[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo]←NIEUW! [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Tweeminutendebat Hoger onderwijs, studiefinanciering en DUO (CD 8/4) (ongecorrigeerd)

Stenogram

Nummer: 2026D18412, datum: 2026-04-16, bijgewerkt: 2026-04-17 09:22, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


Hoger onderwijs, studiefinanciering en DUO

Hoger onderwijs, studiefinanciering en DUO

Aan de orde is het tweeminutendebat Hoger onderwijs, studiefinanciering en DUO (CD d.d. 08/04).

De voorzitter:
Dan hebben we nog een derde tweeminutendebat dat raakt aan de portefeuille van de minister. Dit betreft het tweeminutendebat Hoger onderwijs, studiefinanciering en DUO. Ik stel voor dat we daar gelijk mee doorgaan. Na dit tweeminutendebat gaan we schorsen voor de lunch.

Negen leden hebben zich ingeschreven voor dit debat, waarvan acht met spreektijd. Als eerste geef ik weer het woord aan mevrouw Rooderkerk. Zij voert het woord namens de D66-fractie. Gaat uw gang.

Mevrouw Rooderkerk (D66):
Hartelijk dank, voorzitter. Ik heb twee moties, dus ik moet even doorlezen.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het bindend studieadvies (bsa) studenten in het eerste studiejaar verplicht een minimumaantal studiepunten te behalen om hun opleiding te mogen voortzetten en dit systeem in de praktijk vaak rigide wordt toegepast;

constaterende dat recent grootschalig onderzoek aantoont dat het bindend studieadvies niet leidt tot meer studiesucces of sneller afstuderen en de kans op een diploma zelfs licht verlaagt, en dat een aanzienlijk deel van de studenten die uitviel door het bindend studieadvies hun studie zonder dit instrument waarschijnlijk wel had afgerond;

constaterende dat Zuyd Hogeschool het bindend studieadvies verving voor een niet-bindend persoonlijk studieadvies en onderzocht dat van de studenten die zouden zijn weggestuurd ruim 20% binnen vier jaar het diploma toch haalde;

overwegende dat goed studieadvies en begeleiding van belang zijn voor studiesucces, maar maatwerk vereisen en beter tot hun recht komen wanneer opleidingen ruimte hebben om studenten individueel te begeleiden;

verzoekt de regering om met onderwijsinstellingen in gesprek te gaan over het bindend studieadvies, op basis van de laatste inzichten over het studiesucces van studenten, en het vormgeven van een begeleidend persoonlijk studieadvies te onderzoeken,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Rooderkerk, Abdi en Ergin.

Zij krijgt nr. 1245 (31288) (#1).

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat kunstmatige intelligentie (Al) in hoog tempo haar intrede doet in het hoger onderwijs en grote invloed heeft op onderwijs, toetsing en de arbeidsmarkt;

overwegende dat Al zowel kansen biedt voor innovatie en toegankelijkheid als risico's met zich meebrengt, zoals op het gebied van academische integriteit, privacy en kwaliteit van onderwijs;

overwegende dat studenten en docenten behoefte hebben aan ondersteuning bij verantwoord gebruik van Al;

verzoekt de regering om, in samenwerking met onderwijsinstellingen, docenten, studenten en relevante experts, te komen tot een strategie voor verantwoord gebruik van Al in het mbo en hoger onderwijs,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Rooderkerk, Biekman en De Beer.

Zij krijgt nr. 1246 (31288) (#2).

Mevrouw Rooderkerk (D66):
Dank, voorzitter.

De voorzitter:
Hartelijk dank. Dan geef ik nu het woord aan de heer Ergin. Hij spreekt namens de fractie van DENK. Gaat uw gang.

De heer Ergin (DENK):
Voorzitter, dank u wel. Ik heb niet net zoveel moties als in het vorige debat; ik kan u alvast geruststellen. Maar ik heb wel moties over twee onderwerpen. Het eerste onderwerp gaat over het herstel bij DUO. Ik vind dat we daar heel zorgvuldig en voorzichtig mee moeten zijn en dat we daarbij rekening moeten houden met alle gevoeligheden. Daarom heb ik deze twee moties.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat bij controles door DUO in de periode van 2012 tot en met 2023 sprake is geweest van een discriminerende fraudeaanpak, waarbij vooral studenten met een migratieachtergrond zijn onderworpen aan controles;

overwegende dat bij de afhandeling van de fraudeaanpak 25.000 studenten in aanmerking komen voor compensatie en recht hebben op inzage in hun persoonlijke dossiers, die door DUO zijn bijgehouden;

verzoekt de regering om studenten die daar behoefte aan hebben inzage te verlenen in de dossiers die door DUO zijn bijgehouden en daarbij openheid van zaken te geven over alle op de zaak betrekking hebbende stukken,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Ergin.

