[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [πŸ§‘mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo]←NIEUW! [πŸ” uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Memorie van toelichting

Wijziging van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)

Memorie van toelichting

Nummer: 2026D10524, datum: 2026-04-02, bijgewerkt: 2026-04-15 12:59, versie: 4 (versie 1, versie 2, versie 3)

Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiΓ«le HTML versie (kst-36915-IV-2).

Gerelateerde personen:

Onderdeel van kamerstukdossier 36915 IV-2 Wijziging van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota).

Onderdeel van zaak 2026Z04498:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (πŸ”— origineel)


Tweede Kamer der Staten-Generaal 2
Vergaderjaar 2025-2026

36 915 IV Wijziging van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)

Nr. 2 MEMORIE VAN TOELICHTING

INHOUDSOPGAVE

A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL 2
B. BEGROTINGSTOELICHTING 3
1 Leeswijzer 3
2 Beleid Koninkrijksrelaties 3
2.1 Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties 3
3 Beleidsartikelen Koninkrijksrelaties 6
3.1 Artikel 1. Versterken rechtsstaat 6
3.2 Artikel 2. Slavernijverleden 8
3.3 Artikel 4. Bevorderen sociaaleconomische structuur 10
3.4 Artikel 5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen 13
3.5 Artikel 8. Wederopbouw Bovenwindse Eilanden 15
4 Niet-beleidsartikelen Koninkrijksrelaties 17
4.1 Artikel 6. Apparaat 17
4.2 Artikel 7. Nog onverdeeld 19
5 Beleid BES-fonds 21
5.1 Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties 21
6 Beleidsartikel BES-fonds 22
6.1 Artikel 1. BES-fonds 22

A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET WETSVOORSTEL

Wetsartikelen 1 tot en met 3

De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij wet vastgesteld en derhalve ook gewijzigd. Het onderhavige wetsvoorstel strekt ertoe om voor het jaar 2026 wijzigingen aan te brengen in:

1. de begrotingsstaat van Koninkrijksrelaties (IV);

2. de begrotingsstaat voor het BES-fonds (H).

De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zogenaamde begrotingstoelichting).

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
P.E. Heerma

B. BEGROTINGSTOELICHTING

1 Leeswijzer

De eerste suppletoire begroting geeft een beeld van de uitvoering van de begroting 2026. De stand van de eerste suppletoire begroting wordt vanaf de stand van de ontwerpbegroting 2026 opgebouwd (Kamerstukken II 2025/26, 36800 IV, nr. 1).

In deze eerste suppletoire begroting wordt in de tabel budgettaire gevolgen van beleid de cijfers van zes begrotingsjaren weergegeven. In de kolom van begrotingsjaar 2031 zijn de middelen in verband met de extrapolatie gepresenteerd.

Uitgangspunt bij de tabel budgettaire gevolgen van beleid is dat per artikel de beleidsmatige en technische mutaties toegelicht worden, die groter dan of gelijk zijn aan de ondergrens zoals deze in de Rijksbegrotingsvoorschriften (RBV) zijn opgenomen, de zogenaamde staffel. In het kader van transparantie of anderszins kan het voorkomen dat mutaties beneden deze ondergrenzen ook worden toegelicht.

1. Versterken rechtsstaat Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 1 mln. Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 2 mln.
2. Slavernijverleden Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln. Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.

4. Bevorderen

sociaaleconomische structuur

Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 1 mln. Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 2 mln.
5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 5 mln. Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 10 mln.

8. Wederopbouw

Bovenwindse Eilanden

Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln. Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.
6. Apparaat Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln. Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.
7. Nog onverdeeld Verplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln. Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.
1. BES-fonds Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln. Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 4 mln.

