Position paper Koning Willem 1 College t.b.v. rondetafelgesprek Wetsvoorstel tot wijziging van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen en enkele andere wetten in verband met o.a. een zorgplicht voor gemeenten d.d. 16 april 2026
Position paper
Nummer: 2026D16097, datum: 2026-04-06, bijgewerkt: 2026-04-07 11:10, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Onderdeel van zaak 2026Z07130:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- 2026-04-16 10:15: Procedurevergadering Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (Procedurevergadering), vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
- 2026-04-16 13:00: Wetsvoorstel tot wijziging van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen en enkele andere wetten in verband met o.a. een zorgplicht voor gemeenten (Rondetafelgesprek), vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Preview document (🔗 origineel)
Rondetafelgesprek, wijziging Wsob
Gespreksnotitie Lianne Keijzer namens Koning Willem 1 College te ‘s-Hertogenbosch
April 2026
“Ik heb een hekel aan lezen. Het is gewoon niet mijn ding.” De 17-
jarige jongen van twee meter en tien centimeter, die onder elke deur
door duikt, loopt met me het klaslokaal uit. Ries volgt de opleiding tot
gastheer en hij is onvermurwbaar. Hij zegt me gedag en zet zijn
koptelefoon op. Ik geef op. Het laatste wat je moet doen, is nog harder
drukken op een blauwe plek.
Een week later, tijdens mijn les, droedelt hij op papier, terwijl ik de
vaktaalwoorden van de horeca met de klas doorneem. Hij tekent in een
hokje van amper vijf vierkante centimeter een landschap. Bergen, bomen,
een tentje met een kampvuur. Ik complimenteer hem zodra ik langsloop.
“Ik wist niet dat je zo goed kunt tekenen?” Er komt schetsboek uit zijn
rugzak. Hij tekent goed en hij tekent met karakter. Opnieuw laat ik mijn
bewondering horen en zeg: ”Wist je dat we ook graphic novels in de bieb
hebben? Dat is dan wel een boek, maar ik denk dat de verschillende
stijlen je zullen bevallen.” Ik betwijfel of hij direct enthousiast is.
Studenten zeggen dat ik “oké” ben en misschien loopt hij daarom met me
mee naar de boekenkast. Zodra ik Ries de boeken laat zien, zegt hij:
”Als ik had geweten dat je dit soort boeken ook mag lezen, dan had ik
wel wat gekozen.” Als eindopdracht levert hij een striptekening in
waarin ik een fragment van het boek te zien krijg in Ries’ stijl.
Mijn naam is Lianne Koelman-Keijzer, ik werk ruim zeven jaar als docent Nederlands op het Koning Willem 1 College en ik ben verbonden aan Dé Horecaschool, de horeca-afdeling van dit College. De studenten van niveau 2, 3 en 4 kennen mij als mevrouw Keijzer. Vijftien jaar daarvoor ben ik werkzaam geweest als docent in het primair onderwijs, in de bovenbouw in Vreewijk, Rotterdam-Zuid en De Graafsewijk te ’s-Hertogenbosch. Ongeveer zeven jaar geleden startten we de samenwerking met Huis073, de bibliotheek te ’s-Hertogenbosch. Onze hulpvraag toentertijd? We moeten al onze recepturen herschrijven, omdat onze studenten ze niet meer kunnen lezen.
Dankzij het werken met de leesconsulente kunnen wij meer aandacht
besteden aan lezen. Zij vernieuwt de collectie, ze maakt
vakantieleestasjes voor de liefhebbers ( zowel voor studenten als voor
collega’s), samen introduceren we het vrij lezen, we bedenken opdrachten
die studenten kiezen van een menukaart en wij zijn bewust bezig met het
teruggaan naar de tijd dat de student lezen leuk vond.
Dolfje Weerwolfje, Oorlogswinter en “Hoe overleef ik…”. Lekker met een
boekje in een hoekje. Dat plezier willen we terug. Waar basisonderwijs
maatwerk moest bieden, werd vrij lezen een relatief klein onderdeel van
een vak; de nadruk kwam op het begrijpend lezen te liggen. Mijns inziens
is lezen romantisch. Het is een wereld waarin je je kunt wanen wanneer
de echte wereld je teveel wordt of je leest een levensverhaal om op die
manier het leven van een ander te leren begrijpen. Dat laatste is in het
mbo van groot belang. Het individualisme dat groter is dan voorheen,
zorgt ervoor dat studenten zich niet realiseren dat iederéén een verhaal
heeft. Bovendien kunnen studenten de woorden voor hun gevoel niet vinden
en vervolgens uiten ze zich boos of verdrietig; de nuance in gevoel
lijkt kwijt te zijn. Naast docent ben ik mentor en merk ik dat de
mentale klachten bij adolescenten flink zijn toegenomen.
Ook valt op dat de jongeren het nodig hebben om de concentratie te
trainen. Door o.a. sociale media zijn ze gewend om de aandacht kort
ergens op te richten. Het lezen van een tekst, het volgens van uitleg en
het focussen op leertaken; ze hebben steeds meer moeite.
Het team waarin ik mag werken, bevat instructeurs keuken en
bediening, theoriedocenten, magazijnmedewerkers en directie. Er zijn
altijd collega’s die stoeien met de taal, in elke rang. Onze
leesconsulente is dermate ingeburgerd dat het normaal is wanneer de
magazijnmedewerker met haar een praatje maakt over het lezen waarin hij
uit hoe belangrijk hij dit vindt voor jong en oud. Ze brengt meer met
zich mee dan de boeken; er wordt gesproken over het lezen.
De leesconsulent heeft meer kennis over de boeken dan ik. Elke docent
Nederlands heeft een hart voor lezen, maar de realiteit is dat andere
taken lees-ontwikkeltijd opslokken. De consulent weet welk boek bij
welke student past en hebben we het niet? Dan bestelt ze het; studenten
voelen zich speciaal wanneer het boek met een briefje voor hen
klaarligt. Ze zorgt voor een afwisselende collectie die inspeelt op de
leefwereld. Zij zorgt ervoor dat het vuurtje voor het lezen blijft
branden.
En nu? Nu dreigen we deze expertise te verliezen. Kort door de bocht:
de opleiding is regionaal, waardoor de gemeente niet inspringt. Deze
beredenering vanuit de gemeente begrijp ik, echter, nu voelt niemand
zich verantwoordelijk. Nu ben ik wellicht te praktisch ingesteld, maar
mijn boerenverstand vraagt zich af of er een mogelijkheid is dat de
financiering of verantwoordelijkheid vanuit de provincie kan worden
opgepakt.
Het is opvallend dat toen we de samenwerking startten, er vrijwel geen
lezers waren en er inmiddels een paar lezers per klas blijken te zijn.
Vanaf komend schooljaar zal elk onderwijsteam binnen het KW1C het vrij
lezen opnemen in het curriculum; dit is het moment waarop we kunnen
doorpakken.
We hebben nog één kans voordat de student de arbeidsmarkt opgaat. Een laatste kans om een ingang te vinden, het juiste boek voor de student te vinden waardoor we deze een onvergetelijke ervaring meegeven. Of het nu een kookboek over gerechten in de middeleeuwen is, een graphic novel of een waargebeurd verhaal. De leesconsulente en ik wensen de student het leesplezier. Dat is namelijk voor jou alleen, zonder dat dit wordt gemeten door een smartwatch, gepost moet worden op social media, maar waar je stressniveau daalt en je inkijkjes hebt die niemand anders je kon geven dan dat ene boek.