Fiche: Mededeling EU Anti-Racism Strategy 2026-2030
Brief regering
Nummer: 2026D10404, datum: 2026-03-06, bijgewerkt: 2026-03-06 16:45, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken
Onderdeel van zaak 2026Z04602:
- Indiener: T.B.W. Berendsen, minister van Buitenlandse Zaken
- Volgcommissie: vaste commissie voor Europese Zaken
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Binnenlandse Zaken
Preview document (🔗 origineel)
Fiche 3: Mededeling EU Anti-Racism Strategy 2026-2030
Algemene gegevens
Titel voorstel
Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s: ‘Unie van Gelijkheid: strategie tegen racisme 2026-2030
Datum ontvangst Commissiedocument
20 januari 2026
Nr. Commissiedocument
COM(2026) 12
EUR-Lex
Nr. impact assessment Commissie en Opinie
Niet opgesteld
Behandelingstraject Raad
EPSCO-raad
Eerstverantwoordelijk ministerie
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
Essentie voorstel
De Europese Commissie (hierna: Commissie) heeft op 20 januari 2026 de EU Anti-Racism Strategy 2026-2030 (hierna: strategie) gepubliceerd. Deze strategie, die expliciete aandacht geeft aan verschillende discriminatiegronden zoals antisemitisme, moslimdiscriminatie en antiziganisme, bouwt voort op het eerdere actieplan tegen racisme, dat de basis legde voor de bestrijding van racisme in de Europese Unie (EU).1 De strategie – die bestaat uit de aanpak van institutioneel racisme, het beter handhaven van antidiscriminatiewetgeving, het versterken van de sociale gelijkheid en cohesie, het uitbouwen van belangrijke partnerschappen en het innemen van een voorbeeldfunctie – biedt met name handvatten om racisme nog gerichter te kunnen bestrijden.
Zo roept de Commissie alle lidstaten op nationale actieplannen tegen racisme te ontwikkelen, en doet zij de aanmoediging voor lidstaten om een nationaal coördinator tegen racisme aan te stellen. Verder roept zij lidstaten op tot het bevorderen van een lokale aanpak.
De Commissie doet een reeks aanbevelingen om institutioneel racisme op een groot aantal beleidsterreinen tegen te gaan: o.a. arbeid(smarkt), onderwijs, cultuur, huisvesting, (gezondheids)zorg, sport en digitale diensten. Met de strategie wil de Commissie racisme in al zijn vormen bestrijden. De Commissie wil dat op een intersectionele wijze doen: maatregelen zijn bedoeld om in samenhang met andere lopende en komende gelijkheidsstrategieën te worden toegepast.
De Commissie doet diverse aanbevelingen en heeft voor haarzelf diverse doelstellingen geformuleerd. Zo zal de uitvoering van de Richtlijn gelijke behandeling worden geëvalueerd om uitvoeringstekorten en handhavingslacunes in lidstaten te identificeren.2 Op basis daarvan zal de Commissie aanbevelingen doen en mogelijk voorstellen tot versterking van sancties wanneer discriminatie niet effectief wordt geadresseerd.
De rechten van slachtoffers, met inbegrip van slachtoffers van racistische haatmisdrijven, zullen worden versterkt door omzetting en uitvoering van de herziene EU-Richtlijn slachtofferrechten.3 Voorts zal de Commissie de EU-strategie inzake de rechten van slachtoffers herzien. Ook wordt overwogen om de definitie van ‘online haatmisdrijven’ te harmoniseren.
De Commissie vraagt verder aandacht voor de risico’s van racisme in het digitale domein, zoals bij de toepassing van algoritmen. Dit wordt daarom meegenomen bij onder andere de ondersteuning van de implementatie van de AI-verordening.4 Ook wordt hierop door de Commissie gemonitord in het kader van de Digitaledienstenverordening (Digital Services Act; DSA).5
De Commissie vraagt ook specifiek aandacht voor racisme op de arbeidsmarkt, in het onderwijs, bij cultuur, in de zorg en in de sport. Lidstaten wordt dan ook aanbevolen om op deze terreinen beleid te ontwikkelen.