2 Beleid Koninkrijksrelaties

2.1 Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties

Vastgestelde begroting 2026 222.151 236.940 180.191 149.710 139.329 0
Mutaties eerste suppletoire begroting 2026 – 41.984 1.618 – 23.284 – 21.603 5.176 143.265
– waarvan mutaties coalitieakkoord 0 – 26 – 27 – 681 – 1.567 – 1.567
1 Efficiencytaakstelling 1, 6 0 0 – 1 – 142 – 276 – 276
2 Vernieuwing rijksdienst / slagvaardige overheid 4 0 0 0 – 513 – 1.265 – 1.265
3 Subsidietaakstelling 6 0 – 26 – 26 – 26 – 26 – 26
– waarvan overige suppletoire mutaties – 41.984 1.644 – 23.257 – 20.922 6.743 144.832
4 Grensbewaking 1 – 20.371 0 0 0 0 0
5 Recherchecapaciteit 1 – 16.260 0 – 22.700 – 22.700 0 0
6 Rechterlijke macht 1 – 6.440 0 0 0 0 0
7 Kasschuif slavernijverleden subsidies 2 – 3.934 – 2.154 1.627 – 1.067 4.323 1.205
8 Kasschuif slavernijverleden actieagenda's 2 – 3.724 134 3.110 480 0 0
9 Kasschuif voedselzekerheid 4 6.273 1453 – 7726 0 0 0
10 Eindejaarsmarge 2, 4, 7 4.471 0 0 0 0 0
11 Loonbijstelling tranche 2026 7 2.789 3.362 3.087 3.105 3.062 3.067
12 Prijsbijstelling tranche 2026 7 2.527 2.558 1.002 742 657 628
13 Correctie koerseffecten Alle – 3.179 – 3.664 – 1.657 – 1.482 – 1.299 – 1.397
14 Extrapolaties 2031 Alle 0 0 0 0 0 139.329
15 Overige mutaties Alle – 4.136 – 45 0 0 0 2.000
Stand eerste suppletoire begroting 2026 180.167 238.558 156.907 128.107 144.505 143.265

Toelichting

1. Efficiencytaakstelling

Naar aanleiding van het coalitieakkoord wordt een efficiencytaakstelling op de rijksoverheid doorgevoerd naar rato van de apparaatsuitgaven per departement inclusief de uitvoeringsorganisaties, met als doel de apparaatsuitgaven te verminderen. Deze taakstelling is vanaf 2027 ingeboekt. Deze taakstelling is momenteel geboekt op het apparaat en zal op een later moment verder worden doorverdeeld. Voor KR gaat het om een bedrag oplopend tot structureel € 0,3 mln. per jaar vanaf 2030.

2. Vernieuwing rijksdienst/slagvaardige overheid

Aanvullend op de efficiencytaakstelling op de rijksoverheid wordt een additionele taakstelling doorgevoerd in het kader van de vernieuwing van de rijksdienst en een slagvaardige overheid. Deze taakstelling wordt op dezelfde wijze verdeeld als de efficiencytaakstelling en wordt vanaf 2029 ingeboekt. Deze taakstelling is momenteel geboekt op het apparaat en zal op een later moment verder worden doorverdeeld. Voor KR gaat het om een bedrag oplopend tot structureel € 1,3 mln. per jaar vanaf 2030.

3. Subsidietaakstelling

In het coalitieakkoord is afgesproken dat de subsidiebudgetten bij de departementen structureel worden verlaagd vanaf 2027. Deze taakstelling is verdeeld naar rato van de subsidieuitgaven per departement. Voor KR gaat het om een bedrag van structureel circa € 0,03 mln. per jaar vanaf 2027.

4. Grensbewaking

Dit betreft een bijdrage van € 20,4 mln. aan de Koninklijke Marechaussee (KMar). De KMar gebruikt deze bijdrage om het grenstoezicht te versterken.

Voor deze bijdrage is een protocol opgesteld en ondertekend tussen Nederland en de Caribische landen. Het bedrag wordt overgeboekt van de begroting van Koninkrijksrelaties (IV) naar de begroting van het Ministerie van Defensie (X), onderdeel KMar.

5. Recherchecapaciteit

De jaarlijkse ondermijningsmiddelen (circa € 16,2 mln.) ten behoeve van het Recherchesamenwerkingsteam (RST) worden beschikbaar gesteld aan het Ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV). Daarnaast wordt het reguliere budget voor het RST jaarlijks vooruitbetaald, zodat JenV doorlopend verzekerd is van een vierjarige begrotingsreeks. In 2025 heeft deze overboeking niet plaatsgevonden, waardoor er nu twee overboekingen zijn gedaan (2028 en 2029) van circa € 22,7 mln. per jaar.

6. Rechterlijke macht

De beschikbaar gestelde middelen voor de ondermijningaanpak Cariben 2026 worden overgeheveld van de begroting van Koninkrijksrelaties naar de begroting van Justitie en Veiligheid (VI). Dit betreft onder andere middelen voor 2026 voor het Gemeenschappelijk Hof (€ 2,7 mln.), Openbaar Ministerie Aruba (€ 0,7 mln.), het Openbaar Ministerie van CuraΓ§ao, Sint Maarten en de BES (€ 2,6 mln.).

7. Slavernijverleden, subsidies

Dit betreft het in werking treden van de subsidieregeling maatschappelijke initiatieven (Stcrt. 2025, nr. 22437). Na publicatie van de subsidieregeling op 1 juli 2024 in de Staatscourant is tot en met de eerste helft van 2025 de regeling met de potentieel uitvoerder geoperationaliseerd en per 11 augustus 2025 in werking getreden. Nu er meer inzicht is in het meerjarig kasritme kan een betere aansluiting gemaakt worden tussen het kasritme en de verwachte timing van de uitvoering. Dit gaat om een bedrag van circa € 7,2 mln. cumulatief dat wordt geschoven van de jaren 2026, 2027 en 2029 naar de jaren 2028, 2030 en 2031.