Zij krijgt nr. 1247 (31288) (#3).

De heer Ergin (DENK):
Dan de tweede motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat DUO op dit moment een nieuwe fraudeaanpak aan het voorbereiden is;

overwegende dat, gezien de eerdere aanpak, zorgvuldigheid en het creëren van extra waarborgen tegen directe en indirecte discriminatie noodzakelijk zijn;

verzoekt de regering de nieuwe fraudeaanpak extern te laten toetsen op proportionaliteit, bias en (in)directe discriminerende werking alvorens deze wordt uitgerold,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Ergin.

Zij krijgt nr. 1248 (31288) (#4).

De heer Ergin (DENK):
Voorzitter. De derde motie gaat over de zogeheten ministersplaatsen. De minister heeft een verkenning gedaan, terwijl er Kamerbreed een motie is aangenomen om die 46 plekken voor Caribische studenten in Caribisch Nederland beschikbaar te stellen, zodat bijvoorbeeld de zorg daar niet stilvalt. Daarom heb ik de volgende motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Kamer door middel van een motie (31288, nr. 1118) de regering heeft opgeroepen om de zogeheten ministersplaatsen te herintroduceren voor Caribische studenten;

verzoekt de regering de ministersplaatsen of een gelijksoortige regeling te herintroduceren, en de Kamer voor het zomerreces te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Ergin.

Zij krijgt nr. 1249 (31288) (#5).

Dank u wel. De heer De Beer gaat het woord voeren namens de VVD-fractie.

De heer De Beer (VVD):
Voorzitter, dank u wel. Voor de VVD staat één ding centraal: goed onderwijs dat mensen voorbereidt op een toekomst met perspectief. Dat vraagt om kwaliteit, maar ook om een betere aansluiting op de arbeidsmarkt. We zien dat die aansluiting nog niet altijd goed genoeg is. We leiden nog te vaak op voor sectoren waarin weinig vraag is, terwijl de tekorten in bijvoorbeeld de techniek, de zorg en het onderwijs alleen maar oplopen. Daarom vindt de VVD dat arbeidsmarktrelevantie zwaarder mag wegen bij studiekeuzevoorlichting, zodat studenten beter zicht hebben op hun kansen, bij accreditatie, zodat opleidingen worden getoetst op hun bijdrage aan de arbeidsmarkt, zowel economisch als maatschappelijk en ook in de bekostiging, en zodat instellingen worden gestimuleerd om op te leiden voor sectoren waarin Nederland mensen tekortkomt.

Daarbij is samenwerking in de hele onderwijsketen essentieel. We moeten het onderwijs niet zien als losse schakels, maar als een ijzersterke keten, te beginnen bij een hoogwaardig mbo, dat gericht is op vakmanschap. We zien mooie voorbeelden, waarbij studenten uit verschillende opleidingstypen samenwerken aan praktijkvraagstukken. Dat versterkt niet alleen de kwaliteit van het onderwijs, maar ook de aansluiting op de arbeidsmarkt. Ziet de minister de samenwerking tussen mbo, hbo en wo nadrukkelijk als een kans om die aansluiting te verbeteren? Hoe kan ze het hoger onderwijs daarin stimuleren, zowel in beleid als in uitvoering?

Voorzitter. Het vraagt om duidelijkere keuzes, als we echt willen dat onderwijs en arbeidsmarkt beter op elkaar aansluiten. Niet alleen meer flexibiliteit, maar ook meer richting, niet alleen ruimte, maar ook sturing op resultaat, zodat studenten niet alleen een diploma halen, maar ook daadwerkelijk een plek vinden op de arbeidsmarkt.

De voorzitter:
Dank u wel. De heer Boomsma zal het woord voeren namens JA21.