De Commissie zal een onderzoek uitvoeren naar discriminatie op de woningmarkt. In het kader van het Europees plan voor betaalbaar wonen zal een voorstel voor een Raadsaanbeveling worden gedaan om uitsluiting van kwetsbare personen op de woningmarkt tegen te gaan.6
Om nationaal beleid op deze strategie af te stemmen zal de Commissie in het kader van kennisuitwisseling workshops gaan organiseren voor lidstaten. Ook wordt een EU-brede communicatiecampagne opgezet over de Unie van Gelijkheid (Union of Equality) ter bevordering van inclusie en bestrijding van discriminatie.7 Ten slotte neemt de Commissie interne maatregelen voor een nultolerantiebeleid ten aanzien van alle vormen van discriminerend gedrag door een task force (werkgroep) op te richten voor gelijkheid en door de regels voor het Blue Book traineeship te herzien, waarbij overwogen wordt om ook kandidaten met een afgeronde beroepsopleiding toe te laten.8 Daarnaast wordt overwogen om positieve acties uit te voeren voor andere ondervertegenwoordigde groepen binnen de Commissie.
Nederlandse positie ten aanzien van het voorstel
Essentie Nederlands beleid op dit terrein
Racisme ondermijnt het rechtsstatelijke uitgangspunt dat iedereen gelijk dient te worden behandeld, zoals opgenomen in artikel 1 van de Nederlandse Grondwet. De aanpak van alle vormen van racisme, ook online, is dan ook een prioriteit van het kabinet. Dit blijkt onder andere uit het aanstellen van een Nationaal Coördinator tegen Racisme en Discriminatie (NCDR) en Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding (NCAB) in 2021, het instellen van de (onafhankelijke) Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme en de plannen voor één landelijke organisatie voor de aanpak van discriminatie. De aanpak krijgt onder meer gestalte door het opstellen van een Nationaal Programma tegen Discriminatie en Racisme onder coördinatie van de NCDR.
Op alle terreinen die de EU-antiracismestrategie 2026-2030 beslaat, vindt reeds beleidsinzet plaats op het gebied van preventie, signalering, monitoring en sanctionering ten aanzien van verschillende discriminatiegronden. Deze aanpak, onder coördinatie van BZK, wordt uitgevoerd door verschillende ministeries. In de afgelopen jaren heeft het kabinet zowel een Strategie Bestrijding Antisemitisme 2024-2030, een Plan van Aanpak Online Discriminatie als een Versterkte Aanpak Veiligheid LHBTIQ+ 2026-2030 opgeleverd. De in deze plannen genoemde voornemens worden momenteel in concrete maatregelen omgezet. Met het Offensief Gelijke Kansen werkt het kabinet aan het tegengaan van arbeidsmarktdiscriminatie en het bevorderen van gelijke kansen op de arbeidsmarkt.9
Tevens zet het kabinet zich in om discriminatie bij woningverhuur tegen te gaan middels de Aanpak Woon discriminatie.10 Op het gebied van sport is onder meer bijzondere aandacht voor verschillende vormen van discriminatie in het betaald en amateurvoetbal.11 Discriminatie in het onderwijs wordt eveneens op diverse manieren aangepakt. Zo zijn scholen in het primair en voortgezet onderwijs op grond van de wettelijke burgerschapsopdracht verplicht om leerlingen respect voor en kennis over de basiswaarden van de democratische rechtsstaat en diversiteit bij te brengen. Ook wordt gewerkt aan het tegengaan en voorkomen van stagediscriminatie.
In het licht van het tegengaan van online haat, discriminatie en racisme werkt het kabinet aan het tegengaan van schadelijke maar legale content, zoals bijvoorbeeld impliciet haatzaaiende content: uitingen die weliswaar niet strafbaar of onrechtmatig zijn, maar wel degelijk als discriminerend ervaren kunnen worden.12 Voor zover dergelijke content raakt aan online extremisme en terrorisme, hanteert het kabinet de Versterkte Aanpak Online.13
Ervaren discriminatie en racisme kan gemeld worden bij daartoe ingerichte lokale antidiscriminatievoorzieningen. Momenteel wordt gewerkt aan een versterking van dit stelsel.
Het kabinet voert doorlopend onderzoek uit naar verschillende (uitings)vormen van racisme en heeft daarbij aandacht voor specifieke groepen. Zo wordt er momenteel nader onderzoek uitgevoerd naar anti-Aziatisch racisme en de doorwerking van het koloniaal verleden daarbij.
