat wordt gerespecteerd
door bewindspersonen, niet alleen in woord, maar ook in hoe ze spreken
over de instituties. Het moet echt afgelopen zijn met de onzin die we de
afgelopen jaren hierover hebben meegemaakt.
Ten tweede: baseer je alsjeblieft op de feiten. Ga niet freewheelen over
meningen of benoemen dat je zelf "beleid bent". Ik denk dat we dan al
een heel stuk verder komen. Als ik het heb over de feiten, dan bedoel ik
niet alleen: kijk naar de cijfers. Ze zeggen weleens: er zijn leugens,
er zijn grote leugens en er zijn statistieken. Als je alleen naar de
cijfers kijkt, zie je niet het totaalbeeld van wat er in de samenleving
gebeurt. Veel plannen lijken achter het bureau misschien
superverstandig, maar als je drie tellen langer nadenkt, zie je dat ze
in de realiteit gewoon niet eerlijk uitpakken.
Ik denk dat de politiek in de afgelopen jaren veel te veel is verworden
tot ... Laten we eerlijk zijn. Voor de meesten van ons, voor de mensen
die hier in de zaal zitten of die in het kabinet of in colleges zitten,
maakt het niet zoveel uit wat de politiek precies besluit. De
belastingen gaan iets meer omhoog of omlaag. Maakt dat iets uit voor uw
persoonlijke leven? Maar voor heel veel mensen in Nederland doet het er
wel degelijk toe wat de politiek besluit en welke keuzes worden gemaakt.
Voor hen is politiek niet alleen een uitdrukking van je culturele
identiteit, een mening om je af te zetten tegen een andere groep. Voor
hen bepaalt politiek hoe hun leven eruitziet. Daarom is het belangrijk
om iedere keer te kijken of de plannen die worden gemaakt eigenlijk wel
eerlijk zijn. Dat is ook de vraag die wij iedere keer zullen stellen,
bij alle plannen die voorliggen.
Twee zaken wil ik hierbij uitlichten. Afgelopen week sprak ik met Auke.
Als het in deze Kamer gaat over mensen die een uitkering krijgen, wordt
vooral aan die kant van de Kamer vaak gezegd: het zijn profiteurs, het
zijn mensen die niet hard werken; ze moeten maar een beetje beter hun
best doen. Auke is inmiddels halverwege de 40. Hij heeft tien jaar
gestudeerd en was maag-darm-leverarts. Hij heeft meer dan tien jaar lang
zijn uiterste best gedaan om mensen te genezen. Hij heeft veel gewerkt
met kankerpatiënten, maar op een dag was hij niet meer de dokter, maar
zelf de patiënt. Hij was eigenlijk opgegeven. Door een enorme inzet van
zijn collega-medici, maar vooral door zijn eigen doorzettingsvermogen,
heeft hij het overleefd en is hij er nog steeds. De prijs die hij
daarvoor heeft moeten betalen, is dat hij arbeidsongeschikt is
geraakt.
Ik denk dat we over Auke niet kunnen zeggen dat hij niet hard heeft
gewerkt, niet hard zijn best heeft gedaan. Hij is arbeidsongeschikt
geraakt. Er is niks wat hij liever zou willen dan gewoon weer aan het
werk gaan. Hij zit in, zoals wij dat dan noemen, de IVA-uitkering. Hij
heeft meer dan de helft van zijn inkomen moeten inleveren. Als je dan
zegt "maar dat is een vermogen, dat is veel", is het mooi als daarop
wordt geantwoord: "Ik heb het leven. Het is prima; ik heb het leven. Dit
is het. Ik heb mijn leven hierop ingericht." Maar hoe hard komt het
binnen als je dan hoort dat je er met de plannen van dit kabinet straks
€600 per maand op achteruitgaat? Vertel mij maar wat hier eerlijk aan
is. Wat is hier eerlijk aan?
Hetzelfde geldt voor de verhoging van de AOW-leeftijd. Op papier snap ik
het. In theorie is het allemaal logisch. Maar wat betekent dit in de
praktijk? Ga eens rondlopen in de werkplaatsen hier. Daar hebben we er
vele van in Nederland. In Leidschendam zit een werkplaats van de NS.
Daar wordt in ploegendiensten 24/7 gewerkt om ervoor te zorgen dat de
treinen blijven rijden, zodat we allemaal naar ons werk kunnen gaan of
naar school. Het werk dat daar wordt gedaan, is zwaar. Ja, er zijn vele
verbeteringen doorgevoerd ten opzichte van het verleden. Ik was daar en
ik mocht — "helpen" is een te groot woord — dingen vasthouden. Dat lijkt
mij ook beter, want anders hadden de treinen zeker niet op tijd gereden.
Hou maar eens een schokdemper vast van 30 kilo. Die moet je even zo voor
je houden; je moet op één been steunen en vervolgens moet je die
vastschroeven. Hou maar eens een schroeftol vast met een accu van 5
ampère; een joekel, want anders zijn ze te snel leeg. Probeer maar eens
om daarmee in een hoek een schroef eruit te boren. Dat heeft een enorme
impact op het fysiek van alle mensen die daar werken. Ik sprak er met
een jongen van 24 jaar oud. Hij zei: "Ik moet straks doorwerken tot ik
ver over de 70 ben. Weet u, meneer Klaver, in mijn familie is geen van
de mannen ouder dan 70 geworden. En nu willen jullie daar in Den Haag
dat we nog langer gaan werken." Vertel mij maar wat daar nu eerlijk aan
is. Op zijn 17de is hij begonnen met werken. Wat is hier eerlijk
aan?
Niet alleen als je pech hebt of als je je zorgen maakt — kan ik later
nog wel met pensioen? — betaal je de rekening. Daar zit mijn grootste
kritiek op de plannen van dit kabinet. De rekening wordt betaald door
hele gewone mensen. De belastingen worden voor hen verhoogd; de zorg
wordt duurder gemaakt. Dat is problematisch. Als je het vertrouwen in
dit land wilt herstellen en dat écht meent, zeg ik tegen de premier, dan
zorg je ervoor dat deze mensen erop vooruitgaan. Als je mensen spreekt,
dan zie je dat mensen snappen dat zij offers moeten brengen. Dat is het
mooie. Als de defensie-uitgaven omhooggaan, dan snappen ze dat: iedereen
moet wat bijdragen, ook ik. Maar als je dan leest dat jij de enige bent,
dat er van grote vermogens helemaal niets wordt gevraagd, dat er van
grote bedrijven die miljardenwinsten maken helemaal niets wordt
gevraagd, dan stel je je toch de vraag: wat is hier eerlijk aan? Daarom
mijn vraag aan dit kabinet: is het bereid om deze plannen aan te passen?
Ik doel in het bijzonder op de "Bontenbalbelasting", de
"vrijheidsbijdrage", waarbij ooit bedacht was dat iedereen daaraan gaat
bijdragen, maar die nu specifiek gericht is op alle werkenden hier in
Nederland. Die gaan de rekening betalen. Mijn vraag is dus: bent u
bereid om deze plannen aan te passen? Want wat, vraag ik aan D66, is
hier progressief aan? Wat, vraag ik aan het CDA, is hier
christendemocratisch aan? Wat is hier "eerlijk"?
Voorzitter. Dan de zorg. In de zorg moet van alles veranderen. Iedereen
die hier naar voren komt en gaat zeggen: de zorg is goed; laat het
vooral zoals het is ... Dat is gewoon niet waar. Ik neem de jeugdzorg
altijd als een belangrijk voorbeeld. De wachtlijsten in de jeugdzorg
zijn verschrikkelijk. Tegelijkertijd zien we dat er ook kinderen in de
jeugdzorg zitten waarvan je je afvraagt: moeten zij daar wel zijn? Dat
vraagt om een verandering van het systeem. Als je het dan doortrekt en
er eigen bijdragen betaald moeten gaan worden, is het enige effect dat
mensen meer moeten betalen voor de zorg, maar dat de wachtlijsten voor
de kinderen die die zorg het meest nodig hebben, blijven bestaan. Dat is
een verkeerde keuze, en dat geldt voor heel veel trajecten van de
zorg.
Dus ja, met ons valt er te praten over verbeteringen van de zorg, maar
de platte bezuinigingen die nu voorliggen, daar gaan wij voor liggen.
Die moet je niet doen. Bezuinigingen op de zorg kunnen een sluitstuk
zijn, maar als je daarmee gaat beginnen, dan weet ik precies wie de
rekening betaalt. De kwaliteit van de zorg gaat dan niet omhoog en de
kosten gaan ook niet omlaag. Het enige is dat we het niet meer met z'n
allen betalen, maar het neerleggen bij de mensen die ziek zijn. Dat is
waar onze kritiek op het eigen risico zit. Dat is waar onze kritiek zit,
ook als het gaat over bijvoorbeeld de instroom in de WIA. Ja, er zijn te
veel mensen die arbeidsongeschikt worden. Dat is een groot probleem.
Maar door te korten op uitkeringen komen er niet minder mensen in een
uitkering. Hoe zorg je ervoor dat mensen langer kunnen blijven
werken?
Voorzitter. Op veel punten moet het dus eerlijker, en daar zullen wij
als oppositie hier in de Tweede Kamer en ook in de Eerste Kamer maximaal
op inzetten. Maar op een aantal punten moet het ook behoorlijk
ambitieuzer. Daar had ik echt wel meer verwacht. Ik had toch verwacht
dat daar meer zou gebeuren, bijvoorbeeld op stikstof. Veel succes aan de
nieuwe minister; er ligt een grote klus voor je. Maar met stikstof lijkt
het er toch heel erg op dat we terug zijn bij Rutte IV. Ik hoop dat u
zich herinnert dat wij die plannen steunden; wij stonden, anders dan de
coalitiepartners toen, achter minister Van der Wal om de weg die zij had
ingezet voort te zetten. Dat is toen door geruzie in de coalitie
allemaal niet doorgegaan. Ik heb dus toch het gevoel dat we weer terug
zijn bij Rutte IV, maar we zijn nu wel vijf jaar verder.
Wachten tot 2030 of 2035 duurt te lang. Dit land zit op slot. Je moet
dit jaar al actie ondernemen. Dus ja, als het gaat om stikstof staan wij
klaar om plannen aan meerderheden te helpen, maar als dat betekent dat
we moeten wachten tot 2030 of 2035, dan niet. Dan heeft u ons helemaal
niet nodig, succes! Dan verandert er helemaal niks. Dit jaar moeten die
keuzes worden gemaakt. Ik wil ook tegen het kabinet zeggen: niet wij
moeten besluiten nemen; júllie moeten besluiten nemen. Als jullie weer
willen komen met het zoveelste advies of het zoveelste akkoord waar we
niks mee kunnen: niet doen! Zélf besluiten nemen; daarvoor zijn jullie
aangesteld.
Dan het klimaatbeleid. Dat vond ik onder de minister van Klimaat in
Rutte III eigenlijk ambitieuzer. En als we het nu zien ... Overal
hoorden we "het kan wél", maar in één zinnetje in het regeerakkoord
stond: waarschijnlijk wordt het het niet, dat halen van de
doelstellingen. Er komt geen extra beleid, maar dat is wel nodig, om
twee redenen. Natuurlijk moet er meer CO2-reductie
gerealiseerd worden. Maar er zijn ook ongelofelijk veel bedrijven in dit
land die eigenlijk al heel ver vooruitlopen op wat er hier in Den Haag
gebeurt, maar gewoon niet aangesloten kunnen worden op het
energienetwerk. Zij wachten op vergunningen, maar lopen vast tussen het
ministerie van Economische Zaken en het ministerie van IenW, omdat de
vergunningverlening daar niet helemaal strak verloopt. Hier is iets
extra's nodig. En ja, dan zie ik mooie woorden, maar ik zie geen extra
maatregelen. De vraag is: is het kabinet bereid om daarvoor een stap
extra te zetten?
Dan de woningbouw. Ik weet niet of de Groep Mona Keijzer eigenlijk wel
aanwezig is vandaag, maar ik denk dat die buitengewoon enthousiast is
over de woningbouwplannen; die zijn een voortzetting van de plannen die
er lagen. Ook hier hadden wij echt meer verwacht, specifiek op het punt
van het bouwen voor de lage en middeninkomens, zowel voor de huur- als
voor de koopsector. Is het kabinet bereid om ook op dit punt meer
ambitie te tonen en grotere stappen te zetten?
Tot slot het punt dat ik het meest pijnlijk vind, namelijk
ontwikkelingssamenwerking. Het vorige kabinet heeft de grootste
bezuiniging ooit doorgevoerd. Er werd door de coalitiepartijen toch best
trots gezegd dat er in ieder geval 250 miljoen euro bij komt. Wat
blijkt: dat wordt nu niet ingezet voor ontwikkelingshulp, maar gewoon
voor de opvang van vluchtelingen. Hier is het dus niet vergelijkbaar met
wat Schoof I deed; het is gewoon nog slechter dan wat er in het vorige
kabinet gebeurde. Er gaat minder geld naar ontwikkelingshulp. Het
percentage van het bbp zakt nog verder. Ik vind dat pijnlijk. Juist als
je zegt dat internationale samenwerking belangrijk is en juist als je zo
veel investeert in defensie — wat nodig is en wat wij steunen — moet je
ook durven investeren in vrede. Dat doe je door te investeren in
ontwikkelingshulp. En ja, het is mooi dat de helft van de bezuinigingen
op het postennetwerk wordt teruggedraaid, maar er wordt nog steeds 35
miljoen bezuinigd op diplomatie. Dat is onverstandig, zeker als je dat
ziet in het licht van de miljarden die we voor defensie uittrekken. Hier
moeten extra stappen worden gezet. Ook hierbij stel ik de vraag aan het
kabinet: is het daartoe bereid?
Voorzitter. Op al deze punten staan wij klaar. Wij staan klaar om ervoor
te zorgen dat deze plannen ambitieuzer worden, dat we samenwerken en dat
er meerderheden op komen, en dat we dit land verder zullen helpen. Ik
heb gelijk nadat het avontuur van deze club begon gezegd dat ik het een
riskant experiment vind. Daar blijf ik bij. Dit minderheidskabinet is
een riskant experiment. Het is heel wat dat dit Nederland nu wordt
aangedaan. Het is een riskant experiment, in de zin dat het de voorbode
is van een permanente formatie. Maar ik hoop en ben benieuwd naar het
volgende: wat gaat het kabinet doen? Gaat dit kabinet van week tot week
overleven? Gaat het van week tot week op zoek naar verschillende en
wisselende meerderheden, en dan hopen dat het goedkomt? Of gaat het op
zoek naar iets meer structurele samenwerkingen met iets meer
vooruitkijken en iets meer plannen? Als je namelijk echt wil samenwerken
met elkaar, is het een kwestie van geven en nemen. Je komt er best een
tijdje mee door, hoor. Ik denk dat u augustus best wel redt met wat
geven en nemen en overal shoppen en kijken wat u gaat doen, maar er komt
een moment dat de rekening wordt betaald. Ik ben benieuwd hoe het
kabinet hiertegen aankijkt en op welke wijze het deze samenwerking wil
vormgeven.
Wij kiezen voor verantwoordelijke oppositie. Dat blijf ik zeggen. Dat
betekent twee dingen. Eén: wij zijn niet bang om zaken tegen te houden
die niet goed zijn. We zullen er alles aan doen om bezuinigingen op de
zorg en op sociale zekerheid tegen te houden, maar we zijn ook niet bang
om compromissen te sluiten om dit land verder te helpen, bijvoorbeeld
wat betreft stikstof, klimaat en woningbouw. Wij zijn ook bereid om te
praten over de toekomst van de zorg en de sociale zekerheid, maar dat
mag nooit gepaard gaan met die bezuinigingen.
Tot slot wil ik eindigen met het punt dat in het vorige debat centraal
stond: de AOW. Ik wil hier nog een keer benadrukken hoe belangrijk dit
is voor mijn fractie, maar zoals u weet ook voor de bonden. Wij hebben
een akkoord gesloten over de pensioenen. Ik vind het een voorbeeld van
hoe wij in Nederland afspraken met elkaar zouden moeten maken. Ik kan u
hier zeggen: toen de wet over de pensioenen hier door de Kamer moest,
hebben wij hier flinke bonje over gehad in de fractie. Er waren mensen
die zeiden: "Oei, moet je dit nu wel doen? Is dit inhoudelijk allemaal
wel goed genoeg?" Er waren ook echt redenen om eraan te twijfelen. Moest
je hier wel mee verdergaan? Als fractie hebben wij collectief gezegd:
dit was een afspraak en daar houden wij ons aan. Als je in dit land
vooruitgang wilt boeken, moet je je namelijk aan afspraken durven te
houden. Er zitten dan goede dingen in, zoals wat we met de AOW-leeftijd
hebben afgesproken, maar ook dingen waar je het minder mee eens bent. Je
zet het dan toch voort.
Het feit dat het kabinet hier ongevoelig voor lijkt te zijn en dit wil
doorzetten … Pas op met wat u doet, wil ik zeggen. Dit kan het draagvlak
voor dit kabinet bij ons, maar ook in de samenleving, verder
ondermijnen. Ik zou dat zonde vinden. Keer op uw schreden terug. Haal
dit van tafel. Wij gaan hier niet over onderhandelen, zeg ik alvast. Wij
hebben deze er niet in gezet. Dit was een afspraak die stond. We hebben
hier al een keer over onderhandeld. Deze moet van tafel, anders blijft
dit voortslepen. Dit wordt een bottleneck. Wij steken onze hand uit — ik
hoop dat het kabinet dat ziet — maar doet het kabinet dat ook? Een
belangrijk gebaar, iets wat ze zouden kunnen zeggen, is: "We hebben hier
een fout gemaakt; sorry. Er was inderdaad een pensioenakkoord. We
trekken deze maatregel terug." Wat ons betreft ligt de weg dan open voor
verdere samenwerking op heel veel onderwerpen.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel, meneer Klaver. Het woord is aan de heer Paternotte voor zijn
inbreng in eerste termijn namens de fractie van D66.
De heer Paternotte (D66):
Voorzitter. Het is een bijzondere dag. Binnen vergadert de Tweede Kamer
over de regeringsverklaring van het kabinet-Jetten, buiten is het 17
graden. De terrassen zitten vol. Je zou bijna moeten erkennen dat Geert
Wilders gelijk had toen hij zei: de zon gaat weer schijnen in Nederland.
Wat we natuurlijk niet konden vermoeden, is dat hij eigenlijk bedoelde:
de zon gaat weer schijnen in Nederland zodra het kabinet-Jetten in de
Tweede Kamer zit.
Voorzitter, laat ik hier meteen een dienstmededeling aan toevoegen, want
u heeft dit debat ingepland op mijn verjaardag.
(Geroffel op bankjes)
De voorzitter:
Van harte gefeliciteerd, meneer Paternotte.
De heer Paternotte (D66):
Op 26 februari, dat is dus morgen, maar het is vandaag de verjaardag van
mevrouw Straatman van het CDA. Zij is 30 geworden.
(Geroffel op bankjes)
De heer Paternotte (D66):
Nu we toch bezig zijn: het is morgen ook de verjaardag van collega Ouafa
Oualhadj uit mijn fractie.
(Geroffel op bankjes)
De heer Paternotte (D66):
Morgen zullen wij dus uiteraard iedereen trakteren; onze collega's, de
bodes, de beveiliging en het Kamerpersoneel. Als ze zich een beetje
gedragen, zullen we dat ook doen voor vak K. Ik doe deze
dienstmededeling maar vast voordat de interrupties komen en ik mij ga
bedenken. Vandaar dat ik dit alvast heb gezegd.
De minister-president heeft verklaard hoe hij met zijn kabinet wil
regeren. Als ik naar links kijk, zie ik een frisse ploeg die duidelijk
zin heeft om aan de slag te gaan met de grote opdracht die ze hebben
gekregen. Dat hoeven ze wat ons betreft niet alleen te doen.
Ik zal u vertellen wat u van de D66-fractie kunt verwachten: wij willen
een club zijn die meehelpt aan oplossingen, aan vooruitgang. Nederland
heeft namelijk echt te lang stilgestaan. Daarom beloofden wij kiezers:
we gaan fors meer bouwen, zodat iedereen een eigen betaalbaar thuis kan
krijgen. We gaan weer investeren in onderwijs, zodat onze kinderen een
eerlijke kans krijgen. We gaan Nederland van het stikstofslot halen en
het land met schone energie van eigen bodem weer op koers brengen voor
de klimaatdoelen. En we gaan investeren in onze defensie om Nederland en
Europa in deze tijd veilig te houden. Die dingen staan nu ook in het
coalitieakkoord. We zijn ervan overtuigd dat we ze ook kunnen
realiseren, als we het anders durven te doen, als we keuzes durven te
maken en als we samen de schouders eronder zetten. U kunt van ons
verwachten dat wij het kabinet scherp zullen aanjagen op het behalen van
resultaten, die Nederland weer vooruit brengen. En u mag van ons
verwachten dat we actief de samenwerking zullen zoeken hier in de Tweede
Kamer — want de bal ligt hier — om besluiten te nemen die Nederland
beter maken. Dus laat dit de start zijn van een nieuwe manier van
samenwerken tussen Kamer en kabinet, waarbij we niet tegenover elkaar
staan, maar samen zoeken naar oplossingen voor de uitdagingen van deze
tijd.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Allereerst felicitaties voor de verjaardag van de heer Paternotte en de
andere mensen die jarig zijn. Slim om de fractie van de Partij voor de
Dieren taart in het vooruitzicht te stellen. Daar zijn wij altijd zeer
gevoelig voor. We kijken dus uit naar de traktatie morgen. Ik heb toch
een kritische vraag. Ik ben blij dat de heer Paternotte zegt: we moeten
echt aan de slag met het reduceren van de stikstofuitstoot. We moeten de
natuur beschermen en de klimaatdoelen halen. Precies op dat punt zien we
dat er in het coalitieakkoord dingen zijn opgeschreven die nog slechter
zijn dan onder Rutte IV.
De voorzitter:
En uw vraag?
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dus de stikstofdoelen worden niet gehaald en de klimaatdoelen zijn zeer
onzeker. Gaat D66 met de andere coalitiepartijen deze plannen herzien
voordat we hier in de Kamer daarover doorspreken? Dus gaat u terug naar
de tekentafel om de plannen wel aan de minimale wettelijke eisen te
laten voldoen? Of wordt dit onderdeel van de onderhandelingen?
De heer Paternotte (D66):
De wettelijke eis staat overeind. Dat is een halvering van de uitstoot
van stikstofoxide en een bijna-halvering van de ammoniakuitstoot. Dat is
ook keihard nodig voor de Nederlandse natuur. De vraag is natuurlijk hoe
je daar komt, maar ik ben ontzettend optimistisch, omdat ik een akkoord
zie waarin veel meer concrete maatregelen staan dan we eerder op tafel
hebben gehad, die echt kunnen helpen om de natuurgebieden te gaan
beschermen. We hebben een minister die dat probleem niet ontkent en niet
uit de weg gaat, maar vol richting oplossingen gaat en gister al zijn
eerste regeling heeft aangekondigd. We kunnen het niet op dezelfde
manier doen als Rutte IV. Ik ben hartstikke kritisch op het vorige
kabinet. Daar ga ik vast nog wat meer over zeggen vandaag. Maar
uiteindelijk hebben we het met het kabinet-Rutte IV ook niet voor elkaar
gekregen om het land van het stikstofslot te halen en om de natuur beter
te beschermen. Dus we moeten het op een andere manier doen. Dat zal
inderdaad meer samen moeten zijn, met de natuurorganisaties en ook meer
samen met de boeren.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ja, dat het op een andere manier moet, is wel duidelijk. Rutte IV had
minister Van der Wal die probeerde de samenleving, de boeren en de Kamer
mee te nemen in de urgentie en de noodzaak. En toen werd ze ondermijnd
door het CDA, door haar collega in vak K, dus dat was niet heel handig.
Het lijkt of de heer Paternotte zijn eigen coalitieakkoord niet goed
heeft gelezen, want er is een halvering van de stikstofuitstoot in 2030
nodig. Wat nu in het coalitieakkoord staat, is een streefdoel met een
bandbreedte van 23% tot 25%.
De voorzitter:
En uw vraag?
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dus de helft van het wettelijke doel dat we moeten halen, is eraf. Mijn
vraag is: wordt dat nog bijgesteld, nogmaals? Worden die plannen
aangepast voordat we er hier in de Kamer verder over doorpraten?
De heer Paternotte (D66):
Ik vond Christianne van der Wal oneindig veel beter dan de vorige
minister van Landbouw, dat moge duidelijk zijn. Dat was inderdaad ook
omdat ze mensen meenam in de noodzaak om iets te doen om de natuur te
beschermen in Nederland. We kunnen die natuur namelijk maar één keer
beschermen, daarna is ze kapot en krijg je haar nooit meer terug. Het is
onze Nederlandse natuur. Het gaat om de Veluwe, het gaat om de Peel, het
gaat om de duinen, het gaat om ontzettend veel gebieden die
superkwetsbaar zijn door de enorme deken van stikstof in
Nederland.
Ik kan er alleen niet omheen dat we destijds ook niet echt lekker van
start kwamen. Er is twee jaar compleet verloren gegaan. Het geld dat
bedoeld was om de stikstofuitstoot aan te pakken, is door het ministerie
van Landbouw uitgereden. We hebben het nu weer vrijgemaakt: die 20
miljard is er weer. Dat is ook waarom bijvoorbeeld Natuurmonumenten en
ook Natuur & Milieu zeggen: eindelijk is er in ieder geval weer geld
om het probleem aan te pakken. En inderdaad, wat mij betreft moeten die
plannen snel verder concreet gemaakt worden en is er geen tijd te
verliezen. Ik zie een kabinet dat dat wil gaan doen, het probleem niet
ontkent, het geld ervoor heeft en met allerlei concrete maatregelen
ervoor gaat zorgen dat we weer van het slot afkomen. Of het nu gaat om
de zonering rond natuurgebieden, het instellen van grondgebondenheid,
het gaan helpen van boeren met de omslag naar verduurzaming en als het
nodig is ook het verplaatsen of het stoppen van een verouderd
bedrijf.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dit klinkt natuurlijk allemaal mooi, maar de heer Paternotte gaat totaal
niet in op wat er in zijn eigen coalitieakkoord staat. In 2022 zei hij
nog iets dat later ook nog is bevestigd door de rechter, namelijk: in
2030 moet de uitstoot 50% zijn gehalveerd. Dat wil zeggen: om en nabij.
Er is een kleine bandbreedte, maar het gaat om 50%. In zijn
coalitieakkoord staat nu wat mevrouw Wiersma had voorgesteld: 23% tot
25%. Dan kan je zeggen "we hebben geld, we hebben een nieuwe minister,
we snappen waarom het nodig is om de natuur te herstellen", maar wat je
met elkaar hebt afgesproken is een halvering van het minimale dat nodig
is.
De voorzitter:
En uw vraag?
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dus de vraag is toch heel reëel: wordt dat aangepast? Want anders kan je
er net zo veel geld tegenaan gooien als je wil en kan de nieuwe minister
van Landbouw met boeren gaan praten, maar de natuur zal nog steeds
verder naar de vernieling gaan.
De heer Paternotte (D66):
Ik ben het voor een groot deel met mevrouw Ouwehand eens. Ik had ook
heel graag in 2023 een andere verkiezingsuitslag gezien, waardoor niet
de partij van de heer Wilders de grootste werd en er twee jaar lang
eigenlijk helemaal niks gebeurde om dit probleem aan te pakken, en dat
we destijds gewoon vol aan de slag konden met wat het kabinet nu
eigenlijk gaat doen. Ik wilde ook dat ze daar toen al mee waren
begonnen. Ik hoorde de minister-president dat net ook zeggen: het beste
moment om dit aan te gaan pakken is gisteren. Het op één na beste moment
is wel nú.
Er zijn twee jaren verloren gegaan, het stikstofdoel dat we toen hadden
is uit het zicht geraakt. Dat is slecht nieuws voor de natuur, maar
volgens mij ook voor heel veel boeren en voor de luchtkwaliteit in
Nederland. Maar we gaan er nu wel vol voor en dan heeft het niet zo heel
veel zin om eindeloos met elkaar te blijven praten over het doel dat we
in 2022 met elkaar hadden. Dan gaat het erom: wat kan je dit jaar, wat
kan je volgend jaar, wat kan je morgen voor elkaar krijgen? Ik heb
gisteren al gezien dat de minister een eerste stap, een eerste regeling
heeft aangekondigd waar we in feite twee jaar op hebben moeten wachten;
op zijn eerste dag. Dan denk ik: die gaat aan de slag. Die gaat aan de
slag om dit probleem aan te pakken. Laten we er samen aan gaan
werken.
Mevrouw De Vos (FVD):
De nieuwe premier heeft een aantal jaren geleden gezegd dat stikstof
"een verstikkende deken over de natuur legt, waardoor deze langzaam
afsterft". Ik vroeg me af of de heer Paternotte achter die uitspraak
staat of dat hij inmiddels zijn biologiekennis wat heeft
bijgespijkerd.
De heer Paternotte (D66):
Ik ben een liefhebber van de wetenschap en ik sta achter die
uitspraak.
Mevrouw De Vos (FVD):
Kan de heer Paternotte mij dan misschien de drie belangrijkste
voedingsstoffen noemen, die voor planten onmisbaar zijn om te kunnen
groeien?
De heer Paternotte (D66):
Stikstof is daar eentje van. Als je te veel stikstof hebt, verzuurt de
bodem gigantisch. Dan wordt die op een gegeven moment zuurder dan cola,
en dan zijn er maar heel weinig soorten die kunnen overleven, maar
brandnetels en bramen doen het dan uitstekend. Dan krijg je een totale
monocultuur in de natuur — dat is wat we nu op veel plekken zien
gebeuren — en dan sterft de Nederlandse, Hollandse natuur af. Die zouden
wij juist moeten beschermen.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw De Vos (FVD):
Dan zou ik de heer Paternotte toch willen aanraden om zijn
biologiekennis iets verder bij te spijkeren, want hoe meer stikstof je
hebt, hoe meer andere planten er gaan groeien. Dat kan inderdaad
betekenen dat er ook bepaalde planten worden verdreven, maar het is niet
zo dat de natuur afsterft. Zolang je vast blijft zitten in dit geloof,
zal je ook dit soort maatregelen blijven nemen, die nu ook worden
gepresenteerd in het coalitieakkoord. Maar de consequentie daarvan is
dat, als je die maatregelen daadwerkelijk wil treffen en die doelen wil
halen, de enige manier om dat te doen is dat je alle economische
activiteit in Nederland stopzet. Ik zou de heer Paternotte het volgende
willen vragen. Als dat inderdaad het doel is, als je echt die doelen wil
halen, kan hij dan ook eerlijk zijn over de consequenties daarvan?
De heer Paternotte (D66):
Zeker, maar je kunt ook gewoon Nederland in gaan. Je kunt ook de natuur
in lopen, zoals ik ook vaak heb gedaan. Dan zie je de bramenstruiken die
velden overwoekeren. Als je op luchtfoto's kijkt, dan zie je dat er in
de eikenbossen allerlei bomen al lang zijn afgestorven omdat de bodem te
zuur is geworden. Je kunt zeggen dat sommige soorten, zoals de
brandnetel, hartstikke goed gaan op stikstof, maar een land vol met
brandnetels, zoals Forum voor Democratie bepleit, is niet zoals ik het
voor me zie.
De voorzitter:
De heer Wilders. Nee, mevrouw De Vos. Drie hadden we …
Mevrouw De Vos (FVD):
Nee, maar hij is niet ingegaan op de tweede helft van mijn vraag.
De voorzitter:
Ja. Dit is het antwoord dat het is.
De heer Wilders (PVV):
Ook ik zou de heer Paternotte willen feliciteren met zijn verjaardag.
Het trieste is dat de rest van Nederland nog lang niet jarig is met uw
beleid. Ik had dus eigenlijk verwacht dat hij zou beginnen met … Ja,
excuses zijn misschien te veel gevraagd, uw karakter kennende, maar ik
had toch een beetje een mea culpa verwacht voor de ontzettende kaalslag
die uw kabinet op Nederland gaat toepassen. Het is ongekend. U gaat 15
miljard euro bezuinigen op de zorg en de sociale zekerheid, van AOW tot
gehandicaptenzorg, van het eigen risico tot de mensen in de WIA, noem
het maar op. 15 miljard. Ongekend. De zon gaat helaas nog lang niet
schijnen, zeg ik tegen de heer Jetten, via u. Bent u bereid om een
beetje tot inkeer te komen, op uw verjaardag, nota bene, en toe te
geven, uw excuses aan te bieden voor de puinhoop die u dadelijk over
Nederland heen gooit? Mensen trekken dit niet, 15 miljard aan
bezuinigingen.
De heer Paternotte (D66):
De heer Wilders noemde mij net "de heer Jetten". Het is denk ik goed om
even aan te geven dat hij dáár zit. Het is ook heel goed dat hij daar
zit.
De heer Wilders (PVV):
Wat is het verschil?
De heer Paternotte (D66):
Dat laat ik aan anderen ter beoordeling, maar ik vind het verder een
buitengewoon compliment dat u mij net "de heer Jetten" noemde.
De voorzitter:
Uw antwoord.
De heer Wilders (PVV):
U behoort beiden tot de …
De voorzitter:
Nee, meneer Wilders, meneer Paternotte is aan het woord.
De heer Paternotte (D66):
Wij kijken hoe Nederland ervoor staat. We hebben met elkaar een hele
uitgebreide verzorgingsstaat, een van de uitgebreidste van de wereld.
Daar mogen we trots op zijn. Maar die heeft ook onderhoud nodig; die
heeft in het verleden onderhoud nodig gehad en die heeft dat ook nu
nodig. Dat betekent dat je voor een grote opgave staat. Je moet bereid
zijn om keuzes te maken. Je moet stappen zetten om die verzorgingsstaat
houdbaar te houden voor de toekomst, zodat ook volgende generaties — hij
gaat al een tijdje mee — daar nog aanspraak op kunnen maken. Daarom
worden nu die stappen gezet. Daar moet je geen excuses voor maken; daar
moet je mensen in meenemen. Je moet zorgen dat de meest kwetsbaren in
Nederland dat kunnen meemaken. Je moet zorgen dat de economie weer gaat
groeien, dat we Nederland van het stikstofslot halen, dat er weer
betaalbare huizen worden gebouwd, dat die verloren tijd van de afgelopen
twee jaar wordt ingehaald. Dat is wat we nu moeten gaan doen: Nederland
weer in beweging krijgen.
De heer Wilders (PVV):
Dit is echt een bijzonder zwak antwoord. Onderhoud? Het is geen
onderhoud, u sloopt Nederland. U sloopt Nederland! Mensen gaan tot 500,
600 euro aan die rare vrijheidsbijdrage betalen. Mensen gaan volgens het
CPB tot €500, €600 aan eigen risico betalen. U pakt de
gehandicaptenzorg. U pakt de ouderenzorg. U haalt de envelop van 600
miljoen bij de ouderenzorg helemaal weg. U snijdt in de WW. Je moet
bijna 24 jaar gewerkt hebben om nog 1 jaar WW te krijgen in uw plannen.
De mensen die nu tv zitten te kijken, willen graag van u horen waarom u
dat doet. Waarom in hemelsnaam heeft u dat extreem asociale beleid,
waarmee u juist de mensen met een lager inkomen, maar ook de
middeninkomens, de zieken, de gehandicapten zo hard pakt? Waarom?
De heer Paternotte (D66):
We hebben vorige week allemaal gezien dat alle inkomensgroepen er de
komende jaren op vooruitgaan in hun koopkracht als de plannen die in het
coalitieakkoord zijn gepresenteerd een-op-een zouden worden overgenomen.
Maar wij staan ook voor de heel grote taak om ervoor te zorgen dat
bijvoorbeeld de zorg betaalbaar blijft en dat we die kunnen blijven
aanbieden. Hetzelfde geldt voor de sociale zekerheid. Als wij dit niet
zouden doen, dan zouden de zorgkosten oplopen van 120 miljard nu naar
zo'n 135 miljard in 2030. Dan zou een op de vier Nederlanders straks in
de zorg moeten gaan werken. Die mensen zijn er niet! Wat je dan krijgt,
is het recept van Wilders, namelijk meer wachtlijsten en hogere premies.
In de twee jaar waarin Geert Wilders de leider van de grootste partij
was, is de zorgpremie in Nederland met €240 per jaar gestegen. Daar
hebben we hem nooit over gehoord, maar dat geldt wel voor iedereen. Het
maar laten gebeuren en niet bereid zijn om iets te doen om ervoor te
zorgen dat we én goede zorg hebben én die ook betaalbaar blijft, leidt
ertoe dat de kosten voor mensen steeds hoger worden, terwijl de zorg
steeds verder weg komt en de wachtlijsten langer worden.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Wilders (PVV):
Afrondend, voorzitter. Het is echt te verschrikkelijk voor woorden wat
dit kabinet gaat doen. Van mij mogen zij vandaag nog vertrekken. U bent
daar mede verantwoordelijk voor! U pakt juist de mensen met een lage
beurs, u pakt de middeninkomens, u zorgt ervoor dat die mensen het
gewoon niet meer trekken. Het lukt ze niet meer. Ze kunnen het niet meer
betalen. U haalt tientallen miljarden op om ze vervolgens te kunnen
besteden, maar waar besteden we dat geld dan aan? Geeft u dat dan terug
aan de mensen? Nee, helemaal niet! U besteedt het aan de asielopvang. U
besteedt het aan stikstof, om de boeren om zeep te helpen. Ik zag staan
dat u voor het klimaatbeleid cumulatief 85 miljard reserveert in 2055. U
gaat het allemaal uitgeven aan die gekke linkse hobby's, terwijl u de
mensen daarvoor in hun portemonnee pakt! Dat moet u niet doen; het is
asociaal en daar moet u zich voor schamen.
De heer Paternotte (D66):
Dit is wel echt een grijsgedraaide plaat aan het worden. Dit is exact
hetzelfde wat Wilders altijd al deed, alleen klopt het verhaal nu totaal
niet meer. Ik bedoel, geld aan asielopvang: ja, om het structureel op
orde te brengen, zodat we niet meer cruiseschepen en hotels nodig hebben
om mensen op te vangen. Dat is waarom het kabinet waar de heer Wilders
de baas van was, meer geld uitgaf aan asielopvang dan dit kabinet gaat
doen. Klimaat: ja, wij vinden dat Nederlanders een betaalbare
energierekening nodig hebben. We hebben dat geprobeerd te bereiken door
heel veel gas uit Rusland te halen, van Poetin. Of door het met schepen
hiernaartoe te laten varen uit Qatar of uit Amerika. Subsidie voor het
Midden-Oosten, "subsidie voor de sjeiks", zou je kunnen zeggen. Dat is
wat de oplossing van Wilders was. Onze oplossing is anders. Betaalbare
energie van eigen Hollandse bodem, of het nou windmolens op de Noordzee
zijn, zonnepanelen op daken of een paar kerncentrales. Dat is wat
uiteindelijk in Nederland ervoor zorgt dat we niet afhankelijk zijn van
andere landen en dat we die energierekening betaalbaar kunnen
krijgen.
De heer Vermeer (BBB):
De heer Paternotte laat hier wat ons betreft echt een staaltje van
tekentafelpolitiek zien, want in zijn gesprek met de heer Wilders net
gaf hij aan dat wij de nodige mensen helemaal niet hebben voor in de
zorg. Als dat zo is, dan kan het natuurlijk niet zijn dat de zorgvraag
toeneemt as je het eigen risico verlaagt. De vraag kan wel toenemen,
maar de aantallen in de zorgverlening en de kosten daarvoor niet, maar
dat terzijde. Wat mij veel meer triggerde, was de grote flauwekul die er
net verteld werd over bramenstruiken die velden overwoekeren. Als dat al
zo is, dan is de heer Paternotte gewoon op een bramenkwekerij geweest.
Dit is echt de grootste flauwekul.
De voorzitter:
En uw vraag?
De heer Vermeer (BBB):
En daar waar eikenbomen staan die volgens hem bruin worden vanwege
verzuring: zij veroorzaken zelf verzuring. Droogte is het punt.
De voorzitter:
Uw vraag?
De heer Vermeer (BBB):
Ik wil even weten waar het nieuwe beleid van dit kabinet op het gebied
van landbouw en de hele stikstofproblematiek afwijkt van het afgelopen
kabinet.
De heer Paternotte (D66):
Allereerst gefeliciteerd aan de heer Vermeer met zijn benoeming tot
fractievoorzitter. Mooi dat we nu collega's zijn en dat we allebei, na
achter de schermen te hebben gewerkt, weer iets voor de schermen gaan
doen. Om eikenbomen de schuld te geven van de verzilting gaat mij wat te
ver, maar het beleid verschilt allereerst in het feit dat er 20 miljard
euro beschikbaar is in het stikstoffonds, om te zorgen dat we de natuur
kunnen versterken en de boeren kunnen helpen met de verduurzaming. Dat
geld was er eerder ook, geef ik toe, maar het vorige kabinet, onder
aanvoering van BBB, heeft gezegd: we willen dat geld niet meer. Ik zie
dat ook veel boerenorganisaties blij zijn dat er nu een nieuw kabinet
zit. De reden daarvoor is mede dat er nu eindelijk geld is om
maatregelen te kunnen nemen die weer wat lucht kunnen geven en weer wat
toekomstperspectief kunnen bieden. Daarnaast is een groot verschil dat
je een hele trits aan concrete maatregelen ziet in het akkoord. Ik
noemde er net al een aantal. Die zijn allemaal bedoeld om de natuur en
boeren te helpen en om de omslag te kunnen maken naar een landbouw
waarmee we vooruit kunnen in Nederland, die weer toekomst kan bieden.
Dat is, denk ik, het grote verschil met het vorige kabinet.
De heer Vermeer (BBB):
Dat eerdere fonds waar de heer Paternotte naar verwees, was een
boerenoprotfonds. Dat was helemaal niet bedoeld om boeren te laten
verduurzamen of om de natuur te herstellen. Dat was vooral bedoeld om
boeren uit te kopen. Als dat nu ook weer de bedoeling is … De heer
Paternotte kan straks ook nog mooie verhalen gaan houden over de
geopolitieke situatie en wat wij allemaal nodig hebben om ons daartoe te
verhouden, maar op dit moment wordt de voedselzekerheid in de wereld
door deze maatregelen, door het uitkopen van nog meer boeren, sterk
onder druk gezet. Hoe kijkt de heer Paternotte daarnaar?
De heer Paternotte (D66):
Dat fonds was echt niet alleen maar om uit te kopen. Er zijn behoorlijk
wat boeren die vlak bij natuurgebieden zitten en die zeggen: ik wil
graag weten waar ik aan toe ben en van wat voor regelingen ik gebruik
kan maken. De regelingen die er waren, zijn ook volop benut. Dat fonds
was er ook om bedrijven te helpen verduurzamen, om te zorgen dat je een
stal kunt verbouwen of een mestvergister kunt neerzetten, of dat je iets
kan doen om het bedrijf te verduurzamen zodat de natuur ernaast ook
beter in stand kan blijven. Het was ook bedoeld om sommige te helpen
verplaatsen, want als je vlak naast een heel kwetsbaar natuurgebied zit,
kan je misschien verderop zitten, waar weer meer ruimte is. Het was ook
bedoeld om de natuur te helpen versterken, zodat we de natuur in
Nederland kunnen beschermen. U heeft dat geld weg laten rijden. Volgens
mij was dat een verkeerde keuze. Dat vinden niet alleen wij, maar dat
vinden zelfs ook heel veel boerenorganisaties. Laten we nou samenwerken
om te zorgen dat we, nu het geld er wel weer is, de natuur kunnen gaan
beschermen en dat de boeren eindelijk een keer weten waar ze aan toe
zijn en ook wat perspectief krijgen.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Vermeer (BBB):
Het is duidelijk: de heer Paternotte heeft de feiten rond dat
boerenoprotfonds gewoon niet op orde. Het geld dat er nu zogenaamd extra
beschikbaar gesteld wordt, is niets anders dan geld dat al gepland stond
naar voren halen. Dat had de heer Paternotte er eigenlijk ook bij moeten
zeggen.
De heer Paternotte (D66):
Dan moet de heer Vermeer de cijfers echt even op orde brengen. Dat geld
was er niet meer, dat geld was weg. Het is nu inderdaad weer terug en
dat is heel hard nodig.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Morgen zal ik collega Paternotte van harte feliciteren met zijn
verjaardag, met plezier, maar vandaag feliciteer ik hem ook, namelijk
omdat Nederland een kabinet weer heeft, een missionair kabinet. Volgens
mij snakken heel veel mensen ernaar dat er een stevige ploeg aan de slag
gaat. Deze coalitie heeft plannen bedacht. Dan heb je een bepaald gevoel
bij wat de uitkomsten zullen worden, ook als de doorrekeningen komen.
Toen ik de doorrekeningen zag, dacht ik: het is opnieuw goed dat er
geïnvesteerd wordt in defensie, maar het kan toch niet zo zijn dat er
vervolgens een gat wordt geschoten in de portemonnee van de mensen die
het eigenlijk al het zwaarst hebben. Hoe kijkt de heer Paternotte naar
de doorrekeningen en wat zijn de momenten waarop hij dacht: oeh, daar is
nog wel verbetering nodig?
De heer Paternotte (D66):
Volgens mij is in de afgelopen acht jaar de armoede in Nederland
gehalveerd. Dat is op zich mooi, maar dat betekent dat er nog steeds
heel veel Nederlanders zijn die in armoede leven en die elke dag niet
weten hoe ze de eindjes aan elkaar moeten knopen. In de doorrekening
wordt gezegd dat dat percentage in de komende vier jaar met 0,1% zou
toenemen. Dan kun je het hebben over een percentage, maar het gaat
gewoon om veel Nederlanders voor wie geldt dat ze dan in armoede zouden
gaan leven. Dat willen wij niet, dus ik zou het kabinet ook willen
vragen: ga aan de slag om dat te voorkomen. We willen dat de armoede
afneemt. Ik dacht wel toen ik de doorrekeningen las: is nou echt alles
hier goed in meegenomen? Het CPB moet namelijk razendsnel zo'n
doorrekening maken. Er is geld voor chronisch zieken. Er is geld om
armoede aan te pakken. Er is nog niet vastgelegd hoe dat wordt ingezet.
Dat moet samen met gemeenten gaan gebeuren. Maar is dat nou ook
meegerekend door het CPB? Ik geloof het niet, dus ik hoop ook dat als
daar beter naar gekeken wordt, het beeld er beter uitziet. Maar de
armoede in Nederland moet, net als de afgelopen tien jaar, wat mij
betreft alleen maar omlaag en niet omhoog.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Heldere uitspraak van collega Paternotte dat dit coalitieakkoord daarmee
ook een openingsbod is om te zorgen dat er op een aantal punten echt
verbeteringen optreden, juist voor mensen met een kleine portemonnee.
Dat begint met de armoede. Maar ik kijk ook naar de middenklasse die
hard moet werken en bijna moet sappelen om rond te komen. We zien in de
doorrekening dat een aantal punten nog niet bekend zijn: dat zegt
collega Paternotte terecht. Neem bijvoorbeeld de stapeling van de eigen
bijdrage in de zorg. Het is ieder voor zich. Misschien krijg je een
keurig plaatje als je het doorrekent, maar wat betekent het voor mensen
als je het stapelt? Is collega Paternotte het met mij eens dat we in het
geheel der dingen wel moeten uitkijken hoe we omgaan met de
middenklasse?
De heer Paternotte (D66):
Ja, eigenlijk juist omdat … Kijk bijvoorbeeld naar die
vrijheidsbijdrage. Die kost Jan Modaal, om het maar even zo te noemen,
€13 à €14 per maand in de belastingen. Dat is niet niks, maar
tegenwoordig krijg je er ook geen Netflix-abonnement meer voor. Als ik
kijk naar de hervormingen die het kabinet wil inzetten, denk ik meer:
laten we heel goed kijken naar mensen die misschien buiten die
koopkrachtplaatjes en die modellen zitten, voor wie het in heel veel
gevallen betekent dat er voor hen iets gaat veranderen en dat ze het
daardoor misschien niet meer mee kunnen maken. Ik zou daar eigenlijk
vooral de aandacht op willen gaan richten, want ik denk dat we ervoor
moeten gaan zorgen dat iedereen het mee kan maken.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Ik proef een opening en dat is ook hard nodig, want mijn grote zorg is
de stapeling van de eigen bijdrage en het eigen risico die gevraagd
wordt. Ik snap heel goed dat daar iets moet gebeuren, maar laten we wel
wezen: voor een Kamerlid zoals de heer Paternotte of ikzelf is dat een
heel ander bedrag dan voor iemand die keihard werkt, die hier de
schoonmaak doet of die straks de koffie inschenkt. Bij die mensen hakt
het er veel harder in. Ik zie in de CPB-doorrekeningen ook niet precies
hoe die stapeling van de eigen bijdrage en het eigen risico die hier
wordt neergelegd uitpakt. Maar ik weet één ding zeker: deze harde
werkers mogen niet de dupe zijn. Is collega Paternotte dat met mij eens?
Kunnen we dat in ieder geval repareren als ook uit nadere berekeningen
blijkt dat dat niet in orde is?
De heer Paternotte (D66):
Ja, dat snap ik. Voor mij is het in die zin ook een onwennige dag, want
het is voor het eerst dat ik namens een coalitiefractie spreek, terwijl
de ChristenUnie niet in het kabinet zit. Dat is dus ook even wennen. Wat
ik echter altijd heb gewaardeerd …
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Ik begrijp dat u ons mist.
De heer Paternotte (D66):
Ik moet hier niet te ver in gaan, maar wat ik in ieder geval wilde
zeggen is dat ik het altijd heb gewaardeerd dat wij altijd allebei heel
realistisch hebben gekeken. Maar ja, dat eigen risico bijvoorbeeld. Ik
kan wel zeggen dat we het gaan halveren — het vorige kabinet heeft dat
om de een of andere reden niet gedaan, maar zei dat ze dat van plan
waren — maar wat zagen we in de tussentijd gebeuren? De zorgpremie liep
hartstikke hard op met wel €40 per maand in de afgelopen twee jaar. Dat
is, zoals ik eerder al zei, een hele stevige stijging, in de periode dat
Wilders de grootste partij was. Dat komt natuurlijk omdat heel veel
mensen in de zorg ook aangeven: we hebben de mensen helemaal niet. Als
je het eigen risico halveert, dan neemt de druk op de zorg nog verder
toe. Dat betekent meer wachtlijsten. Dat kan ook leiden tot een nog veel
hogere premie.
Het is dus niet zo dat als we het eigen risico afschaffen, alles voor
iedereen gratis is. Daar bent u altijd heel duidelijk en eerlijk over
geweest en dat is ook een manier waarop je ernaar kunt kijken en hoe je
ervoor kunt zorgen dat iedereen het mee kan maken en dat de middenklasse
er ook beter uitkomt. Ik weet ook niet of dat geld nou helemaal goed in
die modellen zit, maar ik denk dat 700 miljoen euro voor gezinnen aan
kinderbijslag en kindgebonden budget — dat is natuurlijk op voorspraak
van het CDA in het akkoord gekomen — hartstikke gaat helpen.
De heer Van Baarle (DENK):
€520. Dat is misschien wel het getal waar mensen in de afgelopen tijd
het meest van geschrokken zijn. Mensen schrokken al van een eigen risico
van €460 en ze lezen nu €520. De heer Paternotte zegt net: iedereen gaat
erop vooruit. Dat is echt een belediging voor al die mensen in Nederland
die er door dat eigen risico van €520, maar ook door al die andere
belastingen zoals die Trumptaks van honderden euro's per huishouden,
gewoon keihard op achteruit gaan. De armoede neemt in Nederland gewoon
toe met tienduizenden mensen. De koopkrachtgroei die mensen voorzien
hadden, pakt dit kabinet gewoon van mensen af. Dan kan de heer
Paternotte toch niet zeggen dat iedereen erop vooruitgaat? Dat is een
belediging in de richting van al die mensen die nu zien dat ze gepakt
worden in hun portemonnee.
De heer Paternotte (D66):
U haalt een aantal dingen uit een rapport van het Centraal Planbureau en
zegt vervolgens dat wat daar staat, niet klopt. Daar staat dat alle
inkomensgroepen erop vooruitgaan. Dat is het feit waar ik op antwoord.
Wat u weglaat — ik vind het best wel belangrijk dat u dat weglaat — is
het volgende. Het eigen risico verhogen is voor bijvoorbeeld chronisch
zieken heel vervelend, omdat zij dat hoe dan ook elk jaar moeten
afrekenen. Maar dat is ook waarom er 350 miljoen euro — dat is geen
klein bedrag — is vrijgemaakt om ervoor te zorgen dat chronisch zieken
en gehandicapten daarvoor gecompenseerd kunnen worden. Dat bedrag is
hoger dan je aan eigen risico kwijt zou raken. Oftewel, daarmee kunnen
we ervoor zorgen dat de mensen die dat elk jaar automatisch kwijt zijn,
daar geen last van hoeven te hebben. Ik blijf het gewoon ingewikkeld
vinden, want het eigen risico gaat ook deels omlaag, namelijk voor de
eerste en de tweede behandeling. Nu is het zo dat je in één keer meteen
€385 aftikt. Dat is de afgelopen tien jaar altijd zo geweest: één keer
naar het ziekenhuis gaan, kost meteen €385 euro. Dat is voor veel mensen
een reden om te zeggen: dan maar niet. Het eigen risico gaat omlaag voor
de eerste en tweede keer. Dan betaal je elke keer maximaal €150. Dat
betekent dat mensen niet in één keer dat eigen risico hoeven te betalen.
Dat is ook het hele verhaal.
Als je zegt dat je dat eigen risico weg wil of wil halveren ... We weten
wat er dan zal gebeuren. Dan gaat de premie omhoog en worden de
wachtlijsten langer, want we hebben de mensen niet om dat te doen in de
zorg. Laten we nuchter met elkaar kijken hoe we de zorg, die goed is in
Nederland, voor zo veel mogelijk mensen bereikbaar houden. Laten we
ervoor zorgen dat die wachtlijsten juist kleiner worden. Laten we
daarmee verstandige dingen doen.
De heer Van Baarle (DENK):
De heer Paternotte kan hier blijven herhalen dat iedereen in Nederland
erop vooruitgaat, maar dat is gewoon niet waar. Er komen tienduizenden
mensen bij in de armoede in Nederland. Dat zijn mensen die door de
plannen van dit kabinet in de ellende gestort worden, door dat eigen
risico van €520 euro en door de verhoging van de belastingen, die
Trumptaks. Als je ervoor kiest om zo veel geld uit te geven aan de
NAVO-norm en wapens, laat je mensen in Nederland letterlijk verarmen.
Als je ervoor zorgt dat 10.000 extra mensen in armoede terechtkomen, is
dat toch asociale politiek? Dat vraag ik aan de heer Paternotte. Het kan
toch niet zo zijn dat een kabinet ervoor zorgt dat er 10.000 extra
mensen in armoede bij komen?
De voorzitter:
Het woord is aan heer Paternotte, die spreekt via de voorzitter.
De heer Paternotte (D66):
Nee, dat klopt. Ik vind ook dat dat helemaal niet zou moeten gebeuren.
Ik vind dat de armoede omlaag moet en dat er juist minder mensen in
armoede zouden moeten leven. Ik vraag ook aan het kabinet om daar met
plannen voor te komen. Ik denk dat het misschien nog wel meevalt. Er is
namelijk heel snel een analyse gemaakt. Daarin staat die suggestie die
de heer van Baarle net doet. Daar is alleen niet in meegenomen dat er
juist extra geld, 150 miljoen euro, is om mensen in armoede en schulden
te helpen. Daar is niet in meegenomen dat er 350 miljoen euro is om
chronisch zieken en gehandicapten te gaan helpen met bijvoorbeeld de
kosten van het eigen risico. Dat is daar niet in meegenomen. Als je dat
er wel in meeneemt, denk ik dat de armoede in Nederland juist zou dalen.
Bovendien moeten we ervoor zorgen dat mensen beter af zijn.
Het vorige kabinet heeft fors bezuinigd op het onderwijs. Wij gaan juist
extra investeren in het onderwijs. Dat doen we bijvoorbeeld met gratis
schoolfruit op school. Ook gaan we in heel veel buurten waar ouders hun
kinderen niet zelf naar sportles, muziekles of dat soort dingen kunnen
sturen de verlengde schooldag terugbrengen. Dat wordt weer betaald en
mogelijk gemaakt met een verlengde schooldag. Zo kunnen ze zich tijdens
schooltijd in de klas richten op lezen, schrijven en rekenen, zodat ze
betere kansen krijgen. Daar gaat het ook om. Ik denk dus dat de armoede
omlaaggaat. Dat verwacht ik ook van het kabinet, zoals dat de afgelopen
tien jaar is gebeurd. Laten we nu investeren in goed onderwijs, zodat
mensen juist betere kansen krijgen.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Van Baarle (DENK):
De heer Paternotte heeft het erover dat mensen beter af zouden moeten
zijn. Eigenlijk is iedereen in Nederland slechter af door dit kabinet.
Ze zijn slechter af omdat ze als ze naar de arts gaan in totaal
misschien wel €520 moeten gaan neertellen vanwege dat eigen risico. Ze
zijn slechter af omdat we zien dat, door al die belastingen om de
NAVO-norm te betalen en wapens te kopen, de geraamde koopkrachtgroei
voor letterlijk iedereen in Nederland verdampt en wordt afgepakt. Ze
zijn slechter af volgens het Centraal Planbureau. De heer Paternotte
stond hier eerst op basis van diezelfde berekening van het Centraal
Planbureau het vorige kabinet te bekritiseren en nu deugt die berekening
opeens niet meer. Ze zijn slechter af omdat er tienduizenden mensen in
armoede bij komen.
Ik zeg tegen de heer Paternotte dat de mensen in het land er klaar mee
zijn dat politiek partijen, waaronder D66, vóór de verkiezingen beloven
dat iedereen erop vooruitgaat en de armoede daalt en na de verkiezingen
precies het tegenovergestelde doen. Ze zorgen voor meer armoede, dat
mensen in de portemonnee gepakt worden. Ik zeg tegen de heer Paternotte:
stop daarmee!
De heer Paternotte (D66):
Nee, dat is gewoon niet waar. U zegt ook: u stond de vorige periode het
kabinet te bekritiseren. Ik was woordvoerder Buitenlandse Zaken. Ik kon
het CPB daar slecht bij gebruiken. Nogmaals, ik denk dus dat u de heer
Jetten bedoelt. De heer Van Baarle zegt elke keer dat hij de
investeringen in defensie helemaal niks vindt. Maar we moeten Nederland
toch veilig houden met elkaar? We moeten Europa toch veilig houden met
elkaar? We zien toch wat er op dit moment gebeurt in de wereld? We weten
toch dat Trump niet eindeloos de betrouwbare partner gaat zijn die
Amerika in het verleden was en dat hij Europa niet eindeloos een mantel
van veiligheid gaat bieden? We zien toch dat er steeds meer aanslagen in
Europa komen en dat er steeds meer sabotage van Russische spionnen komt?
Ik snap niet hoe je kunt zeggen dat Nederland niets heeft aan
investeringen in veiligheid. Dat is de basis voor alles! Als we niet
veilig zijn, dan hebben we ook niks aan onze verzorgingsstaat. Laten we
dus investeren in defensie. Laten we ervoor zorgen dat we de
verzorgingsstaat naar de toekomst kunnen brengen. Dat kan namelijk.
De heer Dassen (Volt):
Felicitaties aan de heer Paternotte met zijn verjaardag, maar ook zeker
met het nieuwe kabinet. Het is belangrijk dat deze ploeg aan de slag
gaat, maar ook dat ze ervoor gaan zorgen dat de sterkste schouders de
zwaarste lasten dragen. Waarom? Omdat we ervoor moeten zorgen dat we als
samenleving als één geheel vooruit kunnen met elkaar. Dat is volgens mij
ook de wens van dit kabinet, van deze coalitie. Als ik de doorrekening
zie, dan voelt die voor mij toch een beetje als een omgekeerde Robin
Hood, waarbij de mensen die hard werken en een laag inkomen hebben, vrij
hard geraakt worden, terwijl de vermogens niet aangepakt worden.
De voorzitter:
En wat is uw vraag?
De heer Dassen (Volt):
Dan vraag ik toch aan de heer Paternotte: is er ruimte om daar nog eens
kritisch naar te kijken met elkaar, en te zeggen "we willen allemaal dat
werken meer gaat lonen, maar daar valt nu de rekening, terwijl vermogens
op dit moment totaal ontzien worden"? Zit daar ruimte bij de heer
Paternotte? Vindt hij ook dat we, zeker gezien de doorrekening, daar met
elkaar mee aan de slag moeten?
De heer Paternotte (D66):
Ik lees ook heel veel plannen die juist bedoeld zijn om ervoor te zorgen
dat het voor werkenden een stuk makkelijker wordt. U heeft twee
kinderen. Ik heb twee kinderen. Volgens mij weten we allebei dat dat ook
iets voor de rekening betekent, van schoolkosten tot kinderopvang tot de
wekelijkse potten pindakaas. Het helpt nogal als je dan naar bijna
gratis kinderopvang toe gaat en als je gezinnen meer gaat helpen met de
kinderbijslag. Ik denk dus dat dit het voor werkenden juist een heel
stuk beter maakt. Dat is ook belangrijk in Nederland. Dat betekent
namelijk dat in dit geval jonge ouders makkelijker aan het werk
kunnen.
De heer Dassen (Volt):
Dat zie ik natuurlijk ook. Dat is een mooie maatregel, die vorige
kabinetten ook allang hebben ingezet en die elke keer vooruit wordt
geschoven. Als ik kijk naar de doorrekening, dan zie ik juist dat vooral
de laagste inkomens hard geraakt worden. Weerbaarheid, waar het veel
over gaat vanwege de grote investeringen in defensie, is niet alleen
defensie. Het is ook zorgen dat je als samenleving als geheel
vooruitkomt, dus loskomt van het individualisme en ervoor zorgt dat
iedereen een eerlijke en rechtvaardige bijdrage levert. Als we naar de
doorrekening kijken, dan kan de heer Paternotte hier toch niet volhouden
dat het op dit moment eerlijk en rechtvaardig is? De vraag die ik heb —
dit is ook een beetje het aftasten dat vandaag moet gebeuren — is: zit
hier ergens ruimte? Is de heer Paternotte het met mij eens dat het
pakket dat nu voorligt niet eerlijk en rechtvaardig is en dat we daar
wat veranderingen in moeten doorvoeren, juist om ervoor te zorgen dat we
eventueel de vermogens wat harder kunnen aanpakken?
De heer Paternotte (D66):
Dit is waarom ik net zei dat armoede in Nederland juist zou moeten
dalen. Zit er ruimte? We hebben een coalitie met 66 zetels. Al zou ik
het een waardeloos idee vinden wat de heer Dassen hier debiteert, dan
nog is het beter dat ik er wel goed naar luister. We zullen namelijk
meerderheden moeten halen. Dat is misschien ook wel het mooie. We gaan
naar een nieuwe politieke cultuur, waarin je het samen moet doen.
Waarschijnlijk zal dat dan nooit helemaal precies zijn zoals wij het
voor ogen hadden; niet in het coalitieakkoord en ook niet in gesprekken
die ik met u zal hebben. We hebben het over koopkrachtplaatjes en
rechtvaardigheid, die superbelangrijk is, maar ik denk alleen wel dat
Nederlanders ook naar de politiek kijken met het idee van: gaan jullie
nog eens wat problemen oplossen? Daar is de afgelopen jaren namelijk
echt veel te weinig aan gebeurd. We zien dat het aantal woningen dat dit
jaar gebouwd wordt weer lager is dan vorig jaar, dat het stikstofslot
maar blijft, dat de klimaatdoelen verder uit zicht komen en dat mensen
niet het idee hebben dat een betaalbare energierekening dichterbij komt.
Daarvoor is heel veel actie nodig. Ik denk dat juist wat we allemaal
gaan doen, met een aparte staatssecretaris om de problemen op het
energienet aan te pakken, investeringen in windenergie en investeringen
in betaalbare woningen, mensen gaat helpen, omdat het ervoor zorgt dat
een betaalbaar huis en een betrouwbare energierekening dichterbij komen
en heel veel onzekerheid kan wegnemen.
De heer Dassen (Volt):
Dit is niet helemaal een antwoord op de vraag. Wat de heer Paternotte
zegt, is prima en we moeten die uitdaging zeker oplossen. Ik hoop dat
het kabinet daar vol mee aan de bak gaat, maar de vraag is natuurlijk
ook wie daar de rekening van gaat betalen. Als de rekening nu wordt
gelegd bij mensen die het inmiddels al redelijk zwaar hebben, dan kun je
je afvragen of dat de weerbaarheid is die we in de samenleving met
elkaar willen hebben en of dat rechtvaardig is.
De komende jaren wordt er 240 miljard overgeheveld van de
babyboomgeneratie naar hun kinderen en kleinkinderen. Over de
belastingvoordeeltjes van 30 miljard die dit kabinet jaarlijks uitdeelt
aan de achterban zegt iedereen dat ze niet meer doelmatig zijn. Experts
zeggen: pak die aan. Hetzelfde geldt voor de hypotheekrenteaftrek. Er
zijn zo veel andere zaken waar dit kabinet mee aan de slag zou kunnen
gaan om ervoor zorgen dat de lasten in ieder geval iets eerlijker
verdeeld worden, zodat de weerbaarheid in de samenleving niet alleen
maar vanuit het oogpunt van defensie, maar ook vanuit een financieel
oogpunt wordt aangevlogen. Daarover gaat mijn vraag aan de heer
Paternotte. Ik ben er namelijk van overtuigd dat dan ook het vertrouwen
in de politiek stijgt en dat het draagvlak voor al die andere
maatregelen die de heer Paternotte terecht noemt flink gaat stijgen.
De voorzitter:
De antwoorden mogen wat bondiger.
De heer Paternotte (D66):
Ik ben sowieso superbenieuwd naar uw voorstellen, maar als ik gewoon
kijk naar de plannen, dan zie ik hele grote hervormingen, waarvan ik
denk dat ze nodig zijn. Voor mensen met een modaal inkomen betekent de
vrijheidsbijdrage €13 à €14 per maand, zoals ik volgens mij net zei. Dat
is niet niks, maar ik denk eerlijk gezegd dat we nog veel meer moeten
kijken naar mensen die voor heel veel zaken afhankelijk zijn van hulp
van de overheid en dat we ervoor moeten zorgen dat zij dit kunnen
meemaken. Die komen in zo'n CPB-doorrekening misschien niet precies
helemaal tot hun recht, want ze zitten in een heel bijzondere situatie.
Ik denk dat onze aandacht daar het meeste naar uit zou moeten gaan. Als
je namelijk grote veranderingen inzet en de grote problemen wilt
oplossen, moet je er wel voor zorgen dat iedereen in Nederland kan
meedoen.
De voorzitter:
Afrondend, meneer Dassen. O, u bent drie keer geweest.
De heer Dassen (Volt):
De heer Paternotte heeft het erover dat we ervoor moeten zorgen dat
iedereen kan meedoen, maar dat is precies mijn punt. De heer Paternotte
… Ik hoef nog niet de opening …
De voorzitter:
Nee, nee, nee, nee, nee, nee. Ik heb u per ongeluk het woord
gegeven.
De heer Dassen (Volt):
U gaf mij nog het woord, voorzitter.
De voorzitter:
Ja, ja. Dit is uw vierde interruptie.
De heer Dassen (Volt):
Het was uw keuze om mij het woord te geven. Ik neem …
De voorzitter:
Uw punt is helder, meneer Dassen. Dank u wel.
Mevrouw De Vos (FVD):
Ik kreeg net nog niet eens het begin van een antwoord op mijn vraag, dus
ik probeer het eventjes opnieuw. De heer Paternotte beweerde net dat de
natuur afsterft en er overal bramen en brandnetels gaan groeien als je
meer stikstof hebt. Dat is gewoon niet waar. Als je op heide stikstof
hebt, dan groeit het uit tot een loofbos. Dat is een heel natuurlijk
proces. Als je de heide wil behouden, dan zal je dus iets moeten doen.
Je kan dan bijvoorbeeld een paar schapen neerzetten en dan blijft de
heide gewoon bestaan. Dat vind ik ook een prima idee. De heer Paternotte
stelt iets anders voor en daar gaat mijn vraag over. De heer Paternotte
stelt namelijk voor om stikstof te reduceren, en dan niet meer via de
kritische depositiewaarde, maar via heel vergelijkbare
emissiereductiedoelen. Zelfs als je alle economische activiteit in
Nederland stopt, dan nog haal je die doelen niet. Met andere woorden:
als je ernaar streeft om ze te halen, kun je doorgaan totdat alle
economische activiteit in Nederland verdwenen is.
De voorzitter:
En uw vraag?
Mevrouw De Vos (FVD):
Mijn vraag is of de heer Paternotte dat erkent.
De heer Paternotte (D66):
Nee. Neem stikstofoxide: de industrie en de mobiliteit zitten al op
koers om die doelen te halen. Ik ben het dus niet met mevrouw De Vos
eens.
Mevrouw De Vos (FVD):
Dan moet de heer Paternotte toch een beetje beter naar de cijfers
kijken, want als je de kritische depositiewaardes wilt halen, blijkt
alleen al de bijdrage uit het buitenland hoger te zijn dan de doelen.
Linksom of rechtsom, je kunt die doelen dus niet halen.
De heer Paternotte (D66):
Dit is op zich ook waarom het beter is om, als het juridisch houdbaar te
maken valt, naar emissiesturing toe te gaan. Dan kun je immers kijken
naar wat een bedrijf uitstoot, naar hoe de Afrekenbare Stoffenbalans er
precies uitziet. Daar kun je vervolgens op sturen. Wat de kritische
depositiewaarde betreft: we hebben nu geen ander instrument om te kunnen
sturen op het voorkomen dat de natuur kapotgaat. Het is inderdaad geen
volmaakt instrument. Je weet immers niet precies waar de depositie
vandaan komt. Rondom grote natuurgebieden met heel veel intensieve
veehouderijen heb je heus wel een beeld, net zo goed als dat je ziet dat
er meer longontstekingen zijn in de buurt van grote geitenhouderijen;
het RIVM kan daar echt wel een verband zien. Maar het allerbeste is
natuurlijk sturen op wat er precies uit een stal of uit een schoorsteen
komt en vervolgens ervoor zorgen dat de emissies omlaaggaan.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw De Vos (FVD):
Ja, maar als je die emissie afleidt uit de kritische depositiewaarde,
dan krijg je uiteindelijk hetzelfde resultaat. Ik zou de heer Paternotte
op het hart willen drukken om eerlijk te zijn. Dat er hier zo om de
vraag heen wordt gedraaid, zegt volgens mij heel veel over de intenties
van dit kabinet.
De heer Paternotte (D66):
Ik ben het niet eens met de recensie van mevrouw De Vos.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik wil graag aan de heer Paternotte vragen wat volgens hem de lengte
moet zijn van de wachtlijsten en wachttijden voor een betaalbare sociale
huurwoning aan het einde van deze regeerperiode.
De heer Paternotte (D66):
Dat verschilt gigantisch. Ik heb een aantal jaren geleden met de SP in
Amsterdam een coalitie mogen sluiten, waar ik nog steeds met veel
plezier op terugkijk. Dat geldt geloof ik ook voor de heer Van der Burg.
Waar zit hij eigenlijk? Ah, daar is hij. Toen wilden we er met elkaar
voor zorgen dat er veel meer woningen kwamen, niet alleen sociale
huurwoningen en betaalbare koopwoningen. We hebben met elkaar
bouwrecords kunnen halen. Ondanks de bouwrecords die we haalden, bleven
de wachtlijsten toch behoorlijk lang. Ze zijn iets korter geworden, maar
ze bleven behoorlijk lang, omdat er ook zo'n gigantische vraag is. De
woningnood is nu echt ongelofelijk hoog. Volgens mij moeten we in de
komende tien jaar met elkaar 1 miljoen woningen bouwen. Dat zijn er
100.000 per jaar. Ik wil die wachtlijst heel graag omlaag hebben, maar
ik denk niet dat we hier beloftes moeten doen waarvan je niet zeker weet
of je die kan waarmaken.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Dit is gewoon niet een begin van een antwoord; het zijn leuke
weg-manoeuvreerbeweginkjes over coalities in Amsterdam. Het gaat hier
over een van de belangrijkste verkiezingsonderwerpen van de afgelopen
periode, namelijk het tekort aan betaalbare woningen voor mensen en
jonge mensen, die lang thuis blijven wonen. Als je kijkt naar het beleid
en de plannen van dit kabinet, dan kun je voorspellen dat die
wachtlijsten gaan oplopen. U maakt van de woningmarkt namelijk nog veel
meer een markt. U verkoopt sociale huurwoningen. U laat de huren
stijgen. De Wet betaalbare huur is van tafel. De huisjesmelkers krijgen
vrij spel.
De heer Paternotte (D66):
Nee.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Als de heer Paternotte "nee' zegt, stel ik hem nogmaals de vraag wat het
op dit moment voor een woningzoekende betekent die in een van de grote
steden een betaalbare sociale huurwoning zoekt en nu zeven tot tien jaar
op een wachtlijst staat. Wat betekent dit aan het einde van deze periode
voor die wachtlijst? Hoeveel jaar is het dan? Is het dan een jaar, twee
jaar, drie jaar of nog steeds tien jaar?
De heer Paternotte (D66):
We moeten feitenvrije politiek echt aan deze kant van de zaal houden. De
Wet betaalbare huur blijft gewoon. Die is inderdaad ook ongelofelijk
belangrijk om ervoor te zorgen dat er geen woekerwinsten kunnen worden
gemaakt met de verhuur van behoorlijk kleine woningen die we daarom in
een gereguleerd segment houden. Dat geldt ook voor de Wet versterking
regie volkshuisvesting, die bedoeld is om ervoor te zorgen dat we
voldoende betaalbare sociale huurwoningen, maar ook betaalbare
koopwoningen gaan bouwen en dat de betaalbaarheid altijd vooropstaat bij
bouwprojecten.