De heer Boomsma (JA21):
Dank u wel. Ik heb twee moties.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat instellingen in het hoger onderwijs op dit moment elke zes jaar zowel een Instellingstoets Kwaliteitszorg (ITK) als opleidingsvisitaties en kwaliteitscontroles op onderzoek krijgen;

constaterende dat uit onderzoeken blijkt dat dat intensieve proces gepaard gaat met tijdrovende voorbereidingen en een hoge regeldruk die niet kan worden besteed aan onderzoek en onderwijs, het kabinet constateerde dat "er veel tijd verloren gaat aan verplichte activiteiten die onvoldoende bijdragen aan onderwijskwaliteit" en het kabinet een verkenning uitvoert naar verbeteringen van het accreditatiestelsel;

verzoekt de regering om:

  • in de lopende verkenning opties mee te nemen over hoe de intensiviteit en lastendruk van het accreditatiestelsel van ITK en opleidingsvisitaties kan worden verminderd door gebruik te maken van een beperkter beoordelingskader bij eerder succes, en door de verplichte frequentie te verlengen van zes naar acht of tien jaar;

  • daarbij wel zorg te dragen voor de juiste handvatten voor tussentijdse kwaliteitsbeoordelingen als er signalen zijn die daar aanleiding toe geven;

  • de resultaten voor te leggen aan de Kamer,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Boomsma, Abdi, De Beer en Rooderkerk.

Zij krijgt nr. 1250 (31288) (#6).

De heer Boomsma (JA21):
Dan de tweede motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat bij opsporen van fraude bij de uitwonendenbeurs door DUO een risicoscore is gehanteerd op basis van onderwijssoort, afstand tussen adressen en leeftijd, waarvan is geoordeeld dat dit een vorm van "indirecte discriminatie" behelst;

overwegende dat discriminatie ontoelaatbaar is en dat, als mensen ten onrechte als fraudeur zijn aangewezen, schadeloosstelling op zijn plaats is;

constaterende dat de regering van plan is om studenten die een boete hadden gekregen een schadevergoeding van €2.000 uit te keren;

overwegende dat het onrechtvaardig is dat mensen worden beloond voor fraude;

verzoekt de regering alleen een proactief aanbod voor schadevergoeding beschikbaar te stellen aan mensen die ten onrechte zijn aangewezen als fraudeur,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Boomsma.

Zij krijgt nr. 1251 (31288) (#7).

Dank u wel. Dan gaan we luisteren naar de heer Claassen, die het woord voert namens de Groep Markuszower. Gaat uw gang.

De heer Claassen (Groep Markuszower):
Voorzitter.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat bezettingen, intimidatie en verstoring van onderwijs op universiteiten te lang gedoogd worden, met als gevolg normalisering van antisemitisme en gevoelens van onveiligheid onder studenten en medewerkers;

overwegende dat universiteiten over huisregels en disciplinaire bevoegdheden beschikken, maar tijdige en consequente handhaving vaak ontbreekt en de-escalatie ten koste gaat van het onderwijs en de veiligheid;

overwegende dat harde consequenties een preventieve werking hebben en onderhandelen met agressieve groepen niet leidt tot een veilige campus;

verzoekt de regering landelijke minimumnormen vast te stellen voor tijdige handhaving, ordeherstel en sancties bij bezettingen en intimidatie op campussen, en universiteiten aan te spreken op hun verantwoordelijkheid om eerder en consequenter op te treden,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Claassen en Boomsma.

Zij krijgt nr. 1252 (31288) (#8).

Dank u wel. Dan is het woord aan de heer Van Houwelingen. Hij spreekt namens de fractie van Forum voor Democratie. Gaat uw gang.

De heer Van Houwelingen (FVD):
Dank. Drie moties, voorzitter.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat binnen het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de taalgids "Woorden, toon en boodschap" is opgesteld, waarin ambtenaren worden gestuurd in de keuze voor woorden en formuleringen;

constaterende dat deze gids uitdrukkelijk normerend optreedt ten aanzien van taalgebruik, en daarmee een specifieke ideologische visie op mens, samenleving en communicatie tot uitgangspunt neemt;

overwegende dat taal altijd contextgebonden, meerduidig en maatschappelijk gegroeid is, en dat het niet de taak van de overheid is om vanuit een departementale ideologie richtinggevend vast te stellen welke woorden als wenselijk moeten worden beschouwd;

verzoekt de regering de betreffende taalgids in te trekken en het gebruik daarvan binnen het ministerie per direct te beëindigen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Van Houwelingen, Van Duijvenvoorde en Boomsma.

Zij krijgt nr. 1253 (31288) (#9).