Het kabinet zet bovendien in op de preventie van racisme door inzet op meer bewustwording en het tegengaan van vooroordelen en stereotypen. Ten aanzien van bijvoorbeeld de preventie van antizwartracisme wordt in 2026 een Leernetwerk slavernijverleden voor gemeenten uitgevoerd, waarbij gemeenten samen aan de slag gaan met het herkennen, erkennen en herdenken van het slavernijverleden op lokaal niveau en de doorwerking daarvan. Een ander voorbeeld is de oprichting van een werkgroep van verschillende stakeholders ten behoeve van de preventie van moslimdiscriminatie voor de duur van één jaar (2026), naar aanleiding van het Nationaal Onderzoek Moslimdiscriminatie.14 Deze werkgroep zal de ministeries van BZK en SZW adviseren over mogelijke interventies.
Ten slotte faciliteert het kabinet ondersteuning van Nederlandse maatschappelijke organisaties op het gebied van racismebestrijding in de vorm van informatie over programma’s van de Commissie, waarvoor dergelijke organisaties een financiële aanvraag kunnen indienen.15
Beoordeling + inzet ten aanzien van dit voorstel
Het kabinet verwelkomt de mededeling en steunt het doel van racismebestrijding en het creëren van een ‘Unie van Gelijkheid’, waarin verschillende gelijkheidsstrategieën samenhangen.16 Dit is een grote en urgente opgave, die constante aandacht vraagt. De gedane aanbevelingen sluiten daarop aan. In algemene zin prijst het kabinet de aandacht van de Commissie voor structurele vormen van racisme, alsook de aandacht voor intersectionaliteit.17 Met deze antiracismestrategie draagt de EU opnieuw een sociale norm tegen racisme uit, wat waardevol is voor lidstaten en andere actoren op het gebied van discriminatiebestrijding. Hieronder zal per beleidsterrein ingegaan worden op de gedane voorstellen.
Wat betreft de arbeidsmarkt wordt ingegaan op samenwerking met het EU-platform van diversiteitshandvesten (EU Platform of Diversity Charters).18 In Nederland ondersteunt de SER Diversiteit in Bedrijf (SER-DIB) organisaties bij het bevorderen van een divers personeelsbestand en een inclusief bedrijfsklimaat. Het Nederlandse Charter Diversiteit maakt hier onderdeel van uit.19 Het kabinet financiert de ondersteuning die vanuit SER-DIB wordt geboden. Het Nederlandse Charter Diversiteit is aangesloten bij het EU-platform van diversiteitshandvesten. Het voorstel om vanuit de Europese Commissie samen te werken met het Europese platform en onder meer good practices te delen juicht het kabinet dan ook toe. Verder roept de Commissie op om te komen met beleidsinitiatieven gericht op het vergroten van de kansen en mogelijkheden bij opleiding, training en werk voor gemarginaliseerde groepen. Het kabinet onderschrijft deze oproep.
Ook ten aanzien van zorg, welzijn en sport staat het kabinet positief tegenover de voorgestelde maatregelen. Deze zijn in lijn met het beleid dat het kabinet hanteert voor het tegengaan van racisme binnen voornoemde beleidsterreinen. Het kabinet erkent de noodzaak om discriminatie in zorg, welzijn en sport te erkennen als een determinant voor gezondheidsverschillen, gezondheidsuitkomsten en (sociale) veiligheid in de sport.20 Het kabinet jaagt het zorg- en welzijnsveld verder aan om bijvoorbeeld medische richtlijnen inclusief te maken. Verder erkent het kabinet ook het belang van het adresseren van haatspraak in sport.
Wat het terrein van onderwijs en cultuur betreft, onderschrijft het kabinet het belang van de inzet die de Commissie pleegt met deze meerjarenaanpak op het tegengaan van racisme, juist nu deze thematiek onder druk staat. De strategie en de acties die op nationaal niveau worden aanbevolen, laten zien dat er nog veel werk nodig is om racisme tegen te gaan. Dat de Commissie specifiek aandacht besteedt aan de positie van gemarginaliseerde groepen door het verstevigen van hun sociale gelijkheid, wordt toegejuicht. Onderwijs, kunst en cultuur kunnen hier volgens het kabinet een belangrijke bevorderende rol in spelen.
Op het gebied van huisvesting steunt het kabinet het voornemen van de Commissie dat zij onderzoek wil doen naar de woonsituatie van groepen die risico lopen op discriminatie en een aanbeveling wil doen over de bestrijding van woonuitsluiting.