U wilt een antwoord op een vraag over een wachtlijst voor sociale
huurwoningen, terwijl we allebei hartstikke goed weten dat die
wachtlijsten in Groningen, Amsterdam of een andere plaats in Nederland
gigantisch verschillen. Het gaat mij erom dat we meer gaan bouwen. Er
wordt dit jaar weer minder gebouwd dan vorig jaar. Dat betekent dat we
met elkaar echt wat te doen hebben om die bouw weer los te trekken. Er
staat een hele trits aan maatregelen in het akkoord om dat te doen. Denk
aan het gelijktrekken van al die regels in heel veel gemeenten,
Nederland van het stikstofslot halen, en zorgen dat er niet eindeloos
doorgeprocedeerd wordt, zodat de bouw niet wordt stilgelegd en die
gewoon doorgaat. Ik ben ervan overtuigd dat, als we daar vol voor gaan
en we daar elke dag hard aan werken, er dan meer gebouwd en dus ook meer
betaalbaar gebouwd wordt. Dan komt er dus ook voor meer mensen een
betaalbare woning binnen handbereik.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Jimmy Dijk (SP):
U kunt daar graag van overtuigd willen zijn en heel vaak willen herhalen
dat er betaalbare huurwoningen komen, maar ik hoor nog niet een begin
van een antwoord. Kijk naar de maatregelen die genomen worden: sociale
huurwoningen worden verkocht en de huren worden verhoogd. De wooncrisis
is een betaalbaarheidscrisis. Over al die plekken, of het nou steden of
dorpen zijn, waar mensen betaalbare sociale huurwoningen zoeken, geeft u
geen enkel antwoord. U zegt niet: we gaan ervoor zorgen dat die
wachtlijsten deze kabinetsperiode verkort gaan worden. U kan er niet
eens een antwoord op geven, terwijl de wachttijd op heel plekken nu tot
tien jaar is. Wat hebben die woningzoekenden op dit moment aan uw
antwoord op dé vraag over hét verkiezingsonderwerp, namelijk dat er meer
betaalbare huurwoningen moeten komen voor mensen die nu op een
wachtlijst staan en woningzoekend zijn? Tot nu toe heeft u hier geen
enkel concreet antwoord op gegeven en heeft een woningzoekende daar dus
helemaal niets aan gehad.
De heer Paternotte (D66):
Ik denk dat we die wachtlijsten korter kunnen maken doordat we veel meer
gaan bouwen en zorgen dat er veel meer betaalbare woningen beschikbaar
komen. Daar ben ik echt van overtuigd. Ik hoop dat we daar ook op kunnen
gaan samenwerken, zoals in Amsterdam. We hebben dat niet voor niks
gedaan in het verleden. Ik hoop dat de SP die rol ook pakt en niet
alleen tegen dingen gaat zijn. Als u vraagt welke wachtlijst er precies
is aan het einde van de kabinetsperiode: we moeten vooral heel veel gaan
bouwen. Dan denk ik dat die wachtlijsten korter worden.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Een overtuiging is iets anders dan uiteindelijk concrete voorstellen en
argumenten …
De voorzitter:
Meneer Dijk.
De heer Jimmy Dijk (SP):
… en die heb ik niet gehoord.
De voorzitter:
Meneer Dijk, u kríjgt het woord; u néémt het woord niet. Meneer
Stoffer.
De heer Stoffer (SGP):
Voorzitter, dank voor het woord.
(Hilariteit)
De heer Stoffer (SGP):
Ik dacht: dat is de nieuwe politieke cultuur.
De voorzitter:
U deed het al.
De heer Stoffer (SGP):
Voorzitter. Een ander onderwerp: medische ethiek. Ik denk dat dat iets
is wat D66 en de SGP het meest van elkaar scheidt. Wat ik de afgelopen
jaren heb gezien — de heer Paternotte heeft dat ook in persoon gedaan —
is dat D66 heel hard heeft gelopen om de abortuswetgeving te verruimen.
Dat is gelukt. De beraadtermijn is uit de wet gehaald en ook is de
abortuspil bij de huisarts verkrijgbaar. Wat we tegelijkertijd zien, is
dat het aantal abortussen in die jaren is gestegen van 30.000 naar bijna
40.000. Mijn vraag aan de heer Paternotte is: hoe kijkt hij naar deze
getallen? Erkent hij — volgens mij doet hij dat — dat er daardoor heel
veel levens in de knop gebroken worden?
De heer Paternotte (D66):
Ik denk dat de heer Stoffer gelijk heeft dat wij op het gebied van
medische ethiek heel vaak op deze manier tegenover elkaar stonden, ook
onlangs nog, toen ik zelf mijn initiatiefvoorstel rondom de Embryowet
verdedigde. We doen dat wel altijd met heel veel begrip voor het feit
dat het gaat om hele diepe overtuigingen en dat die waardevol zijn. Als
het gaat om de abortuswetgeving: ik zag het zelf niet als een
verruiming, maar als een manier om meer autonomie te geven aan de artsen
en aan vrouwen in een noodsituatie om samen een gesprek te voeren. Het
ging namelijk om die vijf dagen verplichte bedenktijd. Wij vonden dat
het opleggen van een verplichte bedenktijd, ongeacht welke
omstandigheden er zijn die maken dat een vrouw zegt "ik denk dat een
abortus nodig is", niet bij de rol van de overheid hoort. Arts en vrouw
kunnen samen beslissen of er een bedenktijd nodig is en hoelang die dan
zou moeten zijn. Ik ben er blij mee dat abortus in Nederland mogelijk en
legaal is. Ik ben er ook blij mee dat het aantal abortussen in Nederland
al heel lang behoorlijk laag ligt als je kijkt naar Europa. U benoemt de
afgelopen twee jaren. Volgens mij is er in de afgelopen jaren niet zo'n
ontwikkeling geweest. In de afgelopen twintig jaar is het ongeveer
gelijk gebleven. Het is, denk ik, het allerbeste dat we goede zorg
bieden voor vrouwen in een noodsituatie en dat we als overheid niet zelf
die keuze voor de mensen gaan maken.
De heer Stoffer (SGP):
Ik gaf juist aan dat D66 de afgelopen jaren behoorlijk wat bereikt
heeft. Vanuit ons perspectief ging dat de verkeerde kant op,
bijvoorbeeld wat betreft abortuswetgeving. De getallen zou de heer
Paternotte wellicht nog eens even na kunnen kijken, want er is in de
afgelopen drie jaar echt een stijging geweest van 30.000 naar 40.000.
Misschien zouden we elkaar in het volgende kunnen bereiken. In het
akkoord van Rutte IV werd eigenlijk gekeken of in ieder geval de
praktische gevolgen konden worden weggenomen en of het aantal naar
beneden kon worden gehaald. Dat mis ik in dit akkoord. Mijn vraag is
eigenlijk: staat de heer Paternotte open voor datgene wat in het akkoord
van Rutte IV stond? D66 maakte daar ook onderdeel van uit. Ik denk dat
de ChristenUnie daar een goede rol in heeft gespeeld. Is hij bereid om
te kijken of we dat soort maatregelen om de aantallen terug te brengen
wellicht opnieuw vorm kunnen geven?
De heer Paternotte (D66):
Ik sta er sowieso voor open om naar alles goed te kijken. Ik blijf het
altijd ongemakkelijk vinden, maar je ontkomt daar ook niet aan als je
dit hier als twee mannen even met elkaar staat te bespreken. Aan welke
maatregelen denkt de heer Stoffer dan concreet?
De voorzitter:
Afrondend, meneer Stoffer.
De heer Stoffer (SGP):
Ik heb heel veel maatregelen in gedachten, maar volgens mij, als ik het
juist heb, met al die jaren dat ik hier zit, worden de vragen altijd de
andere kant op gesteld. Ik zou hier echter graag met de heer Paternotte
over willen spreken. Mijn vraag is: is de bereidheid er om dat te doen?
We hebben hier in het parlement de wetten verruimd. Je ziet dat de
gevolgen zijn dat het aantal abortussen in de afgelopen jaren met 10.000
is toegenomen, 25% extra. Dat moet ons beiden volgens mij pijn doen. Of
je nu man bent of vrouw: dat maakt volgens mij niet uit. We zijn ook
beiden vaders. Mijn vraag is: staat de heer Paternotte ervoor open om
samen het gesprek aan te gaan om te kijken wat we hier zouden kunnen
doen? In Rutte IV lag er op zich op papier een goed voorstel, maar het
is niet uitgewerkt. Mijn vraag is: zouden we daar misschien toch met
elkaar een vervolg aan kunnen geven?
De heer Paternotte (D66):
Wat ik goed vond aan Rutte IV ... We hebben daarin ook lang tegenover de
ChristenUnie gestaan. Uiteindelijk hebben we gezegd: er zijn meerdere
dingen die heel erg kunnen helpen. Dat zijn de concrete maatregelen die
de heer Stoffer net noemde, maar bijvoorbeeld ook de pil in het
basispakket, zorgen dat die voor iedereen tot 21 jaar weer toegankelijk
is, anticonceptie breed beschikbaar maken en zorgen dat iedereen weet
waar je die kan krijgen. Daar op een open manier met elkaar mee omgaan
is de beste manier om te zorgen dat je ongewenste zwangerschappen
voorkomt en dat je, met respect voor de situatie van een vrouw in een
noodsituatie, de keuze wel bij haar kan laten. Als u daar voorstellen
voor doet, ga ik daar zeker aandachtig naar kijken.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Ik heb de heer Paternotte gemist als fractievoorzitter. Het is een genot
om hem hier terug te zien. Veel succes in de komende periode.
Ik heb goed de interrupties zitten beluisteren. Ze gaan veel kanten op,
maar ik zie ook een rode draad. Die rode draad is volgens mij dat er van
links tot rechts grote kritiek is op wie de rekening van dit kabinet
betaalt. Die rekening wordt te eenzijdig neergelegd bij werkenden. Dat
wordt gezegd omdat er wordt bezuinigd op de zorg en omdat het daarmee
terechtkomt bij de burgers in het land, bij hele gewone mensen, maar ook
vanwege bijvoorbeeld de vrijheidsbijdrage, de Bontenbalbelasting, die
gewoon via de inkomstenbelasting wordt opgehaald. De heer Paternotte
heeft het de hele tijd over een nieuwe cultuur en over wat er nodig is,
maar met de manier waarop hij reageert, is het toch een beetje alsof
hier de fractievoorzitter staat van de grootste partij van een
meerderheidscoalitie. Dat is volgens mij niet het geval. Ook hier is dus
de vraag aan de heer Paternotte: vindt u de plannen die er nu liggen
eerlijk en bent u bereid deze aan te passen?
De heer Paternotte (D66):
Ik heb net volgens mij drie alinea's uitgesproken, los van wat
dienstmededelingen, maar ik sta hier vervolgens al een uur interrupties
te beantwoorden, dus in die zin is het ook heel traditioneel, inderdaad
als bij een meerderheidskabinet. Misschien moeten we daar in die zin dus
ook nog iets aan doen met elkaar. Ik wilde namelijk benoemen dat ik zie
wat de heer Klaver net heeft gedaan. Hij heeft net een aantal kritische
noten geplaatst. Die heb ik heel goed gehoord. Ik denk dat het ook heel
belangrijk is voor het kabinet om die te horen, want het zal u
waarschijnlijk vaak nodig hebben. Ik heb echter ook gehoord dat u zegt:
"Ik wil samenwerken. Ik ga moeilijke keuzes niet uit de weg. Ik snap wel
dat er iets moet veranderen in de zorg." U heeft eerder ook gezegd: ik
wil grote akkoorden sluiten. Dat vind ik heel positief. Ik hoop eerlijk
gezegd ook dat ik er iets aan kan bijdragen dat we wat kunnen doen met
die uitgestoken hand van u. Dat zal hard nodig zijn. Ik ben ook heel
benieuwd hoe u dat concreet voor u ziet ten aanzien van akkoorden die je
kan gaan sluiten om te zorgen dat je niet incidenteel — u noemde dat
volgens mij "van week tot week" — maar echt voor de langere termijn aan
de slag gaat. Sommige van de interrupties die ik nu heb gehoord vond ik
beter dan andere, maar ik weet dat ik ze toch allemaal serieus zal
moeten nemen, want we hebben 66 zetels. Dat is een mooi aantal, maar het
is duidelijk geen meerderheid. Voor alles wat in het akkoord staat,
zullen we partners moeten vinden en mensen moeten overtuigen; ik hoop
ook u af en toe.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
De heer Paternotte en ik hebben ver, ver voordat wij hier samen in de
Kamer kwamen … Toen was de heer Paternotte nog heel jong …
De heer Paternotte (D66):
Heel ver daarvoor.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Heel ver daarvoor. Toen hebben wij heel veel debatten gevoerd. De heer
Paternotte is echt een perfecte debater. Dat laat hij hier nu ook weer
zien door volstrekt niet in te gaan op de vraag die ik stelde en door
vooral ook mij te recenseren en allerlei vragen aan mij te stellen die
hij had kunnen stellen in mijn termijn. Maar nu zijn de rollen
omgedraaid. Nu stel ik de vragen aan u. Ik richt mij op één heel
specifiek punt. Het gaat er niet om dat u bereid bent op heel veel
onderwerpen afspraken te maken; allemaal tot uw dienst. Heel specifiek
gaat het erom dat wij ons allemaal zorgen maken over wat er hier
gebeurt, over wat er gebeurt met de belastingen die omhooggaan voor de
middeninkomens in dit land. Het is niet alleen een wens van ons. Dat
leeft hier breed in de oppositie. Ik vraag u gewoon op de man af: bent u
bereid om de plannen — om het heel concreet te maken: het gaat om de
vrijheidsbelasting zoals die nu is vormgegeven — te veranderen? Staat u
open voor alternatieven?
De heer Paternotte (D66):
Natuurlijk. Wij hebben echt niet de luxe om te zeggen: nee, het moet op
deze manier. Dan kom je helemaal nergens. Zoals ik al zei: we hebben 66
zetels. Ik ben dus absoluut benieuwd naar uw alternatieven. Maar ik denk
dat dit debat er ook voor is om even uit te leggen waarom ik denk dat
het voorstel dat nu is gedaan, wel verstandig is en waarom ik het
logisch vind dat het kabinet eerst even — ze zitten er net twee dagen —
aan de slag gaat om de voorstellen uit te werken en daarover te praten
met alle Kamerleden. Er wordt veel gegrapt over koppen koffie die er
gedronken moeten worden. Er moet volgens mij vooral veel gaan
gebeuren.
Ik vind het fijn dat u het nu de "vrijheidsbijdrage" noemt.
"Bontenbalbelasting" vind ik ook weer zo'n gekke term, die we volgens
mij allebei niet zouden moeten gebruiken, want dat is zo'n typisch
politiek etiket. Maar als ik naar de plannen van het kabinet kijk, dan
is dat iets wat in de … Ik wacht even tot de heer Klaver klaar is met
zijn gesprek met de heer Bontenbal. Ik zei het net al: als ik naar de
plannen van het kabinet kijk voor de vrijheidsbijdrage, dan gaat die Jan
Modaal per maand zo'n €13 à €14 kosten. Een Netflixabonnement, dat u
ongetwijfeld ook heeft voor de kinderen, kost een stukje meer dan dat.
Ik vind dat we meer aandacht moeten hebben voor wat de hervormingen in
de zorg en de sociale zekerheid betekenen voor de mensen voor wie er een
stapeling is, waardoor er bij hen echt een ander verschil per maand zal
zijn dan met alleen de vrijheidsbijdrage. Inderdaad, we waren de
afgelopen jaren allebei geen fractievoorzitter, maar we hebben allebei
heel erg goed gezien, ook bij een bezoek aan Oekraïne, waarom het heel
hard nodig is dat we met elkaar een bijdrage leveren om onze defensie
sterker te maken.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Ik vind dit echt makkelijk. Het neigt bijna een beetje naar dedain om te
zeggen: weet je wat een Netflixabonnement kost? Dat weet ik toevallig.
Als je voor meerdere schermen een Netflixabonnement wil, kost dat €21.
Wat mensen de komende jaren aan extra belasting moeten gaan betalen,
loopt in de honderden euro's. Dat was precies het punt dat ik in mijn
bijdrage maakte. Voor u, voor mij of voor mensen hier in deze zaal
geldt: een Netflixabonnement meer of minder, wat maakt het uit? Maar er
zijn verdorie te veel mensen in dit land voor wie het wel uitmaakt, die
dat abonnement überhaupt niet kunnen betalen, die er alleen maar van
kunnen dromen dat ze dat abonnement hebben, die de boodschappen niet
kunnen betalen. Juist voor al die mensen gaan de belastingen met
honderden euro's omhoog.
Het allerergste — dat is het centrale punt — is: zelfs deze mensen zijn
bereid om een bijdrage te leveren, maar als je vervolgens ziet dat er
van de meest vermogende mensen in dit land en van de grote bedrijven
niet iets extra's wordt gevraagd, dan knelt dat. Dat is niet eerlijk.
Dat draagt niet bij aan het vertrouwen in deze samenleving. Maar ik tel
ook mijn zegeningen na dit debat, want de heer Paternotte zei net heel
duidelijk: wij zijn bereid om die belasting aan te passen; wij zijn
bereid om te kijken naar de alternatieven waar u mee zal komen. Dat
zullen we dan ook doen. Dat betekent dat er ruimte is — dat is goed
nieuws — om ervoor te zorgen dat deze belasting voor al die mensen in
Nederland niet doorgaat, want op deze manier ondergraven we echt het
vertrouwen van mensen in de politiek.
De heer Paternotte (D66):
Laten we wel goed samenvatten. We zijn bereid om te kijken naar alle
goede voorstellen, maar ik vind dat u bijvoorbeeld geen recht doet aan
het feit dat wij iets doen met bijna gratis kinderopvang of 700 miljoen
euro extra investeren in gezinnen. Inderdaad, als je vier kinderen hebt,
dan kan ik me voorstellen dat je misschien wel twee Netflix-abonnementen
nodig hebt. Maar wij doen juist alles om ervoor te zorgen dat heel veel
andere dingen en andere kosten — kinderopvang, schoolkosten, een
energierekening die hoger is, nieuwe kleren die je moet kopen— voor de
mensen een stuk betaalbaarder worden. Dat moet u er dan ook bij
vertellen. Dat zijn allemaal extra investeringen die we juist doen om
mensen te helpen.
De heer Eerdmans (JA21):
Ik heb altijd de neiging om te wachten tot een bijdrage voorbij is
voordat ik vragen stel, maar nu is het na drie alinea's al raak. Ik denk
dat de kans groot is dat ik zo meteen weer in de wachtrij sta als ik nu
mijn moment niet pak. Daarom nu mijn vraag. JA21 ziet de uitdaging waar
het kabinet voor staat. Dat hebben we al eerder gezegd. Mijn vraag aan
D66 is: zijn jullie bereid om ook buiten de eigen totempalen — ik noem
maar het klimaatbeleid en het asielbeleid — te denken? Durven jullie dat
lef te tonen en de nieuwe politieke cultuur te laten zien als JA21 zegt
dat we best willen praten over een aantal belangrijke uitdagingen waar
dit kabinet voor staat, maar dat daar misschien ook op die terreinen wat
voor terug moet komen? Hoe kijkt D66 daarnaar?
De heer Paternotte (D66):
Dit is de eerste keer dat u asielbeleid een D66-totempaal noemt. U stelt
de vraag in abstracte zin, denk ik. Ja, natuurlijk zijn wij daartoe
bereid, maar ik weet niet precies wat de vervolgvraag wordt. Ik wacht
dus graag even af wat de vervolgvraag is voordat ik verder antwoord.
De heer Eerdmans (JA21):
In debatten over asiel wordt vaak rond de totempaal gedanst, en dan was
er heel vaak een "nee". Het maakte niet uit welke woordvoerder het was
of welke minister er zat, maar er was vaak een moeilijker houding van
D66 om daar iets aan te doen. Mijn punt is dit. De heer Jetten heeft in
zijn rol als campagneman, lijsttrekker van D66, vrij duidelijke
uitspraken over migratie gedaan: het systeem is stuk; we moeten
misschien naar een Canadees model; we moeten het heft in eigen handen
nemen op asiel en migratie. Dat is heel duidelijke taal. Ik denk ook dat
dit wel een bonus heeft gegeven. De heer Jetten, de premier, heeft ook
gelijk als hij zegt: in deze coalitie hebben wij met meer stemmen en
kiezers te maken en niet alleen met degenen die op deze drie partijen
hebben gestemd.
De voorzitter:
En uw vraag?
De heer Eerdmans (JA21):
JA21 is zo'n partij die opkomt voor mensen die zeggen: het is te veel;
asiel moet omlaag; de migratie moet worden ingedamd.
De voorzitter:
Uw vraag.
De heer Eerdmans (JA21):
De vraag is: kunnen we daarover praten? Of zegt D66: nee, daar zetten
wij een hek omheen; we gaan het niet hebben over een asielbeleid dat nog
strenger is dan het beleid dat het kabinet nu voorstelt?
De heer Paternotte (D66):
Ik denk dat wij echt iets heel goeds hebben neergelegd. Dat is mijn
uitgangspunt. Het maakt de asielprocedure immers veel simpeler en het
beperkt de instroom. Wij investeren in een streng Europees asielbeleid.
Wij gaan er ook voor zorgen dat de asielopvang op orde komt, zodat
kinderen niet meer door het hele land worden gesleept en we mensen niet
in cruiseschepen en hotels moeten opvangen en vervolgens weer naar de
andere kant van het land moeten verslepen. We zorgen er ook voor dat
mensen veel sneller mee gaan doen, vanaf dag één de taal gaan leren en
na drie maanden al aan het werk kunnen, zodat velen van hen later niet
van een uitkering afhankelijk worden. Volgens mij zijn dat allemaal heel
goede stappen, waarbij wij elkaar misschien wel kunnen vinden. Als u
verder andere concrete voorstellen heeft … Ja, natuurlijk ben ik in
alles geïnteresseerd. Wij hebben nota bene samen ooit een monsterverbond
gesloten voor het onderwijs. U stond toen zelfs samen met mij op het
Malieveld. Daarna konden we ervoor zorgen dat de bezuinigingen op
onderwijs in ieder geval een stuk minder werden. Het kabinet stelt nu
voor om die helemaal van tafel te halen. Dus ja, volgens mij hebben wij
laten zien dat wij ondanks de enorme verschillen tussen onze partijen
kunnen samenwerken.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Eerdmans (JA21):
Dit heel erg brede en een beetje ontwijkende antwoord ga ik maar
interpreteren als: ja, daar valt wel over te praten. In het
coalitieakkoord staat de zin: het kabinet zal pas ingrijpen als de druk
te groot wordt. Zo staat het er ongeveer. Wij zien dat de gemiddelde
wachttijd voor één asielaanvraag intussen 95 weken is. Dat is bijna twee
jaar. Hoezo is de druk niet groot genoeg? Er liggen inderdaad mensen in
het gras of in sporthallen. Ze verblijven in cruiseschepen. Het is dus
al te veel. De vraag is in een vorig debat al gesteld door mijn collega
Nanninga: wanneer is die grens dan bereikt? Mij gaat het erom of er voor
JA21 ruimte is om op dit thema aanscherpingen te maken.
De heer Paternotte (D66):
Die wachttijd is nu inderdaad veel en veel te lang. Precies dat is de
reden dat wij flink gaan investeren in de Immigratie- en
Naturalisatiedienst, zodat die wachttijd veel korter kan worden. Dat
moet ook, want het Europees Migratiepact gaat deze zomer van start. Dan
krijgen we eindelijk een Europees asielbeleid. Dan moet het ook allemaal
veel sneller gaan, volgens mij binnen twaalf weken. Ik wilde eigenlijk
nog veel meer antwoorden gaan geven, maar …
De voorzitter:
Wilt u een beetje beknopter antwoorden? U heeft nog 22 minuten
spreektijd.
De heer Paternotte (D66):
Nou, dan wil ik daar best een deel van gebruiken om de heer Eerdmans
gewoon een fatsoenlijk antwoord te geven op zijn vraag.
De voorzitter:
Dan tellen we door, oké.
De heer Paternotte (D66):
Ga uw gang. Dat moet helemaal goed komen. Het is uw vergadering,
voorzitter. Ik ben slechts uw nederige dienaar daarin.
Maar we gaan dus allerlei dingen doen, juist om ervoor te zorgen dat het
sneller gaat. We zien al dat de instroom van de eerste asielaanvraag in
Nederland best hard gedaald is, en als we er straks voor zorgen dat die
aanvragen aan de Europese buitengrens worden behandeld ... Daaraan
moeten wij dan ook gaan bijdragen, zodat daar ook een menswaardige
opvang is. Maar dat betekent dan ook dat de asielprocedure sneller
doorlopen kan worden, dat er überhaupt minder mensen in Nederland asiel
aanvragen. Dus ik denk dat het kan.
De heer Struijs (50PLUS):
Ik begin me toch een beetje af te vragen of de heer Paternotte met zijn
fractievoorzitterschap een jongerenbeweging is begonnen, als tegenwicht
voor 50PLUS. Het woord "ouderen" komt maar niet over zijn lippen, en die
zijn echt in de knel komen te zitten door dit regeringsbeleid. Wij zijn
voor een pact tussen jongeren en ouderen. Wat we nu zien, is dat de
ouderen niet alleen in de knel komen qua zorg, waar de heer Wilders al
zo terecht op wees en wat echt schrijnend aan het worden is. Ik hoor te
weinig van de heer Paternotte en van de regering dat de bijna 4 miljoen
AOW'ers en de bijna 5,5 miljoen 50-plussers de ruggengraat zijn van onze
democratie. Zij plegen vrijwilligerswerk, zij zijn mantelzorgers,
oppasmoeders, noem allemaal maar op. Ik vraag me echt af of er bij de
heer Paternotte ruimte is om voor al die ouderen die in de knel zijn
gekomen, aanpassingen te doen. Het is te schrijnend voor woorden wat er
momenteel gebeurt. En mijn tweede vraag is: is D66 überhaupt bereid om
dat generatiepact wat meer body te geven?
De heer Paternotte (D66):
Ik wilde daar ook zeker nog wat over zeggen, al was het maar vanwege die
jongerenbeweging. Ik ben morgen jarig, en daarna ben ik al vrij snel
zelf 50-plus — maar dan niet per se een kiezer van de heer Struijs. Maar
er is alle reden om ook wat dat betreft naar de toekomst te kijken. U
heeft helemaal gelijk: zo veel ouderen die mantelzorg verlenen of op
kinderen passen, of in veel gevallen zelfs allebei doen, die mede de
ruggengraat vormen van onze samenleving, en dat je daarom niet moet doen
alsof pensioen betekent dat mensen dan alleen maar hoeven te genieten
van alle rust die ze dan hebben, maar in heel veel gevallen continu
bezig zijn. Dat ben ik volledig met u eens. Dus een generatiepact ...
Ja, we moeten het in Nederland samen doen. Dus het klinkt voor mij heel
erg mooi om dat op een manier te doen die juist generaties verbindt en
niet tegenover elkaar zet. En als ik het over de AOW heb, dan is dat
natuurlijk omdat dat een ongelofelijk belangrijke voorziening is die we
in Nederland hebben gebouwd en die heeft gemaakt dat hier een
beschaafde, leefbare oude dag voor iedereen binnen handbereik ligt. Ik
ben er trots op dat we dat hebben. Maar juist omdat we dat willen
behouden, moet je er soms ook iets aan veranderen, zoals we in het
verleden hebben gedaan en zoals we nu inderdaad ook voorstellen om voor
de toekomst te doen.
De heer Struijs (50PLUS):
Ik ben niet helemaal tevreden over dat antwoord, omdat het met name bij
de AOW zo'n uitzichtloosheid geeft voor 24-jarige verpleegkundigen en
politiemensen om daarvoor tot ver na je 70'ste door te moeten werken.
Die uitzichtloosheid doet wat met mensen. En ten tweede ... Maar goed,
laat ik optimistisch eindigen. Ik voel wel ruimte voor dat er
aanpassingen kunnen worden gemaakt als het gaat om de ouderenzorg. Dat
is voor ons een heel zwaar punt, evenals de verhoging van de AOW.
De heer Paternotte (D66):
Dat snap ik heel goed. Ik ben blij met de manier waarop de heer Struijs
de afgelopen tijd steeds in de debatten heeft gezegd: ik zit hier om
dingen beter te maken, voor mijn achterban, maar ook voor Nederland. Dat
is volgens mij de manier waarop we elkaar kunnen gaan vinden. Ik snap
dan ook dat hij niet meteen staat te juichen bij elk voorstel dat uit de
coalitie komt, maar daar ga ik heel graag met hem over in gesprek.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Voor de ChristenUnie is het altijd belangrijk om te kijken wat een
regeerakkoord doet met de samenleving; welke mensvisie zit daarin, welke
samenlevingsvisie en welke overheidsvisie? Mijn vraag gaat nu over de
mensvisie. Het gaat tussen D66 en de ChristenUnie natuurlijk weleens
over medische ethiek. Daarbij denk je dan vaak aan het begin en aan het
eind van het leven. Maar volgens mij gaat het dan eigenlijk over het
gehele leven; dat is helemaal een groot geschenk, en daar heb je goed
mee om te gaan. Als ik dan naar dit regeerakkoord kijk, dan is er één
plek waarvan ik denk: dit steekt nou net even teveel, hier zijn mensen
verliezers die dat niet zouden moeten zijn. Ik denk dan aan de
bezuinigingen in de gehandicaptenzorg. Heeft collega Paternotte de grote
zorgen gezien die in deze sector leven? Hoe beoordeelt hij de
bezuinigingen die gekozen zijn, die oplopen tot een half miljard en voor
deze mensen, de meest kwetsbaren, veel te grote gevolgen hebben?
De heer Paternotte (D66):
Ja, die heb ik zeker gezien. Ik snap de zorgen daarover ook heel erg.
Ook in de langdurige zorg, waaronder de gehandicaptenzorg, geldt
natuurlijk dat we elk jaar een flink extra bedrag uittrekken, omdat het
steeds moeilijker is om voldoende mensen te vinden om daar te laten
werken. Ik denk dus dat het kabinet ook daar een opdracht heeft om
ervoor te zorgen dat je dat in de toekomst betaalbaar houdt en het
daarmee ook toegankelijk houdt voor de mensen die het nodig hebben. Dat
gehandicapten zorg nodig hebben in ons land, staat buiten kijf. Dat die
er moet zijn, is voor mij ook geen discussiepunt. Ik snap de zorgen dus
inderdaad. Ik denk dat het een belangrijke opdracht voor het kabinet is
om mee aan de slag te gaan.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Sorry, maar dat vind ik te vaag. Eigenlijk horen we dan namelijk opnieuw
dat het kabinet aan de slag gaat. Er staat 990 miljoen structureel in de
boeken om op te halen bij de wet die over deze zorg gaat. Dan moet het
opgehaald worden bij ouderenzorg en gehandicaptenzorg. Mijn beeld is het
volgende. Bij de eerdere bezuinigingen die in gang zijn gezet en die
zich opstapelen, is er nooit doordacht welke gevolgen dit heeft voor de
gehandicaptenzorg. Kan de heer Paternotte een stap concreter worden? Wil
hij inderdaad dat de bezuinigingen op de gehandicaptenzorg zo doorgaan,
of zegt hij: nee, dat is toch echt te veel?
De heer Paternotte (D66):
Ik ga niet ineens een gat schieten in de neergelegde plannen. Wat ik wel
zie, is dat er vanuit de sector zorgen zijn. Dan gaat het inderdaad om
ouderenzorg, gehandicaptenzorg en ook een deel geestelijke
gezondheidszorg. Het is natuurlijk de bedoeling om met de sector een
akkoord te gaan sluiten, zodat je langjarige zekerheid hebt over welke
financiering er is en hoe je dat op een goede manier met elkaar kan gaan
organiseren. Zoals ik op een gegeven moment al heb genoemd, zijn we elk
jaar meer geld kwijt aan zorg. Ook aan het einde van deze
kabinetsperiode, zelfs als alle plannen van de coalitie een-op-een
worden doorgevoerd, geven we per jaar 6,5 miljard euro meer uit aan
zorg. Dat is zo'n €700, €800 per Nederlander, terwijl we ondertussen
zien dat het steeds moeilijker is om de mensen te vinden die we nodig
hebben om die zorg te kunnen bieden. Dan moet je wel bereid zijn om iets
te veranderen. Maar dat moet inderdaad niet ten koste gaan van de
toegang van gehandicapten in Nederland tot de zorg die zij gewoon
hartstikke hard nodig hebben.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Dat de zorgkosten stijgen, is helder. Dat we daar wat aan moeten doen,
is ook helder. En ook ik heb met mijn partij allerlei plannen neergelegd
over hoe je dat kan doen; dat vind ik belangrijk. Maar wij deden dat dan
wel altijd met oog voor de mensen om wie het gaat. Deze mensen zullen
nooit … Tractors kunnen nog eens een keer naar het Malieveld rijden en
een scootmobiel misschien ook, maar deze mensen komen niet op het
Malieveld. Ondertussen hebben zij wel levenslang deze zorg nodig. Ik
maak me grote zorgen. Ik vind echt dat het kabinet een asociale afslag
zou nemen als er een half miljard bezuinigd wordt op deze groep mensen.
Ik vraag dus echt aan de heer Paternotte om daarin niet alleen een
proces neer te zetten, maar ook een beweging.
De heer Paternotte (D66):
Ik ken de nieuwe minister die hierover gaat, natuurlijk een beetje. Ik
weet wel dat dat iemand is met een groot hart, die heel goed gaat
luisteren en in gesprek gaat met de mensen voor wie dit iets kan
betekenen over hoe je dit zou moeten doen. Ook voor u geldt natuurlijk
dat uw fractie in de Tweede en Eerste Kamer hopelijk een hele
belangrijke rol heeft om mee te denken, maar ook om alternatieven voor
te leggen. We zullen daar elke keer heel goed naar moeten kijken.
De heer Jimmy Dijk (SP):
De berekening van het CPB toont ragfijn aan dat dit kabinet de armoede
vergroot, de onzekerheid bij mensen laat toenemen en de ongelijkheid in
Nederland vergroot. We hebben zo meteen meer mensen in armoede en meer
mensen in onzekerheid over hun WW. Die wordt gehalveerd, terwijl hier
politici zitten die na drie maanden Kamerlid geweest te zijn, twee jaar
wachtgeld krijgen. Er zijn voorstellen van dit kabinet om topinkomens in
de ambtenarij nog verder te gaan verhogen …
De voorzitter:
En uw vraag?
De heer Jimmy Dijk (SP):
… en om de bonussen van bankiers verder te gaan verhogen. U bezuinigt 10
miljard — 10 miljard! — op de zorg. Dat is op de gehandicaptenzorg, waar
mevrouw Bikker het net over had, en op de ouderenzorg. Een op de drie
ouderen krijgt al niet de zorg die ze nodig hebben.
De voorzitter:
Uw vraag, meneer Dijk.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Onze opa's en oma's liggen te wachten op wijkverpleging en u gaat de
huishoudelijke zorg afschaffen. Dat betekent dat mensen langer in hun
luier en in een nat bed liggen. Waarom vergroot D66 de kloof in onze
samenleving zo gigantisch met dit desastreuze beleid, dat de
ongelijkheid en de armoede laat toenemen en mensen in onzekerheid stort?
Het CPB zegt het, de rekenmeesters.
De voorzitter:
Nu echt de heer Paternotte.
De heer Paternotte (D66):
Dit is gewoon niet waar. Er is niet meegenomen dat er 350 miljoen euro
wordt vrijgemaakt om juist chronisch zieken en gehandicapten te helpen
met stijgende zorgkosten. We zorgen dat die mensen via de gemeenten dat
extra geld krijgen, waardoor ze geen last hebben van eventuele
verhogingen van het eigen risico. Hetzelfde geldt voor investeringen die
we doen om mensen in armoede meer te gaan helpen.
De heer Dijk gaf net een goed voorbeeld: één op de drie ouderen heeft nu
al moeite om wijkverpleging te krijgen. Ja, inderdaad, we hebben enorme
tekorten aan mensen in de zorg. Meer geld ertegenaan gooien, zorgt niet
dat die mensen er zijn. We worden met zijn allen in Nederland steeds
ouder en dat is hartstikke mooi. Het betekent echter ook dat je meer
mensen hebt die ouder zijn en van hun pensioen moeten kunnen genieten,
terwijl er ondertussen minder mensen aan het werk zijn. Wij willen dat
de zorg toegankelijk is. De wijkverpleging moet natuurlijk beschikbaar
zijn, maar de vraag is of het altijd gratis moet zijn. Ik heb ook een
verpleegkundige in mijn fractie zitten. Ik zag een bericht van een
verpleegkundige die zei: ik doe best vaak dingen voor mensen die ze, als
ik er een aantal keer mee help, daarna voor een deel ook zelf kunnen
doen, waardoor ik er minder tijd voor nodig heb. Dat kun je ook bereiken
met de maatregelen die nu zijn voorgesteld.
We moeten wel eerlijk zijn met elkaar: als we op deze manier doorgaan,
moet één op de vier mensen in de zorg gaan werken. Dat gaat niet
gebeuren. Volgens mij wilt u ook niet meer arbeidsmigratie naar
Nederland. Kosten die oplopen waardoor mensen steeds meer geld kwijt
zijn aan zorg, terwijl ze dat ook niet kunnen betalen; ook dat gaat het
niet oplossen. Het eigen risico bleef de afgelopen jaren gelijk, maar de
premie is met €240 per maand gestegen in de afgelopen twee jaar. Dat
moeten mensen elk jaar allemaal gewoon betalen. Dus zeggen "we houden
alles bij het oude" is niet de oplossing voor de zorgen die de heer Dijk
heel terecht hier op tafel legt.
De voorzitter:
De heer Dijk, echt korter dan zojuist.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik vind dit zo ongelofelijk pijnlijk. U bént de kloof in Nederland. Dat
bent u. U verwoordt exact de kloof in Nederland. U kunt het zich
permitteren om het eigen risico naar €520 te verhogen. Voor een
bouwvakker of een verpleegkundige is dat een kwart of een vijfde van het
maandsalaris. U kunt dat wel betalen. U kunt dat wel. U kunt ook zelf
zorg inkopen straks, geen enkel probleem, maar een wijkverpleegkundige
van een vereniging gaf bij Nieuwsuur duidelijk zichtbaar aan wat er
gebeurt als u op die zorg eigen bijdrages gaat heffen en als u op de
huishoudelijke zorg gaat bezuinigen. Dan komen onze ouderen, die nu al
in het ziekenhuis liggen omdat er niemand meer langskomt ...
De voorzitter:
Uw vraag, meneer Dijk?
De heer Jimmy Dijk (SP):
Die komen dan langer in het ziekenhuis te liggen. Daar is geen plekje
voor, omdat uw kabinet, of uw partij, samen met de VVD en PvdA in Rutte
II de thuiszorg bijna wegbezuinigd heeft en de bejaardenhuizen heeft
gesloten. Het is het denken van welgesteld Nederland om tegen mensen in
armoede te zeggen dat meer geld de problemen niet oplost.
De voorzitter:
De heer Paternotte.
De heer Jimmy Dijk (SP):
U durft het niet te halen bij de rijkste Nederlanders. U bent de kloof
van Nederland.
De heer Paternotte (D66):
Het is jammer dat de heer Dijk het de hele tijd zo persoonlijk maakt.
Volgens mij bereik je daar echt helemaal niks mee. Als hij zegt "u wilt
de WW verkorten, terwijl er ondertussen een wachtgeldregeling is", en
als hij daarmee wil zeggen "ik zou best willen praten over verkorting
van de WW als we die wachtgeldregeling ook halveren", dan zeg ik: nou,
laten we daarover in gesprek gaan. Maar volgens mij is dat niet wat hij
hier op tafel legt. Als wij inderdaad een bijdrage vragen van
Nederlanders, moeten wij dat van iedereen doen. Dat is waar ik absoluut
voor sta, maar het enige wat hij doet, is heel veel problemen benoemen,
waarvan ik denk: ja, die zijn er en daarom gaan wij aan de slag, om die
op te lossen. Daarom willen we dingen ook veranderen met de sector. Maar
je moet niet elke keer alleen maar zeggen "laat alles bij het oude",
terwijl je ondertussen ziet dat daardoor de wachtlijsten langer worden
en dat de zorgpremie alleen maar oploopt. Dan moet iedereen betalen, of
je nou Jimmy Dijk bent of een bouwvakker.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Als je het eigen risico verhoogt, privatiseer je de zorgkosten. Dat is
per definitie oneerlijk. Dan dragen de breedste schouders de zwaarste
lasten niet. Wat de heer Paternotte hier probeert te doen, is doen alsof
de SP de zorg niet zou willen veranderen. Als je iets wilt veranderen in
de zorg, pak dan de zorgfraude aan. Daar is 10 miljard euro te behalen.
Maar dat gebeurt niet. Nee, de zorg wordt weggehaald bij oude mensen.
Zij mogen langer in een nat bed komen te liggen. Er wordt nog een keer
bezuinigd op de gehandicaptenzorg. Al u daarheen gaat en met mensen
spreekt in de gehandicaptenzorg, dan zeggen deze mensen tegen u: het kan
niet. Het lukt niet. Het lukt nu al amper. We hebben meer mensen nodig.
Als we het hebben over meer mensen, laten we dan een wervingscampagne
starten, meneer Paternotte, die net zo stevig is als voor Defensie, met
grote borden op stations: kom en blijf in de zorg werken. Weet u wat
daarvoor nodig is? Meer salaris voor zorgverleners, zodat we ervoor
kunnen zorgen dat jonge mensen die nu in de zorg starten, niet binnen
twee jaar uitstromen. Ga met zorgverleners praten, meneer Paternotte. Ik
zeg het u nogmaals: u bent de kloof.
De heer Paternotte (D66):
Ja, daar krijg je weer die persoonlijke aanval waarvan ik denk: wat
bereik je daar nou mee? Zorgfraude aanpakken lijkt me terecht. Het plan
is om een taskforce zorgfraude op te zetten bij de politie om ervoor te
zorgen dat het vanuit de politie ook structureel gaat gebeuren. Ik
geloof dat het een idee was van de heer Struijs, die aan tafel kwam bij
de partijen tijdens de formatie. Dat kan inderdaad ontzettend helpen om
ervoor te zorgen dat er geen misbruik wordt gemaakt van het aanbod van
zorg door cowboys. Je ziet ook wat we doen op het punt van
ongecontracteerde zorg, een punt dat de SP ook al langer maakt, volgens
mij. Er wordt ook gekeken naar goede voorstellen van de SP. We kunnen er
alleen niet omheen dat we met elkaar een hele grote opgave hebben. Laten
we daar niet voor weglopen.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Voorzitter, ik wil graag een persoonlijk …
De voorzitter:
Nee, meneer Dijk.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Er wordt mij verweten dat ik het heel persoonlijk maak, terwijl de heer
Paternotte het uiterst persoonlijk maakt door 10 miljard op onze ouderen
te gaan bezuinigen.
De voorzitter:
We beschouwen dit als een persoonlijk feit. Meneer Wilders.
De heer Wilders (PVV):
De heer Paternotte zegt dat hij wil gaan snijden in de sociale zekerheid
en de zorg omdat de wachtlijsten oplopen, zoals hij zegt. Maar om de
wachtlijsten te beteugelen moet u niet snijden in de sociale zekerheid
en de zorg; daarvoor moet u de oorzaak van de wachtlijsten
aanpakken.
Wat heeft u de afgelopen jaren gedaan? D66 heeft in Rutte III en IV, en
ook nu weer in het nieuwe kabinet, niets gedaan om de grenzen te
sluiten. U heeft de grenzen open laten staan. Sinds 2015 zijn er 500.000
asielzoekers Nederland binnengekomen. Wat denkt de heer Paternotte dat
er gebeurt met de wachtlijsten in de zorg? Wat denkt hij dat er gebeurt
met de wachtlijsten voor woningen? Wat denkt hij dat er gebeurt met zijn
eigen idee over klimaat of over stikstof? Wat voor effect heeft dat en
waarom heeft hij het daar niet over? Waarom heeft hij het er niet over
dat als we iets willen doen aan de wachtlijsten overal, we onze grenzen
moeten sluiten en de Nederlander weer aan de beurt moeten laten
komen?
De heer Paternotte (D66):
De heer Wilders heeft al heel vaak vluchtelingen de schuld van alles
gegeven, ook een keer van files in Nederland, geloof ik. Nu zijn het de
wachtlijsten. Files, files, misschien kwamen die ook door de
vluchtelingen. Ik denk dat het goed is om weer te benoemen dat er
ontzettend veel vluchtelingen zijn in Nederland die in de zorg zijn gaan
werken. Van onder anderen de Syrische vluchtelingen in Nederland zijn er
heel veel in de zorg gaan werken. Zij helpen juist om dat aanbod in
stand te houden.
Voorzitter. Je moet wel een beetje lef hebben om dit verhaal hier te
houden, als je er twee jaar lang zo'n ontzettende bende van hebt
gemaakt. Ik zei het al: het enige dat u op de zorg deed, was een plan
neerleggen om het eigen risico te halveren. Het is niet doorgevoerd; ik
weet eigenlijk niet waarom. U heeft behoorlijk veel tijd gehad: twee
jaar lang was u de grootste partij. In de tussentijd is de zorgpremie
wel historisch hard gestegen, die alle Nederlanders elk jaar, ook dit
jaar, gewoon betalen, terwijl de wachtlijsten inderdaad langer zijn
geworden. Ja, we gaan het anders doen. Dat komt omdat we zien dat het
nodig is.
De heer Wilders (PVV):
Weet u wie er hier de afgelopen tien jaar een puinhoop van heeft
gemaakt? Dat is D66. U heeft niet twee jaar, maar u heeft de afgelopen
tien jaar zeven jaar in een kabinet gezeten. Zeven jaar lang! U heeft de
grenzen wagenwijd open laten staan. U heeft honderdduizenden
vluchtelingen binnengehaald. U heeft die mensen als ze een status kregen
met voorrang onze huizen gegeven. U heeft ze zorg gegeven. U heeft ze
alles gegeven, waar u nu de gewone Nederlander de prijs voor laat
betalen. Dat kan niet en dat mag niet. U moet bij zinnen komen. U moet
zeggen: als ik daadwerkelijk wat moet doen aan het woningtekort, aan de
wachtlijsten in de zorg, aan de problemen met stikstof of het klimaat,
dan moeten we ervoor zorgen dat we niet ieder jaar opnieuw een stad als
Deventer Nederland binnen laten komen. Een extra stad. U bouwt nieuwe
steden met uw open grenzen en dat is slecht. De grenzen moeten
dicht.
De heer Paternotte (D66):
Tien jaar geleden had je van de heer Wilders exact dezelfde interruptie
met exact dezelfde teksten kunnen horen. Vervolgens is hij hier twee
jaar lang de grootste partij geweest en komt hij met wederom exact
dezelfde teksten. We gaan een aantal dingen anders doen, die te maken
hebben met beperking van de instroom van asielzoekers, maar die er ook
voor zorgen dat mensen sneller mee kunnen gaan doen en aan het werk
kunnen, zoals ontzettend veel mensen ontzettend graag willen.
Voorzitter. Bij de wachtlijsten is het goed om het volgende te benoemen.
Je kan over de zorg praten — en dat hebben we vandaag ook veel gedaan —
over hoe je mensen beter maakt, hoe je mensen kan genezen in
ziekenhuizen, hoe je huisartsen mensen kan laten helpen. Je kan ook aan
de slag gaan om te zorgen dat we een gezondere samenleving krijgen,
zodat minder mensen die zorg überhaupt nodig hebben. Denk aan ervoor
zorgen dat jongeren niet beginnen met roken en de tabaksleeftijd
verplaatsen naar 21, of zorgen dat er een gezonde lunch is op school —
ik kijk even naar de heer Dassen — dat er schoolfruit op school is en
dat er meer wordt geïnvesteerd in sport en bewegen. Dat zijn allemaal
dingen die we gaan doen en die hartstikke goed zijn voor mensen. Die
hadden we ook de afgelopen twee jaar kunnen gaan doen. Het Sociaal en
Cultureel Planbureau heeft daarom gezegd: het akkoord dat er nu ligt,
kan voor mensen leiden tot een hogere kwaliteit van leven. Dat kan
ook.
De voorzitter:
Afrondend, meneer Wilders.
De heer Wilders (PVV):
Dit is weer geen begin van een antwoord. De heer Paternotte draait er
wat omheen. Hij heeft het in een keer over hele andere zaken. De oorzaak
van de problemen waar wij nu in zitten, is dat u tien jaar lang — niet
wij de afgelopen anderhalf jaar; nee, u, zeven jaar lang en nu weer — de
grenzen wagenwijd open heeft laat staan. Een asielzoeker kost €800.000
per jaar, zo is door dr. Van de Beek berekend. Weet u hoeveel het er
zijn? Weet u hoeveel miljarden al die asielzoekers samen kosten? Weet u
wat voor huizen we daarvoor hadden kunnen bouwen? Weet u wat we voor de
zorg hadden kunnen doen qua extra salaris en zorgen dat die wachtlijsten
minder worden? Weet u wat u voor uw eigen klimaat- en stikstofbeleid had
kunnen doen? U laat iedere keer opnieuw honderdduizenden mensen
Nederland binnen en laat de Nederlander betalen door het eigen risico te
verhogen en door allerlei gekke dingen te doen. Dat moet u niet doen.
Wees nou een vent en geef daar eerlijk antwoord op, in plaats van dat
flauwe jij-bakken van "weer hetzelfde verhaal". Weet u waarom ik
hetzelfde verhaal hou? Omdat u niets heeft geleerd van uw fouten in de
afgelopen jaren. Omdat u nog steeds iedereen binnenlaat en de
Nederlander daarvoor laat betalen.
De heer Paternotte (D66):
Het is natuurlijk geen €800.000. Dat is een totaal fabeltje dat de heer
Wilders hier vertelt. Maar het kost inderdaad wel heel erg veel geld, en
dat komt mede doordat mevrouw Faber mensen opving op cruiseschepen en in
hotels die ze daarvoor moest afhuren. Wij gaan investeren in
fatsoenlijke asielopvang, op een betaalbare plek, zodat mensen naar
school gaan, zodat ze meteen mee gaan doen, zodat ze aan het werk gaan
en kunnen bijdragen aan hun eigen asielopvang, zodat ze later niet in
een uitkering zitten. Dat is wat een fatsoenlijk land doet: mensen
opvangen die vluchten voor oorlog en geweld, streng zijn op de instroom,
maar die mensen vervolgens wel de kans geven om mee te doen, en er niet
zo'n ongelofelijke bende van maken als die we de afgelopen tijd hebben
gezien.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Ik maak me echt zorgen over de opstelling van de heer Paternotte,
eigenlijk. Op het laatste punt, over minister Faber, had hij heel erg
gelijk. Maar voor de rest … Wij uiten hier allemaal zorgen over wat dit
doet met de koopkracht van juist de middeninkomens. Die wuift hij weg
door te zeggen: nee, maar we doen iets voor chronisch zieken en we doen
iets voor de mensen die het meest in de knel zitten. Dat is precies mijn
punt. Dat is wat er altijd gebeurt. Er wordt geld weggehaald bij alle
werkende mensen, en vervolgens wordt er gezegd dat de aller-,
allerkwetsbaarsten een regeling krijgen. Die regeling is vaak zó
ingewikkeld dat het geld niet eens bij die mensen terechtkomt. Snapt de
heer Paternotte dat we dát juist moeten aanpassen? Is hij ook bereid om
wat fundamenteler te kijken, door bijvoorbeeld dit geld weg te halen bij
vermogen of bij winsten, in plaats van bij werkende mensen?
De heer Paternotte (D66):
Ik wuif helemaal niks weg. Volgens mij heb ik net ook gezegd dat het
nogal belangrijk is wat u net heeft gezegd, omdat uw partij de derde
partij in deze Kamer en de grootste partij in de Eerste Kamer is. Ik
vind het heel fijn dat u hier zegt: ik wil samenwerken, en ik heb bakken
met kritiek, maar ik zal niet alleen maar bij die kritiek blijven. Ik
wuif helemaal niks weg. Ik weet dat ik bloedserieus moet kijken naar
alles wat u neerlegt. Dat is wat ik steeds zeg.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Volgens mij is dat precies het punt. De heer Paternotte hoeft niet
serieus naar mij of naar mijn partij te kijken. Ik wil dat u serieus
kijkt naar wat er gebeurt in Nederland. Dát wuift u weg. U maakt een
grapje over "ja, maar u heeft vier kinderen; dat is allemaal heel duur".
Het gáát niet om mij. Het gaat niet over ons hier in deze Kamer. Het
gaat over mensen in Nederland voor wie het steeds moeilijker is om de
rekening te betalen, bij wie weer eenzijdig de rekening wordt neergelegd
door dit kabinet. Ik wil dat u dáár serieus naar kijkt. Nogmaals heel
concreet de vraag die ik stelde: bent u bereid om dit geld niet alleen
weg te halen bij werkenden, maar bijvoorbeeld bij vermogen of bij
grotere winsten? Is dit voor u bespreekbaar?
De heer Paternotte (D66):
Kijk naar het verleden. Alles wat we hier met elkaar bespreken, gaat
over Nederland, over mensen in Nederland. Als ik het heb over uw
voorstellen, dan gaat het niet over wat ik verder van u vind, maar over
wat u voorstelt en wat dat betekent voor mensen in Nederland. U had het
net over de vermogensbelasting. In de afgelopen vijf jaar is de box
3-belasting verhoogd, naar aanleiding van een voorstel van
GroenLinks-PvdA. Dat was het amendement-Van der Lee, meen ik. Toen is
die flink verhoogd. Daar hebben wij steun aan gegeven, en dat was denk
ik ook rechtvaardig. Datzelfde geldt overigens voor de verhoging van het
box 2-tarief naar 28,5%. De belasting voor grote bedrijven, de
vennootschapsbelasting, is verhoogd van 21% naar bijna 26%. Dat zijn
hele forse verhogingen van de belastingen.
Ik denk inderdaad dat er ook een grens zit aan hoeveel
belastingverhoging je bijvoorbeeld bij bedrijven kunt neerleggen als je
ondertussen ook een bloeiende economie wil. Maar het laat zien dat u in
het verleden, ook toen u niet in een coalitie zat, erin geslaagd bent om
dingen aan te passen, om dingen voor elkaar te krijgen. Ik kan ook het
energieplafond noemen. Dat is knap werk geweest. Volgens mij zullen we
er niet aan ontkomen om op zo'n manier met elkaar samen te werken. Ik ga
u vandaag niet beloven dat ik hoe dan ook ga steunen wat het dan ook
moge zijn dat u voorstelt, maar als ik zeg "ik zal er serieus naar
kijken", dan zeg ik dat omdat ik snap dat het nodig is om meerderheden
te halen en dat het ook goed kan zijn voor Nederland om plannen beter te
maken.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Dan gaan we dat doen. We gaan proberen om die plannen beter te maken en
ervoor te zorgen dat de rekening niet eenzijdig bij de mensen wordt
neergelegd. Ik vind het mooi hoe de heer Paternotte het bijna met
hartstocht opneemt voor grote bedrijven en zegt "er is een grens aan
hoeveel belasting je kan heffen over de winsten die deze bedrijven
maken". We hebben het hier over miljardenwinsten. Er is een grens
voordat ze weggaan, voordat ze hier last van krijgen. Maar is er in uw
ogen ook een grens aan de belasting die we kunnen heffen bij gewone
mensen? Dat is waar mijn fractie zich zorgen over maakt. Ook bij hen is
er een grens ...
De heer Paternotte (D66):
Zeker.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
... en die grens wordt zo langzamerhand bereikt. We moeten ervoor zorgen
dat deze mensen gewoon normaal worden behandeld door de politiek. Dat is
cruciaal voor het vertrouwen. Ik hoor u goed. Hier gaan we de komende
tijd zaken op doen. Wat mij betreft gaan we niet wachten tot augustus,
maar gaan we hier sneller stappen op zetten, zodat we zekerheid geven
aan Nederland.
De heer Paternotte (D66):
Ja, daar is zeker ook een grens aan. Alleen moeten we er in de politiek
ook mee stoppen om mensen en bedrijven tegenover elkaar te zetten. Ik
vond de verhoging van de tarieven voor bedrijven toen terecht. Ik heb er
zelf over zitten meeonderhandelen, ook omdat de energietarieven
hartstikke hard stegen en we mensen moesten gaan helpen. Maar ik zie ook
dat er hele grote bedrijven zijn die bijvoorbeeld investeringen in de
Rotterdamse haven nu niet doen, omdat ze geen stroom kunnen krijgen. Dat
betekent dat er ook minder bij komt in de Nederlandse economie. In
bedrijven werken mensen. Bedrijven kunnen winsten maken die ze
investeren in onderzoek. Bedrijven zijn ook hartstikke belangrijk voor
de Nederlandse economie. Zorgen dat werken loont, is hartstikke
belangrijk voor de Nederlandse economie. Dat zijn niet dingen die
tegenover elkaar staan, maar dingen die allebei heel hard nodig
zijn.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Ik wil even terug naar migratie met de heer Paternotte, als het mag. In
de campagne heeft D66 eigenlijk gezegd, en ik denk ook dat dat een deel
van het verkiezingssucces was: ook wij willen wat doen aan migratie; ook
wij maken ons daar zorgen over. U heeft ook beloofd tien steden te
bouwen. Die belofte heeft u laten varen.
De heer Paternotte (D66):
Nee.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Maar ik zie ze niet gebouwd worden in dit ...
De heer Paternotte (D66):
Nee, ze zijn nog niet gebouwd.
De voorzitter:
De heer Markuszower.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Dat is een goeie, maar ik vrees voor de heer Paternotte en dit kabinet
dat ook de belofte om aan migratiebeperking te doen, gaat falen. En
waarom? Dit kabinet zet heel erg in op dat Migratiepact. Nu keek ik
vorige week naar een onverdachte bron, een uitzending van Nieuwsuur, en
daarin kwam meneer Knaus aan het woord.
De voorzitter:
En uw vraag?
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
De heer Knaus zegt dat het Migratiepact, waar jarenlang over
onderhandeld is en waar dit kabinet op inzet omdat het de migratie zou
beperken, een totale mislukking gaat worden. Ik wil graag aan de heer
Paternotte vragen wat hij daarvan vindt en wat hij gaat doen als dat
Migratiepact niet gaat werken. Wat gaat de heer Paternotte dan doen om
de migratie toch te beperken?
De heer Paternotte (D66):
Ik heb de uitzending van Nieuwsuur niet gezien en kan er dus niet direct
op ingaan, maar ik zie dat we echt ontzettend veel doen. Wij nemen een
heel uitgebreide lijst van maatregelen. Dat gaat bijvoorbeeld om een
simpelere asielprocedure, om strenger kijken naar eenzelfde
asielaanvraag; ook krijgen kansarme asielzoekers niet langer automatisch
rechtsbijstand. Dat zijn dingen die wij als D66 niet zelf hebben
bedacht. Het gaat om investeren in fatsoenlijke asielopvang. En ik denk
dat dat kan.
Ik denk dat het Migratiepact in elk geval een goede kans biedt om het
met Europa een keer samen goed te gaan doen. Er zijn genoeg landen die
nu al zeggen dat ze daar niet aan meewerken, dus ja, ik maak mij ook wel
zorgen, maar ik denk wel dat het echt een kans is die wij met beide
handen moeten aangrijpen, want wij als Nederland hebben ontzettend veel
belang bij een sterkere Europese Unie met een gezamenlijk asielbeleid.
Dan heb je aan de buitengrenzen opvangcentra, zodat mensen daar stoppen
en daar de asielprocedure kunnen doorlopen en niet doorreizen naar
Nederland of gaan shoppen in verschillende landen. Om dat laatste tegen
te gaan, staan er ook allerlei maatregelen in. Ik ben daar dus heel
optimistisch over. We hebben ook een minister die afgelopen maandag al
heeft gezegd: ik wil de saaiste minister op asiel ooit worden, maar ik
wil er wel voor zorgen dat de keten echt op orde komt, zodat mensen over
een paar jaar de zorg die u hier adresseert, niet meer hebben. Ik heb
daar veel vertrouwen in.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
De heer Paternotte doet nu precies wat die Europese expert, die trouwens
de Turkijedeal heeft gemaakt, zegt dat er gebeurt. Hij zegt, en ik
citeer hem letterlijk: "Publiekelijk noemen ze" — dat zijn dus de
ministers, de belangrijke mensen die met dat pact bezig zijn — "dat pact
een doorbraak, maar als ik dan zeg dat het een mislukking wordt, beamen
ze dat in privé". Dat is precies wat de heer Paternotte nu doet.
De voorzitter:
Uw vraag?
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Hij geeft hoog op ... Eén ogenblik. Het is mijn eerste interruptie. Hij
geeft hoog op over dat pact en zegt dat dat gaat werken, maar het gaat
dus niet werken. Ik wil graag toch een concreter antwoord, want wat
meneer Paternotte net zei, zorgt niet voor een reductie van het aantal
migranten, in de marge. Wij zoeken enorme reducties. Hoe gaat de heer
Paternotte dat doen als het pact blijkt te falen?
De heer Paternotte (D66):
Ik heb er echt meer vertrouwen in dan één iemand — het is ongetwijfeld
een expert — die dat heeft genoemd. Ik denk ook dat we daar vol in
moeten investeren. Daarom staat in het akkoord ook dat we gaan bijdragen
aan de opvang aan de Europese buitengrenzen, zodat het menswaardige
opvang is. Ik zie dat we ook andere dingen doen, bijvoorbeeld zorgen dat
we veel beter gaan samenwerken met Duitsland en België. Er waren dingen
in Duitsland en België waarvan een van de andere partijen zei: dat
willen wij graag doen. Wat wij bijvoorbeeld heel goed vinden, is dat in
Duitsland asielzoekers veel sneller aan het werk gaan. Dat zouden we
graag van hen overnemen, maar daar zijn natuurlijk ook afspraken over
gemaakt. Op die manier zorg je ervoor dat we niet alleen in Europa maar
ook met onze buurlanden beter samenwerken. Dan hebben we ook nog een
hele trits nationale maatregelen. Ik denk dus dat we het alle drie
doen.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Mocht dat nou allemaal niet werken, is de heer Paternotte dan bereid om
het coalitieakkoord open te breken en de minister van Asiel en Migratie
naar Europa te sturen, en is hij ook in Nederland voor nog strengere
maatregelen? Is de heer Paternotte bereid het coalitieakkoord op dit
punt open te breken, mocht dat nodig zijn?
De heer Paternotte (D66):
Ik zou zeggen: laten we beginnen met inderdaad de minister op pad sturen
om er alles aan te doen om ervoor te zorgen dat het Europese asielbeleid
gaat werken. Je hoort namelijk overal, ook van veel deskundigen, dat het
een unieke kans is om voor elkaar te krijgen dat niet meer elk Europees
land zijn eigen ding doet en dat niet, zoals Duitsland nu af en toe
doet, mensen in dorpen in Limburg achtergelaten worden — dat noem je dan
een "koude overdracht" — waardoor ze ineens midden in de nacht door
Nederland rondwandelen. Laten we eens een keer fatsoenlijk gaan
samenwerken, want dat kan prima. Dit is ook een tijd waarin iedereen in
Europa heel goed beseft waarom dat keihard nodig is.
De voorzitter:
U begint uw termijn.
De heer Paternotte (D66):
Ik denk dat ik eigenlijk alles wel behandeld heb.
De voorzitter:
Ja? Dank u wel, meneer Paternotte. Ik schors voor de lunch. En ik denk
dat ik namens velen spreek als ik zeg: niet alleen voor de lunch. Ooh!
Ik zie allemaal mensen naar de interruptiemicrofoon komen.
De heer Paternotte (D66):
U mag ook best eerst even schorsen voor de lunch. Dan kom ik daarna met
alle plezier weer terug.
De voorzitter:
Nee, we maken het gewoon even netjes af. Ik zou de leden willen
verzoeken om, als er nog behoefte is aan interrupties, nu wel bij de
interruptiemicrofoon te komen staan, zodat we een beetje een beeld
hebben en kunnen inschatten hoe het speelveld erbij ligt. Ik geef als
eerste het woord aan de heer Dassen en ik verzoek om rust in de zaal.
Meneer Dassen, uw interruptie.
De heer Dassen (Volt):
Een van de tegenvallers van de afgelopen dagen was natuurlijk de
internationale weerbaarheid, waaruit blijkt dat zelfs de kleine plus die
dit kabinet en deze coalitie op ontwikkelingssamenwerking wilden,
volledig naar asielopvang in Nederland gaat. Ik vind dat zeer kwalijk.
De afgelopen jaren hebben we gezien dat er onder PVV-beleid een enorme
kaalslag heeft plaatsgevonden op die internationale weerbaarheid. Daar
doet deze coalitie eigenlijk amper iets aan. De kleine plus die beloofd
was, en waarvan ook gezegd werd dat we weer extra gaan investeren, wordt
volledig naar asielopvang in Nederland …
De voorzitter:
Uw vraag.
De heer Dassen (Volt):
Kan de heer Paternotte mij aangeven of dit veranderd kan worden, omdat
we juist in deze turbulente tijd ook op die internationale weerbaarheid
moeten inzetten?
De heer Paternotte (D66):
Dat geld is gewoon structureel extra geld voor
ontwikkelingssamenwerking. Inderdaad, we hebben de asielopvang nog met
elkaar op orde te krijgen. Ik noemde net al de cruiseschepen, de hotels
en andere extreem dure crisisnoodopvang. We willen zorgen dat de
eerstejaarsasielopvang op dat enorme prijsniveau niet meer nodig is. We
willen dat ook in Europa gaan doen, waar we het gelukkig met elkaar
natuurlijk hartstikke over eens zijn. Maar dat geld is structureel
beschikbaar voor een investering in ontwikkelingssamenwerking. Kijk, na
alles wat het vorige kabinet heeft gedaan, weet ik ook dat het niet het
volledige bedrag is, maar in een tijd waarin bijna alle landen in Europa
aan het bezuinigen zijn op ontwikkelingssamenwerking, ben ik blij dat
wij dat niet doen en dat er zelfs een plus structureel in de boeken
staat.
De heer Dassen (Volt):
Dit is toch wel moeilijk te verkopen. Er is de afgelopen jaren enorm
veel bezuinigd. We zitten heel ver af van de 0,7%. Je ziet wat er
wereldwijd gebeurt met het terugtrekken van de Verenigde Staten op het
internationale toneel: dat gat wordt graag gevuld door China en Rusland.
Ik heb de heer Paternotte toch ook vaak horen zeggen dat we, juist als
we een stabiele wereld en een stabiele omgeving van Europa willen
hebben, hierin moeten investeren.
De voorzitter:
En uw vraag?
De heer Dassen (Volt):
Dan kan de heer Paternotte hier niet gaan verkopen dat dit voldoende is
voor de komende jaren en ook niet dat dit weer in Nederland geïnvesteerd
wordt, waardoor de plus eigenlijk amper besteed gaat worden aan
vrouwenrechten, klimaatfinanciering en onderwijs wereldwijd. Mijn vraag
aan de heer Paternotte is: kunnen we stappen ondernemen om ervoor te
zorgen dat we deze plus kunnen verhogen, zodat we daadwerkelijk in die
internationale weerbaarheid gaan investeren?
De heer Paternotte (D66):
We bezuinigen niet op ontwikkelingssamenwerking. Er komt structureel
geld bij. Dat moet de heer Dassen ook gewoon in de plaat zien. Ik ben
het met u eens dat het geen compensatie is voor de bezuiniging die het
vorige kabinet heeft geleverd. Ik denk dat het wel hartstikke belangrijk
is, juist om de redenen die u aangeeft en om alles wat China, Rusland en
Afrika doen. Er komt binnenkort een nieuw meerjarig financieel kader in
Europa. Ik zou het hartstikke goed vinden als we ervoor zorgen dat er
Europees, dus gezamenlijk, meer geïnvesteerd wordt in
ontwikkelingssamenwerking. We zien dat Amerika zich terugtrekt. We zien
dat China, met het Belt and Road Initiative, overal plekken aan het
opbouwen is, snelwegen bouwt, havens opkoopt en de voetafdruk in de
wereld vergroot. Dat moet Europa ook gaan doen. Dat ziet u ook in het
akkoord terug. Volgens mij kunnen we daarop samenwerken.
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Dassen (Volt):
Voorzitter. Er is gigantisch bezuinigd. Het aandeel van het bbp zal ook
lager zijn. Ten derde wordt er ook nog eens, voor de eerste keer, geld
dat naar Oekraïne gaat uit het ODA-budget gehaald, terwijl we altijd als
Kamer hebben gezegd: dat moeten we niet willen. Mijn vraag aan de heer
Paternotte is dus: kunnen we in ieder geval daarvan zeggen dat we dat
niet gaan doen en dat we dat, net als alle andere keren, uit de
staatsschuld halen? Het is zo kwalijk dat juist die internationale
weerbaarheid … We investeren terecht heel veel in defensie, maar doen
dat niet als het gaat om vrede of om armoedebestrijding. Dat zijn juist
de grote aanjagers van conflicten en van migratiestromen, waar dit
kabinet ook zo graag wat aan wil doen.
De heer Paternotte (D66):
Ik vind ontwikkelingssamenwerking ontzettend belangrijk. Dat is waarom
er nu structureel een kwart miljard extra in de boeken staat. Dat geldt
niet alleen voor mij, maar dat geldt uiteraard gewoon voor mijn partij.
Voor Oekraïne geldt hetzelfde. We hebben dat geld nodig om ervoor te
zorgen dat de Oekraïners hun strijd voor vrijheid, de vrijheid van
henzelf, maar ook die van de rest van Europa, kunnen doorzetten. Ik hoor
u net ook zeggen: kunnen we dat dan uit de staatsschuld halen? Ik sta
hier nu al een tijdje en we hebben heel veel terechte vragen gehoord
over zorgen die er zijn in het land en die moeten we bloedserieus nemen.
Ik heb echter, behalve de taskforce voor de aanpak van zorgfraude, nog
geen voorstellen gehoord voor een precieze, concrete maatregel die
ervoor kan zorgen dat we geld besparen of die geld oplevert, waardoor we
dat op een andere manier kunnen investeren. Alles zal natuurlijk
uiteindelijk wel betaald moeten worden. Dat geldt ook voor die
staatsschuld. We hebben inderdaad een lage staatsschuld in Nederland.
Dat is ook wel fijn. Vergeleken met België of Frankrijk hebben we diepe
zakken waar we uit kunnen putten om mensen te helpen als het nodig is,
zoals bij een coronapandemie of een energiecrisis.
De heer Van Baarle (DENK):
Premier Jetten, en volgens mij ook de heer Paternotte zelf, hebben voor
de verkiezingen meegedemonstreerd tijdens de Rode Lijndemonstraties om
op te komen voor de rechten van de Palestijnen. Ontzettend veel van die
mensen die meedemonstreerden en die op willen komen voor de rechten van
de Palestijnen zijn echt enorm teleurgesteld in dit coalitieakkoord en
in het nieuwe kabinet. We zien niet dat Palestina per direct erkend
wordt. We zien niet dat er eindelijk harde sancties komen tegen
Netanyahu, tegen Israël. We zien niet een totaal en permanent
wapenembargo. We zien geen economische sancties tegen Israël. Ik vraag
aan de heer Paternotte waarom hij al die mensen op deze manier
teleurstelt.
De heer Paternotte (D66):
We zien dat de sancties gewoon worden doorgezet, bijvoorbeeld die tegen
de illegale nederzetting, maar ook de beperking op wapenexport. We zien
dat Nederland de samenwerking met de Verenigde Naties weer gaat
herstellen. Dat is essentieel, want dat is de VN-organisatie die voor
ongelofelijk veel Palestijnse vluchtelingen hulp en zorg biedt, zodat ze
überhaupt kunnen overleven. We hebben ook afgesproken dat we af willen
van de import van wapens buiten de NAVO-landen, zoals Israël. Dat willen
we gaan afbouwen. Dat zijn heel concrete stappen.
Dan de erkenning van de Palestijnse Staat. Ik had dat graag in het
akkoord gehad. Dat zeg ik u ook eerlijk, want ik ben ervoor. Wat mij
betreft kunnen we dat vandaag nog doen, net zoals bijvoorbeeld Frankrijk
en Engeland dat hebben gedaan. Maar we zijn drie partijen die hier drie
verschillende standpunten over hebben. De VVD zegt: je zou dat pas
moeten doen aan het eind van een vredesproces dat leidt tot een
levensvatbare Palestijnse Staat. Het CDA zegt: je zou dat kunnen doen,
maar dan moet er worden voldaan aan een aantal voorwaarden. Wat mij
betreft zou het nu kunnen. Daar kwamen we niet uit. Dan vraag ik me ook
af: je kunt er heel erg lang over doorgaan met elkaar, maar wat is daar
de meerwaarde van als je 66 zetels hebt? Moet je dan niet zeggen: we
hebben alle drie een duidelijk standpunt en dat dragen we uit? Dat
blijven we uitdragen. Dat zal ik blijven uitdragen. Dat zullen mijn
collega's blijven uitdragen. Laat de Tweede Kamer ook aangeven wat zij
daarvan vindt. We zijn met 150 mensen de gekozen
volksvertegenwoordiging, en niet met 66 mensen.
De heer Van Baarle (DENK):
Wat ik daarop te zeggen heb, is dat D66 voor de verkiezingen zij aan zij
stond met veel mensen om te zeggen dat die Palestijnse Staat per direct
erkend moet worden, en dat er nu gewoon niet wordt geleverd. Er werd
gezegd dat Netanyahu een oorlogsmisdadiger zou zijn en dat Israël een
genocide pleegt; die woorden werden ingeslikt. Er werd gezegd dat er
sancties moesten komen tegen Netanyahu, maar daar zien we helemaal niks
van terug.
De voorzitter:
Uw vraag?
De heer Van Baarle (DENK):
Het is toch erg als D66 nu zegt dat ze dat in de onderhandelingen niet
konden regelen? D66 had hierop door moeten drukken. D66 had dit als
minimale ondergrens moeten neerleggen en had niet moeten accepteren dat
het kabinet gewoon doorgaat met het kopen van wapens van Netanyahu en
het bevorderen van economische handel met Israël.
De heer Paternotte (D66):
Als Netanyahu in het Koninkrijk der Nederlanden komt, wordt hij
gearresteerd, want er loopt een arrestatiebevel tegen hem van het
Internationaal Strafhof hier in Den Haag. Ik ben voor erkenning van de
Palestijnse Staat. Mijn fractie is daarvoor om heel veel redenen, maar
ook omdat het heel belangrijk is om de Palestijnen, die zo onderdrukt
zijn de afgelopen jaren ... We hebben gezien dat er in Gaza, na die
verschrikkelijke terreuraanslag van Hamas, zo ongelofelijk veel
onschuldige slachtoffers zijn gemaakt. Het is belangrijk om hen wat
toekomstperspectief te geven, de hoop dat de wereld hen weer ziet.
Daarom ben ik ervoor, maar er is geen Kamermeerderheid voor. Je kunt mij
dat dan verwijten. Je kunt ook zeggen: ik wil graag met Paternotte en
anderen samenwerken om te zorgen dat er wél een Kamermeerderheid komt
voor de erkenning van de Palestijnse Staat.