De heer Van Houwelingen (FVD):
De tweede motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering onderzoeksgeld niet langer via NWO maar, net zoals vroeger, rechtstreeks aan universiteiten zelf te verstrekken,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Houwelingen.

Zij krijgt nr. 1254 (31288) (#10).

De heer Van Houwelingen (FVD):
Dit is om de ideologische gelijkschakeling aan universiteiten, hopelijk, te verminderen. Dan wordt het onderzoeksgeld niet meer centraal, vanuit één punt, gestuurd.

Tot slot, voorzitter.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering, in goed overleg uiteraard met universiteiten, de "NCTV-leerstoelen" aan Nederlandse universiteiten zo snel mogelijk op te heffen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Houwelingen.

Zij krijgt nr. 1255 (31288) (#11).

De heer Van Houwelingen (FVD):
Dit zou ik heel kort nog even willen toelichten. Uit het debat is ook gebleken ... We hebben NCTV-leerstoelen aan onze universiteiten, bijvoorbeeld in Amsterdam en in Leiden. Wetenschap en de Staat zouden natuurlijk gescheiden moeten zijn, net zoals je hoopt dat de journalistiek en de Staat zo veel mogelijk gescheiden zijn. Anders kun je elkaar niet controleren. Dat is nu niet het geval. Dat is extra zorgelijk vanwege het volgende. De NCTV is natuurlijk een veiligheidsdienst. Die heeft onder andere als theorie dat het gevaarlijk is als je kritiek hebt op het instituut, als je ze niet vertrouwt. Dat heet "anti-institutioneel extremisme". Daarbij baseert de NCTV zich op de wetenschap. Wat is die wetenschap? Dat is de NCTV-wetenschap. Dat zijn die NCTV-leerstoelen. Dat is natuurlijk heel zorgelijk en heel onwenselijk. Ik denk dat de Staat, de regering, dat ook niet zou moeten willen. Vandaar deze motie.

Dank.

De voorzitter:
Hartelijk dank. Dan gaan we door met de laatste spreker, mevrouw Raijer. Zij voert het woord namens de fractie van de PVV. O, ik zie mevrouw Raijer teruglopen om haar bril te pakken. Ik heb 'm ook nodig, hoor. Dat komt met de jaren, helaas. Gaat uw gang.

Mevrouw Raijer (PVV):
Ja. En dank, voorzitter. Eén motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat studenten van de BES-eilanden een hogere prestatiebeurs ontvangen om in de Verenigde Staten van Amerika en Canada te studeren;

overwegende dat voor Nederlandse studenten in vergelijkbare situaties deze aanvullende financiering niet geldt;

verzoekt de regering de prestatiebeurs voor studenten van de BES-eilanden gelijk te stellen aan de prestatiebeurs die geldt voor studenten uit Europees Nederland, en dit op te nemen in de eerstvolgende begroting,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Raijer.

Zij krijgt nr. 1256 (31288) (#12).

U krijgt daar nog een interruptie over van de heer Claassen.

De heer Claassen (Groep Markuszower):
Ik heb eigenlijk een heel simpele vraag. Sinds wanneer neemt de PVV het zo op voor de BES-eilanden?

Mevrouw Raijer (PVV):
Wij nemen het niet op voor de BES-eilanden; wij nemen het op voor de Nederlandse studenten, hier in Nederland. De studenten van de BES-eilanden krijgen namelijk een hogere beurs dan die uit Nederland. Wij zeggen: trek dat nou allemaal gelijk.

De voorzitter:
Dank u wel voor uw bijdrage. Dit was de termijn van de Kamer. We gaan even tien minuten schorsen. Dan krijgen we een appreciatie van de twaalf ingediende moties. We zijn geschorst.

De vergadering wordt van 13.02 uur tot 13.10 uur geschorst.

De voorzitter:
Ik heropen de vergadering. Aan de orde is de voortzetting van het tweeminutendebat Hoger onderwijs, studiefinanciering en DUO. We zijn toe aan de termijn van de zijde van de regering. Ik geef het woord aan de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Minister Letschert:
Dank u wel, meneer de voorzitter. Ik zal het zo kort mogelijk houden, want ik kan me voorstellen dat uw magen beginnen te knorren inmiddels. O, ik hoor dat dat niet het geval is. Misschien heeft u al gegeten.

