Memorie van toelichting
Wijziging van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)
Memorie van toelichting
Nummer: 2026D10524, datum: 2026-04-02, bijgewerkt: 2026-04-02 12:44, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: P.E. Heerma, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (Ooit CDA kamerlid)
Onderdeel van kamerstukdossier 36915 IV-2 Wijziging van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota).
Onderdeel van zaak 2026Z04498:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Koninkrijksrelaties
- 2026-04-07 15:45: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-04-09 12:00: Wijziging van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota) (Inbreng feitelijke vragen), vaste commissie voor Koninkrijksrelaties
Preview document (π origineel)
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2
Vergaderjaar 2025β2026
36 915 IV Wijziging van de begrotingsstaten van
Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)
Nr. 2 MEMORIE VAN TOELICHTING
INHOUDSOPGAVE
2 Beleid Koninkrijksrelaties 5
2.1 Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties 5
3 Beleidsartikelen Koninkrijksrelaties 9
3.1 Artikel 1. Versterken rechtsstaat 9
3.2 Artikel 2. Slavernijverleden 11
3.3 Artikel 4. Bevorderen sociaaleconomische structuur 13
3.4 Artikel 5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen 15
3.5 Artikel 8. Wederopbouw Bovenwindse Eilanden 16
4 Niet-beleidsartikelen Koninkrijksrelaties 17
4.2 Artikel 7. Nog onverdeeld 18
5.1 Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties 19
A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL
Wetsartikelen 1 tot en met 3
De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2026 wijzigingen aan te brengen in:
de begrotingsstaat van Koninkrijksrelaties (IV);
de begrotingsstaat voor het BES-fonds (H).
De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zogenaamde begrotingstoelichting).
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
P.E. Heerma
B. BEGROTINGSTOELICHTING
1 Leeswijzer
De eerste suppletoire begroting geeft een beeld van de uitvoering van de begroting 2026. De stand van de eerste suppletoire begroting wordt vanaf de stand van de ontwerpbegroting 2026 opgebouwd (Kamerstukken II 2025/26, 36800 IV, nr. 1).
In deze eerste suppletoire begroting wordt in de tabel budgettaire gevolgen van beleid de cijfers van zes begrotingsjaren weergegeven. In de kolom van begrotingsjaar 2031 zijn de middelen in verband met de extrapolatie gepresenteerd.
Uitgangspunt bij de tabel budgettaire gevolgen van beleid is dat per artikel de beleidsmatige en technische mutaties toegelicht worden, die groter dan of gelijk zijn aan de ondergrens zoals deze in de Rijksbegrotingsvoorschriften (RBV) zijn opgenomen, de zogenaamde staffel. In het kader van transparantie of anderszins kan het voorkomen dat mutaties beneden deze ondergrenzen ook worden toegelicht.
|
||
|---|---|---|
|
Beleidsmatige mutaties (ondergrens in β¬ miljoen) | Technische mutaties (ondergrens in β¬ miljoen) |
|
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 1 mln. | Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 2 mln. |
|
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln. | Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln. |
|
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 1 mln. | Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 2 mln. |
|
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 5 mln. | Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 10 mln. |
|
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln. | Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln. |
|
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln. | Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln. |
|
Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln. | Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln. |
|
Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln. | Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 4 mln. |
2 Beleid Koninkrijksrelaties
2.1 Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties
|
|||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Artikel | Uitgaven 2026 | Uitgaven 2027 |
Uitgaven 2028 | Uitgaven 2029 | Uitgaven 2030 |
Uitgaven 2031 | |
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
|
1.618 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
β 681 |
|
|
|
|
|
|
|
|
β 142 |
|
β 276 |
|
|
|
|
|
β 513 |
|
|
|
|
|
|
|
|
β 26 | β 26 |
|
|
1.644 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 |
|
|
|
|
|
|
|
0 |
|
|
|
|
|
|
|
0 |
|
|
|
|
1.627 |
|
|
1.205 |
|
|
|
|
3.110 |
|
|
0 |
|
|
6.273 | 1453 |
|
|
|
0 |
|
|
4.471 |
|
|
|
|
0 |
|
|
2.789 | 3.362 | 3.087 | 3.105 |
|
3.067 |
|
|
2.527 | 2.558 | 1.002 |
|
657 | 628 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
2.000 |
|
|
|
|
|
|
143.265 | |
Toelichting
1. Efficiencytaakstelling
Naar aanleiding van het coalitieakkoord wordt een efficiencytaakstelling op de rijksoverheid doorgevoerd naar rato van de apparaatsuitgaven per departement inclusief de uitvoeringsorganisaties, met als doel de apparaatsuitgaven te verminderen. Deze taakstelling is vanaf 2027 ingeboekt. Deze taakstelling is momenteel geboekt op het apparaat en zal op een later moment verder worden doorverdeeld. Voor KR gaat het om een bedrag oplopend tot structureel β¬ 0,3 mln. per jaar vanaf 2030.
