Antwoord op vragen van het lid Dassen over de brief van meer dan honderd economen over de economische doelmatigheid van de maatwerkafspraken met Tata Steel Nederland
Antwoord schriftelijke vragen
Nummer: 2026D15598, datum: 2026-04-02, bijgewerkt: 2026-04-02 14:32, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei (Ooit D66 kamerlid)
- Mede ondertekenaar: J. de Bat, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat
Onderdeel van zaak 2026Z04885:
- Gericht aan: S. van Veldhoven-van der Meer, minister van Klimaat en Groene Groei
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
Geachte Voorzitter,
Hierbij zenden wij u de antwoorden op de vragen van het lid Dassen (Volt) over de brief van meer dan honderd economen over de economische doelmatigheid van de maatwerkafspraken met Tata Steel Nederland (2026Z04885, ingezonden 11 maart 2026).
Stientje van Veldhoven-van der Meer
Minister van Klimaat en Groene Groei
Jo-Annes de Bat
Staatssecretaris van Klimaat en Groene Groei
1
Bent u bekend met de open brief van meer dan honderd economen, waaronder ruim tachtig hoogleraren, gepubliceerd op ESB.nu, waarin zij de economische doelmatigheid en effectiviteit van de voorgestelde maatwerkafspraken met Tata Steel Nederland ter discussie stellen? Hoe beoordeelt u de daarin geuite kritiek?
Antwoord
Ja.
De maatwerkafspraak met Tata Steel Nederland (TSN) gaat over een aantal grote en maatschappelijk belangrijke doelstellingen en de beoogde ondersteuning vanuit de staat is omvangrijk. Het is dan ook voorstelbaar en goed dat hier goed naar wordt gekeken en dat er kritische vragen over worden gesteld, zoals door de economen. De maatwerkafspraak moet vanuit verschillende brede belangen en perspectieven worden bekeken. Voorlopig is er wereldwijd nog nauwelijks sprake van grootschalige groene staalproductie. Zolang wij als samenleving staal blijven gebruiken, hebben we ook een verantwoordelijkheid om bij te dragen aan het verduurzamen van de productie daarvan. Dit zal ook een meerwaarde hebben voor ons toekomstige verdienvermogen en onze weerbaarheid. Naast de verduurzaming staat ook de gezondheid van de omwonenden nadrukkelijk centraal. Een belangrijk doel van de maatwerkafspraak met TSN is het terugdringen van de uitstoot van schadelijke stoffen en daarmee het verbeteren van de leefomgeving in de IJmond. Met de maatwerkafspraak kan een grote CO2-reductie (naar verwachting tot 5% van de NL uitstoot) en forse verbetering van de gezondheid en leefomgeving worden gerealiseerd. Daarnaast wordt de strategische en economische waarde van staalproductie voor de regio, Nederland en Europa behouden. Het belang van deze aanpak wordt bovendien onderstreept door onafhankelijke adviseurs, zoals Wijers en Blom.1 Daarnaast heeft de Adviescommissie Maatwerkafspraken Verduurzaming Industrie (AMVI) heeft samen met de Expertgroep Gezondheid IJmond (Expertgroep) een advies uitgebracht over de JLoI en benadrukt dat een maatwerkafspraak nodig is om de klimaatdoelen te behalen, de gezondheid van omwonenden te verbeteren en de kans op strategische importafhankelijkheid van Europa te verkleinen.
2
Herinnert uw zich uw antwoord op schriftelijke vragen d.d. 2 februari 2026, waarin u stelt dat een maatwerkafspraak de snelste weg is om klimaatwinst en gezondheidswinst voor omwonenden te behalen? Komt u, als u de overwegingen van de economen in de brief betrekt bij deze afweging, tot dezelfde conclusie? Zo ja, kunt u aangeven waar de economen volgens u dan verkeerd redeneren?
Antwoord
Ja. Het kabinet heeft op basis van verschillende onafhankelijke adviezen2,3,4,5 de conclusie getrokken dat de snelste en effectiefste weg naar industriële verduurzaming en gezondheidsverbetering een maatwerkafspraak met TSN is.