De motie op stuk nr. 1245 gaat over het bindend studieadvies en het in gesprek gaan met de onderwijsinstellingen over de laatste inzichten over het studiesucces. Dat vind ik absoluut belangrijk om te doen. Ik heb aangegeven dat het aan de instellingen en de medezeggenschap is om hier het gesprek over te hebben, maar ik geef 'm graag oordeel Kamer en ik zal ook graag dat gesprek aangaan.

De motie op stuk nr. 1246 gaat over AI in het hoger onderwijs. Dat is een ongelofelijk belangrijk onderwerp. Het is uiteraard van belang dat instellingen goed inspelen op alle ontwikkelingen rondom AI en de studenten goed voorbereiden op hun toekomst. Ook hier bepalen instellingen en opleidingen natuurlijk zelf hoe zij dat onderwijs in het curriculum vormgeven. Ik gaf in het debat aan dat ik in samenwerking met Npuls, het grote programma dat de landelijke best practices met elkaar wil ophalen, kijk wat aanvullend nodig is op wat de sector zelf al doet. Npuls faciliteert. Ik zal dat ook met de Kamer delen. Als de motie op die manier geïnterpreteerd kan worden, geef ik 'm graag oordeel Kamer.

Dan ga ik door naar de motie op stuk nr. 1247 van DENK, over studenten inzage verlenen in hun dossier. Er is een verzoek gedaan om de studenten die daar behoefte aan hebben, inzage te verlenen in hun dossier. Dan heb ik goed nieuws voor u, want de studenten kunnen op dit moment al een inzageverzoek indienen bij DUO om hun dossier in te zien. DUO ontvangt ook heel veel verzoeken van studenten om dit te doen. Dan krijgen ze dus al inzage. Ik zou dus "overbodig" willen adviseren.

Dan ga ik naar de motie op stuk nr. 1248, over de externe toetsing …

De voorzitter:
Een ogenblik.

De heer Ergin (DENK):
Zonder te veel de techniek in te gaan: dat reguliere dossierverzoek kunnen alle studenten doen. Dat gebeurt met een zoekslag op relevante documenten, maar in deze motie gaat het om op de zaak betrekking hebbende documenten. Dat is een andere juridische categorie. Gezien de ernst van de fraudeaanpak zou ik toch aan de minister willen vragen om voor deze groep studenten vooraf al een andere definitie te gebruiken dan de reguliere definitie, om het niet moeilijker te maken voor die studenten. Als ze naar de rechter zouden stappen, hebben ze daar overigens gewoon recht op. Ik hoop dat de minister op dit punt haar oordeel opnieuw kan wegen.

Minister Letschert:
Nee. Ik zei al dat de studenten inzicht krijgen in hun dossier. Dat geldt ook voor de dossiers waar u het over heeft. De vraag is dus wat ik dan anders moet regelen. Vandaar dat ik zeg: het is overbodig, want studenten kunnen dat inzageverzoek doen. DUO staat er ook bekend om dat die daarop reageert en de dossiers in laat zien. Het wordt dus ook al gebruikt door studenten. In die zin is de motie overbodig. Ik deel het belang dat wij dossiers delen, maar dat kan dus. Dat is ingebakken in de hele procedure.

De voorzitter:
Afrondend, meneer Ergin.

De heer Ergin (DENK):
Ik zie dat de minister haar appreciatie niet gaat wijzigen, maar ik zou toch graag willen benadrukken dat het een ander verzoek is dan hetgeen nu al mogelijk is. Nu kan je bij alle overheidsinstanties de relevante stukken opvragen. Alleen, het is de vraag of een relevant stuk ook een stuk is dat op de zaak betrekking heeft. We hebben bij de hersteloperatie toeslagen gezien dat dit voor de overheid niet altijd een eenduidige definitie is. Daarom zou ik voor deze groep studenten graag een andere zoekslag willen. Dat vraag ik eigenlijk met deze motie. Ik ga hier zeker nog op terugkomen, want ik voorzie nu al dat we binnen de kortste keren een discussie hebben over studenten die dossiers opvragen en dat die dossiers niet geheel worden verstrekt.

Minister Letschert:
Ik ga graag met u opnieuw in gesprek als er obstakels zijn.

De voorzitter:
De minister vervolgt haar betoog.

