[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [woo/oo]←NIEUW! [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is opentk.nl?]

Reactie op het verzoek van het lid Bikker, gedaan tijdens de Regeling van Werkzaamheden van 24 maart 2026, over het bericht ‘Abortuspil nu online verkrijgbaar: 'Praktische problemen weg'’

Brief regering

Nummer: 2026D18520, datum: 2026-04-17, bijgewerkt: 2026-04-17 14:31, versie: 1

Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen: Bijlagen:

Onderdeel van zaak 2026Z08272:

Preview document (🔗 origineel)


> Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag

De Voorzitter van de Tweede Kamer

der Staten-Generaal

Postbus 20018

2500 EA DEN HAAG

Datum 17 april 2026

Betreft Verzoek Kamerbrief over het bericht ‘Abortuspil nu online verkrijgbaar: 'Praktische problemen weg'

Geachte voorzitter,

Op 24 maart 2026 heeft de Kamer in de Regeling van Werkzaamheden verzocht om een brief over het online platform thuisabortus.nl. Hierbij is nadrukkelijk verzocht om uitleg te geven over hoe dit platform in verhouding staat tot de wetgeving, de positie van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en het Openbaar Ministerie (OM). Met deze brief komt het kabinet aan dat verzoek tegemoet. Recent zijn ook Kamervragen beantwoord over dit onderwerp, namelijk de vragen van de leden Diederik van Dijk (SGP) c.s.1 en de vragen van het lid Van Meijeren (FvD) op 15 april 20262.

Inleiding

Het kabinet staat pal voor goede en toegankelijke abortuszorg. Vrouwen die abortuszorg nodig hebben in Nederland verdienen zorg en hulpverlening van hoge kwaliteit, waarbij alle wettelijke zorgvuldigheidseisen worden nageleefd. In Nederlandse abortusklinieken en in huisartsenpraktijken worden vrouwen heel zorgvuldig begeleid en behandeld. Op basis van wat nu bekend is, is het de vraag of diezelfde zorgvuldigheid kan worden geboden via een website als thuisabortus.nl. De signalen over thuisabortus.nl neemt het kabinet daarom serieus. Daarom heeft het kabinet dit initiatief direct bij de IGJ onder de aandacht gebracht. Inmiddels heeft de IGJ bekendgemaakt dat zij, naar aanleiding van verschillende signalen, een onderzoek is gestart. Zodra er relevante ontwikkelingen zijn rond het initiatief, of zodra het kabinet iets kan zeggen over het onderzoek van de IGJ, zal de Kamer daarover worden geïnformeerd.

Wat is thuisabortus.nl?

Op maandag 23 maart 2026 is thuisabortus.nl van start gegaan. Dit is een initiatief van een groep (huis)artsen en stichting Ava. Via thuisabortus.nl kunnen vrouwen online een recept voor abortusmedicatie verkrijgen. Zij vullen eerst een aanvraagformulier in met vragen over hun zwangerschap en gezondheid. Een arts bekijkt de informatie en stelt soms aanvullende vragen of vraagt soms om een echo. Na een positieve beoordeling van de aanvraag kan de arts een recept naar een door de vrouw gekozen apotheek sturen. Op de website van thuisabortus.nl staat aanvullende informatie voor vrouwen, bijvoorbeeld over hoe de medicatie gebruikt moet worden.

Juridische context

Zoals eerder door de voormalig voor Medische Zorg toegelicht, geldt in het algemeen dat de Geneesmiddelenwet en de Wet afbreking zwangerschap (Wafz) abortuszorg op afstand niet expliciet uitsluiten.3 Hoewel in artikel 67 van de Geneesmiddelenwet een verbod staat om geneesmiddelen voor te schrijven aan personen die de voorschrijver nog nooit persoonlijk heeft ontmoet, geldt er sinds 12 april 2023 met de Beleidsregel voorschrijven via internet gedoogbeleid.4 Volgens de beleidsregel mogen zorgverleners, onder bepaalde voorwaarden, medicatie voorschrijven na contact met de patiënt via internet. Dit gedoogbeleid is van kracht totdat de Geneesmiddelenwet op dit punt definitief is aangepast. De beleidsregel stelt als voorwaarden 1) dat een fysiek consult of onderzoek om te bepalen of het geneesmiddel moet worden voorgeschreven niet nodig is en 2) dat de voorschrijver beschikt over de geactualiseerde medicatiehistorie van de patiënt en die voor zover nodig raadpleegt.

