36915-IV Verslag houdende een lijst van vragen en antwoorden over de Wijziging van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)
Verslag houdende een lijst van vragen en antwoorden
Nummer: 2026D18572, datum: 2026-04-17, bijgewerkt: 2026-04-17 16:10, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: A.N. Biekman, voorzitter van de vaste commissie voor Koninkrijksrelaties (D66)
- Mede ondertekenaar: A.E.A.J. Hessing-Puts, griffier
- Aanbiedingsbrief
- Beslisnota bij het verslag houdende een lijst van vragen en antwoorden over de Wijziging van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)(Kamerstuk 36915-IV)
Onderdeel van zaak 2026Z08296:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Koninkrijksrelaties
- 2026-04-22 13:00: Procedurevergadering Koninkrijksrelaties (Procedurevergadering), vaste commissie voor Koninkrijksrelaties
Preview document (š origineel)
36915-IV Wijziging van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota)
nr. Lijst van vragen en antwoorden
Vastgesteld (wordt door griffie ingevuld als antwoorden er zijn)
De vaste commissie voor Koninkrijksrelaties heeft een aantal vragen voorgelegd aan de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties over de brief van 2 april 2026 houdende de Wijziging van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H) voor het jaar 2026 (wijziging samenhangende met de Voorjaarsnota) (36915-IV, nr. 1).
De daarop door de staatssecretaris gegeven antwoorden zijn hierbij afgedrukt.
Voorzitter van de commissie,
Biekman
Griffier van de commissie,
Hessing-Puts
Vraag 1 Welke middelen zijn er binnen de begroting vrijgemaakt voor het oplossen van de problemen rondom Selibon? Is dit voldoende om sluiting van de vuilstort te realiseren? Zo nee, hoeveel extra middelen zijn nodig? De staatssecretaris van BZK geeft in afstemming met IenW momenteel uitvoering aan de motie Ceder (ChristenUnie)/van der Burg (VVD) om voor 1 juli een gedragen (financieel) plan aan te leveren voor een structurele oplossing van Selibon Lagun [Kamerstukken II 2025/2026, 36800 IV, nr. 38]. Het ministerie van BZK vervult daarbij een coördinerende en regisserende rol, passend bij de verantwoordelijkheid voor goed bestuur, interbestuurlijke verhoudingen en de samenhang in het Rijksoptreden richting Caribisch Nederland Het ministerie van IenW (de staatssecretaris van IenW) is stelselverantwoordelijk voor milieu en duurzame leefomgeving, waaronder kaderstelling afval. Het ministerie van EZK (de minister van KGG) is beleidsverantwoordelijk voor circulariteit en grondstoffenbeleid. In het tweeminutendebat Selibon van 4 maart heeft de staatssecretaris van IenW toegezegd terug te komen op de rolverdeling tussen de minister van KGG en haarzelf. Er zijn bij de voorjaarsbesluitvorming binnen de begroting Koninkrijksrelaties geen middelen vrijgemaakt voor het oplossen van de problematiek rond Selibon. Uw Kamer wordt over de aanpak uiterlijk in het derde kwartaal van 2026 nader geïnformeerd. |
||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Vraag 2 Wanneer worden de wetsvoorstellen WolBES en FinBES naar de Kamer gestuurd? Het streven is het Herzieningswetsvoorstel in de zomer voor advies voor te leggen aan de Raad van State. |
||||||||||