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Van Baarle (DENK):
Er is ook geen Kamermeerderheid om de armoede in Nederland te laten
toenemen. Dat doet D66 wél. Er is ook geen Kamermeerderheid voor een
verhoging van het eigen risico naar €520. Dat doet D66 wél. D66 is de
grootste politieke partij in deze coalitie en levert de premier. We zien
dat deze regering Palestina niet erkent, geen keiharde sancties tegen
Netanyahu treft, doorgaat met het kopen van wapens van Israël, met het
leveren van wapens aan Israël en de handel met een genocidestaat blijft
bevorderen. De woorden "genocide" en "oorlogsmisdaden" worden niet eens
genoemd in het akkoord.
De voorzitter:
Uw vraag, meneer Van Baarle?
De heer Van Baarle (DENK):
Dat is dan gewoon slappe hap. Ik vind dat D66 zich daarvoor moet
schamen.
De heer Paternotte (D66):
De heer Van Baarle luistert gewoon niet eens. Ik zeg hier net dat wij de
import van wapens buiten de NAVO, bijvoorbeeld vanuit Israël, willen
afbouwen. Waarom? Omdat we niet willen dat de import van wapens die wij
nodig hebben tegen ons gebruikt kan worden en dat we daarmee gechanteerd
kunnen worden. Daarom doen we dat. Sancties worden doorgezet. U heeft
het over wapenexport. Het vorige kabinet, nota bene het kabinet-Schoof,
heeft allerlei beperkingen opgelegd aan de wapenexport. Die gaan
helemaal niet van tafel.
Gisteren, of eergisteren, was Artsen zonder Grenzen op bezoek bij de
nieuwe minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking. Ze
zeiden dat ze heel hoopvol waren over dat gesprek, omdat ze eindelijk
een kabinet zien dat er oog voor heeft dat het schandalig is. Het is
schandalig dat hulporganisaties verboden dreigen te worden en dat Artsen
zonder Grenzen en Oxfam Novib niet eens meer de Gazastrook in mogen om
mensen te helpen, waardoor er nog meer onschuldige slachtoffers dreigen
te vallen. U kunt dat ontkennen, maar dat zijn hele concrete en
duidelijke veranderingen in de goede richting. Dat is heel hard nodig,
want Nederland moet een land zijn dat opkomt voor mensenrechten.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
We kennen de positie van D66 en zeker die van de heer Paternotte zelf.
We hebben zij aan zij gestaan in het aanspreken van het vorige kabinet
op het structurele onrecht dat de Palestijnen wordt aangedaan, tegen de
internationale rechtsorde in. Dat zou dus geen onderdeel van de
onderhandelingen moeten zijn. Dat is iets waar we sowieso voor moeten
staan. Dan wil ik de heer Paternotte nu toch herinneren aan de woorden
die de lijsttrekker van D66 in de verkiezingscampagne terecht uitsprak
in de richting van mevrouw Yeşilgöz: "Dit is het thema waar ik u het
meest geradicaliseerd vind". Hij noemde allemaal argumenten om te staan
voor rechtvaardigheid voor de Palestijnen. Mevrouw Yeşilgöz had alleen
maar smoesjes.
De voorzitter:
Uw vraag?
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Hij sloot af met de woorden: "Wat het vredesproces niet helpt, is als er
straks niks meer is om te erkennen." Nou is D66 in een kabinet gaan
zitten met de VVD en heeft het geaccepteerd dat deelname van
GroenLinks-Partij van de Arbeid niet meer aan de orde was. Nu zegt de
heer Paternotte tegen de Kamer: ja, maar ja, we hebben 66 zetels en er
was geen meerderheid voor ons standpunt.
De voorzitter:
Uw vraag, mevrouw Ouwehand.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dan gebruik je de Palestijnen als wisselgeld en gooi je al je principes
over de internationale rechtsorde over boord.
De heer Paternotte (D66):
Nee, dat is onzin, want ik draag die principes hier gewoon concreet uit.
Het is volgens mij helemaal niet gek dat je zegt dat je wilt dat er een
meerderheid in de Tweede Kamer is die zegt: we gaan een bepaalde staat
erkennen. Volgens mij hebben we dat nog nooit in de geschiedenis van
Nederland op basis van steun van een minderheid gedaan. Ik noemde
daarbij een meningsverschil met de VVD. U gaf net een nogal harde
recensie van mevrouw Yeşilgöz. Wat ik tijdens de onderhandelingen heb
gemerkt, is dat we elkaar wel degelijk kunnen vinden in het staan voor
de internationale rechtsorde. U leest ook in het akkoord dat Nederland
zich conformeert aan uitspraken van het Internationaal Gerechtshof, waar
nu inderdaad een genocidezaak loopt, en het Internationaal Strafhof, dat
een arrestatiebevel tegen de Israëlische premier heeft uitgevaardigd.
Dat is géén discussie geweest in de onderhandelingen. Daar staan we
allebei voor. Ik denk dus dat het goed is dat we na zo'n
verkiezingscampagne niet proberen de verschillen nog veel groter te
maken, maar dat we samen aan de slag gaan om ervoor te zorgen dat we in
Nederland een positieve bijdrage leveren aan mensenrechten, zodat er
niet nog meer onschuldige slachtoffers vallen.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik vond het wel mooi dat de heer Paternotte zei dat ík een nogal stevige
recensie gaf van mevrouw Yeşilgöz. Dat was de heer Jetten. Ik was het
met hem eens. Hij zei tijdens een verkiezingsdebat tegen mevrouw
Yeşilgöz: dit is het thema waarop ik u misschien wel het meest
geradicaliseerd vind. Waarom zei hij dat? Omdat de internationale
rechtsorde ons al heel erg lang verplicht om in actie te komen tegen de
illegale bezetting op de Westbank en zeker tegen de genocide die er
plaatsvindt. Dat is in ieder geval mijn interpretatie.
De voorzitter:
En uw vraag?
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dat zou dus geen onderwerp van de onderhandelingen moeten zijn. Je staat
voor de internationale rechtsorde of niet. Maar als je daar niet voor
staat, heb je geen enkele plek in dat vak, in vak K. Dat zou dus niet
afhankelijk moeten zijn van de wensen van de Tweede Kamer op dit moment.
Een kabinet en een coalitiepartner die het kabinet schraagt, moet de
Kamer ervan overtuigen dat we ons gewoon aan de internationale
rechtsorde gaan houden — punt!
De heer Paternotte (D66):
Dat ben ik volgens mij met u eens. Ik zei het net overigens omdat u in
de afgelopen tijd zelf best vaak een vrij stevige recensie over mevrouw
Yeşilgöz heeft gegeven. Ik denk dat het heel positief is dat staan voor
de internationale rechtsorde geen discussiepunt was bij
onderhandelingen. Het is heel positief dat we met elkaar opschrijven:
Nederland houdt zich aan uitspraken van het Internationaal Gerechtshof
hier in Den Haag, of van het Internationaal Strafhof, dat zoals ik net
zei een arrestatiebevel heeft uitgevaardigd. Het is belangrijk dat we
ons daaraan houden, omdat je alleen maar de stad kan zijn die opkomt
voor vrede, recht en mensenrechten als je daarin ook zelf geloofwaardig
bent. Ik heb er echt alle vertrouwen in dat er in de coalitie op dat
punt geen licht zit tussen ons, het CDA en de VVD.
Ondertussen zorgen we ervoor dat we dingen doen die echt een verschil
kunnen maken voor de Palestijnen, bijvoorbeeld door de samenwerking met
de VN-organisatie voor Palestijnse vluchtelingen, UNRWA, weer te
herstellen. Het budget dreigde af te lopen naar bijna niks, terwijl niet
alleen zij, maar ook andere hulorganisaties zeggen dat het juist de VN
zijn die we nodig hebben om ervoor te zorgen dat je mensen daar in leven
kunt houden. Het is de enige organisatie die de infrastructuur en de
mensen heeft. Dat gaan we onder andere doen. Sancties gaan we
doorzetten. Laten we er met elkaar wel recht aan doen dat er hier een
duidelijke koersverandering is en dat we daar in de Tweede Kamer nog
heel veel debatten over zullen voeren. U zult mij en mijn collega's dan
glashelder horen uitdragen dat wij vinden dat er natuurlijk
bestaansrecht is voor Israël, maar dat er ook bestaansrecht moet zijn
voor een onafhankelijke Palestijnse staat en dat we die wat ons betreft
kunnen gaan erkennen.
De voorzitter:
Tot slot.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dit is heel fundamenteel. Het is niet zo dat de Palestijnen nog wel even
kunnen wachten op de paar stapjes die Nederland de goede kant op zet. De
situatie is verslechterd en die was al decennialang verschrikkelijk voor
de Palestijnen. De genocide is eroverheen gekomen. Er is een zogenaamd
bestand, maar sindsdien zijn er weer 600 Palestijnen vermoord. De
annexatie van de Westbank en het geweld gaat met de dag door. Dan moet
je dus niet zeggen dat je in elk geval wat meer stapjes zet dan het
vorige kabinet, maar dan moet je staan voor de rechtvaardigheid die de
Palestijnen van Nederland eindelijk mogen verwachten. Aan de bak! De
eisen van de Rode Lijndemonstratie, waar D66 in meeliep — dat vond ik
goed — vinden we niet terug in het coalitieakkoord. Dat had toch wel het
minimale moeten zijn. Schrijf het helder op!
De heer Paternotte (D66):
Een deel vindt u dus wel degelijk terug, zoals ik net al heb gezegd. We
staan inderdaad aan de lat om daarin verschil te maken. Tegelijkertijd,
als Israël een verbod oplegt aan hulporganisaties, kunnen wij straks
niet militair ingrijpen om ervoor zorgen dat die alsnog de Gazastrook in
komen. We kunnen ook niet doen alsof wij hier in het Nederlandse
parlement de ellende daar in één keer kunnen oplossen. Dat zou ik heel
graag willen, want het leed is daar verschrikkelijk, maar zo werkt het
niet. We kunnen wel doen wat mogelijk is. U heeft het net terecht gehad
over de uitbreiding van illegale nederzettingen en het geweld dat daar
plaatsvindt. Palestijnen worden uit hun huizen verdreven. Dat is waarom
het handelsembargo voor de illegale nederzettingen gewoon wordt
doorgezet. Daarmee zetten we als Nederland, als een van de weinige
Europese landen, in ieder geval de stap om die sancties op te leggen. Ik
hoop natuurlijk dat hoe meer landen dat doen en hoe meer druk er op die
manier georganiseerd wordt, hoe eerder er ook een verandering gaat komen
en dat Israëliërs een andere regering krijgen die een andere koers gaat
varen, zoals heel veel van hen ook willen. Dat zou heel hard nodig
zijn.
De voorzitter:
Mevrouw Bikker, de heer Dijk en de heer Klaver mogen nog interrumperen.
Daarna gaan we schorsen.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
U moet weten dat ik eigenlijk best heb uitgekeken naar dit debat.
Eindelijk weer aan de slag, focussen op de inhoud en doorbraken voor
elkaar krijgen voor mensen thuis: daar heb ik zin in. Ik heb ook een
aantal kritiekpunten. Laat ik er al een paar meegeven; een aantal heb ik
al meegegeven. Ik verwacht dan ook een reactie van een coalitie, en van
de fractievoorzitter van de grootste partij, dat er een stapje wordt
gezet. Eerlijk gezegd is dat, al luisterend naar zo'n beetje het eind
van het betoog van collega Paternotte, wel een reactie die ik vooral
herken van meerderheidscoalities, namelijk: het is mooi dat u uw zorgen
op tafel legt, maar u moet er ook een dekking bij leveren en we kunnen
alleen verder praten als ik het daarmee eens ben.
De voorzitter:
Wat is uw vraag?
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Klopt dat?
De heer Paternotte (D66):
Ik heb geprobeerd het niet zo te zeggen, want dat klinkt inderdaad heel
erg als iets klassieks en zoals we hier heel vaak met elkaar hebben
gewisseld.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Maar het is wel nu mijn ervaring. Of het nu gaat om de middenklasse,
waarover ik zeg dat ik me grote zorgen maak over hoe de stapeling zal
uitpakken voor hardwerkende mensen en mensen die bijvoorbeeld plotseling
een zieke thuis hebben, om de AOW, waarover een groot deel van de
oppositie in het vorige debat aangaf dat die verlenging niet op deze
manier gedaan moet worden — ik heb collega Paternotte er nog niet op
horen terugkomen — of om de gehandicaptenzorg: bij alles wordt op zijn
best voorgesteld om een proces te maken en dat we het er dan in augustus
over gaan hebben, zo is mijn gevoel nu. Is dat wat u voorstelt? Ik
verwacht ergens wel ... We hebben al genoeg debatten gehad met een
uitgestoken hand van een premier in een meerderheidskabinet. Ik hoor net
premier Jetten zeggen "wij gaan voor samenwerking", maar wat betekent
die samenwerking vanaf vandaag voor deze minderheidscoalitie?
De heer Paternotte (D66):
U zei net al: aan de slag. De bewindspersonen zitten er nu twee dagen.
Ze weten misschien net hoe de telefoons op hun bureaus werken. Dat is
blijkbaar op orde, begrijp ik. Ze zijn nog maar twee dagen bezig. Ze
moeten vooral aan de slag. Wat betekent het? Ik wil niet zeggen — daarom
heb ik het volgens mij ook niet letterlijk gezegd — dat u eerst maar met
een dekking moet komen als u iets heeft. Ik vind dat er veel respect
nodig zal zijn. Respect is inderdaad noodzakelijk, want we hebben 66
zetels.
Tegelijkertijd is het voorstel over de AOW uiteindelijk bedoeld om 3,3
miljard euro te besparen en daarmee de AOW houdbaar te maken. Ik denk
dat we allebei het probleem zien van de dubbele vergrijzing in Nederland
en dat we het superbelangrijk vinden dat deze sociale voorziening
blijft. Als iedereen zegt "dat wil ik niet" ... Oké, dat kan. Maar of ik
er nou om vraag of de Tweede Kamer, uiteindelijk zal het ergens van
betaald moeten worden. Dan is het ook niet gek dat ik zeg superbenieuwd
te zijn naar uw alternatieven. Ik zal daar nog veel beter naar moeten
luisteren dan in het verleden, toen we samen in een coalitie zaten,
simpelweg omdat het noodzakelijk is en ook omdat ik er oprecht benieuwd
naar ben. Ik gaf net voorbeelden aan de heer Klaver. Er zijn zat
voorbeelden waarin de oppositie het beleid veel beter heeft gemaakt.
Uiteindelijk staan we niet met 66 zetels maar met z'n allen voor de taak
om Nederland te besturen. Anders kunnen deze mensen niks voor elkaar
krijgen en wij allemaal ook niet. Dit is een kans om een nieuwe
politieke cultuur met elkaar te bouwen.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Sterker nog, als de oppositie in meerderheid zou zeggen "wij willen die
maatregel niet", dan heeft collega Paternotte alsnog een gat in de
begroting, naast het gat in zijn coalitie dat hij standaard al heeft.
Als ik op een aantal punten indringend aangeef "dit moet echt anders",
dan stelt het mij onvoldoende gerust als ik alleen te horen krijg: we
gaan het erover hebben. Want ja, ik kan met iedereen eindeloos
theedrinken, tot heel ver in het leven, maar daar gaat het niet om. We
willen hier dingen voor elkaar krijgen. We willen aan de slag. Ook voor
de mensen die werken in de gehandicaptenzorg of gewoon voor de
gemiddelde Nederlander die op dit moment hard aan het werk is, die
helemaal niet naar dit debat zit te kijken en die z'n bammetjes
waarschijnlijk allang op heeft, moeten er hier resultaten worden
geboekt. Ik had gehoopt dat we die stap in dit debat al iets verder
zouden kunnen zetten. Wat kan collega Paternotte op dat punt doen zodat
we straks niet alleen een gat in de coalitie hebben, maar vooral een
stevige begroting en een coalitie die meerderheden in de Kamer heeft om
dingen voor elkaar te krijgen?
De heer Paternotte (D66):
Ik vind dat de armoede in Nederland moet dalen, en niet moet stijgen.
Dat is ook de opdracht die ik graag aan dit kabinet wil meegeven en een
verwachting die ik heel duidelijk uitspreek. U, zeg ik via de
voorzitter, zei net inderdaad dat er alsnog een gat in de begroting zit
als niemand het steunt. Dat klopt. Dat is inderdaad zo. Maar ik denk ook
dat we dat dan allebei niet moeten willen. Dat is ook waarom het geen
loze woorden zijn of kúnnen zijn dat we dat gesprek aan willen gaan en
dat we hartstikke goed naar alternatieven gaan kijken. Dus ja, u kunt
zeggen dat u hier te weinig beweging ziet. Het is inderdaad niet zo dat
ik zeg dat ik nog eens over het gesloten coalitieakkoord heb nagedacht
en dat ik vind dat daar eigenlijk hele slechte voorstellen in staan. Dat
is zeker niet zo. Maar ik ben er zeker van overtuigd dat, als wij het
met elkaar op een inhoudelijke manier gaan aanpakken, we het voor mensen
in Nederland beter kunnen maken en dat er misschien ook wel betere
voorstelen op tafel komen. Die heb ik zeker. Die heb ik in het verleden
ook gezien.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Hoe betrouwbaar vindt de heer Paternotte dat het landsbestuur moet
zijn?
De heer Paternotte (D66):
Heel betrouwbaar.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik stel die vraag omdat wij gisteren een bijeenkomst hadden met
werkgevers, werknemers en de voorzitter van de SER. De voorzitter van de
SER zei: als je een afspraak maakt, is het erg belangrijk dat iedereen
zich daaraan houdt en die afspraak op waarde schat. Vervolgens zeiden de
vakbonden: afspraak is afspraak. Vervolgens zeiden de werkgevers dat ook
voor hen geldt: afspraak is afspraak. Het ging hierbij over de
AOW-leeftijd. Dat is een afspraak die ons landsbestuur ook heeft gemaakt
met al die mensen in Nederland, namelijk de afspraak dat ze op tijd
kunnen stoppen met werken. Dus mijn vraag aan de heer Paternotte is: hoe
betrouwbaar bent u?
De heer Paternotte (D66):
Volgens mij was dat ook een afspraak waar u tegen was. Maar het klopt
dat er zeven jaar geleden een pensioenakkoord is gesloten en dat dat
superbelangrijk is geweest voor Nederland. Ik was er daarom ook groot
voorstander van. Velen, aan meerdere kanten van deze Kamer, hebben daar
inderdaad hun nek voor uitgestoken. Ik heb gisteren ook gehoord wat
daarover is gezegd. Dat lijkt me een belangrijk signaal aan het kabinet.
Ik zie het alleen niet zo voor me dat je geen voorstel zou mogen doen om
iets te veranderen als je ziet dat de wereld ondertussen wel verandert
en dat we te maken hebben met een snelle vergrijzing. Ik zie het niet zo
voor me dat je dan niet met sociale partners in gesprek zou mogen gaan
om daar iets aan te verbeteren. Ik denk dat dat ook best logisch is. Het
gaat nu om een pensioenakkoord van zeven jaar geleden en een voorstel om
daar over zeven jaar iets aan te veranderen.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Dit vind ik dus uiterst onbetrouwbaar. Ik snap heel erg goed dat
werknemers in Nederland, jongeren die te horen krijgen dat ze tot hun
71,5ste moeten doorwerken en onze vakbonden, maar ook werkgevers zeggen:
afspraak is afspraak. En u houdt zich er nu niet aan. U heeft eerst
opgeschreven dat de AOW-leeftijd verhoogd moet worden en zegt
vervolgens: ga met ons in gesprek om samen te werken. Nee, dat is de
verkeerde volgorde. Dat is onbetrouwbaar landsbestuur. Ik vind dat een
partij als D66, de grootste partij van dit land, hier en nu heel simpel
kan zeggen: afspraak is afspraak; ons landsbestuur heeft die afspraak
met de vakbonden en de werkgevers gemaakt en daar gaan wij ons aan
houden.
De heer Paternotte (D66):
Dit is toch heel raar? De heer Dijk is tegen het pensioenakkoord geweest
en heeft elke dag gezegd: van tafel; weg ermee! Nu wil het kabinet er
iets aan veranderen en daarover in gesprek gaan met sociale partners en
zegt hij: dat is onbetrouwbaar. Dan bent u elke dag onbetrouwbaar
geweest.
De voorzitter:
Tot slot, de heer Klaver.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Het gaat lekker!
De heer Paternotte (D66):
Ik wil graag antwoord geven.
De voorzitter:
Nee, nee, nee.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Het was een uitroepteken, geen vraagteken.
De voorzitter:
Dat doet u ruimschoots, meneer Paternotte. Meneer Klaver.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Wij waren betrokken bij het pensioenakkoord. Dat was namelijk anders dan
eerdere akkoorden. Dat heeft Wouter Koolmees heel goed gedaan toen hij
minister van Sociale Zaken was: niet alleen in de polder een afspraak
maken, maar er ook voor zorgen dat er hier in de Kamer meer dan 100
zetels voor waren. Bij die gesprekken heb ik gezeten. Wat zeiden we
tegen elkaar? We zorgen ervoor dat, ook als er na de verkiezingen iets
verandert in de samenstelling, we zeker weten dat we hiermee doorgaan.
Toen we dat deden in 2020, deden we dat met het idee dat we hiermee de
komende dertig jaar voort konden gaan, en niet dat we na vijf jaar weer
met allerlei aanpassingen zouden komen. De bonden, de sociale partners,
zeggen: er wordt een afspraak geschonden. Wij zeggen: de afspraken
worden geschonden. Bent u het ermee eens, meneer Paternotte, dat u
hiermee een afspraak bij de prullenbak zet?
De heer Paternotte (D66):
De heer Klaver is net in zijn termijn hartstikke duidelijk geweest over
hoe hij hiertegen aankijkt, wat hij ervan vindt en hoe hij dat weegt.
Dat lijkt me een heel belangrijk signaal aan het kabinet dat hiermee aan
de slag gaat en dat hierover in gesprek wil met sociale partners. Wat ik
de heer Klaver eigenlijk hoor zeggen, is: het pensioenakkoord is een
afspraak; je mag niet voorstellen om iets wat daarbinnen valt te
veranderen. Dat kan ik niet volgen. Het klinkt alsof hij daar een
100%-principe van maakt: je mag niet voorstellen om daar iets aan te
veranderen. Het pensioenakkoord is zeven jaar geleden gesloten. Het gaat
nu om een voorstel om over zeven jaar iets te veranderen aan hoe we die
een-op-een koppeling aan de AOW organiseren. Dat is dan veertien jaar na
de start van het pensioenakkoord. Als hij dat onbetrouwbaar vindt, dan
snap ik niet waarom hij in zijn verkiezingsprogramma ook een voorstel
doet om dat pensioenakkoord te veranderen als het gaat om de verplichte
pensioenopbouw voor zelfstandigen. Ook dat is een wijziging van het
pensioenakkoord. Ik snap zijn inhoudelijke bezwaren, maar ik denk niet
dat je dit kunt verheffen tot een principe waardoor je daar überhaupt
niet over mag praten.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Dan hebben we misschien toch een probleem. Als de heer Paternotte
serieus meent dat hij hier niet ziet wat het probleem is van het
schenden van deze afspraak, als hij niet inziet dat de hele verhoging
van de AOW-leeftijd absoluut het springende punt is en als hij niet
inziet dat dit niet iets van alleen mijn fractie is, maar van heel veel
fracties hier in het parlement en, veel belangrijker nog, van vakbonden,
die hierover afspraken hebben gemaakt, dan hebben we hier een
fundamenteel probleem. Voorzitter, ik weet dat u haast wil maken, maar
ik blijf bij dit punt stilstaan, omdat dit voor ons tamelijk cruciaal
is. Het grote verschil zit 'm in het volgende. De heer Paternotte mag
best bij ons terugkomen en zeggen: "Weet u wat? We hebben er nog eens
over nagedacht. We zouden over de AOW-leeftijd willen praten." Er wordt
echter een bezuiniging van meer dan 2 miljard in het regeerakkoord gezet
en er wordt tegen ons gezegd: "Dit gaan we nu doen. O, by the way, als u
iets anders wil, moet u even 2 miljard ophoesten."
De voorzitter:
Uw vraag, meneer Klaver?
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Dit gaan wij niet doen, never nooit niet. Voor mijn fractie is dit de
lakmoesproef voor het kabinet en ook voor de coalitiefracties. Op welke
wijze wilt u gaan samenwerken met het parlement? U ziet wat dit met ons
doet. Dit is de lakmoesproef. Ik hoop dat u goed wilt nadenken over wat
u met deze maatregel doet. Wees verstandig en haal hem van tafel.
De heer Paternotte (D66):
U uit zich hier duidelijk over. Het is helder. Het is superbelangrijk. U
heeft toen inderdaad uw nek uitgestoken voor het pensioenakkoord. Dat
geldt ook voor heel veel Kamerleden van de Partij van de Arbeid. Het was
heel belangrijk, omdat we daarmee een breed draagvlak konden krijgen
voor een hele grote herziening, die inderdaad over veel dingen ging.
Alleen, u blijft hier zeggen: "Dit is zo fundamenteel; je mag er
überhaupt niet over praten. Je mag wel praten over wat je met de
AOW-leeftijd wil, maar niet over dit punt." Dan is het toch niet zo gek
dat ik zeg dat erover valt te praten? U zegt zelf: er valt te praten
over alternatieven, maar niet over dit punt. Dan is dat toch het werk
dat het kabinet moet gaan doen? Dan kun je toch niet zeggen: voor ons is
daar überhaupt geen gesprek over mogelijk?
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Wij gaan er niet over praten. Laat ik volstrekt helder zijn: wij gaan
niet praten over deze AOW-leeftijdsverhoging en we gaan er zeker niet
voor betalen. De bonden hebben precies hetzelfde aangegeven. Nu hebben
we hier de hele ochtend een debat gehad waarin u zegt: "We zijn een
minderheidscoalitie. We moeten goed luisteren naar anderen. We moeten
tot elkaar komen." U wilt met de bonden sociale akkoorden sluiten over
werknemersverzekeringen, maar de bonden zeggen: wij gaan niet praten als
dit nog op tafel ligt. Onze fractie geeft aan: "We hebben hier een
afspraak over gemaakt. Dat is nog maar vijf jaar geleden, maar nu gaat u
hem alweer herzien?" Als u deze houding blijft aanhouden, maakt u hier
een cruciale fout. Ik zou bijna willen smeken: doe het niet; dit is
onverstandig. Hoe u met de AOW-leeftijdsverhoging omgaat, is de
lakmoesproef voor hoe dit kabinet wil omgaan met de oppositie en met de
sociale partners. Denk goed na.
De heer Paternotte (D66):
De heer Klaver heeft natuurlijk de handen totaal vrij. Hij hoeft
helemaal niets te steunen wat hij niet wil steunen. Ik hoop echter dat
hij wel degelijk openstaat voor een gesprek, want ik denk dat dingen
beter worden als we hem er wel bij hebben aan tafel. Ik hoor hoe hij
hierover praat. Ik kijk ook naar zijn eigen verkiezingsprogramma. Het is
echt niet zo dat partijen in deze Kamer zeggen: wij denken nooit meer na
over hoe we iets aan het pensioenakkoord zouden moeten veranderen. Het
kabinet heeft letterlijk opgeschreven: dat moet samen met sociale
partners. De eerste koppen koffie die de heer Vijlbrief met hen zal gaan
drinken, zijn hartstikke belangrijk, maar laten we dit nou niet op deze
manier verheffen. Het is niet alsof je in Nederland over alles kan
praten, maar niet over dit ene punt.
De voorzitter:
Ik had gezegd dat we zouden gaan schorsen voor lunch, meneer
Wilders.
De heer Wilders (PVV):
Voorzitter, mag ik een punt van orde maken? Dit is wel een kernpunt van
het debat. We zijn nu bezig met de AOW, dus ik vind echt dat u ons zou
moeten toestaan om nog even door te gaan.
De voorzitter:
Laat ik dan twee interrupties per lid voorstellen voor de leden die hier
vooraan staan. Dan begin ik bij de heer Dassen. Of meneer Vermeer, ging
het over dit onderwerp?
De heer Vermeer (BBB):
Jazeker.
De voorzitter:
Dan is eerst de heer Vermeer en dan de heer Wilders. Twee
interrupties.
De heer Vermeer (BBB):
Jazeker, voorzitter. De heer Paternotte zegt: "Het is gewoon een
gesprek. We willen dat akkoord openbreken." Het wordt echter wel gewoon
ingeboekt in de begroting. Waar heeft de heer Paternotte wisselgeld
zitten? Ik wil heel graag weten bij welke posten dat zit, want dat wil
ik ook wel gebruiken.
De heer Paternotte (D66):
Ja, wisselgeld ... We staan met elkaar voor een gigantische opgave. Het
staat er natuurlijk niet voor niks in als voorstel. We zien namelijk dat
de vergrijzing hard doorgaat. We willen de AOW met elkaar betaalbaar
houden. Er werd net ook iets gezegd over wat het voor iemand van 20 kan
betekenen. Als de levensverwachting heel hard blijft stijgen, dan zullen
we ook meer mensen nodig hebben op de arbeidsmarkt. Maar we weten niet
zeker of de levensverwachting zo hard blijft stijgen. Het gaat erom dat
je het koppelt aan of de levensverwachting inderdaad stijgt. Het
voorstel is om dat over zeven jaar in te voeren. Dus ja, wisselgeld? Ik
ben hartstikke benieuwd hoe andere partijen aankijken tegen de vraag hoe
we ervoor kunnen zorgen dat we de AOW houdbaar houden, zodat we die
voorziening, die volgens mij in de jaren vijftig ooit is begonnen en die
ongelofelijk belangrijk is, ook voor een volgende generatie beschikbaar
kunnen houden.
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Vermeer (BBB):
Ik heb helemaal geen behoefte aan een technische uitleg over waarom de
heer Paternotte dat nodig vindt. Als hij zegt "het is eigenlijk gewoon
maar een bespreekpunt; wij willen dat inbrengen bij de sociale
partners", dan zal hij ook met iets moeten komen, want als hij dit
voorstel schrapt, kost dat heel veel geld, in ieder geval in het plaatje
dat dit tekentafelkabinet neergezet heeft. Dat moet wel ergens vandaan
komen. Ik wil weten waar dat vandaan komt.
De heer Paternotte (D66):
De heer Vermeer is zelf ook financieel deskundig. Hij zal zelf allerlei
ideeën hebben over hoe je dit zou moeten doen. Misschien is hij tegen
deze maatregel. Hij was volgens mij ook tegen het pensioenakkoord. Hij
zal vast denken: wat moet je dan wel doen als we het hebben over hoe we
in Nederland met het geld omgaan? Misschien wil hij de staatsschuld
laten oplopen. Misschien wil hij hogere belastingen. Dat kan, maar dan
moeten we daar toch het gesprek over voeren?
De heer Wilders (PVV):
Ik ben het helemaal eens met de heer Klaver, die net zei: het
AOW-voorstel moet 100% van tafel. Gewoon ophouden ermee. Vandaag uw
verlies nemen en ermee stoppen. Maar mijn vraag — het is niet
gebruikelijk hier — zou eigenlijk aan de heer Klaver zijn: wat betekenen
die woorden van u? U heeft dat de vorige keer, in het debat een paar
weken geleden, ook gezegd. Ik heb toen een motie van u meeondertekend.
Die heeft het niet gehaald. Toen schreeuwde u ook moord en brand, zo
van: "de laatste kans" en "dit moet gebeuren". U ging gewoon over tot de
orde van de dag. Nu staat u er een tweede keer. Nu komt u weer naar
voren. Nogmaals, ik ben het helemaal met u eens.
De voorzitter:
Wat gebeurt hier nou toch?
De heer Wilders (PVV):
GroenLinks-Partij van de Arbeid …
De heer Paternotte (D66):
Ik wil graag namens de heer Klaver antwoord gaan geven.
De voorzitter:
Wat gebeurt hier nou toch?
De heer Wilders (PVV):
Nu zegt hij weer: dit is de laatste keer …
De voorzitter:
Meneer Wilders, wat gebeurt hier nou toch?
De heer Wilders (PVV):
Wat betekent dit? Als het kabinet weer zegt "we doen het niet", wat
betekent dat dan?
De heer Paternotte (D66):
Jesse Klaver …
De voorzitter:
Wacht heel even. De heer Klaver is al geweest, meneer Wilders.
De heer Paternotte (D66):
Ja, ik wilde het net zeggen.
De voorzitter:
Maar ik hoor dat de heer Paternotte wil antwoorden voor de heer Klaver.
Die vindt dat goed.
De heer Wilders (PVV):
Ik heb een vraag.
De voorzitter:
Morgen heeft de heer Klaver weer een tweede termijn.
De heer Wilders (PVV):
Hij heeft net in een interruptie dingen gezegd waar ik op aansla.
De voorzitter:
Ja, zo gaat dat in een debat. U bent de nestor van de Kamer. U weet hoe
dat gaat.
De heer Wilders (PVV):
Zo is dat. Daarom mag u weleens naar mij luisteren.
De voorzitter:
Ik geef toch het woord aan de heer Paternotte, want die kan dat
vast.
De heer Paternotte (D66):
De heer Klaver verkondigde net aan het eind van zijn termijn eigenlijk
glashelder ongeveer dezelfde boodschap als die hij net bij de
interruptiemicrofoon verkondigde. Dan zou ik zeggen: let een beetje op
in het debat, kom dan naar voren en stel de heer Klaver een vraag. Ik
kan niet namens Jesse Klaver spreken, want dan word ik daar keihard op
aangesproken, denk ik.
De voorzitter:
Tot slot, meneer Wilders.
De heer Wilders (PVV):
De conclusie blijft dat als de heer Klaver nu voor de tweede keer het
mes op de keel van dit kabinet zet als het gaat om de AOW en vervolgens
accepteert dat er niets mee gebeurt, het kabinet dan de handen vrij
heeft om waar dan ook te snijden, want de dreigementen van Partij van de
Arbeid-GroenLinks hebben totaal geen waarde. Daarom zeg ik: dit gaat
niet werken. Dit gaat niet werken. Of je bijt door, of je laat ze
Nederland kapotmaken. Het is een van de twee.
De voorzitter:
Wenst u hierop te reflecteren, meneer Paternotte? Het is een bijzondere
vorm. Nee. Tot slot voor de lunch, meneer Dassen.
De heer Dassen (Volt):
We hebben het nog weinig over Europa gehad. Juist in deze turbulente
wereld is dat volgens mij een van de kernpunten waar we met elkaar over
moeten spreken. Het vorige debat gaf enige onduidelijkheid over de zin
die in het coalitieakkoord staat over Europa: als je van Europa een
machtsfactor wil maken, zal er een andere mentaliteit nodig zijn. Nu
zien we wel dat de 1,6 miljard aan bezuinigingen op de afdracht, nog
fier overeind staan. Dat is de gebruikelijke kruideniersmentaliteit.
Navraag bij het CDA en de VVD in dat debat leek duidelijk te maken dat
zij er niet zo happig op waren om de afdrachtkorting die het
kabinet-Schoof had ingeboekt, weg te halen.
De voorzitter:
Uw vraag?
De heer Dassen (Volt):
Hoe gaan we ervoor zorgen dat die nieuwe mentaliteit geen
kruideniersmentaliteit wordt, vraag ik aan de heer Paternotte.
De heer Paternotte (D66):
Daar ben ik echt heel optimistisch over. Ja, de afdracht die we nu
hebben, staat er inderdaad nog steeds in, maar daarmee is Nederland nog
altijd … We zijn een land dat gigantisch profiteert van de Europese
Unie, maar we zijn natuurlijk ook een nettobijdrager aan de Europese
Unie. Dat blijft ook gewoon zo, ook met het plan dat in het
coalitieakkoord is gezet. We zien bijvoorbeeld ook de steun voor
Europese instrumenten voor defensie-investeringen, of het nou het
SAFE-instrument is of de Europese obligaties die we nu in Oekraïne
investeren, om daarmee ook ons continent veilig te houden. We zien de
plannen voor het Europees defensiemechanisme, voor samenwerking tussen
de inlichtingendiensten en het Europees Migratiepact. We zien de inzet
voor een sterk MFK, dat we ook willen herprioriteren om meer te kunnen
investeren in innovatie en defensie. Dat zijn allerlei dingen. Daar
heeft Volt misschien niet helemaal aan meegeschreven, maar het zou
hebben gekund.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Dassen (Volt):
Dat vind ik iets te optimistisch. Als je zegt dat Europa een machtsblok
moet worden, dan hoort daar ook een serieuze begroting bij. Het
kabinet-Schoof wilde korten op de afdracht. Ik hoop toch dat dit kabinet
dat niet gaat voortzetten. Sterker nog, ik hoop dat het MFK een serieuze
begroting wordt die groter wordt, juist om te kunnen investeren in
defensie, in klimaat, in innovatie, in de economie, in juist al die
thema's die zo belangrijk zijn. Mijn vraag is: heeft D66 met het CDA en
de VVD afspraken gemaakt over wat die verhoging zou moeten zijn? Of zijn
daarover geen afspraken gemaakt, wordt daar dadelijk nog over
onderhandeld en blijft het, zoals de VVD al aangeeft, bij de
kruideniersmentaliteit?
De heer Paternotte (D66):
Wij willen een ijzersterk Europa. Daar hebben we afspraken over gemaakt.
We hebben bijvoorbeeld afgesproken dat we de helft van onze
defensie-inkopen bij Nederlandse en Europese bedrijven gaan doen en
gezegd dat we veel meer in Europa zelf willen gaan produceren. U had
laatst een debat over clouddiensten met, toen nog, de minister van
Economische Zaken. Daarin adresseerde u de kwestie dat wij in de Kamer
allemaal met Amerikaanse apparatuur werken. Als we technologie nodig
hebben, dan komen we steeds bij de Amerikanen terecht. We willen
natuurlijk zeker niet bij de Chinezen terechtkomen. Nou, we gaan vaker
projecten opsplitsen, zodat ook kleinere Europese aanbieders daarvan
gebruik kunnen maken en in die markt kunnen stappen en ook zij zich
kunnen ontwikkelen. We gaan de kapitaalmarktunie met elkaar bouwen. We
gaan allemaal dingen doen die voor Nederland hartstikke goed zijn en die
voor Europa hartstikke hard nodig zijn. Misschien moeten we dat samen
doen en moet u er ook nog even voor zorgen dat daar ook een fatsoenlijke
Europese vlag komt, die ik op het kantoor van de secretaris-generaal en
op het kantoor van de minister-president al een stuk vaker zie.
De voorzitter:
Dank u wel.
De beraadslaging wordt geschorst.
De voorzitter:
Ik schors de vergadering tot 14.35 uur. Daarna gaan wij verder met de
regeling van werkzaamheden en daarna met de voortzetting van de eerste
termijn van de zijde van de Kamer in het debat over de
regeringsverklaring.
De vergadering wordt van 13.50 uur tot 14.35 uur geschorst.
Debat regeringsverklaring
Debat regeringsverklaring
Aan de orde is de voortzetting van het debat over
de regeringsverklaring.
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Ik verzoek de leden van de Kamer en de leden
van het kabinet hun plaats in te nemen. Het woord is aan de heer Wilders
voor zijn bijdrage in de eerste termijn namens de Partij voor de
Vrijheid.
De heer Wilders (PVV):
Meneer de voorzitter. Daar zitten ze dan: het kabinet-Jetten. Ik zie een
aantal bekende gezichten en ik hoor wat nieuwe namen. Ik hoorde ze
gisteren op de televisie allemaal zeggen dat ze er veel zin in
hebben.
Voorzitter. Ze zullen me vergeven dat ik dat niet begrijp, want het
coalitieakkoord dat ze gaan uitvoeren is de sloop van Nederland. Het is
niet de zon die gaat schijnen, maar een enorme orkaan die over ons land
heen komt. De grenzen blijven wagenwijd open en met een structurele
bezuiniging van 15 miljard euro worden onze zorg en sociale zekerheid
faliekant gesloopt. Hoe eerder ze dus van het toneel verdwijnen, hoe
beter.
Voorzitter. Het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA lijkt geschreven
door mensen van een andere planeet die geen enkel besef hebben van, of
misschien zelfs lak hebben aan, de dagelijkse problemen en
overlevingsstrijd van zo veel Nederlanders. Er zitten mensen in vak K
die hun links-liberale dogma's over klimaat, Afrika, stikstof en
asielzoekers toch op een of andere manier door de strot proberen te
duwen van de gewone mensen thuis. Die mensen vragen helemaal niet om een
verplichte warmtepomp, maar willen wel dolgraag een betaalbare tas met
boodschappen, een lagere energierekening en minder asielzoekers, zodat
ze veilig met hun gezin kunnen wonen in een dorp of in een stad. Maar
het kabinet-Jetten, voorzitter, doet helemaal niets voor ze: geen
lastenverlichting, maar lastenverzwaring; geen asielstop, maar open
grenzen.
Voorzitter. Nederland dreigt een groot asielzoekerscentrum te worden.
Terwijl we nu al bomvol zitten met vreemdelingen, komen er nog steeds
iedere week, ook deze week weer, 900 nieuwe asielzoekers ons land
binnen. Onze schatkist wordt geplunderd, onze huizen weggegeven aan
mensen die hier nog nooit ook maar één cent hebben bijgedragen. Het
wordt steeds gekker nu behalve asielzoekers ook hun nareizigers massaal
worden binnengehaald en gefêteerd. Ze krijgen luxe hotelkamers met
gratis verwarming, gratis eten, een uitkering en gratis zorg zonder
eigen risico, in afwachting van een mooi huis, dat ze ook nog een keer
met voorrang krijgen. Vind je het gek dat ze dan massaal naar Nederland
komen? Er komen maar liefst nog 53.000 meer nareizigers deze kant op.
Alle 322 COA-locaties die Nederland kent, zitten nu al propvol. Met de
dwangwet zullen er dit jaar nog duizenden extra plekken door de strot
van de Nederlanders in onze dorpen en steden worden geduwd.
Ik zeg tegen premier Jetten: u speelt met vuur. Veel Nederlanders pikken
dit niet meer. De maatschappelijke onrust en volkswoede — het moet
natuurlijk altijd democratisch en geweldloos — stijgen met de dag als u
laf de andere kant op blijft kijken en dit allemaal laat gebeuren.
Voorzitter. Het is ook culturele zelfmoord, want het gros van de
asielzoekers komt uit islamitische landen, waardoor de islamisering van
ons land ook nog eens wordt gefaciliteerd. Onze waarden verdampen waar
we bij staan. Onze tradities worden bij het grofvuil gezet. Onze vrouwen
en dochters zijn in hun eigen wijken en steden vogelvrij verklaard. Nu
al wordt de helft van de seksuele misdrijven in Nederland door
allochtonen gepleegd, en vooral door niet-westerse allochtonen. Dit zijn
harde cijfers. Ons land, Nederland, dreigt een dependance van de
islamitische wereld te worden, waar straten inmiddels volhangen met
ramadangekkigheid, terwijl het woord "kerstmis" inmiddels taboe is. Het
is echt ongelofelijk. En wat doet het kabinet? Het kabinet kijkt niet
alleen weg, maar houdt de deur wagenwijd open en rolt de rode loper uit
voor de ondergang van onze cultuur.
Voorzitter. Als PVV vinden wij dat we onmiddellijk moeten stoppen met
deze georganiseerde zelfdestructie. Er moet per direct een asielstop en
een stop op gezinshereniging worden ingevoerd. Andere landen doen dat
al. Grenzen dicht en geen uitzonderingen. Laat geen asielzoeker meer ons
land binnen. Stuur ze direct terug aan de grens. Ze komen immers uit
veilige landen. Leer van Duitsland. Duitsland heeft sinds vorig jaar
ruim 46.000 mensen meteen teruggestuurd aan hun grens. Leer van
Oostenrijk. Dat land heeft de gezinshereniging, binnen de Europese
regels, tijdelijk stopgezet. Doe dat ook. Waarom doen wij dat niet?
De heer Van Baarle (DENK):
Dit is het verhaal van de heer Wilders dat we helaas al twintig jaar
horen: het is de schuld van vluchtelingen, van Nederlanders met een
migratieachtergrond, van moslims en van de islam. Het is de heer Wilders
die er een puinzooi van maakt! Het is de heer Wilders die Nederlanders
goedkopere boodschappen en huren beloofde, maar die niet heeft geleverd.
Het is de heer Wilders die er een puinzooi van heeft gemaakt, met zijn
vorige kabinet en het kabinet daarvoor! En dan geeft hij nu de schuld
aan moslims, vluchtelingen en de islam. Ziet de heer Wilders dan niet in
dat het niet de islam is, maar de heer Wilders die een puinhoop van
Nederland maakt? Hij creëert al twintig jaar chaos en staat hier maar te
roepen en naar iedereen te wijzen. Híj is het die er een puinhoop van
maakt!
De heer Wilders (PVV):
Nee, integendeel. Dat zou ook niet kunnen in twaalf maanden tijd. Het
zijn juist al die bestuurders die in de afgelopen decennia — ik heb het
hier namelijk over tientallen jaren — de halve wereld hebben
binnengelaten. Ik zei het vanmorgen al in mijn interruptie: sinds 2015
zijn er 500.000, een half miljoen, vreemdelingen en asielzoekers dit
land binnengekomen. Ze zijn niet allemaal gebleven, maar wel
binnengekomen. Dat kan geen land aan! Dat kunnen wij ook niet aan. Als
men vorig jaar naar ons had geluisterd, toen wij voorstellen deden om
die asielstop in te voeren — Duitsland doet dat nu op een bepaalde
manier — of als we de gezinshereniging tijdelijk zouden stoppen zoals in
Oostenrijk, dan hadden we nu niet in de penarie gezeten. Dan hadden we
nu niet alleen maar overvolle azc's gehad. Dan hadden we plek en geld
gehad, want dan waren die asielzoekers Nederland niet meer
binnengekomen. Dat kost miljarden per jaar! Dan hadden we geld gehad om
die boodschappen te verlagen.
De heer Van Baarle (DENK):
Wat er nou zo giftig is aan wat de heer Wilders doet, is dit: als je het
geloof van meer dan een miljoen Nederlandse moslims een-op-een
gelijkstelt aan de walgelijke dingen die de heer Wilders zegt, of als je
vluchtelingen vergelijkt met natuurrampen en andere verschrikkelijke
dingen, creëer je een klimaat van onveiligheid. We hebben het bericht
uit Tiel gezien. We hebben gelezen dat een man een wapen heeft gericht
op de vrouweningang van een moskee. In de afgelopen weken is een
islamitische school bedreigd en beklad. Meerdere moskeeën hebben
dreigbrieven ontvangen. Dat komt door het klimaat dat de heer Wilders
zaait en door de haat die de heer Wilders zaait. Ik zou tegen de heer
Wilders willen zeggen dat hij Nederland onveiliger maakt, dat hij ervoor
zorgt dat deze dingen gebeuren en dat als er wat gebeurt — ik hoop dat
dat niet het geval is — hij daar medeverantwoordelijk voor is. Ik vraag
hem daarmee te stoppen.
De heer Wilders (PVV):
Nee, we gaan met heel veel enthousiasme door met het stoppen van de
islamisering van Nederland. We doen alles, maar dan ook alles, wat in
onze macht ligt om dat voor elkaar te krijgen.
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Van Baarle (DENK):
De heer Wilders vierde niet lang geleden — ik vind dat absoluut geen
felicitatie waard — dat de PVV twintig jaar bestaat. In die twintig jaar
hebben we gezien dat er in Nederland steeds meer moskeeën zijn opgericht
door islamitische gemeenschappen verspreid door het land. We zien dat de
ramadan inmiddels gevierd wordt en dat straten versierd worden omdat
Nederlanders gezamenlijk de iftar verbreken. De heer Wilders kan hier
twintig jaar haat blijven zaaien, maar ik zie gelukkig steeds meer
mensen in Nederland die zich niets aantrekken van de boodschap van de
heer Wilders, die willen samenleven, die samen wijken willen vormen, die
trots zijn op hun islamitische of niet-islamitische identiteit en
allemaal Nederlander zijn. Ik zou tegen de heer Wilders willen zeggen: u
kunt nog twintig jaar doorgaan, maar het Nederland van diversiteit gaat
winnen en uw Nederland gaat verliezen.
De heer Wilders (PVV):
Nee, mijn Nederland gaat winnen. Ik zie steeds meer mensen die het
spuugzat zijn dat ze hun land kwijtraken en dat ze niet meer over Zwarte
Piet, maar ook niet meer Kerstmis mogen spreken. Ik zie steeds meer
mensen die mee worden gesleurd in een ramadangekte, die op alle
mogelijke manieren last hebben van de massa-immigratie, die ervoor
moeten betalen, die op een huis moeten wachten dat anderen met voorrang
krijgen, die het oneerlijk vinden dat zij een eigen risico hebben,
terwijl mensen die zomaar ons land binnenkomen dat niet hebben. Mensen
worden daar knettergek van. Ik zal hiermee doorgaan, want dit is kei- en
keihard nodig.
Voorzitter. Ik heb ook de volgende oproep aan het kabinet. Sluit de
azc's en sluit de belachelijke voorrang voor statushouders op de
woningmarkt, zodat de discriminatie van Nederlanders stopt. Gooi de
wrede dwangwet vandaag nog in de prullenbak. Geef Nederlanders hun land
terug. Laten we ook beginnen met grootscheepse remigratieprogramma's,
bijvoorbeeld voor Syriërs. Doe dat snel. De afgelopen jaren zijn er
namelijk meer dan 77.000 Syriërs genaturaliseerd tot Nederlander. Dat is
echt complete waanzin. Stuur ze terug naar hun eigen land, dat ze
vervolgens kunnen helpen opbouwen.
Voorzitter. Nederland heeft de grens van wat wij aankunnen al vele malen
overschreden. We zijn al veel te lang het afvoerputje van de wereld
geweest.
De heer Paternotte (D66):
De heer Wilders zei net dat dit kabinet asielzoekers een hotelkamer
geeft, maar dat deed mevrouw Faber als minister toch ook?
De heer Wilders (PVV):
Laat ik beginnen met zeggen dat mevrouw Faber het geweldig heeft gedaan.
Ik ben ontzettend trots. Daar zit ze. U kunt dadelijk misschien even de
moeite nemen om haar een hand te geven om haar te bedanken voor alles
wat zij voor Nederland heeft gedaan. Mevrouw Faber is elf maanden
minister geweest. Dat is inderdaad te kort om de erfenis, de puinhoop op
te ruimen die ze kreeg van de staatssecretaris die bekend was vanwege
zijn zin "hoe meer asielzoekers, hoe beter", die volgens mij in een
andere functie nu weer in vak K zit. Dat kost tijd. Daar zat zij dus
mee. Tegelijkertijd heeft u gezien dat zij wat betreft Ter Apel, ik
geloof op één keer na, altijd onder de aantallen is gebleven die daar
gehuisvest mochten worden. Zij heeft het dus hartstikke goed gedaan,
ondanks de ellende waarmee zij door tien à elf jaar VVD-beleid en
D66-beleid werd opgezadeld. Als de partijen voor onze voorstellen hadden
gestemd en het kabinet niet was gevallen, dan had ze nog veel meer goede
dingen kunnen doen.
De heer Paternotte (D66):
Het antwoord is dus ja. Mevrouw Faber gaf asielzoekers inderdaad een
hotelkamer. Er staat in het akkoord van dit kabinet dat we daarmee
willen stoppen. We willen asielzoekers geen hotelkamer meer geven. We
willen alleen maar normale azc's en niet meer die dure hotelkamers. Hoe
kan het nou dat u dat elf maanden lang niet voor elkaar kreeg, maar wel
boos bent dat dit kabinet dat in twee dagen nog niet gefikst heeft?
De heer Wilders (PVV):
Dat heb ik net gezegd. Mevrouw Faber zat met een erfenis van de
VVD-staatssecretaris die iedereen binnenliet en zei: hoe meer
asielzoekers, hoe beter. Dat is één. Het tweede punt is dat het ons zo
ver over de schoenen loopt dat we dit gewoon niet meer aankunnen. Er
zitten op dit moment 83.000 mensen in azc's, onder wie ongeveer 19.000
statushouders. We hebben de afgelopen tien jaar al 500.000 mensen ons
land binnengehaald. Er komen nog 53.000 nareizigers hiernaartoe. We
kunnen het niet aan. We moeten dus niet praten over hotels of
asielzoekerscentra, maar we moeten ze tegenhouden. We moeten zeggen:
vanaf morgen een asielstop. Duitsland doet dat op een bepaalde manier.
In een jaar tijd heeft het bijna 50.000 mensen teruggestuurd. We moeten
ook een stop zetten op de nareizigers. Oostenrijk doet dat ook. Het kan
binnen de Europese regels. Mijn voorstel is dus niet om te praten over
hotels of iets anders. Nee, mijn voorstel is: terugsturen aan de grens,
Nederland weer voor de Nederlanders en de mensen niet meer ons land
binnenlaten.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Paternotte (D66):
De heer Wilders zegt dat het kabinet asielzoekers een hotelkamer geeft.
Vervolgens zegt hij nu twee keer dat hij het net niet wil hebben over
hotels. Ik snap waarom hij het niet wil hebben over hotels, want mevrouw
Faber heeft asielzoekers net zo goed een hotelkamer gegeven. Dit kabinet
gaat proberen om daar een einde aan te maken.
De heer Wilders (PVV):
Nee, dat doet het niet. Dit kabinet weigert, net als het kabinet waar
wij in zaten, om uiteindelijk een asielstop in te voeren. Dit kabinet
weigert om een nareizigersstop in te voeren, wat Oostenrijk wel doet.
Daardoor komen ze allemaal in een hotel. Dat is allemaal onnodig. Het is
onnodig als we morgen een asielstop invoeren.
Voorzitter. Ik zei het al: we moeten onze euro's aan onze huizen en onze
eigen mensen besteden. Ook tegen de tienduizenden Oekraïense mannen die
hier in Nederland verblijven, zeg ik dus: ga naar huis, wees een vent en
ga je eigen land helpen verdedigen.
Voorzitter. We moeten ook onze eigen grenzen gaan bewaken. De Europese
buitengrenzen zijn namelijk niet alleen meer dan 50.000 kilometer lang,
maar ook zo lek als een mandje. Het Europese Migratiepact is een
gevaarlijke fata morgana. We kunnen uiteindelijk niemand vertrouwen,
behalve onszelf. We kunnen de lidstaten van de Europese Unie niet
vertrouwen, en Brussel zeker niet. Kijk naar Spanje. Op dit moment
regeert in Spanje een premier die Pedro Sánchez heet. Hij is een beetje
een kruising tussen onze eigen Jimmy Dijk en Jesse Klaver. Veel erger
wordt het dus niet wat betreft asiel en immigratie. Die Sánchez gaat nu
in Spanje een half miljoen illegale migranten belonen met een
verblijfsvergunning, een generaal pardon. Met hun gezinsleden erbij gaat
dat om meer dan een miljoen mensen. Voor je het weet staan die allemaal
bij ons op de stoep, want in Nederland krijgen ze immers alles gratis.
Mijn oproep aan het kabinet is dus: hou ze tegen, zet Spanje direct uit
Schengen of stap er, als dat lukt niet, als Nederland zelf uit. Dat
laatste zou nog beter zijn. Graag een reactie van de
minister-president.
Voorzitter. Als wij nu niet ingrijpen, raken wij ons land kwijt. Ik zeg
het al ruim twintig jaar en elke peiling bevestigt het weer: de grote
meerderheid van de Nederlanders vindt dat de islam niet bij Nederland
hoort. Niet alleen de grote meerderheid van de Nederlanders, maar ook de
grote meerderheid van bijna alle grote politieke partijen in dit huis
vindt dat. Het is geen religie van vrede, hoe vaak de linkse kerk dat
ook predikt. Het is een totalitaire en gewelddadige ideologie die
streeft naar onderwerping en dominantie. Overal waar de islam wortelt,
volgen onvrijheid, chaos, dood en verderf. We zien terreuraanslagen, we
zien de exploderende Jodenhaat, het antisemitisme, we zien vrouwenhaat,
we zien homohaat, we zien eerwraak en een diepe afkeer van alles wat
vrij, modern en westers is.
Onlangs nog werden hier in Nederland vijftien mensen aangehouden door de
politie die via TikTok andere mensen opzweepten om voor Islamitische
Staat terreurmisdrijven in Nederland te plegen. De islam vergiftigt zo
onze samenleving van binnenuit. Het is nu al de grootste religie in
Nederland onder jongeren onder de 25 jaar, nu al. Als we niet razendsnel
ingrijpen, is de islam over zo'n twintig jaar de grootste religie in
heel Nederland. Dan zijn er in Nederland dus meer moslims dan
christenen. Ik vind dat een nachtmerrie, een nachtmerrie van
barbaarsheid, gestoeld — laten we dat niet vergeten — op het voorbeeld
van de profeet Mohammed, aanbeden door echt 2 miljard moslims
wereldwijd. Maar het leven van die profeet was een aaneenschakeling van
bruut geweld, massamoord en pedofilie.
Voorzitter. Dit land is niet van nepprofeten of imams. Het is ook niet
het land van asielzoekers. Het is ook niet het land van links-liberale
multiculturalisten die onze eigen identiteit haten. Dit land is ook
zeker niet van Rob Jetten. Dit land is van de Nederlanders. Het is het
land van onze jeugd en moet het land van onze kinderen blijven. Een land
gestoeld op de joods-christelijke beschaving en niet op de verstikkende
woestijnwetten uit Mekka. Dus ook hierom moeten onze grenzen op slot,
moeten we inzetten op remigratie — vrijwillig, maar ook verplicht voor
criminele profiteurs en illegalen. We moeten islamitische scholen
sluiten. Ik vind ook dat we hoofddoekjes bij minderjarige moslimmeisjes
wettelijk moeten verbieden. Er moet een verbod komen op de oproep tot
het islamitisch gebed of, nog beter, op de bouw van nieuwe
moskeeën.
Maar premier Jetten en zijn collega's maken deze keuzes niet. Ze doen
niets aan de asieltsunami en ze faciliteren de verdere islamisering van
Nederland. Ook daarom komen wij in verzet, en veel Nederlanders met ons.
Dat zijn mensen die klaar zijn met de open grenzen, met de asieltsunami,
met de dwangwet, met de voorrang voor statushouders op onze huizen, met
de ombouw van ons land tot één groot opvangkamp en met het weggeven van
Nederland aan de islam.
Voorzitter. Ook op sociaal-economisch gebied is er een crisis in
Nederland. Miljoenen Nederlanders en hun gezinnen zitten financieel
klem. De energierekening, de huur, de boodschappen, de sportclub van de
kinderen: het is voor de ruggengraat van onze samenleving vaak
onbetaalbaar geworden. Dit kabinet maakt het alleen maar erger. De
koopkracht daalt voor alle groepen. De armoede stijgt. Voor veel
Nederlandse gezinnen is de kassa in de Nederlandse supermarkt inmiddels
een bron van angst. Elke kassabon voelt duurder dan ooit en hoger dan
hun budget kan dragen. De Consumentenbond wrijft het ons ook in: in
België, Duitsland, maar ook Frankrijk ben je voor je boodschappen tot
20% goedkoper uit. Veel mensen vinden dat je in Nederland aan de kassa
wordt kaalgeplukt. Ze hebben gelijk. Een derde van de huishoudens heeft
moeite rond te komen. Het Rode Kruis spreekt van 450.000 mensen in
verborgen voedselnood. Voedselnood in Nederland! Het is toch niet te
geloven? Sinds 2020 heeft het Rode Kruis hier in Nederland al een
miljoen boodschappenkaarten uitgedeeld; dat zijn prepaidkaarten waarmee
mensen in voedselnood zelf hun boodschappen kunnen doen. Voor een rijk
land als Nederland vind ik dat een schandvlek op onze
geschiedenis.
Voorzitter. Laten we eerlijk zijn. Het is toch ook onaanvaardbaar dat er
wel horden asielzoekers maximaal gepamperd worden met luxediners en
all-inclusiveopvang, maar dat de Nederlanders die dit land hebben
opgebouwd achteraan mogen aansluiten in de rij voor een voedselbon? En
wat doet deze coalitie? Wat doen al die kabinetsleden in vak K? Ze
noemen het een nieuw begin. Maar de Nederlander weet wel beter. In vak K
zitten niet de bouwers van een betere toekomst, maar de architecten van
de afbraak. Hun koers voert rechtstreeks naar een nationaal ravijn. Dat
is geen oppositieplaatje; dat is een overlevingskreet van een volk dat
vindt dat het niet meer gehoord wordt. Want wat is het antwoord van
premier Jetten? Het antwoord is geen lastenverlichting, maar botte
bezuinigingen en lastenverzwaring, zoals de vrijheidsbijdrage: een
cynische naam voor ordinaire diefstal die een gezin meer dan €500 à €600
per jaar kan kosten.
Voorzitter. De diepste en, denk ik, meest giftige wond die het
kabinet-Jetten maakt, is het rigoureus en meedogenloos snijden in de
zorg en de sociale zekerheid. Het gaat om maar liefst 15 miljard euro
structureel. Ze bezuinigen 470 miljoen op de ouderenzorg, terwijl
eenzelfde bedrag van 470 miljoen wordt uitgegeven aan de crisisopvang
voor asielzoekers. Ik vraag me af hoe diep je nog kan zinken als je de
belangen van asielzoekers blijkbaar belangrijker vindt dan de zorg voor
onze ouders en schoonouders. Alleen al voor deze morele schandvlek
verdient het kabinet vandaag een motie van wantrouwen.
Voorzitter. Ook het eigen risico gaat fors omhoog. Volgens het CPB
stijgt dat naar €520 in 2030. Premier Jetten hakt ook in de ouderenzorg
en in de gehandicaptenzorg — dat is toch ongelofelijk? — in de
wijkverpleging en in de huishoudelijke hulp. Zelfs de aftrek van
specifieke zorgkosten moet eraan geloven. Het is een ongekende veldslag
tegen de meest kwetsbaren in onze samenleving, tegen mensen die zich
vanwege hun leeftijd of een handicap niet meer kunnen verweren.
Miljarden worden weggeroofd bij onze ouderen en gehandicapten. Het is
het morele failliet van kille boekhouders, een rekensom die geen
weldenkend mens kan uitleggen zonder door de grond te gaan van
schaamte.
Voorzitter. Ook in de WIA, de wet voor de arbeidsongeschikten, en de WW
voor de werklozen, wordt gesneden, zelfs voor bestaande gevallen. Dat
gebeurt eigenlijk nooit in Nederland. Ook uitkeringen van mensen die die
nu al hebben, de zogenaamde bestaande gevallen, worden gekort. Dat is
valser dan vals. Je kunt mensen die hebben gerekend op hun inkomen niet
zomaar tot €1.000 per maand afpakken. Ik vraag oprecht aan de premier:
waarom in hemelsnaam dit soort asociale maatregelen?
Voorzitter. Dan het voorstel om de pensioenleeftijd te verhogen. Mensen
moeten van het kabinet eerder tot hun 70ste doorbeulen. Doorwerken tot
je 70ste. Zeg dat maar eens tegen de verpleegster die na 30 jaar
nachtdiensten fysiek en mentaal is gesloopt. Zeg dat maar eens tegen de
politieagenten die op hun 70ste al opgebrand zijn door het
multicultureel geweld op straat. Voor al die Nederlanders is 70 geen
leeftijd, maar een vonnis. Werken tot aan de rand van het graf; dat
wordt het. Dat is wat premier Jetten van de Nederlander vraagt. Ik zeg:
stop deze waanzin. Trek dat idiote voorstel vandaag in. Ik wil geen
voorstel om terug te gaan naar de tekentafel en te kijken hoe we het
verzachten. Niks verzachten. Het voorstel moet helemaal van tafel.
Handen af van onze AOW.
Voorzitter. In plaats van het serieus nemen van al die noodsignalen van
onze bevolking en onze eigen mensen, geven premier Jetten en zijn team
wel miljarden weg aan andere zaken. Zo komen er miljoenen euro's extra
voor de publieke omroep, gaan er miljarden naar extra asielopvang, gaan
er miljarden naar een fonds om onze fantastische boeren de nek om te
draaien, gaat er een kwart miljard extra — dat wordt, geloof ik, nog
betwist tussen coalitiepartijen — naar ontwikkelingshulp voor Afrika en
wordt er maar liefst 60 miljard extra voor windmolens op zee
gereserveerd. 60 miljard euro voor windmolens op zee! Welke idioot —
sorry, voorzitter — of welke gek verzint zoiets? De komende drie jaar
gaat er ook nog eens meer dan 10 miljard euro naar Oekraïne. Oekraïne
verdient natuurlijk steun — begrijp me niet verkeerd — maar in
verhouding heeft Nederland echt al veel meer gegeven dan al die andere
landen in Europa, zeker meer dan Griekenland, Italië en Spanje. Laat die
landen nu eens extra hun portemonnee trekken; is de premier dat met me
eens?
Voorzitter. Zowel werkenden als mensen met een uitkering en onze eigen
ouderen en gehandicapten worden dus uiteindelijk allemaal gepakt om die
asielinstroom en -opvang, de windmolens op zee en de hulp aan Afrika te
kunnen betalen. Ik vraag aan u, aan de premier en via hem dus ook aan de
andere architecten van het coalitieakkoord: waar is uw geweten, waar is
uw moreel kompas, waar is uw fatsoen? U zou zich kapot moeten schamen.
De burger krijgt van u geen maatregelen om de lasten voor de mensen die
het moeilijk hebben te verlichten, maar een dikke middelvinger. Vooral
de lagere en de middeninkomens zijn de klos. Zij hebben het nakijken.
Zij mogen hun portemonnee trekken. Wij accepteren dit niet. Wij willen —
ik zei het al — een asielstop, waarmee we miljarden kunnen besparen.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Ik hoorde de heer Wilders zeggen: handen af van de AOW en niet terug
naar de tekentafel. Ik ben het met de heer Wilders eens dat die
AOW-plannen van het kabinet niet goed waren, maar ik wilde aan de heer
Wilders het volgende vragen. Er ligt een motie voor. Die wordt morgen in
stemming gebracht. Dat is een motie van de SGP. Ik heb 'm mede mogen
ondertekenen. Daarin is inderdaad sprake van goeie verzachtingen. Ik wil
aan de heer Wilders vragen of hij die motie kan steunen. Hij kent 'm,
want het is de aangehouden motie van de SGP.
De heer Wilders (PVV):
Nee, natuurlijk niet. Dat heb ik net al gezegd. We gaan niet voor een
verzachting. Dan komt er nog steeds een ingreep op de AOW uit, die wij
niet willen en die volgens mij niemand in Nederland met gezond verstand
wil. Dan moeten we blij zijn? Zijn we helemaal gek geworden? Als het
kabinet zegt dat het morgen via de belastingen de boodschappen €10.000
duurder gaat maken en daarna tegen de heer Markuszower zegt dat het geen
€10.000 maar €5.000 doet, staat u dan te juichen? Wij niet.
(Geroffel op bankjes)
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Dat is dus de vraag, meneer Wilders, want als we doen wat de heer
Wilders wil, is het een kwestie van alles of niets.
De heer Wilders (PVV):
Zo is dat.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Dan is er dus niets. Dan heeft de heer Wilders niets bereikt voor die
Nederlander. Dat is ongeveer hetzelfde als toen de heer Wilders in 2010
zei: handen af van de AOW-leeftijd, die mag niet hoger worden dan 65
jaar. Het eerste wat de heer Wilders toen deed, was een inruil waardoor
de AOW-leeftijd door de koppeling met de levensverwachting wél omhoog
zou gaan. Daarom zitten we nu hier: omdat de heer Wilders er in 2010
niet voor heeft gevochten om die AOW-leeftijd op 65 jaar te laten, zijn
er afspraken gemaakt en is er een koppeling gekomen waardoor de
AOW-leeftijd met de levensverwachting meestijgt. Nu komt dit kabinet met
plannen en zegt: we gaan de Nederlanders nog harder pakken. Nou komen
wij met een motie die zegt: nee, ga nou terug naar de tekentafel en maak
het wat zachter. Gaat de heer Wilders nou weer alles of niets spelen of
gaat de heer Wilders samen met ons proberen de pijn voor de Nederlander
te verzachten?
De heer Wilders (PVV):
Een ingewikkelde, lange interruptie. Ik kan die niet helemaal begrijpen,
maar als ik dan toch probeer om de kern ervan te vatten, dan is mijn
antwoord: handen af van de AOW. Wij gaan niet snijden in de AOW. Wij
gaan ook niet zorgen dat mensen langer moeten doorwerken. Als dat wat
verzacht wordt, moeten ze nog steeds langer doorwerken. Het antwoord op
uw vraag is dus: in geen honderdduizend jaar.
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Als de heer Wilders echt meent wat hij net zei, zal hij die motie morgen
toch moeten steunen, want die zorgt ervoor dat de Nederlanders minder
pijn lijden, dat die ramp niet plaatsvindt, dat de AOW-leeftijd verlaagd
wordt en dat de mensen dus eerder met pensioen kunnen gaan. De heer
Wilders moet morgen echt die motie steunen, want anders houdt hij die
ramp niet tegen.
De heer Wilders (PVV):
Voor de 27ste keer; misschien kan de heer Markuszower zijn oren
opendoen: wij gaan dat niet steunen. Wij gaan dat niet steunen, want wat
we willen, is gewoon: handen af van de AOW. Als er een hele slechte
ingreep ligt waarvan iedereen — van de vakbonden tot weet ik wie dan
ook, ook de ouderen zelf — zegt dat dat niet kan en dat we dat niet
moeten doen, gaan wij toch geen genoegen nemen met een slap aftreksel
daarvan? Dat gaat immers nog steeds pijn doen in de AOW. Wij gaan dat
dus niet steunen. U kunt wel iedere keer op uw knieën gaan voor dit
kabinet en alle ombuigingen voor de helft accepteren, maar daar zullen
de mensen ú boos op aankijken, niet ons.
(Geroffel op bankjes)
De heer Wilders (PVV):
Ik zei het al: wij willen ook geen miljarden meer voor klimaat,
stikstof, asiel en andere gekke ideeën. Wij willen dat geld teruggeven
aan de Nederlander via een forse lastenverlichting en voor fatsoenlijke
zorg, vooral fatsoenlijke ouderenzorg en fatsoenlijke gehandicaptenzorg.
Wat zou het geweldig zijn om het lage btw-tarief van 9% op boodschappen
af te schaffen; dat zou zo veel mensen helpen. Dat kan ook, bijvoorbeeld
als je de ontwikkelingshulp schrapt. Dat is precies hetzelfde bedrag.
Wat zou het mooi zijn als we met het geld dat we zouden kunnen besparen
met een asielstop én een stop op de gezinshereniging, de AOW-leeftijd
helemaal zouden kunnen bevriezen of verlagen, of als we de tandarts voor
volwassenen weer in het basispakket van de zorg kunnen stoppen, zodat
mensen ook de tandarts weer vergoed krijgen. Er zijn duizend keuzes,
maar dit kabinet doet niets van dit alles. Er zijn alleen maar
lastenverzwaringen en slechte keuzes en ze laten de Nederlander ervoor
betalen.
Voorzitter. Zo'n kabinet verdient geen steun, maar een snoeiharde
oppositie. Het verdient ook geen dealtjes, geen achterkamertjes, geen
meebuigen. De PVV zal zich met hand en tand verzetten tegen de sloop van
ons land en zal dit kabinet politiek bestrijden. Met Jetten en zijn team
gaat Nederland namelijk diepdonkere dagen tegemoet. Wij zullen echter
niet rusten voordat we verlost zijn van dit kabinet, met al die
vreselijke plannen. De Nederlander moet zijn land weer terugkrijgen en
op één komen te staan, maar dat staat hij niet bij dit kabinet; dat is
wel helder. Dat is onacceptabel en daarom zal ik — ik had 'm al
aangekondigd — in tweede termijn een motie van wantrouwen
indienen.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan de heer Brekelmans voor zijn inbreng in
eerste termijn namens de VVD.
De heer Brekelmans (VVD):
Dank, voorzitter. Allereerst felicitaties aan het kabinet en aan premier
Jetten voor het feit dat het kabinet zo snel is gevormd en dat er een
goed en enthousiast team van mensen staat om voor Nederland aan de slag
te gaan.
Mensen thuis snakken er het meest naar dat Den Haag meer gaat leveren.
Een groot aantal problemen dat al jarenlang op onze bureaus ligt, moet
niet leiden tot meer Haags gedoe en meer ruzie, maar moet daadwerkelijk
worden opgelost. Dat vraagt iets van ons allemaal, zeker met een
minderheidskabinet. Dat vraagt om een open houding, veel samenwerking en
veel afstemming. Ik kijk ernaar uit om dit samen met het nieuwe kabinet
en met zowel de coalitie als de oppositie te gaan doen, om samen te
bouwen aan een sterker Nederland. Uiteraard zal de VVD het kabinet
scherp blijven controleren en controleren of er wordt uitgevoerd wat er
in het regeerakkoord staat. Daarbij zal ze elke dag blijven strijden
voor een veilig Nederland, een sterke economie en grip op
migratie.
Voorzitter. Op vele plekken die ik in mijn vorige functie, als minister
van Defensie, heb mogen bezoeken, met name in Oekraïne, maar ook in het
Midden-Oosten, heb ik van dichtbij gezien wat het betekent als mensen in
oorlog moeten leven. Ik heb gezien wat het betekent als je vrijheid je
volledig is afgenomen, als je niet meer je eigen keuzes kunt maken, als
je de hele dag alleen maar bezig bent met overleven en als je je de hele
dag zorgen maakt of je familie en vrienden nog veilig zijn. Bij mensen
die in oorlog leven, kun je het zien als je ze in de ogen kijkt.
Oorlog is het ergste dat er is. Er is niemand die zich dat meer
realiseert dan militairen. Die hebben het niet alleen van dichtbij
beleefd, maar hebben daarbij zelf ook het grootste gevaar gelopen.
Militairen werken juist dagelijks aan het voorkomen van oorlog, het
voorkomen van meer oorlog in Europa. Dat is de reden dat we hebben
afgesproken om meer in defensie te investeren, zowel binnen het
NAVO-bondgenootschap als nu ook met dit kabinet, ook in Nederland. Zo
zorgen we ervoor dat de vrijheid in stand blijft die we nu al 80 jaar
met elkaar vieren en dat ook onze kinderen en kleinkinderen vrij en
veilig kunnen opgroeien.