2. Vernieuwing rijksdienst/slagvaardige overheid
Aanvullend op de efficiencytaakstelling op de rijksoverheid wordt een additionele taakstelling doorgevoerd in het kader van de vernieuwing van de rijksdienst en een slagvaardige overheid. Deze taakstelling wordt op dezelfde wijze verdeeld als de efficiencytaakstelling en wordt vanaf 2029 ingeboekt. Deze taakstelling is momenteel geboekt op het apparaat en zal op een later moment verder worden doorverdeeld. Voor KR gaat het om een bedrag oplopend tot structureel β¬ 1,3 mln. per jaar vanaf 2030.
3. Subsidietaakstelling
In het coalitieakkoord is afgesproken dat de subsidiebudgetten bij de departementen structureel worden verlaagd vanaf 2027. Deze taakstelling is verdeeld naar rato van de subsidieuitgaven per departement. Voor KR gaat het om een bedrag van structureel circa β¬ 0,03 mln. per jaar vanaf 2027.
4. Grensbewaking
Dit betreft een bijdrage van β¬ 20,4 mln. aan de Koninklijke Marechaussee (KMar). De KMar gebruikt deze bijdrage om het grenstoezicht te versterken.
Voor deze bijdrage is een protocol opgesteld en ondertekend tussen Nederland en de Caribische landen. Het bedrag wordt overgeboekt van de begroting van Koninkrijksrelaties (IV) naar de begroting van het ministerie van Defensie (X), onderdeel KMar.
5. Recherchecapaciteit
De jaarlijkse ondermijningsmiddelen (circa β¬ 16,2 mln.) ten behoeve van het Recherchesamenwerkingsteam (RST) worden beschikbaar gesteld aan het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV). Daarnaast wordt het reguliere budget voor het RST jaarlijks vooruitbetaald, zodat JenV doorlopend verzekerd is van een vierjarige begrotingsreeks. In 2025 heeft deze overboeking niet plaatsgevonden, waardoor er nu twee overboekingen zijn gedaan (2028 en 2029) van circa β¬ 22,7 mln. per jaar.
6. Rechterlijke macht
De beschikbaar gestelde middelen voor de ondermijningaanpak Cariben 2026 worden overgeheveld van de begroting van Koninkrijksrelaties naar de begroting van Justitie en Veiligheid (VI). Dit betreft onder andere middelen voor 2026 voor het Gemeenschappelijk Hof (β¬ 2,7 mln.), Openbaar Ministerie Aruba (β¬ 0,7 mln.), het Openbaar Ministerie van CuraΓ§ao, Sint Maarten en de BES (β¬ 2,6 mln.).
7. Slavernijverleden, subsidies
Dit betreft het in werking treden van de subsidieregeling maatschappelijke initiatieven (Stcrt. 2025, nr. 22437). Na publicatie van de subsidieregeling op 1 juli 2024 in de Staatscourant is tot en met de eerste helft van 2025 de regeling met de potentieel uitvoerder geoperationaliseerd en per 11 augustus 2025 in werking getreden. Nu er meer inzicht is in het meerjarig kasritme kan een betere aansluiting gemaakt worden tussen het kasritme en de verwachte timing van de uitvoering. Dit gaat om een bedrag van circa β¬ 7,2 mln. cumulatief dat wordt geschoven van de jaren 2026, 2027 en 2029 naar de jaren 2028, 2030 en 2031.
8. Kasschuif slavernijverleden actieagenda's
De specifieke maatregelen van de actieagenda's slavernijverleden (c.q. toezeggingen) zijn door ieder (ei)land verwerkt in concrete projectplannen en opgenomen in de zogeheten actieagenda's. De actieagenda's zijn door de lokale overheden van Aruba, CuraΓ§ao, Bonaire, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten in de zomer van 2025 aangeboden aan het ministerie van BZK en vervolgens (meerjarig) beschikt in september 2025. Hiermee is het budget meerjarig juridisch verplicht en met deze kasschuif worden de budgetten (β¬ 3,7 mln. cumulatief) in het juiste kasritme gezet.
9. Kasschuif voedselzekerheid
Het ministerie van BZK versterkt met een revolverend fonds de voedselzekerheid in het Caribische deel van het Koninkrijk, door middel van leningen met een lage rente aan ondernemers in de agri-sector. CariFoodFund is de stichting die het revolverend fonds gaat beheren. Deze stichting wordt in 2026 opgericht. Met deze kasschuif wordt het budget in het juiste kasritme gezet om de oprichting en kapitaalstortingen in de stichting mogelijk te maken.
