Regeling van werkzaamheden (ongecorrigeerd)
Stenogram
Nummer: 2026D12221, datum: 2026-03-17, bijgewerkt: 2026-03-18 09:14, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Onderdeel van activiteiten:- 2026-03-17 15:45: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
Preview document (🔗 origineel)
Mededelingen
Mededelingen
Mededelingen
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering en verzoek de leden hun plaatsen in te
nemen.
De voorzitter:
Op de tafel van de Griffier ligt een lijst van ingekomen stukken. Op die
lijst staan voorstellen voor de behandeling van deze stukken. Als voor
het einde van de vergadering daartegen geen bezwaar is gemaakt, neem ik
aan dat daarmee wordt ingestemd.
Regeling van werkzaamheden
Regeling van werkzaamheden
Regeling van werkzaamheden
De voorzitter:
Aan de orde is de regeling van werkzaamheden.
Ik stel voor toestemming te verlenen aan de vaste commissie voor Asiel
en Migratie voor het houden van een wetgevingsoverleg met stenografisch
verslag op maandag 23 maart van 10.00 uur tot 18.00 uur over het
Europees Migratiepact.
Ingekomen is een aantal beschikkingen van de Voorzitters van de Eerste
en Tweede Kamer der Staten-Generaal inzake de volgende aanwijzingen:
in de Interparlementaire Commissie van de Nederlandse Taalunie het Tweede Kamerlid De Beer tot lid;
in de OVSE Parlementaire Assemblee het Eerste Kamerlid Fiers tot plaatsvervangend lid in plaats van het Eerste Kamerlid Recourt;
in de Benelux Interparlementaire Assemblee het Tweede Kamerlid Becker tot lid;
in de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa het Tweede Kamerlid Müller tot plaatsvervangend lid in de bestaande vacature.
Op verzoek van de fractie CDA benoem ik in de Kunstcommissie het lid
Van Lanschot tot lid.
Op verzoek van de Groep Markuszower benoem ik:
in de contactgroep Verenigd Koninkrijk het lid Markuszower tot lid;
in de contactgroep Verenigde Staten het lid Markuszower tot lid.
Op verzoek van de fractie D66 benoem ik:
in de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken het lid Jagtenberg tot plaatsvervangend lid in plaats van het lid Synhaeve;
in de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport het lid Vellinga-Beemsterboer tot plaatsvervangend lid in plaats van het lid Heera van Dijk;
in de vaste commissie voor Asiel en Migratie het lid Oosterhuis tot plaatsvervangend lid in plaats van het lid Rooderkerk;
in de vaste commissie voor Economische Zaken het lid Köse tot lid in plaats van het lid Van der Werf, het lid Sneller tot lid in plaats van het lid Biekman en het lid Van der Werf tot plaatsvervangend lid in plaats van het lid Köse. Ik stel voor toe te voegen aan de agenda:
het tweeminutendebat Drugsbeleid (CD d.d. 12/03), met als eerste spreker het lid Faber namens de PVV;
het tweeminutendebat BOA-stelsel (CD d.d. 12/03), met als eerste spreker het lid Martens-America namens de VVD;
het tweeminutendebat Internationale Klimaatstrategie (CD d.d. 12/03), met als eerste spreker het lid Kröger namens GroenLinks-Partij van de Arbeid.
Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten.
De voorzitter:
Dan geef ik het woord aan mevrouw Zalinyan voor haar voorstel namens de
fractie van GroenLinks-Partij van de Arbeid.
Mevrouw Zalinyan (GroenLinks-PvdA):
Dank, voorzitter. De inwoners van het dorp Moerdijk zitten al jaren in
grote onzekerheid over hun toekomst en de toekomst van hun dorp. Dit
soort besluiten zijn ingrijpend. Dat verdient een plenaire behandeling.
Er was een meerderheid voor een debat, maar dat is niet ingepland en is
vervallen. Bij dezen verzoek ik om een plenair debat over de toekomst
van het dorp Moerdijk met de minister van Volkshuisvesting en
Ruimtelijke Ordening.
De voorzitter:
Ik kijk of daar steun voor is.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Wat de Partij voor de Dieren betreft moet de olieraffinaderij van Shell
daar weg in plaats van het dorp Moerdijk, dus van harte steun voor het
debat.
Mevrouw Dobbe (SP):
Steun.
De heer Mooiman (PVV):
Het is belangrijk om het hierover te hebben, dus zeker steun.
De heer Claassen (Groep Markuszower):
Steun.
De heer Ceulemans (JA21):
Steun.
Mevrouw Wiersma (BBB):
Steun.
De heer Russcher (FVD):
Steun.
De heer El Abassi (DENK):
Steun.
Mevrouw Müller (VVD):
Op zich steun voor een debat, maar eerst een brief van het kabinet.
De heer Mathlouti (D66):
Ook steun, maar inderdaad eerst een brief.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Steun.
De voorzitter:
U heeft een meerderheid.
Mevrouw Zalinyan (GroenLinks-PvdA):
Dank.
De voorzitter:
Het woord is aan de heer Van Baarle voor zijn verzoek namens de fractie
van DENK.
De heer Van Baarle (DENK):
Voorzitter, dank u wel. Onze lokale kandidaat in Den Haag, Mourad Ouari,
was aan het flyeren in Duindorp, Den Haag, werd belaagd en kreeg naar
zijn hoofd geslingerd dat hij maar moest oprotten met zijn islamitische
zooi. Veel kandidaten van DENK krijgen dit soort verschrikkelijke haat,
racisme en islamofobe drek over zich heen. Het gaat om kandidaten die
een hoofddoek dragen, kandidaten die zich willen inzetten. Wij staan
naast al onze kandidaten. Van onze kandidaten blijf je af. Maar
blijkbaar is in Nederland het patroon dat als je je inzet en zichtbaar
moslim of islamitisch bent, je dit soort reacties krijgt. Dat moet
afgelopen zijn. Daarom wil ik een debat met de minister van Binnenlandse
Zaken over de bestrijding van moslimhaat in dit land.
De voorzitter:
Ik kijk of daar steun voor is.
De heer Ceulemans (JA21):
Nee, voorzitter, bij ons hangen er Hitlerstickers op posters. Daar moet
je geen debatten over aanvragen. Daar moet je schijt aan hebben en dan
ga je er twee keer zo hard tegenaan.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Voorzitter. Wat voor moslims geldt, geldt ook voor Joodse mensen. Op 1
april is er een commissiedebat Discriminatie. Ik zou het daar willen
onderbrengen, dus geen steun voor een plenair debat.
Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):
Totaal eens met de bijdrage van mevrouw Van der Plas: 1 april
commissiedebat.
Kamerlid Kostić (PvdD):
We hebben hier een aantal keren terecht een plenair debat gehad over het
stijgende antisemitisme in Nederland. Het lijkt me niet meer dan terecht
om het dan ook over de stijgende moslimhaat te hebben. Dus steun voor
het debat.
Mevrouw Paulusma (D66):
Ik volg de lijn van mevrouw Van der Plas: het kan in een
commissiedebat.
De heer Tijs van den Brink (CDA):
Ik ook.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Ik wil het eigenlijk wel steunen, omdat het niet alleen gaat over een
kandidaat met een bepaald geloof. Voor mij is een kandidaat van een
politieke partij onheus bejegend. Dus steun. Ik begrijp dat er een
commissiedebat is en dat dat sneller zal zijn, maar in ieder geval steun
voor het verzoek.
Mevrouw Tseggai (GroenLinks-PvdA):
Het lijkt mij goed om een apart debat over de aanpak van
moslimdiscriminatie te hebben, dus steun.
Mevrouw Schilder (Groep Markuszower):
Geen steun.
De heer Dassen (Volt):
Van harte steun, voorzitter.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid, meneer Van Baarle.
