Motie van de leden Inge van Dijk en Van Eijk over oplossingsrichtingen voor de onwenselijke effecten van de pseudo-eindheffing
Herziening Belastingstelsel
Motie (kabinetsappreciatie: Oordeel Kamer)
Nummer: 2026D14076, datum: 2026-03-26, bijgewerkt: 2026-03-27 15:08, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiรซle HTML versie (kst-32140-298).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: I. (Inge) van Dijk, Tweede Kamerlid (CDA)
- Mede ondertekenaar: W.P.J. van Eijk, Tweede Kamerlid (VVD)
Onderdeel van kamerstukdossier 32140 -298 Herziening Belastingstelsel.
Onderdeel van zaak 2026Z06242:
- Voortouwcommissie: TK
- Stemmingen en besluiten:
-
2026-03-31 15:05 โ Aangenomen. (Besluit)
- Voor 124: 50PLUS | BBB | CDA | ChristenUnie | D66 | DENK | FVD | Groep Markuszower | JA21 | Keijzer | PVV | SGP | VVD | Volt
- Tegen 26: GroenLinks-PvdA | PvdD | SP
-
2026-03-31 15:05 โ Aangenomen. (Besluit)
- 2026-03-26 11:45: Tweeminutendebat Fiscaliteit (CD 11/3) (Plenair debat (tweeminutendebat)), TK
- 2026-03-31 15:05: Stemmingen (Stemmingen), TK
Preview document (๐ origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
32 140 Herziening Belastingstelsel
Nr. 298 MOTIE VAN DE LEDEN INGE VAN DIJK EN VAN EIJK
Voorgesteld 26 maart 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de pseudo-eindheffing in de uitvoering enkele onwenselijke effecten heeft voor werkgevers in het algemeen en autoverhuurbedrijven, schadeherstelbedrijven en rijscholen in het bijzonder;
overwegende dat de voorgenomen pseudo-eindheffing leidt tot hoge naheffingen voor werkgevers bij incidenteel gebruik van een vervangend fossiel voertuig, feitelijk onhaalbare versnelde elektrificatie afdwingt bij schadeherstel- en verhuurbedrijven en extra administratieve lasten inhoudt voor onder andere rijscholen;
verzoekt de regering in gesprek te treden met de sector om te werken aan oplossingsrichtingen voor de onwenselijke effecten van de pseudo-eindheffing, en hierover aan de Kamer uiterlijk 1 juni nader te rapporteren,
en gaat over tot de orde van de dag.
Inge van Dijk
Van Eijk