De gevolgen van oorlog zijn echter breder dan alleen wat er in Oekraïne
gebeurt. Het is alsof Rusland dagelijks een grote steen in het water
gooit, een grote steen op Oekraïne gooit, en de rest van Europa de
rimpelingen daarvan ervaart. We hebben dat de afgelopen jaren ook in
Nederland gezien. Oorlog in Oekraïne en geopolitieke turbulentie raken
ons allemaal. Ze zorgen ervoor dat we de afgelopen jaren allemaal
geconfronteerd zijn met hogere prijzen, waardoor de energierekening
hoger en de boodschappen duurder werden en voor mensen steeds moeilijker
betaalbaar waren. Het leidt tot migratie van mensen naar Nederland, wat
nog meer druk legt op het beperkte aantal woningen en onze
voorzieningen. Het leidt tot onzekerheid bij mensen. Het leidt tot
onzekerheid bij bedrijven om te investeren en bij mensen om grote
levenskeuzes te maken.
Vanwege al deze redenen zijn investeringen in defensie zo belangrijk,
juist nu. Ik ben trots dat wij als Nederland met het nieuwe kabinet deze
investeringen doen, dat we daarmee de verantwoordelijkheid nemen voor
onze eigen veiligheid en dat we dat ook op een manier doen waarmee we de
rekening niet doorschuiven naar onze kinderen en kleinkinderen. Daar
kunnen heel veel landen, ook heel veel landen in Europa, echt een
voorbeeld aan nemen.
Voorzitter. Het zou zomaar eens kunnen dat ook dit kabinet weer een
geopolitiek kabinet wordt. Het zou zomaar kunnen dat in de komende dagen
of weken de Verenigde Staten een aanval uitvoeren op Iran. Daar heerst
een vreselijk terreurregime dat ontelbare slachtoffers maakt onder
vreedzame demonstranten. Het zou ook zomaar kunnen dat Rusland in de
komende jaren een gerichte confrontatie uitlokt met de NAVO. Het zou ook
kunnen dat China een blokkade uitvoert op Taiwan, of zelfs erger. In
zulke scenario's, die niet ondenkbeeldig zijn, staat in één keer alles
op zijn kop. Dan is het nodig dat we buffers hebben en die schokken
kunnen opvangen. Ik vind het heel goed dat het kabinet in alle plannen
die worden gemaakt ook daar rekening mee houdt. Gegeven deze dreigingen
hebben wij geen tijd te verliezen bij het versterken van onze defensie
en het versterken van onze weerbaarheid. Ik hoor dan ook graag van de
premier welke specifieke prioriteiten en stappen hij samen met de
minister van Defensie voor zich ziet.
Bij een sterk Defensie hoort ook een sterke industrie, want met een
sterk leger kun je winnen op het slagveld, maar een sterke economie en
industrie zorgen ervoor dat je de oorlog wint. Ik wil specifiek aandacht
vragen voor de defensie-industrie, want die moet in staat zijn om veel
sneller veel meer spullen te leveren. Dit vereist actieve betrokkenheid
en actieve inzet van het kabinet, niet alleen van de minister van
Defensie, maar breder in het kabinet. Mijn vraag is hoe het kabinet
hiernaar kijkt en wat we hier op korte termijn op kunnen
verwachten.
Eén ding waar defensiebedrijven, onze krijgsmacht en onze bondgenoten om
vragen, is zekerheid, om langjarig grote investeringen te kunnen doen.
Daarom is het zo belangrijk dat die 3,5% de komende tien jaar in onze
begroting staat, maar het zou nog meer zekerheid bieden als we die ook
vastleggen in de wet. De VVD ziet het wetsvoorstel, dat ook in het
regeerakkoord staat, dan ook graag snel tegemoet.
Laten we daarbij geen dag uit het oog verliezen dat Oekraïne doorlopend
wordt gebombardeerd en aangevallen door Rusland, dat Oekraïners aan de
frontlinie elke dag onze leveringen nodig hebben om te overleven en in
stand te blijven, en dat diezelfde Russische agressie ook de rest van
Europa bedreigt en Oekraïne die ook voor ons tegenhoudt. Ik spoor het
kabinet daarom aan om de leveringen onverminderd door te zetten en de
druk op Rusland te verhogen, met daarbij tot slot een concrete vraag,
die meerdere ministers raakt: wat gaat Nederland doen om de Russische
schaduwvloot aan te pakken? Is het kabinet bereid om hier, net als
Frankrijk, bovenop te zitten en daarnaast ook snel met een breder plan
te komen voor de veiligheid op de Noordzee?
De heer Vermeer (BBB):
Ik weet niet hoeveel tijd de heer Brekelmans nog heeft. Hoelang is dat
ongeveer nog?
De voorzitter:
Dertien minuten.
De heer Vermeer (BBB):
Oké. Ik wil even vragen aan de heer Brekelmans of hij het ook nog over
Nederland gaat hebben.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik denk dat de heer Vermeer niet goed naar mij heeft geluisterd. Alsof
investeringen in defensie niet om Nederland zouden gaan. Ik heb net
uitgelegd en toegelicht dat we investeren in defensie, omdat wij willen
zorgen dat agressie en oorlog niet dichterbij komen, dat de prijzen, of
het nou gaat om energie of de boodschappen, niet ineens omhoogschieten,
dat er niet in één keer tienduizenden of zelfs honderdduizenden
migranten naar Nederland komen, en dat mensen niet in onzekerheid leven
en zich afvragen of hun kinderen en kleinkinderen nog wel veilig zijn.
Daar gaan al deze investeringen om. Als de heer Vermeer dat nog steeds
niet begrijpt en investeringen in defensie wegzet als iets ver weg, dan
zou ik hem vooral aanraden om eens met zijn collega Tuinman daarover te
spreken.
De heer Vermeer (BBB):
De heer Brekelmans noemt dit allemaal, maar die energie en die
boodschappen zijn al duurder geworden. Dat komt niet door de externe
omstandigheden, maar onder andere door hoge netwerkkosten en door te
veel investeringen in windturbines waarvan de stroom naar het buitenland
gaat. Die boodschappen zijn al duurder geworden. Die asielinstroom is er
al en die kunnen we al niet aan. Ik hoor de heer Brekelmans in zijn
verhaal zeggen "wij hebben het hier over een geopolitiek kabinet",
terwijl de heer Jetten zelf zei: ik wil een beter Nederland. Dus laten
we het alsjeblieft over Nederland hebben. En dat is geen vraag.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik heb het net de hele tijd over Nederland gehad. Als de heer Vermeer
denkt dat defensie en militairen iets zijn voor ver weg, dan spijt mij
het heel erg, maar dan heeft hij gewoon niet begrepen hoe het werkt. Wat
Nederlandse huishoudens en gezinnen, of zij nou veel of weinig
verdienen, de afgelopen jaren hebben meegemaakt, is dat de prijzen in
één keer heel erg toenamen door wat er in Oekraïne gebeurde en dat meer
dan 100.000 Oekraïners naar Nederland zijn gekomen, omdat zij moesten
vluchten. Meer dan driekwart van mijn spreektijd zal gaan over allerlei
andere onderwerpen die Nederlanders natuurlijk ook heel erg raken, maar
laten we niet doen alsof datgene wat in Oekraïne gebeurt of de
investering in defensie iets is voor ver weg. Dat raakt de basis van ons
land en de basis van iedere Nederlander.
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Vermeer (BBB):
Aan investeren in de Nederlandse defensiecapaciteit heeft ook Nederland
iets; dat is duidelijk. Dat is echter maar een fractie van al het geld
dat wordt besteed. Daarnaast is het zo dat de energieprijzen al ruim
voor de inval in Oekraïne omhooggingen. Daar hebben wij destijds ook
voor gewaarschuwd. De rest van de verhogingen komt door extra
netwerkkosten én door accijnzen, energiebelasting et cetera.
Alsjeblieft, ga nou niet doen alsof dat allemaal komt door die
verschrikkelijke oorlog waarvan wij hopen dat die snel stopt.
De heer Brekelmans (VVD):
Dat heb ik ook niet gezegd. Natuurlijk heeft de snelle stijging van de
energieprijzen meer oorzaken. Dat er te weinig woningen zijn heeft ook
meer oorzaken. Wat je wel ziet, is dat de prijzen in één keer
omhoogschieten als Rusland ineens Oekraïne binnenvalt, want daar zijn we
niet op voorbereid. Ik noemde net andere voorbeelden van zaken die de
komende jaren zouden kunnen gebeuren, waardoor de prijzen weer ineens
omhoog kunnen schieten. Daar moet je op dat moment een buffer voor
hebben. Als je ervoor zorgt dat je de defensie op orde hebt en er een
sterk NAVO-bondgenootschap is, dan hebben dat soort gebeurtenissen in de
wereld niet zo'n grote impact op ons. Dat is waar we elke dag mee bezig
zijn.
De heer Stoffer (SGP):
De heer Brekelmans heeft het over de investeringen in defensie. Die
steunen wij uiteraard van harte. Daar zijn we altijd een voorstander van
geweest, ook in de tijd dat iedereen dacht dat de wereldvrede was
aangebroken. Hij heeft het ook over de Nederlandse defensie-industrie.
Daar gaat mijn vraag over. In het voorvorige leven van de heer
Brekelmans heb ik met hem een stevige aanvaring gehad over de
onderzeeboten, die niet in Nederland worden gebouwd, maar door Franse
bedrijven. Ik moet nog steeds zien in hoeverre het Nederlandse
bedrijfsleven daarvan meeprofiteert. Nou ja, misschien dat de opvolger
van de heer Brekelmans ons dat t.z.t. nog weleens laat zien. Maar goed.
Die fout heeft de heer Brekelmans een tijd gemaakt; daar kunnen we niks
meer aan doen. Wat nu speelt, zijn al die investeringen die nu komen.
Dan is mijn vraag: hoe gaat het Nederlandse bedrijfsleven hiervan
profiteren? De afgelopen verkiezingstijd ben ik meerdere keren bij
bedrijven geweest. De heer Diederik van Dijk, mijn collega, was nog
vaker bij de defensie-industriebedrijven. Hij maakte zich grote zorgen:
kunnen wij meeprofiteren van al die investeringen en ervoor zorgen dat
dit geld hier in Nederland blijft staan? Ik ben benieuwd hoe de heer
Brekelmans daartegen aankijkt. Hij heeft de afgelopen twee jaar vast een
beetje bijgeleerd.
De heer Brekelmans (VVD):
De heer Stoffer weet heel goed — het is een beetje flauw dat hij dat nu
zo zegt — dat de Nederlandse industrie voor minimaal 1 miljard iets voor
die onderzeeboten doet. Laten we niet een heel technisch debat voeren
over schepen boven het wateroppervlak en boten onder het wateroppervlak.
Natuurlijk staat daarin centraal dat wij willen dat de Nederlandse
bedrijven dat werk voor een heel groot deel kunnen doen. We hebben een
geweldige maritieme industrie. Er moet een hele modernisering van de
Nederlandse marinevloot plaatsvinden, en ik hoop dat de Nederlandse
industrie daarvan het overgrote deel kan doen. De reden waarom ik dit
punt aankaart, is juist dat ik nu zie dat het kabinet de komende jaren
oplopend tot 19 miljard budget erbij krijgt, en ik hoop dat we dit zo
veel mogelijk ook door de Nederlandse industrie kunnen laten doen. Maar
tegen de heer Stoffer zeg ik daar ook bij: die industrie is er nu nog
niet; als je nu iets bestelt, kost het vaak vele jaren voordat het
geleverd wordt. Vandaar dat ik het kabinet aanspoor om daar ook als
overheid een actieve rol in te pakken, om ervoor te zorgen dat ook de
Nederlandse industrie in staat wordt om aan een heel groot deel van dat
extra defensiebudget invulling te geven.
De heer Stoffer (SGP):
Ik wil niet blijven hangen in het verleden, want als je het over de
industrie hebt, moet je wat dat betreft vooruitkijken. Ik hoop dus dat
de heer Brekelmans en ik elkaar daarin vinden. Mijn vraag is: kunnen de
VVD en de SGP, en ik hoop ook alle anderen, dit kabinet met elkaar
telkens opjagen, zodat we de defensie-industrie inderdaad ook opbouwen
en we voor de bedrijven die we al hebben — want er zijn er een heel
aantal, en die maken zich er zorgen over of ze ook die opdrachten
krijgen — schouder aan schouder staan om ervoor te zorgen dat ook het
Nederlandse bedrijfsleven volop uit deze ruif kan meepikken?
De heer Brekelmans (VVD):
Zeker, daar zullen we ons samen voor inzetten. En ik kan meteen het
bruggetje maken naar de heer Dassen, want die gaat me natuurlijk vragen
om dat ook in Europa samen te doen. Ook dat is waar, want het is niet zo
dat Nederlandse bedrijven alles kunnen doen. Het is net zo belangrijk
dat wij niet alleen in Nederland de defensie-industrie opschalen, maar
dat andere Europese landen dat net zozeer doen. We moeten oppassen dat
we wat dat betreft geen economisch hek zetten rond ons land, maar dat we
er juist voor zorgen dat we als Nederland kunnen meeprofiteren van de
grote orders die Duitsland en ook Polen gaan doen. Dat vraagt om veel
meer internationale samenwerking. Dus daar spoor ik het kabinet net
zozeer toe aan: zorg ervoor dat we ook op Europees niveau en met
buurlanden die defensie-industrie een enorme impuls geven.
De heer Dassen (Volt):
Voorzitter. Een sterk begin van de heer Brekelmans, met zijn betoog. Ik
denk namelijk dat het niet te onderschatten is wat de geopolitieke
situatie op dit moment voor invloed heeft op juist ook de discussie die
we hier vandaag hebben over hoe we de zorg gaan betalen en onze sociale
zekerheid op orde blijven houden. De heer Brekelmans zegt net dat het
kabinet wellicht ook een geopolitiek kabinet wordt. Ik denk dan wel
meteen aan de vraag hoe we van Europa een geopolitieke speler gaan
maken. Uiteindelijk zijn wij als Nederland een klein land in die hele
grote wereld en zullen we als Europa nu ook stappen moeten nemen voor
die geopolitieke volwassenwording. Ik ben benieuwd welke stappen de VVD
daartoe bereid is te zetten, en dan heb ik het niet over het afschaffen
van het vetorecht op het buitenlandbeleid. Welke hervormingen binnen
Europa zijn er volgens de VVD nu nodig om toe te werken naar, zoals
Mario Draghi het zegt, dat federale Europa dat eigenlijk nodig is voor
deze tijd?
De heer Brekelmans (VVD):
Ik denk dat het antwoord — en dat zeg ik op basis van mijn eigen
ervaring van de afgelopen anderhalf jaar — niet per se institutioneel
is. Het zou inderdaad goed zijn als we ervoor zouden zorgen dat Europa
veel slagvaardiger besluiten kan nemen, ook wat betreft de veto's in het
buitenlandbeleid. Maar we weten ook dat dat een ontzettend moeilijke weg
is, omdat een aantal landen daarin dwarsliggen en ook zullen blijven
dwarsliggen. Daarom is het van belang dat we ons niet laten gijzelen
door een of twee landen, maar ook dat we kijken hoe je binnen Europa nou
flexibeler met elkaar zou kunnen gaan samenwerken. Daarom vind ik het
ook goed dat er voor zowel de steun aan Oekraïne als de plannen die
worden gemaakt voor een vredesakkoord, met een coalition of the willing
wordt gewerkt, dus dat je het met een groep Europese landen die bereid
zijn om daarin het voortouw te nemen, bekijkt en andere landen daarbij
aanhaken. Ik denk dat je bij steeds meer geopolitieke thema's naar dat
soort constructies zult moeten gaan, noodgedwongen, omdat je niet wil
dat je gegijzeld wordt door een of twee landen die dwarsliggen, of het
nou gaat over steun voor Oekraïne of het handhaven van het
vredesakkoord.
De heer Dassen (Volt):
Die zorg deel ik natuurlijk. We hebben Orbán natuurlijk gezien de
afgelopen week, die het steunpakket voor Oekraïne tegenhoudt vanwege
zijn eigen belangen. Tegelijkertijd zit mijn zorg er ook wel heel erg in
dat als we nu buiten de Europese Uniestructuren met elkaar gaan werken,
we uiteindelijk op de langere termijn de Europese Unie gaan verzwakken.
Ik zie inderdaad heel veel voorstellen van dit kabinet voor
intergouvernementele samenwerking, dus tussen landen en ook buiten
Europa. Maar ja, dan verzwak je wel de Europese Unie als geheel. Dus
daar zit wel een hele grote zorg bij mij.
De andere vraag die ik graag aan u wil stellen — de voorzitter is mij nu
namelijk aan het manen — gaat over de afdracht die we hebben richting de
Europese Unie. Als je wilt dat dat een machtsblok wordt, dan moet je het
ook de middelen geven om daar te komen. Eerder heeft uw voorganger in
dit debat gezegd: de korting die Schoof wilde, die 1,6 miljard, willen
wij overeind houden. Ik ben benieuwd of de VVD inmiddels tot het inzicht
is gekomen dat dat eigenlijk onmogelijk is als je daadwerkelijk wilt dat
Europa een geopolitieke speler wordt.
De heer Brekelmans (VVD):
Volgens mij is het vooral van belang dat je de Europese begroting en het
MFK moderniseert. Volgens mij zijn we het namelijk met elkaar eens dat
er een aantal grote prioriteiten zijn, of het nou gaat om veiligheid of
om onze economie. Wat mij betreft zet het kabinet zich ook in voor het
verleggen van de focus op de begroting naar wat de huidige tijd van ons
vraagt. Als je onderaan de streep kijkt naar wat landen individueel
afdragen en je zelfs corrigeert voor hoeveel Nederland profiteert van
het onderdeel zijn van een interne markt, dan zie je dat Nederland echt
gigantisch uit de pas loopt met andere landen. Het feit dat het kabinet
en de minister van Financiën zich inzetten om een korting te bedingen,
is volgens mij dus heel goed. Dat is in mijn ervaring ook helemaal niet
iets dat in Europa gek gevonden wordt. Iedereen ziet namelijk dat
Nederland relatief veel afdraagt. Als het gaat om het MFK komt ieder
land op voor zijn eigen belang. Ik zou het heel goed vinden als het
kabinet dat ook voor ogen houdt op het moment dat ze daar in Brussel
over onderhandelen.
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Dassen (Volt):
Hier zit precies mijn zorg. Iedereen komt inderdaad op voor zijn eigen
belang. Dat maakt de Europese Unie ook zo zwak. Dat is ook precies
waarom we juist die institutionele hervormingen nodig hebben. Dan gaan
we namelijk, juist in die geopolitieke wereld die de heer Brekelmans net
schetst, meer denken vanuit het Europese belang. Stel namelijk dat Trump
zijn handen verder van Europa aftrekt — dat is geen ondenkbaar scenario
— en Poetin inderdaad doorgaat met het ondermijnen van onze democratieën
en een aanval uitvoert, zoals de heer Brekelmans zelf schetst. Dan
zullen we toch met elkaar in de Europese Unie heel sterk moeten staan.
Dat kan niet als iedereen voor zijn eigen belang opkomt. Als je het hebt
over hoe we van Europa een machtsblok gaan maken, een die ook vraagt om
de nieuwe mentaliteit die in het coalitieakkoord staat, moeten we
volgens mij ook af van die kruideniersmentaliteit waardoor we zeggen dat
er geen extra middelen naar Europa moeten. Als je wil dat het een
geopolitieke speler wordt, zal het MFK, de begroting van Europa, groter
moeten worden. Dan zullen er juist meer investeringen moeten komen in
economie, defensie en klimaat. Ik zie de minister van Financiën
bedenkelijk kijken, maar ik ben ervan overtuigd dat als we dat niet
doen, we ook niet gaan zorgen dat Europa de geopolitieke speler wordt
die op dit moment nodig is.
De heer Brekelmans (VVD):
Wat we eerder hebben gezien — het is steeds een cyclus van zeven jaar —
is dat wanneer er meer geld naar Brussel gaat, het dan van alles een
beetje meer wordt. Dat kunnen we ons niet permitteren. We zien namelijk
dat er een enorme veiligheidsdreiging op Europa afkomt. We zien ook dat
Europa achter begint te lopen als het gaat om innovatie, industrie en
bijvoorbeeld toegang tot grondstoffen. Je zult dus ook een stevige
discussie met elkaar moeten voeren over welke prioriteiten je stelt in
Europa. Ik denk dat het niet goed is voor onze positie als Nederland als
wij nu zouden zeggen: hier hebt u meer geld. Iedereen in Brussel kijkt
immers mee met dit soort debatten. Ook leidt dat niet tot het aanbrengen
van een veel scherpere focus binnen Europa. Als het gaat om de
besluitvorming, zou ik het liefst willen dat de EU in staat is om
geopolitiek op te treden. Denkt u eens even in dat we ervoor hadden
gekozen om de steun aan Oekraïne via de EU te laten lopen. Dan hadden we
echt een enorm probleem gehad met elkaar. Stel dat wij hadden gewerkt
aan veiligheidsgaranties en aan een robuuste vrede in Oekraïne via de
EU. Dan hadden we een enorm probleem gehad met elkaar. Het zijn namelijk
inmiddels niet meer een of twee landen die vaak dwarsliggen, maar
meerdere. De realiteit is dus dat als wij voor onze veiligheid willen
zorgen, we ook af en toe intensieve samenwerkingsverbanden moeten
aangaan met landen die dat wél willen. Uiteindelijk vind ik het
belangrijk dat we Europa veilig houden en Oekraïne steunen. Dat vind ik
belangrijker dan dat je zegt: het moet altijd via de EU. Dan kunnen we
onszelf in veel gevallen in de voet schieten.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik heb een vraag over de dreiging. Een deel van de analyse van de VVD
delen we wel. Poetin is natuurlijk een gevaarlijke dictator die de
Oekraïners groot onrecht aandoet, en dat heeft bredere
veiligheidsimplicaties. Ik ben alleen verbaasd dat in het regeerakkoord
nadrukkelijk wordt gezegd dat we de VS nog als bondgenoot zien. Trump is
niet bepaald een type waar je lekker van op aan kunt als het gaat om
onze veiligheid. Mijn vraag gaat ook over de dreiging van binnenuit. Dat
miste ik wel in het regeerakkoord. Ik zie daar helemaal geen analyse
over. Ik ben benieuwd of de VVD vindt dat oprukkend radicaal rechts,
uiterst rechts, ook een dreiging is waar we ons toe moeten
verhouden.
De heer Brekelmans (VVD):
Zeker. Ik kom daar zo meteen nog op. Ik maak me grote zorgen over
kwaadaardige regimes die proberen zich te mengen in onze samenleving,
vaak op een heel doortrapte manier. Ik maak me ook zorgen over het feit
dat mensen het vaak niet doorhebben, bijvoorbeeld dat er een Russisch
narratief wordt verspreid, dat mensen zomaar klakkeloos overnemen. Dat
vraagt ook iets van de weerbaarheid van onze samenleving, wanneer we dat
zien van kwaadaardige mogendheden. Het kan soms ook gaan via andere
kanalen, bijvoorbeeld weekendscholen of in sommige gevallen ook
salafistische moskeeën. Daar moeten we heel scherp op zijn en we moeten
ook in staat zijn om daartegen op te treden als dat nodig is.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Oké, maar dat was mijn vraag niet. Mijn vraag is heel concreet: vindt de
VVD ook het oprukkende uiterst rechts een probleem?
De heer Brekelmans (VVD):
Dan moeten we wel even goed de definitie hanteren, maar als het gaat om
extreemrechts en als dat leidt tot racisme, tot geweld en tot affiniteit
met Rusland, dan maak ik me daar zeer veel zorgen over.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dat is goed om te horen. We worden namelijk wel gewaarschuwd op basis
van onderzoeken. De VN-rapporteur voor armoede waarschuwt ons ook: als
je de ongelijkheid in een land steeds verder uit de hand laat lopen of
niet aanpakt en je bezuinigt op je sociale voorzieningen, dan zie je dat
daarmee de aantrekkingskracht van uiterst rechts wordt vergroot. Dat
blijkt gewoon uit onderzoek. Het tast je sociale weefsel aan. Dus als de
heer Brekelmans zegt — en daar ben ik blij om — dat hij dat ook wel een
zorgelijke ontwikkeling vindt, zouden zijn minister van Financiën en
zijn kabinet dan niet even opnieuw moeten kijken naar die zogenaamde
financiële plaat die is geschetst? De vermogens worden namelijk ontzien
en mensen met weinig geld moeten wel gaan bijdragen aan onze
defensie-industrie. De ongelijkheid wordt daarmee dus niet verkleind,
maar vergroot.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik zou die twee onderwerpen toch uit elkaar willen houden. Ik kom er zo
meteen op, maar het is van belang om de sociale zekerheid, de zorg en
andere zaken beschikbaar en toegankelijk te houden voor mensen die dit
nodig hebben. We moeten er ook voor zorgen dat het betaalbaar blijft,
want we zien dat de kosten enorm toenemen. Er zijn mensen en
groeperingen in Nederland die extremistisch gedachtegoed hebben en de
Nederlandse overheid niet alleen ondermijnen, maar ook met geweld kwaad
willen doen, wat leidt tot racisme en soms tot antisemitisme. Ik vind
dat wij daar heel gericht keihard tegen moeten optreden en niet moeten
zeggen: we kunnen dat misschien wat verminderen door bepaalde
sociaaleconomische maatregelen te nemen. Wij moeten dat heel gericht
aanpakken.
De voorzitter:
U vervolgt.
De heer Brekelmans (VVD):
Dat brengt mij bij de nationale veiligheid, in aansluiting hierop. Ik
vind het niet alleen belangrijk dat wij als land veilig zijn, maar ook
dat alle Nederlanders zich in ons land veilig voelen, een land waar
misdaad en criminaliteit worden bestraft en waar een straf ook
daadwerkelijk een straf is, die wordt uitgezeten, een land waarin wij de
politie de middelen bieden die zij nodig hebben. Daarom is de VVD er
trots op dat dit kabinet honderden miljoenen vrijmaakt voor de
politie.
Ik wil ook in een land leven waar iedereen zich veilig voelt en waar we
alles op alles zetten om ervoor te zorgen dat vrouwen en meisjes veilig
over straat durven, ook 's avonds na een avondje stappen.
Ik wil ook een overheid die niet accepteert dat vreemde regimes zich met
onze inwoners bemoeien. Ik wil dat iedereen die zich tegen onze vrije
manier van leven keert, hard wordt aangepakt, of het nou terroristen
zijn of de georganiseerde misdaad.
Ik vraag het kabinet daarom om op korte termijn duidelijkheid te geven
over de besteding van het extra budget voor onze nationale veiligheid,
en specifiek voor de politie, zodat agenten duidelijkheid hebben over de
middelen die zij ter beschikking hebben om onze veiligheid te
garanderen.
Kan het kabinet toezeggen dat de nationaal coördinator die zich
bezighoudt met de aanpak van geweld tegen vrouwen nog voor de zomer aan
de slag gaat? Ook zie ik graag nog voor de zomer een voorstel tegemoet
om het demonstratierecht aan te passen, zodat dit belangrijke,
fundamentele recht niet wordt misbruikt om de openbare orde te
verstoren.
De heer Eerdmans (JA21):
Nationale veiligheid is een goed onderwerp. Ik ben er blij mee dat de
coalitie heeft gezegd dat er structureel 400 tot 775 miljoen, geloof ik,
wordt ingezet voor de hele keten: van politie tot en met de executie van
straffen. Nu heb ik ook gehoord dat de directeur van het
gevangeniswezen, de heer Saris, heeft gezegd: als we de veroordeelde
criminelen die we eerder vrijlaten en los laten lopen, willen opsluiten
en het cellentekort willen beperken, kost dat alleen al 500 miljoen per
jaar. Dan denk ik dat we nog lang niet zijn waar we wezen moeten.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik ben in ieder geval blij dat dit kabinet extra geld heeft vrijgemaakt
voor de gevangenissen. We weten ook dat er goed naar moet worden gekeken
hoe we ervoor kunnen zorgen dat we mensen zo min mogelijk vervroegd
vrijlaten, dat zal de heer Eerdmans met me eens zijn. Maar we moeten ook
tot andere oplossingen komen om ervoor te zorgen dat mensen hun
volledige straf uitzitten. Daar zijn nog allerlei andere maatregelen
voor te bedenken. Ik ben blij dat het geld dat is vrijgemaakt een deel
van de oplossing biedt, maar ik ben het met de heer Eerdmans eens dat
dat het probleem niet volledig oplost. Laten we samen optrekken om te
kijken welke dingen we nog meer kunnen doen om ervoor te zorgen dat
mensen niet vervroegd worden vrijgelaten.
De heer Eerdmans (JA21):
Het enige antwoord daarop is toch: iets meer geld erbij. Dat is zeker,
alleen al om het niet verder te laten oplopen. Maar het verhaal in
Nederland is helaas dat er 4.000 criminelen gewoon loslopen op straat.
Er moet meer geld bij. Ik ben wel blij als de VVD dat erkent en ten
tweede als de VVD dit moment gebruikt om bijvoorbeeld met JA21 te kijken
of er geld bij kan bij de Miljoenennota.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik heb de bewindspersonen die er in het vorige kabinet mee bezig zijn
geweest ook vaak horen zeggen: meer geld is wel een deel van de
oplossing, maar niet de enige oplossing. Als je meer geld ter
beschikking hebt, heb je niet in een keer in hele korte tijd genoeg
cellen gebouwd, genoeg gevangenissen gebouwd en al het onderhoud gedaan
dat nodig is. Je hebt ook niet in hele korte tijd alle mensen aangenomen
die daarvoor nodig zijn. Er is een tekort aan gevangenisbewakers, er
zijn vacatures bij de politie. Ik zou zeggen, laten we het kabinet en de
verantwoordelijke bewindspersonen de ruimte geven om te zeggen: we
hebben nu extra budget, dat staat ook meerjarig in de boeken, maar we
zullen ook aan al die andere elementen moeten werken. Laat hen eerst met
een voorstel komen. Vervolgens bekijken wij dat samen kritisch en zeggen
we of we dat voldoende vinden. Wellicht hebben uw en mijn partij ook nog
andere oplossingen die we dan aan het kabinet meegeven.
De heer Struijs (50PLUS):
Ik ben wel nieuwsgierig naar de houding van de VVD, want ik deel dat het
mooi is dat er extra geld bij komt, maar het is bij lange na niet
genoeg. De hele rechtsstaat staat onder water. Het gaat echt een
hersteloperatie vergen. Kijk alleen al naar wat procureur-generaal Otte
in de Kamercommissie zei, namelijk dat de ellende rond de ICT nog lang
niet is opgelost. Dat leidt ertoe dat mensen soms niet worden
veroordeeld en dat er binnenkort weer seponeringen komen. Kortom, deelt
meneer Brekelmans de analyse dat we beginnen aan een grote
hersteloperatie?
Een tweede vraag die ik wil stellen, gaat over slim investeren in
defensie. Er is zo'n grote overlap. Kijk bijvoorbeeld naar cybersecurity
en de aanpak daarvan. Kijk naar de georganiseerde misdaad, die
regelmatig als lange arm wordt gebruikt om mensen te liquideren. Is
meneer Brekelmans het met me eens dat we die slimme investeringen van
defensie ook moeten gebruiken voor de samenwerking met de politie op dit
soort terreinen, of om de infrastructuur te verbeteren, bijvoorbeeld? Ik
zoek een weg, de komende jaren, waarbij we het geld van Defensie ook
slim investeren voor onze nationale veiligheid. Ziet hij ook die
overlap?
De heer Brekelmans (VVD):
Daar kan ik het alleen maar mee eens zijn, natuurlijk. De heer Struijs
kaart heel terecht de problemen rondom ICT aan, zowel bij de politie als
bij andere organisaties in de nationale veiligheidsketen. Daar zal volop
aan gewerkt moeten blijven worden. We laten op dit moment heel veel
liggen door gebrekkige ICT en gebrekkige gegevensuitwisseling. Ik denk
dat het daarnaast ook goed is dat we bij Defensie kijken hoe we de
investeringen die we doen ook in bredere zin bijdragen aan onze
veiligheid. Ik vind het zelf bijvoorbeeld heel goed dat de AIVD en de
MIVD heel nauw samenwerken, omdat je ziet dat bedreigingen vanuit het
buitenland steeds meer overlopen in bedreigingen in het binnenland.
Hetzelfde geldt voor cyber. Ook daar kun je niet altijd direct
vaststellen of er een militaire mogendheid achter zit of dat er een link
is met bepaalde hackersgroepen. Laten we ook zorgen dat we daarop de
krachten weten te bundelen en dat we iedere euro die we investeren, zo
efficiënt mogelijk inzetten.
De heer Struijs (50PLUS):
Het gaat bij ons nog breder, want ik zie gedurende de opbouw ook
samenwerkingsverbanden tussen bijvoorbeeld het gevangeniswezen en
Defensie, die zelf aangeven: misschien moeten we hier en daar eens
bijspringen. We doen dat natuurlijk al bij het stelsel bewaken en
beveiligen, bij de statische en de dynamische beveiliging. Die
samenwerkingsverbanden, DSI en dat soort dingen, zijn ook een geweldig
oefenterrein voor militairen. Hoe kijkt de heer Brekelmans daartegen
aan?
De heer Brekelmans (VVD):
Kijk naar bijvoorbeeld de Koninklijke Marechaussee, die een civiele en
een militaire poot heeft, waar ook enige overlap in zit. Hetzelfde geldt
voor de speciale teams die de heer Struijs noemt, met de politie. Dan
kun je inderdaad goed kijken hoe je zorgt voor optimale samenwerking en
dat er ook wederzijds capaciteiten worden opgebouwd. Waar ik geen
voorstander van ben, is het beeld: laten we Nederlandse militairen
zomaar overal neerzetten waar er een bepaald tekort is. Ten eerste
hebben onze militairen het hartstikke druk. Die zijn iedere dag bezig om
ons veilig te houden, de krijgsmacht op te bouwen en te moderniseren, en
om heel veel jonge militairen die zich melden, op te leiden. Het beeld
dat weleens wordt geschetst — niet door u, hoor — alsof al die
militairen de hele dag niets zouden zitten te doen, is dus pertinent
onjuist. Ten tweede is het ook niet het specialisme van militairen. Als
wij zeggen dat we meer mensen willen inzetten voor bijvoorbeeld de
bewaking in gevangenissen, dan moeten we gewoon meer gevangenisbewakers
aannemen. Maar kijken naar waar de overlap zit met bijvoorbeeld de
speciale interventieteams of de Koninklijke Marechaussee, uiteraard:
laten we daar die synergie optimaal benutten.
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Struijs (50PLUS):
Tot slot, voorzitter. Wij zijn het er voor een deel eens, maar ik wil
dit kabinet ook een beetje aanjagen op integraliteit. Ik heb in het
verleden te vaak gezien dat men op de ministeries zegt "wij hebben het
geld binnen en dat is van ons". Ik wil stimuleren dat er gewoon
intelligente overlap wordt benut. Ik nodig de heer Brekelmans er ook toe
uit om daarin samen met de Kamer op te trekken.
De heer Brekelmans (VVD):
Die uitnodiging neem ik van harte aan. Dat is een heel goed punt. Ik ken
de ministers van Defensie en van Justitie en Veiligheid een beetje en
die kunnen heel goed met elkaar samenwerken. Die gaan die synergiën
absoluut vinden.
De voorzitter:
U vervolgt.
De heer Brekelmans (VVD):
Voorzitter. We kunnen investeren in onze veiligheid, maar als we die
willen bereiken en ook de uitgaven aan onderwijs, zorg en alles wat ons
zo dierbaar is in stand willen houden, dan kan dat alleen met een sterke
en groeiende economie. Een sterke economie betekent in deze tijd ook een
weerbare economie, zodat we met alle onrust om ons heen in staat zijn om
schokken op te vangen, dat we meer onafhankelijk zijn, zeker op
terreinen die ons kwetsbaar maken, zoals energie en grondstoffen. We
moeten ervoor zorgen dat onze ondernemers, onze bedrijven, onze
infrastructuur, klaar zijn voor de toekomst. Ik zeg tegen het kabinet,
via u, voorzitter: dan hebben we nog wel het een en ander te doen, want
het motorblok van ons land heeft iedere dag onderhoud nodig.
We moeten haarscherp blijven zien waar het geld en de welvaart in onze
samenleving wordt verdiend, bij al die bedrijven en al die ondernemers
die onze steun verdienen. Ondernemers moeten worden beloond als ze
bereid zijn risico's te nemen en hun nek uit te steken. Zij verdienen
dat het kabinet elke dag bezig is om het werk voor hen makkelijker te
maken, door ruimte te geven en regels te schrappen; door de
randvoorwaarden te scheppen zodat bedrijven kunnen en durven investeren
en door de concrete obstakels die zij ervaren, stuk voor stuk op te
lossen. Anders is de realiteit namelijk dat bedrijven die investeringen
niet doen of, sterker nog, dat ze weggaan uit Nederland.
Voorzitter. Dat vraagt om actie van het hele kabinet, een focus op groei
en op ondernemerschap. Daarom is in het coalitieakkoord ook vastgelegd
dat er een concreet doel is van 1,5% groei per jaar. Mijn vraag aan het
kabinet is hoe het daar naar toe wil werken. Kunnen we daar voor de
zomer nog een plan op verwachten? In het vorige kabinet heeft minister
Karremans een grote prioriteit gemaakt van het schrappen van regels. Ook
van dit kabinet ziet de VVD graag spoedig een eerste lijst met regels
die kunnen worden geschrapt, bijvoorbeeld via een vereenvoudigingswet,
zoals in het coalitieakkoord is gezegd, zodat we ondernemers in ons land
direct meer ruimte geven. Kan de premier toezeggen dat dit met voorrang
en urgentie wordt opgepakt?
Of je nu als ondernemer een groot bedrijf leidt of zelfstandige bent,
iedereen heeft meer ruimte nodig om te kunnen ondernemen. Kan het
kabinet ook toezeggen dat binnen drie maanden met de zelfstandigenwet
aan de slag wordt gegaan, zodat er snel duidelijkheid komt voor al onze
zzp'ers en ook zij weer de zekerheid ervaren dat ze kunnen doen waar ze
goed in zijn?
Voorzitter. Naast …
De voorzitter:
Er is eerst een interruptie van de heer Vermeer.
De heer Vermeer (BBB):
Ik heb nog wel een vraag aan de heer Brekelmans over de zzp'ers. Het is
heel goed dat wij ervoor zorgen dat die mensen beschermd worden, maar
ook hun pensioenvoorzieningen moeten beschermd worden. Hoe kijkt de heer
Brekelmans aan tegen het nieuws over box 3 dat vandaag gekomen is,
namelijk dat dat onzalige plan volgens de minister nu toch maar
teruggedraaid moet worden, terwijl de VVD dat zo graag door wilde
zetten?
De heer Brekelmans (VVD):
Ik heb natuurlijk ook gezien, en dat zult u in uw omgeving ook hebben
gemerkt, dat het de afgelopen weken tot heel veel vragen en heel veel
onrust heeft geleid. Er zijn ook veel voorbeelden waarin het plan zoals
het er nu ligt, oneerlijk uitpakt. Ik weet dat de nieuwe
staatssecretaris en ook de minister van Financiën daar vanaf dag één
kritisch naar kijken en dat ze ook hebben aangegeven dat we hier nog
eens heel goed naar moeten kijken. Dat betekent dat er, voordat het naar
de Eerste Kamer gaat maar ook in de verdere uitwerking ervan, heel goed
zal moeten worden gekeken wat het voor verschillende groepen betekent en
dat het ook aangepast zal moeten worden. Volgens mij is dat heel erg
goed, want zoals het er op dit moment ligt, pakt het gewoon verkeerd
uit.
De heer Vermeer (BBB):
De heer Brekelmans doet nu net alsof dat inzicht in de laatste weken
gekomen is, omdat mensen zich beginnen te roeren. We hebben hier meer
dan anderhalf jaar een debat over gehad en hebben alles precies
voorgerekend. Is de VVD gewoon niet meer in contact met de maatschappij
en is het zo dat men pas op het laatste moment, als de wet bij de Eerste
Kamer ligt, gaat kijken: wat vinden de mensen er nou van en wat is de
impact op de burgers van Nederland?
De heer Brekelmans (VVD):
Kijk, zonder helemaal de techniek in te gaan: deze wet kent een heel
lange geschiedenis. Daar hebben meerdere staatssecretarissen aan
gewerkt. Op het einde is een BBB-staatssecretaris dag en nacht bezig
geweest met die wet. De situatie zoals die nu is, is natuurlijk helemaal
slecht. Op dit moment worden mensen belast op basis van een rendement
dat er niet is, een fictief rendement. We willen allemaal naar een
situatie waarin er op basis van daadwerkelijke winsten wordt belast. We
weten ook dat het heel moeilijk uitvoerbaar is om dat direct te doen,
dus is er gewerkt aan een tussenstap. We hebben de afgelopen tijd gezien
hoe die tussenstap uitwerkt. Voor een groot aantal mensen pakt die
verkeerd uit. Dan vind ik het heel goed dat nu ook een nieuw kabinet, na
al die signalen gehoord te hebben, zegt "we gaan terug naar de
tekentafel, we gaan het aanpassen en we gaan ervoor zorgen dat er een
wet komt die wel eerlijk is", en dat dat vervolgens richting de Eerste
Kamer maar ook met anderen op een zorgvuldige manier wordt
uitgewerkt.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Vermeer (BBB):
Ik zou met alle liefde de techniek in willen duiken, maar dat zal ik de
rest hier besparen. Het is gewoon een feit dat alle argumenten die nu
genoemd worden, hier drie weken geleden in amendementen voorlagen. Die
zijn weggestemd, ook door deze coalitie; voor een deel, want voor één
onderdeel geldt dat niet, namelijk een motie om bij het Belastingplan
dingen aan te passen.
Maar nog even over het verwijt aan de BBB-staatssecretaris. Die gaf
precies dezelfde nadelen aan en heeft alleen gezegd: vanwege
budgetneutraliteit, vanwege het feit dat ik binnen dit kabinet daar geen
enkele financiële ruimte voor krijg, kan ik niet anders dan deze
tussenvorm neerzetten. Ga nou dus niet doen alsof dit bedacht is door
BBB, want we weten al anderhalf jaar lang hoe wij hierover denken.
De heer Brekelmans (VVD):
De heer Vermeer begon met iets over mijn partij te zeggen. Ik probeer
daarom alleen de feiten aan te geven, namelijk dat hier door meerdere
kabinetten en ook uitgebreid in de Kamer over is gesproken en dat het —
dat is gewoon feitelijk — op het einde de verantwoordelijkheid was van
een BBB-staatssecretaris. Het is inderdaad zo dat er amendementen zijn
ingediend. Zoals dat gaat als daar geen dekking voor is, en het gaat om
grote bedragen, heeft de BBB-staatssecretaris die vervolgens ontraden,
en dat lijkt mij heel terecht. Volgens mij is het heel goed dat, gegeven
hoe het nu uitpakt ... U zegt het zelf ook terecht: er is nog tijd om
aanpassingen te maken. Het zou pas op z'n vroegst in 2028 ingaan. Dus
dat kan in het wetgevingstraject en het kan ook nog via het
belastingplan. Er is nog ruimte om ervoor te zorgen dat dingen die nu
verkeerd in de wet zitten, worden gerepareerd. Ik vind het heel goed dat
ze hier met een nieuwe ploeg, met een nieuwe staatssecretaris van
Financiën, die het direct heeft opgepakt, en de minister van Financiën,
naar gaan kijken en dat ze alle zorgen, die eerder ook door u en andere
partijen zijn geuit, daarin meenemen.
De heer Eerdmans (JA21):
Ik wil hier toch even opkomen voor collega Vermeer. Er was heel veel
ophef voor nodig, tot aan de prins van Oranje aan toe, zeg ik maar, om
dat onzalige verhaal van box 3 van tafel te krijgen. We zijn er onderaan
de streep blij mee dat het nu wordt herzien, maar het was wel wekenlang,
ook door mijn collega Hoogeveen, sleuren en trekken zonder resultaat,
tot een amendement om dat niet te doen aan toe, wat nu wordt
ingewilligd, denk ik. Als je mensen wilt wegjagen en ondernemers angst
wilt aanjagen rond het fiscaal klimaat, dan was de box 3-wet wel echt
een voltreffer. Dus ik ben blij dat dat nu van tafel is. We gaan er met
elkaar naar kijken, denk ik, om dat beter te doen.
Collega Brekelmans had het over het investeringsklimaat. Dan pak je
gewoon de doorrekening erbij, wat goed is. Het kabinet heeft laten zien
wat er gebeurt met de cijfers en dan zie je die tabel op bladzijde 10,
waar onderaan de streep — ik maak het toch heel even af, voorzitter —
netto 5,5 miljard lastenverzwaring staat. We hoorden allemaal mooie
verhalen, ook van de voormalige leider van de VVD, over dat er van alles
gaat veranderen ten gunste van ondernemers en burgers. Echter, er komen
gewoon lastenverzwaringen aan: onderaan de streep 1,7 miljard voor
bedrijven en 3,8 miljard voor gezinnen. Dat is geld. Dat is veel geld.
Mijn vraag is: wat gaat er nou omlaag voor de mensen? Ik geloof dat we
het niet moeten hebben over: we hebben niks met de schenk- en
erfbelasting gedaan, want dat is zo fijn. Nee, we willen graag dat de
lasten omlaaggaan in Nederland. Wat heeft de VVD nou gedaan in dit
akkoord aan die lastenverlichtingen voor mensen?
De heer Brekelmans (VVD):
Volgens mij zijn er een heleboel belangrijke zekerheden, bijvoorbeeld
als het gaat om bedrijven. Die zekerheden hebben we in stand gehouden.
In het verleden werd heel makkelijk gezegd: we hebben extra geld voor
iets nodig, dus laten we het vpb-tarief verhogen. Dat doet dit kabinet
niet. Voor een heleboel andere lasten van bedrijven, zoals hoge
energielasten, zijn middelen vrijgemaakt, zodat die voor bedrijven niet
omhooggaan. Zo zijn er talloze zekerheden die bedrijven nodig hebben om
te investeren, in stand gehouden.
Natuurlijk is het zo dat er aan de ene kant wordt bezuinigd. Er vinden
hervormingen plaats en er vinden bepaalde belastingverhogingen plaats,
maar we hebben heel duidelijk ook rekening gehouden met het feit dat we
willen, zoals ik net zei, dat bedrijven hier in Nederland blijven en dat
ze die investeringen in Nederland doen. Onderaan de streep — dat zie je
ook in de cijfers — gaat uiteindelijk de werkgelegenheid omhoog, zorgen
we ervoor dat bedrijven hier in Nederland blijven en moeten we ook al
die andere dingen doen die in het regeerakkoord zitten en die ook voor
bedrijven van belang zijn. We moeten namelijk werken aan netcongestie,
Nederland van het stikstofslot halen en ervoor zorgen dat regels worden
geschrapt. Ook dat zullen we allemaal moeten doen en ik zie ook dat dat
allemaal in het regeerakkoord staat.
De voorzitter:
De heer Eerdmans, dan mevrouw Bikker, dan de heer Klaver en dan de heer
Dassen. De heer Eerdmans.
De heer Eerdmans (JA21):
Dat is oké. Maar je moet niet zeggen dat de lasten gaan dalen als je ook
zegt dat we gelukkig hebben kunnen voorkomen dat de erf- en
schenkbelasting door D66 of door wie dan ook wordt verhoogd en dat we
anders nog hogere benzineaccijns zouden krijgen. Ik zou graag willen
weten dat het dankzij de VVD ergens omlaaggaat. Op de vraag waar dat is
gebeurd, kan ik het antwoord geven, want dat is bij één ding, namelijk
de benzineaccijns. Die wordt door jullie een jaar uitgesteld. Dat is
oké, maar vanaf '27 komt die dus bij die 5,5 miljard
nettolastenverzwaring. Daar maakt JA21 zich gewoon zorgen over, want
daar staat helemaal niks tegenover. Dat is gewoon pijnlijk, want die
krabbels voor energieverrekening en compensatie zijn bij elkaar hooguit
een miljard. Dus ja, daar laten jullie echt even zien dat de VVD geen
voet bij stuk heeft gehouden. De VVD heeft geen voet bij stuk gehouden
als het gaat om de lastendalingen voor de gewone mensen en de
bedrijven.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik ga niet zeggen dat als we met elkaar grote hervormingen moeten
doorvoeren, dit voor een deel met belastingverhogingen moet. Voor een
groot deel zijn het inderdaad hervormingen en bezuinigingen, maar ik gaf
dus ook aan dat het in het verleden, ook nog niet zo heel lang geleden,
een reflex was om het merendeel van de rekening bij bedrijven neer te
leggen. Dat doen we heel duidelijk niet. Er is heel goed gekeken naar
welke bedrijven hier het meeste last van hebben. Bedrijven in de
industrie hebben te maken met veel hogere energiekosten dan in andere
landen. De heer Eerdmans kan dan zeggen "het is maar een miljard", maar
het zijn wel precies de bedrijven waarvoor het essentieel is dat dat
geld daarnaartoe gaat.
We zorgen er uiteindelijk voor dat onder de streep het
investeringsklimaat dusdanig is dat in Nederland ook de werkgelegenheid
toeneemt, dat er sprake is van economische groei en dat de werkloosheid
omlaaggaat. Dat zijn allemaal hele belangrijke zaken. We hebben dat met
elkaar voor elkaar weten te krijgen en ik zei net ook al dat het kabinet
voor een heleboel dingen, netcongestie, stikstof, infrastructuur en
allerlei andere zaken, extra investeringen doet. En dat komt direct ten
goede aan de bedrijven die in Nederland willen kunnen investeren.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Eerdmans (JA21):
Dat ontken ik niet, want er wordt inderdaad geïnvesteerd en er is ook
economische groei. Maar heel eerlijk, als je je handje ophoudt, dan
blijft er minder over, waardoor we ten opzichte van het basispad in
koopkracht omlaaggaan. En dat is juist wat ik "de kruimels" noem. De VVD
beroept zich daarop en zegt: dan valt het allemaal toch wel mee. Nee!
Onder de streep is dat echt een grote aanslag. Ik heb het dan dus niet
alleen over de bedrijven, maar ook over Jan met de pet, de gewone man,
want die moet uiteindelijk gaan betalen. Alleen al wat hij moet gaan
betalen voor benzine, vind ik een van de grootste bedreigingen, want
benzine gaat straks per liter gewoon €0,20 omhoog. En dat is dus echt al
vanaf 2027, over een jaar. Ik hoop dat de VVD daar met JA21 tegen ten
strijde gaat trekken, voor de portemonnee van al die mensen.
De heer Brekelmans (VVD):
De heer Eerdmans haalt nu een aantal dingen door elkaar. In zijn betoog
noemt hij verschillende dingen, bijvoorbeeld de koopkracht. Maar we zien
dat de koopkracht van alle gezinnen, weliswaar beperkt, omhooggaat. De
economische indicatoren laten zien hoe de bedrijvigheid in Nederland
zich ontwikkelt en de seinen staan daar uiteindelijk allemaal op groen.
Maar u mag er natuurlijk op rekenen dat u de VVD aan uw zijde vindt — we
zullen daarbij zelfs vooraan staan — als er gekeken moet worden wat dit
alles voor bedrijven betekent. We willen ervoor zorgen dat het er onder
de streep voor zorgt dat bedrijven meer kunnen ondernemen, meer kunnen
investeren en voor Nederland kiezen in plaats van voor andere landen.
Als je naar het hele regeerakkoord kijkt, is het onder de streep
positief, maar wij zullen ons er iedere dag voor inzetten dat dat zo
blijft en zo mogelijk nog beter wordt.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Even terug naar box 3. Het debat daarover is pas gevoerd in de Kamer. De
Kamer kreeg in die debatten steeds twee belangrijke argumenten te horen
tegen de verbetervoorstellen, voorstellen die vervolgens zijn
weggestemd. De ene was "het is ontzettend belangrijk dat er op 15 maart
een stabiele wet is", want daardoor zou er duidelijk zijn voor de
sector. Het andere was budgetneutraliteit. De wet is aangenomen. Het
protest is groot. De zorgen zijn groot bij heel veel mensen in
Nederland. En de minister komt nu met de aankondiging dat het toch
anders moet. Hoe kijkt de VVD naar die argumenten, namelijk de datum en
de budgetneutraliteit? Hoe kijkt zij verder terug op wat er de afgelopen
tijd is gebeurd en de plotselinge uitlatingen van de minister van
Financiën?
De heer Brekelmans (VVD):
Het wetstraject is zo dat het nog naar de Eerste Kamer moet en de
geluiden in de Eerste Kamer zijn natuurlijk vrij kritisch. Het is dus
maar de vraag of het überhaupt een meerderheid zou halen als je het op
deze manier naar de Eerste Kamer zou brengen. Ik denk dat we daar niet
doof voor moeten zijn. Ten tweede kunnen een aantal reparaties ook nog
via het Belastingplan of op andere momenten worden verwerkt. Ik denk dus
dat het heel goed is dat de nieuwe staatssecretaris en de minister van
Financiën, eigenlijk het kabinet, hebben gezegd dit direct op te pakken
en niet te laten liggen. Er is namelijk wel degelijk urgentie. Het is
niet makkelijk. Het is niet zo dat er nu hele eenvoudige oplossingen
voorhanden zijn; dat zal ik absoluut niet pretenderen. Er is nog tijd.
Het gaat namelijk in 2028 in en het kan bijvoorbeeld ook via het
Belastingplan. Ik denk dat het heel goed is dat we de staatssecretaris
en de minister aan het werk laten gaan om te kijken welke aanpassingen
er mogelijk zijn en wat alle consequenties daarvan zijn. Hoe zorgen we
gericht voor de mensen voor wie het oneerlijk uitpakt of bijvoorbeeld
voor mensen die in bedrijven investeren? Dat zijn echt niet de grote
investeerders. Dat zijn gewoon mensen die hun investeringen en bezit
niet in een start-up, maar in een gewoon bedrijf hebben zitten. We
moeten goed kijken hoe het voor hen uitpakt. Ik zou zeggen: laten we het
kabinet daar ook de ruimte voor geven.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Volgens mij moet je dat juist doen tijdens de wetsbehandeling in de
Tweede Kamer en niet op de valreep repareren voordat je iets naar de
Eerste Kamer stuurt. Daar hebben we op een ander dossier ook al wat
mindere ervaringen mee, zeg ik in alle vriendelijkheid en rust. Ik heb
toch ook nog iets anders. De minister van Financiën zegt dit zonder daar
een dekking bij te leveren. Hoe denkt de VVD dat dit betaald gaat
worden? Wordt de hypotheekrenteaftrek dan opeens wel gebruikt of zijn er
andere voorstellen? Op welke manier denkt de VVD deze verbetering te
bekostigen? Wat vindt mijn collega van de VVD ervan dat de minister van
Financiën nu opeens veranderingen aankondigt zonder daar een dekking bij
te leveren?
De heer Brekelmans (VVD):
Wat ik de minister van Financiën en volgens mij ook de staatssecretaris
heb horen zeggen, is het volgende: "We gaan er nog naar kijken. We gaan
terug naar de tekentafel. We houden alle elementen die in die wet zitten
tegen het licht. We kijken hoe die uitpakken. We kijken wat voor
aanpassingen er nog mogelijk zijn en ook wat daarvan de financiële
consequenties zijn." Ik heb zelf nog geen concrete voorstellen vanuit
het kabinet gehoord. Volgens mij hebben ze gezegd er opnieuw naar te
gaan kijken, en niet meer dan dat. Volgens mij is dit dus ook niet het
moment om er zo concreet over te spreken, maar moeten we de
staatssecretaris en de minister eerst de ruimte geven om nog eens
kritisch naar die wet te kijken, te kijken welke aanpassingen er
mogelijk zijn, wat dat dan betekent en wat daar de financiële
consequenties van zijn. Vervolgens moeten we daar dan weer met elkaar
het debat over hebben.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Ik haal hier al wel een belangrijke les uit, namelijk dat je, als je
begint met budgetneutraliteit in plaats van met een visie op hoe iets er
op de lange termijn uit moet zien, soms wetten in een korset gooit die
een misvormt resultaat hebben. Dan kan je daarna wel weer gaan
repareren, maar de gevolgen voor de samenleving zijn groot. Ik zie nu op
allerlei terreinen dat het kabinet doorbraken wil. Die wil ik ook. Ik
ben van de generatie politici die voor de lange termijn dingen voor
elkaar wil krijgen. Dat hoeft niet allemaal volgende week, maar wel met
een stukje power. Het gaat erom dat je de dingen die je voorstelt, ook
daadwerkelijk gaat realiseren. Als we beginnen bij budgetneutraliteit
maar geen visie hebben op hoe het uiteindelijk het beste kan gaan
werken, dan krijgen we telkens de geitenpaadjes en de tussenoplossingen
waar we zo graag vanaf wilden. Wat mij betreft is box 3 het laatste
voorbeeld van hoe het niet moet en is het juist bij al die andere dingen
die het kabinet nu voorstelt, zo belangrijk dat we niet zomaar beginnen.
Natuurlijk, die rekening moet betaald worden. Mijn doorrekening klopt
ook altijd, want ik hou er niet van dat de staatsschuld oploopt; dat
gaan we niet doen. Maar het je moet wel eerst een goede visie hebben en
dan pas de plannen maken, in plaats van andersom.
De heer Brekelmans (VVD):
Als je naar het regeerakkoord kijkt, zie je volgens mij dat dat ook
gebeurt. Er ligt volgens mij een heel duidelijke visie op hele
belangrijke thema's. Daar zit ook een financiële onderbouwing bij. Het
kabinet zorgt er ook voor dat de overheidsfinanciën op orde zijn.
Volgens mij is dat ontzettend belangrijk. In zo'n wetsbehandeling kunnen
er natuurlijk terechte zorgen worden aangekaart en amendementen worden
ingediend, maar ik vind wel dat we met elkaar echt de spelregel moeten
vasthouden dat we pas amendementen aannemen als er een dekking tegenover
staat. Volgens mij moeten we ook niet willen dat bij die wetsbehandeling
was gezegd: we dienen amendementen in, daarbij gaat het om miljarden en
we zien wel wanneer het kabinet het een keer oplost. Op die manier
moeten we niet met elkaar willen omgaan, maar dat zegt u ook niet. Die
wetsbehandeling was natuurlijk aan het einde van een kabinetsperiode. Ik
kan me voorstellen dat er toen bepaalde dingen werden gezegd in de trant
van: dat is aan een volgend kabinet. Volgens mij is het nu aan dit
kabinet om te kijken hoe het deze wet gaat repareren, hoe het daarmee
omgaat. Ik wacht af met welke voorstellen het kabinet daarvoor komt. Ik
ga ervan uit dat daar dan een deugdelijke financiële onderbouwing onder
zit. Ik weet zeker dat ik daar bij beide bewindspersonen op kan
rekenen.
De heer Vermeer (BBB):
Mevrouw Bikker gebruikt wel heel vriendelijke woorden voor wat hier
feitelijk gebeurt. Ik ben er echt pislink over. Er wordt hier steeds
gedaan alsof het gaat om een uitgestoken hand, maar dit is gewoon een
dikke middelvinger naar de Kamer. Toen wij namelijk drie weken geleden
die amendementen indienden, was de dekking opeens relevant. We zijn nog
geen drie weken verder en er wordt door het kabinet gewoon even gezegd:
we gaan dat aanpassen en we gaan dat terugdraaien. Er wordt geen woord,
geen letter gezegd over welke dekking dan ook. Dit is gewoon schandalig!
Als u als minderheidskabinet en als minderheidscoalitie samen zaken wil
doen met deze Kamer, dan heeft u haar ook te respecteren. Dan moet u
niet op deze manier dit bommetje droppen, terwijl wij hier het debat
voeren. Wat vindt de heer Brekelmans daarvan? Kan hij daar als
fractievoorzitter eens even op reflecteren, zonder dat hij nadenkt over
de consequenties voor zijn eigen kabinet?
De heer Brekelmans (VVD):
Laten we nou niet pislink zijn op elkaar. Ik zou 'm willen omdraaien. U
heeft terechte punten gemaakt tijdens de wetsbehandeling. Op dat moment
moest het kabinet, gegeven de ruimte die het daarvoor had, aangeven: "We
snappen de onderliggende zorg die daar zit echt wel. Alleen, er is geen
dekking voor, dus we moeten dit amendement ontraden." Al die kritiek
gehoord hebbende, zegt een nieuw kabinet nu maar één ding, namelijk: we
gaan nog eens een keer naar die wet kijken. Er is nog niet
vooruitgelopen op concrete maatregelen, maar het zegt alleen: we hebben
de eerdere kritiek vanuit de Kamer gehoord, we horen een heleboel
signalen vanuit de samenleving en we zien dat er ook kritiek op is
vanuit de Eerste Kamer. Dan zeggen twee bewindspersonen, die dat
allemaal gehoord hebben, en ook de eerdere kritiek van BBB en JA21,
waarvoor alle credits, dat ze het serieus nemen. Ik zou tegen de heer
Vermeer zeggen dat dat wel echt een uitgestoken hand is, ook als dat
niet zo overkomt, in de zin van: laten we proberen dit samen op te
lossen. Het moet allemaal ordentelijk geregeld worden hoe dat er dan
precies uit komt te zien en welke dekking daar dan tegenover staat.
Daarom ga ik nu niet heel goedkoop zeggen: dit elementje uit de wet
draaien we terug. Ik vind dat het kabinet namelijk met een weloverwogen
voorstel moet komen, dat gedekt is en ook niet verkeerd uitpakt voor
mensen voor wie dat heel zwaar zou uitpakken. Ik zou zeggen: geef de
bewindspersonen daar even de ruimte voor en dan komen we daar later over
te spreken.
De heer Vermeer (BBB):
Ik vind dit heel ingewikkeld. Volgens deze redenatie hadden we namelijk
beter het kabinet nog drie weken uit kunnen stellen, want dan was er
waarschijnlijk weer ergens een paar miljard gevonden om dit op te
lossen. Ik vind dat echt ongekend, omdat het niet alleen om dekking
ging, maar zelfs om allerlei uitvoeringsredenen en partners, zoals de
banken en zo, waardoor wij steeds te horen hebben gekregen: het kan niet
op een andere manier, want we moeten nu een besluit nemen. Ik vind dat
er dan echt een loopje met ons wordt genomen. Ik hoop dat dit het
laatste voorbeeld is dat we hier de komende jaren, of twee jaar, gaan
behandelen.
De heer Brekelmans (VVD):
Nogmaals, die ingewikkeldheden en bezwaren, of het nou gaat om
uitvoering door de Belastingdienst of door de banken, zijn niet in één
keer weg. Die ingewikkeldheden zijn er nog steeds. Vandaar dat ik nu ook
niet net doe alsof ik een heel simpel voorstel heb dat alles oplost. Het
enige wat ik het kabinet heb horen zeggen, is: wij zijn niet doof voor
de eerdere kritiek en ook niet voor de kritiek van de afgelopen weken;
wij zijn bereid om daar als nieuw kabinet, met nieuwe bewindspersonen,
nog een keer naar te kijken. Alle zaken die dit zo ingewikkeld maken,
waaronder de kwestie of de Belastingdienst en de banken het kunnen
uitvoeren, zijn natuurlijk niet weg. Daarom kom ik hier niet met een
hele simpele oplossing waardoor mensen denken: die Brekelmans van de VVD
heeft nu in één keer de waarheid in pacht. Het is nu aan het kabinet om
het uit te werken en om met een goed voorstel te komen dat ook
uitvoerbaar is. Dan gaan wij daar vervolgens met elkaar het debat over
aan.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Ik heb het gevoel dat de nieuwe fractievoorzitter van de VVD zijn oude
baan mist. Dat denk ik in ieder geval na het horen van het eerste deel
van zijn betoog. Het was een gloedvol betoog over het belang van
defensie. Ik heb er met veel plezier naar geluisterd. Mijn vraag is de
volgende. Ik snap heel goed dat de VVD wil investeren in defensie; dat
willen wij ook. Waarom wordt de rekening zo eenzijdig neergelegd bij al
die mensen die dit land draaiende houden, bij de middenklasse?
De heer Brekelmans (VVD):
De rekening wordt daar niet eenzijdig neergelegd. Als je kijkt naar de
koopkracht van mensen — ik heb het over verschillende gezinnen en
verschillende inkomenscategorieën — zie je dat iedereen er, weliswaar
licht, op vooruitgaat. Er zijn een heleboel dingen ter tafel geweest.
Denk aan de zekerheid die mensen hebben als het gaat om een eigen woning
of aan autorijden. Dat zijn dingen die direct de middenklasse zouden
raken, maar niet zijn gebeurd. Aan de ene kant heb je hervormingen, maar
er zijn ook extra belastingverhogingen nodig. U zult begrijpen dat ik
daar als VVD'er, in welke functie dan ook, nooit blij van word, maar die
zijn er ook onderdeel van. Op een of andere manier zal de totaalrekening
namelijk toch betaald moeten worden. Ik vind niet dat we kunnen zeggen:
we gaan de uitgaven voor defensie verhogen en we leggen de rekening neer
bij onze kinderen en kleinkinderen. Dat daarbij helaas ook hoort dat er
naast hervormingen ook wat belastingverhogingen nodig zijn, is de
realiteit.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Die kinderen en kleinkinderen betalen nu de rekening. Het zijn die
mensen die nu de rekening betalen. Net was het de heer Brekelmans die
heel trots zei dat hij ontzettend blij was dat nu bijvoorbeeld niet de
belasting op wind of de belastingen op vermogen omhooggaan. Daar was u
allemaal heel trots op. U was heel blij dat die zaken waren
tegengehouden. Maar de consequentie daarvan is dat het geld alleen maar
wordt opgehaald bij werkende mensen in dit land, bij mensen die zorg
moeten gebruiken en nu een hogere eigen bijdrage of een hoger eigen
risico moeten betalen voor de zorg, bij mensen die als ze ouder zijn nog
langer moeten doorwerken omdat de AOW-leeftijd wordt verhoogd. Dit wordt
dus alleen maar opgehaald bij gewone mensen in dit land, bij die
middenklasse, die de ruggengraat is van onze samenleving. Ik vraag de
heer Brekelmans hetzelfde wat ik de heer Paternotte vroeg: is hij bereid
om te kijken naar een andere verdeling, naar een manier waarop we
misschien iets meer kunnen belasten op vermogen of op winsten van grote
bedrijven, zodat het wat eerlijker verdeeld wordt?
De heer Brekelmans (VVD):
Als je kijkt naar de maatregelen die te maken hebben met de
inkomstenbelasting, dan zie je dat mensen die meer verdienen, die in de
hoogste schijf zitten, meer betalen. Het beeld dat we dat helemaal niet
zouden doen, klopt dus niet. Ik was het volledig eens met wat de heer
Paternotte hierover zei. We moeten echt oppassen dat we niet de rekening
bij bedrijven neerleggen, en dat die vervolgens zeggen: dan gaan we weg
uit Nederland. Dat punt is, ook door belastingverhogingen in het
verleden, voor een heleboel bedrijven wel bereikt. Dat zou iedere
werknemer van die bedrijven raken. Vervolgens zou dat ook alle
toeleveranciers raken, net als alle werkgelegenheid daaromheen. Ik sta
volledig achter het feit dat het kabinet heeft gezegd dat de economie de
motor is van onze veiligheid, dat die ervoor zorgt dat we de sociale
voorzieningen, maar ook het onderwijs en noem maar op, in stand kunnen
houden, en dat we er dus voor moeten zorgen dat we de rekening zo
verdelen dat bedrijven niet uit Nederland weggaan.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Mensen zijn de motor die dit land draaiende houden. Zij zorgen ervoor
dat wij hier vooruitkomen. Ik vind het echt onbegrijpelijk dat dit
kabinet de rekening eenzijdig daar neerlegt en doet alsof de hoogste
inkomens met de plannen van dit kabinet meer betalen. Dat is gewoon niet
waar. Dat is onjuist. Het zou goed zijn als we ons gewoon bij de feiten
houden. De vormgeving van de maatregelen zorgt ervoor dat juist die
middenklasse het hardste wordt geraakt. Het klopt dat ook de lagere
inkomens worden geraakt, maar daar gaat vast nog wel íéts voor geregeld
worden in de marge. Maar juist de mensen die overal net buiten vallen,
die net te veel verdienen voor een toeslag en die net te veel verdienen
voor een armoederegeling, laat dit kabinet de rekening betalen. Ik had
gehoopt dat de heer Brekelmans zou zeggen: dat is gewoon niet goed
gegaan; het is een fout die we gaan herstellen. In plaats daarvan zegt
hij: "Nee, ik sta achter de keuzes van dit kabinet. Het is goed dat
bedrijven niet meer belasting hoeven te betalen. Het is goed dat we niet
meer belasting uit vermogen halen." Gewone mensen in dit land kunnen
niet dreigen met het verlaten van dit land. Zij mogen dus lekker de
rekening betalen. Het is helder waar de VVD staat.
De heer Brekelmans (VVD):
Kijk naar alle maatregelen bij elkaar en naar de koopkracht van mensen.
Je ziet dan de komende jaren bij iedereen, ongeacht of mensen nu veel of
wat minder verdienen, een plus. Het is een klein plusje — dat zeg ik er
eerlijk bij tegen de heer Klaver — maar het is wel een plus. Ik ben het
er natuurlijk mee eens dat het de mensen binnen bedrijven zijn die samen
de motor vormen van onze economie. Maar het is voor mensen het meest
belangrijk om ervoor te zorgen dat werk en innovatie in Nederland
plaatsvindt. Je wil niet dat bedrijven op het moment dat de belastingen
weer worden verhoogd, zeggen dat ze die investeringen dan maar in het
buitenland gaan doen, want dan gaan die banen dus naar het buitenland
toe. Ik vind het dus ook heel goed dat dankzij dit kabinet het aantal
banen toeneemt en de werkloosheid afneemt. We zorgen er ook voor dat we
een heleboel dingen die voor mensen zekerheden zijn in het leven — denk
aan een eigen huis of aan de kosten van autorijden — stabiel en in stand
houden. Als je dan vraagt, gelet op alles waar we voor staan, of in de
plannen die voorliggen het juiste evenwicht zit, dan zou mijn antwoord
"ja" zijn.
De heer Dassen (Volt):
De nieuwe fractievoorzitter van de VVD heeft het in zijn hele betoog tot
op heden nog niet gehad over "de hardwerkende Nederlander". Ik begrijp
dat wel. Je ziet namelijk dat de lasten van de hardwerkende Nederlander
op dit moment met 8 miljard verzwaard worden. Dat is nogal een bedrag.
De heer Brekelmans staat hier nu ook vrolijk in de beantwoording
richting de heer Klaver aan te geven dat dit allemaal niet zo erg is.
Maar als je het hebt over maatschappelijke weerbaarheid, dan moet het
ook gaan over de vraag waar je de rekening neerlegt. Is de heer
Brekelmans dan van mening dat we 8 miljard aan rekeningen bij die
hardwerkende Nederlander moeten neerleggen?
De heer Brekelmans (VVD):
Ik denk toch dat de heer Dassen niet helemaal goed naar mij geluisterd
heeft. Ik ben begonnen bij Defensie. Als ik iemand nou een hardwerkende
Nederlander zou willen noemen, dan zijn het wel militairen. Ik heb het
vervolgens gehad over de politie. Als iemand een hardwerkende
Nederlander is, dan is het wel de politie. Daarna heb ik het gehad over
ondernemers. Als iemand een hardwerkende Nederlander is, dan zijn zij
het wel. Ik ben geëindigd met zzp'ers, die ook hardwerkende Nederlanders
zijn. Dat beeld klopt dus niet. Ik heb eerder aangegeven dat iedereen
een steentje moet bijdragen. De opgave die er ligt, met alle stijgende
kosten die er zijn en die onhoudbaar zijn, is verdeeld. Maar
uiteindelijk zie je onder de streep dat de werkgelegenheid toeneemt, dat
de economie groeit en dat iedereen er in koopkracht op vooruitgaat. Dan
zeg ik dat onder de streep de balans die hier gevonden is voor de
hardwerkende Nederlander, als u het net als ik graag zo wil noemen,
positief is.
De heer Dassen (Volt):
Ik denk dat die niet heel positief is. Je ziet dat door de maatregelen
van dit kabinet de koopkracht van veel mensen er juist op achteruitgaat.
Dan is de vraag: ja oké, we hebben ook arbeidstekorten; hoe zorg je er
nou voor dat mensen meer gaan werken? Dat doe je juist door te zorgen
dat de belasting op arbeid ook omlaaggaat. De rekening wordt nu juist
bij arbeid gelegd en niet bij vermogen. Als we mensen willen laten
werken, zou het dan niet verstandig zijn om ervoor te zorgen dat we de
vermogens in Nederland zwaarder gaan belasten? Denk aan de schenk- en
erfbelasting, de vermogensbelasting en eventueel de
hypotheekrenteaftrek.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik denk dat u het antwoord al weet, meneer Dassen. Ik denk dat gegeven
alles wat er gebeurt rondom woningen en ook gegeven het beperkte aantal
woningen, het voor mensen heel moeilijk is om een woning te vinden.
Zeker voor mensen die net een hypotheek hebben afgesloten, is het vaak
kantje boord. Het is heel goed dat dit kabinet voor de komende jaren
zekerheid geeft voor alles rond het eigen huis. Er zijn heel veel mensen
die reizen met de trein. Er zijn ook heel veel mensen die die
mogelijkheid niet hebben. Die reizen met de auto en dat brengt veel
kosten met zich mee. Dit kabinet heeft gezegd: wij zorgen ervoor dat de
kosten van autorijden stabiel zijn of dat er een zekerheid blijft.
Volgens mij zijn er een heleboel dingen die ervoor zorgen dat mensen wel
die zekerheid hebben. Uiteindelijk moeten we met z'n allen ervoor zorgen
dat het totaal in balans is en dat dat sluit. Ik vind het heel goed dat
het kabinet heeft gezegd: nee, we schuiven die rekening niet door naar
volgende generaties; we zorgen ervoor dat het sluitend is, zodat als er
iets gebeurt in de wereld wat een grote schok teweegbrengt — daar hebben
we het net over gehad — we een buffer hebben om dat op te vangen.
De voorzitter:
De heer Dassen, tot slot.
De heer Dassen (Volt):
Tot slot. Ik heb hier met de heer Paternotte het debat over geprobeerd
te voeren en probeer dat nu ook met de heer Brekelmans. Het is heel
moeilijk om te kijken of hier ergens ruimte zit. Ik denk dat veel
oppositiepartijen aangeven: hier zit een zorg; die vrijheidsbijdrage, de
belasting voor middeninkomens is gewoon te hoog. Ik proefde bij de heer
Paternotte niet echt ruimte en ik proef bij de heer Brekelmans niet echt
ruimte. Ik vraag me dan het volgende af. Waar is de uitgestoken hand van
deze coalitie? Waar zit dadelijk de ruimte? Of is die er eigenlijk niet?
Ik wil die vraag aan de heer Brekelmans stellen: is hier ruimte? Of zegt
de heer Brekelmans eigenlijk: nou, ik vind het wel prima als het zo is,
dit is wat wij met de VVD uitonderhandeld hebben en hier gaan we ons aan
houden?