Eindejaarsmarge
Dit betreft de toevoeging van de reguliere eindejaarsmarge van 2025.
Loonbijstelling tranche 2026
Dit betreft de loonbijstelling tranche 2026 voor KR.
Prijsbijstelling tranche 2026
Dit betreft de prijsbijstelling tranche 2026 voor KR.
13. Correctie koerseffecten
Omdat de begrotingskoers is gewijzigd van EUR/USD 1,1 in 2025 naar EUR/USD 1,15 in 2026 zijn er minder euro's benodigd om aan de verplichting in vreemde valuta te kunnen voldoen. Om deze reden wordt jaarlijks een correctie voor de koerseffecten gedaan.
14. Extrapolaties 2031
In miljoenennotajaar 2026 is het jaar 2031 toegevoegd aan de begroting. De middelen voor 2031 zijn via de extrapolatie in de eerste suppletoire begroting toegevoegd.
|
||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Artikel | Ontvangsten 2026 |
Ontvangsten 2027 |
Ontvangsten 2028 |
Ontvangsten 2029 |
Ontvangsten 2030 |
Ontvangsten 2031 |
||||
|
|
146.520 |
|
144.780 |
|
0 | ||||
| Mutaties eerste suppletoire begroting 2026 | 73.683 |
|
|
|
|
353.547 | ||||
|
|
0 | 0 | 0 | 0 | 0 | ||||
|
73.683 |
|
|
|
|
353.547 | ||||
|
|
|
0 | 0 | 0 | 0 |
|
|||
|
|
58.856 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |||
|
|
21.252 |
|
|
|
|
|
|||
|
|
β 6.425 |
|
β 18.716 |
|
|
|
|||
|
|
|
|
|
524.728 | 353.547 | ||||
Toelichting
1. Extrapolatie 2031
In miljoenennotajaar 2026 is het jaar 2031 toegevoegd aan de begroting. De middelen voor 2031 zijn via de extrapolatie in de eerste suppletoire begroting toegevoegd.
2. Raming renteontvangsten 2026
Jaarlijks worden de aflossingen op de uitstaande leningen aan Aruba, CuraΓ§ao en Sint Maarten hergewaardeerd tegen de actuele begrotingskoers en wordt het laatste jaar toegevoegd. Voor 2026 wordt er β¬ 58,9 mln. aan renteontvangsten toegevoegd.
3. Raming aflossing Covidleningen
Dit betreft de raming van aflossingen van covidleningen van Aruba, CuraΓ§ao en Sint Maarten. Ook is de aflossing voor 2031 in de eerste suppletoire begroting toegevoegd.
4. Raming aflossing kapitaalleningen
Dit betreft de raming van aflossingen van kapitaalleningen van Aruba, CuraΓ§ao en Sint Maarten. Ook is de aflossing voor 2031 in de eerste suppletoire begroting toegevoegd.
3 Beleidsartikelen Koninkrijksrelaties
3.1 Artikel 1. Versterken rechtsstaat
Budgettaire gevolgen van beleid
|
||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Ontwerp- Begroting t (1) |
Mutaties via NvW, moties, amendementen En ISB (2) |
Vastgestelde begroting t (3) = (1) + (2) | Mutaties 1e suppletoire begroting (4) | Stand 1e suppletoire begroting (5) = (3) + (4) | Mutatie 2027 | Mutatie 2028 | Mutatie 2029 | Mutatie 2030 | Mutatie 2031 | |||
| Art. | Verplichtingen |
|
|
68.716 | β 45.238 | 23.478 |
|
|
|
|
95.712 | |
| Uitgaven |
|
|
68.716 | β 45.238 | 23.478 |
|
|
|
|
95.712 | ||
| 1.0 | Versterken rechtsstaat |
|
|
68.716 | β 45.238 | 23.478 |
|
|
|
|
95.712 | |
| Bijdrage aan ZBO's/RWT's | 394 |
|
|
β 17 |
|
β 33 |
|
β 1 | 0 | 0 | ||
| Detentie - Algemeen | 394 |
|
|
β 17 |
|
β 33 |
|
β 1 | 0 | 0 | ||
| Bijdrage aan medeoverheden |
|
|
|
β 50 |
|
β 51 |
|
β 48 |
|
|
||
| Overige bijstand aan de landen | 75 |
|
|
|
|