Hierbij merk ik op dat de economen in hun brief geen concrete alternatieven aandragen voor wat de staat dan wel zou moeten doen, anders dan geen maatwerksubsidie aan TSN te verstrekken. Hiermee komen we in het scenario ‘geen maatwerkafspraak’ uit het rapport van Wijers en Blom.1 Zij concluderen dat in dit scenario TSN mogelijk tot 2035 grijs verder blijft produceren en geen aanvullende maatregelen neemt op gebied van gezondheid. Hiermee blijft de huidige situatie met bijbehorende gezondheidseffecten dus langer voortbestaan. Er treedt op de korte termijn geen gezondheidsverbetering op en TSN levert geen bijdrage aan het Nederlandse klimaatdoelen. De conclusie uit de eerdere beantwoording waar u naar verwijst blijft dus staan: “uitstel of afstel van een maatwerkafspraak leidt er immers toe dat de klimaatwinst, de verbetering van de leefomgeving en de daaruit volgende gezondheidswinst voor omwonenden niet of pas veel later optreedt. De snelste weg om deze doelen te kunnen behalen is via een maatwerkafspraak”.2
3
Herinnert u zich uw antwoord op schriftelijke vragen d.d. 2 februari 2026, waarin u stelt geen aanleiding te zien de intentieverklaring te beëindigen en de onderhandelingen voort te zetten, onder meer omdat uitstel of afstel zou leiden tot het later of niet optreden van klimaatwinst en gezondheidswinst? Komt u, als u de overwegingen van de economen in de brief betrekt bij deze afweging, tot dezelfde conclusie? Zo ja, kunt u gemotiveerd toelichten waarom?
Antwoord
Ja. Zie het antwoord op de vorige vraag en de antwoorden op de gelijktijdig gestelde Kamervragen door de leden Kostić en Teunissen.
4
Erkent u dat Tata Steel Nederland over de periode 2023–2025 gemiddeld circa 157 miljoen euro per jaar operationeel verlies heeft geleden en daarmee structureel onvoldoende winstgevend is? Zo nee, op basis van welke cijfers of analyses komt u tot een andere beoordeling?
Antwoord
In de jaarverslagen van TSN over de jaren 2023-2024 en 2024-2025 wordt respectievelijk een verlies van €556 miljoen en €204 miljoen gerapporteerd, na winstgevende jaren in de periode 2021-2023. Het bedrag van €157 miljoen kan ik niet herleiden. Bij deze cijfers moeten echter wat kanttekeningen worden geplaatst. Als gevolg van uitgelopen onderhoudswerkzaamheden heeft hoogoven 6 langdurig stilgelegen, deze is inmiddels weer in bedrijf genomen. Daarnaast had het bedrijf te kampen met de gevolgen van een ongelijk speelveld op de wereldmarkt door dumping van staal uit China, hoge energiekosten en handelstarieven vanuit de VS. Voor al deze punten wordt (op Europees niveau) aan oplossingen gewerkt om het gelijke speelveld en de concurrentiepositie van TSN te herstellen, bijvoorbeeld via handelsmaatregelen ter opvolging van de vrijwaringsmaatregelen voor staal en de recent gepubliceerde Industrial Accelerator Act. Ook TSN zelf neemt maatregelen om de winstgevendheid te verbeteren. De operationele winst is inmiddels weer hersteld en er is zicht op winstgevendheid op lange termijn. De staat kan geen steun verlenen aan een structureel verlieslatend bedrijf. Hier toetst de EC ook op en zonder goedkeuring van de EC kan geen subsidie worden verleend.
5
Hoe beoordeelt u het risico dat de voorgestelde eenmalige bijdrage van twee miljard euro zich ontwikkelt tot een open-eindverplichting, gezien de structureel zwakke financiële positie van Tata Steel Nederland?