De heer Brekelmans (VVD):
Vandaag staan we hier voor het debat over de regeringsverklaring. Er is
een regeerakkoord waar wekenlang — ik wilde zeggen "maandenlang", maar
het is gelukkig heel snel gegaan — over onderhandeld is. Volgens mij op
een heleboel terreinen is de conclusie uit dit debat dat dit kabinet en
deze ministers daarmee aan de slag gaan en dat ze verder gaan werken aan
de uitwerking. In sommige gevallen gebeurt dat met sociale partners en
in andere gevallen is daar nog geen meerderheid voor, dus zal er een
meerderheid moeten worden gevonden. Natuurlijk zullen we in die
uitwerking nog over een heleboel dingen te spreken komen met elkaar. Als
u nu aan mij vraagt wat ik vind van wat er nu ligt, dan vind ik
natuurlijk dat de balans die er nu in zit, ook als je kijkt wat dat
onderaan de streep voor mensen betekent, goed is. Maar dat betekent niet
dat er in de nadere uitwerking van een aantal van de maatregelen niet
met de VVD of met mij te praten valt. We zullen ervoor moeten zorgen dat
er in beide Kamers een meerderheid voor is. We zullen ervoor moeten
zorgen dat dingen waar nog veel onduidelijk over is, in de uitwerking
nader worden uitgewerkt. Daar zullen wij ook de komende tijd in gaan
samenwerken, meneer Dassen.
De heer Jimmy Dijk (SP):
De VVD en de SP hebben de afgelopen jaren een wezenlijk verschil van
mening gehad over de Trumpnorm, de NAVO-norm, over hoe daartegen aan te
kijken. U verkondigde: daarvoor zal bezuinigd moeten worden op sociale
zaken, op zorg en op AOW en pensioenen. De SP waarschuwde: het zal ten
koste gaan van zorg, van sociale zekerheid en van AOW en pensioenen.
Maar ik kan het u niet verwijten, want u bent er altijd eerlijk over
geweest. Ik heb een vraag gekregen van een wijkverpleegkundige. Die
zegt: "Steunkousen aantrekken, hulp bij dementie, het verschonen van
wonden en ook een oogje in het zeil houden, dat is wat ik nu aan het
doen ben voor zieke ouderen. Mensen verwaarlozen en vereenzamen nu al
vaak thuis zonder dat iemand het in de gaten heeft en daardoor komen
mensen in het ziekenhuis terecht." De vraag van deze wijkverpleegkundige
aan mij was — ik stel 'm u graag: hoe gaan bezuinigingen op de
wijkverpleging ervoor zorgen dat de deze problemen opgelost worden?
De heer Brekelmans (VVD):
We zijn het met elkaar eens dat we ervoor moeten zorgen dat de zorg in
Nederland, of het nou wijkverpleging is of welke zorg dan ook,
toegankelijk blijft voor mensen die die zorg nodig hebben. Als ik kijk
naar hoe de zorg zich ontwikkelt, dan baart mij dat veel zorgen. Dat
zult u met mij eens zijn. We zien dat de kosten echt enorm snel toenemen
en dat — de cijfers werden ook al door de heer Paternotte genoemd — nu
een op de zes mensen in de zorg werkt, maar dat dat als we niks doen
richting een op de vier gaat. Als dat de komende jaren, tien, vijftien
jaar, zo doorgaat, is dat niet houdbaar. Dus even los van alle
investeringen in defensie, waar ik natuurlijk hartgrondig voor sta, vind
ik dat we sowieso heel kritisch moeten kijken naar hoe we ervoor zorgen
dat de zorg toegankelijk blijft voor mensen die die zorg nodig hebben,
maar ook hoe we ervoor zorgen dat die betaalbaar blijft en dat we genoeg
mensen hebben om die zorg uit te kunnen voeren. Het kabinet zal
natuurlijk voor die verschillende onderdelen van de zorg — het voorbeeld
dat u noemde, is er daar een van — gaan uitwerken hoe we hier invulling
aan geven op een manier waarop we er aan de ene kant voor zorgen dat
mensen die daadwerkelijk zorg nodig hebben daar toegang toe houden, maar
er aan de andere kant ook voor zorgen dat het naar de toekomst houdbaar
blijft.
De voorzitter:
De antwoorden mogen ook wat korter, meneer Brekelmans.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik heb net een kwartier zitten luisteren naar een bijdrage over
Defensie. Ik stel één simpele vraag van een wijkverpleegkundige en er
komt geen begin van een antwoord. Ik stelde u de vraag: wat lossen de
bezuinigingen op de wijkverpleging op? Niets. Wat er gebeurt, is dat
mensen uit zicht verdwijnen. En wat u ook nog doet — dat is uw
verantwoordelijkheid, de verantwoordelijkheid van uw partij — is de
huishoudelijke zorg zo goed als afschaffen. Oudere mensen, zieke oudere
mensen, worden onzichtbaar, door u. Die komen in het ziekenhuis terecht.
Dat zijn kosten, meneer Brekelmans, en persoonlijk leed, drama. Dus ik
stel u opnieuw de vraag: wat lost het op om op de wijkverpleging te gaan
bezuinigen? Waar wordt het beter voor de ouderen en de
wijkverpleegkundigen die nu aan het werk zijn? Op welke manier lost dat
een probleem op?
De heer Brekelmans (VVD):
Als je kijkt naar welke vorm van zorg ook, of het nou de
wijkverpleegkundige is of een andere vorm van ouderenzorg, dan zie je
dat de uitgaven de komende jaren gigantisch toenemen. Dat is ook
belangrijk, want mensen worden ouder en hebben die zorg nodig. Het is
belangrijk dat die voor de mensen die u noemt, juist voor hen,
toegankelijk blijft. Alleen, we moeten kritisch kijken naar of en hoe
dat geld wordt uitgegeven. Zijn het de mensen die echt die zorg nodig
hebben die het krijgen of wordt er niet ook te veel tijd besteed aan
mensen die daar misschien op een andere manier invulling aan kunnen
geven? Kan het ook op een andere manier gefinancierd worden? Anders ben
ik bang dat die kosten de komende jaren zo veel toenemen dat de mensen
over wie u het hebt de toegang tot die zorg niet meer hebben of dat dan
inderdaad niet een op de zes, maar een op de vier mensen zou moeten
werken in de zorg, terwijl die mensen er niet zijn, en dat dan in plaats
van twee keer in de week nog maar één keer in de week of zelfs één keer
in de twee weken iemand langskomt. Dus het kabinet gaat nu met nog
steeds stijgende budgetten, maar iets minder stijgend dan wanneer we
niks zouden doen, kijken hoe we er met alle partijen in de zorg voor
kunnen zorgen dat we daar afspraken over maken, een akkoord over kunnen
sluiten, zodat de mensen die u noemt, die het echt nodig hebben, wel
toegang blijven houden tot die zorg.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Alleen wereldvreemde mensen zeggen dat mensen nu zorg krijgen die ze
misschien niet nodig hebben en dat we zo meteen alleen maar zorg gaan
geven aan mensen die het écht nodig hebben. Zijn die zorgverleners dan
nu voor Piet Snot mensen aan het wassen of wonden aan het schoonmaken? U
blijft de vraag ontwijken. Als je investeert in huishoudelijke zorg en
investeert in wijkverpleging, dan voorkomt dat dat mensen in het
ziekenhuis terechtkomen met ergere klachten. Om een Engels spreekwoord
te gebruiken: het is penny wise, pound foolish om te bezuinigen op de
huishoudelijke zorg en om te bezuinigen op de wijkverpleging, om
vervolgens hogere kosten te gaan maken in de ziekenhuizen. Het is zeer
onverstandig. Het is menselijk leed. Ik blijf de vraag herhalen. Wat
levert het op en waar wordt het er beter van in de zorg als uw partij op
de wijkverpleging gaat bezuinigen? Op welke manier wordt het daar beter
van voor degene die de zorg verleent en voor degene die de zorg nodig
heeft?
De heer Brekelmans (VVD):
De heer Dijk schetst hier het beeld dat de zorg voor mensen die
afhankelijk zijn van de huishoudelijke hulp, of van welke manier van
zorg dan ook, niet door zou gaan of dat ik die zou willen stopzetten. Ik
maak me net zo hard voor die mensen als dat de heer Dijk dat doet.
Alleen zie ik, als ik kijk naar de kosten van de zorg, dat een bepaalde
kostencategorie in sommige gevallen in een paar jaar tijd met 10 miljard
is toegenomen. Dat is net zo veel als de grootste investering sinds
decennia die we nu in defensie doen. In de zorg gebeurt dat gewoon
zonder dat we iets doen. Nou kunnen we dat ten dele verklaren door
vergrijzing. Er zijn andere redenen waarmee we dat kunnen verklaren,
maar ik vraag me toch echt af of op dit moment iedere euro van het geld,
van die bijna 100 miljard die we besteden aan de zorg, op de juiste
manier besteed wordt. U heeft zelf het voorbeeld van zorgfraude genoemd.
Ik ben het er zeer mee eens om dat heel kritisch aan te pakken; laten we
daar ook samen naar kijken. Maar met de stijgende budgetten in de zorg,
die als dat zo doorgaat gewoon onhoudbaar zijn, lijkt het mij heel
verstandig dat dit kabinet nu kijkt hoe we ervoor gaan zorgen dat we
zorg, of het nou de huishoudelijke hulp of een andere vorm van zorg is,
toegankelijk houden voor de mensen die die zorg echt nodig hebben. U en
ik zijn het er allebei over eens dat dat moet gebeuren.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Ik heb de VVD veel campagne horen voeren voor de harde werkers van
Nederland. We trekken al langer samen op. Ik weet ook hoezeer de VVD
zich altijd inzet voor al die gewone gezinnen en gewone middeninkomens.
Daar zijn mooie teksten over te vinden, ook in dit coalitieakkoord. Maar
dan pak ik de financiële plaat en de doorrekening. Daarin zie ik als
uitkomst dat het juist de hoogste inkomensgroep is die er het meest op
vooruitgaat. Hoe reflecteert de VVD op die uitkomst?
De heer Brekelmans (VVD):
Als je kijkt naar hoe het in zijn totaliteit uitpakt, dan zie je dat het
voor iedere inkomenscategorie om een plusje gaat, maar wel een klein
plusje. Het gaat echt over nul komma een paar procent. Er zitten héle
lichte verschillen tussen de inkomensgroepen, maar je kunt zeggen dat
het ongeveer hetzelfde is voor de verschillende inkomenscategorieën. Ik
vind het heel goed dat er is gezegd dat we voor de mensen die het meest
kwetsbaar zijn, mensen in armoede of chronisch zieken, specifieke gelden
beschikbaar stellen, voor chronisch zieken 350 miljoen en voor mensen in
armoede 150 miljoen, en dat we kijken wie dat nou echt nodig heeft,
zodat we mensen die net onder de armoedegrens zakken daarmee kunnen
helpen. De besteding van die middelen moet nog verder worden uitgewerkt;
dat zit nog niet in deze cijfers. Volgens mij is het heel goed om ook
het kabinet te vragen om dat de komende tijd verder uit te werken en dat
we dan met elkaar bekijken of dat voldoende in balans is. Maar als ik
het nu bekijk, dan zie ik dat iedereen, of je nou veel of weinig
verdient, er licht op vooruitgaat en dat de verschillen tussen
verschillende inkomenscategorieën echt minimaal zijn.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Het CPB zegt ook duidelijk: een aantal dingen kunnen we nu nog niet goed
doorrekenen. Er moeten dus ook nog een heel aantal effecten bekend
worden; dat geef ik meteen toe. Maar het eindbeeld is nou dat het de
hoogste inkomensgroepen zijn die er het meest op vooruitgaan. We weten
allemaal dat het voor de middeninkomens niet alleen gaat om hoeveel je
verdient, om het koopkrachtplaatje. We weten allebei dat daar een heel
verhaal onder zit. Het gaat om bestaanszekerheid. Weet je wanneer je
inkomen krijgt? Weet je of je een betaalbaar huis kan vinden? Weet je
als je je werk verliest of je een regeling hebt waardoor je ook weer
snel aan de slag kan, ja dan nee? Dat maakt allemaal uit. We weten
allebei dat the fear of falling een van de redenen is dat de politiek
onstuimig is geraakt in de afgelopen jaren, omdat de middenklasse dat te
vaak heeft meegemaakt. Dan moet het toch een ongewenste uitkomst zijn,
ook in de ogen van de VVD, ook gezien die eerdere campagne, dat het de
hoogste inkomensgroep is die er nu het meest op vooruitgaat? Ik heb
telkens begrepen dat dit een openingsbod is. Dan is het toch alle reden
om werk aan de winkel te maken en ervoor te zorgen dat de middenklasse
erop vooruitgaat?
De heer Brekelmans (VVD):
Uiteraard, wij staan allebei voor de middenklasse. We staan voor de
middengroepen die elke dag naar hun werk gaan en hard werken. Typisch
geldt dat het hen het hardste raakt als bepaalde belastingen worden
verhoogd of bepaalde uitgaven omhooggaan. Daarom heb ik natuurlijk
direct heel kritisch gekeken hoe het voor iedereen uitpakt. Ik heb
gekeken of de middenklasse, hoe je die ook definieert, in de plus zit.
Ik denk dat het heel goed is dat voor alle inkomenscategorieën geldt dat
er sprake is van een kleine plus. Hoe dat voor verschillende mensen
uitwerkt, is natuurlijk heel verschillend. Dit kabinet geeft voor de
kindregeling, dus de kinderbijslag en het kindgebonden budget samen, 600
miljoen extra uit. Dat zal mevrouw Bikker als fractievoorzitter van een
gezinspartij heel positief vinden. Dat betekent dat een gezin met
kinderen misschien wel meer in de plus zal zitten dan in die cijfers
staat. Die nuance zit alleen natuurlijk niet in de cijfers die we nu van
het CPB hebben. Het kabinet zegt nu een aantal regelingen, specifiek
voor bijvoorbeeld mensen met een chronische ziekte of mensen in armoede,
verder uit te werken en te kijken hoe dat voor verschillende groepen
uitpakt. Het zegt in de rest van het jaar te kijken of dat nog steeds
voldoende in balans is. Daar moeten we natuurlijk samen naar blijven
kijken.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Ik zal zeker een motie indienen om de armoede omlaag te krijgen; dat is
heel erg nodig. Tenminste, tenzij de toezeggingen fantastisch zijn, want
dat kan morgen ook gewoon gebeuren. Mijn grote zorg zit 'm er alleen nu
in dat we niet duidelijk de piketpalen slaan over wat de gevolgen mogen
zijn voor de middenklasse van alle maatregelen die we nemen. We weten
allebei dat als je de eigen bijdrages verhoogt, dat juist het hardste
terechtkomt bij de middenklasse. Voor de laagste inkomensgroep zijn er
namelijk vaak weer toeslagen en allerlei tegemoetkomingen. Zij voelen
die rekening helemaal. We weten allebei dat als mensen in de WW
belanden, de hoogste inkomens zich vaak veel beter hebben kunnen
bijverzekeren en regelingen hebben kunnen treffen waardoor de val veel
minder groot is. We weten ook dat de laagste inkomens dan vaak al dicht
bij het bijstandsniveau zitten. Voor de middenklasse is die val het
grootst. Er zitten dus allerlei maatregelen in dit coalitieakkoord die
juist grote gevolgen hebben voor mensen die op dit moment keihard werken
en die de ruggengraat zijn van ons land. Ik zou dan hopen op een
stevigere uitspraak van de VVD, in dit debat al. Als we nu verdergaan,
moet de middenklasse er in de volgende ronde niet het minst op
vooruitgaan. De hogere inkomens gaan er nu het meest op vooruit. Dat
moet weer in balans komen. Dus: sta op voor de middenklasse.
De heer Brekelmans (VVD):
Mevrouw Bikker hoeft zich echt geen seconde ... Ik sta fier voor de
middenklasse. Dat is het hele punt niet. Met een heleboel van wat u
zegt, mevrouw Bikker, ben ik het honderd procent eens. Die maatregelen
worden verder uitgewerkt. We zullen moeten kijken hoe dat voor de
middenklasse uitpakt. De middenklasse is een heel breed begrip. Ik had
het net over gezinnen met kinderen, maar het gaat ook om ondernemers.
Het gaat om mensen, jong en oud. Voor verschillende gezinnen in de
middenklasse kan het ook anders uitpakken. Maar we moeten er inderdaad
voor zorgen dat de middenklasse en gezinnen er niet op achteruitgaan.
Het moet in balans zijn. Als er plusjes zijn, moeten die ook op een
eerlijke manier verdeeld zijn. Ik ben het er honderd procent mee eens
dat de middenklasse daarin vaak vergeten wordt, omdat we ons richten op
de lagere inkomens. Daarom noemde ik net het feit dat we de
hypotheekrente niet aanpassen en het feit dat we ervoor zorgen dat
autobezit en autorijden in stand blijft. Dat zijn allemaal dingen die in
brede zin de middenklasse raken.
Het enige waar ik het niet mee eens ben, is het beeld dat de
middenklasse nu harder wordt geraakt of het negatiever heeft dan andere.
Dat zei mevrouw Bikker op het eind. In de koopkrachtplaatjes gaat de
middenklasse er namelijk op vooruit; er is een plus voor de
middenklasse. De verschillen met de wat hogere en lagere inkomens zijn
echt heel miniem. Maar ik ben het helemaal met mevrouw Bikker eens dat
we daar in de uitwerking van de maatregelen, als we in meer detail gaan
kijken naar specifieke groepen in de middenklasse, volop aandacht voor
moeten houden. Daar zullen we samen volop voor staan.
De heer Van Baarle (DENK):
Over die CPB-doorrekening. Wat staat er bij de laagste
inkomstencategorie, dus de laagste 20%, met tot 107% wml, voor getal
over de koopkrachtontwikkeling?
De heer Brekelmans (VVD):
+0,2, zeg ik uit mijn hoofd.
De heer Van Baarle (DENK):
Nee, er staat 0,0. De heer Brekelmans zegt nu een stuk of dertien keer
dat iedereen erop vooruitgaat. Maar bij de laagste inkomenscategorie
staat gewoon een dikke nul. Dan heb je het over de schoonmakers en de
mensen die in de logistiek werken: de mensen met de allerlaagste
inkomens in Nederland. Wat hij hier zegt, klópt toch niet?
De heer Brekelmans (VVD):
Ik heb daarbij ook aangegeven dat mensen — dat zei ik net ook — ofwel
licht in de plus, maar beperkt … Ik heb ook aangegeven dat er een
heleboel regelingen zijn — met name voor mensen met een lager inkomen,
die ik zojuist noemde — die nog moeten worden uitgewerkt en die nog niet
in deze cijfers verwerkt zitten. Het armoedecijfer zat in 2025 op 2,9%
en gaat naar 2,7% in 2030. Dat is ten opzichte van afgelopen jaar een
lichte daling, maar we zullen inderdaad moeten kijken of er onder de
streep ook nog sprake blijft van een kleine plus, weliswaar een hele
kleine, als die maatregelen, ook specifiek voor lagere
inkomenscategorieën, verder zijn uitgewerkt.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Van Baarle (DENK):
Nee, dat was niet de vraag, want de heer Brekelmans staat hier nu, op
zijn Rotterdams gezegd, al een tijdje lang onzin te verkopen. Hij zegt
namelijk dat iedereen erop vooruitgaat. Er staat voor de mensen met de
laagste inkomens gewoon een dikke nul. Die gaan er helemaal niet op
vooruit, die schoonmakers, die mensen in de logistiek en die mensen die
voor de laagste inkomens vaak zware beroepen uitoefenen. Ik zeg tegen de
heer Brekelmans: geef nou toe dat wat u zegt niet klopt en toon als VVD
nou de bereidheid om voor die mensen, waarvoor er gewoon helemaal niets
bij komt, waardoor het aantal mensen in armoede volgens de CBP-cijfers
toeneemt met tienduizenden mensen, iets extra's te gaan doen en meer dan
er nu in die plannen staat. Met het fooitje, met alle respect, dat er nu
in staat, ga je die honderden euro's aan belastingen, waarbij gewoon
doelbewust de laagste inkomenscategorie harder wordt geraakt dan de
hogere inkomens, niet kunnen wegpoetsen. Mijn vraag aan hem is: geef toe
dat u het mis heeft en laat zien dat u die mensen tegemoet wil
komen.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik heb gezegd dat er voor alle inkomenscategorieën sprake is van een
hele lichte plus. Wat de heer Van Baarle zegt, klopt inderdaad, namelijk
dat er voor de laagste inkomenscategorie gemiddeld, als mediaan, 0
staat, maar vervolgens staat bij een deel daarvan +0,3 en gaat een deel
daarvan licht omlaag. Ik heb ook gezegd dat een aantal regelingen die
specifiek voor die categorie zijn, nog moeten worden uitgewerkt en niet
in deze cijfers zitten. Ik heb net ook gezegd dat het per persoon, per
gezin, heel erg kan verschillen. Het verschilt nogal of je kinderen hebt
en of je kinderbijslag en het kindgebonden budget, waar samen 600
miljoen extra voor is, krijgt of niet. Het verschilt in de praktijk ook
nogal of mensen die eerst tot die categorie behoorden nu een baan
krijgen, want uiteindelijk neemt de werkgelegenheid ook toe en een baan
is uiteindelijk de beste manier om uit de armoede te komen. Laten we dus
afwachten hoe het plaatje er in het vervolg uitziet, ook meer in detail,
als het kabinet dit verder uitwerkt. Als er dan bepaalde groepen zijn
waarvoor geldt dat die erop achteruitgaan — dat is de zorg van de heer
Van Baarle, zeker als het gaat om de laagste inkomenscategorieën — weet
ik zeker dat het kabinet en de betrokken ministers daar ook verder in de
uitwerking rekening mee zullen houden.
Mevrouw De Vos (FVD):
De heer Brekelmans is al ongeveer anderhalf uur aan het woord en al die
tijd is het geen enkele keer gegaan over een ontzettend belangrijk
onderwerp. Dan heb ik het natuurlijk over migratie. Dat snap ik ook wel,
want de VVD doet zich graag voor als …
De heer Brekelmans (VVD):
Daar kom ik nog op.
Mevrouw De Vos (FVD):
Ja, wellicht dan in de laatste twee minuten van het betoog, maar ik heb
toch alvast een vraag. Ik begrijp dat namelijk wel, want de VVD doet
zich graag voor als een migratiekritische partij, maar in de praktijk
zien we dat juist onder de VVD de afgelopen jaren, alleen al onder
Rutte, 3 miljoen migranten naar Nederland zijn gekomen. Ook onder dit
kabinet gaat er eigenlijk niets veranderd worden. Er worden wat punten
en komma's verschoven, maar er wordt niet gesproken over remigratie. De
Spreidingswet blijft in stand en aan de instroom gaat structureel niets
veranderen, omdat de internationale verplichtingen blijven staan. Ik
vraag me af of de heer Brekelmans erkent dat er in de praktijk eigenlijk
niets gaat veranderen.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik denk dat mevrouw De Vos het regeerakkoord niet gelezen heeft of in
ieder geval niet goed gelezen heeft, want er is heel duidelijk
afgesproken dat de door het vorige kabinet ingediende asielwetten —
minister Van Weel heeft er in de hele korte tijd dat hij minister was,
voor gezorgd dat die wetten zijn uitgewerkt en in de Tweede Kamer zijn
ingebracht — zullen worden uitgevoerd. Daar zitten op nationaal niveau
een aantal hele wezenlijke aanscherpingen van het asielbeleid in. We
gaan het Europees Migratiepact, dat ook strenger is, volledig uitvoeren.
Daarnaast zeggen we op het internationale vlak dat we het
vluchtelingenrecht willen moderniseren en dat we afspraken met derde
landen willen maken over opvang in de regio. Op ieder niveau, zowel
nationaal als Europees en internationaal, nemen we dus stevige
maatregelen en er staat heel specifiek dat de asielinstroom omlaag moet.
Als mevrouw De Vos het beeld wil schetsen alsof er niks zou gebeuren en
alsof de VVD, het vorige kabinet en ook dit kabinet hier niet volle bak
mee aan de slag zouden gaan, heeft zij het regeerakkoord volgens mij
niet goed gelezen.
Mevrouw De Vos (FVD):
Ik heb het regeerakkoord wel gelezen. Daarin staat bijvoorbeeld dat dit
kabinet voldoende structurele en flexibele opvangplekken gaat
realiseren. Dat heeft uiteraard een aanzuigende werking op de instroom.
De heer Brekelmans noemt een paar dingen die ik net heb aangeduid als
"punten en komma's", want er gaat structureel niets veranderen.
Nogmaals, Nederland is nog steeds gebonden aan de internationale
verplichting dat wij asielaanvragen in behandeling moeten nemen en asiel
moeten verlenen als dat volgens internationale regels verplicht is. Dus
nogmaals de vraag. Je kan zeggen "we gaan er nu over praten of we dat
misschien een beetje kunnen wijzigen", maar dan ben je ook weer
afhankelijk van andere landen. Erkent de heer Brekelmans dat je niet
onder de opzegging van internationale verdragen uit kan als je
structureel iets zou willen doen?
De heer Brekelmans (VVD):
Er staat heel duidelijk in het regeerakkoord dat internationale
verdragen gemoderniseerd moeten worden. Ik heb ook de heer Paternotte
bijvoorbeeld horen zeggen dat we af moeten van het model dat mensen via
levensgevaarlijke tochten vanuit Afrika of het Midden-Oosten helemaal
hiernaartoe komen, met alle ellende van dien, en dat degenen die dat
kunnen en kunnen betalen zich hier melden. Volgens mij willen we
allemaal van dat model af. Ik zie een kabinet dat dit onderwerp enorm
serieus neemt. Het zegt heel duidelijk dat de asielinstroom omlaag moet.
De strengere nationale asielwetten gaan zij uitvoeren. Het Europese
Migratiepact, dat hier ook aan bijdraagt, gaan ze onverkort uitvoeren.
Ze gaan zich er internationaal voor inzetten om daar waar het
Vluchtelingenverdrag ons in de weg zit, tot een veel beter model te
komen. Daar gaan ze werk van maken.
Wat ik ook heel goed vind — dat zeg ik toch maar even — is dat alle
plannen die erin staan realistisch en uitvoerbaar zijn en niet allemaal
symbooldingetjes die heel leuk klinken voor de bühne, maar waarvan
mensen zich op een gegeven moment ook afvragen of er daadwerkelijk wat
wordt geregeld. Alles wat in het regeerakkoord staat, is uitvoerbaar.
Alles zal eraan bijdragen dat we meer grip krijgen op migratie en de
asielinstroom omlaaggaat. Er staat zelfs in: als dat niet gebeurt, zal
dit kabinet ook kijken of er nog meer maatregelen nodig zijn.
De voorzitter:
Tot slot.
Mevrouw De Vos (FVD):
Ik hoor een heleboel woorden, maar geen daden. Dat is ook precies hoe we
de VVD kennen. Het Migratiepact is een Europese spreidingswet die ervoor
zorgt dat we straks aan Italië wel tienduizenden euro's per asielzoeker
mogen betalen, maar ze nog steeds door kunnen lopen. Er zijn namelijk
geen binnengrenzen. U kunt zeggen niet aan symboolpolitiek te doen en
tenminste met realistische voorstellen te komen; ik ken een aantal
andere Europese landen die daadwerkelijk met realistische daden komen.
Zij zeggen gewoon: wij betalen liever een boete en er komt hier niemand
meer binnen. Dat is wat Nederland nodig heeft en dat gaat er met de VVD
duidelijk niet komen.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik heb het gevoel dat mevrouw De Vos niet naar mij luistert en haar
interrupties al had voorbereid. Volgens mij heb ik heel duidelijk
aangegeven dat op elk denkbaar niveau het kabinet zegt: wij willen dat
de asielinstroom omlaaggaat, wij willen grip krijgen op migratie en wij
zijn bereid daarvoor maatregelen te nemen. Het zijn allemaal
realistische maatregelen. Het is geen symboolpolitiek. De interrupties
die mevrouw De Vos had voorbereid kloppen gewoon niet.
De voorzitter:
U vervolgt uw betoog en dubbelingen mogen worden weggelaten.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik ga naar de hervormingen. Ik heb het over de veiligheid en onze
economie gehad, maar wat ook enorm belangrijk is, is dat het kabinet
ervoor zorgt dat problemen die al jarenlang vastzitten, eindelijk worden
opgelost. Ze moeten ervoor zorgen dat het land van het stikstofslot af
gaat, met haalbare doelen en realistisch beleid en met eindelijk
duidelijkheid voor boeren en agrarische ondernemers, zodat zij verder
kunnen en met een gerust hart kunnen investeren. Een vraag aan de nieuwe
minister en staatssecretaris is: wanneer kunnen wij een concrete
uitwerking verwachten om Nederland van het stikstofslot af te
halen?
Daarnaast moet de overheid ervoor zorgen dat er meer huizen worden
gebouwd.
De voorzitter:
Ik denk dat mevrouw Ouwehand het over het vorige onderwerp wil hebben.
Gaat uw gang.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Zeker, over stikstof. Ik ga eerst iets aardigs zeggen, dus schrik daar
niet van. Het was namelijk een VVD-minister die echt de moed had om … Ik
heb het dan over Christianne van der Wal. Ik vond lang niet alle plannen
even goed genoeg, maar zij probeerde echt de boeren en de Kamer ervan te
overtuigen dat we er nu voor moeten zorgen dat we de natuur beschermen,
omdat we anders nooit van dit slot komen. Dat vond ik toen heel
hoopgevend. Ik ben nu minder enthousiast over de plannen. Ik heb vooral
een vraag over de billboards die de VVD heeft gemaakt over dat Lelystad
Airport opengaat. De nieuwe minister van Landbouw heeft volgens mij de
moeilijkste baan in dit kabinet; die moet al moeilijke gesprekken voeren
met boeren over dat er verandering nodig is. De VVD heeft dan gezegd:
ja, maar dat vliegveld gaat natuurlijk open. Dat zorgt ook voor
stikstofuitstoot. Waar zadelt de VVD-fractie de nieuwe landbouwminister
dan eigenlijk mee op?
De heer Brekelmans (VVD):
Volgens mij maakt mevrouw Ouwehand precies mijn punt duidelijk, namelijk
dat we ervoor moeten zorgen dat Nederland van het stikstofslot af gaat.
We hebben in Lelystad een luchthaven die helemaal klaar is. Die ligt
daar klaar om gebruikt te worden. Die wordt wel enigszins gebruikt, maar
die ligt daar nu toch vooral veel stof te happen. Gezien de hoeveelheid
tijd en moeite die het in Nederland kost om iets te bouwen en de
beperkte ruimte, is het echt heel zonde om te zeggen: dat vliegveld daar
moet leeg blijven.
Voor Defensie geldt dat we meerdere locaties nodig hebben om onze
luchtmacht te versterken, en dat heel goed in kaart is gebracht waar dat
kan met de minste overlast voor omwonenden en de natuur; dat is in
Lelystad. Als je kijkt hoe we ervoor kunnen zorgen dat we de omgeving
van Schiphol ontlasten doordat er ook vluchten op andere plekken
plaatsvinden, zie je dat dat kan in Lelystad. De meest efficiënte manier
om dat te doen is daar zowel militair als civiel en commercieel
luchtverkeer te hebben. Dat betekent dat het wat betreft natuur en
stikstof alleen maar van belang is dat heel snel de nodige maatregelen
worden genomen, of het nou gaat om woningen, natuurherstel of
luchthavens die nu leeg zijn en die we ontzettend hard nodig hebben,
zodat we daar gebruik van kunnen maken.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Maar als het goed is, weet de VVD uit de periode van Rutte IV ook goed
dat de grootste stikstofbelasting natuurlijk uit de veehouderij komt —
dat is die ammoniak — maar dat boeren zeggen, en daarmee hebben ze een
punt: wij willen niet in ons eentje voor die opgave staan. Waarom mogen
die biomassacentrales gewoon doordraaien? Waarom mag dit vliegveld
gewoon open? Dat is een terechte zorg van ze: waarom worden wij wel
aangepakt en worden andere stikstofuitstoters de hand boven het hoofd
gehouden of, sterker nog, wordt een grotere stikstofuitstoot toegestaan?
Dat wordt toch onmogelijk voor de minister die deze klus moet klaren? Ik
begrijp niet dat de VVD dit heeft gedaan.
De heer Brekelmans (VVD):
Mevrouw Ouwehand weet ook dat iedere sector moet bijdragen aan de
oplossing voor het stikstofprobleem en dat er doelen zijn voor de
industrie, voor mobiliteit en voor andere economische sectoren. En ja,
die zijn er natuurlijk ook voor de landbouw en de veeteelt, omdat daar
de grootste uitstoot is. Als je kijkt naar de doelen die zijn gesteld,
zie je volgens mij dat dat evenwichtig is. Iedere sector zal zijn
bijdrage moeten leveren. We weten ook dat de meeste bijdrage wordt
geleverd door de landbouw. Het is heel goed dat er 20 miljard is
vrijgemaakt, zodat er daadwerkelijk een plan kan worden gemaakt en zodat
dat concreet kan worden uitgewerkt. Dat geeft boeren ook de zekerheid en
duidelijkheid waar ze al zo lang om vragen. Ik kijk er heel erg naar uit
dat dat verder wordt uitgewerkt, zodat we over hopelijk niet al te lange
tijd wat betreft het stikstofprobleem, dat we als land al zo lang met
ons meedragen, echt tegen elkaar kunnen zeggen: we hebben Nederland uit
het slot gehaald; we kunnen weer ondernemen, waar dat een probleem was
kunnen we weer woningen bouwen en we kunnen leegstaande vliegvelden weer
gebruiken. Vandaar dat ik het kabinet en de minister net vroeg om zo
snel mogelijk te komen met een uitwerking van de plannen die nu nog op
hoofdlijnen in het regeerakkoord staan.
De voorzitter:
Tot slot.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik hoop natuurlijk hetzelfde, maar er zijn wel een paar dingen nodig. De
doelen moeten wel aansluiten bij wat er daadwerkelijk nodig is om de
natuur te beschermen. Anders eindig je toch weer bij de rechter en
volgens mij wil je dat niemand aandoen. Het is ook nodig dat je geen
beloftes doet die de boeren het gevoel geven: "Zijn ze daar betoeterd in
Den Haag? Ik moet veranderen, maar er gaat wel een vliegveld open". Mijn
oprechte verzoek aan de VVD-fractie is dus om de stellige belofte dat
vliegveld Lelystad opengaat voor vakantievluchten, terug te nemen. Je
maakt het de minister van Landbouw moeilijk en je maakt het de minister
van Klimaat moeilijk, want de klimaatdoelen moeten ook nog worden
gehaald. Het is zeer omstreden om te midden van een natuur- en
klimaatcrisis te beloven dat vliegveld Lelystad opengaat voor
vakantievluchten. Ik vind dat onverstandig. Ik snap dat de VVD haar
eigen achterban wil plezieren met die billboards, maar dit doe je je
coalitiegenoten toch niet aan?
De heer Brekelmans (VVD):
Ik heb volgens mij net toegelicht dat het gewoon heel zonde is dat
Lelystad Airport er al jarenlang ligt, ook gezien alle eerdere
investeringen die daarvoor zijn gedaan, terwijl daar nu geen gebruik van
wordt gemaakt. Dat is heel inefficiënt. Het kan Schiphol ontlasten, het
kan ervoor zorgen dat in de regio allerlei investeringen worden gedaan
die een belangrijke economische bijdrage leveren en Defensie heeft het
gewoon keihard nodig. Als die vluchten met F-35's daar niet kunnen
plaatsvinden, zal dat namelijk ergens anders moeten. We kunnen namelijk
niet zeggen: we bewaken ons luchtruim niet omdat we daar de ruimte niet
voor hebben. Dit is alleen maar weer een onderbouwing van het feit dat
we Nederland van het stikstofslot moeten halen. Daarom maakt het kabinet
daar ook 20 miljard voor vrij. Ik doe niet de belofte dat Lelystad
morgen open is, mocht dat uw vraag zijn. Ik zie namelijk ook wel dat
daar een aantal ingewikkeldheden liggen als het gaat om de vergunningen
en de stikstofruimte. Het begint met het politieke besluit dat dit
kabinet heeft gezegd: Lelystad Airport gaat open. En het politieke
besluit is dat we Nederland van het stikstofslot gaan halen. We hebben
daar 20 miljard beschikbaar voor; we gaan die plannen uitwerken. Ik zeg
dan: kom snel met die uitwerking, zodat we er ook zo snel mogelijk voor
kunnen zorgen dat Lelystad opengaat.
De heer Vermeer (BBB):
Er speelt nog iets rond die opening — laat ik "voorgenomen opening"
zeggen — van Lelystad Airport voor burgerluchtvaart. Dat is de garantie
dat die laagvliegroutes niet over de Noordwest-Veluwe gaan. Staat de
heer Brekelmans daar als VVD'er ook voor? Zorgt hij er ook voor dat die
garantie er komt?
De heer Brekelmans (VVD):
Voor zover ik weet zijn daar in de afgelopen jaren in de uitwerking
verschillende stappen voor gezet. Er heeft een hele luchtruimherziening
plaatsgevonden. Daarin is gekeken welke corridors kunnen worden
gebruikt. Vanuit mijn vorige rol, bij Defensie, weet ik dat er
natuurlijk ook gekeken wordt hoe dat interfereert met de militaire kant.
Het lijkt me niet meer dan logisch dat er in de nadere uitwerking zo
goed mogelijk gekeken wordt hoe we ervoor kunnen zorgen dat omwonenden
daar zo min mogelijk last van hebben.
De heer Vermeer (BBB):
Dank u wel. Dat is een belangrijke toezegging; daar houd ik de heer
Brekelmans graag aan. Dan nog een ander punt. Hij stelde ook een vraag
over stikstofdoelen en de plannen daarvoor. De heer Brekelmans heeft
zelf in de Ministeriële Commissie Economie en Natuurherstel gezeten, en
hij weet ook dat daar al plannen voor liggen. Nu zien wij echter in het
coalitieakkoord staan dat er voor de industrie een ammoniakdoel komt,
een NH3-doel. Maar de industrie produceert vooral ook veel
NOx. Wat is de reden dat er nu niet in dat akkoord staat dat
er ook een NOx-doel is? Gaat de heer Brekelmans er ook voor
zorgen … Gaat hij het kabinet eraan houden dat er ook op dat terrein een
evenwichtige verdeling is tussen sectoren?
De heer Brekelmans (VVD):
De doelen die zijn vastgesteld zijn in die zin evenwichtig, volgens mij.
Voor verschillende sectoren geldt 50%. Voor de landbouw is het, even uit
mijn hoofd, 42% tot 46%, in ieder geval zoiets. Je kijkt heel gericht
hoe je ervoor kunt zorgen dat de industrie daar ook een bijdrage aan kan
leveren; dat lijkt mij zeer terecht. Dat moet wat mij betreft wel op een
manier dat de industrie niet uit Nederland vertrekt. Kijkend naar de
totalen moeten we met elkaar vaststellen dat, als je vergelijkt wat de
industrie, de landbouw en andere sectoren daaraan bijdragen, het toch
voor het overgrote deel om de landbouw gaat. Ik vind echter dat iedere
sector daar een evenredige bijdrage aan moet leveren. Dat zit ook in de
vastgestelde doelen.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Vermeer (BBB):
Nou, dat zit niet in die doelen, want er staat in het coalitieakkoord
niets over NOx voor de industrie. Daar zullen we dan bij de
uitwerking van de plannen nog op terugkomen. Ik wil nog wel teruggrijpen
op één puntje: het eerste deel van het verhaal van de heer Brekelmans
ging over geopolitieke belangen. Ik miste daar volledig de
voedselzekerheid en de relatie met het in Nederland houden van de
agrarische productie.
De heer Brekelmans (VVD):
Dat is zeer belangrijk en dat is zeker van belang als we in staat willen
zijn om schokken op te vangen. Ik denk dat we ons dan ook de volgende
hele kritische vraag moeten stellen. Is datgene wat we in Nederland
produceren voldoende divers? Als je namelijk in overgrote mate één
bepaalde voedselsoort produceert, betekent dat, als je geen toegang meer
zou hebben tot ander voedsel, je allemaal met elkaar een heel eenzijdige
maaltijd hebt. Als je het dus door die bril wil bekijken, door de bril
van weerbaarheid en door een geopolitieke bril, laten we onszelf dan
niet alleen de vraag stellen of we genoeg produceren, maar of datgene
wat we produceren ook voldoende gevarieerd is. Anders zitten we straks
's ochtends, 's middags en 's avonds met een heel eenzijdige
maaltijd.
De voorzitter:
Neeneenee, meneer Vermeer!
De heer Vermeer (BBB):
O, sorry.
De voorzitter:
U was al met uw derde interruptie bezig.
De heer Vermeer (BBB):
O, ja.
De voorzitter:
Uw punt was volgens mij wel heel helder.
De heer Vermeer (BBB):
Nou, ja …
De voorzitter:
U vervolgt uw betoog, meneer Brekelmans.
De heer Brekelmans (VVD):
Hier komen we vast nog wel een keer op terug, voorzitter.
De voorzitter:
Dat denk ik ook wel.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik wil de nieuwe minister en het kabinet aansporen om naast het
stikstofslot ook de woningbouw van het slot te halen: op alle plekken
waar dat kan een schop in de grond, liever vandaag nog dan morgen. Hoe
gaat de minister van VRO ervoor zorgen dat we op korte termijn regels en
procedures schrappen die op dit moment acuut in de weg zitten? Hoe
zorgen we voor de juiste prikkels om te bouwen en te investeren?
Voorzitter. Hetzelfde kan ik vragen over de energievoorziening.
Bedrijven moeten kunnen uitbreiden en er moeten meer huizen kunnen
worden gebouwd, in plaats van dat we projecten moeten stopzetten omdat
er een gebrek is aan elektriciteit. De aanpak van het tekort op het
stroomnet moet daarom de hoogste prioriteit hebben. Ik wil daarnaast
niet dat kwaadaardige regimes de macht hebben over onze
energievoorziening. Dat is ook de reden dat de VVD niet voor niets erop
hamert om vaart te blijven maken met kernenergie. Hoe sneller we daarin
concrete stappen zetten, hoe beter. Ik verwacht op dat terrein ambitie
en urgentie van het kabinet. Ik vraag daarom ook wanneer we daarvoor een
concreet plan en tijdpad kunnen verwachten.
Voorzitter. Ik zei net al in een interruptie dat de VVD uiteraard de
instroom van het aantal migranten naar ons land wil terugdringen. Daar
pleiten we altijd voor en daar zetten we ons altijd voor in. De
asielinstroom moet omlaag en we moeten voorkomen dat kansarme migranten
een lange en levensgevaarlijke overtocht naar Nederland maken. Ook
moeten we kritischer omgaan met arbeids- en studiemigratie. Mensen die
wij als land nodig hebben zijn uiteraard van harte welkom, maar we
kunnen niet onbegrensd mensen hiernaartoe laten komen om ze hier te
laten wonen, werken en studeren. Het is heel simpel: onze voorzieningen
kunnen dat niet aan. Mijn vraag aan de nieuwe minister is hoe hij ervoor
gaat zorgen dat de asielwetten zo snel mogelijk, en voor de zomer, in
werking treden. Kan het kabinet ook zo snel mogelijk komen — we hadden
het er net over — met een concreet voorstel en een concreet actieplan om
tot een modernisering van het internationaal vluchtelingenrecht te
komen?
Voorzitter. Op al deze terreinen geldt dat er de afgelopen jaren heel
veel is gepraat en gediscussieerd. We weten wat we moeten doen. De
plannen liggen er en die zijn goed vastgelegd in het regeerakkoord. Nu
is het vooral zaak dat ze snel en strak worden uitgevoerd. Maar er is
meer nodig, want niet alleen op belangrijke thema's als migratie, wonen
en stikstof en energie zijn forse ingrepen en reparaties nodig. Over de
hele breedte is het noodzakelijk om voorzieningen te hervormen. Ik zei
net ook al in interrupties dat de VVD wil dat goede zorg toegankelijk en
beschikbaar blijft voor mensen die dat echt nodig hebben. Als je ziek
bent — heel simpel gezegd — moet er snel een dokter of arts beschikbaar
zijn, niet alleen vandaag en morgen maar ook in de toekomst, en ook op
een manier dat mensen in staat zijn en blijven om hun ziektekosten te
betalen. De VVD wil ook dat er vangnet is waar je gebruik van kunt maken
als het echt even tegenzit in het leven, dat je hulp krijgt als je het
echt niet zelf kunt, dat we met elkaar steeds gezonder ouder worden maar
er ook oog voor hebben dat zwaar werk een zware tol kan eisen.
Voorzitter. Als het over dit soort onderwerpen gaat — we hebben het er
net al over gehad — dan realiseer ik mij terdege dat er een aantal
moeilijke keuzes in dit akkoord staan. Maar die keuzes zijn nodig om
ervoor te zorgen dat de zorg en de sociale zekerheid, die voor mensen
heel belangrijk zijn, beschikbaar en betaalbaar blijven. Dan is het ook
nodig om hervormingen door te voeren. Want als wij dat als huidige
generatie politici niet doen en daar niet toe in staat zijn, dan zorgen
we voor het Nederland van vandaag maar leggen we een heel groot probleem
neer bij het Nederland van morgen en overmorgen.
Voorzitter. U heeft misschien gemerkt dat de VVD-fractie ongeduldig is.
Dat komt omdat de veiligheidsdreigingen toenemen, ondernemers meer
ruimte willen en de economie van het slot moet. Ik begon met: mensen
snakken naar de oplossingen waar al zo lang over wordt gesproken. Geen
van deze kabinetsleden zit er om op de winkel te passen, ook niet om
zich eerst een paar maanden te gaan inlezen, wel om draagvlak te vinden
maar ook niet om iedereen te vriend te houden. Daarom is het motto van
het regeerakkoord ook zo goed. Direct aan de slag! Als het kabinet dit
direct laat zien, dan staat het daarmee aan de kant van de mensen die
ons land zo sterk maken en het elke dag draaiende houden. Ik zeg tegen
de heer Dassen: daar komt ie! Dat zijn de hardwerkende Nederlanders, die
zo belangrijk zijn voor ons land en die zich ook inzetten voor de mensen
om hen heen.
Voorzitter. Omgekeerd kan het kabinet dan ook iets van de VVD-fractie
verwachten. Mijn fractie zal het kabinet uiteraard scherp houden, opdat
er geleverd wordt. En waar nodig zullen we zelf met initiatieven komen
en voorstellen doen. Maar bovenal zullen we met een open houding met het
kabinet samenwerken. We doen dat met de ministers en de
staatssecretarissen van het kabinet en uiteraard met de
coalitiepartijen. Maar evenzeer zullen we dat doen met de andere
partijen om tot meerderheden te komen en met alle partners en
organisaties in het land die daarbij een belangrijke rol spelen.
Voorzitter. Als er iets is wat ik heb geleerd bij Defensie, dan is het
hoe je als team, op elkaar vertrouwend, grootse dingen kunt doen. Dat
doe je door elkaar niet tegen te werken, maar door met elkaar samen te
werken. U kunt erop rekenen dat mijn fractie zich daar volop voor zal
inzetten.
Dank u wel.
(Geroffel op bankjes)
De heer Wilders (PVV):
De heer Brekelmans zei: mensen snakken naar actie. Maar weet u waar
mensen echt naar snakken? Dat ze hun land weer terugkrijgen. Dat er een
asielstop komt. Dat ze weer hun eigen huizen met voorrang kunnen
krijgen. En u doet daar allemaal niets aan! U heeft een of ander
kulverhaal in antwoord op de collega van Forum voor Democratie, namelijk
dat u wél wat doet, maar u doet helemaal niks. U doet helemaal niets! U
laat de mensen keihard in de steek. Ik zou over drie dingen die dan nog
wel in het akkoord staan, een concrete vraag willen stellen. Misschien
dat u daar nog iets mee kan goedmaken.
Eén. In het stuk van de coalitie staat dat u een tijdelijke asielstop
voor nareizigers kan invoeren. Er komen 53.000 nareizigers aan en mijn
vraag is dan ook: wanneer? Heeft u een datum waarop die stop kan worden
ingevoerd? Hetzelfde geldt voor de voorrang van statushouders bij
huurwoningen. Ook daar schijnt u vanaf te willen. Kunt u mij een datum
geven wanneer die wordt ingetrokken, zodat statushouders geen voorrang
meer krijgen? De laatste is het intrekken van die dwangwet. Ik weet nog
goed dat uw voorganger, inmiddels vicepremier, een paar jaar geleden
hemel en aarde heeft bewogen om die wet niet door de Eerste Kamer te
krijgen. Dat is helaas mislukt. Maar toch: kunt u een datum geven
wanneer die dwangwet door u of door uw kabinet wordt ingetrokken als het
aan u ligt?
De heer Brekelmans (VVD):
Om iets te kunnen doen aan de nareis, is het nodig om het
tweestatusstelsel in te voeren. Daarom heb ik de minister gevraagd om
heel veel tempo te maken met de asielwetten die nu in de Eerste Kamer
liggen. De heer Van Weel en mevrouw Keijzer, zijn voorgangers, hebben
die wetten door de Tweede Kamer gebracht. Het is dan ook niet voor niks
dat ik de minister aanspoor om daar tempo mee te maken.
Statushouders. Die mensen hebben een status en mogen in Nederland
blijven. Die zullen ergens naartoe moeten. Je kunt nu zeggen "we
verbieden de voorrang", maar dan blijven ze in de asielzoekerscentra
zitten. U maakte er zelf een punt van dat er al 19.000 statushouders in
een azc zitten. Het kabinet zegt: we zorgen er eerst voor dat we
tussenvoorzieningen hebben, waardoor die statushouders weg kunnen uit
die asielzoekerscentra en ze een plek hebben, waar ze mensen die op zoek
zijn naar een sociale huurwoning niet in de weg zitten. Dat lijkt mij de
juiste volgorde. Als dat goed op orde is — dat staat heel duidelijk in
het regeerakkoord — zal de voorrang voor statushouders worden
afgeschaft.
Tot slot zeg ik tegen de heer Wilders dat het volgens mij heel goed is
dat in het regeerakkoord staat dat we de asielinstroom omlaag willen
brengen. Dat kan alleen maar met maatregelen die op alle niveaus
uitvoerbaar zijn: nationaal, Europees en internationaal. Maar we hebben
er ook mee te maken dat we de mensen die nu hier zijn, op een zo
efficiënt mogelijke manier moeten opvangen. Ze moeten weg uit
cruiseschepen en weg uit hotels. En ook moet niet alles meer in Ter Apel
en Budel. We moeten daarom de opvang die daarvoor nodig is op orde
brengen. Volgens mij is dat het juiste om te doen en leidt dat ertoe dat
alle maatregelen die hierin zitten, versneld worden uitgevoerd, ook alle
strenge maatregelen waar u in het verleden voor hebt gepleit en waar uw
eigen minister mee bezig is geweest.
De heer Wilders (PVV):
Dit is een ongelofelijk nietszeggende riedel. Het is geen begin van een
antwoord op mijn vraag. Ik heb drie vragen gesteld. U heeft een
flutakkoord ondertekend wat betreft asiel. Er gebeurt werkelijk helemaal
niets op die twee wetten van uw oud-collega van de PVV in het kabinet.
Er gebeurt helemaal niets. Er gebeurt echt helemaal niets, terwijl het
wel kan. Duitsland doet het. Oostenrijk doet het. Binnen de Europese
wetgeving een vorm van een asielstop of een stop voor nareizigers
invoeren doen ze allemaal. Uw eigen D66-coalitiegenoot stemt tegen de
wetten die u blijkbaar nodig heeft om iets aan de nareis te doen. Ook
dat is dus onzeker. Ik herhaal de vraag toch nog maar een keer. Kunt u
als VVD een datum geven waarop die tijdelijke asielstop voor nareizigers
wordt ingevoerd? Misschien kunt u gewoon met een datum volstaan in
plaats van weer een verhaal van vijf minuten te geven. Kunt u aangeven
wanneer de voorrang voor statushouders op huurwoningen, een doorn in het
oog van miljoenen Nederlanders, verdwijnt? En kunt u aangeven wanneer de
dwangwet wordt ingetrokken? Gewoon drie keer een datum is genoeg.
De heer Brekelmans (VVD):
Meneer Wilders, ik ga er niet over wanneer de Eerste Kamer wetten
behandelt. U doet hier net alsof ik zou kunnen zeggen wanneer het
tweestatusstelsel wordt ingevoerd en wanneer er iets gedaan zou kunnen
worden aan nareis. Ik spoor het kabinet aan om hier tempo mee te maken.
Ik vind, kijkend naar wat er het afgelopen anderhalf jaar is gebeurd,
dat de leider van de PVV nogal hoog van de toren blaast. Dat zeg ik toch
even. De PVV was de grootste partij, had een regeerakkoord waar van
alles in stond en heeft in de elf maanden dat ik het van dichtbij heb
gezien, bar weinig geleverd. De PVV heeft discussies gevoerd over
lintjes. De PVV heeft discussies gevoerd over borden in Denemarken.
Iedere week zat ik in de ministerraad te wachten op de wetgeving. Die
wetgeving kwam er toen de heer Van Weel en mevrouw Keijzer
verantwoordelijk werden voor die wetgeving. Toen was die er ineens heel
snel en is die ook heel snel door de Tweede Kamer geleid. Enige
zelfreflectie over wat er de afgelopen jaren is gebeurd, enige
zelfreflectie over data en wanneer dingen hadden kunnen worden
ingevoerd, had u dus toch wel gesierd.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Wilders (PVV):
De heer Brekelmans heeft het moeilijk, want hij kan geen antwoord geven.
Hij gaat dan maar een beetje terugschieten. Dat mag, hoor. Dat hoort
allemaal bij de politiek, maar dat is niet uw sterkste eerste optreden
als fractievoorzitter. Ik blijf erbij: mijn conclusie is niet anders dan
dat de VVD een slap regeerakkoord heeft ondertekend en dat u ook niet
kan zeggen wanneer de tijdelijke asielstop voor nareizigers wordt
ingevoerd. Met andere woorden, u heeft de kiezer en de Nederlander voor
de gek gehouden. U heeft geen idee wanneer de voorrang voor
statushouders op huurwoningen, die discriminatie van Nederlanders, wordt
afgeschaft. Ik heb drie keer om een datum gevraagd. U heeft niet het
begin van een antwoord. Dan het intrekken van de dwangwet. Heel
Nederland staat op zijn achterste benen, omdat er dadelijk overal azc's
door de strotten van de gemeenteraden worden geduwd. Wat zegt de VVD
vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen? "Ik heb geen idee wanneer." U
heeft niet alleen niets gepresteerd in het regeerakkoord, maar u heeft
de mensen hier drie keer faliekant laten stikken.
De heer Brekelmans (VVD):
Het leuke van de heer Wilders is dat zijn reactie wanneer je hem
weerwoord geeft, altijd "het is niet uw sterkste optreden" is. Dat
bevestigt volgens mij dat wat ik zei waar is en dat de heer Wilders, als
ik hem dat eerlijk zou vragen, het ook met mij eens is. Hij heeft het
over het antwoord dat ik geef. Kijk, ik kan heel makkelijk dingen
roepen. De heer Wilders doet dat al een jaar of twintig. Ik kan heel
makkelijk een datum roepen en zeggen dat het dan en dan moet gebeuren,
maar ik probeer gewoon een oprecht en wat dat betreft genuanceerd
antwoord te geven. Ten aanzien van tempo maken met het
tweestatusstelsel: het moet eerst door de Eerste Kamer heen, en dan kan
er iets aan nareis worden gedaan. Voor statushouders die nu vastzitten
in azc's zullen we iets van tussenvoorzieningen moeten regelen. Er staat
in het regeerakkoord dat de voorrang dan zal worden afgeschaft. Wat
betreft de asielopvang zullen we ervoor moeten zorgen dat de instroom
omlaag gaat. Met alle elementen in het regeerakkoord, die realistisch
zijn en die u allemaal heeft laten liggen, is die Spreidingswet straks
niet meer nodig. Aan al die elementen wordt met tempo gewerkt, maar ik
ga hier niet makkelijk data roepen en met data strooien. Ik zou zeggen:
meneer Wilders, kijkt u eerst eens even terug op wat u in die anderhalf
jaar zelf heeft bereikt. Dat is helemaal niks.
(Geroffel op bankjes)
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Ik vind het altijd leuk dat de VVD-fractie gaat roffelen als ik begin
met spreken.
(Geroffel op bankjes)
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Dank u wel, dank u wel. Dank. Dank u wel. Kijk, als dat de nieuwe
verhoudingen kenmerkt, dan gaat het hier wel goedkomen. Ik heb een
informatieve vraag aan de heer Brekelmans. Nog niet zo lang geleden werd
de begroting van KGG hier behandeld. Toen ging het even over de vraag
hoe het nou eigenlijk met de klimaatplannen en de klimaatdoelen staat.
Er was even een discussie tussen de D66-woordvoerder en de
VVD-woordvoerder, namelijk: is er nou wel of niet afgesproken in het
regeerakkoord dat er extra maatregelen op klimaat bij komen. Wat is
daarover afgesproken?
De heer Brekelmans (VVD):
Er is afgesproken wat u daarover in het regeerakkoord kunt lezen.
Volgens mij vinden er een heleboel investeringen plaats die ervoor
zorgen dat we ons energiesysteem klaarmaken voor de toekomst. Dat gaat
om het halen van klimaatdoelen, maar ook om het minder afhankelijk
worden als het gaat om onze energievoorziening. Er vinden daarvoor breed
investeringen plaats. Ik ben blij dat dat ook geldt voor bijvoorbeeld
kernenergie. Natuurlijk wordt er naar de klimaatdoelen gekeken en moeten
we daar zo veel mogelijk aan voldoen. Maar we moeten ook realistisch
zijn, want we zien bij een heleboel maatregelen die eerder waren
voorgesteld, dat we geen millimeter met elkaar opschieten als het effect
is dat een bedrijf de grens overgaat en vervolgens vervuilender gaat
produceren. We hebben er ook niet zo veel aan als we allerlei
investeringen doen, maar ons stroomnet het niet aankan, omdat het
vanwege netcongestie niet lukt om huizen en bedrijven daarop aan te
sluiten. Volgens mij draagt het plan dat er nu ligt dus niet alleen bij
aan het halen van die doelen en het zetten van grote stappen daarin,
maar is het ook realistisch. Volgens mij is dat precies hetgeen nodig
is.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Mijn vraag was: is er afgesproken dat er extra maatregelen bij kunnen
komen bovenop wat er nu is afgesproken, als we zien dat het eigenlijk
niet voldoende is om de doelstellingen te halen? Begrijp ik het goed dat
de heer Brekelmans op dit moment zegt: nee, wat in het regeerakkoord
staat, is het; daar komt niks extra's bij?
De heer Brekelmans (VVD):
In het regeerakkoord staan de afspraken die zijn gemaakt. Voor alle
maatregelen, dus ook voor maatregelen op andere terreinen, die we net
ook met elkaar bespraken, geldt dat het kabinet ze verder gaat
uitwerken. Als er allerlei ideeën zijn die uitvoerbaar zijn en die
binnen de budgetten passen die we daarvoor hebben, dan sta ik er
natuurlijk best voor open om daar met u over te spreken. Wat er in het
regeerakkoord staat, zijn de afspraken die er nu zijn. Volgens mij
dragen die aan de ene kant bij aan de klimaatdoelen — dat zijn grote
stappen — maar is het minstens zo belangrijk dat we ervoor zorgen dat we
minder afhankelijk zijn van andere landen als het gaat om onze
energievoorziening, op een manier die bedrijven en mensen kunnen
meemaken en waardoor bedrijven niet de grens overgaan.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Dit is gewoon echt een informatieve vraag, in de zin van: hoe moet ik
lezen wat hier staat? Nu begrijp ik toch dat er ruimte is om te zeggen:
er zijn wel degelijk nog aanvullende afspraken te maken bovenop wat er
inmiddels in het regeerakkoord staat. Dat betekent dus dat we nog wel
aanvullende maatregelen op het gebied van klimaat kunnen treffen. Klopt
dat?
De heer Brekelmans (VVD):
Ik geef aan dat dat voor alles geldt. Het is niet zo dat we hebben
gezegd: op deze terreinen mogen we geen afspraken meer maken, maar op
het gebied van klimaat kunnen we nog allerlei dingen doen. Volgens mij
ligt hier een goed pakket, maar voor alles geldt: er is geen
meerderheid, want we zijn een minderheidscoalitie. Dus als er nog
aanvullende ideeën zijn, kunnen we daarover spreken.
De heer Stoffer (SGP):
Over drie weken is het 18 maart en zijn de gemeenteraadsverkiezingen. Ik
ben wel benieuwd hoe erg de heer Brekelmans hecht aan de autonomie van
de gemeenteraden. Wat vindt hij ervan dat we ons vanuit Den Haag echt
bemoeien met zaken die ze in Blaricum, Bloemendaal of Barneveld
eigenlijk heel prima zelf kunnen regelen, maar waarover wij vanuit Den
Haag zeggen: daar gaan wij ons eens mee bemoeien?
De heer Brekelmans (VVD):
Ik denk dat meneer Stoffer een bepaalde sluis met mij in wil waarvan ik
eerst even wil weten hoe die eruitziet.
De heer Stoffer (SGP):
Wat een wantrouwen!
De heer Brekelmans (VVD):
Nee, hoor! Ik wil gewoon eerst weten wat voor mooie …
De voorzitter:
Help de heer Brekelmans uit de droom, meneer Stoffer!
De heer Stoffer (SGP):
Ik heb best verstand van sluizen, stuwen en bruggen, moet ik zeggen.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik kies mijn woorden bewust.
De heer Stoffer (SGP):
Heel verstandig!
Waar het natuurlijk om gaat — dat begrijpt de heer Brekelmans al lang —
is dat de heer Kisteman, zijn fractiegenoot, onlangs het vorige kabinet
heeft gevraagd om een onderzoek, een verkenning, te doen naar de
openstelling van winkels op zondag. Dat is om te voorkomen dat gemeenten
daar zelf over gaan en om vanuit Den Haag te bepalen dat in gemeenten
als Barneveld, Katwijk en Kampen de winkels gewoon open moeten. Dan gaat
de lokale democratie daar niet meer over. Wil de VVD nu echt zo over de
lokale democratie heen walsen?
De heer Brekelmans (VVD):
Er zijn volgens mij een heleboel ondernemers die heel graag op zondag
open zouden willen, omdat heel veel mensen juist dan willen winkelen.
Tegen ons, en misschien ook wel tegen u, zeggen ze: het is voor mij echt
nadelig om in deze gemeente of dit dorp mijn winkel te hebben; als ik
naar een andere gemeente zou gaan, levert mij dat veel meer op. Dat is
heel zonde voor die gemeente, waarvoor het winkelcentrum juist zo
ontzettend belangrijk is. Mijn beeld is dat ook in de gemeente waar het
meer wordt opengesteld, heel goed rekening wordt gehouden met de lokale
gevoeligheden die er op dat terrein zijn. Als er in bepaalde gemeente
helemaal geen behoefte is om op zondag te winkelen, of als het mensen
heel erg tegen de borst stuit, zijn in heel veel gevallen de winkels ook
op zondag dicht. Het standpunt van onze fractie is: geef ruimte aan
ondernemers om dat te doen als dat past. Volgens mij is dat ook goed
voor de winkelstraat, voor de gemeenten en voor de ondernemers. Er wordt
over het algemeen goed rekening gehouden met de omwonenden. Ik ga wat
dat betreft uit van vertrouwen in ondernemers. Dat is het standpunt van
onze fractie, maar ik weet dat de heer Stoffer daar anders over
denkt.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Stoffer (SGP):
Ik denk dat we de lokale democratie daar op lokaal niveau en
democratisch over moeten laten beslissen. De VVD walst daar wat
overheen. Ik wil daar nog iets bij zeggen. Dit is niet zozeer een vraag.
Ik denk dat mensen in dit land niet zozeer behoefte hebben aan 24 uur
per dag en 7 dagen in de week maar doorgaan. Ze hebben behoefte aan
rust. Dat vind ik niet alleen: ik trek daarin bijvoorbeeld samen op met
de SP, een partij die vanuit een hele andere optiek daarnaar kijkt,
namelijk echt vanuit het belang van de mensen die het daar zwaar mee
hebben. Ik zou tegen mensen die op 18 maart gaan stemmen willen zeggen:
als je voor rust kiest, stem dan gewoon op de SGP.
De voorzitter:
Dat hoort eigenlijk niet in deze zaal, meneer Stoffer. Daar hoeft de
heer Brekelmans ook niet op te reageren.
De heer Brekelmans (VVD):
Het is wel heel verleidelijk.
De voorzitter:
Nee, u gaat niet hetzelfde doen, meneer Brekelmans!
De heer Brekelmans (VVD):
Laat ik dan dit zeggen: als een ondernemer de vrijheid wil hebben om te
ondernemen en als mensen graag op zondag zelf willen kunnen bepalen waar
ze zin in hebben, denk dan goed na over wat u doet, in het bijzonder op
18 maart.
De voorzitter:
Heel subtiel.
De heer Dassen (Volt):
Ik luisterde net even naar het interruptiedebat tussen de heer
Brekelmans en de heer Klaver. Ik pakte nog even het akkoord erbij.
Daarin staat volgens mij heel duidelijk dat er additionele maatregelen
zullen worden genomen op het moment dat de klimaatdoelen van 2040 niet
gehaald worden. Kan ik ervan uitgaan dat de VVD daar dan ook gewoon
volledig achterstaat?
De heer Brekelmans (VVD):
Dat is ook wat ik net zei. Er ligt nu een pakket. Ik zeg dat dit een
stevig pakket is, dat bijdraagt aan de klimaatdoelen en ook aan onze
energieonafhankelijkheid. Ik zeg dus op dit moment niet dat er meer bij
moet. Zoals ik net zei, kan er bij de nadere uitwerking natuurlijk
gesproken worden over de vraag of er nog meer nodig is; dat staat ook
specifiek in het regeerakkoord wat betreft klimaat. Ik zeg er direct
tegen de heer Dassen bij dat het niet zo veel zin heeft om bepaalde
investeringen te doen als het stroomnet dat niet aankan. Het heeft niet
zo veel zin om aanvullende maatregelen te nemen als dat betekent dat
bedrijven de grens overgaan. Ik vind het belangrijk dat we dat realisme
wel steeds voor ogen houden.
De voorzitter:
Volgens mij is dit een herhaling van het debatje met de heer Klaver;
laten we dat niet doen. Meneer Dassen.
De heer Dassen (Volt):
Nou, niet helemaal volgens mij, want er staat in dat er nieuwe geborgde
maatregelen nationaal genomen zullen worden als die doelen van 2040 niet
gehaald worden. In de doorrekening zien we al dat je 20% aan
CO2-reductie tekortkomt. De verwachting is dus dat er toch
additionele maatregelen genomen moeten gaan worden. Dan ga ik er toch
van uit dat de VVD van mening is dat dit ook daadwerkelijk moet gaan
gebeuren.
De heer Brekelmans (VVD):
Ik zei net ook dat de voornemens die in het regeerakkoord zitten, verder
moeten worden uitgewerkt. Dat geldt voor alle terreinen. Denk ook aan de
nadere uitwerking door de minister van KGG en de staatssecretaris KGG.
Maar goed, dit onderwerp heeft allemaal raakvlakken met andere
ministers. Het is niet zo dat ik op dit moment allemaal aanvullende
zaken ga voorstellen, maar in de nadere uitwerking zal dat gesprek
uiteraard worden vervolgd.
De voorzitter:
Dank u wel, meneer Brekelmans. Het woord is aan de heer Eerdmans, voor
zijn inbreng in de eerste termijn namens de fractie van JA1.
De heer Eerdmans (JA21):
Voorzitter, dank. Ik wil de premier, de heer Jetten, en zijn ploeg van
ministers en staatssecretarissen van harte feliciteren met hun
aanstelling en hen veel succes wensen met de taken die voor ze liggen.
De rit zal ongetwijfeld hobbelig zijn. Aboutaleb zei het ooit zo: 20%
spreek je met elkaar af en 80% kom je onderweg tegen. Denk aan
tegenvallers, een epidemie, een oorlog op je continent of een nieuwe
vluchtelingencrisis. Een extra uitdaging is het ophogen van het zeer
magere vertrouwen in de politiek. Onder het vorige kabinet is dat
weggezakt tot 4%. Volgens mij is het de hoop van veel kiezers dat dit
kabinet professioneel in plaats van ruziënd aan de slag gaat. Niet
kakelen, maar eieren leggen.
Voorzitter. Om hier maar even mee te starten: ik ben ook benieuwd hoe
dit kabinet de rol ziet van de nieuwe minister van Buitenlandse Handel
en Ontwikkelingssamenwerking. Er is bekend geworden dat China sancties
heeft ingesteld tegen de heer Sjoerdsma. De vraag is waarom het kabinet,
de heer Jetten, uiteindelijk kiest voor deze portefeuille voor de heer
Sjoerdsma. Want hoe je het ook wendt of keert: China staat wereldwijd in
de top zes als het gaat om handelspartners voor Nederland. Het is de
tweede economie. We hebben natuurlijk ook de ingewikkelde situatie rond
Nexperia. Vindt er dan straks een handelsmissie met China plaats zónder
de minister van Handel? Daar hoor ik graag een reflectie op van het
kabinet. De minister ziet zelf in ieder geval geen enkel probleem.
Voorzitter. Het wordt zeker een spannende kabinetsperiode. Die werd
maandag tijdens de bordesscene al ingeluid door een handjevol
demonstranten met de nodige toeters en sirenes. Heb je eindelijk een
klimaatdrammer als premier, is het nog niet goed.
Voorzitter. In de coalitie is een extra moeilijkheidsgraad ingebouwd, zo
weten we allemaal, namelijk die van het bereiken van een meerderheid in
het parlement. De grote vraag vandaag is: hoe ziet nou de premier het
proces voor zich waarin ze met oppositiepartijen zoals JA21 zaken gaan
doen? Dat is ons niet duidelijk. Het debat horend tot nu toe denk ik dat
dat voor niemand heel duidelijk is. In welke vorm ziet het kabinet die
samenwerking? Worden het deelakkoorden per onderwerp? Kan er over
portefeuilles heen worden gestapt bij onderhandelingen? Kan het
coalitieakkoord worden opengebroken voor Prinsjesdag? Dat zijn allemaal
vragen die nu boven de markt hangen en waar ik heel erg benieuwd naar
ben. Graag een eerste reactie van het kabinet.
Zoals bekend staat JA21 constructief in de wedstrijd. Wij zijn bereid om
akkoorden te sluiten, om beleid bij te sturen en daar ook zelf
onderbouwde voorstellen voor aan te leveren. Geen dichte deuren, maar
ook zeker geen garanties aan de voorkant. Er zijn voor JA21 simpelweg
drie categorieën. De eerste categorie is: mee eens. Dat zijn maatregelen
die wij steunen, zoals het openen van Lelystad Airport, de asielwetten,
investeringen in defensie of het jaarlijks schrappen van de 500 regels
voor ondernemers. Categorie twee is: oneens. Wij zullen niet instemmen
met eurobonds, de Spreidingswet, onhaalbare klimaatdoelen of een nieuwe
autobelasting. De derde categorie is misschien wel de meest interessante
categorie. Dat is de categorie waar voor de coalitie in de richting van
JA21 veel te winnen valt. Dat zijn namelijk zaken zoals keuzes die wij
niet zouden hebben gemaakt, maar waar wellicht met onze hulp een
verbetering kan worden bereikt.
De heer Vermeer (BBB):
Ik ben blij met de ideeën van heer Eerdmans over eurobonds. Maar is hij
er dan ook scherp op dat elke andere vorm van gemeenschappelijke
schulden, ook al heten die schulden geen eurobonds, ook afgewezen moet
worden? Hoe kijkt hij daartegen aan?
De heer Eerdmans (JA21):
Daar kijken wij zeer kritisch naar. Zoals bekend vinden wij het een
definitiespel. Er is gezegd "dat zijn geen eurobonds", terwijl we weten
dat mevrouw Von der Leyen alweer bezig is met een nieuw programma van
miljardeninvesteringen, ook op basis van gezamenlijke schulden. Dat zijn
gevaarlijke ontwikkelingen, zeggen wij. Er wordt een beetje gespeeld met
de term, maar wij willen niet dat Nederland aan de lat staat voor de
schulden die andere landen kunnen maken.
De heer Vermeer (BBB):
Dan ben ik toch iets confuus, want de heer Eerdmans wil de eurobonds
niet en hij staat kritisch tegenover andere vormen. Of was dat een slip
of the tongue en bedoelde hij ook: dat wil ik gewoon niet?
De heer Eerdmans (JA21):
Nee, wij zijn tegen eurobonds. Ik vind dat het kabinet daar soms wat
schimmig over doet door te zeggen: dat zijn geen eurobonds; daar kunnen
we mee instemmen. Daar is JA21 tegen. Wij zijn tegen het fenomeen van
gezamenlijke schuldenopbouw waar Nederland voor aan de lat moet staan.
Wij vinden het prima om gezamenlijk in Europa aanbestedingen of
investeringen te doen, maar elk land staat voor zijn eigen schuld. Wij
denken dat het risicovol is als dat wordt vermengd. Ook economen zijn
daar kritisch over richting het kabinet. Neem bijvoorbeeld het
SAFE-programma dat momenteel loopt voor militaire investeringen.
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Vermeer (BBB):
Hoe kijkt de heer Eerdmans dan aan tegen gemeenschappelijke
garanties?
De heer Eerdmans (JA21):
Dat is hetzelfde idee op het moment dat er schulden worden gemaakt. Als
de Europese Commissie geld gaat lenen en dat doorleent aan lidstaten,
dan zal er uiteindelijk moeten worden terugbetaald. Dat zijn hele
goedkope leningen en daar wordt veel op ingeschreven. Er zijn heel veel
landen die daar nu aan meedoen. Dat moet uiteindelijk wel worden
terugbetaald. Gebeurt dat niet, dan staan we met z'n allen daarvoor aan
de lat. Daar is JA21 tegen.
De voorzitter:
U vervolgt.
De heer Eerdmans (JA21):
Dat is dus de derde categorie. Er worden keuzes gemaakt waar wij het
niet mee eens zijn, maar waarbij wij misschien wel kunnen helpen met
verbeteringen. Denk aan lagere lasten, een stevigere asielmaatregel of
meer geld voor veiligheid en leefbaarheid.