β 3 |
|
0 | 0 | 0 | ||
| Bestuurlijke aanpak |
|
|
|
β 48 |
|
β 48 |
|
β 48 |
|
|
||
Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties |
384 |
|
|
|
|
β 39 |
|
β 21 | 0 | 0 | ||
| Detentie - Vastgoed | 384 |
|
|
|
|
β 39 |
|
β 21 | 0 | 0 | ||
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken |
|
|
66.751 |
|
|
0 |
|
|
0 | 94.648 | ||
| Grensbewaking (Defensie) |
|
|
|
|
|
0 |
|
0 | 0 | 33.046 | ||
| Recherchecapaciteit (JenV) |
|
|
|
|
|
0 |
|
|
0 | 44.479 | ||
| Rechterlijke macht (JenV) |
|
|
|
|
|
0 |
|
0 | 0 |
|
||
| Douane (FinanciΓ«n) |
|
|
|
|
|
0 |
|
0 | 0 |
|
||
| Ontvangsten | 0 | 0 | 0 | 0 |
|
0 |
|
0 | 0 | 0 | ||
|
|||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
|||||||||
| Artikel 1 |
|
||||||||
| juridisch verplicht | 3% | ||||||||
| bestuurlijk gebonden |
|
||||||||
| beleidsmatig gereserveerd | 5% | ||||||||
| nog niet ingevuld / vrij te besteden | 0% | ||||||||
Juridisch verplicht
Van het totale uitgavenbudget op artikel 1 is 3% juridisch verplicht en 92% bestuurlijk gebonden.
Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken
Grensbewaking (Defensie)
Dit betreft voornamelijk een bijdrage van circa β¬ 20,4 mln. aan de Koninklijke Marechaussee (KMar). De KMar gebruikt deze bijdrage om het grenstoezicht te versterken. Voor deze bijdrage is een protocol opgesteld en ondertekend tussen Nederland en de Caribische landen. Het bedrag wordt overgeboekt van de begroting van Koninkrijksrelaties (IV) naar de begroting van het ministerie van Defensie (X), onderdeel KMar.
Daarnaast betreft dit enkele reallocaties naar artikel 6 (in totaal circa β¬ 1,5 mln.). Dit gaat om een aantal detacheringen en een verplichting ten behoeve van projecten in het kader van de Wederopbouw (Wederopbouw Bovenwindse Eilanden, artikel 8) die niet op tijd is betaald in 2025. Daardoor zijn de kosten doorgeschoven naar 2026. Middels een reallocatie wordt dit tekort gedekt binnen de middelen voor grensbewaking. Ook betreft dit een reallocatie vanwege een detachering waarvan de middelen vanuit het juiste instrument moeten worden verstrekt en verantwoord.
Recherchecapaciteit (JenV)
De jaarlijkse ondermijningsmiddelen ten behoeve van het Recherchesamenwerkingsteam (RST) worden beschikbaar gesteld aan het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV). Dit betreft een overboeking van circa β¬ 16,2 mln. van de begroting van Koninkrijksrelaties naar de begroting van JenV (VI).
Daarnaast wordt het reguliere budget voor het RST jaarlijks vooruitbetaald, zodat JenV doorlopend verzekerd is van een vierjarige begrotingsreeks. In 2025 heeft deze overboeking niet plaatsgevonden, waardoor er nu twee overboekingen zijn gedaan (2028 en 2029) van circa β¬ 22,7 mln. per jaar.
Rechterlijke macht (JenV)
De beschikbaar gestelde middelen voor de ondermijningaanpak Cariben 2026 worden overgeheveld van de begroting van Koninkrijksrelaties naar de begroting van JenV. Dit betreft onder andere middelen voor 2026 voor het Gemeenschappelijk Hof (β¬ 2,7 mln.), Openbaar Ministerie Aruba (β¬ 0,7 mln.), het Openbaar Ministerie van CuraΓ§ao, Sint Maarten en de BES (β¬ 2,6 mln.).