Vraag 3 Bonaire is voornemens in september de eerste busverbinding te operationaliseren. De eilandsraad van Bonaire heeft in december 2025 akkoord gegeven op het oprichten van een NV die de integrale mobiliteits- en gebiedsontwikkelingsstrategie gaat uitvoeren. Hierbij wordt de uitvoering van openbaar vervoer, mobiliteit en gebiedsontwikkeling, aan elkaar verbonden. |
||||||||||
Vraag 4 (blz. 4) Waarom ontbreekt bij de 1e suppletoire begroting Koninkrijksrelaties en BES-fonds het integraal overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland n.a.v. de motie Bruyning c.s. (Kamerstuk 36600-IV, nr. 19)? Bent u bereid dit integraal overzicht, net zoals bij de ontwerpbegroting 2026, als bijlage aan de 1e suppletoire begroting Koninkrijksrelaties en BES-fonds toe te voegen, zodat de Kamer een integraal overzicht heeft in de Voorjaarsbesluitvorming aangaande Caribisch Nederland? De Rijksbegrotingsvoorschriften 2026 schrijven voor dat de bijlage āTotaaloverzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederlandā moet worden opgenomen in de begroting en het jaarverslag van Koninkrijksrelaties. De suppletoire begrotingen zijn hiervan uitgezonderd. Bij het jaarverslag 2025 van Koninkrijksrelaties ontvangt uw Kamer een nieuwe tabel met daarin de realisatiecijfers over 2025 en bij Prinsjesdag in de ontwerpbegroting 2027 een bijgewerkte raming van de jaren 2026 tot en met 2031. |
||||||||||
Vraag 5 (blz. 4) Ja, dat is het geval. Het uitgangspunt is dat het kabinet nieuw beleid in Europees Nederland ook invoert in Caribisch Nederland volgens het ācomply or explainā principe. Bij de koopkrachtbesluitvorming in augustus wordt dus ook het belang van Caribisch Nederland meegewogen. |
||||||||||
Vraag 6 (blz. 4) In de eerste suppletoire begroting van het ministerie van SZW over 2026 is ⬠0,1 mln. per jaar gereserveerd voor de verhoging van de babytoeslag voor kinderopvangorganisaties in Caribisch Nederland. Aangezien het een geringe mutatie is (onder de staffelgrens), is dit niet afzonderlijk toegelicht. Uw Kamer wordt hier binnenkort over geïnformeerd middels een Kamerbrief van de minister van SZW. |
||||||||||
Vraag 7 (blz. 6) Deze overboeking heeft in 2025 per abuis niet plaatsgevonden en is 2026 in overleg met het RST en het ministerie van Justitie en Veiligheid, budgettair verwerkt in deze eerste suppletoire begroting. |
||||||||||
Vraag 8 (blz. 6) De leningen uit 2010 met CuraƧao met een rente van 2,875% (uitstaand bedrag in euro's: 147,5 mln.) en met Sint Maarten (uitstaand bedrag in euro's: 31,5 mln.) met een rentepercentage van 2,75% lopen in 2030 af. Dit zijn aflossingsvrije leningen, waarbij is overeengekomen dat het uitstaande bedrag aan het einde van de looptijd in ƩƩn keer moet worden terugbetaald. Dit leidt in 2030 tot een hoger verwacht aflossingsbedrag dan
gebruikelijk, in totaal wordt in 2030 ⬠258,6 mln. aan aflossing
kapitaalleningen verwacht, waarvan er al ⬠72,8 mln. in de begroting was
opgenomen. Dit komt neer op een totale bijstelling van ā¬185,8 mln. |
||||||||||
Vraag 9 (blz. 7) De afspraken over aflossingen verschillen per lening, soms wordt jaarlijks afgelost, soms na een aflossingsvrije periode en soms aan het eind van de looptijd. Dit wordt afgestemd op het doel van de lening en de financiƫle draagkracht van de overheid van het land. Jaarlijks worden de ontvangsten uit aflossingen opnieuw geraamd op basis van de meest recente gegevens. Per abuis heeft de meerjarige bijstelling vorig jaar voor begrotingjaar 2029 en verder niet plaatsgevonden. Vanaf 2029 lopen een aantal aflossingsvrije leningen