Voorzitter. Net als de coalitie ziet ook JA21 dat er stappen nodig zijn
om de sociale zekerheid en de zorg ook op lange termijn betaalbaar te
houden. Tegelijkertijd laten doorrekeningen van het CPB zien dat daar
voor werkenden en ondernemers vrij weinig tegenover staat. Op korte
termijn — ik had het er al over in een interruptiedebatje met de VVD —
zit er een lastenverzwaring aan te komen van structureel 5,5 miljard
voor zowel ondernemers als burgers. De lage en middeninkomens worden
daardoor hard getroffen. Voor JA21 staat heel duidelijk voorop dat de
manier waarop werkenden en bedrijven nu worden gepakt volstrekt
onvoldoende wordt gecorrigeerd door het akkoord van de coalitie. Daar
moet echt meer tegenover staan.
Voor JA21 zijn vier belangrijke thema's: asiel, lasten, veiligheid en
klimaat. Op asiel zien we een aantal bewegingen in de goede richting. De
asielwetten worden doorgezet, overlastgevende asielzoekers worden harder
aangepakt en er is een wens tot versnelling en vereenvoudiging van
procedures, maar een fundamentele wijziging van het asielbeleid, zoals
JA21 dat voorstaat, komt er niet. Wij willen van recht op asiel hier
naar recht op asiel en opvang daar. In de praktijk is dit beleid ten
opzichte van dat van het vorige kabinet een afzwakking, terwijl de
asielcrisis eigenlijk alleen maar is gegroeid. Elke week komen er nog
steeds bijna 1.000 asielzoekers Nederland binnen. Wij lezen niets over
de terugkeerhubs en de deals met partnerlanden om onze asielopvang en de
procedures elders te gaan regelen. Wij zien geen daadwerkelijke
modernisering van het internationaal vluchtelingenrecht, waarvan de
noodzaak wel wordt erkend in het coalitieakkoord. De Spreidingswet
blijft, zoals gezegd, in stand, waardoor er de komende jaren tientallen
extra azc's door heel Nederland worden geplaatst met dwang richting
gemeenten. De voorrang voor statushouders op sociale huurwoningen blijft
van kracht, evenals de verplichte taakstelling tot het huisvesten van
statushouders. En we missen eigenlijk in alle opzichten afrekenbare
targets voor een fors lagere instroom en een lager
inwilligingspercentage van Nederland. Wat betreft die twee asielwetten:
D66 in Eerste Kamer heeft inmiddels aangegeven daartegen te gaan stemmen
en ook het CDA laat steun hiervoor in de Eerste Kamer in het midden. Ik
wil heel graag een duidelijke reactie van de premier. Wat gaat het
kabinet nou doen als die twee wetten sneuvelen in de senaat? Want
regeren is wel vooruitzien.
Voorzitter. Dan de rust in de portemonnee. Die slogan gaat een heel
eigen leven leiden is onze indruk. Er is één concrete lastenverlichting
en dat is het uitstel van de verhoging van de brandstofaccijns voor één
jaar, maar daartegenover komen de suikertaks, de tulpentaks en de
vrijheidsbijdrage. Dat is dus uiteindelijk onder streep die
lastenverzwaring van netto 1,7 miljard voor bedrijven en 3,5 miljard
voor gezinnen. En box 3, de wet over box 3. We hadden het er al over.
Dat was een rampzalig plan. Dat gaat terug naar de tekentafel, precies
zoals collega Hoogeveen dat heeft betoogd. Gelukkig heeft de minister
van Financiën daarop gereageerd. Ik denk dat dat echt wel schade heeft
veroorzaakt, internationaal, aan het fiscale vertrouwen. We worden als
onbetrouwbaar weggezet. Ik geloof zelfs dat de prins van Oranje die
woorden gebruikte. Dat is best wel erg. De vraag die mevrouw Bikker
stelde is natuurlijk terecht: hoe wordt dit nou betaald? Dat is een heel
goede vraag, want er wordt gewijzigd en dat moet wel betaald worden. Ik
ben benieuwd naar het antwoord. JA21 wil de energiebelasting omlaag. Wij
willen de benzineaccijns langer of eigenlijk voor altijd in ieder geval
op dezelfde hoogte houden en niet laten verhogen. Wij willen ruimte voor
ondernemers door die vennootschapsbelasting te laten dalen, want
Nederland draait op het bedrijfsleven en niet op steeds hogere lasten en
onzekerheid.
Voorzitter. Dan ga ik naar veiligheid. Dat is een hele belangrijke voor
ons. Er is een gezagscrisis gaande en dat wordt gelukkig ook door de
coalitie erkend. Het is code zwart in ons gevangeniswezen. Er lopen nog
steeds 4.000 veroordeelde criminelen buiten rond en het OM heeft
honderden rechercheurs te weinig om zaken, zoals verkrachtingszaken, op
te pakken. De politie is soms meer een vervoersbedrijf voor
demonstranten dan de ogen en oren in de wijk. Gelukkig komen er nu meer
crisisplekken voor verwarde figuren en komt er een aanscherping van de
wetgeving rond huiselijk geweld en femicide. De vraag is alleen of dit
genoeg is. Is die 400 miljoen wel voldoende? Niets in het akkoord
spreekt over een koerswijziging op het interne beleid van de politie,
terwijl er juist op dat vlak zo veel te winnen is om het gezag te
heroveren. Daar is juist nu onvoorwaardelijk vertrouwen nodig in de
politie. Stop met dure en ongewenste diversiteitsprojecten. Steek nou
die manuren en het geld in de wijkagent. Geen fouilleerpalen meer die
bepalen wie wel of niet gefouilleerd mag worden.
Tot slot het klimaatbeleid. Want alles wat niet kan op asiel, dat lukt
hier wel en dat is bijzonder: keiharde doelstellingen, heel veel
ronkende teksten en natuurlijk veel meer geld. Er komt een hele forse
schep bij. De SDE++-subsidies en ook wind op zee, gigantische bedragen
erbij: 4.000 windturbines. De verplichte warmtepomp is weer terug van
weggeweest. Het belangrijkste is dat we vast blijven houden aan
onhaalbare klimaatdoelen. Daar blijven we ons maar aan verplichten, voor
2040 en 2050. Dat betekent 22 miljard euro extra en dat is simpelweg
€7.000 per gezin, per portemonnee.
Dan nog heel even over energie. U weet het: JA21 vond en vindt het
definitief sluiten van de gasputten in Groningen een historische fout.
Dat was dom en kortzichtig, want 83% van ons gas — mind you — komt
intussen uit Noorwegen en de VS, maar ook uit Rusland. We worden qua
energie steeds afhankelijker van het buitenland. Inmiddels gaan er
steeds meer stemmen op die zeggen dat we die gasreserve niet definitief
zouden moeten afsluiten. Zelfs TNO kwam afgelopen week met een oproep:
niet dichtmetselen, die putten in Groningen, want een acuut gastekort in
Nederland is denkbaar. Hou dat gasveld open. Ik ben heel benieuwd naar
de reactie van de premier en het kabinet op de oproep van TNO.
Voorzitter. Ik sluit af. Er is een brede maatschappelijke wens tot meer
migratiebeperking, meer veiligheid en meer lastendaling. Dat is ook tot
uitdrukking gekomen op 29 oktober, tijdens de verkiezingen. Dat is ook
de reden dat JA21 op de onderwerpen die ik heb genoemd met eigen plannen
zal komen. We gaan bekijken wat de coalitie daarmee doet, want ik vond
de woorden die de premier aan het begin sprak mooi: "We gaan stoppen met
het gevecht en geruzie op de vierkante millimeter, we gaan luisteren en
we gaan buiten de bubbel van de coalitie om kijken wat er nog meer aan
wensen over is." We gaan het zien. JA21 is niet op zoek naar het
conflict. Wij zijn op zoek naar de oplossing. We hopen dat het kabinet
deze handschoen oppakt.
Dank je wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Ik schors een heel kort ogenblik. Daarna gaan we verder met
het betoog van de heer Bontenbal. De vergadering is een heel kort
ogenblik geschorst.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Ik geef het woord aan de heer Bontenbal voor
zijn inbreng in eerste termijn namens de fractie van het CDA. Het woord
is aan hem. Ik verzoek om stilte in de zaal.
De heer Bontenbal (CDA):
Voorzitter. Voordat ik aan mijn betoog begin, spreek ik eerst mijn
waardering uit voor oud-premier Schoof. Namens het CDA bedank ik hem
voor zijn inzet voor ons land. Premier Schoof verbond zich aan een
moeilijke opdracht en heeft deze verantwoordelijkheid tot het einde toe
willen dragen. Een marathon uitlopen, ook als er tegenwind is en er geen
bloemen bij de finish worden uitgereikt, vraagt om een sterk karakter en
een flinke dosis uithoudingsvermogen. Ik denk dat ik namens velen spreek
als ik zeg: veel dank, Dick Schoof, dat u ons land wilde dienen. Ook
bedank ik alle bewindspersonen uit het vorige kabinet voor hun inzet
voor ons land.
Voorzitter. Deze week is het nieuwe kabinet beëdigd. Ik zie een team
staan dat met elkaar het goede wil doen voor Nederland. We zien een team
dat een frisse start wil maken, een team van mensen met de energie om
Nederland weer vooruit te helpen. Tegen onze kersverse premier zeg ik
het volgende. Veel wijsheid bij uw nieuwe rol. Veel dank voor de goede
samenwerking de afgelopen maanden. Ik zal hier, vanuit de Tweede Kamer,
uw werk constructief en kritisch volgen. Ik wens alle bewindspersonen
veel sterkte, kracht en wijsheid toe. Handel in het belang van heel
Nederland, zou ik hen willen meegeven. Wees een team, help elkaar en los
conflicten snel op. Wees dienstbaar, want u bent dienaar van de Kroon.
En — dat is het allerbelangrijkste — wees beschikbaar voor het gesprek
met de Tweede Kamer, met alle fracties.
Dit kabinet is een minderheidskabinet. Het zal het moeten hebben van
veel overleg met de Tweede Kamer. De opgaven waar dit kabinet voor
staat, zijn groot. Er moet veel werk worden verzet. Maar dat kan niet
zonder draagvlak in het parlement. Ik hoop dat deze minderheidscoalitie
leidt tot een andere politieke cultuur, waarin we meer samenwerken en
minder harde confrontaties zien. Nederland is groot geworden door
overleg en compromis. Daar zat altijd en daar zit nog steeds onze
kracht. Deze andere politieke cultuur vraagt om een andere houding van
het kabinet, van de coalitie- en van de oppositiepartijen. Die vraagt om
rolvastheid en voorspelbaarheid van het kabinet. Die vraagt om
inschikkelijkheid en luisterbereidheid bij de coalitiepartijen en om een
constructieve houding bij oppositiepartijen. Ik zal als
fractievoorzitter van het CDA mijn uiterste best doen om deze andere
cultuur mee te helpen vormgeven.
Voorzitter. Het is niet zo heel lang geleden dat het gevoel van
optimisme overheerste in onze samenleving. We geloofden in vooruitgang.
In vele opzichten ging het ons ook goed. Maar dat beeld is de afgelopen
jaren gekanteld. We waanden ons veilig, maar intussen bereidde Rusland
zich voor op een oorlog met Europa. We investeerden te weinig in de
economie van de toekomst. Daardoor werden we te afhankelijk van andere
werelddelen. We waren ook te traag met het aanpakken van problemen,
zoals de woningnood, het migratievraagstuk, het stikstofprobleem en de
energietransitie. Dat raakte ook de legitimiteit van de politiek zelf.
De veenbrand in de samenleving die er was, en die er ook nog steeds is,
werd onvoldoende serieus genomen. De politiek werd daarmee zelf het
probleem. Als mensen — en we zien dit vooral bij jongeren — hun geloof
in de democratische rechtsstaat zelf verliezen, kunnen extreme en
totalitaire krachten weer de kop opsteken.
Vanuit deze zorg om de toekomst van ons mooie land en onze democratie
zijn we als CDA de verkiezingscampagne in gegaan. We deden dat met een
verhaal met drie speerpunten. Eén. We moeten orde op zaken stellen.
Twee. We moeten ruimte geven aan de samenleving. Drie. We moeten
investeren in de economie van de toekomst. Daarbij hebben we geprobeerd
steeds zo eerlijk mogelijk te zijn over wat mogelijk is en wat nodig
is.
Voorzitter. Het coalitieakkoord is gepresenteerd. We hebben daar al
eerder een debat over kunnen voeren. Inmiddels heeft ook het CPB de
plannen kunnen doorrekenen en een inschatting kunnen geven van de
effecten van de plannen van het nieuwe kabinet. Daardoor wordt ook
steeds duidelijker hoe groot de opdracht is waarvoor het kabinet
staat.
Laten we eerlijk zijn over deze opdracht: de belofte om fors te
investeren in defensie drukt een hele stevige stempel op het
coalitieakkoord en de hervormingen die erin worden aangekondigd. De
ombuigingen die nodig zijn, zijn fors groter dan die waar kabinetten de
afgelopen jaren voor hebben gestaan. In de Tweede Kamer heeft een ruime
meerderheid de belofte van Nederland bij de NAVO-top in Den Haag, om ten
minste 3,5% van het bbp te investeren in defensie in 2035, gesteund. In
deze kabinetsperiode gaan we deze belofte waarmaken.
Dat doen we met een goede reden. De afgelopen weken hebben we kunnen
zien en lezen hoe Rusland Oekraïense steden blijft aanvallen. Rusland is
meedogenloos. Hun oorlog is meedogenloos. Deze week herdenken we dat het
vier jaar geleden is dat Rusland Oekraïne binnenviel. Het is een zinloze
oorlog, die aan beide kanten honderdduizenden doden heeft gekost. Dat
waren mannen en vrouwen van wie gehouden werd en die niet bestemd waren
om aan een front te sterven.
Rusland ondermijnt ook direct de veiligheid van Nederland, via hybride
oorlogsvoering, met cyberaanvallen, met sabotage van infrastructuur
zoals zeekabels en met beïnvloeding van verkiezingen. Rusland bedreigt
de veiligheid van heel Europa. We zullen ons ertegen moeten wapenen. Wat
op het spel staat, is onze vrijheid. Onze manier van leven staat op het
spel. De menselijke waardigheid zelf staat op het spel, voor Europa en
voor Nederland zelf. Daarom investeren we fors in defensie. We
investeren in onze vrijheid. Dit zijn allemaal loze woorden als we niet
daadwerkelijk de daad bij het woord voegen. Dat wil deze coalitie
waarmaken.
Voorzitter. Naast de investeringen in defensie wil het nieuwe kabinet
ook de woningnood aanpakken, het stikstofprobleem oplossen en rust
brengen in het migratiebeleid. Jongeren en ouderen vinden geen of geen
passende woning. Dat heeft veel impact op het leven van mensen. Het
stikstofprobleem moet worden aangepakt, zodat er binnen de milieugrenzen
weer ontwikkelingen mogelijk worden voor boeren, bouwers en bedrijven.
De toestroom van migranten en een asielketen die niet op orde is, zorgen
terecht voor boosheid in de samenleving. De energietransitie is nodig en
mogelijk, maar wordt nu belemmerd door problemen op het
elektriciteitsnet en door trage vergunningsverlening. De coalitie wil
deze problemen echt aanpakken. Ook die ambitie vraagt om extra
investeringen die impact hebben op de begroting. Die investeringen
hebben we als politieke partijen beloofd te doen in de
verkiezingscampagne.
Voorzitter. Het coalitieakkoord is geen makkelijk verhaal. Het bevat
namelijk ook een aantal ingrijpende hervormingen en lastenverzwaringen
voor burgers en bedrijven. Die hervormingen en lastenverzwaringen zijn
ook tijdens de verkiezingscampagne aan de orde gekomen. Ook andere
politieke partijen hebben moeilijke keuzes moeten maken in hun
verkiezingsprogramma en de daaropvolgende CPB-doorrekening. Uiteraard
heb ik de kritiek op een aantal maatregelen op het gebied van de sociale
zekerheid en de zorg goed gehoord. Ik heb ook de e-mails gelezen die
mensen mij daarover de afgelopen dagen hebben gestuurd. Die heb ik
allemaal gelezen. Ik wil daar een aantal opmerkingen over maken.
In de eerste plaats: ik begrijp deze zorgen. Het coalitieakkoord is een
startpunt en het beleid moet nog door dit kabinet worden uitgewerkt. De
precieze vormgeving van maatregelen is nog niet bekend en dat geeft ook
onzekerheid. In de uitwerking zal rekening moeten worden gehouden met de
uitvoerbaarheid, met de rechtvaardigheid en met het draagvlak voor de
aangekondigde maatregelen. Niet voor niets staat er heel duidelijk in
het coalitieakkoord dat dit kabinet in overleg treedt met sociale
partners en medeoverheden.
Daarnaast is het belangrijk om de hervormingen in perspectief te zetten.
Zowel de uitgaven voor de zorg als de uitgaven voor de sociale zekerheid
groeien in de plannen van het nieuwe kabinet de komende jaren door,
alleen minder hard dan wanneer er geen hervormingen zouden plaatsvinden.
De zorguitgaven stijgen tot 2030 met ruim 5%, van 120 miljard euro naar
126 miljard euro, en de uitgaven voor sociale zekerheid stijgen met ruim
3%, van 157 miljard naar 162 miljard per jaar. Ja, we voeren stevige
hervormingen door, maar die zijn afgezet tegen het totaal aan uitgaven
niet onredelijk of onhaalbaar.
In de derde plaats: hervormingen in de zorg en de sociale zekerheid zijn
hoe dan ook nodig vanwege niet-financiële redenen. Die zijn misschien
wel belangrijker dan de financiële argumenten die ik net gaf. In de zorg
gaat het tekort aan zorgpersoneel de komende jaren het grootste knelpunt
zijn. Er is nu al een tekort van enkele tienduizenden zorgmedewerkers.
Dat kan, als we niets doen, oplopen tot meer dan 300.000 vacatures in
2035. Dat is onhoudbaar. Op het gebied van de sociale zekerheid zien we
dat ook de vakbonden zelf de noodklok luiden over de toenemende instroom
in de WIA. Als deze trend doorzet, telt Nederland over vijf jaar 1
miljoen arbeidsongeschikten. Dat is onhoudbaar, aldus vakbond CNV.
Tegelijkertijd is het CDA niet doof voor de kritiek uit de oppositie en
maatschappelijke organisaties. Die richt zich hoofdzakelijk op de
verhoging van de AOW-leeftijd, op de inperking van de WW en de WIA en
het overgangsrecht daarbij en op het risico van bezuinigen op de zorg
voor gehandicapten. Over dat laatste heeft mevrouw Bikker ook al iets
gezegd. In het coalitieakkoord hebben we als onderdeel van de
aangekondigde hervormingen ook verzachtende maatregelen opgenomen. We
investeren extra in gezinnen met kinderen. We hebben extra geld
uitgetrokken voor chronisch zieken en gehandicapten. Voor degenen die
huishoudelijke hulp niet zelf kunnen organiseren, blijft de gemeente dit
doen. We hebben extra geld vrijgemaakt voor armoedebestrijding. We
investeren in kwetsbare wijken via het Nationaal Programma Leefbaarheid
en Veiligheid. We investeren in een programma als Kansrijke Start.
Daarmee willen we de meest kwetsbaren helpen.
Is dat genoeg? Met een coalitieakkoord spreken politieke partijen een
commitment uit om met elkaar in de geest van het coalitieakkoord de
verantwoordelijkheid te nemen om ons land te besturen. Gedurende deze
reis zullen er altijd nieuwe omstandigheden komen en nieuwe inzichten
zijn die het kabinet nopen om in de uitwerking van het beleid andere
keuzes te maken. Dat is altijd zo geweest. We hebben nu een
CPB-doorrekening met een eerste inschatting van de effecten van het
beleid. Over een paar weken zal het CPB met zijn nieuwe Centraal
Economisch Plan komen. Daar zullen weer een aantal nieuwe inzichten in
staan die door het kabinet verwerkt zullen moeten worden. Deze coalitie
is zich er goed van bewust dat zij een minderheidscoalitie is en dat we
andere partijen nodig zullen hebben om onze plannen te realiseren.
Daarnaast leest u op elke pagina van het coalitieakkoord dat het kabinet
zijn plannen wil uitwerken in goed overleg met de sociale partners, de
polder en de medeoverheden. Dat staat er niet voor niks. Het is
belangrijk dat het kabinet de signalen vanuit die sociale partners en
vanuit het parlement serieus neemt en daar in de uitwerking van de
plannen rekening mee houdt; de CDA-fractie zal daarop toezien. Daarbij
is het wel belangrijk dat het kabinet een helder proces schetst: op
welke momenten kan de Kamer bijsturen? Kan de minister-president dat
proces zo helder mogelijk schetsen? Wanneer komt het kabinet langs bij
de oppositiepartijen en wanneer wordt het overleg met sociale partners
en medeoverheden gevoerd?
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Ik vind het mooi dat collega Bontenbal begon met het bedanken van
minister-president Schoof en ook alle andere kabinetsleden, die in de
afgelopen periode keihard hebben gewerkt. Daar sluit ik me graag bij
aan. In het begin van het betoog van collega Bontenbal stond hij ook
terecht stil bij de ingewikkelde situatie dat er gewoon meer defensie
nodig is, omdat in Oekraïne al vier jaar lang een afgrijselijke oorlog
woedt en we de geopolitieke omstandigheden heel snel zien veranderen. Ik
steun dat van harte. Ik weet ook dat dit soms moeilijke keuzes vraagt:
hoe ga je dat betalen? We hebben te investeren in defensie. Het is ook
aan deze bewindspersonen om daar op een goede manier werk van te maken,
maar de coalitie doet dit met een vrijheidsbijdrage. Ik heb collega
Bontenbal daar eerder voor zien pleiten en ik heb dit ook in het
CDA-verkiezingsprogramma zien staan. Ik herinner me nog goed deze goede
woorden: "Een bijdrage wordt gevraagd van burgers én bedrijven,
evenredig en naar daadkracht". Vindt collega Bontenbal deze uitkomst
voor burgers en bedrijven evenredig en naar daadkracht?
De heer Bontenbal (CDA):
Het is niet precies zoals ik het wilde. U heeft in onze CPB-doorrekening
gezien hoe we 'm hebben vormgegeven. Het is niet gelukt om het precies
zo te krijgen. Dus als u mij vraagt of het exact is zoals ik wilde, dan
zeg ik: nee. Dat geldt overigens voor meer maatregelen uit het
coalitieakkoord; ik heb helaas niet op alle punten m'n zin gekregen. Wat
er wél in zit, is dezelfde verhouding als wij in onze CPB-doorrekening
hadden, namelijk een derde bedrijven en twee derde burgers. Dat doen we
heel vaak. Als het bijvoorbeeld over de energiebelasting gaat, dan zie
je ook vaak dat de verdeling van een derde en twee derde gebruikt
wordt.
Dan over de verdeling over de huishoudens. Je ziet dat we met die
tabelcorrectiefactor hebben gewerkt. Sorry voor de techniek, maar dat is
een percentage over de verschillende inkomensgroepen. Wij wisten toen we
eraan begonnen dat het het gelijke percentage over die verschillende
schijven zou zijn. Daarmee zou het dus ook gelijk, in dezelfde mate,
relatief, bij alle inkomensgroepen op dezelfde manier terechtkomen. Dat
zie je ook in de tabel bij de antwoorden op de feitelijke vragen. Op
pagina 16 zie je ook voor verschillende huishoudens een inschatting van
hoe dat uitpakt. Het is dus niet hetzelfde bedrag voor huishoudens. Twee
keer modaal betaalt echt veel meer dan één keer modaal. Een
alleenstaande betaalt echt minder dan iemand met twee mensen in een
huishouden. Daar zit wel degelijk die draagkracht in.
In de CPB-doorrekening zie je dat alle maatregelen bij elkaar worden
opgeteld. Tijdens het schrijven van het coalitieakkoord kunnen wij die
doorrekening niet doen en pas na een CPB-doorrekening zie je wat de
effecten daarvan zijn. Terecht is al een aantal keer opgemerkt dat het
CPB ook niet alles meteen mee kan nemen. De armoede-envelop zit daar
bijvoorbeeld niet goed in. Voor bijvoorbeeld het verhogen van het eigen
risico is een bepaalde correctie in de inkomstenbelasting nodig. Het CPB
kiest er in zijn modellen voor om dat dan in de eerste en tweede schijf
te doen. Maar dat is een keuze die het CPB maakt. Ik wil hiermee het
volgende zeggen. In de uitwerking zijn er nog genoeg knoppen, denk ik,
waar je aan kunt draaien om de verhouding beter te krijgen. Ik heb de
kersverse premier nadat het CPB-verhaal was gepresenteerd, horen zeggen:
ik ga in de loop van de augustusbesluitvorming kijken of dat
koopkrachtbeeld eerlijk en rechtvaardig is. Daar ga ik hem stevig aan
houden.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Maar ik weet ook dat die plannen nú worden gemaakt. Dat begint vanaf
vandaag. Als we vandaag hier als Kamer zeggen "alles is fantastisch en
prima dat de hoogste inkomens er het meest op vooruitgaan", dan zou dat
verder de uitwerking worden. Dat is denk ik niet wat de heer Bontenbal
wil. Het is in ieder geval niet wat de ChristenUnie wil. Ik wil namelijk
dat we ervoor zorgen dat de middeninkomens het positieve effect merken
van een kabinet dat er zit en dat voor doorbraken gaat zorgen. Daar wil
ik graag aan meebouwen. Maar mijn zorg als ik hiernaar kijk, is dat we
nu juist zien dat de middeninkomens en de lagere inkomens de grootste
lastendruk gaan ervaren, terwijl we met alles wat de heer Bontenbal
schetst in de komende jaren een hele grote bijdrage van ze gaan vragen;
van de veranderingen in de zorg tot aan de woningbouw. Er komt nogal wat
af op de middenklasse. Dan is het zo onverstandig om juist bij de
middenklasse een groot deel van de rekening te leggen. Ik doe hier echt
de stevige oproep: pak dat anders aan. Kijk naar evenredigheid en naar
draagkracht en zorg ervoor dat gezinnen die rekening met rust kunnen
betalen. Maar het gaat niet alleen om die rekening. Het gaat ook over al
die andere fronten. Dat zit niet in doorrekeningen, maar ik maak me er
wel zorgen om.
De heer Bontenbal (CDA):
Ja, dat is terecht. Die zorgen deel ik ook. U noemt de bijdragen voor
gezinnen, dus het extra geld dat daarvoor uitgetrokken is. We weten
natuurlijk nog niet precies hoe dat allemaal uitpakt. Laten we eerlijk
zijn: deze CPB-doorrekening is een eerste inschatting. Dat zegt het CPB
zelf ook. Een aantal dingen is nog niet meegenomen. Tegelijkertijd, in
een eerder debat kwam ook terecht naar voren dat het gemiddelde of de
mediaan wel kan kloppen, maar dat dat niet wil zeggen dat er ook nog
allerlei uitschieters zijn. Ik ben het met de heer Paternotte eens dat
ik me natuurlijk vooral ook zorgen maak over de huishoudens waar die
stapeling van maatregelen plaatsvindt. We hebben natuurlijk niet voor
niets bijvoorbeeld in het pakket Zorg de 350 miljoen voor chronisch
zieken en gehandicapten opgenomen. Dat is fors meer dan wat er nu
beschikbaar is. We hebben niet voor niets een armoede-envelop van, ik
dacht, 150 miljoen opgenomen om ook aan die kant wat extra's te doen.
Dat is dus wel vanuit het besef dat daar soms gaten kunnen vallen en dat
je dat moet repareren, want uiteindelijk willen wij allemaal niet dat er
mensen hier door de bodem heen zakken. Dat wil niemand. Dat wil geen
enkele coalitiepartij.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Als je in een auto zit naast een chauffeur die telkens de aanwijzingen
van de navigatie negeert en zegt "ja, maar ik weet zeker dat daar onze
bestemming is", dan kan je daar weleens onrustig van worden. Ik weet
niet of collega Bontenbal dat weleens heeft meegemaakt. Als iemand maar
rechtdoor blijft rijden terwijl er telkens wordt gezegd "sla rechtsaf,
sla rechtsaf", dan word je daar onrustig van. Linksaf mag ook, hoor, zeg
ik tegen de heer Klaver.
De heer Bontenbal (CDA):
Ik probeer meestal zelf achter het stuur te zitten!
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Het maakt mij niet uit, als we maar gas geven, zeg ik dan meestal thuis.
Maar terug naar die vergelijking: als die navigator zegt "sla linksaf"
of "sla rechtsaf" en de bestuurder maar rechtdoor rijdt, dan maak je je
zorgen. We hebben nu een aantal waarschuwingen liggen van het
maatschappelijk middenveld. De gehandicaptenzorg en allerlei instanties
zeggen dat deze zorgbezuinigingen te hard gaan neerslaan op een hele
kwetsbare groep, maar ook op de middenklasse.
De voorzitter:
En uw vraag?
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
We hebben de vakbonden, die zeggen: als u zo doorgaat, komt dat te hard
terecht bij de harde werkers. Dan is mijn vraag aan collega Bontenbal:
alstublieft, blijf niet doorrijden met "er komen nog wel meer
rapporten", maar geef nu het heldere signaal dat de middenklasse erop
vooruit moet gaan.
De heer Bontenbal (CDA):
Ik ben terughoudend met dat soort uitspraken, want het beleid wordt nog
uitgewerkt. Ik weet de effecten niet precies. Ik ben er in mijn campagne
eerlijk over geweest dat we wel offers gaan vragen. Ik bedoel overigens
niet te zeggen dat u niet eerlijk bent geweest; ik zie u knikken. Maar
ik denk dat heel veel partijen in de campagne hebben aangegeven waar de
pijn zit. De partijen die hun verkiezingsprogramma hebben laten
doorrekenen, hebben in ieder geval laten zien waar de pijn zit. In de
meeste verkiezingsprogramma's en doorrekeningen zitten hele forse
bezuinigingen op de zorg, omdat we met elkaar blijkbaar ook vinden dat
dat kan.
In het verhaal dat wij gehouden hebben, zat inderdaad ook bijvoorbeeld
die vrijheidsbijdrage. Dat was niet omdat ik dat leuk vind of omdat het
een mooi campagnepuntje was; dat was omdat ik dacht: als we zulke offers
vragen en we niet alles in bezuinigingen kunnen stoppen, zullen we een
extra bijdrage moeten vragen, die ook zichtbaar is. We doen dus een
beroep op de samenleving en zeggen: vrijheid kost iets. Ik snap dat daar
allerlei mooie termen aan gehangen worden die aan mijn naam verbonden
worden. Ik ben er niet trots op dat die vrijheidsbijdrage in mijn
programma stond, maar het is wel het meest eerlijke. Het is toch ook een
moreel signaal dat je zegt: vrijheid is niet gratis en kost ons wat. De
terechte vragen gaan over de verdeling daarvan. Daar ben ik gevoelig
voor. Ik weet ook dat de premier daar gevoelig voor is, want dat heeft
hij gezegd. Maar ik zou ook zeggen: geef dit kabinet even de tijd om dit
uit te werken, want er zijn echt nog veel knoppen waar je aan kunt
draaien. Ik zal dit kabinet meegeven: doe dit op een eerlijke en
rechtvaardige manier.
De voorzitter:
De heer Dassen, de heer Klaver en dan de heer Stoffer.
De heer Dassen (Volt):
Ik vind het mooi dat de heer Bontenbal laat zien dat er bij het CDA wat
twijfel zit over de precieze uitwerking die we nu van het CPB hebben
teruggekregen. Hij geeft aan dat nu misschien te veel lasten bij de
middeninkomens worden neergelegd en dat we dadelijk moeten kijken of dat
voor mensen wel eerlijk en rechtvaardig gaat zijn. Ik proef bij de heer
Bontenbal ook dat er wellicht gekeken moet worden naar andere knoppen om
aan te draaien. Dan wil ik even refereren aan wat zijn oud-collega
Marnix van Rij, van het CDA, ooit heeft gezegd, namelijk: er wordt elk
jaar 29 miljard aan belastingvoordelen uitgedeeld waarvan iedereen zegt
dat die niet doelmatig zijn; daar moet het kabinet wat aan doen. Daarvan
heeft die staatssecretaris gezegd dat daar een rechte rug en harde
keuzes voor nodig zijn. Ik wil de heer Bontenbal vragen of het CDA
bereid is om nog eens kritisch naar die fiscale regelingen te kijken,
juist om te zorgen dat we de lasten op arbeid weer kunnen verlagen.
De heer Bontenbal (CDA):
Kijk, het lastige is het volgende. Wij hebben een coalitieakkoord
gesloten. Daarin staan dingen waar ik heel blij mee ben en dingen waar
ik niet blij mee ben, maar ik heb mijn handtekening daaronder gezet en
ik ben trouw aan de handtekening die ik zet. Dat is hoe dat werkt in
coalities. Op het moment dat wij zaken veranderen in het
coalitieakkoord, zullen we dat altijd met z'n drieën moeten
bediscussiëren. Ik zie het zo voor me dat het minderheidskabinet met de
Kamer in overleg zal moeten om er plannen doorheen te krijgen. In dat
overleg tussen Kamer en kabinet, oppositie en kabinet, maar ook sociale
partners en kabinet zal men tot voorstellen komen die hopelijk passen
binnen het coalitieakkoord, maar die misschien soms ook net over het
randje gaan. Dan is het aan het kabinet om bij de coalitiepartners terug
te komen om te vragen of die dat kunnen dragen. Mijn fractie zal er,
natuurlijk binnen bepaalde grenzen — wij hebben ook onze principes
enzovoorts — alles aan doen om dit kabinet lang te laten zitten en om de
hervormingen die nodig zijn, door te voeren. De kiezer zit namelijk niet
te wachten op weer een verkiezingscampagne.
Dan concreet uw vraag: stel dat er een beroep gedaan wordt op de
CDA-fractie om bijvoorbeeld dingen die wij graag zouden behouden, uit
die lijst met fiscale regelingen te halen; mag daar dan over gesproken
worden? Dan leg ik nergens een blokkade. Daar kan dus met ons over
gesproken worden. Ik zeg niet gelijk "ja". Ik weet dat wij een
minderheidskabinet zijn, en de CDA-fractie zal ervoor open moeten staan
dat er af en toe keuzes worden gemaakt die niet helemaal in ons
verkiezingsprogramma stonden.
De heer Dassen (Volt):
Dit is volgens mij precies de zoektocht. Ik kijk waar bij het CDA de
ruimte zit. Ik snap dat het CDA dan met D66 en met de VVD wil spreken,
maar ik hoop toch dat we in dit debat enige duidelijkheid krijgen over
waar die ruimte dan precies zit. Ik begrijp dat er bij de fiscale
regelingen ruimte zit, dat het CDA daar best wel over wil praten en dat
het CDA daar misschien ook wel enkele regelingen ziet die eruit kunnen
waardoor de belasting op arbeid naar beneden kan. Een vervolgvraag gaat
over vermogen, over schenk- en erfbelasting. Mensen die een schenking of
een erfenis ontvangen, hebben daar niks voor hoeven doen. In mijn ogen
is dat iets waar we best wel wat meer kunnen vragen, zeker omdat we
weten dat de komende jaren 240 miljard wordt overgedragen door de mensen
van babyboomgeneratie aan hun kinderen en kleinkinderen.
De voorzitter:
Uw vraag?
De heer Dassen (Volt):
Is dat iets waar het CDA van zegt: we moeten misschien ook eens kritisch
kijken naar de schenk- en erfbelasting; misschien kunnen we daar wat mee
doen zodat de lasten op arbeid voor alle Nederlanders naar beneden
kunnen?
De heer Bontenbal (CDA):
Nog even over die fiscale regeling. Het is niet zo dat we niks
aanpakken. Er zijn echt wel hele pijnlijke maatregelen. Neem
bijvoorbeeld de sierteelt. Dat is zo'n fiscale regeling die als
ondoelmatig is geëvalueerd en waar we mee stoppen. Dat doet pijn en dat
hebben we geaccepteerd, wetend dat we een aantal van die fiscale
regelingen moeten afbouwen. Het is dus niet zo dat we niks doen.
Over schenk- en erfbelasting: in mijn verkiezingsprogramma staat heel
simpel dat we daar een schuif tussen willen, dus dat het schenken
gedurende het leven makkelijker moet zijn. Dan maak je dus een schuif
tussen schenk- en erfbelasting. Het staat niet in dit coalitieakkoord.
Als u mij dus vraagt "wilt u het persoonlijk en bent u bereid om daarop
te bewegen?", dan zeg ik "ja". Ik blijf echter wel binnen de afspraken
in het coalitieakkoord. Voor we daarbuiten gaan, ga ik het gesprek aan
met mijn coalitiepartners. Het kan soms zijn dat je met elkaar een nieuw
arrangement moet verzinnen en dat je met elkaar ook tot een nieuwe
onderhandeling komt. Ik wil heel graag in de geest van het
coalitieakkoord, ook met respect voor de belangen van de andere twee
partijen, daarin verder gaan. De CDA-fractie heeft geen taboes en gaat
op een hele redelijke manier naar alle voorstellen kijken. Ook als er
soms dingen tussen zitten die wij niet prettig vinden, zullen wij altijd
het belang van Nederland bij onze keuzes zwaarder laten wegen dan ons
eigen verkiezingsprogramma.
De voorzitter:
Tot slot.
De heer Dassen (Volt):
Dit zijn al twee dingen waar dan ieder geval met de CDA-fractie over te
praten valt: fiscale regelingen — "sierteelt" is een heel klein stukje
van alle miljarden — en de schenk- en erfbelasting. Dan valt met de
CDA-fractie misschien ook nog over een laatste punt te praten.
De heer Bontenbal (CDA):
Het moet niet te gek worden, meneer Dassen. Ik heb al veel te veel
weggegeven.
De heer Dassen (Volt):
Dit is de uitgestoken hand waar we volgens mij het hele debat al op
zitten te wachten: dat we uiteindelijk ook echt daadwerkelijk kunnen
gaan kijken waar we over kunnen gaan praten.
De voorzitter:
Uw laatste punt.
De heer Dassen (Volt):
De hypotheekrenteaftrek. Is dat nog iets waarvan de CDA-fractie zegt
"wellicht moeten we daar ook nog wat mee doen"? Ik snap dat het lastig
is voor de VVD, maar wellicht zegt de CDA-fractie: "We willen
uiteindelijk ook dat de woningmarkt eerlijker wordt. We willen ook nog
wel wat doen aan de hypotheekrenteaftrek."
De heer Bontenbal (CDA):
Zullen we afspreken dat u een poging doet om de VVD-fractie te
overtuigen? Dan belt u mij daarna en dan fiks ik de rest.
(Hilariteit)
De heer Dassen (Volt):
Ik ga nu natuurlijk de VVD-fractie overtuigen. U ziet zo de heer
Brekelmans naar achter lopen en dan …
De voorzitter:
Er is straks een dinerschorsing en dan heeft u alle tijd.
De heer Dassen (Volt):
Helemaal goed!
De heer Bontenbal (CDA):
U bent een knappe jongen als u dat binnen een uur redt.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Ik wilde een aantal vragen stellen, ook over de vrijheidsbelasting, de
Bontenbalheffing, of hoe we 'm ook noemen.
De heer Bontenbal (CDA):
Nu doet u het weer!
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Haphap. De heer Dassen heeft daar zojuist eigenlijk al voldoende over
gevraagd. Er zit ruimte en dat is ook nodig, want het moet volgens mij
eerlijker om ervoor te zorgen dat de lasten eerlijker verdeeld worden.
Daarom ga ik naar afspraken over de AOW. De AOW-leeftijdsverhoging stond
niet in het verkiezingsprogramma van het CDA, als ik het goed heb.
Volgens mij heeft het CDA altijd gezegd: handen af van de AOW. Waarom is
hier toch toe besloten? Waarom verdedigt de heer Bontenbal hier bijna
alsof het zijn eigen idee is dat die leeftijd toch omhoog moet? Hij weet
dondersgoed dat dit een afspraak was uit het pensioenakkoord, waar al
onze partijen onder stonden. Het is toch een verdraaid slecht idee om
dit te doen?
De heer Bontenbal (CDA):
Ik verdedig het niet als mijn eigen idee. Ik verdedig het als een
afspraak uit het coalitieakkoord. Dat is wat anders. U heeft zelf vaak
in coalities gezeten. Daar zitten soms maatregelen in die je fijn vindt
en soms maatregelen die je niet fijn vindt. Het klopt dat de verhoging
van de AOW-leeftijd niet in ons verkiezingsprogramma stond, maar met
elkaar maak je een totaalplaat. Een van de dingen waarover wij lang
gediscussieerd hebben — dat heeft u vast wel kunnen lezen in de
constructies — betreft de financiële degelijkheid van het hele verhaal.
Wij wilden niet alleen maar voor de komende jaren wat doen en zorgen dat
die plaat ongeveer rondkwam, maar ook voor de langere termijn. Wat
betreft de zorgquote en de uitgaven aan de sociale zekerheid loopt het
te hard op als we niks doen. Dat drukt dan andere uitgaven weg die de
overheid ook zou willen doen. Dat is een politieke discussie die wij
hier op dat niveau met elkaar zouden moeten voeren. De zorgkosten gaan
van 11% naar ik meen iets van 18% — ik weet het niet precies — in 2060
als we niks doen. Vinden we dat met elkaar politiek acceptabel? Het gaat
wel ten koste van iets anders. Dat geldt ook voor de sociale zekerheid.
Uiteindelijk kunnen die enorme posten, sociale zekerheid en zorg, een
soort koekoeksjong zijn die andere uitgaven eruit drukken. Dat is de
politieke discussie die wij moeten hebben.
De voorzitter:
Uw antwoorden kunnen wat korter, meneer Bontenbal.
De heer Bontenbal (CDA):
Daar heeft u wel gelijk in, ja.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Het viel me ook op, voorzitter!
Dit is precies wat ik bedoel met het verdedigen van de
AOW-leeftijdsverhoging. "De kosten voor de sociale zekerheid lopen op en
daarom gaan we nu bezuinigen op de AOW." Ik weet niet of u weet wie er
ooit de aanstichter van is geweest om te zeggen: we moeten de
een-op-eenkoppeling loslaten van de AOW. Wel, dat was de heer Buma. Die
heeft hierover een motie ingediend in het parlement. Die heeft eigenlijk
gezegd: laten we eens onderzoeken of die een-op-eenkoppeling er wel moet
zijn. Dit is een ontzettend belangrijk punt geweest van de vakbeweging
en mijn partij, namelijk om ervoor te zorgen dat we die
een-op-eenkoppeling eraf halen. Het is nog maar vijf jaar geleden. De
wereld is niet veranderd ten opzichte van toen: de levensverwachting is
niet verder omhooggegaan. We hebben dit juist gedaan om te anticiperen
op de stijgende kosten van de AOW. Snapt u dat dit bij ons volstrekt in
het verkeerde keelgat schiet? We hadden een afspraak. Ik had gehoopt dat
u het pensioenakkoord had verdedigd zoals u hier nu het regeerakkoord
verdedigt. Volgens mij is dit namelijk precies wat we willen: met meer
dan 76 zetels en de maatschappelijke partners afspraken maken voor niet
de komende 4 jaar maar voor de komende 10, 20, 30, 40 jaar. Dat is de
enige manier waarop we vooruit kunnen. Waarom is het CDA op dit punt —
het spijt me om het te moeten zeggen — gewoon onbetrouwbaar?
De heer Bontenbal (CDA):
Die kwalificatie deel ik niet. Ik denk dat wij een ontzettend
betrouwbare partij zijn. Ik vind dat geen fijne kwalificatie. Deze
discussie heeft u net ook met de heer Paternotte gevoerd. Mijn
wedervraag zou zijn: vindt u dat zo'n akkoord tot in de eeuwigheid zou
moeten blijven gelden omdat er geen einddatum aan zit? Maar ik snap uw
punt wel. Het is niet dat ik zeg "het is totaal onzin wat u zegt" en dat
ik de pijn niet zou begrijpen die erachter zit. In het vorige debat kwam
het ook naar voren. Ook de vakbonden hebben dit akkoord verdedigd. Ze
hebben pijn genomen en dingen ingeleverd enzovoort. Dus ik snap dat.
Maar u moet ook de worsteling snappen, want partijen willen de sociale
zekerheid op de langere termijn ook gezond houden. Dit verhaal is een
startpunt. Op elke bladzijde staat: we gaan in gesprek met sociale
partners, medeoverheden en de Kamer. Laten we dus kijken waar we uit
komen, maar ik ga deze kaart niet zomaar uit het kaartenhuis trekken.
Want dan zou ik weer onbetrouwbaar zijn naar mijn coalitiepartners.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Fijn dat u betrouwbaar bent naar de coalitiepartners, maar u bent niet
betrouwbaar naar de mensen met wie u afspraken heeft gemaakt over het
pensioenakkoord.
De heer Bontenbal (CDA):
Maar nu gaat u weer op de man spelen. Dat vind ik niet prettig.
De voorzitter:
Meneer Bontenbal, meneer Bontenbal, u spreekt steeds door de
interrumpanten heen. Dat moet u niet doen. Meneer Klaver heeft het
woord.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Het is helder dat u kiest voor de afspraken die in het regeerakkoord
staan. Maar ik sta hier om te benadrukken hoe zwaar dit voor ons weegt,
precies om de reden die u aangeeft. Dit was voor ons het zoet in een
akkoord. Dit is wat wij hebben binnengehaald. Daarvoor hebben wij
afspraken geslikt uit dat pensioenakkoord die moeilijk lagen. Ik ben
blij dat de gesprekken niet publiek waren die ik met mijn fractiegenoten
heb moeten voeren toen de pensioenwet ter stemming voorlag in de Tweede
Kamer. Er waren namelijk ook mensen die zeiden: er zijn inhoudelijke
redenen om hier tegen te stemmen. Maar na het gesprek dat we toen hebben
gehad in onze fractie zeiden we wel: wij stáán voor onze handtekening,
want ook wij hebben zaken binnengehaald; we zouden niet willen dat dit
onderuit wordt geschoffeld. Dit is precies waar de pijn bij ons zit en
waar de pijn bij vakbonden zit.
En waarom is dit nou zo saillant op dit moment? Een minderheidskabinet
zoekt naar bredere afspraken om doorbraken te realiseren die over meer
gaan dan vier jaar. Er zijn in onze achterban ook mensen die zeggen:
"Laat ze het lekker uitzoeken daar in het kabinet. Ze wilden niet met
jullie, dus waarom zou je nu in vredesnaam afspraken maken?" Wat moet ik
tegen hen zeggen? "Nee, dat moeten we wel doen. We gaan afspraken maken
over de langere termijn"? Maar nu krijg ik terug: over vier jaar is die
afspraak toch niks meer waard. Dat wil ik niet! Het zegt iets over de
cultuur in dit huis en ik vind dat die moet veranderen. Een afspraak is
een afspraak. Fijn dat u dat en de afspraken die u heeft gemaakt met
deze coalitie hier verdedigt. Dat siert u, maar ik zou willen dat u met
dezelfde hartstocht en passie de afspraken verdedigt die wij hebben
gemaakt in het pensioenakkoord.
De heer Bontenbal (CDA):
Ik heb u gehoord. Het eerste wat ik heb gedaan in de week na het
presenteren van het coalitieakkoord, is alle vakbonden uitnodigen. Ik
heb ze allemaal een-voor-een gesproken. De pijn die zij hierover hebben,
hebben ze in vrij duidelijke bewoordingen bij mij op tafel gelegd. Ik
zeg daarom tegen het kabinet: aan de slag. Ga aan het werk en voer het
gesprek. Ik neem aan dat het kabinet met een vrij zware
vertegenwoordiging met de sociale partners in de polder gaat praten. Ik
vraag ze daar goed naar te luisteren.
De heer Stoffer (SGP):
Mijn inschatting is dat binnen de coalitie het CDA de partij is die het
meest oog heeft voor het gezin en de gemeenschap. In het Nederlandse
belastingplan zie je echter eigenlijk een soort prikkels om vaders en
moeders allemaal de arbeidsmarkt op te krijgen. Of dat wel of niet kan,
je hebt geen vrije keuze om zorg en werk op die manier te verdelen die
het meest optimaal voor je gezin is. Dat wordt extra schrijnend in de
situatie dat een vader of een moeder niet kan werken of dat er een kind
is dat zo veel zorg vraagt, dat het niet kan. Het zorgt er ook voor dat
vrijwilligerswerk onder druk komt te staan. Hoe kijkt de heer Bontenbal
daartegen aan?
De heer Bontenbal (CDA):
In het verleden hebben we vaak samen opgetrokken op dit punt. CDA, SGP
en ChristenUnie hebben dit punt samen aangekaart en we hebben daarmee
ook meerdere kleine succesjes behaald. Als dat weer zou lukken, vindt u
mij aan uw zijde. Ik zal dat in coalitieverband altijd netjes
afstemmen.
De heer Stoffer (SGP):
Dit antwoord klinkt mij als muziek in de oren. Ik herinner mij ook nog
het C3-akkoord. Minister Heinen herinnert zich dat waarschijnlijk ook,
maar hij kijkt nu wel ietwat naar beneden. We hebben toen stevige
gespreken gehad met een goed resultaat. Als ik hem zo hoor doet ie dat,
maar ik zou graag zien dat de heer Bontenbal met mij de handschoen
oppakt om bij het volgende belastingplan samen opnieuw te kijken of we
iets kunnen doen aan de kloof tussen een- en tweeverdieners. Met alle
zorgen daarbij die ik zojuist uitsprak, moeten we kijken of we iets
kunnen doen wat goed is voor gezinnen en ook voor de gemeenschap.
De heer Bontenbal (CDA):
Daar zou ik graag één randvoorwaarde bij willen leggen: laten we ook bij
alles wat we doen, streven naar vereenvoudiging. Als dat mooi
gecombineerd zou kunnen worden, dan ben ik helemaal voor.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Stoffer (SGP):
Voor vereenvoudiging zijn we op zich altijd, maar het moet uiteindelijk
wel het doel dienen dat die kloof minder groot wordt, dat gezinnen er
beter van worden en dat de gemeenschap er beter van wordt. Maar die
handschoen pakken we wat mij betreft graag op. Dus ik kom in contact met
de heer Bontenbal.
De heer Bontenbal (CDA):
Er staan in het coalitieakkoord wat haakjes. Er staat ergens in de
financiële paragraaf dat er een programma voor fiscale vereenvoudiging
komt. Er staan wat suggesties in die tekst en het is dus ook niet zo dat
de staatssecretaris Fiscaliteit de komende tijd op zijn handen kan gaan
zitten.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik hoor de heer Bontenbal net zeggen dat hij de zorgen van de oppositie
over de bezuinigingen op de gehandicaptenzorg van 140 miljoen euro
begrijpt. Maar mijn vraag is: vindt hij dat dat kan?
De heer Bontenbal (CDA):
Dat kan ik niet beoordelen. Het punt is natuurlijk dat je … Uiteindelijk
zou ik zeggen: in de uitwerking van het coalitieakkoord moet er gekeken
worden of die bezuinigingen haalbaar zijn. Als u vraagt of gehandicapten
ontzien moeten worden en of we er gewoon voor moeten zorgen dat deze
groep altijd de zorg krijgt die ze nodig heeft, dan zeg ik ja. Maar je
kunt niet meteen zeggen dat er geen enkele bezuiniging mogelijk is. Dat
zou u ook nooit zeggen. Ik heb het even niet over deze sector, maar als
een sector niet efficiënt zou werken, dan is het gek om te zeggen dat er
niet efficiënter zou kunnen worden gewerkt. Dus het is gek om te zeggen
dat er nooit geld vanaf mag. Volgens mij moet het basisprincipe zijn dat
de mensen die het meest kwetsbaar zijn, de zorg krijgen die ze nodig
hebben en dat die zorg adequaat is.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik probeer het hele debat grote bedragen en technische discussies terug
te brengen naar wat er gebeurt bij mensen. Ik heb het u de vorige keer
ook voorgelegd. Als je met mensen in de gehandicaptenzorg spreekt,
zeggen ze: "We zijn van vier begeleiders op een groep naar twee gegaan.
Er zijn al heel veel bezuinigingen, miljoenen, op onze sector
losgelaten. Het kan niet langer zo." Ik vraag aan de heer Bontenbal of
hij vindt dat het wel kan. Als hij zegt dat hij het niet weet, dan
verbaast mij dat enorm. U moet uw mails namelijk hebben gelezen. Daar
zitten vast gehandicaptenzorgverleners in. Die zeggen massaal: dit kan
niet, dus doe het niet.
De heer Bontenbal (CDA):
Het klopt dat ik die mails heb gelezen. Het is ook niet zo dat wij dit
zomaar hebben gedaan. Iedereen die ooit een coalitieakkoord heeft
gemaakt, weet dat je de contouren van beleid maakt. Dat moet worden
uitgewerkt. Of het kan en in welke mate, of dat daar toch moet worden
bijgeschaafd, is uiteindelijk — het is heel vervelend — dus toch echt
aan vak K. Als de bewindspersonen uit vak K straks bij mij komen en
zeggen dat het niet haalbaar is, dat het op een andere manier moet en
dat ze deze groep willen ontzien, dan is het CDA uiteraard bereid om te
zeggen dat deze groep gewoon de zorg moet krijgen die hij nodig
heeft.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Dit verbaast mij dus, omdat u zelf bij die onderhandelingen heeft
gezeten. U heeft zelf getekend voor dit bedrag. Hoe kunt u tekenen voor
een bedrag als u niet exact weet wat de gevolgen zijn? De mensen in de
gehandicaptenzorg zeggen nu al dat het niet kan. Er zijn zichtbaar
schrijnende situaties in de gehandicaptenzorg. Ik pik nu alleen de
gehandicaptenzorg eruit. Ik had het ook met u willen hebben over de
chronisch zieken en gehandicapten, waarover iedereen in deze zaal die
een rol vervult in het minderheidskabinet zegt: maar we compenseren met
315 miljoen euro. Ja, maar aan de andere kant wordt er 618 miljoen euro
afgepakt via de belastingen om je specifieke zorgkosten te kunnen
kwijtschelden. Sorry, maar dan worden mensen dus gewoon harder gepakt
als ze chronisch ziek of gehandicapt zijn. Het zijn al die dingen
waarvoor u heeft getekend. Die dingen kloppen uiteindelijk mooi in
cijfers en in spreadsheets, maar als we met mensen spreken over hoe het
bij mensen thuis uitpakt, dan horen we dat het bezuinigen op de
thuiszorg ervoor zal zorgen dat mensen thuis vereenzamen en vervuilen,
omdat er niemand meer langskomt. Of u nou een soort maatwerkpakketje
achteraf heeft om nog iets te compenseren of niet, chronisch zieken en
gehandicapten gaan erop achteruit. De gehandicaptenzorg zal nog meer
onder druk komen te staan als u erop gaat bezuinigen. Ik vind het bizar
dat u heeft getekend voor de bezuinigingen op de gehandicaptenzorg
zonder dat u daadwerkelijk weet wat de effecten zijn. Dat is
onbegrijpelijk!
De heer Bontenbal (CDA):
Nee, want de bezuinigingen gingen natuurlijk over een veel grotere post.
Daar zitten de gehandicapten potentieel in, maar in de uitwerking zul je
zien hoe die bezuiniging verdeeld wordt. Dat weet je nog niet. Het is
aan het kabinet om dat uit te werken. Het kabinet zal dat doen, gehoord
hebbende wat de Kamer en het zorgveld zeggen. Het is dus niet zoals u
het nu zegt. Dat is uitwerking van beleid. We zijn vandaag in debat om
daar sturing aan te geven.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Voorzitter, ik heb een punt van orde. Het gaat over 140 miljoen euro die
gewoon ingeboekt staat voor volgend jaar.
De heer Bontenbal (CDA):
Dat was het vorige kabinet.
De voorzitter:
Dat is geen punt van orde, maar we noteren het als een persoonlijk
feit.
De heer Vermeer (BBB):
Ik vond het net een beetje een absurde discussie, want als je niet zeker
weet of iets kan, dan ga je het niet opschrijven, lijkt mij. Dan is dit
coalitieakkoord namelijk niet alleen een openingsbod, maar ook gewoon
een soort pentekening, in de zin van: misschien zou dit allemaal wel
kunnen. Nee. Daar sta je toch achter of niet? Het is heel vreemd als de
heer Bontenbal daar nu al niet meer achter staat en het brengt als "ook
maar een idee" en "we gaan het nog weleens zien". Maar dat
terzijde.
Ik wilde het hier eigenlijk hebben over het feit dat de heer Bontenbal
rond dat pensioenakkoord steeds verwees naar het kabinet. Ik wil heel
graag weten waar de heer Bontenbal vindt dat de verantwoordelijkheid
voor het akkoord, zoals het coalitieakkoord, en het vinden van
meerderheden voor plannen ligt. Ligt die verantwoordelijkheid volgens de
heer Bontenbal bij het kabinet of bij de coalitiepartijen?
De heer Bontenbal (CDA):
In mijn optiek moet de rolverdeling als volgt zijn. Het kabinet zoekt
meerderheden in de Kamer. Het heeft altijd meer nodig dan de drie
coalitiepartijen. Het liefst is de steun wat mij betreft zo breed
mogelijk. Als in de uitwerking buiten de randen van het coalitieakkoord
wordt gegaan, bijvoorbeeld doordat de maatregelen niet matchen of het
financieel kader knelt, dan zal er met de drie coalitiepartijen over
gesproken worden of dat door deze drie partijen kan worden gedragen. Dat
lijkt mij de meest zuivere rolverdeling. Ik wil voorkomen dat we in
dezelfde situatie komen als bij de onderhandelingen over de
Onderwijsbegroting. Daar waren het de coalitiefractievoorzitters die met
elkaar aan het onderhandelen waren. Ik sta nog steeds achter de deal die
toen gesloten is, maar de manier waarop was niet goed. Er had een
kabinet moeten zitten dat onderhandelde met de oppositie. Dat is, denk
ik, de manier, want anders maak je fouten. We hebben toen ook gezien dat
er fouten werden gemaakt.
De heer Vermeer (BBB):
Dat betekent dus dat uw uitnodiging aan mij om een kop koffie te drinken
puur voor de vriendelijkheid en de persoonlijke contacten is, maar dat
wij helemaal geen zaken kunnen doen met u, want u houdt zich aan het
coalitieakkoord. Wij moeten zakendoen met het kabinet. Als het kabinet
er met ons dan niet uitkomt, moet het naar u toe om weer te
onderhandelen en horen wij wel weer terug wat er gaat gebeuren. Nou, ik
wens u veel succes de komende tijd.
De heer Bontenbal (CDA):
Ik zou allereerst willen zeggen: wat is er mis met vriendelijkheid? Over
iemand die een kop koffie drinkt met een collega zou ik zeggen: waardeer
het. Ik ga graag koffiedrinken met u. U suggereert ook dat er geen
contact mogelijk is tussen fractievoorzitters en het kabinet. U kunt mij
dingen meegeven. Ik heb toevallig best wel wat telefoonnummers in mijn
telefoon staan van mensen die in vak K zitten. Het is niet zo dat ik
daar geen rol in kan spelen. Ik kan heel goed naar u luisteren en uw
wensen meenemen. Sterker nog, ik denk dat er in het huidige
coalitieakkoord al allerlei zaken staan die niet per se uit de drie
kokers van deze partijen komen. Die zijn erin gekomen door gesprekken
van fractievoorzitters met ons. Er werd net gerefereerd aan iets wat de
heer Struijs heeft gezegd tijdens die gesprekken, over fraude in de
zorg. Dat staat er niet voor niks in. Er staat iets in over een
transparantieregister, wetende dat D66, maar ook zeker de heer Dassen,
daar steeds over begonnen is. Dus wij hebben in die ronde wel degelijk
geluisterd naar wat anderen hebben gezegd en geprobeerd dat een plek te
geven. U heeft als fractie zelf complimenten gemaakt over de
stikstofparagraaf en de woonparagraaf, omdat daarbij ook geluisterd is
naar uw partij. Laten we daar dus niet negatief over doen, want er wordt
wel degelijk geluisterd. Ik kan daar als fractievoorzitter in de Kamer
ook een rol in spelen. Dus ik ga graag koffiedrinken met u.
De voorzitter:
Afrondend, meneer Vermeer.
De heer Vermeer (BBB):
Ik heb niet gezegd dat ik het niet waardeer. Ik heb gezegd dat het dus
alleen over vriendelijkheid gaat en dat wij bij het kabinet moeten zijn
als wij willen dealen over zaken, en niet bij de coalitiepartners.
Daarnaast heb ik ook niet gezegd dat er geen contact is tussen
fractievoorzitters en kabinet, want dat zou wel een hele vreemde figuur
zijn. Dat heb ik dus ook niet gesuggereerd. Dat wilde ik graag even
duidelijk stellen, want die suggestie werd hier wel gewekt.
De heer Bontenbal (CDA):
Het is duidelijk wat u ervan vindt.
De heer Struijs (50PLUS):
Ik heb een paar vragen over het Nationaal Programma Leefbaarheid en
Veiligheid. Een mooi programma, maar ik zie Joke en Arie in Groenoord in
Schiedam, die op een flatje wonen voor €700 huur. Die huur gaat maar
omhoog en de schimmel staat al drie jaar op de muur. Ze gaan na zessen
niet naar buiten, want het is echt onveilig in die wijk. Ondertussen
zijn er veel klachten en hebben ze echt zorg nodig, van de
wijkverpleegkundige en noem allemaal maar op. Dat is nu. Dat staat niet
op zichzelf. Hier begint het echt te stapelen. Ik heb echt veel zorgen
over de zorg, maar nu even over het nationaal programma. Het is wat mij
betreft nog steeds te vrijblijvend. Ik zie dat er mooie dingen gebeuren,
maar als je vier jaar moet wachten tot een gemeente een keer echt aan de
slag gaat, nog even los van de financiën … Bent u bereid om vanuit de
regering te stimuleren dat er meer coördinatie komt, dat er meer
bandbreedte komt, dat er stippellijnen komen, zo van: zo doen we het
hier en daarmee kunnen we voort? Er zijn namelijk nog te veel onveilige
buurten. Er is te veel ellende in heel veel wijken in Nederland. Ik zoek
de brug tussen regering en gemeenten.
De heer Bontenbal (CDA):
U heeft zelf in uw interruptie eerder ook gezegd dat u wilt dat
departementen samenwerken, dat er over onderwerpen heen wordt gewerkt.
Ik denk dat dat de kracht is van het NPLV-programma. Als u mogelijkheden
ziet om dat programma steviger en effectiever te maken, sta ik daar
honderd procent voor open. Ik wil wel voor één ding waken. Er zit
natuurlijk heel veel wijsheid en kennis bij deze programma's zelf. Ik
wil ervoor waken dat Den Haag weer gaat voorschrijven hoe zij het moeten
doen, want dat gaat ook een hoop ellende opleveren. Ik zou vooral willen
dat de wijsheid die in die programma's wordt opgedaan … In Leeuwarden
doen ze het anders dan in Rotterdam-Zuid, Tilburg enzovoort. Ik vind het
overigens een schitterend programma en ben heel blij dat we het kunnen
doorzetten. Maar laten we niet vanuit Den Haag voor hen gaan bedenken
hoe het moet. Als we hen kunnen stimuleren om kennis met elkaar te delen
en bepaalde dingen effectief te doen, ben ik uw man.
De heer Struijs (50PLUS):
Nou, dan ben ik uw man, want ik wil de kennis van Rotterdam-Zuid,
Amersfoort of Heerlen zeker delen. Alleen, het komt niet bij elkaar. Het
moet bij elkaar gebracht worden, op een centraal punt. Ik heb het over
meer coördinatie. Ik ben niet snel van de staatscommissies of een
landelijk programma. Geef het een naam, maar wel vanuit de opgebouwde
kennis en niet vanuit de sturing vanuit Den Haag; dat delen we. Maar er
moet meer coördinatie en daadkracht komen, want de mensen aan het einde
van de lijn zitten nog steeds met een waardeloze woning, energiekosten
en veel ziektekosten. Ze durven na zessen de straat niet meer op. Daar
ben ik dus op uit.
De heer Bontenbal (CDA):
Zou het dan een idee zijn dat de heer Struijs en ik een aantal managers
van dit soort programma's — Marco Pastors is daar bijvoorbeeld één van —
gewoon eens op de koffie vragen, om dan met elkaar dat gesprek te
voeren, mee te schrijven en te kijken wat er dan beter kan? Dan kijken
we of we dit samen in de Kamer een stapje verder vooruit kunnen helpen.
Ik zou dat heel tof vinden.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Struijs (50PLUS):
Ik roep mijn collega-Kamerleden graag op om zich daarbij aan te sluiten.
Dank u wel!
De heer Bontenbal (CDA):
Ja, gaan we doen.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Ik heb de heer Bontenbal de vorige keer ook al gevraagd waar die
stikstofdoelen nou vandaan komen. Volgens mij is de wet namelijk helder,
net als de uitspraak van de rechter. De heer Bontenbal paste toen
eigenlijk een lelijk Haags trucje toe. De heer Stoffer vond de doelen
nog te scherp. Toen zei de heer Bontenbal: als mevrouw Ouwehand vindt
dat we te weinig doen en de heer Stoffer vindt dat we te veel doen, dan
zal ik het wel goed hebben. Zo werkt dat toch niet? De doelen die de
coalitie heeft afgesproken, zijn maar de helft van die 50% minder in
2030, terwijl die in de gerechtelijke uitspraak nog is bevestigd.
Zojuist stond de heer Vermeer hier. Toen zei de heer Bontenbal
letterlijk: ik heb naar uw partij geluisterd als het gaat over stikstof.
Dat zien we: het zijn nu BBB-doelen. Maar je moet toch niet luisteren
naar de BBB? Je moet toch eerst en vooral naar de rechter luisteren?
De heer Bontenbal (CDA):
Dat was geen Haags trucje.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
O.
De heer Bontenbal (CDA):
Dat was humor. Dat kan ook weleens in deze Kamer, mevrouw Ouwehand. Ik
zou zeggen: probeer het ook eens een keer!
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Oké. Haagse humor dan zeker!
De heer Bontenbal (CDA):
Sorry, mevrouw Ouwehand.
De voorzitter:
Meneer Bontenbal, was dat uw antwoord?
De heer Bontenbal (CDA):
Neeneenee, ik ben nog niet klaar.
De voorzitter:
Meneer Vermeer, volgens mij is de heer Bontenbal nog met zijn antwoord
bezig.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Een persoonlijk feit, zeker.
De voorzitter:
Een persoonlijk feit? Dat mag.
De heer Vermeer (BBB):
Er werd iets gezegd waar ik een persoonlijk feit over wil maken.
De voorzitter:
Gaat uw gang.
De heer Vermeer (BBB):
Als dit humor is, dan wil ik bij alles wat de heer Bontenbal zegt wel
even horen of hij dat als humor bedoelt of het ook echt meent, want ik
kan er anders geen touw aan vastknopen.
De voorzitter:
Jajaja, waarvan akte. Ik stel voor dat u de interruptie van mevrouw
Ouwehand gaat beantwoorden, meneer Bontenbal.
De heer Bontenbal (CDA):
Mevrouw Ouwehand …
De voorzitter:
En hoewel ik dol ben op humor: graag zonder humor.
De heer Bontenbal (CDA):
… ik maak geen grappen meer! Ik ben ervan overtuigd dat datgene wat er
nu staat, een hele forse stap is, die de duidelijkheid geeft die nodig
is en die Nederland weer op het goede spoor zet om het land van het
stikstofslot af te halen en de boeren weer perspectief te geven. Dat dit
serieus is, blijkt uit het akkoord, uit de maatregelen die we bereid
zijn te nemen. Er zitten een aantal maatregelen tussen die we eerder
niet bereid waren te nemen. We zetten doelen in de wet en zetten er ook
een flinke pot geld naast, zodat we zeker weten dat we die doelen ook
kunnen halen. Ik vind het dus eigenlijk jammer dat uw evaluatie is dat
het weer te weinig is en dat het niet goed is. Het is een hele forse
stap ten opzichte van het vorige kabinet. U ziet en leest in dit akkoord
dat hier een coalitie zit die het stikstofprobleem echt wil oplossen en
de boeren weer toekomstperspectief wil geven. Laten we dus gewoon
beginnen; laten we meters maken. Er is ook weer een regeling
aangekondigd. We kunnen ellenlang blijven zeuren over doelen voor
straks, maar ik wil een kabinet zien dat gewoon nu meters gaat
maken.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
"Ellenlang blijven zeuren over doelen ..." Ik heb de VVD-minister hier
meermaals voor gecomplimenteerd, ook vandaag nog: het kabinet Rutte-IV
probeerde uit te leggen dat er grote dingen moesten gebeuren. Het
probeerde ook de boeren daarin mee te nemen. Het was toen het CDA dat
weer een nieuwe discussie over doelen veroorzaakte, door een spaak in de
wielen te steken. Maar er was onderbouwing voor die doelen. Die coalitie
dacht echt niet: we gaan nu zó veel voor de natuur doen dat het ook nog
wel gehalveerd kan worden. De heer Bontenbal heeft dus met zijn partij
zelf die discussie weer laten ontstaan, maar nu zegt hij: ik ben ervan
overtuigd dat dit genoeg is. Waar is die overtuiging op gebaseerd? Die
is namelijk niet op basis van de ecologische analyse en ook niet op
basis van de uitspraak van de rechter. Waar komt die overtuiging dan
vandaan?
De heer Bontenbal (CDA):
We hebben ons laten informeren in de verschillende rondes. Daarin hebben
we natuurlijk ook zelf ons huiswerk gedaan. We hebben ook gekeken
hoeveel geld er nodig is. In die paragrafen staat ook heel duidelijk dat
we gaan doen wat nodig is. Mocht het dus niet genoeg zijn, dan zullen we
altijd bekijken wat er nog extra nodig is om die doelen wel te halen.
Laten we gewoon aan de slag gaan. Ik denk dat er heel veel mogelijk is
en ook dat er heel veel resultaat kan worden geboekt, als we hier in de
Kamer die stappen zetten die nodig zijn en het kabinet heel snel het
beleid gaat uitwerken. Er staan heel veel dingen in het coalitieakkoord
waar heel duidelijk bij staat: we gaan het voor de zomer uitwerken. U
ziet dus ook de haast in dit akkoord. Bij de uitwerking van het beleid
zult u heel vaak hier aan de microfoon staan om het bij te sturen en te
bediscussiëren. Maar laten we het uitwerken en beginnen, want volgens
mij kunnen we flinke stappen zetten op het gebied van stikstof en
toekomstperspectief voor boeren.
De voorzitter:
Tot slot.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Dit is echt onverstandig. De heer Bontenbal gaat er volledig aan voorbij
dat deze natuurcrisis heel serieus is en dat Nederland aan de lat staat
om te zorgen dat natuurgebieden niet verder verslechteren. Hij zadelt
een coalitiegenoot, de nieuwe minister van Landbouw, op met doelen die
onvoldoende zullen zijn. Wat er minstens nodig is, is dat de hele
coalitie — D66, de VVD, maar zeker ook het CDA, dat vorige keer de boel
aan het ondermijnen was — gaat staan voor de doelen waarvoor de minister
van Landbouw gewoon aan de bak moet om die natuurcrisis op te lossen.
Als je dat niet doet, dan staat hij er alleen voor. Dan komen er weer
nieuwe uitspraken van de rechter. En we weten dat de onrust hierover
heel groot is, en dat snap ik heel goed. Dus doe die stap naar voren en
ga als CDA staan voor die doelen, waar de rechter uitspraken over heeft
gedaan. Dan hebben we een kans dat we het ook voor elkaar krijgen. Als
je je doelen al halveert, dan wordt het 'm niet.
De heer Bontenbal (CDA):
Waar ik voor sta, is wat daar staat. Daar staat heel veel ambitie en
tempo in. Er staat een bak van 20 miljard om het mogelijk te maken. Dat
je zoveel geld uittrekt, ook voor natuur, in een tijd dat je fors moet
hervormen, laat zien dat deze coalitie ambitie heeft. Ik zal ze daar ook
aan houden.
De heer Struijs (50PLUS):
Ik hoorde de heer Bontenbal aan het begin van zijn betoog hele mooie
waarden uitspreken die me aan het hart gaan, maar er is een waarde die
heet betrouwbaarheid. Ik wil het echt even hebben over de AOW. Ik heb
namelijk aan die onderhandelingstafel gezeten. Ik heb daarna als
voorzitter van de Politiebond in vele zalen beloofd, niet alleen aan
politiemensen maar ook aan leraren: "Dit is in bloed geschreven. De
regering spreekt zich echt uit: zo blijft het staan. Die 67 jaar, daar
komen we niet meer aan. De AOW wordt niet verhoogd. Dat is toegezegd
door de minister en de minister-president." Zo ben ik de zaal ingegaan.
Ik kwam bij 50PLUS in een zaal vol mensen die zich druk maakten over hun
pensioen en hun AOW. We hadden een felle strijd, want wij hebben in ons
programma op laten nemen: we laten de 65 jaar los en we gaan naar 67
jaar, want wij hebben destijds een goede deal met de regering gemaakt.
Het gaat over betrouwbaarheid. Is het niet zo, meneer Bontenbal, dat
betrouwbaarheid ook het hoogste goed is voor deze regering en dat we de
AOW nooit mogen verhogen? Het gaat toch niet waar zijn dat u alle
tussenstappen die meneer Markuszower allemaal doet toch gaat steunen als
CDA? Ik hoop dat u gaat inzetten op die betrouwbaarheid als het om de
AOW gaat.
De heer Bontenbal (CDA):
Ik zou een flauw trucje kunnen uithalen en kunnen zeggen: wat heeft
meneer Markuszower dan gezegd of gedaan? U doelt vermoedelijk op een
motie die is ingediend en aangepast. Op het moment dat er in die motie
staat dat we met elkaar en met sociale partners kijken of er een andere
manier van invulling is, dan is het niet gek, gehoord wat er hier
allemaal gezegd wordt, dat je daar welwillend naar kijkt. Het zou heel
gek zijn als ik daar niet welwillend naar keek, gelet op wat er hier
allemaal gezegd werd. Dat zou u toch ook gek vinden, denk ik.
De heer Struijs (50PLUS):
Nee, ik vind dat juist gek omdat we een afspraak hebben met de regering.
En die wordt overgenomen, nam ik altijd aan, in het kader van
betrouwbaarheid. Ik vind het dus wel gek. Ik had dus gehoopt van het CDA
te horen: we houden ons aan die afspraak van destijds, want dit trekt
het hele pensioenstelsel omver. De betrouwbaarheid van heel veel staat
op het spel, en dat is een heel hoog goed.
De heer Bontenbal (CDA):
Ja, maar dan zou mijn wedervraag zijn: vindt u dat alles in het
pensioenakkoord tot in het oneindige altijd volgehouden moet worden?
De heer Struijs (50PLUS):
Nee, maar we hebben toen wel afgesproken minimaal vijftien jaar, want we
hebben er ook vijftien jaar over gedaan om het voor elkaar te krijgen.