3.2 Artikel 2. Slavernijverleden
Budgettaire gevolgen van beleid
|
||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
OntwerpΒ begroting t (1) |
menten en
|
|
Mutaties 1e suppletoire begroting (4) | Stand 1e suppletoire begroting
|
Mutatie 2027 | Mutatie 2028 | Mutatie 2029 | Mutatie 2030 | Mutatie 2031 | |||
| Art. Verplichtingen |
|
0 |
|
β 4.727 |
|
|
|
|
|
|
||
|
|
0 | 22.866 | β 8.897 |
|
|
|
|
|
|
||
| 2.0 Slavernijverleden |
|
0 | 22.866 | β 8.897 |
|
|
|
|
|
|
||
|
|
0 |
|
|
|
|
|
β 1.383 |
|
|
||
|
|
0 |
|
|
|
|
|
β 1.383 |
|
|
||
|
|
0 |
|
|
|
|
|
|
|
0 | ||
|
|
0 |
|
|
|
|
|
|
|
0 | ||
|
|
0 | 14.100 | β 4.337 |
|
β 233 |
|
392 |
|
0 | ||
|
|
0 | 14.100 | β 4.337 |
|
β 233 |
|
392 |
|
0 | ||
| Ontvangsten 0 0 0 0 | 0 |
|
|
|
|
0 | ||||||
| Geschatte budgetflexibiliteit | |||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
|||||||
| Artikel 2 |
|
||||||
| juridisch verplicht |
|
||||||
| Bestuurlijk gebonden |
|
||||||
| Beleidsmatig gereserveerd | 3% | ||||||
| Nog niet ingevuld / vrij te besteden | 0% | ||||||
Juridisch verplicht
Van het totale uitgavenbudget op artikel 2 is 70% juridisch verplicht.
Uitgaven
Subsidies (regelingen)
Maatschappelijke initiatieven
Dit betreft voornamelijk het in werking treden van de subsidieregeling maatschappelijke initiatieven (Stcrt. 2025, nr. 22437). Na publicatie van de subsidieregeling op 1 juli 2024 in de Staatscourant is tot en met de eerste helft van 2025 de regeling met de potentieel uitvoerder geoperationaliseerd en per 11 augustus 2025 in werking getreden. Nu er meer inzicht is in het meerjarig kasritme kan een betere aansluiting gemaakt worden tussen het kasritme en de verwachte timing van de uitvoering. Dit gaat om een bedrag van circa β¬ 7,2 mln. van de jaren 2026, 2027 en 2029 naar de jaren 2028, 2030 en 2031.
Ook is een formele meerjarige opdracht verstrekt voor de uitvoering van de subsidieregeling aan de unit Uitvoering van Beleid (UvB) van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De uitvoeringskosten (circa β¬ 1 mln.) worden overgeboekt naar SZW.
Bijdrage aan medeoverheden
Maatregelen voor bewustwording, betrokkenheid en doorwerking slavernijverleden
De specifieke maatregelen (c.q. toezeggingen) zijn door ieder (ei)land verwerkt in concrete projectplannen en opgenomen in de zogeheten actieagenda's. De actieagenda's zijn door de lokale overheden van Aruba, CuraΓ§ao, Bonaire, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten in de zomer van 2025 aangeboden aan het ministerie van BZK en vervolgens (meerjarig) beschikt in september 2025. Hiermee is het budget meerjarig juridisch verplicht en met deze kasschuif worden de budgetten (β¬ 3,7 mln.) in het juiste kasritme gezet.
3.3 Artikel 4. Bevorderen sociaaleconomische structuur
Budgettaire gevolgen van beleid
|
|||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Ontwerp- begroting t (1) |
Mutaties via NvW, moties, amendementen en ISB (2) | Vastgestelde begroting t(3) = (1) + (2) | Mutaties 1e suppletoire begroting (4) | Stand 1e suppletoire begroting (5) = (3) + (4) | Mutatie 2027 | Mutatie 2028 | Mutatie 2029 | Mutatie 2030 | Mutatie 2031 | ||
| Art. Verplichtingen |
|
|
|
|
78.600 |
|
|
|
|
8.338 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
8.338 | |
| 4.1 CuraΓ§ao, Sint Maarten en Aruba |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
1.623 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
760 |
|
|
30 |
|
|
|
|
|
0 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
| Onderwijshuisvesting CuraΓ§ao |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
115 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
115 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
1.268 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
1.268 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
255 |
|
|
|
|
|
|
|
|
240 | |
|
255 |
|
|
|
|
|
|
|
|
240 | |
| 4.2 Caribisch Nederland |
|
|
22.917 |
|
|
|
|
|
|
6.715 | |
|
|
|
|
85 |
|
|
|
|
|
1.831 | |
| Subsidies Caribisch Nederland |
|
|
|
85 |
|
|
|
|
|
1.831 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
2.155 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
1.546 | |
|
609 |
|
|
|
|
|
|
|
|
609 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
1.349 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
1.349 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
1.380 | |
|
|
|
14.000 |
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
1.380 | |
| 4.3 Stimuleringsregelingen |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
361 |
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
361 |
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
|
0 |
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | |
Geschatte budgetflexibiliteit
|
|
|---|---|
|
2026 |
|
|
|
|
|
|
|
|
Juridisch verplicht
Van het totale uitgavenbudget op artikel 4 is 54 % juridisch verplicht.