De heer Van Baarle (DENK):
Volgens mij wel 30 leden.
De voorzitter:
Ja.
De heer Van Baarle (DENK):
Dan is het aan de mensen om op 18 maart een antwoord te geven.
De voorzitter:
Dank u wel.
Het woord is aan de heer De Hoop, voor zijn voorstel namens
GroenLinks-Partij van de Arbeid.
De heer De Hoop (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. Ook na de verkiezingen is de woningnood nog steeds een heel
groot probleem. Heel veel woningzoekenden komen niet aan de beurt.
Daarom lijkt het mij goed om een plenair debat te hebben met de minister
van Volkshuisvesting over de woningbouwopgave in Nederland. We hebben in
mei een commissiedebat gepland met de commissie Volkshuisvesting. Die
zou ik willen omzetten naar een plenair debat met de minister van
Volkshuisvesting over de grote woningbouwopgave in Nederland.
De voorzitter:
Ik kijk of daar steun voor is.
De heer Mooiman (PVV):
Voorzitter. Het lijkt mij goed om dit bredere debat over de
woningbouwopgave plenair te houden, dus van harte steun.
De heer Mathlouti (D66):
Zeker steun.
Mevrouw Steen (CDA):
Steun.
De heer Nobel (VVD):
Steun.
De heer Russcher (FVD):
Steun.
Mevrouw Dobbe (SP):
Steun.
De heer Ceulemans (JA21):
Steun.
De heer Flach (SGP):
Steun.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Steun.
De heer El Abassi (DENK):
Steun.
Mevrouw Wiersma (BBB):
Het gebeurt niet vaak, maar ik sluit aan.
De voorzitter:
Dank u wel. U heeft een meerderheid.
Het woord is aan de heer Stultiens, eveneens namens GroenLinks-Partij
van de Arbeid.
De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. We hebben een coalitieakkoord. We hebben een
regeringsverklaring gehad, maar we wachten nog op de Startnota met de
financiële uitwerking voor de komende vier jaar. Die schijnt eraan te
komen. Dat is goed nieuws. Daarom lijkt het me verstandig om voor het
meireces een plenair debat in te plannen over de Startnota, met de
minister en staatssecretaris van Financiën.
De voorzitter:
Ik kijk of u steun heeft.
Mevrouw Van Eijk (VVD):
Op 22 en 23 april is er een debat over de Voorjaarsnota. Daar kan dit
bij betrokken worden. Geen steun.
De heer Stöteler (PVV):
Exact dat.
De heer Flach (SGP):
Het is wel een heel belangrijk document, dat je maar heel weinig kunt
bespreken, denk ik. Dus ik steun het voorstel.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Steun.
Mevrouw Inge van Dijk (CDA):
Geen steun.
Mevrouw Dobbe (SP):
Wel steun.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Laten we het inderdaad betrekken bij het debat over de
Voorjaarsnota.
De heer Mathlouti (D66):
Eens; geen steun.
De heer Russcher (FVD):
Steun.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Steun.
Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Van harte steun.
De heer Dassen (Volt):
Steun.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid.
De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):
Dat is jammer. We zullen het dan betrekken bij het debat over de
Voorjaarsnota. Ik hoop dat de collega's dan niet zeggen dat het alleen
maar gaat over het huidige jaar, maar over de hele vier jaar, en dat we
genoeg spreektijd krijgen.
De voorzitter:
Waarvan akte.
U heeft nog een voorstel.
De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):
Ja, het tweede verzoek gaat over de hypotheekrenteaftrek, een bekende
aftrek. In de campagne ging het er vaak over. Er werd beloofd dat hij
zou worden afgebouwd. En wat is de uitkomst? Hij wordt verruimd de
komende jaren. Ook dit vraagt om een debat, met de staatssecretaris van
Financiën.
De voorzitter:
Ik kijk of u steun heeft.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Geen steun.
Mevrouw Van Eijk (VVD):
Geen steun. Dit kan bij de Voorjaarsnota.
De heer Dassen (Volt):
Voorzitter. Schandalig; van harte steun.
De heer Stöteler (PVV):
Geen steun.
Mevrouw Inge van Dijk (CDA):
Dit kan bij de Voorjaarsnota.
Mevrouw Dobbe (SP):
Steun.
De heer Ergin (DENK):
Steun.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Laten we het bij de Voorjaarsnota betrekken.
De heer Mathlouti (D66):
Geen steun.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Steun.
De heer Ceulemans (JA21):
Geen steun.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid.
De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):
Dat belooft wat voor het debat over de Voorjaarsnota, voorzitter.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Mocht het nog helpen: steun.
De voorzitter:
We hebben het in ieder geval genoteerd.
De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA):
Ik hoor dat het debat over de Voorjaarsnota voor het zomerreces is. Dat
lijkt me belangrijk om op te schrijven.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan de heer Van den Berg voor zijn verzoek
namens JA21.
De heer Van den Berg (JA21):
Dank, voorzitter. Onze leveringszekerheid is in gevaar. Gasunie
waarschuwt dat de Europese Unie onvoldoende is voorbereid op een
langdurige verstoring van de aardgaslevering en dat uitval van aanvoer
uit Noorwegen of de Verenigde Staten tot een nieuwe gascrisis kan
leiden. Topsector Energie waarschuwt tegelijk dat sabotage van
leidingen, kabels en andere energie-infrastructuur allang geen
theoretisch risico meer is. Terwijl die waarschuwingen er liggen, zijn
de Nederlandse gasopslagen vandaag nog maar voor 7,1% gevuld en bedraagt
de gemiddelde landelijke adviesprijs voor Euro 95 inmiddels €2,50 per
liter. Daarom vraag ik een debat aan met de minister van Klimaat en
Groene Groei over de vraag of Nederland nog wel voorbereid is op oorlog,
sabotage en een langdurige verstoring van onze energieaanvoer.
De voorzitter:
Ik ga kijken of u daar steun voor heeft.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Voorzitter. Na de coronacrisis en de inval van Rusland in Oekraïne zou
je zeggen dat we wat beter waren voorbereid. Dat zijn we niet.
Weerbaarheid is belangrijk. Dus steun voor dit debat.
De heer Kops (PVV):
Steun.
Mevrouw Van Oosterhout (GroenLinks-PvdA):
Dit is geen energiecrisis maar een fossiele crisis. Het is heel
belangrijk dat we het hebben over een versnelling van de
energietransitie. Steun.
Mevrouw Dobbe (SP):
Steun.
De heer Heutink (Groep Markuszower):
Voorzitter. Ik denk dat iedereen wel weet dat het antwoord nee is. Maar
ik ben ook benieuwd of de minister van Klimaat dat ook vindt. Dus heel
erg veel steun.
De heer Flach (SGP):
Steun.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Steun.
De heer Klos (D66):
Voorzitter. Wat mij betreft nodigen we de minister van Klimaat en Groene
Groei ook uit bij het debat direct na het weekend over de gevolgen van
de oorlog in het Midden-Oosten. Dan kunnen we dat gesprek daar voeren.
Als er dan niet genoeg vragen zijn beantwoord, kunnen we er alsnog een
apart debat over voeren. Ik ben het ermee eens dat dit debat gevoerd
moet worden, maar voor nu dus geen steun.
De heer Jumelet (CDA):
Voorzitter. Daar sluit ik mij bij aan. Ik denk dat het goed is de
minister volgende week al te kunnen spreken. Dus wat mij betreft geen
steun voor dit voorstel.
De heer El Abassi (DENK):
Steun.
De heer Russcher (FVD):
Steun.
Mevrouw Müller (VVD):
Ik sluit me aan bij CDA en D66, maar als het niet voldoende aan bod is
gekomen, wil ik er wel gewoon een debat over voeren.