Dat waren de woorden waarmee we afscheid hebben genomen van de regering
midden in de nacht.
De voorzitter:
Dit was uw laatste interruptie, meneer Struijs. Meneer Bontenbal.
De heer Bontenbal (CDA):
Dan zou ik de vraag kunnen stellen: is de geldigheid van het
pensioenakkoord dan volgens u vijftien jaar? Dat gaat u denk ik ook niet
beamen.
De voorzitter:
We gaan geen vragen terugstellen, meneer Bontenbal.
De heer Bontenbal (CDA):
Het is een akkoord zonder einde. Mijn vraag is: is het onbetrouwbaar om
dan op het moment dat je nieuwe feiten, omstandigheden, ziet daar toch
een discussie over te openen, gelet op de toekomst van de sociale
zekerheid en de houdbaarheid daarvan?
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Ook destijds was die dubbele vergrijzing al bekend en is daar ook
rekening mee gehouden. Je kan zeggen over die afspraken: tot in het
oneindige. Nou, ik verwacht niet dat dit in de hemel nodig is. Maar er
is ook een andere kant. Die pensioenwet is er pas net doorheen en om 'm
dan alweer open te breken, dat is wel heel snel.
Maar ik sta hier met een heel andere vraag en dat is de volgende. Ik heb
gezien dat er geïnvesteerd gaat worden door dit kabinet in het
Zuidasdok, in het openbaar vervoer. Dat is belangrijk, maar ik heb een
grote zorg en dat is dat dit kabinet alleen naar de Randstad kijkt
terwijl er zo veel nodig is op al die andere plekken: het vierde perron
in Deventer, om een voorbeeld te geven, en de stations straks langs
Nedersaksenlijn en het zorgen voor al de snelwegen waar we zien dat het
vastloopt, neem tussen Papendrecht en Gorinchem. En zo kan ik nog veel
meer voorbeelden geven. Vindt collega Bontenbal dat dit kabinet ervoor
moet zorgen dat het als het gaat om het openbaar vervoer of de
infrastructuur niet alleen naar de Randstad gaat?
De heer Bontenbal (CDA):
Daar ben ik zeer mee eens. Het Zuidasdok verbindt ook juist het oosten
met andere delen van het land. Dat is de reden dat ik daar wel mijn
handtekening onder heb gezet. Mensen uit, ik meen, Zwolle en Twente
kunnen op die manier ook makkelijk de andere kant op en vanuit de
Randstad naar Twente gaan. Het is dus niet alleen een Randstaddingetje.
Het is het verbinden van heel veel regio's met elkaar. Dat is de reden
waarom wij 'm zo hebben opgenomen, maar we moeten zeer zeker goed kijken
naar regio's. Dat is voor ons heel belangrijk. Niet voor niks wordt ook
het rapport Elke regio telt! expliciet benoemd in dit
coalitieakkoord.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Als ik Den Haag uitrijd en ik rijd lekker naar het oosten naar mijn
familie op de Veluwe of als ik doorrijd naar Hardenberg of naar een
andere plek waar hele leuke ChristenUnie-mensen wonen, dan hoor ik één
ding: wij missen de liefde voor het platteland en voor onze prachtige
woonomgeving te vaak in Den Haag. En als ik dan spreek over de
investeringen in het openbaar vervoer, of het nou gaat om de Lelylijn,
de Nedersaksenlijn of een van die andere prachtige projecten, dan zien
zij ook wel dat dat Zuidasdok helpt, maar zij zien ook dat alleen dat
genoemd staat en dat al deze andere plannen het nakijken hebben. Wat
gaat het CDA eraan doen om deze omissie in het regeerakkoord te
herstellen?
De heer Bontenbal (CDA):
Volgens mij is er een heel lijstje — ik weet niet of dat op deze manier
in het coalitieakkoord staat — met prioritaire projecten, waar dit er
een van is. Als u zegt dat we moeten kijken naar een eerlijke spreiding,
zodat niet alles in de Randstad terechtkomt, ben ik het daar zeer, zeer
mee eens. Dat weet u ook van het CDA.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Dat is mooi gezegd, maar de financiële plaat zegt op dit moment nog iets
anders, namelijk: wel het Zuidasdok en niet die andere projecten. Maar
dan toch, kan ik als het gaat om woningbouw en om alle andere extra
gelden die zijn neergezet op dit CDA rekenen, zodat we niet opnieuw
hebben dat alleen aan het Zuidasdok of de omgeving Amsterdam wordt
gedacht? Kunnen juist ook al die andere prachtige plekken in Nederland,
provincies die afhankelijk zijn van de Lelylijn, het Noorden of de
prachtige Veluwe — collega Stoffer staat naast me — erop rekenen dat in
tegenstelling wat tot nu toe in dit regeerakkoord is gebeurd, daar wel
wordt geïnvesteerd?
De heer Bontenbal (CDA):
Als u zegt "extra geïnvesteerd": wij houden ons aan de financiële kaders
zoals die in het coalitieakkoord zitten. Als wij manieren vinden om daar
meer geld naartoe te krijgen, valt daar met mij uiteraard over te
praten. Maar dan is wel de vraag: waar halen we het dan vandaan? U mag
weten dat ik woordvoerders op IenW heb die allemaal uit de regio komen.
Die weten dus heel goed wat het belang is van de regio en die zullen
daar ook in elk debat aandacht voor vragen.
De heer Stoffer (SGP):
Ik wil even doorgaan op de vragen die collega Bikker stelde. Ik moet
zeggen dat ik vanmorgen best met enige angst keek naar het vak K, want
ik dacht: minister Karremans, is die uit zijn pak geknapt? We hadden in
het vorige kabinet minister Madlener, die veel te strak in zijn pak
genaaid was. Die had gewoon te weinig geld voor de infrastructuur. Ik
heb nog eens naar de plannen gekeken en het is opnieuw zo. Daar komt
denk ik het probleem uit voort dat mevrouw Bikker ook schetst, dat er
gewoon onvoldoende oog voor is dat we in de regio voldoende kunnen doen.
Maar, misschien nog wel belangrijker, het gaat ons dadelijk ook echt
raken: het onderhoud van onze waterwerken, de bruggen die allemaal aan
het eind van hun levensduur zijn, enzovoorts. Mijn vraag is dus
eigenlijk om met de woordvoerders IenW, maar ook samen met het kabinet,
toch eens te kijken naar deze ramp rond de infrastructuur, die langzaam
op ons afkomt, zowel in de regio alsook in de Randstad, zeg ik, en die
ook onze veiligheid raakt. Het gaat echt wel vier jaar duren. Het gaat
nog wel vier jaar redelijk goed. Maar ik denk dat we naar de langere
termijn moeten kijken. Ik zou graag voor de komende periode willen
kijken of we de ramp rond de infrastructuur die langjarig op ons afkomt
met elkaar kunnen voorkomen. Mijn vraag aan de heer Bontenbal is of hij
dat ook wil doen. Dat kan ook met de woordvoerders IenW en het kan
natuurlijk ook samen met het kabinet.
De heer Bontenbal (CDA):
In het huidige coalitieakkoord is er natuurlijk voor gekozen om heel erg
te investeren in onderhoud. Dat is dus niet zozeer in nieuwe aanleg,
maar in onderhoud. Ook daar — dat weet u ook — zit een flinke opgave en
een flink probleem. Laten we ook eerlijk zijn: er is niet heel veel geld
beschikbaar. In die schaarste hebben wij moeten kiezen. Daar is dit het
resultaat van. Als wij in een andere tijd hadden gezeten, waarin de
staatsschuld er anders uitzag en het tekort niet al richting de 3% ging,
dan hadden wij vermoedelijk meer geld kunnen vrijmaken voor deze
infrastructuur, want die is heel belangrijk. Alleen is de vraag: ten
koste waarvan? Er is geen gratis geld.
De voorzitter:
De heer Stoffer, korter dan zojuist, graag.
De heer Stoffer (SGP):
Ik doe mijn best, voorzitter. Dit is mijn oude vak, dus je kijkt daar
toch altijd wel met een bepaalde liefde naar. Ik had het ook op de tafel
gelegd bij de informateur. Die heeft ook echt haar best gedaan, moet ik
zeggen. Toch gaat het ook op het onderhoud — ik geef het maar mee —
langjarig echt mis. Deze kabinetsperiode, al zou die vier jaar duren,
gaat het echt nog wel lukken, maar voor de langere termijn gaat het mis.
Mijn vraag is niet om acuut hiernaar te kijken, maar wel of we dit met
elkaar zullen oppakken om te kijken of we dit langjarig kunnen oppakken;
ik snap namelijk de krapte in het budget. Ik zie de minister-president
een beetje knikken. Die komt van oorsprong ook uit dat vak; ik kom daar
morgen ook nog wel op terug. Mijn vraag aan de heer Bontenbal is dus of
hij ook met ons die handschoen op wil pakken.
De heer Bontenbal (CDA):
Ja, dat wil ik, maar als de heer Jetten of een van zijn collega's zo zit
te knikken, dan kan ik hem ook gelijk mooi die kant op parkeren. Ik ben
slechts een eenvoudige fractievoorzitter. Daar zit een kabinet met heel
veel ambtelijke ondersteuning, dat echt beter kan helpen dan deze
eenvoudige jongen dat zou kunnen.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Stoffer (SGP):
Als we er samen chefsache van kunnen maken, dan denk ik dat het echt
goedkomt.
De heer Bontenbal (CDA):
Laten we afspreken dat ook wij twee die kop koffie gaan drinken met een
van deze bewindspersonen.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Van minister van AZ naar minister van OV; het is nu al een topdag aan
het worden, zou ik zeggen. Ik zie de heer Jetten ook genieten.
De heer Bontenbal heeft het erover dat alles binnen het financieel kader
moet. Heb ik dat goed verstaan?
De heer Bontenbal (CDA):
Nou, ik ga het preciezer formuleren. Wij hebben een coalitieakkoord
gemaakt. Daar zit een financieel kader bij. Dat is onderdeel van de
afspraken. Als u zegt dat u daar anders naar kijkt … Ja, de keuzes voor
dat kader zijn onderdeel van het coalitieakkoord. Daar zou u dus andere
keuzes in kunnen maken. Deze keuze hebben wij gemaakt in ons
coalitieakkoord.
De voorzitter:
Mag ik een beetje rust in de zaal? Het is namelijk onrustig. Meneer
Eerdmans. Meneer Eerdmans, meneer Eerdmans.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Joost.
De voorzitter:
Een beetje rustiger in dat vak!
De heer Bontenbal (CDA):
Even bijblijven, Joost.
De voorzitter:
Meneer Klaver. "Het duurt zo lang", zegt meneer Eerdmans.
(Hilariteit)
De heer Bontenbal (CDA):
Mand!
De voorzitter:
Meneer Klaver, breng daar verandering in.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
De concentratieboog is op bij de heer Eerdmans, begrijp ik.
De voorzitter:
Al best lang, hoor!
(Hilariteit)
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Bij het vorige debat is hier in de Kamer een motie breed aangenomen. Een
meerderheid van de Kamer zegt dus: het is prima dat u een financieel
kader heeft gemaakt, maar dat is niet van ons. Dat is niet omdat de heer
Eerdmans en ik het dan eens zijn over wat dat kader wel zou moeten zijn,
maar het laat zien dat er geen meerderheid is voor het kader dat er nu
ligt. Eigenlijk is mijn vraag aan de heer Bontenbal: zou het niet
verstandig zijn voor het kabinet om te kijken of het met een meerderheid
van deze Kamer een financieel kader zou kunnen maken waar het de komende
jaren op kan sturen? Als je dat niet doet, dan is het namelijk iedere
week bal. Het ging hier al even over de manier waarop je aan
meerderheden gaat werken. Er is hier niemand die zegt "dit is mijn
financieel kader", dus niemand gaat zich hieraan houden. Dan gaan we
wisselende meerderheden vinden, waardoor we elkaar toch weten te
treffen, of we laten het gewoon in het tekort lopen op allemaal wijzen.
Ik kan mij voorstellen dat dat niet de meest handige manier is om de
overheidsfinanciën de komende tijd te sturen. Staat de heer Bontenbal
ervoor open om te kijken of we hier met een meerderheid — dan moet het
kabinet zelf kiezen welke meerderheid het zoekt en of het meer naar
rechts of meer naar links kijkt — toch een financieel kader kunnen maken
dat kan bogen op een meerderheid in het parlement? Zou dat hier niet wat
rust, reinheid en regelmaat brengen? Ik ben namelijk bang dat als u het
niet doet, u keihard op een muur af rijdt.
De heer Bontenbal (CDA):
U weet dat ik voor veel opensta, meneer Klaver. Overigens zal het
kabinet dat dan moeten doen. De eerste begroting is natuurlijk de
lakmoesproef. Daar zit impliciet een financieel kader in. Er wordt
straks onderhandeld over de begroting. Daar gaat de eerste strijd
plaatsvinden, en de eerste zoektocht naar meerderheden.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Klaver (GroenLinks-PvdA):
Ik denk dat het echt een illusie is om te denken dat de Kamer op haar
handen gaat zitten tot de begroting. U heeft geen meerderheid, meneer
Bontenbal, en de oppositie wél. Wij gaan hier niet op onze handen zitten
tot augustus. Het kabinet denkt: "Weet je wat? We zien in augustus
allemaal wel welke afspraken we dan gaan maken." Zou het juist voor de
betrouwbaarheid en de slagvaardigheid van het kabinet niet verstandig
zijn om er al eerder afspraken over te maken? Het is namelijk niet zo
dat er pas in augustus geld uitgegeven gaat worden. Dat kunnen we hier
in het parlement op ieder moment van de dag doen. Ik zou dat toch in
overweging willen geven. Nog één ding. Het coalitieakkoord is van de
coalitiepartners. Alleen verwijzen naar het kabinet vind ik net iets te
eenvoudig. Als fractievoorzitters in het parlement hebben we hierin ook
onze verantwoordelijkheid. Ik ben dus benieuwd wat de heer Bontenbal
ervan vindt als ik vraag of het niet goed zou zijn als er een financieel
kader wordt gemaakt dat kan bogen op een meerderheid in het
parlement.
De heer Bontenbal (CDA):
Kijk, ik wil heel graag rolvastheid. Daarmee bedoel ik dat het kabinet
gaat praten met de Kamer, dus met de oppositiepartijen en met de
coalitiepartijen, alsook met maatschappelijke organisaties en de polder.
Dat bepaalt wat eruit komt en wat wel of niet gedragen wordt door de
oppositie en door de coalitie. Dat kan je niet vooraf zeggen. Maar ik
zou het gek vinden als wij die rol zouden pakken. Ik vind dat het
kabinet in charge is. Daar zijn natuurlijk bepaalde tijdlijnen voor. Het
is heel simpel. We maken begrotingen, miljoenennota's, voorjaarsnota's
en najaarsnota's. Het is heel logisch om het in die cyclus mee te nemen.
Als we dat niet zouden doen, zou het een rommeltje worden. We moeten er
ook al heel snel aan beginnen. De voorbereidingen daarvoor worden
namelijk al vrij snel getroffen. Ik ga er dus van uit dat de
bewindspersonen heel snel met de oppositie praten, ook over dit soort
zaken.
De voorzitter:
Meneer Dassen heeft een interruptie. Ik stel voor dat u dan weer
voortgaat met uw betoog, meneer Bontenbal.
De heer Bontenbal (CDA):
Ik ben bijna klaar.
De heer Dassen (Volt):
Helemaal prima. Op de website Omzien naar elkaar van het CDA zien we dat
het mooi is als mensen niet naast elkaar wonen, maar met elkaar. Nou is
de kostendelersnorm een van de redenen waarom mensen soms niet met
elkaar kunnen wonen, terwijl ze dat wel graag zouden willen. Ik weet dat
het CDA eerder van mening was dat we hiervan af moeten. Gezien het
aantal mantelzorgers dat we hebben en gezien de noodzaak die
gehandicapte of zieke mensen soms voelen om samen te wonen, maar dat
niet kunnen omdat ze dan gekort worden, denk ik dat we daarvan af
moeten. Is de fractievoorzitter van het CDA dat met me eens? Moeten we
niet kijken of we met het kabinet afspraken kunnen maken om de
kostendelersnorm helemaal af te schaffen?
De heer Bontenbal (CDA):
Als de kostendelersnorm afgeschaft zou kunnen worden, zou dat mooi zijn.
Maar dan ga ik toch wel weer zeggen dat ik dat alleen kan doen als ik
daar met z'n drieën uitkom. Het staat namelijk niet in het
coalitieakkoord. Maar persoonlijk vind ik dat we als CDA-fractie geen
voorstander zijn van de kostendelersnorm.
De heer Dassen (Volt):
Volgens mij is een meerderheid in deze Kamer geen voorstander van de
kostendelersnorm. Wellicht kunnen we aan het kabinet vragen om met
mogelijkheden of uitwerkingen te komen, zodat we er inderdaad van af
kunnen. Mijn vraag aan de heer Bontenbal is of hij van mening is dat we
het kabinet met die opdracht op pad moeten sturen.
De heer Bontenbal (CDA):
Ik denk dat het past bij de gemaakte afspraken over fiscale
vereenvoudiging. Die staan redelijk achteraan in het coalitieakkoord.
Maar of deze maatregelen door de drie coalitiepartijen worden gedragen,
gaan we zien. Dat moet ik ook gewoon met ze bespreken; dat kan ik niet
op voorhand zeggen. Maar de mening van de CDA-fractie is: daar zouden we
best wat aan willen doen, ja.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Dassen (Volt):
Oké, maar ik ben aan het bekijken of we het kabinet met een opdracht op
pad kunnen sturen, bijvoorbeeld om mogelijkheden uit te werken of om te
kijken wat de consequenties ervan zijn. Dat is juist omdat de drie
partijen het er zo eventueel over eens kunnen worden. Je zult namelijk
een basis moeten hebben waarop je dat gaat doen. Kunnen we het kabinet
een boodschap sturen dat het met een scenario moet komen waarin het als
mogelijkheid wordt uitgewerkt?
De heer Bontenbal (CDA):
Ik zou zeggen: het kabinet luistert vandaag mee. Ik denk dat het kabinet
meeschrijft. De verantwoordelijke bewindspersonen zullen dit gewoon op
een lijstje zetten. Daar is geen koffie voor nodig. Ik denk dat ze dit
zelf zullen meenemen in het programma dat ze nog moeten gaan schrijven.
Maar ik zou ook zeggen: geef ze even tijd om deze fiscale hervormingen
uit te werken.
De heer Vermeer (BBB):
Ik voel een motie aankomen, maar misschien heb ik het mis. Ik heb even
een vraagje aan de heer Bontenbal over die begrotingsregels. Aangezien
het budgetrecht hier bij de Kamer ligt, zouden wij ook gewoon als
gezamenlijke fracties een alternatief begrotingsregelsvoorstel kunnen
maken en dat als opdracht aan het kabinet kunnen meegeven. Is de heer
Bontenbal het daarmee eens?
De heer Bontenbal (CDA):
Ik kan het er niet eens mee oneens zijn, want als de Kamer dat besluit,
dan is dat gewoon de beslissing van de Kamer en heeft het kabinet het
gewoon te doen. Het is niet een keuze of ik dat wel of niet … Alleen, de
vraag is wat de drie coalitiepartijen doen. Het zal u niet verbazen dat
die zich willen houden aan het coalitieakkoord, tenzij we goeie redenen
zien om daarvan af te wijken. Dan is het de vraag of de rest van de
oppositie tot overeenstemming komt. Ik denk namelijk dat er in deze
Kamer ook wel veel verschil van mening is over hoe die begrotingsregels
er dan uit zouden moeten zien. Ik heb net een discussie gehoord over
lastenverzwaring voor burgers en bedrijven en er zijn in deze Kamer wel
nogal verschillende meningen.
De heer Vermeer (BBB):
Ik zie de heer Bontenbal bijna verlangend naar die verschillen kijken.
Hij denkt: dan kunnen wij ons verhaal gelijk houden. Ik denk dat er best
een meerderheid te vinden is voor het openen van een aantal regels,
waarbij er dan vervolgens nog een nadere invulling mogelijk is, maar
daar komen we zeker op terug.
De voorzitter:
Meneer Bontenbal, u vervolgt.
De heer Bontenbal (CDA):
Voorzitter, ik rond af. Het CDA zal zich met veel energie blijven
inzetten voor een land waarin iedereen meetelt en waarin we oog houden
voor de meest kwetsbaren. We blijven ons inzetten voor een land waarin
jongeren weer hoopvol over de toekomst kunnen zijn. We blijven ons
inzetten voor een land waarin mensen naar elkaar omzien en hun
verantwoordelijkheid kunnen nemen om voor iedereen een goed leven
mogelijk te maken.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Ik schors. O, o, o, nog twee interrupties, drie
interrupties. Het is net een markt hier. Ik heb meneer Eerdmans, ik heb
meneer Wilders en dan meneer Dijk. Ik vraag nog even om wat rust in de
zaal vanwege de concentratieboog van de heer Eerdmans.
De heer Eerdmans (JA21):
Ik ben weer wakker. Het ging in één keer zo snel. Drie weken geleden
vroeg mijn collega Nanninga aan de heer Bontenbal hoe het eigenlijk met
de CDA-fractie in de senaat staat rond die asielwetten. Wordt het
spannend of niet? Toen sprak de heer Bontenbal sussende woorden: nee,
die senaatsfractie van het CDA gaat gewoon uit van het
verkiezingsprogramma, dus dat komt goed. Intussen hebben wij mevrouw
Bakker-Klein en de heer Bovens — zo heten ze, geloof ik — uit de
senaatsfractie van het CDA gehoord. Die zeggen: nou nee, we zijn niet
getrouwd met het coalitieprogramma. Op zich, theoretisch, is dat wel zo,
maar nou is natuurlijk wel de vraag: als de CDA-fractie tegenstemt, gaan
die asielwetten het dan gewoon niet halen? Mijn vraag is echt wat het
CDA dan doet.
De heer Bontenbal (CDA):
Ik ga ervan uit dat die wetten het wel halen. We hebben een minister van
Asiel en Migratie. Die gaat zijn stinkende best doen om die wetten met
goeie argumenten door die Kamers te krijgen. Zou dat eventueel niet
lukken, waar ik niet van uitga, dan is er altijd nog de implementatiewet
van het Migratiepact, waarin beide wetten integraal zitten. Als het niet
via de twee asielwetten lukt, lukt het dus alsnog gewoon via die andere
wet.
De heer Eerdmans (JA21):
U weet: in de asielwetten zitten de illegaliteitsstrafbaarstelling,
ongewenstverklaringen, dwangsommen. Dat soort elementen zit in die
asielwetten. Die zitten niet in het pact. Dat zijn dus al punten die we
gaan verliezen als de CDA-fractie in de Eerste Kamer daartegen stemt. Ik
begrijp dat de heer Bontenbal zich nu meer zorgen maakt dan drie weken
geleden, want toen was het allemaal een kwestie van "nee, geen enkel
punt, want de CDA-fractie stemt gewoon voor".
De heer Bontenbal (CDA):
Nee, ik maak me daar geen zorgen over. Dat is dus een verkeerde
interpretatie.
De heer Wilders (PVV):
Het CDA heeft zich er altijd op laten voorstaan een fatsoenlijke partij
te zijn. Ik heb in mijn inbreng al gezegd dat ik 15 miljard aan
ombuigingen op zorg en sociale zekerheid onfatsoenlijk en asociaal vind.
Wat mij betreft verdwijnen die dus allemaal, maar wat ik bijzonder
onfatsoenlijk vind, is dat u nu ook aan de zogenaamde bestaande gevallen
komt. Dat is in Nederland eigenlijk not done. Zowel bij de WIA als bij
de WW worden ook de mensen die al een uitkering hebben, dus niet alleen
de nieuwe gevallen maar ook de mensen die al een
arbeidsongeschiktheidsuitkering of een WW-uitkering hebben, fors gepakt.
Dat zijn een paar honderdduizend mensen in de verschillende regelingen
en dat loopt behoorlijk op. Mijn vraag is: wat is er fatsoenlijk aan om
toch te korten op de uitkering van mensen die al in een situatie zitten
en daar niets meer aan kunnen doen — als je arbeidsongeschikt bent, kun
je daar immers vaak niets aan doen — of om het dagloon in ieder geval
zodanig te laten dalen dat ook de bestaande gevallen nu de pineut zijn?
Daarbij gaat het dus ook mensen die daar met hun hypotheek of anderszins
rekening mee hebben gehouden.
De heer Bontenbal (CDA):
Ik denk dat we onderscheid moeten maken tussen die verschillende
maatregelen. Wat WW, WIV en IVA betreft gelden de maatregelen voor
nieuwe gevallen, maar ik vermoed dat u het heeft over het
maximumdagloon. Ik ga daar niet omheen lopen: die maatregel is heel
pijnlijk; die vind ik ook heel pijnlijk. Als u vraagt of ik ergens een
flinke steen in de schoen heb, zeg ik: ja, op dat punt. Daar ga ik niet
omheen lopen. Ik heb wel een coalitieakkoord getekend. Daar staat dit
in. Ik kan deze kaart dus niet zomaar uit het kaartenhuis trekken, maar
ik snap uw punt ook.
De heer Wilders (PVV):
Dan stel ik toch voor dat we daar wat aan doen. U was in 1993 10 jaar. U
kunt het zich dus misschien niet herinneren, maar in 1993 was er het
zogenaamde bami-akkoord, een deal tussen de Partij van de Arbeid en het
CDA, vooral over de bestaande gevallen: moeten die ook worden gekort?
Dat is uiteindelijk niet gebeurd, maar dat leidde wel tot onenigheid
binnen het CDA tussen premier Lubbers en Eelco Brinkman. Lubbers zei: we
moeten niet aan die bestaande gevallen komen. Brinkman zei: dat moeten
we wel gaan doen. Dat leidde tot veel onrust, zodanig dat het CDA na de
verkiezingen enorm op z'n lazer kreeg vanwege die bestaande gevallen, de
oudere partijen in een keer acht, negen zetels kregen en de SP ook met
weet ik hoeveel zetels terugkwam. Dat heeft bij uw achterban dus … Ik
geef toe dat het een tijd geleden is, maar het is onfatsoenlijk om aan
bestaande gevallen te komen en aan bestaande gevallen, mensen die gewoon
hun leven hebben ingericht met vaste lasten en hun kinderen, wat te
doen. Ik zou u dus toch nog een keer willen vragen, zeker als het een
steen in uw schoen is, om met mij te kijken of we dat niet onderuit
kunnen halen en of we de bestaande gevallen — honderdduizenden mensen —
kunnen ontzien.
De heer Bontenbal (CDA):
Ik heb een coalitieakkoord getekend waar ik niet zomaar mijn
handtekening onder vandaan ga halen. U heeft zelf in een coalitie
gezeten en ik heb u toen u hier stond meermaals horen zeggen: je tekent
een coalitieakkoord waar ook soms nare dingen in zitten. Dit is er
eentje van. Ik heb u ook steeds toen u hier stond, horen zeggen: ja
jongens, ik teken een coalitieakkoord waar dingen in zitten die ik graag
wil en ook dingen die ik niet graag wil. Dit is er eentje van. Als er
ruimte is om dit aan te passen, zal ik dat doen, maar dat doe ik wel met
drie coalitiepartijen. Ik ben met mijn collega's een commitment
aangegaan en ik zal geen onbetrouwbare coalitiepartner zijn. Dan moeten
we dus zoeken naar een manier om dat te verzachten. Er zit natuurlijk
ook wel een reden achter dat er aan het maximale dagloon wordt gedraaid.
De vraag is of dat moet in die mate waarin dat nu gebeurt. Maar het zijn
natuurlijk wel de wat hogere inkomens die hierdoor geraakt worden.
Daarom is er aan die knop gedraaid. De mensen met de laagste inkomens
worden als het goed is ontzien, maar ik heb ook de rapporten van het CPB
gelezen en weet ook wat het effect is. Ik herhaal wat ik zeg: dit vind
ik geen fijne maatregel, absoluut niet.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Wilders (PVV):
Van mij hoeft het helemaal niet. Het ging mij er ook niet om of het de
hoge of de lage maximale daglonen zijn. Het gaat over bestaande
gevallen, over mensen die niets meer aan hun situatie kunnen veranderen.
Ik hoop dat u goed bent voor uw woord en dat u op z'n minst een poging
gaat doen voor alle mensen die dit debat volgen en hier last van hebben.
Nogmaals, het zijn er 260.000 of zo, een hele hoop. Ik hoop dat u toch
gaat kijken en gaat proberen om binnen uw eigen coalitie die mensen te
ontzien.
De heer Bontenbal (CDA):
Die poging zal ik doen, maar ik zal ook een betrouwbare coalitiepartner
zijn. U heeft zelf in een coalitie gezeten. U weet dat er stenen zijn in
zo'n coalitieakkoord die je zelf niet fijn vindt. Er komen steeds nieuwe
feiten en cijfers. Er komt straks een nieuwe CPB-doorrekening. We
krijgen nieuwe koopkrachtplaatjes. Het is een huis waar regelmatig een
verbouwing aan plaatsvindt. Dat hebben we de afgelopen jaren ook gezien.
Je gaat als coalitiepartners met elkaar een commitment aan. Als daar
verschuivingen in plaatsvinden, zal dat altijd evenredig moeten zijn in
wat de drie partners aan wensen hebben. Ik zal een betrouwbare
coalitiepartner zijn. Maar ik snap uw punt ook heel goed. Ik voel de
pijn daar ook.
De heer Jimmy Dijk (SP):
De heer Bontenbal is van de drie partijen in dit minderheidskabinet de
enige niet-liberale partij. Het is de enige partij die niet het
Angelsaksisch model voor zich ziet, maar het Rijnlands model, en daar
ook veel waarde aan hecht. Ik kom dan toch even terug op de hele
AOW-discussie. Ik heb gisteren gezien dat er drie vakbonden waren, de
FNV, de VCP, maar ook CNV, die echt hebben aangegeven: wij gaan op deze
manier echt niet aan tafel. Als de plannen van de AOW-verhoging niet van
tafel zijn, dan komen zij niet in gesprek. Hoe gaat u dat oplossen?
De heer Bontenbal (CDA):
Ze zijn al bij mij aan tafel geweest. Ik heb ze allang uitgenodigd. Ik
heb al met ze gesproken. Ik denk dat dit kabinet het ook zal doen. Ik
denk dat deze vakbonden gewoon zullen komen en zullen praten. Ik weet
ook dat ze heel duidelijk en heel helder hun mening op tafel leggen. Dat
hebben ze bij mij ook gedaan. Ik kreeg van de heer Fortuin van CNV de
afgelopen dagen ook al een appje met: we zetten het Malieveld vol. Ik
weet dus hoe boos ze zijn. Ik weet ook dat ze die boosheid in het
gesprek met het kabinet zullen neerleggen, maar ik verwacht niet dat ze
zeggen niet te komen als ze een uitnodiging krijgen van het kabinet,
waarin het kabinet met een hele serieuze delegatie met de polder en de
sociale partners enzovoorts gaat praten. Dat geloof ik niet. Zij hebben
ook wensen. Het CNV zegt zelf bijvoorbeeld over de WIA: het loopt uit de
hand. Ook vakbonden willen een aantal dingen regelen. Ik denk dus: kom
in gesprek en leg de wensen op tafel. Laten we kijken waar we komen.
Alle partijen willen Nederland beter en sterker maken. Dat is in ieder
geval de gezamenlijke basis. Dat lijkt mij voldoende om op een
uitnodiging in te gaan.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Laat er geen misverstand over zijn: er moet een boel beter in de WIA,
maar daarop korten is niet de oplossing. Het ging mij om de AOW. De
vakbonden hebben inderdaad duidelijk aangegeven: we komen uit
beleefdheid wel op gesprek, maar we gaan niet meewerken aan een
verhoging van de AOW-leeftijd. Dan zie ik dat er hier nu voorstellen
worden gedaan — Groep Markuszower zie ik nu niet meer — om dat plannetje
van het kabinet een beetje af te zwakken. Ik denk dat het nog meer olie
op het vuur gooien is bij de vakbonden als het CDA zo meteen met die
voorstellen gaat instemmen. Ik vraag me dus af op welke manier het CDA
de banden, de relaties met de vakbonden denkt te gaan verbeteren. Je
kunt ze uitnodigen met het huidige plan, maar dan zijn ze snel klaar, na
een kopje koffie en misschien een koekje. En dan staat daarna het
Malieveld vol.
De heer Bontenbal (CDA):
Maar dan zou ik zeggen dat de heer Dijk niet voor de vakbonden hoeft op
te komen. Ze zijn zelf mondig. Ze zijn erg mondig. Of zij dingen niet
fijn vinden, laten ze me dus echt zelf weten. Ik vermoed dat ik als ik
op mijn telefoon kijk, daar al berichten over zie. De vakbonden spreken
voor zichzelf en het is aan mij om de contacten met hen te leggen en
open te houden. Dat zal ik blijven doen. Ik zal dus blijven investeren
in de relatie met de vakbonden. Dat heb ik ook al gedaan.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik denk dat het helemaal niet verkeerd is als politieke partijen in dit
huis opkomen voor de vakbondsrechten en de vakbonden. Dat lijkt me zelfs
erg goed. Als het hier steeds gaat over hardwerkende Nederlanders, dan
is het nogal belangrijk dat er een vakbond is die kracht heeft en dat er
politieke partijen zijn die zij aan zij met de vakbonden opkomen voor de
rechten van werknemers. Het lijkt me dus heel goed als u wel opkomt voor
de vakbonden.
Maar mijn punt blijft dat zij heel duidelijk hebben aangegeven, gisteren
weer: afspraak is afspraak. Werknemers en werkgevers hebben dat gezegd
en de voorzitter van de SER zei het ook heel duidelijk. U zet wel echt
de verhoudingen tussen de vakbonden en dit kabinet op het spel als u zo
meteen meegaat met de rechtse motie van Groep Markuszower om toch mee te
gaan werken aan de afbraak van de AOW.
De heer Bontenbal (CDA):
Mijn ervaring met de vakbonden is dat het professionals zijn. Deze
mensen weten heel goed waar ze mee bezig zijn. Die komen op voor de
belangen van hun achterban. Heel veel partijen in deze Kamer luisteren
daarnaar, gelukkig niet alleen die aan de linkerkant van het politieke
spectrum. Het is aan hen en aan mij om die contacten goed te houden,
maar dat is mijn inspanning. Ik weet dat het professionals zijn die
blijven praten en die ook heel duidelijk zijn over hun mening; dat heb
ik gemerkt, ja. Ze zijn heel duidelijk over wat ze vinden, maar ik heb
ook gemerkt dat er altijd een redelijk gesprek met deze vakbonden
mogelijk is. Ik ga er dus van uit dat dat in de komende maanden blijft
plaatsvinden.
De voorzitter:
Dank u wel. Ik schors tot 20.45 uur voor de dinerpauze. De vergadering
is geschorst tot 20.45 uur.
De vergadering wordt van 19.38 uur tot 20.48 uur geschorst.
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering en ik verzoek u om uw plaats in te nemen,
zowel de mensen in vak K als die in de Kamer. Het woord is aan mevrouw
De Vos voor haar inbreng in eerste termijn namens Forum voor Democratie.
Ik verzoek om een beetje rust in de zaal.
Mevrouw De Vos (FVD):
Dank u, voorzitter. Vanaf 1977 tot aan het jongste kabinet, dat hier
vandaag zit, is Nederland geregeerd door in principe twee à drie à vier
partijen. We hadden de kabinetten-Van Agt met VVD, CDA, Partij van de
Arbeid en D66, de kabinetten-Lubbers met VVD, CDA en PvdA, de
kabinetten-Kok met VVD, D66, Partij van de Arbeid, het
kabinet-Balkenende met VVD, CDA en de LPF, de kabinetten-Balkenende II,
III en IV met ook weer VVD, CDA, D66, Partij van de Arbeid en eenmaal de
ChristenUnie, de kabinetten-Rutte met VVD, CDA, PvdA, D66 en tweemaal de
ChristenUnie. Schoof was een uitzondering met VVD, PVV, BBB en NSC. En
nu vandaag zit daar dan het kabinet-Jetten, met ook weer VVD, CDA en
D66. Dezelfde partijen in wisselende samenstelling regeren Nederland al
minstens 50 jaar. Structurele veranderingen ten opzichte van de koers
van die afgelopen 50 jaar zijn dan ook totaal onwaarschijnlijk. Wie ze
wel verwacht, is volstrekt naïef. De spelers zijn gewisseld, maar het
thema blijft hetzelfde. Als je naar een wedstrijd van Feyenoord gaat,
moet je ook niet verrast opkijken dat je Ajax niet ziet spelen.
Voorzitter. Dit raakt aan het structurele probleem dat Nederland kent,
een probleem dat Forum voor Democratie ook wel samenvat met de term
"partijkartel". Het is het partijkartel van gevestigde partijen dat
grosso modo dezelfde mening heeft over ieder groot onderwerp. Al deze
partijen willen in meer of mindere mate migratie en klimaat- en
stikstofbeleid. Allemaal pleiten ze in meer of mindere mate voor
machtsoverdracht aan de Europese Unie, voor geld naar ontwikkelingshulp,
en voor inmenging in buitenlandse oorlogen. Allemaal zijn ze in meer of
mindere mate voorstander van hogere belastingen om dit alles te kunnen
betalen.
Wat deden deze zogenaamd fatsoenlijke partijen namelijk in de afgelopen
vijf decennia? Op hun lijst van markante prestaties uit die periode
staan onder andere de ongeremde immigratie van miljoenen migranten. De
materiële kosten — denk aan gezondheidszorg, criminaliteit, uitkeringen
— bedroegen de afgelopen tien jaar maar liefst 27 miljard euro per jaar.
De immateriële kosten zijn nog vele malen hoger. Het Nederland dat veel
Nederlanders in de afgelopen 50 jaar steeds minder als hun thuis zijn
gaan herkennen, verdwijnt alsmaar verder uit zicht. We zagen
klimaatbeleid dat al honderden miljarden heeft gekost, dat ons
vestigingsklimaat vernietigt en ons landschap onherkenbaar verandert. We
zagen beknelling van boeren en vissers, en de gestage afbraak van de
beste agrarische sector ter wereld. We zagen een stijging van de
woningnood tot ongekende hoogte en vernietiging van de private
huursector. In het kielzog van dit alles was er een significante
verarming van modale huishoudens. Wie bijvoorbeeld in 1990 nog voor vier
keer een modaal salaris een huis kon kopen, telt daar 35 jaar later
minstens tien modale salarissen voor neer.
Voorzitter. Kabinet-Jetten zet in versneld tempo de koers in deze
onverantwoorde richting voort. In het regeerakkoord lezen we het
volgende. De massale immigratie blijft doorgaan. We blijven
gecommitteerd aan internationale asielverdragen. De Spreidingswet blijft
in stand. Er wordt met geen woord gerept over remigratie. We krijgen een
zogeheten "vrijheidsbijdrage", een orwelliaanse benaming voor een
oorlogsbelasting: dit jaar 3 miljard euro en vanaf 2027 zelfs 5 miljard
euro. Dat is €600 per huishouden per jaar. De stikstofdoelen worden per
wet vastgelegd. Als ze niet worden gehaald, wordt mogelijk overgegaan op
korting van fosfaat- en dierenrechten. Er is sprake van krimp van de
veestapel en er is 2,7 miljard voor de uitkoop van boeren en nog eens
ruim 17 miljard voor aanvullende maatregelen. Het eigen risico stijgt
naar €460 en zelfs naar €520 in 2030. Überhaupt gaan de belastingen
verder omhoog voor huishoudens en bedrijven. Zo stijgt de
inkomstenbelasting over de eerste twee schijven met bijna 1
procentpunt.
Alles wordt duurder om de idiote plannen van dit kabinet te financieren:
de windturbineparken en warmtepompen in het kader van de
energietransitie, de miljarden aan Oekraïne en de wapenindustrie, de
opvang, verzorging en huisvesting van immigranten en hun nakomelingen.
Het gaat niet alleen om asielzoekers in azc's, maar ook om
statushouders, die een woning krijgen, en kleinkinderen van immigranten,
die meer aanspraak maken op zorg, vaker een uitkering krijgen, meer
strafbare feiten plegen enzovoort.
Voorzitter. Waarom gebeurt dit alles? Omdat dit kabinet, net als de
vorige kabinetten van de afgelopen 50 jaar, bevangen is door een
ideologie van oikofobie, van zelfhaat. Want niet de veiligheid van onze
eigen vrouwen en meisjes en onze hele bevolking staat voorop, maar de
economische wensen van mensen die van overal ter wereld hiernaartoe
willen komen. Ik kan het die mensen niet kwalijk nemen, maar het is niet
in ons belang om aan hun wensen toe te geven. En dus is het de taak van
de mensen in deze zaal om nee te zeggen. Niet de mogelijkheid voor onze
eigen kinderen om een woning te vinden en een gezin te stichten staat
bovenaan de prioriteitenlijst, maar de huisvesting van honderdduizenden
vreemdelingen, die geen band hebben met ons land en die enkel en alleen
hiernaartoe zijn gekomen omdat onze voorzieningen beter zijn dan die van
Italië of Polen.
In plaats van op een realistische en gezonde wijze om te gaan met onze
natuur en economie zijn onze machthebbers in de ban van een onnavolgbare
afkeer van alle vormen van menselijke groei en vooruitgang, een afkeer
die zich uit in de absurde overtuiging dat de mens een funeste invloed
heeft op het mondiale klimaat en dat boeren de natuur kapotmaken.
In plaats van ondernemers, onderwijzers, artsen en verpleegkundigen,
zzp'ers en al die andere beroepsgroepen die Nederland draaiende houden
vertrouwen te geven, worden ze aan alle kanten overspoeld door regels,
controles en belastingen, die iedere vorm van creativiteit uit de
samenleving drukken.
In plaats van de nationale democratie te beschermen en te versterken
door bindende referenda in te voeren, wordt het mandaat van ons als
volksvertegenwoordigers zonder pardon overgeheveld naar anonieme
bureaucraten in de Brusselse burelen, die Nederland niet begrijpen, niet
vertegenwoordigen en dus besluiten nemen die nooit in het Nederlands
belang kunnen zijn.
Voorzitter. Het Nederlands belang is uiteindelijk de kern. Dat zou onze
eerste prioriteit moeten zijn, maar de plannen van dit kabinet laten
zien dat ook deze nieuwe ploeg de belangen van anderen belangrijker
vindt, dat zelfhaat de overhand heeft. Forum voor Democratie zet daar
liefde voor Nederland tegenover. Ik houd tot in mijn diepste vezels van
dit land en vind het iedere dag opnieuw afschuwelijk om te zien wat het
wordt aangedaan. Het doet me iedere dag opnieuw intens verdriet om te
zien hoe zijn toekomst wordt geknakt. Ik zal me samen met iedereen
binnen onze partij tot het uiterste inspannen om het tij te keren.
Het goede nieuws is dat de huidige koers uiteindelijk een keuze is.
Forum voor Democratie zet daar andere keuzes tegenover. Wij willen
allereerst een structurele besparing van 50 miljard per jaar op de
overheidsuitgaven. Hoe? Door te stoppen met de massale immigratie en
terugkeer te stimuleren. Opbrengsten? Pakweg 25 miljard euro per jaar.
Dit kán. Hongarije kiest er bijvoorbeeld voor om Europese regels niet
uit te voeren en geen asielzoekers op te vangen. Daarvoor betalen ze een
dwangsom van 1 miljoen euro per dag. Maar 365 miljoen euro per jaar valt
in het niet bij de 25 miljard euro die de immigratie ons nu jaarlijks
kost. Door te stoppen met al het klimaat- en stikstofbeleid. Ook pakweg
25 miljard euro per jaar. Door alle bijdragen te saneren aan
ontwikkelingssamenwerking, aan internationale organisaties zoals de EU
en vele andere, en door geen bijdragen meer te sturen naar ngo's. Door
de omvang- en apparaatskosten van de landelijke overheid en haar
instituten terug te brengen met ten minste 3% per jaar. De vrijgekomen
50 miljard euro, minimaal, kunnen we dan investeren in
belastingverlaging voor hardwerkende Nederlanders en in nieuwe grote
projecten. Dat geeft ruimte voor een radicaal ander belastingsysteem,
een systeem dat arbeidsproductiviteit en economische groei bevordert en
administratieve lasten minimaliseert. Wij willen simpelere en lagere
belastingen, een vlaktaks van 20% in plaats van allerlei schijven met
progressieve tarieven die succes bestraffen. Wij willen een
belastingvrije voet van €30.000 en geen belasting over de eerste €1.000
die met een tweede baan verdiend wordt, zodat het weer aantrekkelijk
wordt om meer te werken. De btw-tarieven omlaag: het hoge tarief naar
19% en het lage tarief naar 6%. De energiebelastingen terug naar het
niveau van voor 2010, het eigen risico terug naar €200 en nog heel veel
meer.
Deze belastinghervormingen kunnen stapsgewijs worden doorgevoerd en
gefinancierd worden uit de reductie van overheidsuitgaven en de
structureel hogere belastingbasis uit koopkrachtstijging, investeringen
en economische groei. Het betekent een impuls voor alle werkende
Nederlanders. Daarnaast willen wij ook een ambitieus
investeringsprogramma om Nederland na jarenlang interen weer klaar te
maken voor de komende decennia. Wij willen investeringen in
infrastructuur, mobiliteit, woningbouw, energieonafhankelijkheid en
innovatieve groei van maakindustrie, diensten en de agrarische
sector.
Met de genoemde besparingen op de overheidsuitgaven kun je zo 25 miljard
euro per jaar beschikbaar stellen. Een selectie van de mogelijkheden:
een schiphol op zee door verplaatsing van de luchthaven naar zee, zo'n
tien kilometer voor de kust van IJmuiden. Voor geluidsreductie en behoud
van economische groei is verplaatsing essentieel. Het oude Schiphol kan
dan vrij worden gemaakt voor woningbouw en natuur. Nieuwe maasvlaktes en
uitbreiding van de haven voor industrie, logistiek en energieopwekking.
Een impuls voor mobiliteit, niet alleen in de vorm van noodzakelijk
onderhoud, tunnels, spoorwegen, bruggen en sluizen, maar bijvoorbeeld
ook de aanleg van nieuwe en de verbreding van bestaande rijkswegen.
Versterking van de maakindustrie via een impuls voor het mkb door middel
van gerichte verlichting van belasting- en regeldruk en herstel van het
vertrouwen in de ondernemer. En uiteraard herstel van onze agrarische
topsector. Een einde aan de sanering en in plaats daarvan investeringen
in onze leidende wereldpositie, inclusief innovatie en natuurbeheer.
Energieonafhankelijkheid via serieuze inzet op kernfusie en kernenergie,
heropening van Groningen, herstart van de aardgaswinning voor eigen
gebruik en als strategische reserve en voor het bevingsbestendig maken
van Groningen. Een volledige, ruimhartige compensatie en herstel voor de
Groningers. Volledige afbouw van alle regelgeving en bureaucratie die
Nederland in hun greep houden.
Voorzitter. De prioriteiten zijn helder. Dit kabinet kiest voor afbraak,
voor "weg met ons" en voor alles en iedereen ter wereld, behalve voor de
Nederlandse bevolking. Forum voor Democratie kiest voor creativiteit en
groei, voor het Nederlandse belang en voor de toekomst van onze kinderen
en kleinkinderen.
We zullen het nieuwe kabinet scherp volgen en kritisch benaderen. Daar
waar wel raakvlakken zijn, kan men uiteraard rekenen op onze steun. Daar
waar we van mening verschillen, en dat zal meestal het geval zijn,
zullen we keihard oppositie voeren.
Ik wens het nieuwe kabinet alle wijsheid toe bij de grote
verantwoordelijkheid die op zijn schouders rust.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel, mevrouw De Vos. U heeft een interruptie van de heer
Stoffer.
De heer Stoffer (SGP):
Ik heb een bepaald onderdeel gemist en ik ben eigenlijk wel benieuwd
waarom Forum voor Democratie alle gemeenten wil dwingen om op zondag de
winkels open te laten gaan. Plaatsen als Kampen, Staphorst, Urk en nog
veel meer andere plaatsen zitten daar compleet niet op te wachten.
Mevrouw De Vos (FVD):
Wij zijn heel groot voorstander van ruimte voor de gemeenten zelf. Wij
vinden dat het aan de gemeenten is om te kiezen of zij wel of niet op
zondag hun winkels open zouden willen doen.
De heer Stoffer (SGP):
Ik had de indruk dat Forum voor Democratie altijd scherp was op zaken en
dat ze ook waardering had voor de joods-christelijke cultuur in
Nederland. Maar ik wil Forum er dan toch aan herinneren dat de motie,
waar ik het daarstraks al over had met de VVD, de motie-Kisteman,
gemeenten dwingt om winkels open te stellen op zondag. Die motie heeft
Forum gesteund en ik ben wel benieuwd waarom ze dat heeft gedaan.
Nu ik het over de joods-christelijke cultuur heb: als ik kijk naar de
stemmingslijsten van Forum voor Democratie op het gebied van Israël en
het Joodse volk, dan denk ik af en toe "het lijkt ongeveer op de
stemmingslijst van DENK". Wat is er aan de hand bij Forum? Zou mevrouw
De Vos daarop kunnen reflecteren?
Mevrouw De Vos (FVD):
Ik wil met alle plezier op allerlei moties reageren, maar ik weet nu
natuurlijk niet precies wat de inhoud van die moties is. Bij ons is het
uitgangspunt altijd dat het Nederlands belang vooropstaat. Als er
internationale zaken spelen en het Nederlands belang wel of niet gebaat
is bij een bepaalde motie, dan zullen wij die motie om die reden wel of
niet steunen. Voor de specifieke motie over het openen van winkels geldt
eigenlijk hetzelfde. Ik ken de precieze tekst van die motie niet — ik
wil die graag zien — maar voor ons is het uitgangspunt dat we gemeenten
in principe zo veel mogelijk ruimte geven om zelf keuzes te maken. Dat
zal vermoedelijk ook gelden voor wat er wel of niet open mag op de
zondag.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Stoffer (SGP):
Dit klinkt mooi, maar als ik naar het stemgedrag van Forum kijk, dan zie
ik dat Forum op het gebied van Israël en het Joodse volk en wat betreft
de openstelling van winkels op zondag afslagen heeft genomen die echt
lijken op wat D66 doet en wat DENK doet. Ik zou zeggen: bezin u daar nog
maar eens op.
Mevrouw De Vos (FVD):
Nogmaals, wij kiezen voor het Nederlands belang. Er komen ook heel vaak
moties voorbij om onvoorwaardelijk een ander land, vaak Israël, te
steunen. Daar gaan wij niet in mee. Wij willen met allerlei landen
samenwerken. We willen ook met Israël samenwerken, maar we handelen wel
vanuit het Nederlands belang. We gaan dus niet blind honderd procent
steun geven aan een ander land. Dat is de overweging geweest.
De voorzitter:
Dank u wel, mevrouw De Vos. Het woord is aan de heer Van Baarle voor
zijn inbreng in de eerste termijn namens DENK.
De heer Van Baarle (DENK):
Voorzitter. Ik heb in de afgelopen periode echt heel veel mensen
gesproken die zich grote zorgen maken over het beleid van het nieuwe
kabinet. Ze maken zich zorgen vanwege de recordbezuiniging op de zorg,
de recordbezuiniging op de sociale zekerheid, het feit dat de armoede
toeneemt met tienduizenden mensen, het feit dat de rijken in verhouding
rijker worden en de armen armer, dat het eigen risico wordt verhoogd
naar €520, dat er niks bij komt voor internationale solidariteit, dat
grote vermogens en hoge winsten worden ontzien en dat de erkenning van
Palestina wordt tegengehouden. Dat is beleid waar de VVD de vingers bij
aflikt, maar dat voor de mensen in het land een hele grote
teleurstelling is. Dit is een kabinet van en voor de rijken en de
vermogenden. Dit is een kabinet dat Nederland doelbewust laat verarmen
voor Trump en de NAVO. Het is hard VVD-beleid.
De mensen in het land moeten lijden. Het is gewoon niet uit te leggen.
Het is gewoon niet uit te leggen dat het eigen risico wordt verhoogd
naar €520. Het is niet uit te leggen dat er 3,4 miljard euro aan extra
belastingen komt voor de NAVO-norm, de Trumptaks van honderden euro's
per huishouden. Het is niet uit te leggen dat er 900 miljoen euro aan
belastingen komt op boodschappen met suiker erin, een soort
baklavabelasting van €100 per huishouden. Het is niet uit te leggen dat
er 600 miljoen euro aan extra belastingen komt door minder
zorgaftrekposten en dat er 950 miljoen extra belasting komt op brandstof
na 2027. Er leven al honderdduizenden mensen in armoede. Er zijn
kinderen afhankelijk van voedselhulp. Er zijn mensen die niet naar de
dokter gaan vanwege zorgkosten. Deze regering gaat het voor deze mensen
erger maken. Ze gaat ervoor zorgen dat er tienduizenden mensen in
armoede bij komen.
Hoe kan dit kabinet het laten gebeuren dat de armoede in dit land
toeneemt? Hoe kan dit kabinet ervoor kiezen om willens en wetens de
rijken rijker te maken en de armen in verhouding armer? Ik zeg tegen
minister-president Jetten: dit kunt u de mensen in Nederland niet
aandoen. Deelt de minister-president dat de uitkomst nooit mag zijn dat
de armoede stijgt, maar dat die armoede juist moet gaan dalen? Deelt de
minister-president dat de uitkomst nooit mag zijn dat de verdeling van
de welvaart nog onrechtvaardiger wordt? Deelt premier Jetten dat we nu
al kunnen zien dat er echt veel meer extra geld moet zijn om te
voorkomen dat mensen er financieel op achteruitgaan, om te voorkomen dat
de inkomensverdeling onrechtvaardiger wordt? Is hij bereid dat te
doen?
Er zit voor de gewone Nederlander ontzettend veel pijn in het beleid van
deze regering. Mensen trekken het niet dat de AOW-leeftijd nog verder
wordt verhoogd en dat sommige mensen tot na hun 70ste moeten doorwerken.
Mensen leven vaak toe naar hun pensioen. Ze willen van hun kleinkinderen
gaan genieten, of van hun rust. Die mensen voelen zich nu hard gepakt.
Mensen werken zich vaak kapot om hun hoofd boven water te houden en
willen gewoon van hun oude dag kunnen genieten. Ze willen niet tot bijna
hun dood hoeven werken. Dit is een nog hardere klap voor al die mensen
met zware beroepen: de bouwvakkers, de fabrieksarbeiders, de stukadoors,
de schilders. Trek dat AOW-plan in, vraag ik aan minister-president
Jetten.
Mensen trekken het ook niet dat het eigen risico zo enorm verhoogd
wordt. Mensen schrokken zich al kapot toen het eigen risico naar €460
zou gaan. Mensen zijn zich helemaal te pletter geschrokken nu ze lezen
dat het eigen risico volgens het Centraal Planbureau zelfs gaat stijgen
naar €520. €520! Ontzettend veel mensen gaan al niet naar een arts
vanwege de hoge kosten. Mensen blijven met pijn en klachten rondlopen.
Dat gaat op deze manier alleen maar erger worden. Is de
minister-president bereid om die absurde verhoging van het eigen risico
van tafel te halen?
Een groot deel van Nederland voelt zich door dit kabinet en de coalitie
belazerd. Alle coalitiepartijen beloofden Nederlandse gezinnen dat de
belastingen niet omhoog zouden gaan of dat ze omlaag zouden gaan. D66
zei voor de verkiezingen: 1,6 miljard minder belastingen. De VVD zei:
6,4 miljard minder belastingen. Het CDA zei: het blijft gelijk. Na de
verkiezingen worden gezinnen opgezadeld met een toename van de
belastingen van 4 miljard euro. Ook was geen enkele coalitiepartij
eerlijk over het eigen risico. Bij D66 zou dat gelijk blijven. Bij het
CDA en de VVD zou het groeien. Maar €520? Dat heeft niemand
opgeschreven. Geen enkele partij is hier eerlijk over geweest.
Alle coalitiepartijen beloofden voor de verkiezingen dat Nederlanders er
niet op achteruit zouden gaan. Na de verkiezingen zorgen deze partijen
ervoor dat de koopkracht bij alle Nederlanders minder wordt. Mensen in
het land zijn deze politiek van voor de verkiezingen dingen beloven en
na de verkiezingen exact het tegenovergestelde doen, echt zat.
Voorzitter. Het steekt DENK ook dat het kabinet van premier Jetten
PVV-beleid gaat uitvoeren. Mensen hadden echt de hoop dat dit na de
verkiezingen zou verdwijnen. Als de antivluchtelingenwet van Faber
aangenomen wordt, dan gaat dit kabinet deze wet gewoon uitvoeren. Ook de
agenda van integratiewantrouwen gaat door, met de financiering van
moskeeën die aan banden gelegd moet worden, een zwarte lijst voor imams,
toezicht voor Koranscholen en het extra beboeten vanwege het
boerkaverbod. Al die lopende voorstellen van het PVV-kabinet lopen ook
door, zoals het aan banden leggen van de gebedsoproep en het vaker
kunnen afpakken van paspoorten. Het zijn allemaal maatregelen waar Geert
Wilders zijn vingers bij aflikt. Waarom wordt er nog steeds gesproken
over integratie, vraag ik aan premier Jetten. Deelt hij de opvatting dat
alle Nederlanders die hier geboren zijn, helemaal niet meer hoeven te
integreren? Snapt hij dat alle maatregelen die ik zojuist opnoemde, door
Nederlanders worden gezien als de zoveelste uiting van wantrouwen in de
richting van Nederlandse minderheden?
Als we kijken naar de maatregelen tegen discriminatie in het akkoord,
zien we vooralsnog geen extra budget en vooral een opsomming van
bestaand beleid. Wat gaat deze regering nou écht extra doen met de
bestrijding van discriminatie? Komt er extra geld? Komt er een ambitieus
nieuw plan, met echte doelen? Op dit punt overweegt mijn fractie een
motie.
Veel mensen in ons land zijn ook teleurgesteld over de karige woorden
over Palestina in het coalitieakkoord. Mensen hoopten op eindelijk harde
sancties tegen Israël, hoopten dat Palestina zou worden erkend, hoopten
op écht extra budget voor de Palestijnen en hoopten op een totaal
wapenembargo tegen Israël. Ze zagen premier Jetten voor de verkiezingen
bij de Rode Lijndemonstratie. De mensen zijn nu teleurgesteld, omdat er
zo weinig voor Palestina in het beleid staat. Daarom vraag ik premier
Jetten of hij vindt dat Israël een genocide pleegt in Gaza. Erkent
premier Jetten dat Netanyahu een oorlogsmisdadiger is en dat Israël
oorlogsmisdaden pleegt? Is premier Jetten bereid om de Palestijnse Staat
te erkennen, een totaal wapenembargo tegen Israël in te stellen, de
Israëlische regering tot persona non grata te verklaren en economische
sancties tegen Israël in te stellen? Premier Jetten kan het lef tonen om
de misdaden van Israël écht aan te pakken en om het internationaal recht
na te leven. Wij zeggen tegen hem: doe dat; stel die mensen niet
teleur.
Voorzitter. Het kabinet voert op heel veel vlakken VVD-beleid uit.
Daarmee is dit kabinet eigenlijk niet het kabinet-Jetten I, maar het
kabinet-Yeşilgöz I. Dit is vanwege de recordbezuiniging op de zorg, de
recordbezuiniging op de sociale zekerheid, de belastingen voor kwetsbare
mensen, het eigen risico naar €520, het langer moeten doorwerken, het
later krijgen van AOW en een agenda van integratiewantrouwen die
neerkomt op het onder de loep leggen van minderheden. De komende vier
jaar zal DENK er alles aan doen om de plannen beter te maken en slecht
beleid tegen te houden. Wij zullen elke verhoging van het eigen risico
bestrijden, elke maatregel die de armoede vergroot, proberen terug te
draaien, elke discriminerende integratiemaatregel aanvallen en in elk
debat strijden voor de erkenning van Palestina en voor de naleving van
het internationaal recht. Wij zullen amendementen indienen. We zullen
moties indienen. We zullen alternatieven presenteren. Wij zullen laten
zien dat het ook anders kan. Gemotiveerd en strijdbaar alternatieven
bieden: dat is wat DENK gaat doen, elk debat weer, totdat het beleid
beter wordt voor al die mensen in Nederland die iets beters
verdienen.
Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel, meneer Van Baarle. Het woord is aan de heer Stoffer, voor
zijn inbreng namens de Staatkundig Gereformeerde Partij in eerste
termijn. Gaat uw gang.
De heer Stoffer (SGP):
Voorzitter. Het kan niet anders of onze nieuwe premier heeft hem al
ontmoet in zijn tijd aan het Binnenhof. Dat moet in de hal van de oude
Tweede Kamer zijn geweest. Daar stond hij namelijk altijd op een vaste
plek, met zijn staf in de hand. Het is de stok waarmee hij zijn volk
leidde. Hij staat trouwens op grote hoogte. Dat is ook niet meer dan
terecht.
Voorzitter. U zult begrijpen dat ik het niet over een gewone Nederlandse
medeburger heb. Ik bedoel de profeet Mozes, als leider van het volk
Israël. Hij staat als een van de grote wetgevers op het kunstwerk in de
hal van het Binnenhof. Mozes bracht het volk Israël de tien geboden
over, de wet van God. Maar zelfs Mozes was een voorbijganger. Zijn
opvolger, Jozua, kreeg bij zijn aantreden een heel duidelijke opdracht
mee: "Wijk niet af van de wet van Mozes, naar rechts of naar links,
opdat u verstandig zult handelen overal waar u gaat. Dit boek met deze
wet mag niet wijken uit uw mond, maar u moet het dag en nacht
overdenken, zodat u nauwlettend zult handelen overeenkomstig alles wat
erin geschreven staat. Dan immers zult u uw wegen voorspoedig maken en
dan zult u verstandig handelen." Een koning in Israël moest altijd een
afschrift van de wet van God bij de hand hebben.
Voorzitter. Deze week is de leidersstaf van ons volk overgedragen aan
het kabinet-Jetten. We zijn uiteraard benieuwd welke wetten we zullen
krijgen van premier Jetten. Welk advies kunnen we de nieuwe regering en
Kamer beter geven dan op Mozes te letten, dacht ik zo. Zijn aanwezigheid
in het parlement roept ons namelijk op om bij al onze plannen de wet van
God niet uit het oog te verliezen. In het parlement zijn we gewend om te
letten op hoger recht waaraan we gebonden zijn. Daarbij mogen we zeker
het hoogste recht niet vergeten. Laat het woord van God ons
beleidskompas en onze aanwijzing voor de regelgeving zijn.
Voorzitter. Daarom overhandig ik, samen met de Gereformeerde
Bijbelstichting, de premier graag een exemplaar van de Statenbijbel,
zoals ik die twee jaar geleden ook aan premier Schoof mocht
overhandigen.
De voorzitter:
De bode zal dat voor u verzorgen.
De heer Stoffer (SGP):
Dank, voorzitter.
De voorzitter:
U vervolgt.
De heer Stoffer (SGP):
Want dan heeft ook deze regering altijd een afschrift van de goede wet
van God bij de hand.
Voorzitter. In de loop van de formatie heb ik het nodige gezegd over de
houding van de SGP richting het nieuwe kabinet. Ik kreeg de indruk dat
het kabinet dit signaal heeft opgevangen. We zullen nu moeten gaan zien
hoe het kabinet er in de praktijk mee omgaat. Dat geldt ook voor de
uitwerking van de voorgestelde bezuinigingen. Die zijn wat ons betreft
te drastisch. Daar maken wij ons als SGP zorgen over. Denk aan diegenen
die een WIA-uitkering krijgen. Denk aan hen voor wie langer doorwerken
een zware belasting is. Denk aan het belang van voldoende zorg,
bijvoorbeeld de beschikbaarheid van huishoudelijke hulp en
kraamzorg.
Het Sociaal en Cultureel Planbureau waarschuwt dat juist groepen die
toch al kwetsbaar zijn, nog harder geraakt worden. Dat komt niet alleen
door de losse maatregelen, maar juist ook door de stapeling ervan. Meer
zorgvuldigheid is vereist om te voorkomen dat burgers in de knel raken.
Hoe gaat het kabinet dit waarborgen, is onze vraag.
Ik heb tijdens het vorige debat een motie ingediend om de AOW-plannen
aan te passen. Die zal ik deze week in stemming laten brengen, nu het
kabinet aan de slag is gegaan. Ook vindt de SGP het belangrijk dat er
voorafgaand aan eventuele bezuinigingen duidelijk in beeld is wat de
gevolgen zijn voor kwetsbare groepen en hoe onwenselijke effecten worden
voorkomen. Mijn vraag is: hoe pakt het kabinet dat aan?
Voorzitter. Overigens verdienen ook onze boeren, ondernemers, scholen en
zorgverleners meer ruimte, want ze gaan gebukt onder te veel regels en
lasten. Hoe pakt het kabinet die handschoen samen met hen op? Ik wijs
dan bijvoorbeeld op de kritiek van de onderwijsinspectie dat de stapel
wetten en regels te hoog is. Ziet het kabinet bijvoorbeeld ook het
belang van een nationaal ondernemersakkoord?
Voorzitter. Vandaag vraagt de SGP in het bijzonder aandacht voor het
leven, de zondag en het gezin. In de nadagen van het kabinet-Rutte IV is
de bescherming van het leven pijnlijk verslechterd. Ik denk dan
bijvoorbeeld aan het afschaffen van de beraadtermijn en het makkelijker
verstrekken van de abortuspil, wat ons betreft onbegrijpelijk. We zien
inmiddels de hoogste aantallen abortussen ooit. Een getal van bijna
40.000 mensenlevens. Dat kan het kabinet toch niet negeren? Vindt het
kabinet dan ook dat het verminderen van het aantal abortussen
doelstelling van het beleid zou moeten zijn, zoals dat ook het geval was
in het meest recente kabinet met deze coalitiepartijen? Is het kabinet
bereid om met ons te kijken wat we kunnen doen voor kwetsbare vrouwen en
kinderen?
Voorzitter. De rustdag is in de boeken van Mozes een heilige zaak. God
zet deze dag apart om ieder mens werkelijk tot rust te brengen, van de
hoogste heer tot de laagste loonwerker en ook de vreemdeling. En zelfs
het vee, de dieren, die profiteren mee. De rustdag was een verademing na
de slavernij van het volk Israël in Egypte. En wie zelf bevrijd is, mag
geen systeem in stand houden dat anderen uitput. Ook nu nog is de
rustdag een waarschuwing tegen vormen van moderne individualistische
slavernij die de samenleving ontbinden. Een gezamenlijke rustdag stelt
een grens aan een economie van 24 uur en zeven dagen. Erkent de regering
in ieder geval het belang van de vrijheid van gemeenten om recht te doen
aan de lokale behoeften en ook koopzondagen te kunnen beperken?
Voorzitter. Het gezin is het weefsel dat onze samenleving bijeenhoudt.
Ouders en kinderen moeten voldoende tijd en aandacht voor elkaar kunnen
hebben. Anders nemen klachten van stress en depressie alleen maar toe.
Het is daarom alarmerend dat de keuze voor zorg in plaats van arbeid in
de belastingheffing nog steeds ongenadig afgestraft wordt. Veel
eenverdieners hebben gewoon geen keuze, omdat ze dagelijks veel zorg
moeten en willen verlenen aan hun geliefden. Ze verdienen geen straf,
maar steun. In de bestaande onrechtvaardigheid mag het kabinet wat ons
betreft niet berusten. Mijn vraag is dan ook: gaat de regering de kloof
tussen eenverdieners en tweeverdieners structureel verkleinen?
Voorzitter. Bij het noemen van de naam Mozes denk ik natuurlijk ook aan
het Joodse volk. Het is beschamend dat Joden, bijvoorbeeld studenten aan
onze universiteiten, vertrekken naar Israël omdat ze zich hier in ons
Nederland niet meer veilig voelen. Maar ook de staat Israël wordt
aanhoudend bedreigd, bijvoorbeeld in de spanning rond Iran. Kunnen we
ervan uitgaan dat het kabinet pal staat voor de veiligheid van
Israël?
Voorzitter, tot slot. Sinds de graven van Holland in Den Haag besturen,
belijden we al dat de overheid regeert bij de gratie van God. Dat
betekent dat mensen niet naar willekeur en eigen inzicht mogen heersen.
We zijn allemaal gebonden aan het hoogste recht. Daarom wenst de SGP het
kabinet van harte die bescheidenheid en afhankelijkheid van God toe. En
weet dat velen in dit land voor u bidden.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel, meneer Stoffer. Het woord is aan mevrouw Ouwehand voor haar
inbreng namens de Partij voor de Dieren in eerste termijn. Gaat uw
gang.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter, dank u wel. Onze felicitaties aan de nieuwe
minister-president en zijn ploeg, met heel wat bekende gezichten en ook
een aantal nieuwe gezichten. Gefeliciteerd, heel veel wijsheid bij deze
zware taak. Ik hoop u enige inzichten mee te kunnen geven.
Om te beginnen: het is niet heel erg goed nieuws, maar we leven dus in
het bepalende decennium. De aarde is voor zover we weten de enige
planeet in het universum waar mensen en dieren kunnen leven. Willen we
dat niet verpesten, dan zullen we de klimaatcrisis móéten stoppen, net
zoals het uitsterven van plant- en diersoorten. Omdat vooral rijke
westerse landen weigerden dat te doen, hebben we alleen dit decennium
nog, zo zijn we al gewaarschuwd, om de belangrijkste wissels om te
zetten. Dat is dus de situatie waarin dit kabinet aantreedt: het
bepalende decennium voor natuur en klimaat. De eerste helft is al
voorbij en was allerbelabberdst. Nu staat deze ploeg aan het begin van
de tweede helft en de grote vraag is: snapt deze ploeg wat er moet
gebeuren en hoe groot de urgentie is?
Gezien het oprukkende antidemocratische uiterst rechts, de autoritaire
krachten, het fascisme, en het tempo waarin dat gaat, is het misschien
ook wel voor onze democratische samenleving het bepalende decennium. In
dat licht is het denk ik van belangrijke symbolische waarde dat het
kabinet vandaag zijn eerste debat heeft met de Kamer op de dag waarop we
de Februaristaking herdenken, de enige openlijke grootschalige
protestactie in bezet Europa tegen de razzia's op de Joodse bevolking.
85 jaar geleden stonden gewone mensen op in Amsterdam tegen dit onrecht.
Zij toonden grote moed en lieten zien waartoe we als Nederlanders in
staat zijn als we bereid zijn om moed te tonen en solidariteit op te
brengen. Die kernwaarde zou ons hoop moeten bieden voor wat er mogelijk
is.
Het is dus een bepalend tijdsgewricht. De basis van ons bestaan en van
onze samenleving staat op het spel. Het komt er serieus op aan en daar
komen al die andere problemen nog bij: een groot tekort aan betaalbare
woonruimte, armoede en ongelijkheid, racisme en discriminatie die
toenemen, dat mensen ziek worden van onze industrie, van landbouwgif,
van de ongezonde voedselomgeving, de Russische agressieoorlog tegen
Oekraïne, de onderdrukking, de mensenrechtenschendingen en genocides in
Palestina, in Soedan, tegen de Koerden, in Iran en in Congo.
Het kabinet wacht een zware taak. Er is veel gezegd over de generatie
politici die nu is aangetreden. Die zou dingen vast anders gaan doen. Ik
weet het niet helemaal. Ik krijg toch een beetje een jarentachtiggevoel
als ik naar deze coalitie kijk. Nou was ik laatst op het Grauzone
Festival en daar zijn de jarentachtigvibes wel fijn, maar als je de
financiële kaders ziet waar dit kabinet mee aan de slag gaat, zijn de
herinneringen aan Thatcher in een nieuw jasje toch wat minder prettig.
Het kettingzaagkapitalisme waar de VVD zich door laat inspireren, dat we
kennen van Trump en Milei, brengt een samenleving doorgaans weinig
goeds.
Dus nieuwe generatie, maar oude neoliberale ideeën. Er komt geen hogere
winstbelasting. Grote bedrijven ontspringen dus de dans en vooral de
opgave waar we voor aan de lat staan. Geen afbouw van de
hypotheekrenteaftrek. Geen miljonairsbelasting. Belasting op vervuilende
bedrijven, ook niet. De CO2-heffing die er was, wordt
afgeschaft. Het is dus de borrelclubelite van vastgoedjongens en
dubieuze uitzendbureaus die informateur Hans Wijers pootje heeft gelicht
die in dit coalitieakkoord heeft gewonnen. De rijke en grote bedrijven
worden ontzien en klimaat, natuur en gewone mensen hebben het nakijken.
Het gevolg hiervan is heel pijnlijk voor veel mensen die al in een
kwetsbare positie zitten. De armoede zal toenemen. Mensen die
arbeidsongeschikt zijn of worden dreigen aan de bedelstaf te raken. Als
je je baan kwijtraakt, krijg je nog maar een jaar WW. Lage inkomens en
de middenklasse worden hard geraakt door de Bontenbalbelasting. Mensen
komen in onzekerheid te zitten over wanneer ze met pensioen kunnen gaan
en dat is voor mensen met zware beroepen onverteerbaar. Ouderen gaan de
wijkverpleging mijden omdat ze het niet kunnen betalen en er komen
bezuinigingen op de gehandicaptenzorg.
Uit onderzoek blijkt dat dit soort neoliberaal beleid en bezuinigingen
op sociale voorzieningen ook nog eens de voedingsbodem voor radicaal en
extreemrechts vergroten. Daar waarschuwde de VN-rapporteur voor armoede
onder meer voor. Zijn boodschap was: investeer in publieke en sociale
voorzieningen en zie dat niet als een kostenpost, maar als een
belangrijk instrument om je sociale weefsel en je democratische
samenleving in stand te houden en extreemrechts geen kans te geven. Hoe
reageert de premier daarop?
Voorzitter. Als gezegd: de basis van ons bestaan staat op het spel. We
hebben hele grote zorgen over de doelen voor klimaat en natuur. Die
voldoen niet aan de minimale ondergrens die je van het kabinet wel mag
verwachten. De duiding was al: mooie woorden, weinig daden. Dat lijkt me
voor een Feyenoordsupporter, wat de premier is, toch zijn eer te na. Dus
de plannen voor klimaat en natuur moeten terug naar de tekentafel en
minstens aan de minimale ondergrens voldoen voordat ze aan de Kamer
worden gepresenteerd. Houd je aan uitspraken van de rechter, zoals in de
Bonaire-uitspraak. Belast de grote vervuilers en vermogenden in plaats
van hardwerkende mensen. Maak een einde aan de fossiele subsidies. Houd
de CO2-heffing in stand. Open toch niet Lelystad Airport, een
nieuw vliegveld voor vakantievluchten, middenin de klimaatcrisis die je
maar niet weet op te lossen. Is de premier hier alsnog toe bereid?