Artikel 4.1 CuraΓ§ao, Sint Maarten en Aruba
Bij artikel 4.1 worden er geen mutaties toegelicht, omdat de mutaties in de eerste suppletoire begroting niet groter dan of gelijk zijn aan de ondergrens zoals deze in de Rijksbegrotingsvoorschriften (RBV) is opgenomen in de staffel.
Artikel 4.2 Caribisch Nederland
Bijdrage aan medeoverheden
Bij artikel 4.2 worden er geen mutaties toegelicht, omdat de mutaties in de eerste suppletoire begroting niet groter dan of gelijk zijn aan de ondergrens zoals deze in de RBV is opgenomen in de staffel.
Artikel 4.3 Stimuleringsregelingen
Subsidies (regelingen)
Voedselzekerheid
Deze mutatie betreft voornamelijk de oprichting van CariFoodFund en kapitaalstortingen in CariFoodFund.
Het ministerie van BZK versterkt met een revolverend fonds de voedselzekerheid in het Caribische deel van het Koninkrijk, door middel van leningen met een lage rente aan ondernemers in de agri-sector. CariFoodFund is de stichting die het revolverend fonds gaat beheren. Deze stichting wordt in 2026 opgericht. Met deze kasschuif wordt het budget in het juiste kasritme gezet om de oprichting en kapitaalstortingen in de stichting mogelijk te maken.
Daarnaast wordt β¬ 0,5 mln. gerealloceerd ten behoeve van een bijzondere uitkering aan Sint Eustatius. Zoals beschreven in de ontwerpbegroting 2026 is de versterking van de voedselzekerheid onderverdeeld in twee pijlers, waarvan de tweede pijler bestaat uit directe subsidies en bijdragen aan lokale overheden. Deze mutatie is hier onderdeel van.
3.4 Artikel 5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen
Budgettaire gevolgen van beleid
|
|||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Ontwerp- begroting (1) |
Mutaties via NvW, moties, amendementen en ISB (2) | Vastgestelde begroting t (3) = (1) + (2) | Mutaties 1e suppletoire begroting (4) | Stand 1e suppletoire begroting (5) = (3) + (4) | Mutatie 2027 | Mutatie 2028 | Mutatie 2029 | Mutatie 2030 |
Mutatie 2031 | ||||||
|
Verplichtingen | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
|
|
|
|
0 | ||||
| Uitgaven |
|
0 | 28.517 | 0 | 28.517 |
|
|
|
|
9.811 | |||||
|
Schuldsanering CuraΓ§ao en Sint Maarten |
|
0 | 28.517 | 0 | 28.517 |
|
|
|
|
9.811 | ||||
| Leningen |
|
0 | 28.517 | 0 | 28.517 |
|
|
|
|
9.811 | |||||
| Schuldsanering |
|
0 | 28.517 | 0 | 28.517 |
|
|
|
|
9.811 | |||||
| Ontvangsten |
|
0 | 153.073 | 73.683 | 226.756 |
|
|
|
|
353.547 | |||||
|
|||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
|||||||||
| Artikel 5 | 2026 | ||||||||
| juridisch verplicht | 100% | ||||||||
| bestuurlijk gebonden | 0% | ||||||||
| beleidsmatig gereserveerd | 0% | ||||||||
| nog niet ingevuld / vrij te besteden | 0% | ||||||||
Juridisch verplicht
Van het totale uitgavenbudget op artikel 5 is 100% juridisch verplicht en dit betreft volledig het instrument leningen.
Ontvangsten
Jaarlijks worden de aflossingen op de uitstaande leningen aan Aruba, CuraΓ§ao en Sint Maarten hergewaardeerd tegen de actuele begrotingskoers en wordt het laatste begrotingsjaar toegevoegd.
3.5 Artikel 8. Wederopbouw Bovenwindse Eilanden
Budgettaire gevolgen van beleid
|
|||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Ontwerpbegroting t (1) | Mutaties via NvW, moties, amendementen en ISB (2) | Vastgestelde begroting t (3) = (1) + (2) | Mutaties 1e suppletoire begroting (4) | Stand 1e suppletoire begroting (5) = (3) + (4) |
|
|
Mutatie 2029 | Mutatie 2029 | Mutatie 2030 | Mutatie 2031 | |
|
|
|
|
|
|
|
0 | 0 |
|
|
0 |
|
|
|
|
|
|
|
0 | 0 |
|
|
0 |
|
|
|
|
|
|
|
0 | 0 |
|
|
0 |
|
|
|
|
|
|
|
0 | 0 |
|
|
0 |
|
|
|
|
|
|
|
0 | 0 |
|
|
0 |
|
|
|
|
|
|
|
0 | 0 |
|
|
0 |
| Geschatte budgetflexibiliteit | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
||||||||||
| Artikel 8 | 2026 | |||||||||
| juridisch verplicht | 54% | |||||||||
| bestuurlijk gebonden | 0% | |||||||||
| beleidsmatig gereserveerd | 46% | |||||||||
| nog niet ingevuld / vrij te besteden | 0% | |||||||||
Juridisch verplicht
Van het totale uitgavenbudget op artikel 8 is 54% juridisch verplicht.
