Antwoord op vragen van de leden Kathmann en Struijs over een Amerikaanse aanbesteding voor ICT van de Belastingdienst
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D12357, datum: 2026-03-18, bijgewerkt: 2026-03-19 09:06, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: E. Eerenberg, staatssecretaris van Financiën
- Mede namens: W.J.M. Aerdts, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat
- Aanbiedingsbrief
- Beslisnota bij antwoord op vragen van de leden Kathmann en Struijs over een Amerikaanse aanbesteding voor ICT van de Belastingdienst
Onderdeel van zaak 2026Z04244:
- Gericht aan: W.J.M. Aerdts, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat
- Gericht aan: E. Eerenberg, staatssecretaris van Financiën
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
AH 1368
Antwoord van staatssecretaris Eerenberg (Financiën), mede namens de staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat (ontvangen 18 maart 2026)
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht ‘Digitale autonomie en de uitbesteding applicatiediensten omzetbelasting door de Staat’ en de desbetreffende aanbesteding van de Belastingdienst?
Antwoord 1
Ja.
Vraag 2
Wat is uw reactie op het bericht en de aanbesteding?
Antwoord 2
Voor het antwoord op deze vraag verwijs ik u naar de Kamerbrief
die u op 17 maart jl. over dit onderwerp heeft ontvangen.
Vraag 3
Op welke gronden is gekozen om (het beheer en het onderhoud van) de software van de omzetbelasting bij FAST Enterprises in te kopen, namelijk het softwarepakket ‘GenTax’?
Antwoord 3
Het systeem voor de omzetbelasting is sterk verouderd en
dringend toe aan modernisering. Daarover is uw Kamer in de laatste jaren
veelvuldig geïnformeerd. De Belastingdienst is in 2020 gestart met het
traject om het verouderde omzetbelastingsysteem te moderniseren. In 2021
heeft de Belastingdienst een marktconsultatie gedaan, waaruit bleek dat
er oplossingen in de markt beschikbaar zijn. In 2022 is na extern advies
besloten om een aanbesteding te starten en een pakketoplossing uit de
markt aan te schaffen in plaats van zelf een nieuw systeem te bouwen.
Uit het advies bleek dat een oplossing uit de markt sneller en tegen
lagere kosten zou kunnen worden gerealiseerd dan wanneer de
Belastingdienst zelf een systeem zou bouwen.
In 2023 is de Belastingdienst een aanbestedingsprocedure (een concurrentiegerichte dialoog) gestart. Na het doorlopen van een zorgvuldige Europese aanbestedingsprocedure is de opdracht gegund aan het Amerikaanse bedrijf Fast Enterprises. Dit bedrijf scoorde het beste op de aangegeven criteria uit de vooraf via TenderNed openbaar gemaakte aanbestedingsstukken. Voorbeelden van criteria zijn: gebruiksvriendelijkheid, gegevensbeheer, informatiebeveiliging en datamigratie.
Vraag 4
Op welke manier is er, ten tijde van de aanbesteding, rekening
gehouden met digitale autonomie als voorwaarde voor aanbestedingen van
overheids-ICT? Zou u dit in de huidige politieke context anders
beoordelen?
Antwoord 4
Het traject is gestart in een andere (geo)politieke context.
Het versterken van de nationale digitale autonomie door het beperken van
de afhankelijkheid van niet-Europese technologie speelde destijds een
beperktere rol in de afwegingen. Er is bewust gezocht naar bewezen
technologie en gekeken naar de ervaringen van andere Europese
landen.
De aanbesteding is zorgvuldig doorlopen conform de Europese aanbestedingsregels. De gevolgde Europese aanbestedingsregels maken het niet mogelijk om niet-Europese landen uit te sluiten indien hier handelsverdragen mee zijn gesloten.
Tegelijkertijd ziet dit kabinet ook dat Nederland kwetsbaar is geworden door afhankelijkheid van een klein aantal buitenlandse (tech)spelers en kijkt daarom met veel aandacht naar de digitale, en open strategische, autonomie van Nederland. In Europees verband wordt daarom gesproken over het herzien van de aanbestedingswet- en regelgeving, en een eventueel EU-voorkeursprincipe bij aanbestedingen in specifieke sectoren.