8. Kasschuif slavernijverleden actieagenda's

De specifieke maatregelen van de actieagenda's slavernijverleden (c.q. toezeggingen) zijn door ieder (ei)land verwerkt in concrete projectplannen en opgenomen in de zogeheten actieagenda's. De actieagenda's zijn door de lokale overheden van Aruba, CuraΓ§ao, Bonaire, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten in de zomer van 2025 aangeboden aan het Ministerie van BZK en vervolgens (meerjarig) beschikt in september 2025. Hiermee is het budget meerjarig juridisch verplicht en met deze kasschuif worden de budgetten (€ 3,7 mln. cumulatief) in het juiste kasritme gezet.

9. Kasschuif voedselzekerheid

Het Ministerie van BZK versterkt met een revolverend fonds de voedselzekerheid in het Caribische deel van het Koninkrijk, door middel van leningen met een lage rente aan ondernemers in de agri-sector. CariFoodFund is de stichting die het revolverend fonds gaat beheren. Deze stichting wordt in 2026 opgericht. Met deze kasschuif wordt het budget in het juiste kasritme gezet om de oprichting en kapitaalstortingen in de stichting mogelijk te maken.

10. Eindejaarsmarge

Dit betreft de toevoeging van de reguliere eindejaarsmarge van 2025.

11. Loonbijstelling tranche 2026

Dit betreft de loonbijstelling tranche 2026 voor KR.

12. Prijsbijstelling tranche 2026

Dit betreft de prijsbijstelling tranche 2026 voor KR.

13. Correctie koerseffecten

Omdat de begrotingskoers is gewijzigd van EUR/USD 1,1 in 2025 naar EUR/USD 1,15 in 2026 zijn er minder euro's benodigd om aan de verplichting in vreemde valuta te kunnen voldoen. Om deze reden wordt jaarlijks een correctie voor de koerseffecten gedaan.

14. Extrapolaties 2031

In miljoenennotajaar 2026 is het jaar 2031 toegevoegd aan de begroting. De middelen voor 2031 zijn via de extrapolatie in de eerste suppletoire begroting toegevoegd.

Vastgestelde begroting 2026 153.073 146.520 152.945 144.780 317.706 0
Mutaties eerste suppletoire begroting 2026 73.683 14.827 2.536 39.430 207.022 353.547
– waarvan mutaties coalitieakkoord 0 0 0 0 0 0
– waarvan overige suppletoire mutaties 73.683 14.827 2.536 39.430 207.022 353.547
1 Extrapolaties 2031 5 0 0 0 0 0 317.706
2 Raming renteontvangsten 2026 5 58.856 0 0 0 0 0
3 Raming aflossing Covidleningen 5 21.252 21.252 21.252 21.252 21.252 21.252
4 Raming aflossing kapitaalleningen 5 – 6.425 – 6.425 – 18.716 18.178 185.770 14.589
Stand eerste suppletoire begroting 2026 226.756 161.347 155.481 184.210 524.728 353.547
Toelichting
1. Extrapolatie 2031

In miljoenennotajaar 2026 is het jaar 2031 toegevoegd aan de begroting. De middelen voor 2031 zijn via de extrapolatie in de eerste suppletoire begroting toegevoegd.

2. Raming renteontvangsten 2026

Jaarlijks worden de aflossingen op de uitstaande leningen aan Aruba, CuraΓ§ao en Sint Maarten hergewaardeerd tegen de actuele begrotingskoers en wordt het laatste jaar toegevoegd. Voor 2026 wordt er € 58,9 mln. aan renteontvangsten toegevoegd.

3. Raming aflossing Covidleningen

Dit betreft de raming van aflossingen van covidleningen van Aruba, CuraΓ§ao en Sint Maarten. Ook is de aflossing voor 2031 in de eerste suppletoire begroting toegevoegd.

4. Raming aflossing kapitaalleningen

Dit betreft de raming van aflossingen van kapitaalleningen van Aruba, CuraΓ§ao en Sint Maarten. Ook is de aflossing voor 2031 in de eerste suppletoire begroting toegevoegd.