Subsidies (regelingen)
Diverse subsidies
Een verplichting van β¬ 0,4 mln. ten behoeve van projecten in het kader van de Wederopbouw is eind 2025 niet tot uitbetaling gekomen. De uitgaven vallen nu in 2026, waardoor er in 2026 een tekort ontstaat. Middels deze reallocatie wordt dit tekort gecorrigeerd.
4 Niet-beleidsartikelen Koninkrijksrelaties
4.1 Artikel 6. Apparaat
Budgettaire gevolgen
|
|||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Ontwerpbegroting t (1) | Mutaties via
menten en
|
(3) = (1) + (2) |
Mutaties 1e suppletoire
(4) |
(5) = (3) + (4) |
Mutatie 2027 | Mutatie 2028 | Mutatie 2029 | Mutatie 2030 | Mutatie 2031 | ||
| Art. Verplichtingen |
|
0 | 35.135 | β 2.356 |
|
β 1.175 | β 1.020 | β 1.583 | β 2.714 |
|
|
|
|
0 | 35.135 | β 2.356 |
|
β 1.175 | β 1.020 | β 1.583 | β 2.714 |
|
|
| 6.0 Apparaat |
|
0 | 35.135 | β 2.356 |
|
β 1.175 | β 1.020 | β 1.583 | β 2.714 |
|
|
|
|
0 | 24.549 | β 1.859 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | 23.408 | β 1.830 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | 1.141 | β 29 |
|
|
β 31 |
|
β 61 | 482 | |
|
|
0 | 10.586 | β 497 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
0 | 10.586 | β 497 |
|
|
|
|
|
|
|
Ontvangsten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Toelichting
Personele uitgaven
Eigen personeel
Dit betreft voornamelijk een overboeking van circa β¬ 1,8 mln. naar het centraal apparaatsartikel van de BZK-begroting voor de personele uitgaven van de Tijdelijke Werkorganisatie.
4.2 Artikel 7. Nog onverdeeld
Budgettaire gevolgen
|
|||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Ontwerpbegroting t (1) |
|
|
|
|
Mutatie 2027 | Mutatie 2028 | Mutatie 2029 | Mutatie 2030 | Mutatie 2031 | ||||
| Art. Verplichtingen | 0 | 0 | 0 |
|
|
|
|
|
|
4.574 | |||
|
0 | 0 | 0 |
|
|
|
|
|
|
4.574 | |||
| 7.0 Nog onverdeeld | 0 | 0 | 0 |
|
|
|
|
|
|
4.574 | |||
|
0 | 0 | 0 |
|
|
|
|
|
|
4.574 | |||
|
0 | 0 | 0 | 2.789 |
|
|
|
|
|
3.067 | |||
|
0 | 0 | 0 | 2.527 |
|
|
|
742 |
|
628 | |||
|
0 | 0 | 0 | 2.387 |
|
|
|
|
|
879 | |||
Ontvangsten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Toelichting
Nog te verdelen
Loonbijstelling
Dit betreft de loonbijstelling tranche 2026 voor begrotingshoofdstuk IV Koninkrijksrelaties.
Prijsbijstelling
Dit betreft de prijsbijstelling tranche 2026 voor begrotingshoofdstuk IV Koninkrijksrelaties.
Onvoorzien
Er wordt eindejaarsmarge toegevoegd aan de begroting van Koninkrijksrelaties. Dit betreft diverse overlopende verplichtingen die niet op tijd ontvangen zijn en ten laste komen van het kasbudget 2026. Het gaat hierbij onder andere om facturen op het apparaatsbudget en om opdrachten die een langere doorlooptijd kennen dan van tevoren werd verwacht.