Wat betreft het verbeteren van de verzameling van gegevens inzake gelijkheid (equality data) verwelkomt het kabinet eventuele Europese richtsnoeren voor het verzamelen en combineren van gegevens inzake gelijkheid door organisaties binnen lidstaten. Het kabinet acht het hierbij wel van belang dat kostbare enquêtes voor bedrijven en burgers zoveel mogelijk dienen te worden vermeden. Indien nieuwe statistische informatie verzameld moet worden die niet aansluit bij de bestaande monitoringskaders is dit een kostbaar proces. Ook zou het kabinet graag wat meer juridische randvoorwaarden in de sfeer van de bescherming van persoonsgegevens zien rond gegevens inzake gelijkheid.
Het kabinet vindt de Europese aandacht voor haatmisdrijven (hate crime) eveneens positief. Verder ziet het kabinet het te verwachten Commissierapport over de Rasrichtlijn met belangstelling tegemoet, evenals de overwegingen om tot een wetgevingsinitiatief te komen ter harmonisatie van definities van online haatmisdrijven.21 Daarmee benadrukt het kabinet het belang van geharmoniseerde definities in het online domein, hetgeen tevens tot uitdrukking komt in de inzet om, conform de motie van het lid Michon-Derkzen, te komen tot een werkbare definitie van online extremistische content in Europees verband.22
De bijzondere aandacht voor online discriminatie valt op. Het kabinet staat positief tegenover voorstel van de Commissie om te onderzoeken welke rol sociale media hebben in het vormen van de houding van jongeren ten aanzien van etnische diversiteit. Het is daarbij belangrijk dat bij het onderzoek wordt gekeken naar alle taalgebieden van de EU en rekening wordt gehouden met culturele en historische verschillen tussen de lidstaten.23 Het is daarbij ook van waarde het gesprek te voeren met socialemediaplatforms over hun ontwerp en gebruikersvoorwaarden, en de maatregelen die zij nemen om racisme op hun platforms uit te bannen. Wat betreft de DSA: het kabinet onderschrijft ten zeerste het voornemen van de Commissie om deze te blijven monitoren en handhaven.
Het kabinet ziet meerwaarde in het investeren in de aanpak van online haatspraak, onder meer in het onderwijs. Daarbij wordt wel opgemerkt dat in de lidstaten zelf al meerdere initiatieven lopen. Het kabinet moedigt de Commissie daarom aan om samenwerking met de lidstaten op te zoeken en de lokale initiatieven te versterken, in plaats van met die initiatieven te concurreren. Het kabinet verwelkomt ook de regelmatige monitoring en ondersteuning van de implementatie van de vrijwillige gedragscode voor de bestrijding van illegale haatzaaiende uitlatingen op internet+.24
De waardering van het kabinet voor vrijwillige gedragscodes als belangrijk instrument onder de DSA komt eveneens tot uitdrukking in het recente non-paper, opgesteld samen met Duitsland en Frankrijk, waarin de Europese Commissie wordt opgeroepen te komen tot een aanvullende vrijwillige gedragscode voor online platforms ten aanzien van online radicalisering, extremisme en terrorisme.25
Inzet op mediawijsheid om jongeren weerbaar te maken tegen onder andere (online) desinformatie en haatspraak acht het kabinet zeker wenselijk. Er moet echter voor gewaakt worden dat de inzet zich niet beperkt tot deze doelgroep. Ouderen vormen ook een kwetsbare groep in de mate waarin zij vatbaar zijn voor het overnemen en verspreiden van desinformatie en haatzaaiende narratieven.
Het kabinet onderschrijft de aanpak van de Commissie om raciale vooringenomenheid in openbaar bestuur tegen te gaan. Het door de Commissie aangekondigde compendium voor uitwisseling van best practices kan een welkome aanvulling vormen op de bestaande aanpak van discriminerende profileringspraktijken. Daarnaast kan de door de Staatscommissie tegen Discriminatie en Racisme ontwikkelde Discriminatietoets, voor een proactieve aanpak van discriminatie door de overheid, mogelijk een rol spelen in het tegengaan van vooroordelen door overheidsorganen.
