[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Tweeminutendebat Maritiem (CD 29/1) (ongecorrigeerd)

Stenogram

Nummer: 2026D16611, datum: 2026-04-08, bijgewerkt: 2026-04-09 09:52, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Maritiem

Voorzitter: Paulusma

Maritiem

Aan de orde is het tweeminutendebat Maritiem (CD d.d. 29/01).

De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Aan de orde is het tweeminutendebat Maritiem. Ik heet de leden van de Kamer welkom, net als de minister in vak K. Ik zie dat mevrouw Wiersma graag de dag wil beginnen met een compliment. Ga uw gang.

Mevrouw Wiersma (BBB):
Dat sowieso natuurlijk, aan deze minister; dat weet-ie. Nee, voorzitter, ik heb een vraag. Ik weet niet of ik dat een punt van orde moet noemen, want het is de eerste keer dat ik zo'n verzoek doe.

De voorzitter:
We gaan het meemaken.

Mevrouw Wiersma (BBB):
BBB heeft niet meegedaan aan het commissiedebat, maar wil wel van de gelegenheid gebruikmaken om een aantal vragen te stellen. Daarom vraag ik de leden van de commissie of ik namens het lid Van der Plas namens BBB mag deelnemen aan dit debat.

De voorzitter:
Ik zal eens even rondkijken. "Vooruit", wordt er geroepen. Ik heb uw naam genoteerd. We gaan snel beginnen met de heer Heutink, die spreekt namens de Groep Markuszower.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Dank u wel, voorzitter. Enige tijd geleden gaf onderzoeksinstituut MARIN ons het verlossende antwoord: 40 km/u in de nacht voor de watertaxi van en naar Ameland is gewoon veilig. Het is natuurlijk geweldig nieuws. Eindelijk kan de watertaxi gewoon gaan varen in het donker. Daarmee kan dit het sluitstuk zijn van een jarenlange discussie tussen de Kamer en het kabinet. Toch moet er nog een horde worden genomen, zo lijkt: de milieutoets. De minister gaf al aan dat hij voorziet dat er waarschijnlijk geen problemen zijn en dat er daadwerkelijk zicht op legalisatie is. Dat betekent dus ook dat we nu simpelweg kunnen gaan gedogen. De minister sprak eerder de woorden "ik ga het regelen" uit. Nou, dan gaan we het regelen! Daarom deze motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat er zicht is op legalisatie van de watertaxi van en naar Ameland in de nacht op hoge snelheid;

verzoekt de regering om totdat legalisatie een feit is, de watertaxi in de nacht op hoge snelheid te gedogen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Heutink en Van der Plas.

Zij krijgt nr. 499 (31409) (#1).

Dat geeft aanleiding tot een vraag.

De heer Schutz (VVD):
Ik heb ook meegedaan aan dat commissiedebat. Volgens mij hebben we toen nog gediscussieerd over de vraag of er wel of geen noodzaak was voor een passende beoordeling. In de brief werd erover uitgeweid dat er opvolging is gegeven aan de toezegging. Hoe plaatst de heer Heutink zijn verzoek in het kader van de brief en het verloop van de vergadering waarin wel degelijk nog wel wat te verhapstukken was?

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Ik constateer uit die vergadering dat het allemaal veel te lang duurt. We hebben een toezegging van de minister gekregen dat er ergens voor de zomer een milieutoets plaatsvindt. De vraag is of het gaat lukken; het is allemaal onduidelijk. Wij hebben al een aantal jaar een gevecht met het kabinet over het laten varen van de watertaxi. Als er nu daadwerkelijk zicht is op legalisatie en het kabinet dat ook toegeeft, dan zie ik geen enkele reden meer om niet te gaan gedogen. De eilanders kunnen niet wachten totdat ze ook in de nacht, met name als er sprake is van noodzaak, naar de wal kunnen of vice versa.

De voorzitter:
Dank u wel. Dan gaan we luisteren naar mevrouw Boelsma-Hoekstra, die spreekt namens de fractie van het CDA.

