Kabinetsreactie op het rapport 'Het is niet jouw (studie)schuld!'
Brief regering
Nummer: 2026D11688, datum: 2026-03-13, bijgewerkt: 2026-03-13 15:44, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S.T.P.H. Palmen, staatssecretaris van Financiën (Ooit Nieuw Sociaal Contract kamerlid)
Onderdeel van zaak 2026Z05143:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Financiën
Preview document (🔗 origineel)
Geachte voorzitter,
Hierbij stuur ik u, mede namens de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap een reactie op het verzoek van uw Kamer, d.d. 12 februari 2026, op het rapport 'Het is niet jouw (studie)schuld!'.
Aanleiding
Ook het rapport ‘Het is niet jouw (studie)schuld’ van
vijf kinderombudsmannen maakt duidelijk dat de toeslagenaffaire diepe
sporen heeft nagelaten in het leven van getroffen kinderen. Het rapport
laat zien hoe de toeslagenaffaire de onderwijskansen, mentale gezondheid
en het toekomstperspectief van sommige van deze jongeren onder druk kon
zetten. Hierdoor wordt duidelijk hoe deze belemmeringen het herstel en
verdere ontwikkeling van sommige van deze jongeren kunnen bemoeilijken.
Het kabinet waardeert enorm dat jongeren opnieuw hun verhaal deden. Het
kabinet herkent de aangrijpende verhalen die de kinderombudsmannen
hebben verzameld en deelt de overtuiging dat deze jongeren blijvende
aandacht verdienen en nodig hebben. Het kabinet onderkent ook dat
studieschulden voor sommige jongeren een belemmering vormen op hun weg
naar herstel. Daarom blijft het kabinet zich inzetten om kinderen en
jongeren die door de toeslagenaffaire zijn geraakt, te ondersteunen bij
het werken aan een hoopvolle toekomst. Het kabinet is en blijft
bovendien in gesprek met de kinderombudsmannen en vooral met jongeren
zelf over de beste manieren om de jongeren te helpen hun eigen weg naar
de toekomst te vinden.
Bevindingen rapport ‘Het is niet jouw
(studie)schuld’
Meer dan 1.800 getroffen jongeren vulden een vragenlijst in voor
het rapport, waarin zij aangeven dat de toeslagenaffaire hun
onderwijsprestaties negatief beïnvloedde. Ook is een van de conclusies
uit het rapport dat de impact van de toeslagenaffaire nog altijd
doorwerkt in het leven van deze jongeren. De helft van de respondenten
geeft aan studievertraging te hebben opgelopen, de opleiding niet te
hebben afgerond of een lager opleidingsniveau te hebben gevolgd door
financiële problemen. Ook geven veel van de jongeren die zich hebben
gemeld bij de kinderombudsmannen aan dat zij de studiefinanciering
gebruikt hebben om het gezin financieel te ondersteunen.
Het rapport schetst ook hoe de toeslagenaffaire effect heeft op de
mentale gezondheid van de jongeren die naar de kinderombudsmannen toe
zijn gestapt: zij worstelen met stress, psychische klachten en
wantrouwen richting de overheid, wat hen belemmert om zich volledig te
focussen op hun opleiding en groei.
Het kabinet waardeert de inzet van de kinderombudsmannen en hun heldere beeld van de doorwerking van de toeslagenaffaire op het leven van de jongeren die zich bij hen hebben gemeld. Tevens prijst zij veerkracht van hen die hun verhaal, soms opnieuw, durven en willen delen.
In deze brief wordt ingegaan op welke concrete mogelijkheden er zijn om getroffen jongeren zo goed mogelijk te ondersteunen richting hun toekomst, hoe het kabinet drempels wilt verlagen om gebruik te maken van deze mogelijkheden en welke aanvullende stappen het kabinet gaat zetten naar aanleiding van de bevindingen die de kinderombudsmannen hebben aangeboden.
Compensatie via de gedupeerde ouder
De Staat is jegens de gedupeerde ouders aansprakelijk om hun schade als
gevolg van de onterechte terugvorderingen van de Belastingdienst te
vergoeden en erkent geen aansprakelijkheid jegens hun kinderen. De wet
Hersteloperatie Toeslagen bepaalt dat de schadecompensatie via de
gedupeerde ouder als erkend slachtoffer verloopt. Die compensatie is
voor het hele gezin. Heeft de ouder inkomensverlies geleden waardoor het
kind een studielening moest afsluiten, dan biedt de aanvullende
schaderoute van de ouder schadevergoeding voor het verlies. Om dit extra
te benadrukken, ook naar aanleiding van de ontvangen signalen, zullen
ouders in het nazorgtraject van de schadeherstelroute uitleg krijgen
over hoe ze de schadevergoeding kunnen inzetten, bijvoorbeeld door bij
te dragen aan het aflossen van een studieschuld van hun kind.