Het is aan abortuszorgverleners om te beoordelen of en hoe abortuszorg op afstand verantwoord kan worden verleend. Op grond van de bovengenoemde beleidsregel moeten zij hierbij de afweging maken of een fysiek consult of onderzoek (bijvoorbeeld een echo) in een specifiek geval al dan niet noodzakelijk is. Daarnaast moeten zij zich uiteraard houden aan de Wafz, het bijbehorende Besluit afbreking zwangerschap (Bafz) en andere wet- en regelgeving die ziet op goede en veilige zorg. In de Wafz en het Bafz worden onder meer zorgvuldigheidseisen beschreven over hulpverlening, besluitvorming, informatievoorziening en nazorg bij een abortus.

Zo staat in artikel 5, tweede lid, sub b van de Wafz:

dat de arts, indien de vrouw van oordeel is dat haar noodsituatie niet op andere wijze kan worden beëindigd, zich ervan vergewist dat de vrouw haar verzoek heeft gedaan en gehandhaafd in vrijwilligheid, na zorgvuldige overweging en in het besef van haar verantwoordelijkheid voor ongeboren leven en van de gevolgen voor haarzelf en de haren.

Omdat thuisabortus.nl geen standaard gesprek of consult aanbiedt, ook niet telefonisch of via een videogesprek, is één van de vragen die zich voordoet of die werkwijze past binnen het hierboven genoemde wettelijke kader van de Wafz en het Bafz.

Naast de Geneesmiddelenwet, de Wafz en het Bafz is ook wet- en regelgeving over goede zorg van toepassing. Zo moeten zorgverleners voldoen aan de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) en de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG). Deze wetten zijn er onder andere voor bedoeld om zorgaanbieders te verplichten tot het leveren van goede zorg en om patiënten te beschermen tegen onzorgvuldig handelen van zorgverleners.

Toezicht en handhavingsinstrumenten

Zoals gezegd, is het de vraag of het online platform thuisabortus.nl past binnen de geldende zorgvuldigheidseisen die worden voorgeschreven in de wet- en regelgeving. Het is echter niet aan het kabinet om te concluderen of er daadwerkelijk in strijd met de wet- en regelgeving wordt gehandeld. De IGJ ziet als onafhankelijk toezichthouder toe op de naleving van de wet- en regelgeving. Hoe de IGJ het toezicht precies vormgeeft, bepaalt zij zelf.

In algemene zin geldt dat de IGJ een aantal handhavingsinstrumenten ter beschikking heeft als er in strijd met de Wafz of met andere wet- en regelgeving wordt gehandeld. De IGJ kan een bestuurlijke boete opleggen als de registratieplicht van de Wafz of de voorwaarden in de Beleidsregel voorschrijven via internet niet worden nageleefd. Op grond van de Wafz zijn artsen die een zwangerschapsafbreking verrichten verplicht om hierover gegevens te registreren en deze te rapporteren aan de IGJ. Op grond van de Wkkgz kan de IGJ een schriftelijke aanwijzing geven. Daarin wordt aangegeven op welke punten geen sprake is van ‘goede zorg’ en welke maatregelen de zorgaanbieder moet nemen. De IGJ kan onder bepaalde voorwaarden een bevel geven. De zorgaanbieder is verplicht daar onmiddellijk aan te voldoen. Als een arts niet handelt conform de beroepsrichtlijnen, kan de IGJ de arts voordragen bij een tuchtrechter. De tuchtrechter kan een tuchtrechtelijke maatregel opleggen, waaronder een waarschuwing of schorsing van de registratie als arts.

In het verzoek tijdens de Regeling van Werkzaamheden is ook gevraagd om uitleg over de positie van het OM. Het strafrecht is geen voor de hand liggend handhavingsinstrument in deze kwestie. Het OM heeft zich in het verleden uitsluitend gericht op ernstige misbruiksituaties, zoals gedwongen zwangerschapsafbrekingen door een partner (niet-arts). Als een arts mogelijk handelt in strijd met de Wafz, ligt handhaving in de eerste plaats bij de IGJ.

Tot slot

Het is duidelijk dat er op dit moment nog veel vragen zijn, waar we het liefst zo snel mogelijk een antwoord op hebben. Het is echter niet mogelijk om vooruit te lopen op de uitkomsten van het onderzoek van de IGJ. Zoals eerder benoemd in deze brief, zal de Kamer worden geïnformeerd zodra het kabinet iets kan zeggen over het onderzoek van de IGJ.

Hoogachtend,

de minister van Volksgezondheid,

Welzijn en Sport,

Sophie Hermans


  1. Aanhangsel Handelingen II 2025/26, nr. 1624.↩︎

  2. Aanhangsel Handelingen II 2025/26, nr. 1626.↩︎

  3. Aanhangsel Handelingen II 2023/24, nr. 1361.↩︎

  4. De beleidsregel is een voorzetting van het gedoogbeleid dat de IGJ tijdens de COVID-pandemie toepaste en waarmee goede ervaringen zijn opgedaan.↩︎