Ten slotte steunt het kabinet de aandacht voor algoritmische discriminatie. De wens van de Commissie om een rapport uit te brengen over de toepassing en handhaving van de Rasrichtlijn bij algoritmische discriminatie, past bij het Nederlandse beleid om te komen tot een verantwoorde inzet van algoritmen. Daar zijn in Nederland allerlei instrumenten voor ontwikkeld, zoals het Algoritmekader of het IAMA.26
Eerste inschatting van krachtenveld
Naar verwachting kan de antiracismestrategie op brede steun rekenen van de meeste lidstaten. De lidstaten hebben de komst van de strategie eerder bijvoorbeeld verwelkomd en hun toewijding aan
racismebestrijding uitgesproken in de conclusie van de Europese Raad van 18 december 2025.27 Er is geen EU-rapporteur aangesteld.
Grondhouding ten aanzien van bevoegdheid, subsidiariteit, proportionaliteit, financiële gevolgen en gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
Bevoegdheid
De grondhouding van het kabinet is positief. De mededeling heeft betrekking op bestrijden van racisme in de EU. De volgende waarden waarop de EU berust, zoals neergelegd in artikel 2 VEU, liggen hieraan ten grondslag: de eerbied van de menselijke waardigheid, gelijkheid en eerbiediging van mensenrechten, waaronder de rechten van personen die tot minderheden behoren. De waarden van de Unie van artikel 2 VEU moeten de EU en haar lidstaten eerbiedigen wanneer zij optreden binnen de grenzen van de bevoegdheden die in de Verdragen aan de Unie zijn toebedeeld. De Commissie kan deze mededeling uitvaardigen uit hoofde van haar rol als hoedster van de Verdragen, zoals bedoeld in artikel 17 VEU. Het betreft hier overigens geen aankondiging van concrete regelgeving. Met deze mededeling wil de Commissie een strategie uitrollen die zich richt op het bestrijden van racisme in de EU. De Commissie is zodoende bevoegd deze mededeling uit te vaardigen.
Subsidiariteit
De grondhouding van het kabinet ten aanzien van de subsidiariteit van de mededeling is positief. De mededeling heeft tot doel het bestrijden van discriminatie (meer specifiek racisme) in de EU, en het garanderen van een ‘Unie van Gelijkheid’. Gelet op het feit dat racisme een grensoverschrijdend probleem is en gelijkheid een gedeelde Europese waarde is, is optreden op EU-niveau wenselijk. Daarnaast doet discriminatie zich steeds vaker online voor op online platforms. Deze platforms opereren veelal in meerdere lidstaten. Bovendien heeft samenwerking op EU-niveau meerwaarde doordat het bijdraagt aan de uitwisseling van kennis op het gebied van non-discriminatie tussen de lidstaten. Dat kan bijvoorbeeld door het delen van best practices op het gebied van racismebestrijding. Om die redenen is nader optreden op het niveau van de EU gerechtvaardigd.
Proportionaliteit
De grondhouding van het kabinet ten aanzien van de proportionaliteit van de mededeling is positief. De mededeling heeft tot doel het bestrijden van discriminatie (meer specifiek: racisme) in de EU, en het garanderen van een ‘Unie van Gelijkheid’. Het voorgestelde optreden is geschikt om deze doelstelling te bereiken, omdat dit voorstel diverse aanbevelingen bevat voor de lidstaten als wel concrete stappen voor de Commissie zelf. De mededeling roept onder meer op om beleid te ontwikkelen op diverse terreinen (o.a. arbeid(smarkt), onderwijs, cultuur, huisvesting, (gezondheids)zorg, sport, digitale diensten) en om kennisuitwisseling tussen lidstaten te realiseren middels door de Commissie georganiseerde workshops. Het kabinet stelt zich op het standpunt dat deze middelen in de juiste verhouding staan tot het bereiken van de doelen. De aangekondigde acties gaan niet verder dan noodzakelijk, omdat de mededeling genoeg ruimte laat aan de lidstaten om eigen taken, verantwoordelijkheden en beleidskeuzes te maken om eigenstandig en verdergaande maatregelen te nemen.
Financiële gevolgen
Het voorstel heeft geen directe financiële gevolgen, aangezien het geen juridisch bindende verplichtingen bevat. Mochten er toch budgettaire gevolgen zijn, dan worden deze ingepast op de begroting van de beleidsverantwoordelijke departementen, conform de regels van de budgetdiscipline. Daarbij wordt nadrukkelijk gekeken naar eventuele budgettaire gevolgen voor uitvoeringsorganisaties en medeoverheden.