Mevrouw Boelsma-Hoekstra (CDA):
Ik heb één motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Europese Commissie onlangs de Europese havenstrategie heeft gepresenteerd, in navolging van het rapporteursverslag-Berendsen, waarin werd geconstateerd dat onze havens de poort zijn tot Europa, maar we de sleutels uit handen hebben gegeven;

overwegende het belang dat de Kamer hecht aan deze Europese havenstrategie en het tegengaan van buitenlandse inmenging in onze havens, getuige de in 2022 aangenomen motie-Van der Molen/Koerhuis over dit onderwerp;

overwegende dat de regering zich recent, in het geval van Nexperia, genoodzaakt zag om een noodwet in te zetten vanwege risico's voor de nationale veiligheid, strategische autonomie en het ontstaan van ongewenste afhankelijkheden;

overwegende dat een belangrijk deel van terminals en overslagcapaciteit in Nederlandse havens in buitenlandse handen is;

verzoekt de regering de weerbaarheid en economische veiligheid aan te pakken door kritieke entiteiten aan te wijzen onder de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten, de Cyberbeveiligingswet, de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames (Wet vifo), de risico's van de toeleveranciersketen aan te pakken met de Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied, en de Kamer daar na de zomer van 2026 over te informeren;

verzoekt de regering de wenselijkheid van een maximumpercentage voor het aantal terminals in Nederlandse havens dat in buitenlandse handen mag zijn te onderzoeken en hier indien daartoe aanleiding bestaat nadien actief op te sturen;

verzoekt de regering om in samenwerking met havenbedrijven en andere partners de (wettelijke) mogelijkheden voor een noodknopprocedure te onderzoeken om schadelijke buitenlandse inmenging tegen te gaan, met daarin duidelijke grenzen voor wanneer de risico's op spionage, sabotage of economische afhankelijkheid door buitenlandse inmenging te groot zijn,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Boelsma-Hoekstra, Stoffer, Goudzwaard, Grinwis, Vellinga-Beemsterboer en Kröger.

Zij krijgt nr. 500 (31409) (#2).

Dank u wel. Dan gaan we nu luisteren naar de heer Schutz, die spreekt namens de fractie van de VVD. O, is hij niet aan de beurt? Dat staat wel op mijn lijstje. Dat geeft niet. Ik heb verkeerd gekeken, zie ik. Hij stond erop met nul minuten spreektijd. We gaan nu dus luisteren naar mevrouw Kröger, die spreekt namens de fractie van GroenLinks-Partij van de Arbeid. Gaat uw gang.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Dank u wel, voorzitter. Sinds wij dit debat gevoerd hebben, is er natuurlijk het nodige gebeurd, met name in maritieme zaken en de internationale zeescheepvaart. Er zijn in het debat ook best wat vragen gesteld over de beveiliging van kritieke infrastructuur op de Noordzee. Ik ben dus benieuwd of de minister hier vandaag nog een update over kan geven. Dat geldt ook voor vragen over hoe wij zorgen dat de bemanning van zeeschepen veilig blijft.

Mijn motie ziet op een toekomstig vraagstuk. Zeker in de huidige geopolitieke crisis zie je hoe ongelofelijk kwetsbaar we zijn als we afhankelijk zijn van de import van fossiel, maar dat is wel nog steeds de belangrijkste activiteit van onze havens. Vandaar dat ik de volgende motie heb.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat fossiele import en verwerking nu nog belangrijke activiteiten in onze havens zijn;

overwegende dat de helft van alle zeescheepvaart fossiele brandstoffen vervoert;

overwegende dat het gebruik en daarmee de overslag en verwerking van fossiele brandstoffen, zowel om geopolitieke redenen als vanuit onze verplichtingen onder het Verdrag van Parijs, af zal nemen;

verzoekt de regering om verschillende scenario's in kaart te brengen voor wat een vermindering van de import, verwerking en export van kolen, olie en gas betekent voor de activiteiten en het ruimtegebruik van onze havens,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Kröger.