Antwoord
Nee. Het doel van de maatwerkafspraak met Tata Steel is om juist ook, naast de versnelde realisatie van schonere en groenere staalproductie in de IJmond, om een duurzaam verdienmodel te realiseren. Er moet zicht zijn op winstgevendheid van de onderneming, voordat een eventuele subsidie toegekend wordt. De maatwerksubsidie is enkel bedoeld om de onrendabele top van de investering af te dekken. Daarbij is de maatwerkaanpak een wederkerig traject: het gaat om een grote investering van Tata Steel Nederland (TSN) en moederbedrijf Tata Steel Limited (TSL) zelf in de verduurzaming en het schoner maken van de productie, ondersteund vanuit de staat. Het bedrijf en moederbedrijf zullen niet investeren zonder zicht op een lange termijn verdienmodel.
De businesscase van het bedrijf wordt doorlopend uitvoerig getoetst door de staat, de financieel adviseur van de staat en de Europese Commissie (EC).6 Naast de beleidsmatige toets of het verantwoord is om steun te verlenen aan een specifiek bedrijf zijn er ook strenge voorwaarden verbonden aan een subsidie die verleend wordt door de overheid. Zo geldt op basis van de Europese regels voor staatssteun voor verduurzaming dat steun niet ingezet mag worden om een verlieslatend bedrijf overeind te houden. De EC toetst hier op. Verder biedt de maatwerkafspraak ook de mogelijkheid voor de overheid om afspraken te maken over de beheersing van mogelijke risico’s.
6
Heeft u kennisgenomen van de stelling van de economen dat een Europese aanbesteding voor waterstofstaal economisch efficiënter is dan een nationale steunoperatie? Hoe kijkt uw kabinet tegen een dergelijk Europees aanbestedingsproces, en bent u bereid zich hiervoor in te zetten? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Het kabinet onderschrijft het belang van meer Europese inzet op het vlak van de verduurzaming van de industrie, en verwelkomt daarom de initiatieven die Europa onderneemt in het kader van de Clean Industrial Deal. Echter, het huidige instrumentarium voldoet niet en biedt geen oplossing voor de verduurzaming en verbetering van de gezondheid van omwonenden van Tata Steel. Daar komt bij dat Wijers en Blom ook hebben gekeken naar de positie van TSN in de Europese context, waarbij zij tot de conclusie kwamen dat TSN in een relatief goede positie zit ten opzichte van andere Europese staalfabrieken.
Hoewel (Europese) aanbestedingen bij kunnen dragen aan de marktontwikkeling van groen staal, is deze enkele aanbesteding onvoldoende om de benodigde investeringen in de verduurzaming van de staalindustrie los te trekken. Deze grootschalige verduurzamingsprojecten kennen een onrendabele top die geadresseerd moet worden om tot daadwerkelijke investeringen te komen.
Bovendien bestaat bij aanbesteding het risico dat (groen) staal van buiten de EU geïmporteerd wordt en er daardoor ongewenste afhankelijkheden ontstaan, zeker als daarbij sprake is van oneerlijke concurrentie. Om ongewenste afhankelijkheden te voorkomen roept de Europese Commissie actief op tot het nemen van stimuleringsmaatregelen ten behoeve van vraagcreatie in strategische sectoren, zoals de staalsector, zodat ook in de EU een volwassen markt voor groen staal gecreëerd kan worden.
Er wordt op dit moment nog vrijwel geen groen staal geproduceerd. Bedrijven kunnen de kosten van het maken van groen staal niet doorberekenen aan hun klanten, waardoor de benodigde, grootschalige investeringen niet lonen. Om de markt volwassener te maken, adresseert het kabinet deze onrendabele top met de maatwerkafspraak. Daarnaast zet het kabinet op Europees niveau in op vraagcreatie, onder andere via aanbestedingen, om meer zekerheid te creëren dat er een afzetmarkt komt voor groen staal, dit gebeurt bijvoorbeeld via de Industrial Accelerator Act.
7
Erkent u dat Tata Steel Nederland, gelet op het feit dat negentig procent van de staalproductie wordt geëxporteerd, geen wezenlijk verschil maakt voor de Nederlandse hoogwaardige maakindustrie en daarmee geen cruciale schakel vormt in een innovatief ecosysteem? Zo nee, op welke onderbouwing baseert u een ander oordeel?