3 Beleidsartikelen Koninkrijksrelaties

3.1 Artikel 1. Versterken rechtsstaat

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 68.716 0 68.716 – 45.238 23.478 – 123 – 22.791 – 22.770 – 48 95.712
Uitgaven 68.716 0 68.716 – 45.238 23.478 – 123 – 22.791 – 22.770 – 48 95.712
1.0 Versterken rechtsstaat 68.716 0 68.716 – 45.238 23.478 – 123 – 22.791 – 22.770 – 48 95.712
Bijdrage aan ZBO's/RWT's 394 0 394 – 17 377 – 33 – 6 – 1 0 0
Detentie – Algemeen 394 0 394 – 17 377 – 33 – 6 – 1 0 0
Bijdrage aan medeoverheden 1.187 0 1.187 – 50 1.137 – 51 – 51 – 48 – 48 1.064
Overige bijstand aan de landen 75 0 75 – 2 73 – 3 – 3 0 0 0
Bestuurlijke aanpak 1.112 0 1.112 – 48 1.064 – 48 – 48 – 48 – 48 1.064

Bijdrage aan

(inter-)nationale organisaties

384 0 384 – 9 375 – 39 – 34 – 21 0 0
Detentie – Vastgoed 384 0 384 – 9 375 – 39 – 34 – 21 0 0

Bijdrage aan

(andere) begrotingshoofdstukken

66.751 0 66.751 – 45.162 21.589 0 – 22.700 – 22.700 0 94.648
Grensbewaking (Defensie) 31.238 0 31.238 – 21.846 9.392 0 0 0 0 33.046
Recherchecapaciteit (JenV) 17.528 0 17.528 – 16.260 1.268 0 – 22.700 – 22.700 0 44.479
Rechterlijke macht (JenV) 12.858 0 12.858 – 6.480 6.378 0 0 0 0 11.996
Douane (FinanciΓ«n) 5.127 0 5.127 – 576 4.551 0 0 0 0 5.127
Ontvangsten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

Geschatte budgetflexibiliteit

juridisch verplicht 3%
bestuurlijk gebonden 92%
beleidsmatig gereserveerd 5%
nog niet ingevuld / vrij te besteden 0%

Juridisch verplicht

Van het totale uitgavenbudget op artikel 1 is 3% juridisch verplicht en 92% bestuurlijk gebonden.

Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken

Grensbewaking (Defensie)

Dit betreft voornamelijk een bijdrage van circa € 20,4 mln. aan de Koninklijke Marechaussee (KMar). De KMar gebruikt deze bijdrage om het grenstoezicht te versterken. Voor deze bijdrage is een protocol opgesteld en ondertekend tussen Nederland en de Caribische landen. Het bedrag wordt overgeboekt van de begroting van Koninkrijksrelaties (IV) naar de begroting van het Ministerie van Defensie (X), onderdeel KMar.

Daarnaast betreft dit enkele reallocaties naar artikel 6 (in totaal circa € 1,5 mln.). Dit gaat om een aantal detacheringen en een verplichting ten behoeve van projecten in het kader van de Wederopbouw (Wederopbouw Bovenwindse Eilanden, artikel 8) die niet op tijd is betaald in 2025. Daardoor zijn de kosten doorgeschoven naar 2026. Middels een reallocatie wordt dit tekort gedekt binnen de middelen voor grensbewaking. Ook betreft dit een reallocatie vanwege een detachering waarvan de middelen vanuit het juiste instrument moeten worden verstrekt en verantwoord.

Recherchecapaciteit (JenV)

De jaarlijkse ondermijningsmiddelen ten behoeve van het Recherchesamenwerkingsteam (RST) worden beschikbaar gesteld aan het Ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV). Dit betreft een overboeking van circa € 16,2 mln. van de begroting van Koninkrijksrelaties naar de begroting van JenV (VI).

Daarnaast wordt het reguliere budget voor het RST jaarlijks vooruitbetaald, zodat JenV doorlopend verzekerd is van een vierjarige begrotingsreeks. In 2025 heeft deze overboeking niet plaatsgevonden, waardoor er nu twee overboekingen zijn gedaan (2028 en 2029) van circa € 22,7 mln. per jaar.

Rechterlijke macht (JenV)

De beschikbaar gestelde middelen voor de ondermijningaanpak Cariben 2026 worden overgeheveld van de begroting van Koninkrijksrelaties naar de begroting van JenV. Dit betreft onder andere middelen voor 2026 voor het Gemeenschappelijk Hof (€ 2,7 mln.), Openbaar Ministerie Aruba (€ 0,7 mln.), het Openbaar Ministerie van CuraΓ§ao, Sint Maarten en de BES (€ 2,6 mln.).