De voorzitter:
U heeft een meerderheid.
De heer Van den Berg (JA21):
Ja. Ik dank de steuners voor de steun.
De voorzitter:
Het woord is aan de heer Boon voor zijn verzoek namens de PVV.
De heer Boon (PVV):
Dank u, voorzitter. De meerderheid van de Nederlanders wil minder islam,
maar de politieke en bestuurlijke elite doet het tegenovergestelde en
dringt die juist verder op. We zien de iftartsunami in stadhuizen,
politiebureaus, scholen en zelfs de Tweede Kamer, betaald met
belastinggeld. Bestuurders buitelen over elkaar heen om hun
inclusiviteit te tonen en blijven maar kruipen voor de islam. Wanneer
stopt deze iftartsunami, dit kruipen voor de islam en het steeds verder
opschuiven richting de sharia? Wanneer gaat de regering deze
ontwikkeling eindelijk keren? Daarover wil ik graag een debat
voeren.
De voorzitter:
Ik ga kijken of daar steun voor is.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Voorzitter. Op 25 maart is het commissiedebat Politie. Ik zou het daar
inbrengen, want dan kunt u het ook sneller doen. Ik weet niet wat de
heer Boon nu zegt, maar dat is mijn voorstel. Geen steun nu voor dit
plenaire debat.
De heer Flach (SGP):
Ik zou het ook zeker bij het commissiedebat inbrengen, omdat dat sneller
is. Desondanks steun voor het debat.
De heer Russcher (FVD):
Steun voor het debat.
Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Voorzitter. Dit gaat niet over iftartsunami's. Dit gaat over de
scheiding van kerk en staat, waarin een overheid zich neutraal hoort op
te stellen. Onder die noemer geef ik graag steun aan dit
debatverzoek.
Mevrouw Lammers (Groep Markuszower):
Van harte steun.
De heer Tijs van den Brink (CDA):
Geen steun.
De heer Ceulemans (JA21):
Steun.
De heer Ergin (DENK):
Voorzitter. De iftars zijn uitingen van de aanwezigheid van moslims in
Nederland. Ik zou tegen de heer Boon willen zeggen: daar moeten we geen
debat over voeren, maar daar moet de heer Boon maar aan wennen.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Voorzitter. Volgens mij kan dit bij het commissiedebat Politie, dat er
ook snel is, dus geen steun.
Mevrouw Paulusma (D66):
Geen steun.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid, maar nog wel een volgend verzoek.
De heer Boon (PVV):
Ja, ik heb zeker een volgend verzoek. Op 4 februari heb ik naar
aanleiding van het rapport van de Taskforce Antisemitismebestrijding een
debat aangevraagd over antisemitisme. Jodenhaat wordt nu elke dag opener
en steeds verder genormaliseerd. Inmiddels zijn er terroristische
aanslagen gepleegd op een Joodse school en synagoge. Dit is pure, diepe
Jodenhaat die niemand meer kan ontkennen. We moeten zo snel mogelijk een
debat voeren over de Jodenhaat die ons land is binnengedrongen. Ik wil
uiterlijk volgende week een debat voeren, met daarbij ook de
minister-president, want volgens de PVV is de tijd van pappen en
nathouden bij Jodenhaat voorbij.
De voorzitter:
Ik ga kijken of u daar steun voor krijgt.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Voorzitter. Volgens mij staat er al een antisemitismedebat gepland. Ik
kan me ook herinneren dat ik een paar weken geleden heb gevraagd om dat
debat vlak voor 4 en 5 mei te houden. Volgens mij was dat al eerder.
Volgens mij deed de heer Eerdmans dat ook al eerder. Daar wil ik dus
even duidelijkheid over. Er staat al een antisemitismedebat, dat al
eerder is aangevraagd. Daarvan hebben we gevraagd: plan dat eerder in,
in ieder geval voor 4 en 5 mei. Ik zou de heer Boon willen vragen om dit
dan bij het antisemitismedebat te betrekken. Dat wil de heer Boon niet.
Hij wil hier een apart debat over. Dan begrijp ik niet wat het antwoord
is.
De voorzitter:
Het is een verzoek voor een reeds ingepland debat, om dat spoedig in te
plannen.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ja, maar dat is dus dat antisemitismedebat waar ik het over heb. Het
verzoek is dus om dat eerder in te plannen en dit erbij te betrekken.
Dat is de vraag. Dan kan ik het steunen.
De voorzitter:
Akkoord.
Mevrouw Lammers (Groep Markuszower):
Steun.
De heer Ceulemans (JA21):
Ik ben het spoor compleet bijster, maar één ding staat als een paal
boven water: we moeten zo snel mogelijk een debat hebben over
antisemitisme en de dreiging richting de Joodse gemeenschap. Dus steun.
Er staan ook nog andere verzoeken op de lijst die daar een beetje mee
overlappen. Wat ons betreft voor alles steun en snel inplannen.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Dat hoeft niet volgende week, want dan verschuiven er weer andere
debatten, maar steun als het voor 4 en 5 mei kan.
De heer Krul (CDA):
Voorzitter. Wat ons betreft hebben we één debat over antisemitisme voor
4 en 5 mei. Er staan meerdere verzoeken op de regeling. Er is een reeds
ingepland debat. Wat ons betreft is het heel belangrijk om dat debat te
voeren, maar dan als één debat. Welke we dan precies kiezen, het reeds
ingeplande debat of eentje op de regeling, vinden wij iets minder
belangrijk. Maar steun daarvoor.
Mevrouw Paulusma (D66):
Ik volg bijna de lijn van de heer Krul. Laten we het inplannen bij het
al ingeplande commissiedebat, en daar dan één groot geheel van
maken.
De heer Ellian (VVD):
Het is even zoeken naar wat er gebeurt. Laat ik het simpel houden:
kunnen we het ingeplande debat over antisemitisme voeren en daar alles
onder voegen?
De voorzitter:
Dit is het enige debat dat op de lijst staat.
De heer Ellian (VVD):
Dit debat, van de verzoeker?
De voorzitter:
Ja.
De heer Ellian (VVD):
Oké, dan steun om dat snel in te plannen.
De heer Dassen (Volt):
Ik begrijp dus dat er al een antisemitismedebat op de lijst staat. Laten
we dat inplannen. Dan geen steun voor dit debat.
De voorzitter:
Dit is het enige debat dat over dit thema gaat dat plenair een
meerderheid heeft gekregen. Het verzoek is om dit zo spoedig mogelijk in
te plannen. Dat is wat voorligt. Dat is dus dit debat.
Mevrouw Paulusma (D66):
Ik maakte de verwarring nog groter door het woord "commissiedebat" in de
mond te nemen, maar ik bedoelde natuurlijk "plenair debat".
De voorzitter:
Zo staan we weer op dezelfde pagina. Dank u wel.
De heer Flach (SGP):
Ik hou het eenvoudig: steun.
Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Ik wil ook op die pagina van een plenair debat over antisemitisme. De
tijden verdienen het.
De voorzitter:
We zetten u erbij.
De heer Ceulemans (JA21):
Voorzitter. Het was misschien net niet helemaal duidelijk, maar als er
al een debat gepland is: steun om dat snel te houden. Er zijn allemaal
andere verzoeken. Wat ons betreft kunnen die erbij betrokken worden of
zo, maar wij zijn gewoon voor één debat, snel.
De voorzitter:
Wij gaan het zo spoedig mogelijk inplannen. We zijn eruit.
Het woord is aan de heer Markuszower voor een volgend verzoek. O,
mevrouw Lammers zal dat doen namens de fractie Groep Markuszower.