Vraag 5
Indien de keuze voor FAST Enterprises de digitale autonomie niet bevordert, kunt u dan onderbouwen waarom dit alsnog de voorkeursoptie is?
Vraag 6
Kunt u onderbouwen waarom er niet is gekozen om de software van de omzetbelasting intern te ontwikkelen en beheren of dit in te kopen bij een Nederland of Europees bedrijf?
Antwoord 5 en 6
In 2020 startte de Belastingdienst het traject voor de
modernisering van het verouderde omzetbelastingsysteem. Een
marktconsultatie in 2021 wees uit dat er geschikte pakketoplossingen
beschikbaar waren in de markt. In 2022 is na een onderzoek uitgevoerd
door McKinsey besloten om een aanbesteding te starten om een bewezen
pakketoplossing voor de omzetbelasting aan te schaffen in plaats van
zelf een nieuw systeem te bouwen.1 Uit het onderzoek bleek
dat het aanschaffen van een systeem sneller te realiseren is dan zelf
bouwen. Een tweede onafhankelijk onderzoek heeft dit beeld
bevestigd.
De Belastingdienst heeft een zorgvuldige Europese aanbestedingsprocedure doorlopen in de vorm van een concurrentiegerichte dialoog. Het stond Nederlandse en Europese bedrijven uiteraard vrij om hieraan deel te nemen, dat hebben zij ook gedaan. Na het doorlopen van deze aanbestedingsprocedure is de opdracht gegund aan het Amerikaanse bedrijf, Fast Enterprises. Zoals ik reeds aangaf in het antwoord op vraag 3 scoorde dit bedrijf het beste op de van te voren aangegeven criteria in de aanbestedingsstukken. Daarnaast sluiten de gevolgde Europese aanbestedingsregels Amerikaanse bedrijven niet uit.
Vraag 7
Hoe garandeert u dat de relatie met FAST Enterprises niet door de Verenigde Staten gebruikt zal worden als drukmiddel, in het licht van de Nationale Veiligheidsstrategie van de VS?[3] Kunt u inzicht geven in alle maatregelen die zijn genomen om dit risico te voorkomen?
Antwoord 7
Ik kan u die garantie niet geven. Het volledig uitsluiten van
dit risico is bij een afhankelijkheid van een externe leverancier niet
mogelijk. Het kabinet is doorlopend met de Verenigde Staten in gesprek
om dergelijke vergaande maatregelen te voorkomen.2 In
een extreem geval, kan de leverancier onder statelijke druk gedwongen
worden om te stoppen met het leveren van diensten. In de recente
geschiedenis is dit alleen onder zeer specifieke sanctiewetgeving
gebeurd. De risico’s rondom continuïteit in relatie tot de Amerikaanse
leverancier dienen te worden afgewogen tegen de risico’s die samenhangen
met het langer in stand houden van het huidige verouderde systeem
waarover ik u in de oplegbrief heb geïnformeerd. Deze risico’s acht ik
groter en reëler dan dat de relatie met de leverancier als drukmiddel
wordt ingezet.
De Belastingdienst voert als onderdeel van het programma een risicoanalyse conform de IRAM (Information Risk Assessment Methodology) uit. Op basis daarvan worden maatregelen uitgewerkt en geïmplementeerd en vervolgens op hun effectiviteit getoetst. Gelijktijdig en als onderdeel van de risicoanalyse laat ik parallel onderzoeken op welke termijn en onder welke voorwaarden de Belastingdienst het beheer en onderhoud van de infrastructuur van het systeem kan overnemen van Fast Enterprises. Dit kan als een alternatieve route dienen in het geval uit de risicoanalyse blijkt dat de restrisico’s, na het treffen van de beheersmaatregelen, niet tot een aanvaardbaar niveau kunnen worden teruggebracht. Het zorgvuldig uitwerken van deze alternatieve route vergt tijd. Ik zal uw Kamer hierover informeren voor het zomerreces.
