[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Tweeminutendebat Verzamelbesluit bouwwerken leefomgeving 2025 (28325-303) (ongecorrigeerd)

Stenogram

Nummer: 2026D14376, datum: 2026-03-26, bijgewerkt: 2026-03-27 09:26, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Verzamelbesluit bouwwerken leefomgeving 2025

Verzamelbesluit bouwwerken leefomgeving 2025

Aan de orde is het tweeminutendebat Verzamelbesluit bouwwerken leefomgeving 2025 (28325, nr. 303).

De voorzitter:
Ik heet de leden van de Kamer van harte welkom. Ik heet de minister in vak K van harte welkom. We gaan van start met het eerste tweeminutendebat. Dat is het tweeminutendebat Verzamelbesluit bouwwerken leefomgeving 2025. Ik nodig mevrouw Steen van harte uit. Zij spreekt namens de fractie van het CDA. Gaat uw gang.

Mevrouw Steen (CDA):
Voorzitter. De rode draad, of een rode draad, in alles wat we doen als het gaat over de woningbouw en het bouwen van woningen en gemeenschappen, is het versnellen van regels en procedures. We hebben natuurlijk het programma STOER, dat vooral op het schrappen van regels ziet. Wat het CDA betreft moeten we dat vereenvoudigen en dat op een stoere en slimme manier doen. Daarom heb ik twee moties.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat gemeenten bij het pur-toezicht nieuwe regels moeten handhaven, waarbij het risico ontstaat op verschillende handhavingspraktijken;

overwegende dat een groot deel van de sector al vrijwillig is gecertificeerd en de nieuwe regels een administratieve lastenverzwaring vormen, die in het bijzonder voor het midden- en kleinbedrijf negatief kunnen uitpakken;

overwegende dat een landelijke handreiking het ontstaan van verschillende handhavingspraktijken kan voorkomen, helpt bij het verminderen van regeldruk en zorgt voor een betere uitvoerbaarheid;

verzoekt het kabinet samen met de VNG en omgevingsdiensten een landelijke handreiking pur-toezicht te ontwikkelen, met daarin aandacht voor een uniforme uitvoering en risicogestuurd toezicht;

verzoekt het kabinet de pur-regelgeving te monitoren op toename van regeldruk en uitvoeringskosten voor zowel medeoverheden als bedrijven,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Steen.

Zij krijgt nr. 305 (28325) (#1).

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat wordt gewerkt aan versnelling van vergunningverlening voor herhaalbare bouw via een fastlane en typegoedkeuring;

overwegende dat het doel hiervan is dat herhaalbare woningbouwconcepten niet telkens opnieuw technisch worden beoordeeld;

overwegende dat flexwoningen een bijzondere categorie vormen binnen de herhaalbare woningbouwconcepten, aangezien verplaatsing hiervan vaak leidt tot een nieuw toetsmoment, ook wanneer de flexwoning voldoet aan de typegoedkeuring;

overwegende dat daardoor interpretatieruimte binnen de regels ontstaat, waardoor gemeenten aanvullende technische beoordeling of hernieuwde technische toetsing kunnen toepassen;

overwegende dat gemeenten sturen op ruimtelijke kwaliteit van flexwoningen, maar extra technische toetsing tot vertraging leidt;

verzoekt de regering de fastlane en typegoedkeuring zo uit te werken dat voor flexwoningen die voldoen aan een typegoedkeuring bij herplaatsing geen hernieuwde integrale technische toetsing plaatsvindt en aanvullende technische beoordeling alleen mogelijk is bij aantoonbare afwijkingen van het gecertificeerde concept,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Steen en Nobel.

Zij krijgt nr. 306 (28325) (#2).

Mevrouw Steen (CDA):
Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter:
Dank u wel. Dan gaan we nu luisteren naar de heer Van Asten, die spreekt namens de fractie van D66.

De heer Van Asten (D66):
Dank, voorzitter. Ik dien vandaag geen moties in, maar ik heb wel een vraag aan de minister. De brandweer heeft zorgen geuit over nieuwe brandveiligheidseisen bij woningen waar Nederlanders met een zorgbehoefte kunnen wonen. Wij nemen die signalen erg serieus. Onze bevolking wordt ouder en heeft ook vaker te maken met een zorgbehoefte. Vanochtend lazen we nota bene ook nog in de krant dat als ouderen doorverhuizen daardoor gezinswoningen weer vrijkomen. Dat is goed voor onze woningzoekenden. We hebben hierover schriftelijke vragen gesteld en ik ben tevreden na het lezen dat de minister na het onderzoek van het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid met de zorgsector aan de slag gaat met eventueel benodigde aanpassingen van de brandveiligheidseisen. Daar gaat mijn vraag dan ook over. Kan de minister toezeggen ook de brandweer te betrekken bij de verdere uitwerking na de publicatie van dat onderzoek?

Dank u wel.

De voorzitter:
Dank u wel. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de inbreng van de zijde van de Kamer. De minister heeft aangegeven twee minuten nodig te hebben voor de appreciatie, dus ik schors twee minuten.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Aan de orde is het tweeminutendebat Verzamelbesluit bouwwerken leefomgeving 2025. We zijn toegekomen aan de appreciatie van de moties en het beantwoorden van de vragen. Daartoe geef ik graag de minister in vak K het woord. Gaat uw gang.

Minister Boekholt-O'Sullivan:
Dank u wel, voorzitter. Ik geef eerst graag antwoord op de vraag die is gesteld door D66. Dat gaan we doen; we gaan de brandweer betrekken bij de verdere uitwerking.

Dan de moties. De motie van het CDA op stuk nr. 305 over het pur-toezicht krijgt oordeel Kamer.

De voorzitter:
De motie op stuk nr. 305 krijgt oordeel Kamer.

Minister Boekholt-O'Sullivan:
De motie van het CDA op stuk nr. 306 over het herplaatsen van flexwoningen krijgt oordeel Kamer, met name gericht op het grondgebonden deel. Naar het meer gestapelde deel moeten we echt nog even kijken. Als dat akkoord is, krijgt de motie oordeel Kamer.

De voorzitter:
Ik zie mevrouw Steen enthousiast knikken, ook namens de heer Nobel. Daarmee krijgt de motie op stuk nr. 306 oordeel Kamer. Dan zijn we aan het einde gekomen van dit tweeminutendebat.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:
Ik stel voor dat we doorgaan met het tweeminutendebat Staat van de Volkshuisvesting. Ik wacht even keurig op de bel.