3.2 Artikel 2. Slavernijverleden

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 8.933 0 8.933 – 4.727 4.206 – 2.407 1.319 – 1.401 4.323 1.205
Uitgaven 22.866 0 22.866 – 8.897 13.969 – 2.604 4.316 – 991 4.323 1.205
2.0 Slavernijverleden 22.866 0 22.866 – 8.897 13.969 – 2.604 4.316 – 991 4.323 1.205
Subsidies (regelingen) 8.766 0 8.766 – 4.910 3.856 – 2.371 1.337 – 1.383 4.323 1.205
Maatschappelijke initiatieven 8.766 0 8.766 – 4.910 3.856 – 2.371 1.337 – 1.383 4.323 1.205
Opdrachten 0 0 0 350 350 0 0 0 0 0
Maatschappelijke initiatieven 0 0 0 350 350 0 0 0 0 0
Bijdrage aan medeoverheden 14.100 0 14.100 – 4.337 9.763 – 233 2.979 392 0 0
Maatregelen bewustwording, betrokkenheid en doorwerking slavernijverleden 14.100 0 14.100 – 4.337 9.763 – 233 2.979 392 0 0
Ontvangsten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

Geschatte budgetflexibiliteit

juridisch verplicht 70%
Bestuurlijk gebonden 28%
Beleidsmatig gereserveerd 3%
Nog niet ingevuld / vrij te besteden 0%

Juridisch verplicht

Van het totale uitgavenbudget op artikel 2 is 70% juridisch verplicht.

Uitgaven

Subsidies (regelingen)

Maatschappelijke initiatieven

Dit betreft voornamelijk het in werking treden van de subsidieregeling maatschappelijke initiatieven (Stcrt. 2025, nr. 22437). Na publicatie van de subsidieregeling op 1 juli 2024 in de Staatscourant is tot en met de eerste helft van 2025 de regeling met de potentieel uitvoerder geoperationaliseerd en per 11 augustus 2025 in werking getreden. Nu er meer inzicht is in het meerjarig kasritme kan een betere aansluiting gemaakt worden tussen het kasritme en de verwachte timing van de uitvoering. Dit gaat om een bedrag van circa € 7,2 mln. van de jaren 2026, 2027 en 2029 naar de jaren 2028, 2030 en 2031.

Ook is een formele meerjarige opdracht verstrekt voor de uitvoering van de subsidieregeling aan de unit Uitvoering van Beleid (UvB) van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De uitvoeringskosten (circa € 1 mln.) worden overgeboekt naar SZW.

Bijdrage aan medeoverheden

Maatregelen voor bewustwording, betrokkenheid en doorwerking slavernijverleden

De specifieke maatregelen (c.q. toezeggingen) zijn door ieder (ei)land verwerkt in concrete projectplannen en opgenomen in de zogeheten actieagenda's. De actieagenda's zijn door de lokale overheden van Aruba, CuraΓ§ao, Bonaire, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten in de zomer van 2025 aangeboden aan het Ministerie van BZK en vervolgens (meerjarig) beschikt in september 2025. Hiermee is het budget meerjarig juridisch verplicht en met deze kasschuif worden de budgetten (€ 3,7 mln.) in het juiste kasritme gezet.

3.3 Artikel 4. Bevorderen sociaaleconomische structuur

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 72.196 0 72.196 6.404 78.600 – 400 – 7.878 – 106 – 104 8.338
Uitgaven 66.457 0 66.457 6.404 72.861 – 400 – 7.878 – 106 – 104 8.338
4.1 CuraΓ§ao, Sint Maarten en Aruba 35.452 0 35.452 – 956 34.496 – 1.502 – 16 – 16 – 16 1.623
Subsidies (regelingen) 24.312 0 24.312 – 775 23.537 – 1.427 0 0 0 0
Diverse subsidies 760 0 760 30 790 0 0 0 0 0

Tijdelijke

Werkorganisatie (TWO)

19.052 0 19.052 – 805 18.247 – 1.427 0 0 0 0
Onderwijshuisvesting CuraΓ§ao 4.500 0 4.500 0 4.500 0 0 0 0 0
Opdrachten 7.605 0 7.605 – 106 7.499 0 0 0 0 115
Opdrachten landen 1.105 0 1.105 – 106 999 0 0 0 0 115

Tijdelijke

Werkorganisatie (TWO)

6.500 0 6.500 0 6.500 0 0 0 0 0
Inkomensoverdrachten 1.268 0 1.268 0 1.268 0 0 0 0 1.268
Toeslagen op pensioenen NA 1.268 0 1.268 0 1.268 0 0 0 0 1.268
Bijdrage aan medeoverheden 2.012 0 2.012 – 59 1.953 – 59 0 0 0 0

Tijdelijke

Werkorganisatie (TWO)