Mevrouw Lammers (Groep Markuszower):
Dank u wel, voorzitter. Recent heeft in Utrecht door 50
straatterroristen een aanslag plaatsgevonden op onze politiemacht. Het
ging zo ver dat de politie een stadsbus heeft moeten vorderen om
zichzelf te kunnen beschermen, een totale escalatie. De burgemeester van
Utrecht heeft het totaal niet onder controle. We moeten nu landelijk
ingrijpen en opkomen voor onze mannen en vrouwen van de politie. Daarom
wil ik een plenair debat met de minister van Justitie en Veiligheid over
dit straatterrorisme en de gezagscrisis in onze samenleving.
De voorzitter:
Ik kijk of daar steun voor is.
Mevrouw Martens-America (VVD):
Er staat volgende week een debat over de politie gepland. Volgens mij is
dat ontzettend snel en een goed moment, dus geen steun.
Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):
Geen steun om dezelfde reden.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Er is inderdaad het commissiedebat Politie. Dit incident kan daarin
meegenomen worden, maar ik hoor mevrouw Lammers nu ook ineens zeggen dat
het een debat over de gezagscrisis moet worden. Dat staat niet in het
verzoek, maar als er een verzoek wordt gedaan om een debat te houden
over de gezagscrisis, dan ga ik dat steunen. Daar heeft Nederland
namelijk mee te maken. Maar dan is het handig om dat ook in het verzoek
te zetten, want anders krijgen we allemaal gedoe over het commissiedebat
en "ze willen het allemaal niet steunen". Dat wil ik wel, maar zeg dan
gewoon in het verzoek: ik wil een debat over de gezagscrisis.
De voorzitter:
En dat staat er niet, dus uw voorstel is ...?
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Dan steun ik het nu niet, want dan kan het gewoon in het commissiedebat
over twee weken.
De voorzitter:
Akkoord. Helder.
Mevrouw Faber (PVV):
Steun.
Mevrouw Straatman (CDA):
Geen steun; dit kan bij het commissiedebat.
De heer Dassen (Volt):
Dit kan bij het commissiedebat; geen steun.
De heer Russcher (FVD):
Steun.
De heer Ceulemans (JA21):
Heel belangrijk om het daar snel over te hebben. Dat kan dus bij het
commissiedebat. Dat is de snelste optie.
De heer Mathlouti (D66):
Geen steun.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid. U verzocht nog om een dertigledendebat. We
zetten 'm erbij op de lijst van dertigledendebatten.
Het woord is aan de heer De Roon voor zijn verzoek namens de fractie van
de PVV.
De heer De Roon (PVV):
Voorzitter. Dit gaat over het voornemen van de Nederlandse regering om
een interventie te plegen in de zaak bij het Internationaal Gerechtshof
tegen Israël inzake genocide. Als het zo zou zijn dat er volgens de
regels kon worden gehandeld, namelijk dat het alleen maar een juridische
interventie mag zijn over de interpretatie van het Genocideverdrag ...
Als dat het enige is wat er gebeurt, dan moet dat gebeuren door
hoogedelachtbare heren in een ivoren toren. Maar de werkelijkheid is
natuurlijk dat deze interventies worden opgesteld door ambtenaren, al of
niet gesanctioneerd door de verantwoordelijke bewindslieden. Dan krijg
je een andere situatie, want die zijn natuurlijk in meerdere of mindere
mate op de hoogte van de feiten en kunnen daar dus op de ene of de
andere manier rekening mee houden. Dat dat geen theoretisch idee is, wil
ik graag heel kort toelichten, voorzitter.
De voorzitter:
Nou ...
De heer De Roon (PVV):
Denk bijvoorbeeld aan de zaak van Oekraïne tegen Rusland twee of drie
jaar geleden. Daarover is uiteindelijk in de publiciteit geconcludeerd
"meer dan 30 landen hebben Oekraïne gesteund".
De voorzitter:
Dat vind ik echt iets voor in het debat. Dus uw voorstel is om daar een
debat over te voeren?
De heer De Roon (PVV):
Nou, ik wil toch even toelichten waarom dat van belang is.
De voorzitter:
Nee, ik wil graag dat u een voorstel doet.
De heer De Roon (PVV):
Ik ga het heel kort doen — héél kort.
De voorzitter:
Dit is de regeling van werkzaamheden, meneer De Roon.
De heer De Roon (PVV):
Ja, ik weet het.
De voorzitter:
Anders ga ik het voor u doen.
De heer De Roon (PVV):
Maar ik wil toch nog wel zeggen dat inmiddels de pers al lucht heeft
gekregen van de interventie van de Verenigde Staten en zegt: dat zijn
gewoon beschuldigingen. De VS zeggen: die beschuldigingen zijn onjuist.
En Nederland dringt erop aan dat het Gerechtshof de uithongering en het
tegenhouden van humanitaire hulp gaat onderzoeken. Nu zal dat allemaal
best onafhankelijk bedoeld kunnen zijn, maar het kan ook heel anders
worden uitgelegd. Daarover ...
De voorzitter:
En daar wilt u een debat over.
De heer De Roon (PVV):
... wil ik een debat.
De voorzitter:
Ik ga kijken of daar steun voor is. Het is in ieder geval duidelijk.
De heer Markuszower (Groep Markuszower):
Ik ben het met alles eens wat de heer De Roon net zei en zeker ook met
zijn debatverzoek, dus van harte steun.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ik houd het kort: steun.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Voorzitter, steun. Dit is een voeging die volgens mij internationaal wel
wat implicaties heeft, omdat Duitsland, dat in de Myanmar-zaak naast
Nederland stond, nu volgens mij aan de andere kant staat.
De voorzitter:
En tot welke conclusie leidt dat?
De heer Ceder (ChristenUnie):
Dat het goed is om dit debat met elkaar te voeren omdat het volgens mij
implicaties heeft waar de Kamer zich niet over heeft kunnen uitspreken.
Om die reden is het belangrijk.
De voorzitter:
De ChristenUnie steunt het debat.
Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. Mijn fractie heeft al heel lang gevraagd om aan te sluiten
bij de zaak van Zuid-Afrika. Het is in ieder geval belangrijk dat het
kabinet nu eindelijk deze stap heeft genomen. Er staat al een debat over
zowel het Midden-Oosten als Palestina gepland. Daar kan dit wat ons
betreft onder vallen. Daar is al een meerderheid voor, dus geen steun
voor dit debat.
De heer Ceulemans (JA21):
Steun.
De heer Dassen (Volt):
Er staat een debat gepland. Volgens mij moeten we dáár dan ook gaan
bespreken wat de implicaties zijn van het feit dat Nederland zich heeft
aangesloten, namelijk dat het ook meer actie moet ondernemen.
Mevrouw Dobbe (SP):
Er staat inderdaad een debat gepland over het Midden-Oosten en
Palestina. Mijn voorstel zou zijn om dat nogmaals snel in te plannen,
maar geen steun voor dit verzoek.
Mevrouw Maes (VVD):
Ook geen steun voor dit verzoek, juist omdat er een debat gepland staat,
maar ook omdat we die schriftelijke zienswijze nog niet hebben.
Inhoudelijk hebben we het nog nergens over.
De heer Van Baarle (DENK):
Voorzitter. Ik had gehoopt dat in plaats van miepen over een interventie
bij de genocidezaak hier debatten gesteund zouden worden om die genocide
te stoppen en daar wat tegen te doen. Dus geen steun voor dit verzoek.
Er staan inderdaad al meerdere debatten over dit onderwerp op de lijst.
Die moeten snel worden ingepland.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Er moet alles op alles worden gezet om de genocide te stoppen. Geen
steun voor dit debat.
De heer Flach (SGP):
Wél steun voor dit debat.
Mevrouw Paulusma (D66):
Geen steun.
Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Steun. Graag de informatie die vorige week gevraagd is aan het
kabinet.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid voor dit debat, meneer De Roon.