Ik zal hierbij ingaan op een aantal maatregelen die nader worden uitgewerkt. De Belastingdienst werkt met Fast aan de invulling van deze mitigerende maatregelen. Zo zal de leverancier gaan werken op locatie in Apeldoorn onder toezicht van medewerkers van de Belastingdienst die worden opgeleid om het systeem te beheren. Er wordt door de leverancier, eenmaal in productie, geen beheer op afstand vanuit de Verenigde Staten gevoerd. De Belastingdienst heeft de infrastructuur ingericht als een “onvertrouwde” omgeving binnen de infrastructuur van de Belastingdienst. De omgeving is gezoneerd en koppelingen of verbindingen met andere systemen worden gecontroleerd
De Belastingdienst is in gesprek met de leverancier over het treffen van aanvullende beheersmaatregelen. Het gaat daarbij onder meer, maar niet uitsluitend, om te bewerkstelligen dat er wordt gewerkt met medewerkers die niet onder Amerikaanse jurisdictie vallen. Ook is de Belastingdienst in gesprek met de leverancier om de escrow-regeling die is opgenomen in de overeenkomst met Fast een ruimere toepassing te geven. Dit is een regeling die dient als waarborg op de continuïteit van de dienstverlening. Er wordt een kopie van de broncode en documentatie in bewaring gegeven bij een Nederlandse onafhankelijke derde partij. In geval van het niet nakomen van dienstverleningsafspraken wordt deze broncode en documentatie vrijgegeven. De Belastingdienst gaat een proces inrichten om te zorgen dat de Belastingdienstmedewerkers in dat geval over de benodigde expertise beschikken en werkzaamheden kunnen uitvoeren.
Vraag 8
Kan de Belastingdienst gedurende de looptijd van het contract wel of niet volledig zelfstandig en zonder bijdrage van FAST Enterprises: 1) reageren op incidenten in GenTax; 2) bugfixes doorvoeren in GenTax; en 3) GenTax aanpassen zodat het voldoet aan nieuwe regelgeving?
Antwoord 8
Nee, deze handelingen kan de Belastingdienst niet volledig
zelfstandig uitvoeren. Dit onderwerp is wel onderdeel van de kritische
blik op de beheersmaatregelen en de nadere uitwerking hiervan. Zoals
hiervoor aangegeven is de Belastingdienst een proces aan het inrichten
om te zorgen dat de Belastingdienstmedewerkers de benodigde expertise
hebben om continuïteit te waarborgen ingeval van niet nakomen van
dienstverleningsafspraken.
Vraag 9
Kunt u precies aangeven wat de werkzaamheden en de taken zijn van het projectteam van FAST Enterprises dat op Nederlandse bodem diensten zal leveren, zowel vóór als na de implementatie van GenTax?[4]
Antwoord 9
De implementatie betreft een integrale oplossing waarbij Fast
het beheer gaat voeren op het totale systeem (software en
infrastructuur). De infrastructuur staat in Apeldoorn, maar wordt
beheerd door Fast (door middel van een housing-oplossing geleverd door
de Belastingdienst). Zoals in de specificatie van de opdracht beschreven
zal het projectteam van Fast, op Nederlandse bodem, werkzaamheden
uitvoeren die samenhangen met de realisatie, configuratie en
implementatie van GenTax. Dit gebeurt onder toezicht van
Belastingdienstmedewerkers (vier-ogenprincipe). De Belastingdienst werkt
met Fast aan wijze waarop hier invulling aan wordt gegeven.
Het projectteam van Fast ondersteunt daarnaast de voorbereiding en
uitvoering van de migratie naar de nieuwe oplossing en begeleidt de
organisatorische inbedding daarvan. Ook verzorgt Fast de
opleidingsmaterialen die nodig zijn om medewerkers met het nieuwe
systeem te laten werken.
Na de implementatie is Fast verantwoordelijk voor het onderhoud van de
oplossing, waaronder het herstellen en verbeteren van functionaliteit en
het doorvoeren van productupdates. Verder draagt het projectteam van
Fast op dit moment zorg voor het technisch applicatiebeheer en de
beschikbaarheid en werking van de oplossing op basis van de
overeengekomen service levels. Fast biedt daarnaast ondersteuning bij
vragen en verstoringen en blijft, waar nodig en binnen de functionele
kaders van de oplossing, configuratiewijzigingen doorvoeren wanneer wet‑
en regelgeving verandert.