2.012 0 2.012 – 59 1.953 – 59 0 0 0 0

Bijdrage aan

(inter-)nationale organisaties

255 0 255 – 16 239 – 16 – 16 – 16 – 16 240
Diverse bijdragen 255 0 255 – 16 239 – 16 – 16 – 16 – 16 240
4.2 Caribisch Nederland 22.917 0 22.917 235 23.152 – 335 – 136 – 90 – 88 6.715
Subsidies (regelingen) 2.535 0 2.535 85 2.620 – 26 – 26 – 26 – 26 1.831
Subsidies Caribisch Nederland 2.535 0 2.535 85 2.620 – 26 – 26 – 26 – 26 1.831
Opdrachten 2.155 0 2.155 0 2.155 0 0 0 0 2.155
Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht 1.546 0 1.546 0 1.546 0 0 0 0 1.546

Opdrachten

Caribisch Nederland

609 0 609 0 609 0 0 0 0 609
Inkomensoverdrachten 1.349 0 1.349 0 1.349 0 0 0 0 1.349
Pensioenen en uitkeringen politieke ambtsdragers 1.349 0 1.349 0 1.349 0 0 0 0 1.349
Bijdrage aan medeoverheden 16.878 0 16.878 150 17.028 – 309 – 110 – 64 – 62 1.380
Sociaaleconomische initiatieven 14.000 0 14.000 – 174 13.826 – 50 – 50 0 0 0
Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht 2.878 0 2.878 324 3.202 – 259 – 60 – 64 – 62 1.380
4.3 Stimuleringsregelingen 8.088 0 8.088 7.125 15.213 1.437 – 7.726 0 0 0
Subsidies (regelingen) 7.727 0 7.727 5.823 13.550 1.453 – 7.726 0 0 0
Voedselzekerheid 7.727 0 7.727 5.823 13.550 1.453 – 7.726 0 0 0
Garanties 361 0 361 1.302 1.663 – 16 0 0 0 0
Borgstelling MKB 361 0 361 1.302 1.663 – 16 0 0 0 0
Ontvangsten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

Geschatte budgetflexibiliteit

juridisch verplicht 54%
bestuurlijk gebonden 19%
beleidsmatig gereserveerd 27%
nog niet ingevuld / vrij te besteden 0%

Juridisch verplicht

Van het totale uitgavenbudget op artikel 4 is 54% juridisch verplicht.

Artikel 4.1 CuraΓ§ao, Sint Maarten en Aruba

Bij artikel 4.1 worden er geen mutaties toegelicht, omdat de mutaties in de eerste suppletoire begroting niet groter dan of gelijk zijn aan de ondergrens zoals deze in de Rijksbegrotingsvoorschriften (RBV) is opgenomen in de staffel.

Artikel 4.2 Caribisch Nederland

Bijdrage aan medeoverheden

Bij artikel 4.2 worden er geen mutaties toegelicht, omdat de mutaties in de eerste suppletoire begroting niet groter dan of gelijk zijn aan de ondergrens zoals deze in de RBV is opgenomen in de staffel.

Artikel 4.3 Stimuleringsregelingen

Subsidies (regelingen)

Voedselzekerheid

Deze mutatie betreft voornamelijk de oprichting van CariFoodFund en kapitaalstortingen in CariFoodFund.

Het Ministerie van BZK versterkt met een revolverend fonds de voedselzekerheid in het Caribische deel van het Koninkrijk, door middel van leningen met een lage rente aan ondernemers in de agri-sector. CariFoodFund is de stichting die het revolverend fonds gaat beheren. Deze stichting wordt in 2026 opgericht. Met deze kasschuif wordt het budget in het juiste kasritme gezet om de oprichting en kapitaalstortingen in de stichting mogelijk te maken.

Daarnaast wordt € 0,5 mln. gerealloceerd ten behoeve van een bijzondere uitkering aan Sint Eustatius. Zoals beschreven in de ontwerpbegroting 2026 is de versterking van de voedselzekerheid onderverdeeld in twee pijlers, waarvan de tweede pijler bestaat uit directe subsidies en bijdragen aan lokale overheden. Deze mutatie is hier onderdeel van.

3.4 Artikel 5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0
Uitgaven 28.517 0 28.517 0 28.517 0 0 0 0 9.811
5.1 Schuldsanering CuraΓ§ao en Sint Maarten 28.517 0 28.517 0 28.517 0 0 0 0 9.811
Leningen 28.517 0 28.517 0 28.517 0 0 0 0 9.811
Schuldsanering 28.517 0 28.517 0 28.517 0 0 0 0 9.811
Ontvangsten 153.073 0 153.073 73.683 226.756 14.827 2.536 39.430 207.022 353.547

Geschatte budgetflexibiliteit

juridisch verplicht 100%
bestuurlijk gebonden 0%
beleidsmatig gereserveerd 0%
nog niet ingevuld / vrij te besteden 0%

Juridisch verplicht

Van het totale uitgavenbudget op artikel 5 is 100% juridisch verplicht en dit betreft volledig het instrument leningen.