5 Beleid BES-fonds
5.1 Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties
|
|||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Uitgaven 2026 Artikelnummer |
Uitgaven 2027 | Uitgaven 2028 | Uitgaven 2029 | Uitgaven 2030 | Uitgaven 2031 | ||
| Vastgestelde begroting 2026 |
|
96.920 | 98.922 | 100.926 | 103.691 | 0 | |
| Mutaties coalitieakkoord | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| Belangrijkste suppletoire mutaties | |||||||
| 1) Correctie koerseffecten BES-fonds |
|
β 4.166 | β 4.214 | β 4.301 | β 4.388 | 4.508 | β 4.508 |
| 2) Extrapolaties |
|
0 | 0 | 0 | 0 | 0 | 103.691 |
| 3) BBP-indexatie |
|
|
2.859 | 2.918 | 2.977 | 3.058 | 3.058 |
| 4) Overige mutaties |
|
177 | 182 | 188 | 0 | 0 | 0 |
| Stand 1e suppletoire begroting 2026 |
|
95.747 | 97.727 | 99.515 | 102.241 | 102.241 | |
Toelichting
1. Correctie koerseffecten BES-Fonds
Omdat de begrotingskoers is gewijzigd van EUR/USD 1,1 in 2025 naar EUR/USD 1,15 in 2026 zijn er minder euro's benodigd om aan de verplichting in vreemde valuta te kunnen voldoen. Om deze reden wordt jaarlijks een correctie voor de koerseffecten gedaan, te weten β¬ 4,1 mln. in 2026 oplopend tot β¬ 4,5 mln. in 2031.
2. Extrapolatie 2031
In miljoenennotajaar 2026 is het jaar 2031 toegevoegd aan de begroting. De middelen voor 2031 zijn in deze eerste suppletoire begroting toegevoegd.
3. BBP-indexatie
De BBP-indexatie wordt aan het BES-fonds toegevoegd. Dit betreft β¬ 2,8 mln. in 2026 oplopend naar β¬ 3 mln. in 2031
|
|||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Ontvangsten 2026 Artikelnummer |
Ontvangsten 2027 | Ontvangsten 2028 | Ontvangsten 2029 | Uitgaven 2030 | Uitgaven 2031 | ||
| Vastgestelde begroting 2026 |
|
96.920 | 98.922 | 100.926 | 103.691 | 0 | |
| Belangrijkste suppletoire mutaties | |||||||
1) Wet financiΓ«n openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba |
|
-1.163 | -1.173 | -1.195 | -1.411 | -1.450 | 102.241 |
| Stand 1e suppletoire begroting 2026 |
|
95.747 | 97.727 | 99.515 | 102.241 | 102.241 | |
Toelichting
1. Wet financiΓ«n openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Wet financiΓ«n openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (FinBES) dienen de uitgaven en ontvangsten over ieder uitkeringsjaar voor het BES-fonds gelijk te zijn. Ten behoeve van de dekking van de dekking van deze uitgaven is een post ontvangsten geraamd.
6 Beleidsartikel BES-fonds
6.1 Artikel 1. BES-fonds
Budgettaire gevolgen van beleid
|
||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
|
|
|
|
Mutaties
suppletoire begroting
|
Stand 1e suppletoire begroting (5)= (3)+(4) |
Mutatie 2027 |
Mutatie 2028 |
Mutatie 2029 | Mutatie 2030 | Mutatie 2031 |
|
|
|
95.808 | β 1.163 | 94.645 |
|
β 1.195 |
|
|
|
|
|
|
95.808 | β 1.163 | 94.645 |
|
β 1.195 |
|
|
|
|
||||||||||
|
|
|
95.808 |
|
94.645 |
|
β 1.195 |
|
|
102.241 |
|
|
|
|
|
|
|
β 1.195 |
|
|
102.241 |
Toelichting
Het BES-fonds kent geen budgetflexibiliteit. De openbare lichamen ontvangen middelen voor de aan hen wettelijk en toebedeelde taken.
Bijdrage aan medeoverheden
Vrije uitkering
Omdat de begrotingskoers is gewijzigd van EUR/USD 1,1 in 2025 naar EUR/USD 1,15 in 2026 zijn er minder euro's benodigd om aan de verplichting in vreemde valuta te kunnen voldoen. Om deze reden wordt jaarlijks een correctie voor de koerseffecten gedaan, te weten β¬ 4,1 mln. in 2026 oplopend tot β¬ 4,5 mln. in 2031.
Tevens wordt de indexatie volgens de BBP-systematiek aan het BES-fonds toegevoegd. Dit betreft β¬ 2,8 mln. in 2026 oplopend naar β¬ 3 mln. in 2031.
Ontvangsten
Artikel 88, derde lid van de Wet financiΓ«n openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (FinBES) regelt dat bij (begrotings-)wet voor ieder uitkeringsjaar middelen van het Rijk worden afgezonderd ten behoeve van het BES-fonds. De uitgaven en de afgezonderde ontvangsten over ieder uitkeringsjaar zijn aan elkaar gelijk. Gelet hierop is ten behoeve van de dekking van de uitgaven ten laste van het BES-fonds een post ontvangsten geraamd.