Antwoord
De economen stellen dat TSN geen cruciale schakel is in de Nederlandse hoogwaardige maakindustrie omdat TSN veel staal exporteert. Dat TSN veel staal exporteert is juist een teken van concurrentiekracht. De Nederlandse industrie is grotendeels gericht op export en opereert in grote mate in een Europese context. TSN exporteert twee derde van de productie binnen Europa en draagt daarmee bij aan het verkleinen van de strategische importafhankelijkheid van Europa voor verschillende sectoren, waaronder de maakindustrie, zoals de automotive- en batterijensector. Zoals de economen terecht betogen, moet strategische autonomie altijd in een Europese context worden bezien. De activiteiten van TSN zorgen daarnaast voor veel omliggende bedrijvigheid in de regio en bij ketenpartners in verschillende sectoren7. De verduurzaming van TSN biedt ook nieuwe kansen voor de regio en de Nederlandse economie.8
8
Hoe beoordeelt u de juridische kwetsbaarheid van de maatwerkafspraken, zowel wat betreft de staatssteunrechtelijke verdedigbaarheid als de lopende juridische procedures rondom gezondheidsschade voor omwonenden, en kunt u daarbij ingaan op de stelling van de economen dat publieke middelen worden ingezet zonder het onderliggende gezondheidsprobleem op te lossen?
Antwoord
Om de impact van het bedrijf op de leefomgeving en gezondheid van omwonenden zo snel en ver mogelijk te reduceren zijn de meest kosteneffectieve maatregelen geselecteerd, waarmee de grootste reductie kan worden bereikt met de beschikbare middelen. Deze maatregelen leiden tot een forse reductie van de uitstoot van schadelijke stoffen en dragen daarmee bij aan de vermindering van de impact op de leefomgeving en gezondheid van omwonenden. De juridische borging van het behalen van de gezondheidsdoelen wordt nu uitgewerkt en opgenomen in de maatwerkafspraak.
Wat betreft de economische verdedigbaarheid en juridische kwetsbaarheid van de staatssteun geldt dat dat de steun binnen een Europees steunkader moet passen en dat alleen maatregelen die verder gaan dan Unienormen in aanmerking komen voor steun. De staat en de EC zien hier streng op toe. Voor de milieumaatregelen specifiek is een juridische analyse gemaakt door de Landsadvocaat, hieruit volgt dat de voorgestelde milieumaatregelen op dit moment niet wettelijk afdwingbaar zijn. Deze juridische analyse is samen met het versturen van de JLoI met de Kamer gedeeld. De maatwerkafspraken zijn naar de overtuiging van het kabinet de snelste weg om tot verbetering te komen van de leefomgeving en gezondheid van omwonenden.
In het licht van de opmerking in de brief over de kooksgasfabrieken (KGF's) is het nog relevant op te merken dat de maatwerkaanpak alleen ziet op bovenwettelijke maatregelen. Op 19 december 2024 is door de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG) een aanzeggingsbesluit genomen en openbaar gemaakt. Vanwege de handhavingsstappen van de OD NZKG is dit onderdeel in het wettelijke traject terecht gekomen en kan op dit moment daarom geen steun worden verleend voor vervroegde sluiting van KGF2. De maatwerksteun is voor de bouw van de nieuwe groenere en schonere installaties.
9
Hoe ziet u de voorgestelde maatwerkafspraken in het licht van het rapport van de Wetenschappelijke Klimaatraad (2026) dat stelt dat Nederland onvoldoende ruimte heeft om de huidige omvang van de energie-intensieve industrie in stand te houden, en het rapport-Wennink dat het kabinet oproept tot het maken van scherpe keuzes?
Antwoord
Het rapport van de WKR bevat een analyse over de mogelijke consequenties van de transitie van de energie-intensieve industrie en concludeert dat niet alles past in Nederland. In het advies maakt de WKR zelf geen keuzes, maar benoemt een aantal principes die leidend zijn bij het maken van keuzes. Het advies benoemt hierbij expliciet dat aspecten als weerbaarheid ook meegewogen dienen te worden. Het kabinet heeft gekozen om in te zetten op een maatwerkafspraak met TSN9 om in Nederland groener en schoner staal te kunnen produceren, wat bijdraagt aan ons toekomstige verdienvermogen, de verduurzaming van de industrie en onze weerbaarheid. De maatwerkafspraak met TSN zal bovendien leiden tot substantiële reductie van de uitstoot van stoffen met een impact op de gezondheid van omwonenden en de leefomgeving En een grote CO2-reductie (naar verwachting tot 5% van de totale Nederlandse CO2-uitstoot).