Minister Letschert:
Dan ga ik door met de motie op stuk nr. 1248, met het verzoek om de nieuwe fraudeaanpak extern te laten toetsen. In het debat heb ik aangegeven dat OCW en DUO bezig zijn met het ontwikkelen van een nieuw controleproces voor de uitwonende beurs. Eerder is er al een motie door uw Kamer aangenomen over het nieuwe selectiealgoritme laten toetsen door een onafhankelijke instantie. Ik ben bereid om het volledig nieuwe controleproces extern te laten toetsen zodra dat er is. Deze motie geef ik dus graag oordeel Kamer.

Dan ga ik meteen door naar de motie op stuk nr. 1249, over de ministersplaatsen. Daar hebben we in het debat best wel een tijdje bij stilgestaan. Ik heb aangegeven dat wij uw zorgen over het tekort aan zorgprofessionals in het Caribisch deel van ons Koninkrijk, begrijpen. Ik heb ook aangegeven dat we, als vervolg op de eerdere motie, inzetten op de brede integrale aanpak, om die tekorten daadwerkelijk aan te pakken. Dat gaat niet alleen over instroom, maar ook over doorstroom en terugkeer. We hebben de Kamer in december een brief daarover gestuurd. Ik wil heel graag het totaalpakket dat we hebben ingericht, volgen en evalueren. Dan zullen we over drie jaar de effectiviteit van de gehele aanpak kunnen toetsen. Indien nodig komen de gereserveerde plaatsen voor de Caribische studenten weer op tafel, maar voor nu zou ik deze motie willen ontraden.

Dan ga ik door met de motie over de samenwerking tussen … Nee, dat was een vraag, geen motie. Excuus. Dat was een vraag van de heer De Beer van de VVD over het verbeteren van de samenwerking tussen het mbo, het hbo en het wo. Er is een soort stimulansregeling geweest die de samenwerking tussen de hogescholen, de universiteiten en de mbo's incentiveerde. Die was met name gericht op regionale samenwerking. Dat wordt op dit moment geëvalueerd. De uitkomsten hiervan deel ik voor de zomer met u. Op basis van deze evaluatie kunnen we met elkaar bespreken hoe we die samenwerking eventueel moeten verbeteren. In het debat met u heb ik ook gedeeld dat wij de intentie van het kabinet om ook op de regionale campussen meer samenwerking te stimuleren en ook in de talentstrategie, waarvoor dit heel belangrijk gaat zijn, ook als het over doorstroom gaat, absoluut mee gaan nemen.

Dan wacht ik even, want er is een interruptie.

De heer De Beer (VVD):
Heel kort. Het ging mij met name om het punt hoe het onderwijs te stimuleren ook de samenwerking met het mbo aan te gaan. Als u dat mee wil nemen, ben ik helemaal blij.

Minister Letschert:
Die stimulansregeling gaat specifiek over de samenwerking van hogescholen en universiteiten met mbo's. Die middelen moeten dus ook daarvoor worden ingezet. Die regeling wordt geëvalueerd.

Dan ga ik door naar de motie op stuk nr. 1250, die gaat over het beperken van de visitatiefrequentie. Daar hebben we ook een mooi gesprek over gevoerd in het vorige debat. Ik zou deze motie graag oordeel Kamer willen geven, waarbij ik nog wel wil benadrukken dat we op dit moment onderzoek aan het doen zijn naar de concrete opties voor de verbetering van het kwaliteitszorgstelsel. Daarbij kijken we dus ook naar de mogelijkheden voor instellingen om meer ruimte te krijgen. De verruiming van de accreditatietermijn, zoals de heer Boomsma noemt, zou een mogelijkheid kunnen zijn, maar ik zou dit onderzoek echt eerst willen aflopen. Ik geef de motie dus oordeel Kamer.

Dan ga ik door naar de motie op stuk nr. 1251, ook van JA21. Die verzoekt een proactief aanbod voor schadevergoeding beschikbaar te stellen aan mensen die ten onrechte zijn aangewezen als fraudeur. Deze ga ik ontraden. Ik heb in het debat aangegeven dat we niet weten wie wel of niet daadwerkelijk gefraudeerd heeft, want ook bij hen is de privacy geschonden door het gebruik van het selectiemodel. Dát was onrechtmatig, en die schade moeten we vergoeden. Die is dus ontraden.

Ik ga naar de motie op stuk nr. 1252 over de landelijke minimumnormen voor de bezettingen. Ook deze motie ga ik ontraden. Het is heel bewust dat de bevoegdheid om in te grijpen lokaal ligt, bij de instellingen en bij de driehoek, die dan gaan fungeren als een vierhoek. De bevoegdheid moet daar ook blijven. Daarom ontraad ik deze motie.