De heer De Roon (PVV):
Wel 30 leden?
De voorzitter:
Zeker. We zetten 'm erbij op de lijst.
Dan is het woord aan mevrouw Maeijer voor haar voorstel namens de
fractie van eveneens de PVV.
Mevrouw Maeijer (PVV):
Dank u wel, voorzitter. Meisjesbesnijdenis en genitale verminking van
vrouwen zijn barbaarse vormen van mishandeling. Waar we het over hebben,
gaat van het inknippen of verwijderen van de clitoris of de schaamlippen
tot het dichtnaaien van de vagina, met als gevolg pijn, bloedingen,
infecties en problemen bij de bevalling. Het is een praktijk waardoor
meisjes levenslang lichamelijk en psychisch zijn verminkt. Het klinkt
middeleeuws, maar het gebeurt nog steeds. In Nederland zijn er zo'n
41.000 vrouwen genitaal verminkt en lopen duizenden meisjes het risico
dit ook te ondergaan. Ik zou hier graag een plenair debat over voeren
met de minister van VWS.
De voorzitter:
Ik kijk of u daar steun voor heeft.
De heer Bevers (VVD):
Voorzitter. Dit is inderdaad een belangrijk punt. De VVD en ook andere
fracties vragen hier regelmatig aandacht voor. Ik zou mevrouw Maeijer
willen adviseren om in plaats van een apart debat te voeren, het samen
te voegen met het debat dat inmiddels op de negende plek van de
langetermijnplanning staat, namelijk het debat over familierecht in
relatie tot femicide, aangevraagd door collega Mutluer. Dat lijkt mij
veel sneller aan de orde.
De heer Claassen (Groep Markuszower):
Prima, steun. Dit kunnen we dan twee keer behandelen.
De heer Ceulemans (JA21):
Steun.
Mevrouw Paulusma (D66):
Ik volg de wijze woorden van de heer Bevers.
Mevrouw Vliegenthart (GroenLinks-PvdA):
Ook ik sluit me aan bij het voorstel van de heer Bevers.
Mevrouw Dobbe (SP):
Wij hebben hier meermaals aandacht voor gevraagd. Het is, denk ik, heel
belangrijk om hier een apart debat over te voeren, dus wat ons betreft
steun.
Mevrouw Armut (CDA):
Ik sluit me aan bij de woorden van de heer Bevers.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Ook ik sluit me aan bij de woorden van de heer Bevers.
Mevrouw Wiersma (BBB):
Dit is een heel belangrijk onderwerp. Ik vraag me wel het volgende af.
Ik heb even gemist wat de woorden van de heer Bevers waren, omdat ik met
mevrouw Van der Plas in gesprek was. Ik vraag me af of het in de
commissie voor VWS thuishoort, omdat VWS echt gaat over Nederlandse zorg
en het verboden is in Nederland. Van harte steun dus voor het debat,
maar misschien zou de minister van Justitie en Veiligheid daar dan ook
bij betrokken moeten worden.
De voorzitter:
We geleiden het door naar het kabinet, als het voorstel wordt
aangenomen.
De heer Dassen (Volt):
Ook ik sluit me aan bij de heer Bevers.
Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Ook ik sluit me ook aan bij de heer Bevers. Dit is echt iets voor de
minister van Justitie. Volgens mij is het debat dat door mevrouw Mutluer
is aangevraagd, met de minister van Justitie.
De heer Flach (SGP):
De SGP en de ChristenUnie steunen allebei dit verzoek, maar als het idee
van de heer Bevers praktischer is, zeggen wij: hoe sneller we dit kunnen
behandelen, hoe beter.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid, mevrouw Maeijer.
Mevrouw Maeijer (PVV):
Wel 30 leden?
De voorzitter:
Wel 30 leden.
Mevrouw Maeijer (PVV):
Dan zet ik 'm graag op de lijst.
De voorzitter:
Ja.
Uw volgende verzoek.
Mevrouw Maeijer (PVV):
Voorzitter, dank. Vorige week ontvingen we een indringende brief van
mevrouw Jacobs. Zij is 46 jaar en heeft uitgezaaide borstkanker. Het
medicijn ENHERTU, dat haar leven zou kunnen verlengen, is in Nederland
alleen voor mensen met een ander type borstkanker verkrijgbaar. In
diezelfde week besloot farmaceut BioMarin om helemaal geen aanvraag in
te dienen voor de vergoeding van het groeimedicijn Voxzogo, een middel
dat al in meer dan 50 Europese landen beschikbaar is. Daarmee komt het
niet op de Nederlandse markt, met alle gevolgen van dien voor patiënten
en hun naasten. Het zijn slechts twee geneesmiddelen die ik benoem, maar
het probleem is breder. Ik zou daarom graag een debat willen aanvragen
met de minister van VWS, over de toegang tot geneesmiddelen in
Nederland.
De voorzitter:
Ik ga kijken of daar steun voor is.
De heer Claassen (Groep Markuszower):
Ik begrijp nu wat het verzoek is. Van harte steun. Ik heb hetzelfde
soort verzoek, die hopelijk ook een meerderheid zal krijgen. Dan kunnen
we die samenvoegen, zo is mijn voorstel.
De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter, steun. Ik zag later het verzoek van de heer Claassen. Als
het een meerderheid krijgt, is het wellicht goed om er maximaal één
debat van te maken.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Ik sluit me aan bij de woorden van de heer Claassen: steun voor het
debat.
Mevrouw Wiersma (BBB):
Geen steun. Volgens mij kan dit ook bij het debat over eerstelijnszorg,
dat al op korte termijn plaatsvindt, worden betrokken.
Mevrouw Dobbe (SP):
Steun. Als beide verzoeken — ik doel dus ook op het verzoek van de heer
Claassen, dat later komt — vandaag een meerderheid krijgen, dan graag
één debat in plaats van twee.
De heer Krul (CDA):
Voorzitter. Daar sluit ik me bij aan. Het is zorgwekkend dat het
Zorginstituut zichzelf heeft uitgesproken tegen een farmaceut. Ik denk
dat het goed is dat we, als je het bijvoorbeeld hebt over het middel
Voxzogo, in algemene zin praten over de toegang tot geneesmiddelen. Dat
is ook de debataanvraag van mevrouw Maeijer. Daar geven wij steun
aan.
De heer Dassen (Volt):
Steun.
Mevrouw Paulusma (D66):
Een zeer belangrijk onderwerp, maar toch geen steun. Ik denk dat het
sneller kan als het toegevoegd wordt aan een al ingepland
commissiedebat, bijvoorbeeld over het zorgverzekeringsstelsel. Denk ook
aan de suggestie die een collega eerder deed. Dan houden we tempo.
De heer Russcher (FVD):
Wel steun.
De heer Ceulemans (JA21):
Steun.
De heer El Abassi (DENK):
Steun.
De heer Bevers (VVD):
Geen steun. Ik sluit me aan bij mevrouw Paulusma.
De heer Flach (SGP):
Steun, namens de ChristenUnie en de SGP.
De voorzitter:
U heeft een meerderheid, mevrouw Maeijer.
Mevrouw Maeijer (PVV):
Mooi.
De voorzitter:
Meneer Heutink krijgt het woord voor zijn verzoek namens de Groep
Markuszower. Gaat uw gang.
De heer Heutink (Groep Markuszower):
Voorzitter. Ik zeg het hier nog maar een keer: de brandstofaccijns moet
echt omlaag. Terwijl het kabinet doet alsof we allemaal wel kunnen
wachten, werd vanochtend bekend dat de landelijke adviesprijs voor een
liter benzine inmiddels €2,50 is. Dat heeft funeste gevolgen voor onze
economie. Alles wordt onbetaalbaar. Nu zijn het de rijscholen die hun
tarieven moeten verhogen, maar ik garandeer u: straks zullen het nog
veel meer sectoren gaan worden. Elke dag dat we langer wachten met het
verlagen van de accijnzen, is een dag waarop we opnieuw schade aan onze
economie berokkenen. Ik wil dan ook een debat met de minister van IenW
en de minister van Financiën om te praten over de brandstofaccijnzen en,
als het even kan, zo snel mogelijk.
