Voortgang Natuurherstelverordening
Brief regering
Nummer: 2026D18667, datum: 2026-04-17, bijgewerkt: 2026-04-17 17:08, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: J. van Essen, minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
- Tauw - Notitie Reikwijdte en Detailniveau voor het planMER Natuurplan
- Beslisnota bij Kamerbrief Voortgang Natuurherstelverordening
Onderdeel van zaak 2026Z08329:
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
- 2026-05-20 11:15: Procedurevergadering Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (Procedurevergadering), vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Preview document (🔗 origineel)
Geachte Voorzitter,
Nederland heeft een unieke natuur, van de Wadden en de Veluwe tot onze rivieren en polders. Die willen we sterk en gezond doorgeven aan volgende generaties. Natuur is onmisbaar: ze zorgt voor schoon drinkwater, vruchtbare grond voor boeren, voldoende water, schone lucht en verkoeling in de stad. Tegelijkertijd staat onze natuur onder druk door droogte, versnippering van natuurgebieden, stikstof en vervuild water. Veel planten- en diersoorten hebben het moeilijk of worden zelfs met uitsterven bedreigd. Dat raakt ons allemaal, want de typisch Nederlandse natuur waar we zo trots op zijn, willen we niet verliezen. Gezonde natuur is goed voor iedereen. Daarom werken we aan herstel en voorkomen we verdere achteruitgang.
Sinds 18 augustus 2024 is de Europese Natuurherstelverordening (NHV) van kracht. Deze verordening werkt direct door in Nederlandse wetgeving en brengt nieuwe natuurherstel-verplichtingen met zich mee. In het coalitieakkoord is afgesproken dat het kabinet de verordening uitvoert. Het kabinet beperkt zich bij de implementatie en uitvoering van de NHV tot de noodzakelijke maatregelen om te voldoen aan de eisen van de verordening, in overeenstemming met de motie Van Campen.1 Bij de inzet voor het uitvoeren van de Natuurherstelverordening wordt, binnen de bestaande wettelijke kaders, ook een bredere afweging gemaakt met andere belangen zoals economie en ruimte.
De NHV geeft verplichtingen voor ecosystemen op land, aan de kust, in zoetwater, bos, landbouwgebieden, rivieren, steden en in de zee. Ook zijn er specifieke doelstellingen voor bijen en andere bestuiverpopulaties. De verordening staat niet op zichzelf, maar bouwt voort op bestaande wetgeving (Vogel- en Habitatrichtlijnen, Kaderrichtlijn Water, Kaderrichtlijn Mariene Strategie). Samen met mede departementen en medeoverheden werken we nu aan de invoering.
In de kamerbrief over de voortgang implementatie Natuurherstelverordening2 van 25 maart 2025, heb ik u eerder geïnformeerd over onder andere het in kaart brengen van de opgave, het opzetten van additionele natuurmonitoring en de tijdlijn om te komen tot het Natuurplan3. Opvolgend is in september 2025 het Programmaplan Natuurherstelverordening4 met uw kamer gedeeld, waarin de te doorlopen stappen staan om te komen tot een Natuurplan. Vooruitlopend op het eerste Ontwerp-Natuurplan, dat rond de zomer verschijnt, informeer ik uw kamer via de brief over de voortgang.
Europese lidstaten moeten uiterlijk 1 september 2026 een
Ontwerp-Natuurplan indienen bij de Europese Commissie (EC). Een
definitief Natuurplan moet vervolgens uiterlijk op 1 september 2027
worden ingediend. Om effectief uitvoering te kunnen geven aan dat het
Natuurplan, moet vanaf dan ook de uitvoeringswetgeving gereed zijn en
moeten er bestuurlijke afspraken zijn gemaakt.
In deze brief komen de volgende onderwerpen aan bod:
Stand van zaken Ontwerp-Natuurplan,
Stand van zaken monitoring,
Stand van zaken plan-MER,
Stand van zaken wetgeving,
Stand van zaken wederkerige bestuurlijke afspraken,
Betrokkenheid stakeholders.