Ontvangsten

Jaarlijks worden de aflossingen op de uitstaande leningen aan Aruba, CuraΓ§ao en Sint Maarten hergewaardeerd tegen de actuele begrotingskoers en wordt het laatste begrotingsjaar toegevoegd.

3.5 Artikel 8. Wederopbouw Bovenwindse Eilanden

Budgettaire gevolgen van beleid

Art. Verplichtingen 460 0 460 400 860 0 0 0 0 0 0
Uitgaven 460 0 460 400 860 0 0 0 0 0 0
8.1 Wederopbouw 460 0 460 400 860 0 0 0 0 0 0
Subsidies (regelingen) 460 0 460 400 860 0 0 0 0 0 0
Diverse subsidies 460 0 460 400 860 0 0 0 0 0 0
Ontvangsten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

Geschatte budgetflexibiliteit

juridisch verplicht 54%
bestuurlijk gebonden 0%
beleidsmatig gereserveerd 46%
nog niet ingevuld / vrij te besteden 0%

Juridisch verplicht

Van het totale uitgavenbudget op artikel 8 is 54% juridisch verplicht.

Subsidies (regelingen)

Diverse subsidies

Een verplichting van € 0,4 mln. ten behoeve van projecten in het kader van de Wederopbouw is eind 2025 niet tot uitbetaling gekomen. De uitgaven vallen nu in 2026, waardoor er in 2026 een tekort ontstaat. Middels deze reallocatie wordt dit tekort gecorrigeerd.

4 Niet-beleidsartikelen Koninkrijksrelaties

4.1 Artikel 6. Apparaat

Budgettaire gevolgen

Art. Verplichtingen 35.135 0 35.135 – 2.356 32.779 – 1.175 – 1.020 – 1.583 – 2.714 23.625
Uitgaven 35.135 0 35.135 – 2.356 32.779 – 1.175 – 1.020 – 1.583 – 2.714 23.625
6.0 Apparaat 35.135 0 35.135 – 2.356 32.779 – 1.175 – 1.020 – 1.583 – 2.714 23.625
Personele uitgaven 24.549 0 24.549 – 1.859 22.690 – 734 – 641 – 1.134 – 1.894 16.075
Eigen personeel 23.408 0 23.408 – 1.830 21.578 – 710 – 610 – 1.099 – 1.833 15.593
Inhuur externen 1.141 0 1.141 – 29 1.112 – 24 – 31 – 35 – 61 482
MateriΓ«le uitgaven 10.586 0 10.586 – 497 10.089 – 441 – 379 – 449 – 820 7.550
Overige materiΓ«le uitgaven 10.586 0 10.586 – 497 10.089 – 441 – 379 – 449 – 820 7.550
Ontvangsten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

Toelichting

Personele uitgaven

Eigen personeel

Dit betreft voornamelijk een overboeking van circa € 1,8 mln. naar het centraal apparaatsartikel van de BZK-begroting voor de personele uitgaven van de Tijdelijke Werkorganisatie.

4.2 Artikel 7. Nog onverdeeld

Budgettaire gevolgen

Art. Verplichtingen 0 0 0 7.703 7.703 5.920 4.089 3.847 3.719 4.574
Uitgaven 0 0 0 7.703 7.703 5.920 4.089 3.847 3.719 4.574
7.0 Nog onverdeeld 0 0 0 7.703 7.703 5.920 4.089 3.847 3.719 4.574
Nog te verdelen 0 0 0 7.703 7.703 5.920 4.089 3.847 3.719 4.574
Loonbijstelling 0 0 0 2.789 2.789 3.362 3.087 3.105 3.062 3.067
Prijsbijstelling 0 0 0 2.527 2.527 2.558 1.002 742 657 628
Onvoorzien 0 0 0 2.387 2.387 0 0 0 0 879
Ontvangsten 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

Toelichting

Nog te verdelen

Loonbijstelling

Dit betreft de loonbijstelling tranche 2026 voor begrotingshoofdstuk IV Koninkrijksrelaties.

Prijsbijstelling

Dit betreft de prijsbijstelling tranche 2026 voor begrotingshoofdstuk IV Koninkrijksrelaties.

Onvoorzien

Er wordt eindejaarsmarge toegevoegd aan de begroting van Koninkrijksrelaties. Dit betreft diverse overlopende verplichtingen die niet op tijd ontvangen zijn en ten laste komen van het kasbudget 2026. Het gaat hierbij onder andere om facturen op het apparaatsbudget en om opdrachten die een langere doorlooptijd kennen dan van tevoren werd verwacht.