De voorzitter:
Ik ga kijken of u daar steun voor heeft.
De heer Bikkers (VVD):
Dank u wel, voorzitter. Het is een ongelofelijk belangrijk onderwerp.
Tegelijkertijd hebben we volgende week een debat over de economische
gevolgen van de situatie in het Midden-Oosten. Ik denk dat we het, om
snelheid te maken, vooral daar kunnen bespreken. Dus geen steun.
De heer Flach (SGP):
Dit had ik ook willen zeggen, dus ik sluit me daar kortheidshalve bij
aan.
De heer Jumelet (CDA):
Ik sluit me daar ook graag bij aan. Geen steun, voorzitter.
De heer De Hoop (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. Ik zou dat zelfs nog willen overtoepen met het feit dat de
heer Heutink hetzelfde verzoek op 10 februari heeft gedaan en daar ook
gewoon steun voor heeft gekregen. De heer El Abassi heeft vorige week
ook hetzelfde verzoek gedaan. Er staat een debat ingepland waar dit
prima bij betrokken kan worden. Het lijkt me dus niet nodig om dit
verzoek elke week opnieuw te doen.
De heer Dassen (Volt):
Het kan volgende week, voorzitter.
De heer Russcher (FVD):
Wel steun.
De heer Mathlouti (D66):
Het kan gewoon volgende week; geen steun.
De heer Ergin (DENK):
Voorzitter. Mijn collega El Abassi heeft vorige week een soortgelijk
debat aangevraagd. Als dit verzoek dat debat niet gaat belemmeren of
voor de voeten gaat lopen, dan wil ik het voorstel zeker steunen.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Voorzitter. Dit is gewoon een heel belangrijk onderwerp. Dat onderken
ik. Dit kan ook in verschillende commissies. Iedereen staat hierover
debatten aan te vragen, wat ik terecht vind, want mensen hebben gewoon
nou eenmaal moeite met het betalen van hun benzine. Maar dit gaat wel
heel specifiek richting IenW, over de rijscholen. Het is zo veel breder.
Ik wil het wel steunen, maar ik geef dit wel even mee. Dit gaat echt
over één onderwerp. Wij zullen het in het debat breder trekken. Dat zou
ik andere Kamerleden dan ook …
De voorzitter:
Maar dat u het wil, betekent niet dat u het doet. Steunt u het voorstel
of niet?
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ja, nee, zeker! Ik steun het.
De heer Heutink (Groep Markuszower):
Wat fijn!
De voorzitter:
We noteren "steun".
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Maar dan gaat het niet alleen over de rijschoolhouders natuurlijk. Dat
moeten we er dan even bij zeggen.
De voorzitter:
Nee. Waarvan akte.
De heer Heutink (Groep Markuszower):
Maar ik denk dat het hele debat niet doorgaat, want er is geen
meerderheid.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid.
De heer Heutink (Groep Markuszower):
Nee, precies! Helaas.
De voorzitter:
Wel hebben we meneer Claassen, die ik het woord geef voor zijn verzoek
namens eveneens de Groep Markuszower.
De heer Claassen (Groep Markuszower):
Ik begin met mijn eerste verzoek. Ik weet niet meer welke dat was.
De basiliek in Rome bezoek je bij voorkeur niet met een T-shirt aan,
maar je bedekt je armen. Als je in Scandinavië een huis betreedt, dan
doe je netjes je schoentjes uit. Dat is allemaal prima. Maar in
Nederland faciliteer je als school zeker geen iftars waarbij de
consequentie is dat je accepteert dat je meer dan 50 jaar terug
geslingerd wordt in de tijd. Jongens en meisjes worden namelijk
gescheiden. Dat is ook helemaal niet de taak en de opdracht van het
onderwijs. Ik ben benieuwd hoe de Kamer dit ziet, maar ik ben ook
benieuwd hoe de staatssecretaris denkt deze glijdende schaal van
ongewenste secularisatie in het onderwijs tegen te gaan. Ik wil daarover
graag het debat voeren.
De voorzitter:
Ik ga kijken of daar steun voor is.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Voorzitter. Ik wil hier ook heel graag een debat over voeren.
De heer Claassen (Groep Markuszower):
Top. Dank u.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Dat kan op 1 april in het debat Discriminatie. Het kan in het debat
Vreemdelingen- en asielbeleid van 23 april. Ik zeg met nadruk dat ik
vind dat we het hier echt over moeten hebben, maar we willen hier ook
snelheid in. Het aanvragen van een debat dat misschien volgend jaar
december wordt gehouden, heeft dan niet zo veel zin.
De voorzitter:
Dus dit leidt tot "geen steun"?
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ik steun het verzoek, maar ik wil mensen ook echt oproepen om eens te
kijken naar die commissiedebatten om te zien wanneer iets sneller kan.
Anders wordt dit wel een beetje een soort show elke week door het
aanvragen van plenaire debatten. Dat doe ik zelf ook, hoor, met de wolf;
daar ben ik eerlijk in. Maar ik zit wel altijd een beetje te zoeken naar
snelheid. Ik vind het belangrijk om aan te geven: het kan in een
commissiedebat. Ik steun dan toch dit verzoek.
De voorzitter:
We noteren "steun". Ik wil u vragen om even het woord aan de leden te
laten, meneer Claassen. Meneer Ergin, wordt de inrichting hier nou ook
al ontmanteld? Het is niet te geloven! Meneer Ergin, steunt u het
debatverzoek?
De heer Ergin (DENK):
Voorzitter, er viel net een plopkapje. Daar was ik mee bezig.
De voorzitter:
Ik zag het.
De heer Ergin (DENK):
Voorzitter. Los van het feit dat de school in kwestie heeft aangegeven
dat het zou gaan om ongelukkige communicatie, lijkt het mij totaal
onverstandig dat wij het in dit huis gaan hebben over ingangen, ramen,
deuren en kozijnen. We moeten gewoon zorgen voor goed onderwijs, waar
iedereen zichzelf kan zijn en waar ook ruimte is voor een iftar. Daarom
geen steun voor dit voorstel.
Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):
Voorzitter. Mijn fractie heeft hier schriftelijke vragen over gesteld.
Ik denk dat het goed is om het erover te hebben, maar dat kan wat mij
betreft in een commissiedebat, waarin specifiek kan worden ingezoomd op
burgerschapsonderwijs en hoe dit zich daartoe verhoudt. Geen steun voor
een plenair debat.
De heer Ceulemans (JA21):
Voorzitter. De aanvraag is een wat specifiekere versie van het debat dat
al door de heer Boon is aangevraagd. Dat steun ik, dus dit ook.
Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):
Geen steun.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ik wil even een kleine correctie doen. Ik noemde het debat over de wolf
in de context van een show, maar dat is geen show. Het debat over de
wolf is natuurlijk het belangrijkste debat dat we hier moeten
voeren.
De voorzitter:
We beschouwen dit als een persoonlijk feit.
Mevrouw Paulusma (D66):
Geen steun.
Mevrouw Armut (CDA):
Geen steun; dit kan in een commissiedebat.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid, meneer Claassen.
De heer Claassen (Groep Markuszower):
Dan heb ik een tweede verzoek, voorzitter. Deze debataanvraag gaat niet
per se over het medicijn Voxzogo. Dat is een medicijn waardoor het leven
van kinderen met achondroplasie, dwerggroei, en hun ouders, als je het
in een vroeg stadium toedient, er een stuk beter en gezonder uit kan
zien. Dit debat gaat wat mij betreft over het systeemfalen van de
zogenaamde sluis. De fabrikant heeft besloten geen dossier in te dienen.