Stand van Zaken Ontwerp-Natuurplan
Deze zomer deel ik het Ontwerp-Natuurplan met uw kamer. Het Ontwerp-Natuurplan maakt inzichtelijk welke strategische richting wordt gekozen en welke instrumenten in beeld zijn om de doelen van de NHV te realiseren. Het laat de strategische keuzes zien: wat willen we bereiken, langs welke lijnen en met welke beleidsmatige inzet. Het definitieve Natuurplan vormt de volgende stap en heeft een ander detailniveau. In het definitieve plan worden de in het Ontwerp vastgelegde strategische keuzes vertaald naar additionele en concrete maatregelen met de bijbehorende financiering. De kernwaarden ‘samen’ en ‘realistisch’ dienen als leidraad bij het maken van strategische keuzes en het vormgeven van het proces om tot een gedragen Natuurplan te komen.
In het Natuurplan wordt, in lijn met vereisten uit de verordening, de
huidige staat van de Nederlandse natuur in kaart gebracht, gebaseerd op
de best beschikbare en meest recente wetenschappelijke kennis. Ook zal
ik, voor zover op dat moment mogelijk is, inzicht geven in de nationale
opgave tot 2030 en wat nodig is om de natuur te herstellen. Uit het
Impact Assessment5 van de NHV blijkt dat er sprake is
van een forse opgave voor de natuur in Nederland. Om deze opgave in te
vullen, kijken we eerst naar wat er op dit moment al gebeurt,
bijvoorbeeld in de stikstofaanpak, het programma Natuur en agrarisch
natuurbeheer. Daarnaast zal ik een doorkijk geven op hoofdlijnen voor de
opgave tot 2040 en 2050.
Waar de huidige aanpak niet voldoende is om te komen tot doelbereik, scherpen we beleid aan of maken we aanvullende keuzes om natuur beter te herstellen en te beschermen. Een belangrijk onderdeel van het definitieve Natuurplan is het maatregelenpakket dat wordt uitgewerkt ter uitvoering van het coalitieakkoord, waarvoor het kabinet een investering van €20 miljard tot en met 2035 heeft opgenomen. Het maatregelenpakket zal landen in het definitieve natuurplan. De kabinetsinzet wordt onder regie van de ministeriële taskforce Landbouw, Natuur & Stikstof uitgewerkt en deze heeft daarvoor een duidelijke opdracht meegekregen.6
Ik stuur op samenhang tussen de maatregelen die worden uitgewerkt onder de taskforce en de doelstellingen van de NHV. De gecombineerde inzet uit alle pijlers van deze taskforce heeft tot doel om een grote bijdrage aan natuurherstel te leveren. Het nemen van robuuste maatregelen is nodig om verdere juridificering te voorkomen. Sommige maatregelen zullen landelijk worden uitgewerkt, andere richten zich op specifieke gebieden. Over de verdere uitwerking van de taskforce Landbouw, Natuur & Stikstof bent u geïnformeerd in de kamerbrief over de opzet van de taskforce.
De inzet op natuurherstel en de maatregelen die volgen uit de taskforce zullen ook ruimtelijke implicaties hebben. Deze worden in samenhang met de bredere ruimtelijke opgaven opgenomen in de Nota Ruimte.
Ook zal worden bekeken of het landelijke uitvoeringsprogramma voor de structurele stikstofaanpak kan worden geïntegreerd in het Natuurplan, mede in het licht van de verplichtingen die voortvloeien uit de Natuurherstelverordening. Dit programma omvat zowel bronmaatregelen gericht op het terugdringen van stikstofuitstoot als natuurmaatregelen voor natuurherstel. Dit draagt bij aan verschillende doelen van de NHV. Het Rijk is verantwoordelijk voor het landelijke beleidskader, terwijl provincies dit gebiedsgericht uitvoeren om natuurdoelen te realiseren. Op termijn zal worden bezien of ook andere programma’s kunnen worden geïntegreerd.
