Het afbouwen van de afhankelijkheid van kunstmest en het versnellen van de inzet van RENURE
Schriftelijke vragen
Nummer: 2026D18556, datum: 2026-04-17, bijgewerkt: 2026-04-17 15:43, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Krijg melding als deze vragen beantwoord worden:
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: J.B. Lohman, Tweede Kamerlid (CDA)
- Mede ondertekenaar: J.C. Koorevaar, Tweede Kamerlid (CDA)
Onderdeel van zaak 2026Z08247:
- Gericht aan: J. van Essen, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
- Voortouwcommissie: TK
Preview document (🔗 origineel)
(ingezonden 17 april 2026)
Vragen van de leden Lohman en Koorevaar (beiden CDA) aan de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur over het afbouwen van de afhankelijkheid van kunstmest en het versnellen van de inzet van RENURE.
Kunt u aangeven hoeveel stikstofkunstmest (in tonnen Nitraat) Nederland jaarlijks importeert, welk aandeel daarvan direct of indirect afkomstig is uit de Golfregio en hoe de blokkade van de Straat van Hormuz de prijs van gangbare kunstmeststoffen op de Nederlandse markt heeft beïnvloed?
Deelt u de inschatting van de brancheorganisatie Meststoffen Nederland dat er op dit moment geen tekorten zijn dankzij de Europese productiecapaciteit? Hoe beoordeelt u de houdbaarheid hiervan indien de Hormuz-blokkade voortduurt?
Deelt u de opvatting dat leveringszekerheid van kunstmest een strategisch belang is dat vraagt om het behoud van sterke Europese productiecapaciteit en ziet u in RENURE-technologie en circulaire mestverwerking een aanvullend instrument om de Nederlandse landbouw structureel minder kwetsbaar te maken voor geopolitieke verstoringen?
Welke concrete stappen zet u om de toepassing van RENURE (verwerkte dierlijke mest als kunstmestvervanger) te versnellen zodat de Nederlandse landbouw minder afhankelijk wordt van geïmporteerde stikstofkunstmest?
In hoeverre heeft Nederland zich in Brussel ingezet voor snellere Europese erkenning van RENURE-producten als volwaardige kunstmestvervanger onder de EU Fertilising Products Regulation?