Zij krijgt nr. 501 (31409) (#3).

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter:
Dank u wel. Dan gaan we nu luisteren naar de heer Goudzwaard, die spreekt namens de fractie van JA21. Gaat uw gang.

De heer Goudzwaard (JA21):
Dank u wel, voorzitter. Ik dien een motie in. Dat moet ik misschien eerst even zeggen.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Europese Commissie haar Europese maritieme- industriestrategie gepresenteerd heeft;

constaterende dat de Sectoragenda Maritieme Maakindustrie doorloopt tot eind 2026;

overwegende dat Nederland een vooraanstaande speler moet zijn en blijven in de maritieme sector;

overwegende dat het dus verstandig is voor Nederland om zich proactief op te stellen richting de Europese ontwikkelingen in de maritieme sector;

verzoekt de regering om de Europese maritieme-industriestrategie te betrekken bij de eindevaluatie van de Sectoragenda Maritieme Maakindustrie en de Europese maritieme-industriestrategie als uitgangspunt te nemen bij een eventuele tweede Sectoragenda Maritieme Maakindustrie,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Goudzwaard.

Zij krijgt nr. 502 (31409) (#4).

Dank u wel. Dan gaan we nu tot slot luisteren naar mevrouw Wiersma. Zij spreekt namens de fractie van BBB. Gaat uw gang.

Mevrouw Wiersma (BBB):
Dank, voorzitter. Dank ook voor de gelegenheid. Tijdens het debat Maritiem is uitgebreid gesproken over autonoom varen. Ik ben fervent voorstander van innovaties en zeker ook van technische innovaties, want voor veel sectoren is dat de toekomst, ook voor de maritieme sector. Tegelijkertijd moeten we ons afvragen of we voldoende oog houden voor de tussenstappen, want technologie ontwikkelt zich in hoog tempo. We zien dat wet- en regelgeving en beleid dat tempo niet altijd kunnen bijbenen. Dan hebben we het bijvoorbeeld over camera's, sensoren en handelingen die in toenemende mate geautomatiseerd worden.

Om dat tempo bij te kunnen benen, heb ik een aantal vragen aan deze minister. Mijn vraag is om kritisch te kijken naar die ontwikkelingen en in gesprek te gaan met deze sector om wet- en regelgeving nu al voor te bereiden op de toekomstige technologische mogelijkheden, uiteraard zonder concessies te doen op het gebied van de veiligheid. Ik zou de toezegging willen vragen van de minister dat hij samen met de maritieme sector de huidige bemanningseisen en relevante wet- en regelgeving waar nodig gaat herzien en gaat moderniseren, zodat schepen, waar dat veilig kan, met minder bemanning zouden kunnen varen. Dat zou ik willen vragen van de minister en ik zou willen horen op welke termijn hij dat zou kunnen doen. Ik wil ook vragen of hij daarbij expliciet rekening kan houden met de technologische ontwikkelingen en de huidige personeelstekorten, omdat het ook daarvoor een oplossing kan zijn.

Daarnaast heb ik nog een vraag aan de minister over de sterk gestegen olieprijzen. We zien dat heel veel schippers hun schepen op dit moment nog maar voor de helft volbunkeren. Zou hij ook daarover in gesprek kunnen gaan met de maritieme sector, om oplossingen te kunnen bieden voor de gevolgen daarvan, en zou hij de Kamer daarover kunnen informeren?

Dank u wel.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Als iemand die niet aan het commissiedebat heeft meegedaan, verzoekt om toch aan het tweeminutendebat mee te doen, is dat meestal om door te gaan op een thema dat besproken is in het debat. Ik herinner mij niet dat autonoom varen voorbij is gekomen. Ik kijk even naar de collega's. Nee, dat is niet het geval. Ik moet zeggen dat ik dit een beetje ongemakkelijk vind. Ik hoor allemaal vragen. Hier hebben we ook het instrument van de schriftelijke vragen voor. Maar goed, ik wilde dat punt even markeren.