Mogelijke (beperkte) kosten kunnen samenhangen met deelname aan door de Commissie georganiseerde dialogen, kennisuitwisselingen en workshops (inzet van personeel en apparaatskosten). Indien op termijn wordt besloten tot aanvullende nationale beleidsontwikkeling of wetgeving ter uitvoering van de aanbevelingen, kunnen daaruit structurele of incidentele budgettaire gevolgen voortvloeien. Deze gevolgen zijn op dit moment niet te kwantificeren en zullen, indien aan de orde, afzonderlijk worden beoordeeld en ingepast binnen de geldende begrotingskaders.
Het kabinet is van mening dat eventueel benodigde EU-middelen gevonden dienen te worden binnen de in de Raad afgesproken financiële kaders van de EU-begroting 2021–2027 en dat deze moeten passen bij een prudente ontwikkeling van de jaarbegroting. Het kabinet wil niet vooruitlopen op de integrale afweging van middelen na 2027. Eventuele extra personele capaciteit wordt opgevangen binnen bestaande budgettaire kaders. Eventuele budgettaire gevolgen die voortkomen uit deze mededeling worden ingepast op de begroting van de beleidsverantwoordelijke departementen, conform de regels van de budgetdiscipline.
In het voorstel van de Commissie voor het MFK 2028-2034 gaan de uitgaven aan CERV+ ter bevordering van rechten en gelijkheid van 1,5 miljard euro naar 3,6 miljard euro. Daarnaast is de Commissie van plan EU-financiering meer afhankelijk te maken van de bescherming van grondrechten door individuele lidstaten. Zo moeten lidstaten gepaste maatregelen treffen om racisme tegen te gaan om in aanmerking te komen voor de ca. 1 biljoen euro voor nationale en regionale samenwerking in het Commissievoorstel voor het MFK 2028-2034.
Gevolgen voor regeldruk, concurrentiekracht en geopolitieke aspecten
Het voorstel heeft geen directe implicaties voor de regeldruk. De strategie bevat geen bindende verplichtingen. Mogelijke extra werkzaamheden kunnen voortkomen uit deelname aan dialogen, kennisuitwisselingen, workshops en de verbetering en de uitbreiding van de geharmoniseerde verzameling van gegevens. Eventuele regeldruk kan bovendien ontstaan als ervoor wordt gekozen om daadwerkelijk (aanvullend) beleid te ontwikkelen op beleidsterreinen waar dat nu (nog) niet gebeurt. Het kabinet deelt de visie van de Commissie dat het bevorderen van gelijkheid en het bestrijden van racisme ook belangrijk zijn voor het concurrentievermogen van de Europese Unie wereldwijd. Gelet op het karakter van de strategie is de verwachting dat deze geen directe geopolitieke gevolgen zal hebben.
EU Anti-Racism Action Plan 2020-2025.↩︎
Richtlijn 2000/43/EG van de Raad van 29 juni 2000 houdende toepassing van het beginsel van gelijke behandeling van personen ongeacht ras of etnische afstamming. Deze richtlijn is geïmplementeerd in de Algemene wet gelijke behandeling (Awgb).↩︎
Herziening van Richtlijn 2012/29/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 tot vaststelling van minimumnormen voor de rechten, de ondersteuning en de bescherming van slachtoffers van strafbare feiten, en ter vervanging van Kaderbesluit 2001/220/JBZ.↩︎
Verordening (EU) 2024/1689 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 tot vaststelling van geharmoniseerde regels betreffende artificiële intelligentie en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 300/2008, (EU) nr. 167/2013, (EU) nr. 168/2013, (EU) 2018/858, (EU) 2018/1139 en (EU) 2019/2144, en de Richtlijnen 2014/90/EU, (EU) 2016/797 en (EU) 2020/1828 (verordening artificiële intelligentie).↩︎
Verordening (EU) 2022/2065 betreffende een eengemaakte markt voor digitale diensten en tot wijziging van Richtlijn 2000/31/EG (Digitaledienstenverordening).↩︎
In het Europese plan voor betaalbaar wonen (COM(2025) 1025) stelt de Commissie een reeks acties voor om het woningaanbod te vergroten, investeringen en hervormingen te stimuleren en steun te bieden aan mensen en regio’s die het zwaarst getroffen worden door de wooncrisis.↩︎
