Accountantsrapport bij de achtste voortgangsrapportage GrIT
Brief regering
Nummer: 2026D17939, datum: 2026-04-15, bijgewerkt: 2026-04-15 16:12, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: D.G. Boswijk, staatssecretaris van Defensie (Ooit CDA kamerlid)
- Accountantsrapport bij de achtste voortgangsrapportage GrIT
- Beslisnota bij Kamerbrief over accountantsrapport bij de achtste voortgangsrapportage GrIT
Onderdeel van zaak 2026Z07960:
- Volgcommissie: vaste commissie voor Digitale Zaken
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Defensie
Preview document (🔗 origineel)
| > Retouradres Postbus 20701 2500 ES Den Haag | |
|---|---|
de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag |
|
| Datum | 15 april 2026 |
| Betreft | Accountantsrapport bij de achtste voortgangsrapportage GrIT |
Ministerie van Defensie
Plein 4
MPC 58 B
Postbus 20701
2500 ES Den Haag
www.defensie.nl
Onze referentie
MINDEF20260027604
Bij beantwoording, datum, onze referentie en onderwerp vermelden.
Geachte voorzitter,
Hierbij ontvangt u het accountantsrapport van de Auditdienst Rijk (ADR) over het Programma Grensverleggende IT (GrIT) over het jaar 2025. Het accountantsrapport bestaat uit een rapport van feitelijke bevindingen en een controleverklaring. Het definitieve accountantsrapport was ten tijde van de verzending van de achtste voortgangsrapportage GrIT (Kamerstuk 35 728, nr. 25) nog niet ontvangen door Defensie. Na ontvangst van het definitieve accountantsrapport op 15 april is deze zo snel mogelijk nagezonden.
De ADR oordeelt dat de in de voortgangsrapportage opgenomen informatie aansluit op de onderliggende financiële en niet-financiële administraties en dat deze op een ordelijke, controleerbare en consistente wijze tot stand is gekomen. Verder heeft de ADR geconstateerd dat de in de voortgangsrapportage opgenomen informatie in overeenstemming is met de daarvoor geldende voorschriften.
De ADR heeft tevens de beheersing en het beheer van het programma onderzocht. Daaruit blijkt dat verdere versterking mogelijk is op het gebied van governance, programmabeheersing en de samenwerking met de IT-infrastructuurpartner. Ook vraagt de samenhang tussen planning, voortgang en financiële sturing blijvend aandacht, mede in het licht van de vertraagde oplevering van het Private Cloud Platform. Met het ingezette verbeterplan zijn hiervoor gerichte maatregelen in gang gezet.
Hoogachtend,
DE STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE
Derk Boswijk