In geval van wijzigingen in wet- en regelgeving ondersteunt Fast bij de configuratie hiervan. Deze wijzigingen voert Fast niet zelfstandig uit. Hiervoor geldt het voortbrengingsproces waarbij Fast bij het configureren samenwerkt met de Belastingdienst. De configuratie van het systeem moet worden goedgekeurd door de Belastingdienst. Dat gebeurt via een proces van definities, verschillende testen, goedkeuren en acceptatie.
Verder werkt Fast doorlopend aan verbeteringen van het Gentax-pakket. Deze verbeteringen kunnen zowel betrekking hebben op de implementatie van nieuwe Europese wet- en regelgeving als functionele en technische verbeteringen van het Gentax-pakket zelf. Het doorvoeren van deze verbeteringen vindt plaats onder regie van de Belastingdienst.
Vraag 10
Valt FAST Enterprises volledig en uitsluitend onder Nederlandse
en Europese jurisdictie? Zo niet, heeft u dan in kaart gebracht welke
gevolgen deze aanbesteding heeft voor de digitale autonomie van
Nederland?
Antwoord 10
Nee, Fast Enterprises is een Amerikaans bedrijf en valt daarmee
onder Amerikaanse jurisdictie. Daarmee komen de gegevens waartoe de
leverancier, na implementatie, toegang krijgt in potentie binnen
reikwijdte van extraterritoriale wetgeving zoals de CLOUD Act en de FISA
Amendments Act.
De Belastingdienst is met de leverancier in gesprek over de mogelijkheid dat zij een onafhankelijke Europese entiteit oprichten met de intentie om het contract met de Belastingdienst, dat valt onder Nederlands recht, daarheen te verhuizen. Dit wordt momenteel juridisch nader verkend.
Vraag 11
Welke analyses zijn uitgevoerd op het risico op spionage,
dataweglek en het vergroten van de afhankelijkheid van de Verenigde
Staten door deze keuze? Kunt u deze aan de Kamer doen toekomen (al dan
niet vertrouwelijk), en de uitkomsten op hoofdlijnen delen?
Antwoord 11
De Belastingdienst voert als onderdeel van het programma een
risicoanalyse conform de IRAM (Information Risk Assessment Methodology)
uit. Dit is een internationaal erkende methodiek om informatierisico's
systematisch in kaart te brengen en te beoordelen. Deze analyse is nog
niet afgerond; op basis van de uitkomsten worden maatregelen uitgewerkt
en geïmplementeerd, en vervolgens op hun effectiviteit getoetst. Het
nieuwe systeem wordt niet in gebruik genomen voordat de
beheersmaatregelen aantoonbaar effectief zijn ingericht.
Aangezien de IRAM nog wordt uitgevoerd, kan ik de uitkomsten op dit moment nog niet met uw Kamer delen. Zodra de analyse is afgerond, ben ik bereid de resultaten en de daaruit voortvloeiende maatregelen vertrouwelijk ter inzage aan uw Kamer aan te bieden.
Vraag 12
Kunt u alle relevante notities, adviezen, (risico)analyses en
documenten, die betrokken zijn bij de keuze voor FAST Enterprises, in
volledigheid met de Kamer delen?
Antwoord 12
Tijdens de regeling van werkzaamheden op 3 maart jl. heeft uw
Kamer verzocht om alle relevante stukken en notities die de keuze
onderbouwen te ontvangen. Dit verzoek heb ik ontvangen. Omdat ik het
belangrijk vind uw Kamer voor het debat van 19 maart te informeren, is
de zoekslag met prioriteit uitgevoerd. Daardoor kan ik uw Kamer
documenten doen toekomen die bezien op de aanbesteding, advisering,
informatievoorziening en besluitvorming vanuit verschillende fasen
binnen de overstap naar een ander OB-systeem. De documenten zijn
bijgevoegd bij de Kamerbrief over het systeem voor de omzetbelasting die
u op 17 maart jl. heeft ontvangen.
Wanneer er nieuwe relevantie informatie naar boven komt, waarmee een nieuw licht wordt geschenen op de reeds gedeelde inlichtingen, wordt dit op korte termijn met u gedeeld.