Het Zorginstituut heeft ervoor gekozen om te gaan vingerwijzen naar de
fabrikant. Wij kiezen ervoor om het hele toelatingssysteem voor
weesgeneesmiddelen te gaan bekijken. Tegen die achtergrond graag een
apart debat.
De voorzitter:
Ik kijk of daar steun voor is.
De heer Krul (CDA):
Voorzitter. Ik sluit me aan bij de zorgen van de heer Claassen. Die zijn
terecht, denk ik. Maar volgens mij hebben we net een debataanvraag van
mevrouw Maeijer over de toegang tot geneesmiddelen, en dus de sluis,
goedgekeurd. Wat mij betreft voegen we ze samen, want ik vind het wel
een heel belangrijk onderwerp. Dus samenvoegen en dan steun.
Mevrouw Paulusma (D66):
Net als bij de vorige debataanvraag vind ik dit nog steeds een
belangrijk onderwerp, maar — ik zeg dit nu ook namens de VVD — het gaat
echt sneller in een commissiedebat, dus geen steun voor plenair.
De heer Bushoff (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. Laat ik zeggen dat ik het heel goed vind dat het
Zorginstituut eindelijk een keer de vinger op de zere plek legt en
duidelijk maakt hoe verschrikkelijk de praktijken van de farmaceutische
industrie zijn, ook als het gaat om dit medicijn. Verder sluit ik me aan
bij de woorden van de heer Krul: laten we het samenvoegen.
De voorzitter:
Mevrouw Van der Plas, kort en bondig graag.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Steun. Nee, sorry, geen steun.
Mevrouw Maeijer (PVV):
Voorzitter. Dit is heel belangrijk. Volgens mij kan dit prima betrokken
worden bij het zojuist toegekende debat over de toegang tot
geneesmiddelen.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Ik gun mevrouw Maeijer en de heer Claassen een debat hierover. Dit is
een belangrijk onderwerp, dus van harte steun en graag samenvoegen.
Mevrouw Dobbe (SP):
Zoals al aangekondigd: steun, maar wel graag samenvoegen met het debat
van mevrouw Maeijer dat net is goedgekeurd.
De heer Ceulemans (JA21):
Ik sluit me aan bij wat mevrouw Maeijer zei.
De heer Russcher (FVD):
Hetzelfde. Steun en samenvoegen.
De heer El Abassi (DENK):
Steun, voorzitter.
De voorzitter:
Het onderwerp wordt toegevoegd aan het debat dat reeds een meerderheid
heeft verkregen.
De heer Claassen (Groep Markuszower):
Ja, dat was mijn wens toen ik steun uitsprak voor het debat van mevrouw
Maeijer.
De voorzitter:
Ik heb het goed gehoord.
Dan is het woord aan mevrouw Westerveld voor haar verzoek namens
GroenLinks-Partij van de Arbeid. Maar het lijkt alsof mevrouw Paulusma
een punt van orde heeft.
Mevrouw Paulusma (D66):
Ja, ik heb een heel kort punt van orde. Dat komt omdat het wellicht wat
anders gaat dan anders. Wij hadden een verzoek naar aanleiding van de
aanslag op een Joodse school, maar we hebben volgens mij net in
meerderheid afgesproken dat we een plenair debat voeren over
antisemitisme, gepland dichtbij 4 en 5 mei. Ik wilde dat nog even
afhechten, want dan halen wij dat punt van de regeling af.
De voorzitter:
Ja, ik had al overeenkomstig gehandeld, maar goed dat u dat nog even
heeft opgemerkt voor de Handelingen.
Mevrouw Westerveld, uw verzoek.
Mevrouw Westerveld (GroenLinks-PvdA):
Dank u wel, voorzitter. Binnenkort praten wij over de grootste
stelselwijziging in decennia als het gaat over asiel en migratie. Wij
hebben honderden pagina's alleen al aan toelichting bij de wet. Vorige
week kwamen daar nog eens 140 pagina's bij aan antwoorden op onze
vragen. Nu wil een heel aantal partijen dit volgende week afdoen in een
wetgevingsoverleg. Ik denk dat we als Kamer hebben geleerd van wetgeving
die onzorgvuldig tot stand is gekomen. Ik zou het heel fatsoenlijk
vinden om collega's die om tijd vragen voor de voorbereiding die tijd
ook te geven en ook de organisaties die hiermee bezig zijn tijd te
geven. Laten we deze wet op een gewone manier behandelen: in deze zaal,
met aandacht voor de wet en voor organisaties die ons nog van input
willen voorzien. Dat is mijn verzoek. Ik begrijp ook dat het snel moet,
dus mijn verzoek dient niet om onnodig te vertragen. Ik verzoek om een
plenair debat in deze zaal.
De voorzitter:
Ik kijk of u steun heeft.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Als we een plenair debat gaan voeren, gaan we onnodig vertragen. Er is
maandag een wetgevingsoverleg. Geen steun dus.
De heer Stöteler (PVV):
Steun.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Dit is een debat waarover we het al jaren hebben met elkaar en nu gaan
we dit in een commissiezaal voeren. Een plenair debat voeren we omdat we
juist zaken willen behandelen waarvan we vinden dat mensen moeten kunnen
meekijken via NPO Politiek om te begrijpen wat er gebeurt. Dit gaat over
de grootste stelselwijziging sinds de oprichting van de EU als …
De voorzitter:
U steunt het.
De heer Ceder (ChristenUnie):
… het gaat om asiel. Het is onbegrijpelijk dat we dit in een
commissiezaal willen doen. Het moet wel snel, vanwege de deadline. Ik
steun het verzoek dus, maar dan moeten het wel ingepland worden tussen
nu en twee weken.
De heer Dassen (Volt):
Van harte steun. Vanwege de grote verandering, maar ook de aandacht die
het in het politieke debat altijd heeft, vind ik dat het zeker hier in
de plenaire zaal thuishoort. Het moet een goede wetsbehandeling krijgen,
met juiste inhoud.
De heer Ceulemans (JA21):
Het kan gewoon maandag wat ons betreft, dus geen steun.
Mevrouw Lammers (Groep Markuszower):
Steun.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Deze wetgeving heeft grote gevolgen voor kinderen, voor gezinnen in
nood, in moeilijke omstandigheden op de vlucht. Ik vind dat het op z'n
minst een plenair debat verdient, dus van harte steun.
Mevrouw Dobbe (SP):
Steun.
De heer Van Baarle (DENK):
Steun voor het verzoek.
Mevrouw Paulusma (D66):
Een belangrijk onderwerp. Geen steun, omdat het tempo behoeft. Daarom
dus maandag in een commissiedebat.
Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):
Voorzitter. Zeker geen steun. Maandag een WGO. Ik vind het ook een
verkeerd signaal dat alleen plenair belangrijk zou zijn. We hebben elke
maandag wetgeving in WGO's. Dat kan met deze wet ook. Als deze wet je
niet bevalt en je gaat gillen omdat ik geen steun geef, vind ik dat
eerlijk gezegd kinderachtig. Geen steun.
De heer Krul (CDA):
Geen steun. Het snelst is dat WGO, dat al heel snel gepland staat.
Absoluut geen steun voor dit verzoek.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ik wil toch een klein punt van orde maken in navolging van wat mevrouw
Michon zei. Er wordt hier een beetje gedaan alsof iets in een
commissiezaal minder belangrijk is. Dat is het niet. Elk debat hier is
belangrijk, of het nou hier is of in een commissiezaal.