De kindregeling
Om te erkennen dat ook kinderen binnen het gezin geraakt zijn
door de problemen met de kinderopvangtoeslag, is samen met hen de
kindregeling opgezet. De kindregeling is bedoeld als gebaar, niet als
een verplichting maar als tegemoetkoming, om te laten zien dat het
kabinet het belangrijk vindt om erkenning te geven. Met dit pakket aan
mogelijkheden biedt de kindregeling steun, erkenning en een
tegemoetkoming voor de toekomst. De regeling richt zich niet op het
compenseren van schade of het aflossen van schulden uit het verleden.
Het kabinet heeft meermaals uiteengezet waarom er geen (generieke)
regeling voor studieschulden van getroffen jongeren komt1.
Getroffen kinderen ontvangen naast de erkenning een financiële tegemoetkoming van maximaal 10.000 euro, brede ondersteuning op vijf leefgebieden via hun gemeente en extra mogelijkheden voor emotioneel herstel en contact met lotgenoten. Onder de brede ondersteuning valt ook het aanvullend schuldhulpverleningsaanbod: problematische schulden van jongeren worden gesaneerd (met een gemiddeld bedrage van 18.000 euro) en zij krijgen begeleiding met het oog op een duurzame toekomst.
De kindregeling is gebaseerd op erkenning, ruimhartigheid en maatwerk. Het kabinet kiest niet voor (generieke) kwijtschelding van schulden of vergoeding van schade van getroffen kinderen, omdat dit niet past bij de democratisch vastgestelde uitgangspunten van de hersteloperatie, waarin de schade van de aanvrager van de kinderopvangtoeslagen centraal staat.
Bestaande mogelijkheden en voorzieningen DUO
Het kabinet vindt het belangrijk om te benadrukken dat er naast
de mogelijkheden in de kindregeling ook mogelijkheden voor getroffen
jongeren zijn om gebruik te maken van het aanbod van DUO. Studieschulden
kunnen zwaar drukken op getroffen jongeren, zo tonen de verhalen uit dit
rapport ook aan. Wanneer dat leidt tot financiële problemen bij het
terugbetalen van die lening, of wanneer deze studenten onvoorziene
studievertraging hebben opgelopen door bijzondere omstandigheden kunnen
zij mogelijk gebruik maken van de bestaande regelingen en voorzieningen
bij DUO. Deze mogelijkheden zijn eerder uitgebreid toegelicht in de
Kamerbrief van 28 juni 20242.
Het kabinet erkent ook het belang van emotioneel herstel en mentale gezondheid: daarom wordt gewerkt aan een landelijk steunpunt waar gedupeerde ouders en jongeren terecht kunnen voor mentale ondersteuning.
Concrete vervolgstappen gericht op toekomstperspectief
Het kabinet voelt het belang om zich maximaal in te spannen om
voor getroffen jongeren drempels te verlagen, zodat zij zo goed mogelijk
hun weg weten te vinden naar passende ondersteuning. Ook erkent het
kabinet het belang van onderwijs voor een hoopvolle toekomst.
Onderwijskansen
Het kabinet gelooft in het investeren in onderwijs bij het creëren
van toekomstperspectief. Het uitgangspunt van de brede ondersteuning op
het gebied van het leefdomein werk is dat een jongere minimaal beschikt
over een startkwalificatie of duurzaam kan participeren in een
arbeidsproces. Dit vormt namelijk het fundament voor zelfredzaamheid
omdat het de kansen op werk en daarmee op het genereren van een eigen
inkomen vergroot. Hoewel de startkwalificatie als minimale norm geldt,
is er binnen de brede ondersteuning daarnaast ruimte voor maatwerk als
de situatie van een jongere daarom vraagt. In december is tussen de
Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het ministerie van
Financiën afgesproken dat er onder begeleiding van de bestuurlijk
regisseur speciale aandacht is voor de positie van jongeren in de brede
ondersteuning en aanvullende afspraken worden gemaakt3.
Hierbij zal ook aandacht zijn voor onderwijs.