Vraag 13
Onder welke voorwaarden is het in eigen beheer en onderhoud
nemen van de applicatiediensten voor de omzetbelasting een haalbare
oplossing? Welke aanvullende middelen of capaciteit is nodig om dit te
realiseren?
Antwoord 13
De Belastingdienst heeft dit jaar op hoofdlijnen een aantal
andere scenario’s verkend. Eén van deze scenario’s is dat de
Belastingdienst het beheer van de infrastructuur overneemt (van housing
naar hosting). Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 7 en in de
Kamerbrief die u heeft ontvangen laat ik de mogelijkheid tot het
zelfstandig beheren van de infrastructuur gelijktijdig en als onderdeel
van de risicoanalyse parallel onderzoeken en zal ik uw Kamer hier voor
het zomerreces over informeren. Voor een besluit wordt genomen of een
toezegging wordt gedaan voor een andere variant dan het continueren van
de huidige koers geldt wel dat de impact in beeld moet worden gebracht
en expliciet worden gewogen inclusief de daarbij behorende dekking.
In het geval dat er voor een andere koers wordt gekozen dan de huidige zullen de risico’s en gevolgen die samenhangen met het langer in stand houden van het huidige verouderde systeem toenemen. Dat betekent dat het gevolgen kan hebben voor de tijdige implementatie van Europese wet- en regelgeving zoals de ViDA. Als deze wetgeving niet tijdig wordt geïmplementeerd kan dit leiden tot ingebrekestellingen van de Europese Commissie en problemen voor het (Nederlandse) bedrijfsleven.
Vraag 14
Heeft de Belastingdienst een duidelijke sourcingstrategie voor
het inkopen van ICT-diensten? Zo ja, kunt u deze met de Kamer delen?
Antwoord 14
Ja de Belastingdienst heeft een ICT-sourcingstrategie
opgesteld. Deze strategie is erop gericht om een onderbouwde keuze te
maken bij de aanschaf van software. De voorkeur is om bewezen
standaardoplossingen uit de markt te gebruiken, zodat de Belastingdienst
marktconform kan werken. Deze strategie is eerder in oktober 2024 met uw
Kamer gedeeld.3
De Belastingdienst zal het sourcingbeleid herzien en waar nodig actualiseren. Daarbij zal rekening worden gehouden met recente (geo)politieke en technische ontwikkelingen.
Vraag 15
Welke mogelijkheden heeft u om alsnog van deze leverancier af
te zien, gezien de veranderende politieke situatie en de uitgesproken
wens van de Kamer om digitale afhankelijkheden af te bouwen?
Antwoord 15
Het is mogelijk om de overeenkomst (onder voorwaarden) met de
leverancier te ontbinden. Ik zie dat niet als een reëel scenario. Voor
de systemen van de omzetbelasting geldt dat de modernisering niet langer
kan wachten. Dit systeem is inmiddels rond de veertig jaar oud, de
kennis wordt schaarser, de risico’s op storingen en uitval groter en de
mogelijkheid om nieuw beleid uit te voeren is zeer beperkt. De keuze
voor deze oplossing is weloverwogen gemaakt. De Belastingdienst heeft de
aanbestedingsprocedure zorgvuldig doorlopen en de gunning is in maart
2025 definitief verleend. Zoals aangegeven in de Kamerbrief die u heeft
ontvangen en in mijn antwoord op vraag 7 zet ik het traject voort en
laat ik parellel onderzoeken door de Belastingdienst of het beheer en
onderhoud van de infrastructuur door de Belastingdienst kan worden
overgenomen.
Vraag 16
Waarom is het McKinsey-rapport ‘Kopen of zelf bouwen?,’ dat
betrokken is geweest bij de keuze om de software van de omzetbelasting
in te kopen, niet meer openbaar?[5] Kunt u het rapport opnieuw openbaar
maken?
Antwoord 16
Het rapport staat nog steeds online. De link uit het artikel is
verouderd. Het is in te zien via: Open
overheid.
Vraag 17
Welke ambities zijn er om het gebruik van GenTax uit te breiden
naar andere middelen dan de omzetbelasting, aangezien in het
McKinsey-rapport wordt gesteld dat uitbreiding een voordeel is van het
inkopen van een extern pakket?