10
Gezien EU-ETS Tata Steel al tot CO₂-neutraliteit vóór 2040 verplicht en de maatwerkafspraken sturen op 2045, kunt u aantonen dat de subsidie van twee miljard euro een transitie ondersteunt die aantoonbaar sneller of verder gaat dan waartoe Tata Steel al wettelijk verplicht is? Zo nee, hoe houdt deze staatssteun juridisch stand?
Antwoord
In de situatie dat er geen maatwerksubsidie wordt verleend blijft TSN mogelijk tot 2035 grijs verder produceren en worden er geen aanvullende maatregelen genomen op gebied van gezondheid. Hiermee blijft de huidige situatie met bijbehorende gezondheidseffecten dus langer voortbestaan. Er treedt op de korte termijn geen gezondheidsverbetering op en TSN draagt niet bij aan de Nederlandse klimaatdoelen. Uitstel of afstel van een maatwerkafspraak leidt ertoe dat de klimaatwinst, de verbetering van de leefomgeving en de daaruit volgende gezondheidswinst voor omwonenden niet of pas veel later optreedt. De snelste weg om deze doelen te kunnen behalen is via een maatwerkafspraak.
De Nederlandse staat mag alleen staatssteun verlenen als wordt voldaan aan de voorwaarden van het toepasselijke Europese staatssteunkader, in dit geval de Guidelines on State aid for Climate, Environmental Protection and Energy (CEEAG). De EC toetst hierbij onder meer of de Nederlandse staat alleen maatregelen steunt die verder gaan dan Unienormen, alleen steun verstrekt die geschikt, proportioneel en niet marktverstorend is en geen steun verleent aan een onderneming die in financiële moeilijkheden verkeert. De beoogde steunmaatregel wordt zo vormgegeven dat aan de voorwaarden en verplichtingen uit het CEEAG-kader wordt voldaan. Hierover vinden ook gesprekken plaats met de EC in het kader van de prenotificatiefase van deze steunmaatregel. De EC moet de uiteindelijke steunmaatregel beoordelen en zal de voorgestelde maatregel toetsen aan de hand van het CEEAG kader. De steun mag niet worden verleend zonder dat de EC deze heeft beoordeeld en goedgekeurd. Daarbij wordt opgemerkt dat het kabinet met verduurzamingssubsidies, zoals de maatwerksubsidies en ook de SDE++, juist beoogt om gedrag van bedrijven bij te sturen, in het publieke belang van een verduurzaming van de industrie en hele economie. De subsidie moet daarom worden afgezet tegen andere verduurzamingssubsidies, en niet tegen andersoortig beleid met andere doelstellingen.
Het ETS is een handelssysteem met een emissieplafond dat afloopt. Het feit dat er geen gratis rechten meer worden uitgekeerd betekent niet dat een bedrijf geen CO2 meer uit kan stoten. Zo kunnen rechten worden gekocht of overgehouden rechten van eerdere jaren worden meegenomen en later ingezet. Het ETS is een prikkel om CO2 te reduceren en zorgt ervoor dat er geen nieuwe rechten meer worden uitgegeven na 2039. Daarbij is het ETS alleen onvoldoende om tot investeringen in verduurzaming te leiden, zoals te zien is in de populariteit van de SDE++ en steunmaatregelen voor de industrie die buurlanden nemen. Ook andere Europese landen, waaronder België, Duitsland en Frankrijk, geven steun om hun staalproducenten te helpen met verduurzamen. Zoals door de AMVI geconcludeerd is het beoogde steunbedrag voor de verduurzaming van TSN laag ten opzichte van de steun die andere landen aan hun staalindustrie geven en ook zeer kosteneffectief.10
11
Heeft u kennisgenomen van de stelling van de economen dat de schaarse middelen die worden voorgesteld voor Tata Steel, waaronder technisch geschoolde arbeid, netcapaciteit, duurzame energie en stikstofruimte, doelmatiger kunnen worden ingezet voor innovatieve maakindustrie, netverzwaring en circulaire ketens. Deelt u deze analyse? Zo nee, waarom niet, en kunt u dit per punt uiteenzetten?