Mevrouw Wiersma (BBB):
Dank voor het markeren van het punt. Ik ben hier namens het lid Van der Plas. Ik had begrepen dat het wel besproken was. Dat staat ook letterlijk in mijn tekst. Ik nam geen deel aan het debat. Dat is dus een omissie onzerzijds, zou ik zeggen.

De voorzitter:
Als neutraal voorzitter voel ik wel mee met het punt van mevrouw Kröger, want als we dit soort dingen met elkaar gaan toestaan, loopt het natuurlijk allemaal enorm uit. Maar als het een omissie is, dan is dat wat het is. Dank u wel.

De minister heeft aangegeven zeven minuten nodig te hebben voor de voorbereiding van de appreciatie en de beantwoording van de vragen. Als de minister eerder klaar is, gaan we gewoon beginnen, dus blijf in de buurt.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Aan de orde is het tweeminutendebat Maritiem. Wij zijn toegekomen aan de appreciaties van de ingediende moties en de beantwoording van de gestelde vragen. Ik geef daartoe graag het woord aan de minister. Gaat uw gang.

Minister Karremans:
Dank, voorzitter. Ik begin met de vragen die hierover gesteld zijn.

Allereerst ga ik in op de vraag van mevrouw Wiersma over het autonome varen. Nederland zet zich inderdaad op nationaal en internationaal gebied in voor innovatie. Ook autonoom varen kan positief bijdragen aan de scheepvaartsector. Daarover worden internationale afspraken gemaakt. Het is daarom moeilijk om in dezen een heel duidelijk tijdpad te geven, maar ik wil wel toezeggen dat wij daarover in de volgende verzamelbrief in de aanloop naar het commissiedebat Maritiem een update geven en dat wij de Kamer op die manier op de hoogte houden. Ik ben het op zich eens met de interesse in en het belang van autonoom varen.

Dan over de olieprijzen en de gestegen brandstofprijzen. Hebben wij daarover met de sector contact? Jazeker. Wij hebben een goed contact met alle sectoren die met IenW te maken hebben, waaronder inderdaad de Koninklijke Binnenvaart Nederland. Ook met alle andere brancheorganisaties die te maken hebben met de gestegen brandstofprijzen hebben wij een goed contact. Gisteren hebben we nog overleg gehad met heel veel partijen in de maritieme sector en het goederenvervoer.

Tot slot ga ik in op de vraag van mevrouw Kröger. Zij vroeg of er een update is over de kritieke infrastructuur op de Noordzee. Ik heb nu geen specifieke update, maar voor de zomer wordt de Kamer conform alle moties en toezeggingen daarover geïnformeerd. Dat kan ik dus zeggen, maar ik heb nu verder geen specifieke update over de voortgang van het programma.

De voorzitter:
Dat geeft aanleiding tot een vraag. Gaat uw gang, mevrouw Kröger.

Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Ik denk dat dit wel een onderwerp is dat behoorlijk urgent is. Die urgentie wordt ook breed in de Kamer gevoeld. De hele vraag richt zich daarbij op de governance: hoe wordt het nu ingericht en is er voldoende budget? "Voor de zomer" klinkt voor mij ietwat ver weg. Ik hoop dus dat wij hierover sneller een update kunnen krijgen.

Minister Karremans:
Die vraag is helder. Wij doen natuurlijk ons best. De urgentie deel ik. Die zien we. De Kamer zal hierover worden geĂŻnformeerd.