Antwoord 17
Op dit moment zijn er geen plannen om het gebruik van GenTax
uit te breiden naar andere belastingmiddelen.
Vraag 18
Uit welk advies bleek dat ook het beheer en onderhoud van de
applicatiediensten uitbesteed moest worden? Op welke momenten is de
Kamer geïnformeerd dat beheer en onderhoud bij een niet-Europees bedrijf
zou worden belegd?
Antwoord 18
Hierover is geen extern advies ingewonnen.
De Tweede Kamer is periodiek geïnformeerd over de voortgang van de aanbesteding. Tijdens het commissiedebat Belastingdienst in maart 2025 is aangegeven dat de gunning aan Fast Enterprises had plaatsgevonden. Aangezien het ongebruikelijk is om uw Kamer op dit detailniveau te informeren over aanbestedingen, bent u niet specifiek geïnformeerd over het uitbesteden van het beheer en onderhoud van applicatiediensten.
Vraag 19
Zijn de waarschuwing en het advies van het Adviescollege ICT
uit 2024 naar behoren
opgevolgd?[6] Zo nee, om welke redenen is dit niet nageleefd?
Antwoord 19
Ja. Het Adviescollege ICT heeft in april 2024 advies
uitgebracht over het programma modernisering omzetbelasting. In dit
advies onderschreef het Adviescollege de keuze van de Belastingdienst
voor een pakketoplossing, maar werd de Belastingdienst geadviseerd de
voorbereiding op een aantal punten te versterken. Mijn ambtsvoorganger
heeft uw Kamer op 7 mei 2024 geïnformeerd over de wijze waarop de
Belastingdienst deze adviezen zou opvolgen.4
Deze adviezen zijn opgepakt en benut door de Belastingdienst voor het
verdere verloop van het traject.
Vraag 20
Kunt u nauwkeurig toelichten in welke mate medewerkers van FAST
Enterprises toegang krijgt tot de gegevens die verwerkt worden bij het
heffen van de omzetbelasting? Welke garantie is er dat data via deze
medewerkers niet toegankelijk wordt voor Amerikaanse
overheidsdiensten?
Antwoord 20
Fast Enterprises zal de servers gaan beheren die geplaatst
worden in het datacenter van de Belastingdienst in Apeldoorn. Daardoor
krijgt Fast Enterprises, als de OB-regeling(en) in productie zijn
genomen, toegang tot data van belastingplichtigen. De mate waarin
medewerkers van Fast toegang krijgen tot data die in deze servers staat
hangt af van hun autorisatie. Het uitgangspunt is dat medewerkers van
Fast tijdens de productiefase geen toegang hebben tot productiedata en
daartoe alleen tijdelijk toegang verkrijgen wanneer dit nodig is om hun
beheerwerk te verrichten.
Fast Enterprises heeft een geheimhoudingsverklaring ondertekend. Deze verklaring voorkomt niet dat de Amerikaanse Staat voorgenoemde data kan vorderen op basis van extra territoriale wetgeving zoals de CLOUD Act en FISA Amendments Act. Er worden maatregelen genomen om dit risico te mitigeren, zoals het inrichten van het eerdergenoemde vier-ogen principe en infrastructurele beperkingen om data uit het systeem te kunnen halen, en logging en monitoring.
Vraag 21
Deelt u de zienswijze dat het feit dat de servers van de
Belastingdienst in Nederland blijven onvoldoende is om de risico’s voor
de vertrouwelijkheid en cyberveiligheid weg te nemen, als een
Amerikaanse partij straks toegang krijgt tot de servers?
Antwoord 21
Het gegeven dat de servers in het datacenter van de Belastingdienst
staan is op zichzelf niet afdoende om alle risico’s weg te nemen. Daarom
gaat de Belastingdienst ook aanvullende maatregelen nemen, zoals
aangegeven in de brief die u bij met deze antwoorden heeft ontvangen, om
deze risico’s tot een acceptabel niveau terug te brengen.
Vraag 22
Bent u bereid om een kort, onafhankelijk onderzoek uit te
voeren naar de mogelijkheid om het project alsnog stop te zetten, met
behoud van de continuïteit van de belastingheffing?