Er zijn in Nederland daarnaast tal van opleidingsmogelijkheden en het is belangrijk dat ook getroffen jongeren deze mogelijkheden kennen en kunnen benutten. Daarom zal er een overzicht van opleidingsmogelijkheden, zoals leerwerktrajecten, extra onder de aandacht worden gebracht bij zowel getroffen jongeren als gemeenten die hen ondersteunen. De VNG brengt deze mogelijkheden met een factsheet onder de aandacht, zodat gemeenten jongeren op een laagdrempelige manier kunnen attenderen op en begeleiden naar deze mogelijkheden.
Aandacht vragen bij studentdecanen voor deze groep
In de praktijk ziet DUO dat getroffen jongeren gebruik maken van de
bestaande voorzieningen zoals de voorziening prestatiebeurs4. De aanvraag van deze voorzieningen
loopt via de decaan of studiebegeleider. Van deze voorziening kunnen
studenten, en dus ook getroffen jongeren, gebruik maken als zij door
onvoorziene omstandigheden studievertraging oplopen. De decaan of
studiebegeleider beoordeelt of sprake is van een bijzondere
omstandigheid waardoor de student studievertraging heeft opgelopen. Is
dat het geval dan bepaalt de decaan welke voorziening het beste past bij
de individuele situatie van de student. Doordat DUO in de praktijk ziet
dat getroffen jongeren gebruik maken van deze voorzieningen, weten we
dat een gedeelte van de getroffen jongeren de weg weet te vinden naar
studentdecanen en studiebegeleiders. Om dit extra te ondersteunen is de
informatievoorziening op kindregelingvoorjou.nl verbeterd. Daarnaast
gaat DUO de situatie van getroffen jongeren onder de aandacht brengen
bij de studentdecanen en studiebegeleiders. Op deze manier verwachten we
de drempel te verlagen voor deze jongeren om de stap te zetten naar de
decaan of studiebegeleider die de voorziening bij DUO kan aanvragen.
Telefoonlijn bij DUO
Daarnaast wil het kabinet de drempel verlagen voor getroffen
jongeren om contact op te nemen met DUO. Daarom is er sinds maart een
telefoonlijn opengesteld voor deze jongeren bij DUO. Getroffen jongeren
kunnen daar hun persoonlijke verhaal doen, maar hoeven in de basis niet
uit te leggen wat de impact is geweest van de toeslagenaffaire, omdat de
medewerkers van deze telefoonlijn goed op de hoogte zijn van wat
getroffen jongeren mogelijk allemaal hebben meegemaakt. De
kinderombudsmannen hebben terecht benadrukt dat dit namelijk veel vraagt
van deze jongeren. Medewerkers kijken samen met de jongeren naar de
bestaande voorzieningen binnen DUO, of die passen bij de persoonlijke
situatie van de getroffen jongeren en of zij hiervoor in aanmerking
komen.
Tot slot
Het kabinet wil nogmaals dank uitspreken voor de inzet van en gesprekken
met de kinderombudsmannen en waardering uitspreken voor de getroffen
jongeren die hun verhaal delen. Daarbij herkent zij de zorgen die de
kinderombudsmannen aankaarten en omarmt het verzoek om blijvende
aandacht te hebben voor deze jongeren. Uw Kamer wordt op de hoogte
gehouden van de werking van de bestaande mogelijkheden voor jongeren en
de aanvullende maatregelen die in deze brief zijn aangekondigd. Samen
zetten we ons in voor een zo goed mogelijke ondersteuning van jongeren
richting hun toekomst.
De staatssecretaris Herstel Toeslagen, S.Th.P.H. Palmen-Schlangen |
|
|---|---|
Beantwoording schriftelijke vragen Dijk (SP) inzake onderzoek naar studieleningen van getroffen kinderen (2025Z20084), 10 december 2025↩︎
Kamerstukken II 2023-2024, 31066, 1415.↩︎
Bestuurlijke afspraken Brede ondersteuning en Spuk (december 2025)↩︎
Belangrijk hierbij is op te merken dat deze voorziening betrekking heeft op de prestatiebeurs, en niet op de rentedragende lening. De prestatiebeurs bestaat uit de basisbeurs, eventueel aanvullende beurs – afhankelijk van het inkomen van de ouders, en het studentenreisproduct. De rentedragende lening is het bedrag dat boven op de basisbeurs en de eventueel aanvullende beurs kan worden geleend.↩︎