Antwoord
Het kabinet heeft kennisgenomen van de geponeerde stelling maar deelt de analyse niet. Het kabinet zet in op een maatwerkafspraak met TSN omdat dit de snelste weg is naar de publieke doelen die hier centraal staan: verduurzaming en verbetering van de impact van het bedrijf op de leefomgeving en gezondheid van omwonenden. Bovendien wordt zo de economische en strategische waarde van staalproductie behouden wat bijdraagt aan ons toekomstige verdienvermogen en onze weerbaarheid. Daarbij concludeert de AMVI in haar advies over de JLoI dat de steun voor TSN tot een aanzienlijke emissiereductie leidt tegen relatief lage kosten.4
12
Heeft u kennisgenomen van de stelling van de economen dat strategische autonomie behoud van staalproductie in Europa vereist, maar niet specifiek in Nederland? Deelt u deze redenering? Zo nee, op welke gronden meent u dat staalproductie specifiek in Nederland noodzakelijk is voor onze strategische autonomie?
Antwoord
Op dit moment is er in Europa voldoende staalproductie. Maar, zoals in het antwoord op vraag 3 ook aangegeven wordt voorlopig nog nergens in de wereld op commerciële schaal groen staal geproduceerd, onder meer door gebrek aan productie van (betaalbare) groene waterstof. In de Trajectverkenning Klimaatneutraal 2050 geeft PBL aan dat dit betekent dat import van onder andere groen staal naar Nederland voor 2050 niet erg waarschijnlijk is.11 Het opbouwen van nieuwe groene productiecapaciteit kost tijd en geld. Wijers en Blom12 gaven al aan dat het inderdaad zo is dat zon- en windenergie elders in Europa goedkoper kunnen zijn, maar er zijn ook studies die aangeven dat deze verschillen nog erg onzeker zijn13 en in de toekomst ook weer kleiner kunnen worden.14 Ook hebben zij in beeld gebracht dat Nederland juist een relatief logische plek is binnen Europa voor een staalfabriek. Daarnaast lopen ook nieuwe projecten, bijvoorbeeld in Zweden en Spanje, tegen vertraging en problemen aan, bijvoorbeeld met draagvlak voor de nieuwe fabrieken vanwege impact op de omgeving, de versterking van het elektriciteitsnet, infrastructuur, beschikbaarheid van water en de beschikbaarheid en betaalbaarheid van groene waterstof, zoals een aantal andere economen in reactie op het ESB artikel ook beschreven.15, 16, 17 Daarbij is TSN gunstig gelegen ten opzichte van hernieuwbare energiebronnen (groene stroom uit wind op zee) en kan TSN gebruik maken van bestaande logistieke infrastructuur en de ligging aan zee, wat een concurrentievoordeel oplevert ten opzichte van de geheel nieuwe productielocaties.18
Vóór 2050 zal er naar verwachting geen substantiële groene staalproductie elders in Europa zijn die de productie van TSN kan vervangen. Het kabinet kiest ervoor om daar niet op te wachten en onze verantwoordelijkheid te nemen door in te zetten op een maatwerkafspraak om in Nederland groener en schonere staal te kunnen produceren.
13
Heeft u kennisgenomen van de stelling van de economen dat afzien van steun aan structureel verliesgevende bedrijven in een economie met schaarste geen politieke keuze maar een economische noodzaak is? Deelt u deze kwalificatie? Zo nee, op welke analyse baseert het de conclusie dat steun aan Tata Steel per saldo welvaartswinst oplevert?