Voorzitter. Als u het goed vindt, kom ik bij de moties. Ik ga allereerst in op de motie-Heutink/Van der Plas op stuk nr. 499, waarin de regering wordt verzocht om snel varen in het donker te gedogen. Ik snap helemaal waar de heer Heutink vandaan komt. We willen dat natuurlijk graag realiseren. Mijn voorgangers hebben inderdaad al eerder gezegd dat dat wenselijk is. Er wordt nu een ecologisch onderzoek gedaan. Dat moeten we gewoon doen om dit wettelijk mogelijk te maken. We werken natuurlijk sowieso aan de wetswijziging, maar ik wil de Kamer toezeggen dat we de situatie in de tussentijd zullen gedogen als de uitkomst van dat ecologisch onderzoek positief is. We moeten dus wel even afwachten wat er uit het ecologisch onderzoek komt.

De voorzitter:
De heer Heutink is, denk ik, heel blij met deze toezegging.

De heer Heutink (Groep Markuszower):
Dat is een hele mooie beweging richting de Kamer. Daar dank ik de minister dus voor. Ik denk dat we dan snel kunnen gaan gedogen. De minister begrijpt natuurlijk ook dat wij hier weer staan als de uitkomst van het ecologisch onderzoek toch de andere kant op valt. Toch dank voor deze toezegging. Ik zal deze motie dan ook intrekken.

De voorzitter:
Aangezien de motie-Heutink/Van der Plas (31409, nr. 499) is ingetrokken, maakt zij geen onderwerp van beraadslaging meer uit.

Minister Karremans:
Oké, dank.

Dan de motie-Boelsma-Hoekstra c.s. op stuk nr. 500 over buitenlandse inmenging. Ja, wie ben ik om deze motie te ontraden? Dat is bijna onmogelijk. Ik zie de urgentie daar natuurlijk van in. Op dat vlak werken we ook goed samen met de verschillende havens. Daarom geef ik de motie graag oordeel Kamer.

De voorzitter:
De motie op stuk nr. 500 krijgt oordeel Kamer.

Minister Karremans:
Dan de motie van mevrouw Kröger op stuk nr. 501 over het ruimtegebruik van onze havens. Deze motie wil ik ook oordeel Kamer geven. Het in kaart brengen van de verschillende scenario's loopt nu ook mee in de verkenning in NOVEX, van de Rotterdamse haven en in onderzoek naar ruimtegebrek in het kader van de Nota Ruimte. Het is natuurlijk bekend dat de haven van Rotterdam in NOVEX toe wil naar het meest duurzame havencomplex ter wereld. Gezien de enorme situatie — mevrouw Kröger refereerde daar niet alleen vandaag, maar ook gisteren tijdens het mondelinge vragenuur aan — heeft dit natuurlijk niet alleen met CO2-besparing te maken, maar ook gewoon met de onafhankelijkheid van energiebronnen waar je niet afhankelijk van wil zijn.

De voorzitter:
De motie op stuk nr. 501 krijgt oordeel Kamer.

Tot slot, de laatste motie.

Minister Karremans:
De motie-Goudzwaard op stuk nr. 502 geef ik ook oordeel Kamer.

De voorzitter:
De motie op stuk nr. 502 krijgt oordeel Kamer.

Minister Karremans:
Dat is dus makkelijk.

Mevrouw Wiersma (BBB):
Ik wil toch nog even terugkomen op dit punt. Overigens dank voor de toezegging van de minister. Ik weet dat we wat dit betreft een gezamenlijke passie hebben. Hopelijk kunnen we hierbij ook samen optrekken. Ik wil nog wel even terugkomen op het punt dat het lid Kröger maakte. Het is terecht dat Kamerleden elkaar scherp houden, maar zij hoeft de beraadslaging in de debatten er maar even op na te slaan — dat hebben wij zojuist even gedaan — om te kunnen constateren dat dit punt wel degelijk besproken is. Voor het commissiedebat Maritiem stond ook een brief over autonoom varen geagendeerd. Nou ja, ik denk dat een neutraal voorzitter ook moet kunnen beamen dat, als je een punt maakt, dat wel valide moet zijn. Dat wou ik wel nog even melden hier.

De voorzitter:
Genoteerd voor de Handelingen. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van dit tweeminutendebat.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:
Ik schors voor enkele seconden.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.