Voorzitter. Dan nog wat uitgebreider over stikstof. Het is echt
verbazingwekkend dat dit kabinet onder leiding van Jetten zegt dat het
natuurlijk voor de rechtsstaat staat, maar dat de uitspraak van de
rechter, die nog eens bevestigt dat de stikstofuitstoot veel harder naar
beneden moet dan het kabinet nu in het coalitieakkoord heeft
opgeschreven, kennelijk kan worden genegeerd. Waar zijn die nieuwe
cijfers op gebaseerd? Ik heb het volgens mij de afgelopen tweeënhalf
jaar niet één keer gezegd, maar mevrouw Wiersma had gewoon gelijk: dit
zijn de BBB-plannen, die deze coalitie overneemt. Ook omdat de minister
van Landbouw, die aan de slag moet met de plannen voor de
stikstofuitstoot, een hele zware dobber gaat krijgen, kan deze coalitie
a hem niet op pad sturen met plannen die onder de maat zijn en b hem er
niet alleen voor laten staan. Is de minister-president dus bereid om
bijvoorbeeld maandelijks een persconferentie over klimaat en natuur te
geven, zodat Nederlanders ook meegenomen worden in het belang van een
stabiel klimaat en een gezonde biodiversiteit, en zodat de minister van
Landbouw en de minister van Klimaat en Groene Groei — welkom ook,
trouwens — daar niet alleen voor komen te staan?
Wie draagvlak wil voor maatregelen om de veehouderij aan te pakken, doet
er goed aan om het niet te hebben over vlees dat zo lekker is, maar over
de dieren en hoe zij moeten leven in de gangbare veehouderij. Meer dan
20 miljoen dieren in Nederland komen niet eens levend de stal uit per
jaar. Dat zijn er meer dan 55.000 per dag. Die hebben geen behandeling
gekregen; die zijn daar gecrepeerd, vanwege longontstekingen of vanwege
het feit dat ze door hun poten zijn gezakt of dat ze niet meer bij eten
of drinken konden. Laat dat zien aan mensen en ze begrijpen heel goed
dat we andere keuzes maken en boeren helpen omschakelen naar een meer
plantaardige en duurzame landbouw. Vertel mensen dat koeien om melk te
geven ieder jaar een kalfje moeten baren en dat dat kalfje vrijwel
direct na de geboorte wordt weggehaald, zodat de melk naar de
zuivelfabriek kan. Dat is wreed. Als mensen dat niet weten, dan zullen
ze denken: ja, maar waarom moet deze koeienboer nu stoppen? We kunnen
overschakelen naar een duurzamere en diervriendelijkere landbouw. Het
helpt enorm als we laten zien waarom we dat doen: voor de dieren.
Voorzitter. Wat voor klimaat en natuur geldt, geldt zeker ook voor de
internationale rechtsorde. Het hemeltergende onrecht dat de Palestijnen
wordt aangedaan, vroeg al decennialang om maatregelen. Het is dus
verbijsterend dat de VVD het kennelijk voor elkaar heeft gekregen dat de
Rode Lijneisen niet in het coalitieakkoord terecht zijn gekomen. Is de
premier bereid om alsnog te zeggen: "De groeten, wij houden ons aan de
internationale rechtsorde. We erkennen Palestina. We maken trouwens ook
een einde aan de schandalige belastering van de VN-rapporteur. Ik nodig
haar uit op mijn werkkamer om haar te steunen bij de leugens die over
haar worden verspreid"?
Voorzitter, tot slot. Terug naar de Februaristaking. Als die mensen de
moed toonden om hun eigen veiligheid op het spel te zetten om het op te
nemen voor de Joodse bevolking, dan moeten wij toch zeker in staat zijn
om de moed te tonen om te doen wat nodig is. Maar het is ook belangrijk
om op de dag van de Februaristaking te zien wat eraan vooraf is gegaan.
Dat waren de razzia's, maar voor de razzia's werd de Joodse bevolking al
geterroriseerd door de knokploegen van de NSB. Dat waren geen
Marokkanen. De opdracht om racisme en discriminatie te bestrijden kan
ook geen dag langer wachten. De plannen van het kabinet tonen geen
enkele reflectie op de haatzaaierij die we de afgelopen jaren hebben
gezien, laat staan dat ze zeggen: partijen die daaraan hebben meegedaan,
zullen eerst moeten reflecteren.
Voorzitter. De opdrachten zijn dus groot. Dit kabinet staat voor
gelijkwaardigheid en gelijkheid in een gezonde samenleving, en daar zal
de Partij voor de Dieren het op afrekenen.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan mevrouw Bikker voor haar inbreng in de
eerste termijn.
Mevrouw Bikker (ChristenUnie):
Voorzitter, dank u wel. Wat goed dat er een kabinet aan de slag kan.
Nederland staat eerlijk gezegd al veel te lang in stilstand. Bouwen aan
een beter Nederland gaat toch echt veel beter met een kabinet dat
missionair is. Dus allereerst mijn hartelijke felicitaties aan de
minister-president, aan de ministers en aan de staatssecretarissen met
het mooie feit dat u aan de slag gaat en dat u ons land wil dienen. U
heeft een hele mooie dag gehad, maar we weten ook dat het een zware job
is. Dus: felicitaties, zet 'm op en dank u wel.
Voorzitter. Ook dank aan de drie partijen die met een coalitieakkoord
zijn gekomen. Nederland heeft er namelijk behoefte aan dat we problemen
echt gaan aanpakken in plaats van ze steeds vooruit te schuiven.
Nederland heeft geen behoefte aan de korte termijn en aan nog meer
geitenpaadjes, maar aan serieuze oplossingen. Het is eigenlijk tijd dat
onze vergaderzaal weer bol staat van debatten die echt impact hebben op
de toekomst van Nederland. Ik heb het over samen dingen kunnen bereiken,
elkaar soms wat kunnen geven en soms resultaat halen, maar in ieder
geval weten dat we problemen niet doorschuiven of dat we vooral elkaar
de schuld geven. Dat zie en waardeer ik in de eerste grondtrekken van
het coalitieakkoord.
Het zal iets vragen van de houding van ons allemaal, maar ook van die
van de coalitiepartijen. De coalitie zegt: we gaan aan het werk; we
investeren flink in defensie. Ik zeg: dat is heel goed, want het is
belangrijk om je land te verdedigen. De vraag daarbij is wel wélk land
je verdedigt. Een land besturen is namelijk nog geen samenleving bouwen.
In de doorrekening en in het coalitieakkoord liggen wat zorgen voor de
ChristenUnie. Het kabinet zal nu echt de omslag moeten maken van
politieke bloedgroep naar een kabinet voor het hele land. Het gaat om
vier jaar lang — dat zeg ik met nadruk; zet 'm op! — samen bouwen aan
een sterker en beter Nederland met de hele Kamer.
Voorzitter. Daar zeg ik bij dat de middenklasse de ruggengraat van
Nederland is. Dat zijn de harde werkers, van de thuiszorg tot de
treinmachinist en van de ondernemer tot de onderwijzer. We hebben in de
afgelopen decennia volop gezien wat er gebeurt als de bestaanszekerheid
van dit kloppende hart van elke samenleving onder druk komt te staan.
Dan gaat het niet alleen om de vraag of je genoeg verdient, maar ook om
de zekerheid dat je kunt blijven rondkomen, dat je betaalbaar kunt
wonen, dat je naar school kunt of dat je je kinderen naar school, de
universiteit of een andere opleiding kunt sturen, dat je de zorg kunt
betalen bij tegenslag en dat dat niet alleen voor jezelf zo is, maar ook
voor je kinderen. In de afgelopen decennia is de ene na de andere studie
verschenen die nog eens onderstreepte dat de gevolgen groot zijn als je
als overheid die basis niet op orde hebt.
De fear of falling van de middenklasse is niet alleen een Amerikaans
probleem. Eerlijk gezegd kraakt het ook in Nederland. Ook Jan Modaal,
zoals we de gemiddelde Nederlander zijn gaan noemen, moet er zeker van
zijn dat als het leven tegenzit, er een goed vangnet is. Daarom rust er
een grote verantwoordelijkheid op dit kabinet. Na jaren van politieke
chaos en de opkomst van populisme is de vraag of dit minderheidskabinet
een antwoord kan geven dat deze tijd vraagt. Onderzoek laat zien dat de
Nederlandse middenklasse nu niet massaal wegzakt, maar wel kwetsbaarder
wordt. Veel mensen houden hun positie alleen vast door harder te werken,
met twee inkomens en minder zekerheid. Tegelijkertijd groeit het gevoel
dat de politiek, Den Haag, wij hier, hen onvoldoende ziet. Juist
daardoor ontstaat onvrede en wantrouwen. Dat is de voedingsbodem voor
populisme. Het versterken van de middenklasse is wat de ChristenUnie
betreft daarom niet alleen oog en hart voor zo veel goede mensen hebben
— dat is óók heel belangrijk — maar ook sociaal beleid. Het is cruciaal
voor een sterke democratie.
Juist daarom is het belangrijk om te vereenvoudigen, om wetten weer
inzichtelijk te maken voor mensen, zodat je weet waar je aan toe bent,
en om het belastingstelsel en de toeslagen daadwerkelijk eenvoudig te
maken. Ik mis de ambitie wel een beetje in dit coalitieakkoord.
Deze coalitie van VVD, CDA en, als grootste partij, D66 investeert in
defensie. Juist daarom moet het kabinet ervoor waken om een gat te
schieten in de portemonnee van de gewone middenklasse, van al die mensen
die keihard werken en die de boodschappen steeds duurder zien worden.
Daarom heb ik een paar vragen aan de minister-president. Welke concrete
maatregelen gaat dit kabinet nemen om de middenklasse meer zekerheid te
bieden en het vertrouwen in de politiek te herstellen? Waarom zouden
mensen door dit beleid weer meer vertrouwen krijgen in de overheid in
plaats van zich verder af te keren? De WRR heeft al eerder gewaarschuwd
dat het onder druk zetten van de middenklasse een voedingsbodem kan
vormen voor populisme. Waarom kiest het kabinet er dan voor om beleid te
voeren dat de middenklasse eigenlijk harder raakt dan bijvoorbeeld de
hogere klasse? In alle mildheid zeg ik: is dat nou wel zo verstandig? U
heeft net in de interrupties wel gezien welk vuur daarachter
brandt.
Voorzitter. De ChristenUnie staat volledig achter de investeringen in
defensie, want vrede en veiligheid in Europa zijn helaas niet langer
vanzelfsprekend. Vier jaar oorlog in Oekraïne laat zien hoe precair de
geopolitieke verhoudingen zijn. Om ons heen ontstaat een nieuwe
wereldorde. Juist in zo'n tijd moet Nederland pal staan voor vrede, voor
recht, voor vrijheid. Dat vraagt ook dat we bereid zijn om onze defensie
te versterken, maar bij elk nieuw voorstel stelt de ChristenUnie ook
dezelfde vraag: wie zijn hier de verliezers en wie dragen uiteindelijk
de lasten? Eerlijk gezegd maak ik mij zorgen, want het lijkt erop dat de
rekening van deze plannen te vaak terechtkomt bij ouderen, bij mensen
die elke dag hard werken — dat zei ik al — maar ook bij mensen die te
maken hebben met ziekte. Mensen worden twee keer zo zwaar belast als het
bedrijfsleven wanneer het om de vrijheidsboete gaat. Dat geeft deze
plannen toch een neoliberale bijsmaak. Ze maken onze samenleving niet
socialer, wel kwetsbaarder.
Voor de ChristenUnie kunnen de plannen van de coalitie alleen gaan
werken als bezuinigingen niet worden afgewenteld op mensen in de meest
kwetsbare omstandigheden. We hebben daar in het debat over het
eindverslag van de informateur al over gesproken en we hebben toen
specifiek de gehandicaptenzorg aangestipt, die keihard wordt geraakt
door de bezuinigingen van dit kabinet. Dat moet anders. Is een half
miljard bezuinigen op deze groep bouwen aan een beter Nederland? Ik heb
een andere samenleving voor ogen. De aangehouden motie om niet op de
gehandicaptenzorg te bezuinigen, breng ik daarom na dit debat in
stemming. Voorzitter, ik zou ook willen vragen om die toe te voegen aan
de stemmingslijst. Deze mensen mogen namelijk niet de verliezers zijn
van het beleid dat dit kabinet voorstelt.
Voorzitter. Dan het belang van de regio. Dit kabinet mag geen
Randstadkabinet worden, want Nederland is veel groter dan alles wat hier
net rond Den Haag zit. En gelukkig maar, want dat maakt Nederland ook
véél mooier, zeg ik er graag bij. De ChristenUnie maakt zich zorgen over
Groningen. Het kabinet schrapt de bewindspersoon voor Groningen en
vervangt die door een regeringscommissaris. Daarmee zegt het kabinet
stabiliteit te willen brengen in herstel, maar tegelijkertijd verdwijnt
de politieke verantwoordelijkheid van de regeringstafel. Juist
vertrouwen is daar zo hard nodig. Uit een recente enquête van RTV Noord
blijkt dat slechts 8% van de Groningers denkt dat het ergste voorbij is.
Veel mensen vrezen nog steeds nieuwe aardbevingen. Waarom kiest het
kabinet er dan voor om Groningen verder van de besluitvorming af te
plaatsen in plaats van het zwaarder te laten meewegen door een minister
of staatssecretaris in te zetten? Welke doorzettingsmacht heeft de
regeringscommissaris zonder plek in het kabinet?
Voorzitter. Ik wil ook stilstaan bij ontwikkelingssamenwerking, want
daar wringt wel iets fundamenteels. Het kabinet presenteerde met trots
een regeringsverklaring en een coalitieakkoord waarin extra geld werd
beloofd voor ontwikkelingssamenwerking, humanitaire hulp, onderwijs,
vrouwenrechten en stabiliteit in kwetsbare regio's. Maar als we naar de
cijfers van het CPB kijken, dan is die belofte simpelweg verdwenen. De
257 miljoen die zogenaamd extra beschikbaar zou komen, wordt de komende
tien jaar gebruikt om gaten in de binnenlandse begroting te vullen. Dat
is niet investeren in de wereld, maar een politieke truc, een belofte op
papier zonder dat er in werkelijkheid geld bij komt. Dit klinkt als, dit
duikt als, dit zwemt als een PVV-begroting; ik geloof dat dit dáár wel
wordt gedeeld. Daarom vraag ik het kabinet: waarom eerst beloven en dan
helemaal niet doen?
Voorzitter. De ChristenUnie staat op voor heel Nederland. Elke regio
telt. Als dat ergens tot uitdrukking moet komen, dan is dat wel in de
investeringen in de infrastructuur, maar daar wordt maar een schijntje
voor uitgetrokken; een karrespoor voor de regio. Wat betekent dat? Dat
het kabinet alleen nog in de regio Amsterdam gaat investeren? Nee toch
zeker? Maar waarom wordt het Zuidasdok dan wel volop genoemd in het
coalitieakkoord, maar worden het vierde perron bij Deventer, station
Dordrecht Leerpark, het station bij Bergentheim of een van de andere
stations aan de Nedersaksenlijn daarin niet genoemd? Waarom wordt er
niet geïnvesteerd in die andere stations, aan de Nedersaksenlijn, in het
gecombineerde onderhoud bij Haarlem, in de nu gepauzeerde aanpak van de
A2 bij Deil of in de A15 tussen Papendrecht en Gorinchem? Ik kan nog wel
even doorgaan. Waarom wordt niet geïnvesteerd in de broodnodige,
miljarden kostende vernieuwing van de spuisluizen bij IJmuiden? Ik maak
me hier grote zorgen over. Kan de premier die zorgen wegnemen?
Ik rond af. Na een lange periode van politieke onrust is het goed dat er
weer een kabinet staat dat verantwoordelijkheid neemt voor ons land.
Besturen in deze tijd is immers niet eenvoudig. De uitdagingen zijn
groot, zowel hier in Nederland als in de wereld om ons heen. Daarom wil
ik het kabinet wijsheid en kracht toewensen. Dat doe ik graag met de
woorden waarmee de koning zijn troonrede vaak afsluit, woorden die wat
mij betreft ook op de komende Prinsjesdag mogen klinken: "U mag zich in
uw belangrijke werk gesteund weten door het besef dat velen u wijsheid
toewensen en met mij om kracht en Gods zegen voor u bidden." In veel
kerken is deze week voor dit kabinet gebeden om wijsheid bij het maken
van keuzes en om kracht om vol te houden met wijs, rechtvaardig en
standvastig bestuur. En nu aan de slag!
De voorzitter:
Dank u wel, mevrouw Bikker. Het woord is aan Jimmy Dijk namens de
SP.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Dank u wel, voorzitter. Is iedereen nog een beetje wakker? Ja? Ik zag
iedereen zo whoeah een beetje wegzakken de afgelopen uren, een beetje zo
hoeuh, huppa. Nee? Totaal niet? Oké, nou, mooi, dan gaan we
beginnen.
Voorzitter. Ik hoorde in de regeringsverklaring van premier Rett …
"Premier Rutte" wou ik zeggen. Ja, jullie lachen net zo, maar alleen het
appeltje op de fiets is er niet. Ik hoorde meneer Jetten het hebben over
de toekomst, die hij positief en realistisch tegemoetziet. Hij had het
erover dat iedereen een goed leven moet hebben, waarbij de verschillen
niet te groot zijn en waarbij mensen niet meteen door het ijs zakken als
het tegenzit. Maar als ik dan naar de plannen kijk, dan zie ik dat alle
plannen voor meer ongelijkheid zorgen. De zorg wordt afgebroken. Het
eigen risico gaat naar €520. Onze chronisch zieken en gehandicapten
worden extra hard geraakt. De thuiszorg wordt wegbezuinigd. De
wijkverpleging wordt duurder. De zorg voor onze ouderen en gehandicapten
wordt afgepakt. Het is het verder privatiseren van onze zorg. En dit
vergroot de ongelijkheid.
De sociale zekerheid wordt onzekerheid. Mensen moeten van dit kabinet
nog langer doorwerken; tot 71,5 jaar! Nu is er wel een voorstel van wat
afvallige PVV'ers, maar ik zou zeggen: slappe hap. U werkt mee aan
sociale afbraak. Er is niks constructiefs aan afbraak. De WW-duur wordt
gehalveerd. Arbeidsongeschikten worden gekort. Het is het verder
privatiseren van onze sociale zekerheid. Dit vergroot de
ongelijkheid.
Hetzelfde geldt voor de woningmarkt: geen volkshuisvesting, maar wederom
meer markt. De huren worden weer verhoogd. Sociale huurwoningen worden
verkocht. Corporaties krijgen te weinig geld om bij te kunnen bouwen.
Het is het verder privatiseren van onze volkshuisvesting. En dit
vergroot de ongelijkheid.
Dan de NAVO-taks, de Bontenbalboete, de Trumpbelasting. Het is in ieder
geval een inkomensbelasting die de lagere inkomens en de middeninkomens
heel hard treffen. De bijdrage hiervoor van bouwvakkers, vuilnismannen
en verpleegkundigen is veel hoger dan van deze ministersploeg zelf. Hoe
duidelijk wilt u de ongelijkheid nog krijgen?
De allerarmsten — jullie krijgen het gewoon echt voor elkaar — de
allerarmsten gaan er het meest op achteruit en de allerrijksten gaan er
het meest op vooruit. Echt hoe krijg je het voor elkaar!? Dit had je
toch kunnen zien bij de presentatie van het regeerakkoord? Daar heb je
geen CPB-doorrekening voor nodig, hoor. Als je deze ongelijkheid bij
elkaar optelt, dan is dit de uitkomst. Dus hier een beetje quasi
verbaasd gaan zitten doen en doen alsof het foutjes of misverstanden
waren … Dit zijn geen fouten of misverstanden. Dit is bewust politiek
beleid. En iedere crisis, iedere crisis, is het exact hetzelfde verhaal.
Ik vraag premier Jetten daarom: waarom moeten gewone mensen iedere keer
voor de crisis betalen die de politiek veroorzaakt? Er werd decennia
gewaarschuwd voor een bankencrisis. Winsten en bonussen waren al
uitgedeeld. Daarna ontstond er een crisis. Wie mochten dat betalen? Wéér
werd er gekeken naar de zorg. Altijd wordt er gekeken naar de zorg. Wéér
werd er gekeken naar de volkshuisvesting. Altijd wordt er gekeken naar
de volkshuisvesting. Wéér wordt er gekeken naar sociale zekerheid.
Altijd wordt er dan gekeken naar de sociale zekerheid van de werkende
mensen, die part nog deel hebben aan zo'n crisis. Dáár kunnen jullie het
wel gaan halen. Dáár durven jullie het wel.
Natuurlijk: een verhoging van de AOW-leeftijd! Waarom niet? Laten we die
bouwvakker en die verpleegkundige langer laten doorwerken. Mensen zijn
moe, mensen zijn op. En u verplaatst de eindstreep nog een keer.
Onrechtvaardiger en ongelijker wordt het niet. Een energiecrisis,
winstflatie — dat is een nieuw woord, maar het bestond allang — en dikke
winsten van bedrijven die geprivatiseerd zijn: het was niets nieuws.
Maar wanneer kwam de politiek in actie? Toen het de hogere middenklasse
in de portemonnee raakte, omdat toen de energierekeningen ook voor die
klasse torenhoog waren. Toen leefden de mensen in de uitgeklede
volkshuisvesting al jaren in schimmelwoningen, tochtige woningen met
vocht, tocht en schimmel aan de muren in de slaapkamers. Zij betaalden
al jarenlang een torenhoge energierekening. Dat is niets nieuws. Het
zijn weer gewone mensen die de prijs mogen gaan betalen.
Nu is er een internationale crisis. 19 miljard euro, 19 miljard euro: ze
schudden het zo uit de mouw. Het is er in één keer. Het was er nooit,
niet voor de zorg, niet voor de sociale zekerheid en niet om eerder met
pensioen te gaan. Want, meneer Jetten, dát is namelijk het goede leven:
eerder kunnen stoppen met werken. Het leven draait namelijk niet alleen
om werken. Je werkt om te leven en je leeft niet om te werken, maar u
draait dat om. Iedereen mag langer gaan doorwerken, behalve natuurlijk
de mensen die een dikke portemonnee hebben. Die stoppen ietsje eerder,
want dat kan. Het gaat om 19 miljard euro, uit bezuinigingen op zorg en
sociale zekerheid, een hoger eigen risico en een NAVO-taks, wat juist de
lagere en de middeninkomens harder treft. Dat komt van deze
ministersploeg. Hoe krijg je het voor elkaar?
Het zijn geen foutjes, het zijn geen misverstanden; het is zeer bewust
politiek beleid. Er worden namelijk wel degelijk andere belangen
gediend. Vastgoedbeleggers krijgen namelijk belastingkortingen. De helft
van de 12 miljard aan hypotheekrenteaftrek gaat naar de 20% rijkste
Nederlanders met de grootste huizen, maar daar durven jullie nog geen
cent van te vragen. En de dikke winsten van marktpartijen in de zorg? Ik
zie er niets over. Muisstil is het, muisstil. En publiek geld van onze
mensen, van de zorg die onze mensen horen te krijgen, dat in private
zakken gaat? Ik hoor er niets over van het kabinet, helemaal niets. Het
is bewust beleid: markt in de woningbouw, markt in de zorg en markt in
de sociale zekerheid.
En dan nog waar mensen het meest boos over worden. Misschien merkt u ook
aan mij dat ik hier geagiteerd van raak. Hoe is het mogelijk dat je de
WW-duur wilt halveren terwijl je zelf een wachtgeldregeling hebt van
drie jaar — drie jaar! — en twee maanden? Er is hier net iemand
vertrokken die hier drie maanden zat en die nu twee jaar wachtgeld
krijgt. Ga dat alstublieft uitleggen in de havens en in de industrie,
waar mensen nu door AI hun baan verliezen, op staat worden gezet. Leg
het ze maar uit. Het vertrouwen van mensen die dit werk doen in de
politiek, is nul. Politici zetten onze schoonmakers, vuilnismannen en
gevangenispersoneel op een nullijn, maar willen wel de hoogstbetaalde
ambtenaren nog meer laten verdienen. Hoe legt u dit uit? Probeer het
eens. Als wij coalitiepartijen hiernaar vragen, krijgen we namelijk
antwoorden waaruit blijkt dat ze niet eens weten wat een schoonmaker
verdient, terwijl ze daar wel beslissingen over willen nemen. Politici
die bankiers meer bonussen geven, laten partijgenoten adviezen schrijven
waarin zelfs wordt voorgesteld om politici 18% meer te gaan laten
verdienen.
Voorzitter. Sorry, maar dit zijn geen foutjes of misverstanden; dit is
zeer bewust politiek, elitair beleid. Het is ongelofelijk welke belangen
hier gediend worden. Het leidt tot meer armoede, meer onzekerheid en
meer ongelijkheid. Het ergste is wat hierachter zit: het zijn geen losse
maatregelen, het zijn geen losse dingen. Dat zeg ik tegen de hele
oppositie: hou op met shoppen. Jullie zijn geen shoppositie. Wat de
linkerhand geeft, wordt door de rechterhand weer afgenomen. Jullie
houden dit in het zadel: het kabinet van elitair Nederland wordt in het
zadel gehouden als jullie daaraan mee blijven werken. Ik kijk ook naar
de heer Markuszower. Je moet je niet op de borst kloppen alsof je een
oplossing hebt gevonden voor de verhoging van de AOW-leeftijd. Hou nou
toch op!
Voorzitter. Dit zijn de partijen die meewerken aan elitair Nederland
…
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
De heer Dijk zei net: hou nou toch op. Maar het lijkt erop dat de SP
nooit is begonnen. De SP zit nu al hoelang in dit parlement? Nog nooit
iets bereikt, voor niemand niet. Vanavond gaat u met deze teksten,
meneer Dijk, weer niks bereiken. U vecht voor die AOW. Ik vecht voor die
AOW, maar wij hebben een motie die hopelijk morgen wordt aangenomen. U
schreeuwt alleen maar aan de zijlijn.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik schreeuw liever aan de zijlijn dan dat ik help met de afbraak van de
AOW-leeftijd, waar zo veel mensen in mijn socialistische traditie voor
hebben geknokt. Door hen zijn die sociale verworvenheden opgebouwd. Ik
laat me ook niet aanleunen dat we niks voor mekaar krijgen. Ik zie daar
twee Kamerleden zitten. Eentje heeft in één jaar tijd meer bereikt voor
Groningen dan u als afvallige PVV'er in al die tijd. De ander heeft meer
bereikt voor de gehandicaptenzorg en de ouderenzorg dan u in al die tijd
met kletskoek daar aan de rechterkant. Nu een beetje de toffe jongen
gaan uithangen terwijl je een afgesplitste partij bent! U bent gekozen
op een PVV-programma en u neemt daar afstand van, poeh!
De voorzitter:
Laten we het een beetje op de inhoud houden, meneer Dijk.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Dit is behoorlijk inhoudelijk, voorzitter.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Even voor de goede orde, even voor de goede orde.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Zetelroof is het, meneer Markuszower.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Alles goed en wel, maar ik heb van geen enkel programma afstand genomen.
Het is een geweldig programma, dat PVV-programma. Dat heeft overigens
ook raakvlakken met het SP-programma, maar voor beide partijen geldt dat
je het uiteindelijk wel moet realiseren. En de vraag is, meneer Dijk:
wat gaat u … Ik vraag via de voorzitter wat de heer Dijk vanavond of
morgen gaat realiseren. Wat gaat hij binnenhalen?
De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik ga in ieder geval niet binnenhalen dat ik, zoals u, ben gekozen op
een programma voor een lagere AOW-leeftijd, dat ik zetelroof pleeg, nu
een toffe jongen ga spelen, en zo meteen meewerk aan het verhogen van de
AOW-leeftijd. Dat wil dit elitaire kabinet gaan doen. Dat gaat mij in
ieder geval niet overkomen. Dat ga ik vandaag niet bereiken. Ik ben er
ontzettend trots op dat ik dat vandaag niet ga bereiken. Maar ik kan u
wel het volgende vertellen. Binnenkort gaan wij inderdaad samen met de
vakbonden in de havens, in het stads- en streekvervoer, in de
vervoerssector, in actie komen. Dan wil ik u nog weleens zien, zien of u
nog steeds de stoere jongen bent die hier denkt dat hij iets voor mekaar
kan krijgen met een flinterdunne motie. Die gaat helemaal niets
bereiken, meneer Markuszower, behalve dat u een opening geeft voor dit
kabinet om de AOW-leeftijd verder te gaan verhogen. Al die mensen die
keihard werken, moeten door u nog langer doorwerken.
De voorzitter:
Afrondend.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Ik heb het idee dat de heer Dijk die motie helemaal niet heeft
gelezen.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Zeker wel.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Nou, dan is de heer Dijk blijkbaar niet in staat om 'm goed te
interpreteren. De motie zegt eigenlijk tegen het kabinet: ga nou terug
naar de tekentafel. Dus het plan dat er lag in het coalitieakkoord, is
nu van tafel. We hebben tegen het kabinet gezegd: ga terug naar de
tekentafel. Het kabinet zegt zelf: oké, wij gaan terug naar de
tekentafel. De heer Dijk wéét dus nog helemaal niet of het niks inhoudt.
Ik garandeer u, meneer Dijk: die motie is een hele goede motie en die
gaat ervoor zorgen dat mensen die nu bang zijn dat ze langer door moeten
werken, gerustgesteld worden en dat ze weten dat ze, mede door de motie,
mede door de SGP en door onze fractie, dat niet hoeven. Zij kunnen dus
eerder met pensioen, door ons. Niet door de SP, maar door ons.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Misschien moet u zelf die motie nog een keer goed lezen. Er staat
namelijk alles in behalve dat. U kunt een aap gaan verkopen met een
mooie ring, maar het is en blijft een lelijk ding. Daar laat ik het even
bij. Het was een beetje een verbasterd spreekwoord, maar goed. Dat heeft
toch ook zo z'n charme?
De voorzitter:
U komt tot een afronding, meneer Dijk.
De heer Jimmy Dijk (SP):
Ik kom inderdaad tot een afronding. Ik had nog ontzettend mooie
voorbeelden van hoe solidariteit georganiseerd wordt voor kinderen in
armoede. Dat bewaar ik dan voor de tweede termijn.
Voorzitter. Ik zei het al: het zijn niet de losse maatregelen uit dit
akkoord, maar de samenhangende visie en het mensbeeld waar de SP niet
aan kan en zal meewerken. En dat hoeft ook helemaal niet, want dit is
een minderheidskabinet. Wij zijn dus met meer. De verenigde oppositie
kan alle sociale afbraak stoppen. Want er is niks constructiefs aan
afbraak. Minder afbraak is en blijft afbraak. We moeten bouwen aan een
coalitie met vakbonden, maatschappelijke organisaties en iedereen die
wil werken aan een beter alternatief voor Nederland. Want dat is er wel
degelijk, en dat is het alternatief van werkend Nederland in plaats van
welgesteld Nederland.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel, meneer Dijk. Het woord is aan de heer Vermeer voor zijn
inbreng namens de BBB in eerste termijn. Gaat uw gang.
De heer Vermeer (BBB):
Voorzitter, dank u wel. Een nieuw kabinet. De heer Jetten, Rob Jetten,
de jongste premier ooit. Veel optimisme. Wij wensen dit kabinet het
goede toe. Als het goed gaat met Nederland, gaat het hopelijk ook goed
met de mensen om wie het gaat, de Nederlanders. Nu is optimisme in Den
Haag totaal iets anders dan een goed gevoel in het land. Hoe het kabinet
op het bordes staat, is een foto. Maar hoe staat het kabinet in de
samenleving? Die vraag telt werkelijk.
Dit coalitieakkoord is ontworpen aan de Haagse tekentafel, maar BBB
kiest voor de keukentafel, daar waar mensen echt leven. Daar spreken we
boeren over hun onzekerheid. Daar luisteren we naar mensen die zich
afvragen waarom de voorzieningen in hun dorp verdwijnen. Daar luisteren
we naar ondernemers die worstelen om hun bedrijf draaiende te houden, en
naar burgers die hun wijk zien verpauperen of veranderen op een nare
manier waardoor ze zich er zelf niet meer thuis voelen.
Voorzitter. De BBB luistert naar mensen. We zien ze staan en brengen hun
zorgen naar Den Haag. Opnieuw nemen we verantwoordelijkheid, maar nu
vanuit de oppositie. Als dit kabinet over mensen heen walst, zullen wij
fel reageren. Tegelijkertijd blijven we opbouwend daar waar goede
voorstellen komen. Maar we verkopen onze huid niet goedkoop, want het
gaat ons om een beter Nederland. We zien dat dit kabinet een aantal
stappen zet die wij waarderen: er is oog voor innovatie, strategische
autonomie en bescherming van vitale infrastructuur. Dat is verstandig.
Op meerdere terreinen wordt de lijn voortgezet die wij hebben
ingezet.
Voorzitter. Maar erkennen is niet hetzelfde als oplossen. Neem asiel. De
hoge asielinstroom wordt erkend, maar er is geen harde instroomgrens en
de Spreidingswet blijft. Statushouders krijgen voorrang op woningen
terwijl gescheiden ouders in een garagebox of auto wonen en jongeren
noodgedwongen bij hun ouders blijven. Dit is maatschappelijk
onhoudbaar.
Over de gevolgen voor de mensen in het land wordt met geen woord gerept.
Wat betekent dit voor onze cultuur en tradities, voor integratie? Wat
betekent dit voor onze identiteit? Verbinding in een samenleving vraagt
om een gemeenschappelijke basis voor verbinding. Dat gaat om meer dan
getallen. Het gaat om wie we zijn en waar we heen willen met ons
land.
Neem landbouw. Het oude denken keert terug. Stikstof wordt weer leidend.
2 miljard extra in de begroting voor de korte termijn is onder andere
weggehaald bij structureel agrarisch natuurbeheer. Generieke krimp ligt
op tafel. Gedwongen onteigening wordt niet uitgesloten. Voedselzekerheid
ontbreekt volledig in het strategisch beleid. Dit is tekentafelpolitiek:
terwijl boeren ons voeden, banen bieden en het platteland leefbaar
houden, groeit hun onzekerheid. Kijk naar de werkelijke staat van de
natuur en niet alleen naar modellen. Stop die onzekerheid. Geef boeren
perspectief in plaats van een zak geld, een zak geld om hun erf op te
geven. Boeren zorgen voor voedsel, ruimte en samenhang in onze
samenleving. Zij onderhouden het landschap en houden dorpen levend. Geef
ze vertrouwen en ruimte om te ondernemen. Zorg voor eerlijke regels,
goede voorzieningen en bereikbaarheid. Investeer in sterke regio's,
zodat mensen kunnen blijven wonen, werken en leven daar waar zij
geworteld zijn.
Kijk naar de woningmarkt. Er is veel aandacht voor grootschalige
projecten. Begrijpelijk, maar Nederland is meer dan plekken waar je
duizenden woningen kunt stapelen. In veel regio's is geen behoefte aan
megawijken, maar aan maatwerk, een paar huizen extra die een dorpje
leefbaar kunnen houden, jongeren perspectief geven en voorzieningen
overeind houden. Juist daar is behoefte aan investeringen,
bereikbaarheid en onderhoud.
En dan de belastingen. De zogenaamde vrijheidsbijdrage om Defensie te
betalen raakt werkenden en de middenklasse. De NAVO-taks van Bontenbal
kost gewone huishoudens honderden euro's netto. Stel dat beiden modaal
verdienen, dan leveren ze €600 in door deze sluipende
belastingverhoging. Dat is het en niets anders. Verdediging van de
inwoners van het land en ons grondgebied is een kerntaak van de
overheid. Vrijheid krijgt een verpakking om de belastingen nog verder te
kunnen verhogen. Ik acht het CDA in staat om zelfs de zon nog te
belasten.
Nederland staat voor grote keuzes: vergrijzing, veiligheid, woningnood,
energie en concurrentiekracht. Klimaatbeleid van de tekentafel, dat onze
industrie wegjaagt, helpt niets. Wat Nederland nodig heeft, is beleid
met oog voor belangen die er werkelijk toe doen. Dat zijn onze
Nederlandse belangen. Beleid dat samenleving en economie ruimte geeft,
zonder een verstikkende overheid die alles naar zich toe trekt. Het heet
normeren, maar het is verplichten. Normeren van de warmtepomp is
verplichten van de warmtepomp. Jammer dat de liberalen van de VVD daar
zo blind voor zijn.
Voorzitter. BBB kiest voor wat werkt in de praktijk, voor beleid dat
uitvoerbaar is, dat mensen raakt en dat hun leven verbetert. Alleen dan
is beleid geloofwaardig. Wij zijn en blijven koersvast: grip op
migratie, eerlijke verdeling van ruimte en sterke regio's, een economie
die draait op vakmensen en familiebedrijven, opkomen voor kwetsbaren en
een overheid die beleid maakt dat werkt. De theorie moet de praktijk
dienen en niet andersom. De overheid is er voor haar inwoners en niet
andersom.
Neem die box 3-belastingen op winsten die nooit op je bankrekening zijn
gekomen en die samen met inflatie zorgen voor verdamping van
zuurverdiend spaarvermogen en vertrek van kapitaal. Dat is plukken van
mogelijke toekomstige inkomsten. Terwijl we dit debat voeren, melden de
media dat de nieuwe vermogenstaks van het kabinet moet worden omgebouwd.
Het kabinet zit er net en het eerste plan gaat terug van tekentafel naar
tekentafel.
En neem de klimaatkamikaze die leidt tot extra energiearmoede met steeds
hogere netwerkkosten en vertrek van bedrijven met werkloosheid en
grotere afhankelijkheid van het buitenland tot gevolg. Neem het verhogen
van de AOW of het zo bang maken van zzp'ers en hun opdrachtgevers voor
boetes dat ze stoppen met werken en inhuren, terwijl we iedereen nodig
hebben en we ook nog eens medeverantwoordelijk worden voor de schulden
van andere Europese landen.
Voorzitter. Dit kabinet bezuinigt Nederland en de Nederlanders kapot.
Mensen met een laag inkomen en/of een chronische ziekte staan nu al
onder financiële druk door de huidige stapeling van zorgkosten. En wat
betekenen de verdere maatregelen nog voor deze mensen? Wat betekent het
voor mensen in de IVA, waar de uitkeringen met €900 per maand
omlaaggaan? Dan kun je niet in je eigen huis blijven wonen terwijl er
ook niets anders te vinden is.
Ook ons energiebeleid komt van de tekentafel in Den Haag. De transitie
legt niet alleen beslag op de portemonnee van burgers en bedrijven, maar
ook op het landschap. Zo daalt de vervuiling neer in de regio. Onze
horizon en ons landschap worden vervuild met een kluwen aan
hoogspanningsmasten, velden vol zonnepanelen en parken met windturbines.
Slapeloosheid op het platteland in ruil voor groene nachtrust in de
stad!
Voorzitter. Vandaag zagen we bij box 3 een VVD opereren zoals ook wij
die hebben leren kennen: strikt en streng als het om begrotingsregels
gaat, maar op sommige momenten via de minister van Financiën net zolang
buigen en schuiven, totdat de eigen plannen financiële dekking krijgen.
Dat is niet verantwoord begroten, dat is niet zorgdragen voor de
staatsfinanciën, dat is partijpolitiek.
Over geld gesproken: wij hier in de Tweede Kamer gaan niet over een paar
miljard heen en weer schuiven. Nee, wij gaan over 100% van de begroting,
van voor tot achter. Want dit is geld van het volk en de overheid moet
er zijn voor de Nederlanders, niet andersom. Deze Kamer heeft het
budgetrecht. Een kabinet dat leunt op een minderheidscoalitie zal zich
dat moeten realiseren en daarnaar moeten handelen, of zal er snel genoeg
achter komen bij het zoeken naar meerderheden.
Voorzitter, ik rond af. Nederland en West-Europa neigen naar het
Romeinse Rijk in zijn nadagen. Destijds tastte de loodvergiftiging de
hersenen aan. In onze tijd staat de modellenrealiteit van de Haagse
tekentafel gezond verstand in de weg. De nieuwe coalitie kijkt naar de
Haagse tekentafel. BBB kijkt naar de keukentafel. We zullen alles op
alles zetten om dat elke dag hier in Den Haag in beeld te krijgen.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel, meneer Vermeer. Het woord is aan de heer Struijs voor zijn
inbreng namens de fractie van 50PLUS. Meneer Struijs, gaat uw gang.
De heer Struijs (50PLUS):
Voorzitter, regering, minister-president. Wat fijn dat 50PLUS terug in
de Kamer is. Wij zijn een verrijking, gelooft u mij, want we hebben
vanavond over een paar dingen niet gesproken. De keuzes die vandaag
gemaakt worden, gaan niet alleen over het eerlijk verdelen van geld. Ze
gaan ook over de vraag of wij bouwen aan een land dat recht doet aan wat
we hebben opgebouwd, of we verstandig omgaan met ons economische en
sociale kapitaal en of we erkennen dat samenhang en bestaanszekerheid de
fundamenten zijn van een stabiele samenleving, van een land dat
generaties verbindt en polarisatie tegengaat.
Ik wil een generatiepact afsluiten met de Kamer en deze regering. Laat
ik helder zijn: ik ben het echt zat dat 50-plussers in menige discussie,
ook in de media, worden weggezet als last, als dor hout, als kostenpost.
De ondertoon van minachting is soms hoorbaar. Leeftijdsdiscriminatie
ligt doorlopend op de loer, maar de werkelijkheid is gewoon echt anders.
Miljoenen 50-plussers werken hard, zijn vrijwilliger, mantelzorger,
bestuurder, oppasoma of -opa, buurtverbinder en noem het allemaal maar
op. Elke sportclub of scouting in Nederland valt om op het moment dat
zij stoppen met hun vrijwilligerswerk. Zie dit als een kapitaal. Zie dit
als een kapitaal en laat dat ook in de doorberekeningen terugkomen. Dan
krijgen we namelijk een eerlijk beeld van de lusten en de lasten.
Ervaring is het geheugen van de gemeenschap. Zonder ouderen verliest een
samenleving haar herinnering. De jeugd droomt van morgen, de ouderen
begrijpen gisteren en samen vormen zij het heden. Dit is de kern van een
generatiepact rondom AOW, pensioenen, zorg, wonen, veiligheid en ga zo
maar door. Wij hebben zorgen om de keuzes die tot nu toe zijn gemaakt,
maar ik begrijp uit de ondertoon nu wel een beetje dat er toch ruimte
is. Dat is hard nodig.
Wij willen ook absoluut geen verdere verhoging van de AOW-leeftijd. De
uitzichtloosheid bij de jeugd is daardoor veel te groot. En we hebben
een afspraak gemaakt, waar ik al eerder aan gerefereerd heb:
betrouwbaarheid is een groot goed. Dat gaat ook over het behoud van
inkomenszekerheid, de WIA voor arbeidsongeschikten, de verkorting van de
WW en de stapeling van maatregelen bij ouderen en chronisch zieken. Zorg
voor juridische houdbaarheid van de WIA-kortingen. Ik ga even stapelen,
maar dit soort dingen houden je echt wakker. We worden overstroomd door
meldingen hierover.
Ik noem ook de zorg. De bezuiniging op de Wet langdurige zorg, de
verhoging van het eigen risico, de bijdrage voor de wijkverpleging: u
moet eens weten wat dat doet. Neem ook de steun voor de mantelzorg. Er
zijn 5 miljoen mantelzorgers. Laten we met de regering en deze Kamer op
zoek gaan naar manieren om de mantelzorg te versterken en uit te
breiden. Laten we dat soort initiatieven met elkaar zoeken.
Ik doe een beroep op de integratie van de regering: ga niet in je hok
zitten. Kijk bijvoorbeeld naar de woningen. Laten we seniorenwoningen
gaan bouwen, levensloopbestendig. Dat geeft een enorme doorstroom op de
markt. Laten we ook creatief zijn. Ik noem het bewonen van
vakantieparken en het inrichten van huizen voor twee woningen. Laten we
die spelregels nou eens flink onder de loep nemen, zodat het makkelijker
wordt en iedereen dadelijk weer een dak boven zijn hoofd heeft waarvoor
hij gekozen heeft. Nogmaals, wonen is zo'n voorbeeld van iets waar je
als een satépen doorheen kan gaan.
Ik noem het verlagen van het maximumdagloon en de afschaffing van de
inkomensvoorziening voor arbeidsongeschikten. Zo kan ik wel even
doorgaan. We moeten met z'n allen kijken waar de mogelijkheden liggen om
het hele sociale stelsel omhoog te houden. Voor ons is de armoede, die
toeneemt in Nederland, echt de ondergrens. U hoeft maar door mijn
geliefde stad Rotterdam heen te lopen en je ziet het, je voelt het.
Daarom doe ik ook een beroep op de samenwerking met de gemeentes. Ik heb
al in een eerdere discussie aangegeven dat de leefbaarheid en veiligheid
in gemeentes omhoog moeten. Er zijn hele mooie projecten, nationale
projecten, maar die worden te slecht gecoördineerd. Laten we ze
stimuleren aan de hand van de goede voorbeelden. Gaat u eens een keer
naar een sociale woning toe. Het eerste dat ik daar te horen krijg, is:
leg uw hand eens op de muur; het is hier al vier jaar vochtig aan de
muur, want de isolatie blijft uit en de energiekosten gaan omhoog.
Kortom, we maken het ons wel erg moeilijk. We moeten hier met z'n allen
doorheen. Natuurlijk gaat het allemaal energie kosten. Wij willen
vooruit. Het kan niet zo zijn dat de betrouwbaarheid van de politiek nu
helemaal door het ijs zakt. Mensen willen zien dat we iets gaan doen.
Dat is hartstikke belangrijk. Uiteraard wil ik het hebben over
veiligheid. Inderdaad, het gaat om wijken waar mensen na zessen de
straat niet meer op gaan. Daar moeten we met z'n allen wat aan
doen.
Voorzitter. Ik doe een beroep op de minister van Defensie. Die heeft
geld. Laten we het geld uiteraard uitgeven aan de defensie en onze
verdediging, maar we kunnen dat geld ook combineren met cybersecurity en
infrastructuur. Ik doe een beroep op deze regering om het vele geld dat
wij terecht uitgeven aan onze veiligheid van de buitenlandse en
binnenlandse grenzen, slim te gebruiken. De rechtsstaat staat onder
water en blijft onder water. Ja, we krijgen er geld bij, maar het is ook
hard nodig. Ik voorspel binnen drie maanden weer een seponeringsgolf
vanuit het OM. Er zijn boeven die gewoon in de gevangenis horen. Het
gaat maar door, jaar op jaar.
Kortom, we hebben echt veel werk aan de winkel. Maar goed, naast armoede
en al dat soort dingen, ben ik wel blij dat we even af zijn van die box
3. Dat is onorthodox gedaan door deze minister van Financiën. Dat willen
we toch niet met z'n allen: fictief rendement en zo. Het is misschien
niet politiek correct hoe het allemaal gegaan is, maar ik ben blij dat
die maatregel teruggenomen is en weer wordt bekeken. Box 3 gaat niet
alleen over grote vermogens, maar ook over die kleine belegger die naast
zijn AOW daardoor zijn pensioen krijgt.
Maar er is iets anders aan de hand. Wist u dat we vanavond deze hele
discussie over bezuinigingen niet eens hadden hoeven voeren? Weet u wat
er echt gebeurd is? Het is onvoorstelbaar, als u zich daar echt een
keertje in verdiept. Het vermogen van gepensioneerden in de
pensioenfondsen — dat is overigens uitgesteld loon dat we met z'n allen
bij elkaar hebben gespaard — staat nu ongeveer op 1.450 miljard. Het had
1.990 miljard kunnen zijn volgens de actuariële berekening. Wat er
gebeurd is, is interessant. DNB heeft namelijk ontzettend veel invloed
gehad op de beleggingen. Wat heeft DNB voornamelijk gedaan? Die heeft
geadviseerd om op staatsobligaties — lees: schulden; die krijg je
namelijk altijd uitbetaald, maar hebben een heel laag rendement — te
investeren. Wat is er gebeurd? We hebben een soort verkapte eurobonds
met z'n allen. Elke belegger — ik heb het niet over speculanten — zei:
wat zijn jullie daar dom mee bezig geweest; als je gewoon had belegd
zoals iedereen in de wereld adviseert, namelijk een beetje in het
middengebied, hadden we al tegen de 2.000 miljard gezeten. Van die 2.000
miljard konden we eindelijk eens de indexering van de pensioenen
betalen, waar we al vijftien jaar op moeten wachten. Daar betaal je dan
ook weer die 30% belasting van. Als je dat omrekent, vliegen de
miljarden je om de oren. We hadden een heleboel bezuinigingen die we
vanavond doen, niet hoeven doen. Ik doe een dringend beroep op deze
regering en de minister van Financiën om nog eens naar de spelregels van
beleggen en naar de rol van DNB, die het te politiek maakt, te kijken,
en om met gezond verstand het rendement weer terug te brengen. Het gaat
om hartstikke veel geld; durf daarnaar te kijken. Ik hoop dat we daarin
kunnen optrekken.
Ik ga langzaam maar zeker afsluiten. Waarom moet u blij zijn dat 50PLUS
in de Kamer zit? Onze ervaringsdeskundigheid op relaties is ontzettend
hoog, door schade en schande. Ik wil u toch even meenemen in de drie
vormen van het huwelijk die wij kennen. Dat doe ik via de voorzitter,
maar ik kijk daar uiteraard de minister-president en deze regering voor
aan. We hebben het slechte huwelijk, het verstandshuwelijk en het
liefdevolle huwelijk. In het eerste huwelijk, het slechte huwelijk,
vraagt de ene partner aan de andere partner dagelijks: hoelang moeten we
nog? In het verstandshuwelijk zegt de ene partner tegen de andere
partner, of in het café: ik geef mijn relatie een rapportcijfer 6; we
komen er wel doorheen. In een liefdevol huwelijk zeg je tegen elkaar: ik
heb zo mijn gebreken, maar ik hou van je. Dat gun ik deze regering — dat
gun ik de minister-president ook bij zijn huwelijk uiteraard — maar dat
wordt hard werken.
Dank je wel.
(Geroffel op bankjes)
De voorzitter:
In de Achterhoek vouwen we dan roosjes, meneer Struijs. Dan maken we een
boog. Ja, met bier, mevrouw Van der Plas! Het woord is aan de heer
Dassen voor zijn inbreng in de eerste termijn namens Volt.
De heer Dassen (Volt):
Dank, voorzitter. Allereerst natuurlijk van harte gefeliciteerd aan de
nieuwe ploeg. De staatssecretarissen, de ministers en de
minister-president wens ik veel wijsheid en succes toe in hun nieuwe
rol. Ik kijk uit naar de samenwerking en ook naar wat er mogelijk is,
wat we kunnen verbeteren, om Nederland en Europa uiteindelijk een stuk
mooier te maken.
Voorzitter. Stelt u zich voor dat u plotseling 25 miljoen euro erft,
niet door hard werken, maar omdat uw overgrootvader ooit een
chemiebedrijf begon. Marlene Engelhorn snapte dat deze erfenis mogelijk
was gemaakt door de samenleving. Zij gaf haar geld weg omdat ze begreep
dat geld niet een doel maar een middel is: het is een middel om een
rechtvaardige samenleving mee te bouwen.
De erfenis die wij moeten doorgeven, is een weerbare Europese
samenleving. Want wat heeft een erfenis voor waarde als de wereld waarin
je kind opgroeit instabiel, onveilig en onleefbaar is? De waarde van de
erfenis van dit kabinet heeft te maken met de vraag hoe zij gaan
handelen en welke keuzes zij gaan maken. Die keuzes, bijvoorbeeld rond
het belasten van vermogens of het belasten van arbeid, gaan niet alleen
over geld, maar over weerbaarheid. Die gaan over de vraag of we een
gedeelde samenleving willen bouwen of een die uiteenvalt door
individualisme. Bouwen we een samenleving die kansen geeft aan iedereen,
of een die ongelijkheid en armoede alleen maar groter maakt?
Voorzitter. Weerbaarheid is namelijk niet alleen defensie, maar ook een
moeder die aan het einde van de maand nog genoeg overhoudt voor haar
kinderen, een scholier die online veilig wil zijn, zonder de
beïnvloeding van big tech, een oma die de wereld schoner en groener wil
doorgeven aan haar kleinkinderen, met duurzame banen. Het is ook een
verenigd Europa dat niet wacht tot China of de Verenigde Staten de
regels dicteert, maar zelf spreekt, met eigen mond, op het wereldtoneel.
Dat is de essentiële weerbaarheid die nog te veel ontbreekt in het
akkoord van D66, CDA en de VVD. Dat is geen detail, maar de basis voor
onze samenleving en van onze toekomst.
Voorzitter. Weerbaarheid begint bij een sterk en onafhankelijk Europa.
Het is goed dat het kabinet dat idee onderschrijft. De volwassenwording
van Europa als machtsblok vraagt om een nieuwe mentaliteit.
De heer Struijs (50PLUS):
Meneer Dassen, waar ik nieuwsgierig naar ben, is het volgende. We hebben
het te weinig over digitalisering en Europa, over die combinatie. We
willen zelfstandiger worden ten opzichte van Amerika. Die digitalisering
gaat ook over AI. Ziet u kansen om, samen met deze regering, AI beter te
reguleren — dan heb ik het over Europese, en het liefst Nederlandse,
producten — zodat we met z'n allen ook beter worden als het gaat om
effectiviteit en het beslechten van bureaucratie, bijvoorbeeld ten
aanzien van de rijksambtenaren? Gisteren zei een hoge politieambtenaar
tegen mij: als wij AI echt zouden mogen invoeren, zouden we meer
wijkagenten op straat hebben, want dan worden processen-verbaal door AI
gemaakt en hoeven die alleen nog maar te worden nagekeken. Geeft u hier
eens een reflectie op, want ik sla enorm aan op de
digitaliseringsopmerking.
De heer Dassen (Volt):
Ik denk dat er heel veel op ons afkomt. Het is een van de grootste
uitdagingen van deze tijd om kunstmatige intelligentie in goede banen te
leiden. Die biedt ook enorme kansen om effectiever te worden als
samenleving en om de bureaucratie tegen te gaan. Maar dan moeten we die
wel op een goede manier reguleren. Ik denk dat Europa daarin een
voorsprong heeft ten opzichte van andere continenten. Tegelijkertijd
moeten we opletten dat we niet al onze AI bouwen op volledig Amerikaanse
systemen. Dan zijn we namelijk alsnog onze hele basis aan het bouwen op
de systemen van de Verenigde Staten. We hebben de laatste tijd voldoende
debatten gehad over het feit dat we dat volgens mij niet meer willen.
Daar zullen dus Europese alternatieven voor moeten komen. Daar zal geld
voor beschikbaar moeten zijn. Ik zal daar dadelijk ook nog een paar
vragen over stellen.
De heer Struijs (50PLUS):
Ik vind het een fantastische uitnodiging om samen met Volt op te trekken
om deze regering hiervan te overtuigen. Dankjewel.
De heer Dassen (Volt):
Graag. Dat is dat intergenerationele aspect waar de heer Struijs het
volgens mij net over had: het feit dat we kennis kunnen bundelen om
ervoor te zorgen dat we klaar zijn voor de toekomst. Ik ga die uitdaging
dus graag aan.
Voorzitter. Ik was gebleven bij het punt dat het kabinet ook
onderschrijft dat we een sterk en onafhankelijk Europa nodig hebben. In
het regeerakkoord staat: "De volwassenwording van Europa als machtsblok
vraagt een nieuwe mentaliteit." Maar daar horen dan ook de middelen van
een machtsblok bij, en dan zien we dat de 1,6 miljard bezuinigingen op
de afdracht nog fier overeind staan. Dat is de gebruikelijke
kruideniersmentaliteit. We verdienen als land miljarden aan de Europese
Unie. En nu moet het een grootmacht worden, maar dan wel voor een
prikkie. Dat is dan geen doorbraak, maar dat is wensdenken. Mijn vraag
aan het kabinet is: worden het lagere afdrachten en de EU klein houden
of komt er een hogere afdracht zodat het ook echt een grotere begroting
krijgt en ook echt een machtsblok kan worden? Want Europa is sterk daar
waar niet 27 stamhoofden spreken, maar juist één Unie. De oproep van
Mario Draghi was: alleen een federaal Europa kan een machtsfactor zijn
in deze wereld. Welke hervormingen is het kabinet voornemens door te
voeren om daar daadwerkelijk te komen? De Verenigde Staten spreken
krachtig en eensgezind op het wereldtoneel. Dat moeten we als Europa
ook. Europa kan daarbij een duurzame en innovatieve koploper zijn en een
voorvechter van mensenrechten. Graag een reactie daarop.
Dat is namelijk nodig in een instabiele wereld. Van Oekraïne tot Gaza,
van Iran tot Sudan: Nederland kan niet afwachten tot deze
transformerende storm voorbij is. Weerbaarheid betekent nu kiezen voor
defensie voordat de prijs te hoog wordt. Het is goed dat dit kabinet
daarin gaat investeren. Het is cruciaal om te zorgen dat we onze
onafhankelijkheid van de Verenigde Staten vergroten. Maar dat moeten we
dan in grotere stapjes doen dan nu gedaan wordt, zodat we echt toewerken
naar die Europese defensiemacht.
Weerbaarheid betekent ook investeren in internationale
ontwikkelingssamenwerking. Wereldwijd trekken de VS zich terug, en
Rusland en China vullen dit gat maar al te graag. Onder Schoof I werd
onze internationale positie uitgekleed. Laat Jetten I dit PVV-beleid
niet doorzetten, maar investeren in extra inzet op vrouwenrechten,
onderwijs, gezondheid en voedselzekerheid. Dat maakt de wereld veiliger
voor de meest kwetsbaren, maar ook voor onszelf. Graag een
reactie.
Voorzitter. Er zijn meer punten waarvan wij gehoopt hadden dat die niet
meer terug zouden komen, zoals de asielwetten met strafbaarstelling
illegaliteit en het doorgaan van de grenscontroles. Is de
minister-president het met mij eens dat die eigenlijk per direct kunnen
en zouden moeten stoppen? Het is slecht voor de economie, ze hebben geen
toegevoegde waarde en het is uiteindelijk ook niet per se het symbool
van een sterk en verenigd Europa. Graag een reactie daarop.
Dan het morrelen aan het demonstratierecht. Dat is een grondrecht dat
mensen in staat stelt om zich te laten horen als ze niet
vertegenwoordigd worden, want democratie is meer dan eens in de vier
jaar stemmen. Het is ook het recht om te protesteren, om te botsen, om
ongemakkelijk te zijn. Graag een reactie waarom het kabinet hiermee aan
de slag wil, terwijl we op verzoek van de Kamer experts hebben gevraagd,
die eigenlijk aangeven: dit hoeft niet, dit is niet nodig en het is ook
niet de wens die vanuit de gemeentes en de burgemeesters klinkt.
Voorzitter. Een weerbare samenleving geeft niet alleen veiligheid
vandaag, maar ook hoop voor morgen. Het betekent de wereld schoon
doorgeven aan onze kinderen en kleinkinderen. Het zou de ambitie van dit
kabinet moeten zijn om vol aan de slag te gaan met de "silent killer"
klimaatverandering, die onze leefomgeving aantast, van vervuilde lucht
tot uitgeputte bodems. Waarom wordt die niet in volle vaart aangepakt?
Want het is nog onvoldoende. De doorrekening bevestigt wat iedereen
vermoedde: als je de CO2-belasting weggooit, vervuilers
subsidieert en een extra vliegveld opent, dan haal je de klimaatdoelen
niet. Welke aanvullende maatregelen gaat het kabinet nemen om het gat te
dichten? En waar zet het zich in Europa voor in, omdat die eind 2026 ook
met aanvullende maatregelen zullen gaan komen? Als je namelijk vasthoudt
aan het oude, dan kan het nieuwe niet geboren worden. Dat is wat de
planbureaus zeiden. Dus waarom kiest het kabinet er dan niet voor om
juist nu versneld te investeren in de klimaattransitie, ook als
economischegroeistrategie? Welke fossiele subsidies is dit kabinet
bereid op te geven om ruimte te maken voor de sectoren van de toekomst,
zoals biobased materialen en groene chemie? Hoe zorgen we ook dat er
ruimte gaat komen voor die groene start-ups en scale-ups van
morgen?
Voorzitter. Een weerbare toekomst betekent ook digitale weerbaarheid.
Gelukkig raken we ons daar steeds meer van bewust, net zoals van de
gevolgen van algoritmes en social media. Digitale weerbaarheid betekent
niet alleen maar limieten voor social media, maar ook echte
investeringen in Europese alternatieven. Nu draait alles op Amerikaanse
tech: onze telefoons, ziekenhuizen, onze overheid. Als we willen dat de
Amerikaanse techbureaus niet meer over onze digitale dorpspleinen gaan,
als we willen dat de Amerikaanse overheid niet door onze data gaat, dan
is er een ambitieuze pot geld nodig en wat ons betreft ook een minister
van Digitale Zaken. Hoe gaat het kabinet dat geld beschikbaar maken,
zodat die Europese alternatieven er ook daadwerkelijk gaan komen? Want
als je het hebt over nieuwe technologieën, kunstmatige intelligentie: we
bouwen alles op Amerikaanse systemen en daarmee liggen onze
onafhankelijkheid en onze economische weerbaarheid dadelijk weer in de
handen van die grote techbedrijven. Graag een reactie daarop. Overigens
een compliment aan de minister-president dat hij begonnen is met
Bluesky. Dat bleek dus toch niet zo heel moeilijk. Nu nog van X af, zou
ik zeggen.
Voorzitter. De weerbare samenleving valt of staat bij solidariteit en
met dit akkoord wordt de kloof tussen vermogenden en niet-vermogenden
groter. De komende jaren gaat 240 miljard overgeheveld worden door de
babyboomgeneratie aan hun kinderen en kleinkinderen en deze kinderen en
kleinkinderen hebben daar niets voor hoeven doen. Laten we daar een
eerlijke bijdrage van vragen, of de hypotheekrenteaftrek of de meer dan
30 miljard belastingcadeautjes die elk jaar aan de achterban worden
uitgedeeld. Want als we betere keuzes maken, kunnen we die
vrijheidsbijdrage de nek omdraaien voordat die de middeninkomens de nek
omdraait en zorgen we ervoor dat werken ook daadwerkelijk weer gaat
lonen, een wens van alle drie de coalitiepartijen. Wat gaat het kabinet
doen om deze heilige huisjes af te breken en de sociale cohesie te
vergroten?
Daarbij moeten we het ook hebben over de kostendelersnorm. De gedachte
is dat als mensen samenwonen, ze minder kosten hebben en daarom ook
minder ondersteuning nodig hebben. Als iemand pech heeft of een ongeluk
krijgt, wordt die gekort wanneer die bij een oudere broer of zus
intrekt. Dit creëert drempels om woningen te delen, juist in een tijd
waarin de woningnood hard aangepakt moet worden. De minister-president
vroeg hier vorig jaar in zijn rol als Kamerlid nog aandacht voor en ik
zie hier niks over terug in het akkoord. Ik hoor dus graag een reactie
over wat hier de mogelijkheden zijn. Er is een meerderheid in de Kamer
en ik denk dus dat er mogelijkheden zijn om dit nu echt aan te
pakken.
Voorzitter. We zien overal om ons heen waar groeiende ongelijkheid toe
leidt: concentratie van macht, kansenongelijkheid, onvrede over
onrechtvaardigheid en verlies van vertrouwen. Het is een voedingsbodem
voor populisme en extremisme en met het PVV-kabinet van de afgelopen
jaren hebben we een sneakpreview gekregen van wat er gebeurt als zij aan
de macht komen. Hoe zorgt het kabinet ervoor dat het niet een tussenpaus
gaat worden, zoals we dat nu in de Verenigde Staten hebben gezien? Kan
de minister-president daar een reflectie op geven?
Toen Marlene Engelhorn haar erfenis weggaf, zei ze: dit geld heb ik niet
verdiend, maar ik kan er wel iets mee doen dat wel verdiend wordt. Dat
is precies waar weerbaarheid over gaat: niet wachten tot de rekening
komt, maar nu investeren in een samenleving die niet alleen rijkdom,
maar ook veiligheid, kansen en een leefbare wereld doorgeeft. Een
weerbare Europese samenleving, want dat is de enige erfenis die telt
voor dit kabinet.
Dus ik zou zeggen: aan de slag voor een sterk land, voor een Europa dat
telt en voor een wereld die we mooi kunnen doorgeven.
Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel, meneer Dassen. Daarmee zijn we toch echt aan aanbeland bij
de laatste spreker en dat is niemand minder dan de heer Markuszower, die
zijn inbreng levert namens de Groep Markuszower. U heeft het woord.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Zeer veel dank, meneer de voorzitter. Vanochtend heeft de kersverse
minister-president zijn regeringsverklaring uitgesproken. Onze fractie
feliciteert premier Jetten met zijn benoeming als minister van Algemene
Zaken en met het installeren van zijn kabinet. Wij hopen dat dit kabinet
zijn eigen slogan, aan de slag, omarmt en succesvol zal zijn, want
Nederland kan met de staat waarin ons land verkeert wel wat successen
gebruiken. Het kabinet-Jetten I is zeer zeker niet ons kabinet en van
vele beleidsvoornemens gruwelen wij. Een aantal keuzes van deze
minderheidscoalitie zijn zelfs totaal onacceptabel te noemen en onze
fractie zal juist tegen die keuzes ten strijde trekken. Dat zullen wij
doen samen met gelijkgezinde fracties in deze Kamer. Het voordeel van
een minderheidscoalitie is dat feitelijk de fracties in dit huis regeren
en de leden van het kabinet de materiële uitvoeringsmachine zijn van
onze Tweede Kamer. Naast de felicitaties wens ik het kabinet toe dat ze
vooral dat goed in hun oren knopen. Doen ze dat niet, vergeten zij dat
zij eigenlijk in dienst zijn van deze Tweede Kamer en dus van het
Nederlandse volk, dan zal dit kabinet niet een lang leven beschoren
zijn.
Voorzitter. Deze maand peilde het EenVandaag Opiniepanel dat bijna drie
op de vier Nederlanders geen vertrouwen hebben in de politiek. Een
begrijpelijk hoog cijfer, want wat hebben wij dit mooie land in de
modder laten zakken. Wij hebben onze soevereiniteit laten afpakken door
de bureaucraten in Brussel. Wij betalen, maar zij bepalen. Het zou
precies andersom moeten zijn. We zitten vast in een zelfgecreëerde
juridische gevangenis, omdat wij de afgelopen decennia als een blind
paard allerlei verdragen hebben getekend, verdragen die bovendien enorm
worden opgerekt door vaak wereldvreemde rechters, die helemaal in de
knel zitten van de belangenverstrengelingen, of in ieder geval de schijn
daarvan. Hierdoor zijn Nederlanders steeds minder baas in eigen land
geworden en wordt de volksvertegenwoordiging — wij dus — gepasseerd. We
hebben ons laten degraderen tot een provincie van de Europese Unie en
betalen daar letterlijk elke dag de hoofdprijs voor.
Ondertussen kunnen onze bedrijven en woningen niet meer aangesloten
worden op energie- en stroomnetten. Woningen kunnen niet meer gebouwd
worden en onze boerenstand, en dus onze voedselzekerheid, wordt
vernietigd. We hebben ons namelijk als ezels gecommitteerd aan
stikstofnormen. Nederland heeft getekend voor klimaatdoelen die
onbetaalbaar en onhaalbaar zijn. Of ze enig effect sorteren, kan
eigenlijk niemand aantonen. Onze Nederlandse vissers bijvoorbeeld hadden
een innovatieve, in Nederland ontwikkelde techniek uitgevonden,
pulsvisserij. Dat was een geweldig slimme techniek, goed voor het
milieu, want minder bodemverstoring, met minder bijvangst, dus veel
diervriendelijker, en minder vervuilend en goedkoper, want minder
brandstofverbruik. Maar die techniek werd verboden, want de landen die
wél wat te vertellen hebben in de EU waren jaloers op die dekselse
Nederlandse vissers. Ondertussen ploegt kabinet na kabinet ons hele
land, onze hele kust en onze hele zee kapot om waanzinnige windmolens te
kunnen plaatsen. Dit kabinet smijt er nog eens miljarden euro's per jaar
op stuk. En waarom? Omdat ministers als Rob Jetten destijds geloven dat
Nederland dan voor 0,000036 graden Celsius bijdraagt aan een mogelijke
daling van de globale temperatuur. Verkeerde keuzes die wij hier maken,
hebben een verwoestend effect op ons eens zo mooie land.
Wij hebben niks meer te zeggen over wie wij ons land binnenlaten en,
misschien nog wel erger, over wie wij eruit willen gooien. Wij kunnen nu
niet eens buitenlandse moordenaars, verkrachters en drugsbaronnen die
hier in Nederland dood en verderf zaaien ons land uitzetten. Dat moet en
dat kan anders. Daarom zal onze fractie binnen een maand een
initiatiefwetsvoorstel indienen dat regelt dat veroordeelde criminelen
met een dubbele nationaliteit na het uitzitten van hun straf ons land
uitgezet worden.
Staat u mij toe, voorzitter, wat cijfers met u door te nemen die
illustreren wat bijvoorbeeld de keuze om massa-immigratie toe te staan
met ons land heeft gedaan. Bijna 30% van de Nederlanders heeft een
migratieachtergrond. In vele wijken, met name in de grote steden, zijn
Nederlanders inmiddels vreemdeling en minderheid in eigen land geworden.
De netto-impact van de migratie op onze rijksbegroting is meer dan 46
miljard euro per jaar. Dat is bijna €5.500 euro per huishouden per jaar.
Bijna 45% van alle sociale huurwoningen, corporatiewoningen, wordt
bewoond door mensen met een migratieachtergrond. Meer dan de helft van
alle verdachten in Nederland heeft een migratieachtergrond. Daders van
seksuele uitbuiting zijn zelfs in 90% — 90% — van de gevallen
allochtoon. Onze bijstandspot wordt vooral opgegeten door buitenlanders.
Immers, 65% van alle bijstandontvangers is allochtoon.
Dit kabinet wil de AOW-leeftijd en het eigen risico verhogen. Ze willen
bezuinigen op onze ouderen- en gehandicaptenzorg. Zelfs de duur van de
werkloosheidsuitkering willen ze halveren. Dit kabinet snoeit dus en het
snoeit hard in de verzorgingsstaat, een verzorgingsstaat die vooral door
Nederlanders is opgebouwd, maar waar onevenredig veel buitenlanders
gebruik van maken, mensen die er nooit één cent aan hebben bijgedragen.
Mede door de enorme kostenpost die de niet-westerse migrant voor
Nederland is, implodeert nu de Nederlandse verzorgingsstaat. Het is
oneerlijk. Nederlanders hebben dit land opgebouwd en ten behoeve van de
buitenlanders wordt het nu langzaam maar zeker afgebroken. De
massa-immigratie heeft keihard ingebeukt op onze cultuur. Veel
Nederlanders zijn mede daardoor ernstig in de war. Ze weten vaak niet
eens meer het biologische verschil tussen man en vrouw en vinden
begrippen als "God", "vaderland" en "gezin" primitief of zelfs fout. Dat
terwijl juist het geloof in de Nederlandse normen en waarden, de liefde
voor het mooie, soevereine land dat Nederland kan zijn en het bewustzijn
dat de gewone Nederlandse gezinnen de ruggengraat van onze samenleving
vormen, de ingrediënten zijn die een gezonde samenleving voeden.
Hoe ernstig die bijna permanente staat van verwarring is, werd vorige
week pijnlijk duidelijk tijdens een raadsvergadering in onze hoofdstad,
Amsterdam. Linkse dwaallichten, dus politici van D66, GroenLinks en
PvdA, hadden bedacht dat je studenten en statushouders samen in één
woonproject kon laten wonen. Het resultaat was dat veel van die
statushouders de studentes gingen aanranden en verkrachten. Het debat
van vorige week over dit wrede experiment ontaardde, omdat diezelfde
linkse politici weigerden uit te spreken dat de verkrachters en
aanranders man waren. Dat woord, "man", is namelijk niet woke. Ze
weigerden al helemaal om te zeggen dat die mannelijke daders stuk voor
stuk uit Afrika of het Midden-Oosten kwamen. Het niet willen en kunnen
benoemen van de problemen is niet alleen een teken van verwardheid: het
is levensgevaarlijk. Want zolang wij niet toegeven dat onze homo's, onze
vrouwen, onze Joden, onze dochters, onze kinderen, onze normen en
waarden en onze steden bezwijken door de komst van immigranten uit
landen hier ver vandaan, met een cultuur ver verwijderd van de onze,
zullen de problemen alleen maar toenemen.
Voorzitter. Terug naar de actuele politiek. Het debat van vandaag lijkt
een herhaling van het debat van drie weken geleden. Net als drie weken
geleden vindt onze fractie veel discussies prematuur. Zoals gezegd
vinden ook wij veel voornemens van het kabinet niet goed. Maar wij
kiezen ervoor om die inhoudelijke kritiek te geven op het moment dat het
kabinet concrete voorstellen naar de Kamers stuurt. Wij kiezen ervoor om
niet alleen maar vanaf de zijlijn te schreeuwen, zoals de heer Dijk,
maar om daadwerkelijk ons best te doen om de slechte plannen van het
kabinet beter te maken.
Een uitzondering op deze regel willen we vandaag wel maken. Dat betreft
de maatregel van het verhogen van de AOW-leeftijd. Die staat wat ons
betreft symbool voor de vele uiterst onverstandige en ongevoelige
voornemens van het kabinet. Daarom dienen wij morgen samen met de SGP
een motie in die de regering verzoekt om de aangekondigde verhoging weer
terug te draaien. Ik hoop en verwacht dat de coalitiepartijen die motie
gaan steunen. Dat doet recht aan al die hardwerkende Nederlanders die de
afgelopen weken met pijn en verbazing kennis hebben genomen van dat
onzalige plan. Dat is dan hopelijk ook een blauwdruk van de manier
waarop wij in de toekomst de plannen van het kabinet ten positieve
kunnen keren.
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de eerste termijn
van de zijde van de Kamer in het debat over de regeringsverklaring.
De beraadslaging wordt geschorst.
De voorzitter:
We zijn ook aan het einde gekomen van deze vergaderdag. Morgen om 10.15
uur zetten wij dit debat voort. Ik sluit de vergadering van woensdag 25
februari.
Sluiting
Sluiting 22.42 uur.
ONGECORRIGEERD STENOGRAM Aan ongecorrigeerde verslagen kan geen enkel recht worden
ontleend. |
|---|