Antwoord
Zoals ook bij vraag 1 aangegeven hebben wij als staat en als samenleving, zolang wij staal gebruiken, een verantwoordelijkheid om bij te dragen aan het verduurzamen van de productie daarvan. Het kabinet kijkt dus nadrukkelijk breder dan alleen het economisch perspectief. Op korte termijn zal naar verwachting groen staal niet op schaal elders in Europa worden geproduceerd en als we zelf niet inzetten op het produceren van groen staal zal dit betekenen dat we nog langdurig gebruik maken van grijs staal. Dit neemt niet weg dat investeren in activiteiten die structureel verlieslatend zijn niet houdbaar is, en dat is dan ook niet de inzet van het kabinet. Daarom wordt de businesscase van het bedrijf, inclusief het lange termijn verdienmodel/economische perspectief, uitgebreid getoetst door de staat, de financieel adviseur van de staat en de EC. Het is onder het relevante staatssteunkader van de EC ook niet toegestaan om staatssteun te geven om een verlieslatend bedrijf overeind te houden.
De activiteiten van TSN zorgen voor omliggende bedrijvigheid in de regio en bij ketenpartners in verschillende sectoren. De verduurzaming van TSN biedt ook nieuwe kansen voor de regio en de Nederlandse economie. Vanuit een bredere benadering, zal het uiteindelijk een grote meerwaarde hebben als in Nederland groen staal wordt geproduceerd, zowel voor ons verdienvermogen als onze weerbaarheid en het voorkomen van afhankelijkheid van andere landen.
14
Deelt u de mening dat een nationale steunoperatie Europese coördinatie op basis van comparatief voordeel doorkruist? Zo ja, waarom kiest u hier toch voor in plaats van in te zetten op een Europese aanbesteding?
Antwoord
Staalbedrijven in Europa lopen veelal tegen dezelfde obstakels aan in de groene transitie, zoals hoge energieprijzen of de beschikbaarheid van waterstof. Op Europees niveau wordt de staalsector als strategische sector erkend die bijdraagt aan verduurzaming, concurrentievermogen en weerbaarheid van de Europese industrie.19 De verantwoordelijkheid voor de daadwerkelijke verduurzaming ligt echter nog steeds bij de lidstaten. De EC roept op tot het nemen van nationale maatregelen die de productie van groen staal moeten stimuleren, de concurrentiepositie van de industrie verbetert en de negatieve impact op gezondheid en leefomgeving mitigeert. Daarmee streeft de maatwerkafspraak dezelfde doelen na als de EC en is van doorkruising geen sprake. Daarnaast zijn voor meerdere staalfabrieken in Europa vergelijkbare steuntrajecten lopende, waarbij elke lidstaat een eigen afweging maakt over het toekomstperspectief van de eigen staalfabriek(en).
Wijers en Blom hebben geconcludeerd dat Nederland (en daarbinnen TSN) door haar gunstige ligging aan zee, de nabijheid van hernieuwbare energiebronnen en bestaande logistieke infrastructuur, een goede uitgangspositie heeft binnen Europa om te verduurzamen.
Er zijn meerdere Europese instrumenten om vergroening na te streven. Van een Europese aanbesteding is op dit moment echter geen sprake, omdat dit instrument niet past bij de marktfase waar groen staal zich in bevindt. De EC stimuleert lidstaten wel om de industrie te verduurzamen met vormen van financiering gebaseerd op de daarvoor geldende staatssteunkaders. Subsidies gericht op de verduurzaming van productieprocessen zijn een directe stap richting de Europese klimaatdoelen en dragen bij aan het bestendigen van de Europese industriële concurrentiekracht en daarmee ook de weerbaarheid van de EU.
15
Gezien de nationale steunoperatie voor Tata Steel bijdraagt aan een Europese subsidierace waarbij lidstaten elkaar overbieden met publieke middelen, zoals Duitsland illustreert met zijn energieprijsplafond, erkent u dat deze wedloop per saldo duurder uitvalt voor Nederland dan wanneer het zou inzetten op Europese samenwerking en coördinatie?
Antwoord
De AMVI heeft in haar advies over de JLoI aangegeven dat de steun voor TSN ten opzichte van deze andere landen laag is.20 Het kabinet onderschrijft verder het belang van een Europese aanpak en zet daarom in op verbetering van de Europese kaders. De Europese Commissie moet de steunmaatregel goedkeuren en toetst hierbij aan deze Europese kaders.