De voorzitter:
U heeft het gezegd.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ja, maar dat vind ik wel belangrijk, ook voor de uitstraling naar buiten
toe. Alsof we in een commissiezaal een beetje zitten te fröbelen. Dat is
niet het geval.
De heer Russcher (FVD):
Steun.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid, mevrouw Westerveld.
Mevrouw Westerveld (GroenLinks-PvdA):
Nee, voorzitter, dat heb ik gehoord. Er worden wel een aantal zaken
gezegd die ik uitdrukkelijk niet heb bedoeld in mijn inbreng en ook niet
heb gezegd. Ik druk juist op het belang van zorgvuldige wetgeving. Ik
druk juist op het belang dat andere organisaties ons input geven. Ik heb
nergens gezegd dat we zitten te fröbelen in een commissiezaal. Ik heb
ook niet gezegd dat deze wet ons niet aanstaat. Sterker nog, die
wetsbehandeling gaan we nog met elkaar doen.
De voorzitter:
Waarvan akte, mevrouw Westerveld.
Uw volgende verzoek.
Mevrouw Westerveld (GroenLinks-PvdA):
Mijn volgende verzoek gaat over dakloosheid, ook een ontzettend
belangrijk onderwerp en des te urgenter omdat we vanochtend nog het
bericht lazen dat er veel meer incidenten zijn omdat er onvoldoende
opvangplekken zijn. Vorige week kwam het bericht dat uit onderzoek van
Investico en De Groene Amsterdammer bleek dat zelfs vrouwen die hun huis
ontvluchten omdat ze daar een gevaarlijke situatie meemaken, ook vrouwen
met kinderen, vaak niet in de opvang terechtkunnen. Volgens mij is er
alle reden om het dertigledendebat dat al op de lijst staat, om te
zetten in een gewoon debat.
De voorzitter:
Ik ga kijken of daarvoor steun is.
Mevrouw Moinat (Groep Markuszower):
Voorzitter, van harte steun.
Mevrouw Dobbe (SP):
Inderdaad alle reden toe, dus van harte steun.
Mevrouw Tijmstra (CDA):
Het onderwerp staat al geagendeerd voor het commissiedebat
Maatschappelijk domein, dus geen steun voor dit voorstel.
Mevrouw Wendel (VVD):
Wij spreken er graag over bij het commissiedebat Maatschappelijk
domein.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Van harte steun.
De heer Dassen (Volt):
Steun.
Mevrouw Van Meetelen (PVV):
Geen steun.
Mevrouw Paulusma (D66):
Geen steun. Het kan bij het eerder door het CDA genoemde
commissiedebat.
De heer El Abassi (DENK):
Steun.
Mevrouw Wiersma (BBB):
Geen steun. Het kan bij het genoemde debat.
De heer Russcher (FVD):
Steun.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid.
Mevrouw Westerveld (GroenLinks-PvdA):
Bij dat commissiedebat staan al heel veel andere onderwerpen op de
agenda.
De voorzitter:
Dank u wel, mevrouw Westerveld.
Het woord is aan lid Kostić. Gaat uw gang.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Dank, voorzitter. Er is al een tweeminutendebat over de AMvB veilige
jaarwisseling aangevraagd, maar uit de brief van maandag van de
staatssecretaris van IenW blijkt dat het belangrijk is om het debat nog
in maart, zo snel mogelijk, af te ronden. Daarom doe ik het verzoek om
het tweeminutendebat over het Besluit veilige jaarwisseling nog volgende
week in te plannen. Dit verzoek wordt mede ingediend door
GroenLinks-PvdA, D66, CDA, SGP, 50PLUS, Volt en ChristenUnie, dus
daarmee heeft het volgens mij ook de meerderheid van de Kamer.
De voorzitter:
U heeft een meerderheid.
Kamerlid Kostić (PvdD):
Dank.
De voorzitter:
Het woord is aan mevrouw Kröger voor een vooraankondiging. Gaat uw
gang.
Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. Graag doe ik hierbij een vooraankondiging van een
tweeminutendebat voor de Raad Buitenlandse Handel aankomende
donderdag.
De voorzitter:
Dank u wel. Hogelijk gewaardeerd. We gaan er rekening mee houden.
Tot slot is het woord aan mevrouw Keijzer voor haar verzoek.
Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Dank, voorzitter. Toondoof en losgezongen van de werkelijkheid gaf onze
Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme afgelopen zondag
aan dat hij vond dat er een programmabegeleider moest komen voor
moslimdiscriminatie. Nu rammelen de onderzoeken naar
moslimdiscriminatie, zoals we inmiddels weten. Al eerder schoot deze
nationaal coördinator, de heer Baldewsingh, uit de bocht toen hij op
Al-Jazeera zei dat er een oorlog is tegen moslims in Nederland. Daar
heeft hij zijn excuses voor aangeboden. Net in het vragenuurtje vroeg ik
aan de minister van Justitie: moet er niet eens een
functioneringsgesprek komen met deze man, of moet er niet eens naar dat
programma gekeken worden, wat we daar nu eigenlijk met z'n allen doen?
Hij verwees naar de minister van Binnenlandse Zaken; vandaar mijn
verzoek: een debat met de minister van Binnenlandse Zaken. Als daar geen
steun voor is, wil ik graag een brief hebben waarin er puntsgewijs
ingegaan wordt op hetgeen ik hier nu naar voren heb gebracht.
De voorzitter:
Uw informatieverzoek geleiden we sowieso door naar het kabinet. Ik ga
kijken of u steun heeft voor een debat.
De heer Ceulemans (JA21):
Steun voor het debat. Mocht dat het onverhoopt niet halen, dan is het
informatieverzoek een goed idee. Dat kan dan op 1 april betrokken worden
bij het commissiedebat Discriminatie, racisme en mensenrechten; zo heet
het, geloof ik. Maar steun voor het debat.
De heer Stöteler (PVV):
Steun.
Mevrouw Schilder (Groep Markuszower):
Van harte steun.
De heer Tijs van den Brink (CDA):
Geen steun. Het kan 1 april.
De heer Ceder (ChristenUnie):
Ik steun de lijn van een brief. Volgende week hebben we echter een
debat, dus als die brief volgende week komt, kunnen we het debat in het
commissiedebat voeren, dus geen steun.
De heer Russcher (FVD):
Steun.
Mevrouw Michon-Derkzen (VVD):
Voorzitter. Ik deel de analyse en het chagrijn over wat er is gebeurd.
Ik steun ook die brief. Ik wil het dan graag bespreken in het
commissiedebat op 1 april; dat is het snelst. Dan moeten we daar echt
met elkaar de degens over kruisen, want dit is heel vreemd.
De heer Mathlouti (D66):
Geen steun.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Voorzitter. Ik sluit me aan bij de woorden van mevrouw Michon-Derkzen,
want het is een heel belangrijk onderwerp. Dat kan ook heel snel. 1
april kan. Het commissiedebat Vreemdelingen- en asielbeleid staat op 23
april gepland, meen ik. Dan moeten we het er dus zeker over hebben. Dan
gaat het ook het snelste.
De voorzitter:
Dank u wel.
De heer Van Baarle (DENK):
Geen steun, voorzitter.
De voorzitter:
U heeft geen meerderheid, mevrouw Keijzer.
Mevrouw Keijzer (Lid Keijzer):
Dat klopt, voorzitter. Ik heb wel 30 leden, dus graag op die lijst. Dan
ontvang ik graag toch wel een paar dagen voor 1 april de brief van het
kabinet, want mocht het geen antwoord geven op mijn vragen, dan kan ik
daar nog op acteren. Dank u wel.
De voorzitter:
We geleiden het met urgentie door. Dank u wel.
Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de regeling van werkzaamheden.
Ik schors een heel kort ogenblik, waarna we verdergaan met het
tweeminutendebat Jaarverslag 2024 Staatsbosbeheer.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.