Scholen voor voortgezet onderwijs die donderdag 5 maart zijn geblokkeerd door activisten van Extinction Rebellion
Schriftelijke vragen
Nummer: 2026D10271, datum: 2026-03-06, bijgewerkt: 2026-03-06 12:18, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: D.T. Boomsma, Tweede Kamerlid (JA21)
Onderdeel van zaak 2026Z04542:
- Gericht aan: D.M. van Weel, minister van Justitie en Veiligheid
- Gericht aan: R.M. Letschert, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Indiener: D.T. Boomsma, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
(ingezonden 6 maart 2026)
Vragen van het lid Boomsma (JA21) aan de ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en van Justitie en Veiligheid over scholen voor voortgezet onderwijs die donderdag 5 maart zijn geblokkeerd door activisten van Extinction Rebellion.
1
Heeft u kennisgenomen van het feit dat activisten van Extinction Rebellion donderdag 5 maart meer dan dertig Amsterdamse middelbare scholen hebben afgesloten door kettingen aan hekken te hangen en/of sloten onklaar te maken?
2
Heeft u kennisgenomen van het feit dat in veel gevallen de politie moest komen om de deuren open te krijgen, dat meerdere scholen lessen dus moesten laten vervallen, en kinderen dus geen onderwijs konden krijgen?
3
Deelt u de mening dat dit onacceptabel, abject en verwerpelijk is en moet worden ontmoedigd, (moreel) veroordeeld, vervolgd en bestraft? Kunt u uw antwoord toelichten?
4
Deelt u de mening dat de schade moet worden verhaald op de daders, zodat scholen en de overheid niet opdraaien voor deze kosten, en om ervoor te zorgen dat dergelijke praktijken niet worden aangemoedigd?
5
Heeft u kennisgenomen van het feit dat meerdere scholen aangifte hebben gedaan?
6
Kunt u aangeven welke wetten bij deze actie zijn overtreden? In hoeverre is het strafbaar om kinderen te verhinderen om naar school te kunnen gaan?
7
In hoeverre kan de organisatie Extinction Rebellion uit wier naam deze acties worden gevoerd verantwoordelijk worden gesteld voor de schade en/of vervolgd voor dergelijke acties?
8
Op welk moment kan een organisatie die structureel ertoe aanzet om wetten te overtreden, worden aangemerkt als een criminele organisatie en als zodanig worden vervolgd? Kunt u uw antwoord toelichten?
9
Deelt u de opvatting dat klimaatactivisten voor ontwrichtende acties niet anders behandeld zouden mogen worden dan anderen op grond van hun activistisch oogpunt?
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen terzake van de leden Stoffer en Diederik van Dijk (beiden SGP), ingezonden 5 maart 2026 (vraagnummer 2026Z04367)