Dan ga ik door naar het veelbesproken thema in de motie op stuk nr. 1253, rondom de taalgids in het ministerie. De motie vraagt of wij de taalgids willen intrekken. Er is eigenlijk niks in te trekken; de gids was een hulpmiddel en geen verplichting. Volgens mij heeft onze staatssecretaris in het vragenuurtje ook al gezegd dat wat ons betreft de gids in de kast mag. De gids is ook niet meer te vinden op het rijksportaal. Volgens mij hebben we daarmee genoeg gezegd over de taalgids, dus ik zou 'm ontraden.

Dan ga ik door met de motie op stuk nr. 1254 om het onderzoeksgeld niet meer via NWO, maar rechtstreeks aan de instellingen te verstrekken. Ook deze motie moet ik ontraden. NWO heeft een wettelijke taak, een heel belangrijke taak, om de kwaliteit, vernieuwing en samenwerking in de wetenschap te borgen. De financiering vanuit NWO is niet ideologisch gedreven. Deze motie ga ik dus ontraden.

Dan ga ik naar de een-na-laatste motie, die op stuk nr. 1255, van Forum voor Democratie, rondom de bijzondere leerstoelen bij de NCTV. Het is goed dat er bijzondere leerstoelen zijn. Die zorgen vaak voor verbinding tussen de wetenschap en de maatschappij binnen de geldende kaders die er zijn, zoals de gedragscode wetenschappelijke integriteit en alle checks-and-balances rondom het peerreviewsysteem. Ik ga deze motie dus ontraden.

De heer Van Houwelingen (FVD):
Ik heb daar toch een korte vraag over. Ziet de minister dan niet het probleem dat we nu een NCTV hebben die, in mijn ogen, allerlei dubieuze opvattingen legitimeert op basis van "de wetenschap", wat dus eigenlijk NCTV-wetenschap is? Er zijn namelijk NCTV-leerstoelen waar NCTV-wetenschappers op zitten. Dat is toch een heel dubieuze figuur? Dat zouden we toch niet moeten willen?

Minister Letschert:
Nee, dat zie ik niet zo.

De voorzitter:
Afrondend.

De heer Van Houwelingen (FVD):
Oké. Ik probeer het even wat abstracter te maken. Stel dat in een ander land de veiligheidsdienst z'n beleid om mensen te onderzoeken baseert op wetenschappelijk onderzoek dat diezelfde veiligheidsdienst aan universiteiten doet. Zou de minister dat dan ook geen vreemde gang van zaken vinden? Stel je bijvoorbeeld voor dat de FSB in Rusland leerstoelen financiert en op basis van de uitkomsten van die leerstoelen zijn beleid rechtvaardigt. Dat is dan ook niet vreemd, of zo?

Minister Letschert:
Zoals ik net zei, hebben we voldoende checks-and-balances binnen onze wetenschap die voorkomen dat het scenario zoals de heer Van Houwelingen dat hier schetst, gerealiseerd wordt.

Ik ga naar de motie op stuk nr. 1256, meneer de voorzitter. Dat is de laatste motie. Die gaat over studiefinanciering voor Caribisch-Nederlandse studenten. Ik heb ook in het debat aangegeven waarom deze studenten deze prestatiebeurs krijgen en welk bedrag erbij hoort. Studenten uit Caribisch Nederland moeten vaak verhuizen en maken andere kosten dan de studenten die in Europees Nederland kunnen studeren. Deze motie ga ik dus ontraden, ook met verwijzing naar het debat.

De voorzitter:
Dank u wel. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van dit tweeminutendebat.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:
We gaan dinsdag 21 april aanstaande over de ingediende moties stemmen.

We gaan helaas nog niet schorsen voor de lunch. We doen nog twee tweeminutendebatten voor de lunch, maar niet met deze minister. Zij is verontschuldigd; hartelijk dank. We gaan ook even wisselen van voorzitter. Een van de redenen is dat er nog een tweeminutendebat Raad Buitenlandse Zaken is en er gestemd moet worden. Dat doen we na de lunch. We schorsen een ogenblik en daarna gaan we verder met het tweeminutendebat (Veiligheids)situatie op de buslijnen in Ter Apel.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.