Een werkelijk inclusieve samenleving versterkt en benut het potentieel van iedereen. Daarom heeft de Commissie gelijkheid centraal gesteld in haar agenda en wil zij een zogenaamde Unie van Gelijkheid bouwen, waarin iedereen kan leven zonder discriminatie.↩︎
Het Blue Book Traineeship is een traineeship bij de Europese Commissie. Het is een startersbaan van ongeveer een half jaar, waarbij je kennismaakt met het werk van de Europese instellingen en (internationale) werkervaring opdoet. Momenteel geldt als een van de aanmeldingsvereisten dat een bacheloropleiding op hbo- of wo-niveau is afgerond. Zie voor meer info: Blue Book traineeship | Werken bij de EU.↩︎
Kamerstukken II, 2024-25, 30 950, nr. 1272.↩︎
De Aanpak Woondiscriminatie bestaat uit vier actielijnen: (1) monitoring en onderzoek, waarbij jaarlijks de landelijke woondiscriminatiecijfers via een monitor in kaart worden gebracht, (2) voorlichting en bewustwording, (3) afdwingbare regels via de Wet goed verhuurderschap, en (4) versterking van lokale en branchegerichte initiatieven.↩︎
Bijvoorbeeld middels de actieprogramma’s Ons Voetbal Is Van Iedereen (OVIVI) en Onze Club Is Van Iedereen (OCIVI).↩︎
De schaalgrootte van impliciet haatzaaiende content is veel groter dan evident illegale haatzaaiende content en kan leiden tot maatschappelijke en individuele schade, terwijl er momenteel weinig handelingsperspectieven zijn.↩︎
Zie: Online aanpak van terrorisme en extremisme | Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid.↩︎
Met de leden van de werkgroep worden actiegerichte interventies in kaart gebracht op basis van wat evidence-based werkt in de aanpak van moslimdiscriminatie. De werkgroep start in 2026, voor de duur van één jaar en komt met een voorstel aan de ministeries BZK en SZW over het mogelijk in te zetten van deze interventies.↩︎
Dit kan bijvoorbeeld via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland: Citizens, Equality, Rights and Values-programma (CERV) | RVO.nl.↩︎
Waaronder naast de antiracismestrategie de Strategie voor Gelijkheid van lhbtiq'ers 2026-2030 en de Strategie voor gendergelijkheid 2026-2030.↩︎
Met intersectionaliteit of intersectionele discriminatie wordt de samenloop en samenhang van verschillende discriminatiegronden bedoeld.↩︎
Nederland kent reeds het Nederlandse Charter Diversiteit, dat bij dit platform is aangesloten. Een van de initiatieven dat hieruit is voortgevloeid is Diversiteit in Bedrijf, dat mede door het kabinet wordt gefinancierd.↩︎
Binnen de EU zijn er diverse diversiteitshandvesten (Diversity Charters) actief die zich inzetten voor meer inclusie en diversiteit op de werkvloer. Elk Charter opereert op nationaal niveau en is afgestemd op de specifieke behoeften en uitdagingen van het eigen land. Tegelijkertijd zijn ze verbonden met het Europese diversiteitshandvest, dat streeft naar een inclusiever en diverser Europa.↩︎
Dit komt ook terug in de VWS-brede aanpak discriminatie en gelijke kansen (2022-2025).↩︎
Richtlijn 2000/43/EG van de Raad van 29 juni 2000 houdende toepassing van het beginsel van gelijke behandeling van personen ongeacht ras of etnische afstamming.↩︎
Kamerstukken II 2025-26, 29754, nr. 758.↩︎
Dit is belangrijk om een goed beeld van de problematiek te kunnen schetsen. Zo bestaat binnen Europa een veelheid aan taalgebieden alsook een verschil tussen de geschiedenis die lidstaten hebben met specifieke bevolkingsgroepen en racisme. Racisme vindt bijvoorbeeld deels zijn oorsprong in het koloniale en slavernijverleden van een aantal Europese lidstaten terwijl in andere lidstaten andere vormen van racisme zoals antisemitisme, antiziganisme en/of anti-moslimracisme juist vaker voorkomen.↩︎
The Code of conduct on countering illegal hate speech online + | Shaping Europe’s digital future.↩︎
Non-paper – Countering together: Fighting Online Radicalisation, Violent Extremism and Terrorism | Brief | Rijksoverheid.nl↩︎
IAMA staat voor Impact Assessment Mensenrechten en Algoritmes.↩︎
Hier te raadplegen: Conclusie van de Europese Raad van 18 december 2025.↩︎