af, waardoor het te verwachten aflossingsbedrag naar boven is bijgesteld. Daarnaast zijn de ontvangsten in de begroting herzien aan de hand van de begrotingskoers van het lopende jaar. Dit leidt tot een negatieve correctie over alle jaren binnen de begrotingshorizon, omdat de begrotingskoers van 2025 naar 2026 is gewijzigd van XCG/AWG : EUR 0,51 naar 0,49 eurocent. Vanaf 2029 is dit echter niet zichtbaar vanwege de omvangrijke positieve bijstelling als gevolg van het aflopen van de aflossingsvrije leningen. |
||||||||||
Vraag 10 (blz. 7) De verwachte ontvangsten worden jaarlijks verwerkt met de Voorjaarsnota, het opnemen van deze gegevens in de Ontwerpbegroting is te vroeg. De begrotingskoers waartegen de aflossingen worden geraamd, wordt na het publiceren van de Ontwerpbegroting bekend gemaakt. |
||||||||||
Vraag 11 (blz. 7) De ⬠58,9 mln. heeft alleen betrekking op het bijstellen van de renteontvangsten van de leningen van Aruba, Curaçao en Sint Maarten. De renteontvangsten worden jaarlijks alleen voor het lopende jaar, in dit geval 2026, bijgesteld. De samenstelling van de bijstelling is als volgt:
|
||||||||||
Vraag 12 (blz. 7 t/m 18) Zal de wisselkoers afhankelijk van de omstandigheden gedurende het begrotingsjaar 2026 nog een aantal keren worden aangepast, nu in het wetsvoorstel verhoging aantal eilandraadsleden en eilandgedeputeerden (Kamerstuk 36867) een andere wisselkoers werd gehanteerd? De wisselkoers wordt slechts ƩƩn keer per jaar aangepast via de zogeheten begrotingskoers. De financiĆ«le onderbouwing van het wetsvoorstel is gebaseerd op de begrotingskoers over 2025. De daarvoor gereserveerde middelen op de begroting (in euroās) zullen jaarlijks aangepast worden naar de begrotingskoers van het jaar in kwestie: voor 2026 de begrotingskoers over 2026. Uitgangspunt is dat het bedrag in dollars voor de openbare lichamen op jaarbasis niet verandert. Voor een nadere toelichting op hantering van de wisselkoers bij het genoemde wetsvoorstel verwijs ik u naar de beantwoording op de door u gestelde vragen over dit wetsvoorstel [Kamerstukken II 2025/2026, 36867, 2026Z07575, p. 15-20]. |
||||||||||
Vraag 13 (blz. 8 t/m 9) Waar in de begrotingstabel van de eerste suppletoire JenV zijn de overboekingen vanuit de begroting Koninkrijksrelaties terug te vinden? In de eerste suppletoire begroting van het ministerie van Justitie en Veiligheid is de overboeking voor de ondermijningsmiddelen die beschikbaar zijn voor het Recherche Samenwerkingsteam (RST) te vinden onder post 5 (pagina 6) van tabel 1 met de belangrijkste uitgaven- en inkomstenmutaties. De overboekingen voor het Openbaar Ministerie en het Gemeenschappelijk Hof zijn te vinden in de toelichting op tabel 5 (pagina 14) onder 32.3 'Optimale randvoorwaarden doelmatig en doeltreffend rechtsbestel'. |
||||||||||
Vraag 14 (blz. 8 t/m 11) Zijn de actieplannen bewustwording, betrokkenheid en doorwerking Slavernijverleden van de eilanden bekend gemaakt aan het de Tweede Kamer? Zo ja, bij welke gelegenheid? Zo nee, wanneer krijgt de Kamer daar inzicht in? De inhoudelijke plannen van de actieagendaās zijn niet bekend gemaakt aan de Tweede Kamer. Dit omdat de plannen worden uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van de lokale overheden van Aruba, Bonaire, CuraƧao, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten; het is dus aan hen om de inhoud al dan niet openbaar te maken of te delen. |