5 Beleid BES-fonds

5.1 Overzicht belangrijke uitgaven- en ontvangstenmutaties

Vastgestelde begroting 2026 95.808 96.920 98.922 100.926 103.691 0
Mutaties coalitieakkoord 0 0 0 0 0 0
Belangrijkste suppletoire mutaties
1) Correctie koerseffecten BES-fonds 1 – 4.166 – 4.214 – 4.301 – 4.388 4.508 – 4.508
2) Extrapolaties 1 0 0 0 0 0 103.691
3) BBP-indexatie 1 2.826 2.859 2.918 2.977 3.058 3.058
4) Overige mutaties 1 177 182 188 0 0 0
Stand 1e suppletoire begroting 2026 94.645 95.747 97.727 99.515 102.241 102.241

Toelichting

1. Correctie koerseffecten BES-Fonds

Omdat de begrotingskoers is gewijzigd van EUR/USD 1,1 in 2025 naar EUR/USD 1,15 in 2026 zijn er minder euro's benodigd om aan de verplichting in vreemde valuta te kunnen voldoen. Om deze reden wordt jaarlijks een correctie voor de koerseffecten gedaan, te weten € 4,1 mln. in 2026 oplopend tot € 4,5 mln. in 2031.

2. Extrapolatie 2031

In miljoenennotajaar 2026 is het jaar 2031 toegevoegd aan de begroting. De middelen voor 2031 zijn in deze eerste suppletoire begroting toegevoegd.

3. BBP-indexatie

De BBP-indexatie wordt aan het BES-fonds toegevoegd. Dit betreft € 2,8 mln. in 2026 oplopend naar € 3 mln. in 2031

Vastgestelde begroting 2026 95.808 96.920 98.922 100.926 103.691 0
Belangrijkste suppletoire mutaties
1) Wet financiΓ«n openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba 1 – 1.163 – 1.173 – 1.195 – 1.411 – 1.450 102.241
Stand 1e suppletoire begroting 2026 94.645 95.747 97.727 99.515 102.241 102.241
Toelichting
1. Wet financiΓ«n openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Wet financiΓ«n openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (FinBES) dienen de uitgaven en ontvangsten over ieder uitkeringsjaar voor het BES-fonds gelijk te zijn. Ten behoeve van de dekking van de dekking van deze uitgaven is een post ontvangsten geraamd.

6 Beleidsartikel BES-fonds

6.1 Artikel 1. BES-fonds

Budgettaire gevolgen van beleid

Verplichtingen 95.808 0 95.808 – 1.163 94.645 – 1.173 – 1.195 – 1.411 – 1.450 102.241
Uitgaven 95.808 0 95.808 – 1.163 94.645 – 1.173 – 1.195 – 1.411 – 1.450 102.241

Bijdrage aan

medeoverheden

Vrije uitkering 95.808 0 95.808 – 1.163 94.645 – 1.173 – 1.195 – 1.411 – 1.450 102.241
Ontvangsten 95.808 0 95.808 – 1.163 94.645 – 1.173 – 1.195 – 1.411 – 1.450 102.241

Toelichting

Het BES-fonds kent geen budgetflexibiliteit. De openbare lichamen ontvangen middelen voor de aan hen wettelijk en toebedeelde taken.

Bijdrage aan medeoverheden

Vrije uitkering

Omdat de begrotingskoers is gewijzigd van EUR/USD 1,1 in 2025 naar EUR/USD 1,15 in 2026 zijn er minder euro's benodigd om aan de verplichting in vreemde valuta te kunnen voldoen. Om deze reden wordt jaarlijks een correctie voor de koerseffecten gedaan, te weten € 4,1 mln. in 2026 oplopend tot € 4,5 mln. in 2031.

Tevens wordt de indexatie volgens de BBP-systematiek aan het BES-fonds toegevoegd. Dit betreft € 2,8 mln. in 2026 oplopend naar € 3 mln. in 2031.

Ontvangsten

Artikel 88, derde lid van de Wet financiΓ«n openbare lichamen Bonaire, SintEustatius en Saba (FinBES) regelt dat bij (begrotings-)wet voor ieder uitkeringsjaar middelen van het Rijk worden afgezonderd ten behoeve van het BES-fonds. De uitgaven en de afgezonderde ontvangsten over ieder uitkeringsjaar zijn aan elkaar gelijk. Gelet hierop is ten behoeve van de dekking van de uitgaven ten laste van het BES-fonds een post ontvangsten geraamd.