Antwoord 22
Het stopzetten van het project acht ik niet verstandig, de
redenen daarvoor heb ik uitgebreid toegelicht in de Kamerbrief die u
heeft ontvangen. Een onderzoek met als uitgangspunt het stopzetten van
dit traject lijkt mij prematuur gezien het feit dat de risicoanalyse en
de uitwerking van beheersmaatregelen nog gaande zijn. Zoals aangegeven
in de Kamerbrief die u heeft ontvangen en in mijn antwoord op vraag 7
laat ik, als onderdeel van de risicoanalyse, door de Belastingdienst
parellel onderzoeken of het beheer en onderhoud van de infrastructuur
door de Belastingdienst kan worden overgenomen.
Ik acht het zorgvuldiger om eerst het uitwerken van deze route en het afronden van de risicoanalyse af te wachten en vervolgens de uitkomsten hiervan te beoordelen. Voorafgaand aan de ingebruikname van het nieuwe systeem zullen alle beheersmaatregelen worden getoetst op hun effectiviteit. Ik ben bereid deze toetsing door een onafhankelijke partij te laten doen en de resultaten met uw Kamer te delen.
Vraag 23
Kunt u een actueel overzicht geven van de planning van het lopende
implementatietraject?
Antwoord 23
De Belastingdienst heeft gekozen voor een stapsgewijze
implementatie. Deze planning is door mijn ambtsvoorganger op 13 november
2025 met uw Kamer gedeeld.5
| Juli 2026 | 1. VAT-refund: btw-teruggave in Nederland voor internationale ondernemers in Nederland |
|---|---|
| Juli 2027 | 2. De binnenlandse omzetbelasting; 3. Intracommunautaire processen: grensoverschrijdende leveringen en diensten in de EU; 4. Kleine ondernemersregeling (NL-KOR): de btw-vrijstelling voor ondernemers met een jaaromzet in Nederland tot en met € 20.000;. |
| Juli 2028 | 5. One Stop Shop: het EU-btw éénloketsysteem waarbij ondernemers voor bepaalde grensoverschrijdende leveringen en diensten aangifte kunnen doen bij hun nationale belastingdienst; 6. EU-KOR: btw-vrijstelling voor kleine ondernemers in en uit andere EU-lidstaten met een omzet tot en met € 100.000. |
Vraag 24
Kunt u toezeggen om geen onomkeerbare stappen te zetten in de migratie
van de diensten naar FAST Enterprises, totdat volledig is uitgesloten
dat de digitale autonomie hierdoor wordt ondermijnd en de Kamer zich
hierover heeft kunnen uitspreken?
Antwoord 24
Er wordt op dit moment nog geen gebruik gemaakt van het nieuwe
systeem. Het huidige systeem functioneert ongewijzigd. Wel wordt er
doorgewerkt aan de voorbereiding van de ingebruikname om te voorkomen
dat er vertraging optreedt en de risico’s met betrekking tot de
continuïteit van het systeem daarmee toenemen. Daarbij merk ik op dat de
gunning in maart 2025 definitief is geworden en het contact met Fast
Enterprises is getekend. De Belastingdienst is als contractpartij
gehouden aan de verplichtingen die hieruit voortvloeien. Het opzeggen of
niet nakomen van het contract zal juridische en financiële consequenties
met zich meebrengen.
Zoals aangegeven in de Kamerbrief en in de antwoorden op vraag 7 en 13 zal ik u voor het zomerreces en dus voor de ingebruikname van het systeem informeren over het uitwerken van de alternatieve route en de risicoanalyse.
Vraag 25
Kunt u deze vragen afzonderlijk en zo snel mogelijk
beantwoorden en in ieder geval te voldoen aan de aanvullende
informatieverzoeken voordat het commissiedebat Belastingdienst van 19
maart 2026 plaatsvindt?
Antwoord 25
Ja, de vragen zijn zoveel mogelijk afzonderlijk van elkaar
beantwoord.
Kamerstukken II, 2024/25, nr. 2597↩︎
Antwoorden op Kamervragen over Kamerbrief over voortgang ICT Belastingdienst | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl↩︎
Kamerstukken II, 2024/25, 31066, nr. 1381↩︎
Kamerstukken II, 2025/26, 31066, nr. 1518↩︎