16
Gezien de schaarse middelen die Nederland tot haar beschikking heeft en het essentiële belang van het steunen van de Nederlandse maakindustrie, erkent het kabinet dan dat de middelen die voor de maatwerkafspraken met Tata Steel worden gebruikt doelmatiger kunnen worden ingezet? Zo nee, kunt u toelichten waarom niet?
Antwoord
Het kabinet zet in op een maatwerkafspraak met Tata Steel om verschillende redenen, met als belangrijkste: een strategische industrie ondersteunen in de overstap naar schonere energie en een verbetering van de leefomgeving en de gezondheid van omwonenden. Het behoud van de staalindustrie is belangrijk voor Nederland en Europa. Daarnaast ziet het kabinet in de ontwikkeling van dit grote innovatieve project bredere kansen voor de regio en voor Nederland. Het kabinet voelt zich ook gesteund door het advies van de AMVI dat, samen met de Expertgroep Gezondheid, concludeert dat de steun voor TSN tot een aanzienlijke emissiereductie leidt tegen relatief lage kosten en dat een maatwerkafspraak de snelste en effectiefste route richting de industriële transitie en de verbetering van de gezondheid en leefomgeving.21
17
Kunt u deze vragen afzonderlijk en voor het debat over de maatwerkafspraken en/of binnen de geldende termijn beantwoorden?
Antwoord
Ja.
Hoe Tata Steel Nederland te verduurzamen | Rapport | Rijksoverheid.nl↩︎
Hoe Tata Steel Nederland te verduurzamen | Rapport | Rijksoverheid.nl↩︎
Gezond groen staal in de IJmond | Rapport | Rijksoverheid.nl↩︎
Advies AMVI over concept-Joint Letter of Intent met Tata Steel | Brief | Rijksoverheid.nl↩︎
Beantwoording vragen over de additionele kosten voor Tata Steel aangaande de maatwerkaanpak | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl↩︎
Oxford Economics (2022). De impact van de transitie van Tata Steel naar een schoon, groen en circulair staalbedrijf op de Nederlandse economie en maatschappij toegevoegde-waarde-tata-steel-oxford-economics_0.pdf↩︎
Oxford Economics (2022). De impact van de transitie van Tata Steel naar een schoon, groen en circulair staalbedrijf op de Nederlandse economie en maatschappij toegevoegde-waarde-tata-steel-oxford-economics_0.pdf↩︎
Kamerbrief over mandaat onderhandelingen Tata Steel Nederland | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl↩︎
Advies AMVI over concept-Joint Letter of Intent met Tata Steel | Brief | Rijksoverheid.nl↩︎
PBL (2024). Trajectverkenning Klimaatneutraal 2050, p. 172.↩︎
Hoe Tata Steel Nederland te verduurzamen | Rapport | Rijksoverheid.nl↩︎
TNO (2024). Exploration of the effects of(partially) replacing Dutch fertiliser and iron and steel
production with imports. Deze studie was een bijlage van een Kamerbrief: Eerste Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 169, I, in afschrift aangeboden aan de Tweede Kamer (2025D21397).↩︎
AFRY (2025). Dutch industry can remain competitive as European wholesale electricity prices converge in the long run.↩︎
https://www.hydrogeninsight.com/production/h2-green-steels-world-leading-hydrogen-based-steel-project-at-risk-after-grid-connection-illegally-denied/2-1-1614385↩︎
Duitsland: onder meer vertraging van het Salcos groene staalproject van Salzgitter, DRI-EAF project van ArcelorMittal en DRI-plant van ThyssenKrupp in Duisburg; zie: Major pause in EU steel industry decarbonization projects↩︎
Hoe Tata Steel Nederland te verduurzamen | Rapport | Rijksoverheid.nl↩︎
Zie staal- en metaalactieplan en de Industrial Accelerator Act.↩︎
Advies AMVI over concept-Joint Letter of Intent met Tata Steel | Brief | Rijksoverheid.nl↩︎
Advies AMVI over concept-Joint Letter of Intent met Tata Steel | Brief | Rijksoverheid.nl↩︎