Stand van zaken monitoring
In het Natuurplan sluit ik zoveel mogelijk aan bij bestaande monitoring en verbeter ik de methodiek via het Verbeterprogramma VHR-Monitoring (VVM). Daar waar nog niet structureel wordt gemonitord en de NHV dat wel verplicht, is het mijn ambitie om aanvullende structurele monitoring en metingen op te zetten om de huidige staat van de natuur in beeld te brengen, in samenwerking met onder andere kennispartijen.
LVVN maakt afspraken met mededepartementen, decentrale overheden en terrein beherende organisaties om de uitvoering van de monitoring structureel te organiseren. Voor terrestrische, kust en zoetwaterecosystemen gebruiken we de rapportages over de periode 2019-2025 die in het kader van de VHR-verplichtingen zijn opgeleverd als uitgangspunt. Een belangrijke aanvullende opgave is om beter in beeld te brengen hoe het gaat met habitats buiten N2000-gebieden, zoals hun staat, oppervlakte en verspreiding (voor terrestrische-, zoetwater- en mariene ecosystemen). Deze NHV-vereiste voor aanvullende monitoring wordt in het komende jaar uitgewerkt in samenwerking met de verantwoordelijke partijen (provincies, Rijkswaterstaat en Defensie). Dit leidt tot duidelijke afspraken over hoe gedetailleerd en waar we monitoren en tot een uitvoeringsplan met een planning tot aan 2030.
Stand van zaken plan-MER
Het Natuurplan wordt, passend bij het stelsel van de
Natuurherstelverordening, opgenomen als een verplicht programma onder de
Omgevingswet. De maatregelen die landen in het Natuurplan hebben
mogelijk milieueffecten. Daarom kiezen we ervoor om een
milieueffectrapport (MER) te maken. De uitvoering van de verordening
heeft namelijk gevolgen voor de leefomgeving en sociaaleconomische
ontwikkelingen. Het is belangrijk om die goed in beeld te brengen
en belanghebbenden de kans te geven hierop te kunnen reageren. Zo kan
het kabinet goed onderbouwde keuzes maken voor het definitieve
Natuurplan.
De planning voor het plan-MER voor het Ontwerp-Natuurplan is als
volgt:
In oktober 2025 is gestart met het opstellen van een Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD), waarin de scope is beschreven voor de plan-MER. Deze NRD is als bijlage bij deze Kamerbrief toegevoegd. De consultatie voor de NRD is gestart in maart 2026.
Vanaf april 2026 wordt het plan-MER opgesteld, deze zal eind augustus worden opgeleverd.
In het najaar 2026 wordt het plan-MER ter inzage gelegd, tegelijk met het Ontwerp -Natuurplan. Daarna wordt ook advies gevraagd aan de Commissie mer.
De opbrengst van de internetconsultatie, zienswijzen en adviezen worden verwerkt in het definitieve Natuurplan.
Stand van zaken wetgeving
De NHV is een verordening met rechtstreekse werking, net als nationale wetgeving. Voor de uitvoering van de verordening is aanvullende wetgeving nodig. Het conceptwetsvoorstel ‘uitvoeringswetgeving Natuurherstelverordening’ ter wijziging van de Omgevingswet wordt nu ambtelijk voorbereid voor toetsing en (internet)consultatie.
Het wetsvoorstel ter wijziging van de Omgevingswet richt zich vooral op het verdelen van taken en regelen van de instrumenten die nodig zijn voor de uitvoering. Waar nodig komt er een tweede traject om de uitvoering verder mogelijk te maken, bijvoorbeeld voor het vastleggen van verantwoordelijkheden voor herstelmaatregelen en het voorkomen van tussentijdse significante verslechtering van natuur.
De specifieke uitwerking van de taken zal plaatsvinden in wijzigingen van de algemene maatregelen van bestuur die horen bij de Omgevingswet. Daarbij werken we vanuit het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt aangesloten bij (wettelijke) taken, bestaande bestuurlijke afspraken, bevoegdheden en instrumenten.
LVVN is als systeemverantwoordelijke voor de NHV, ook hoofdverantwoordelijk voor het wetgevingstraject. De betrokkenheid van verschillende departementen, provincies, gemeenten en waterschappen is van groot belang, gezien de taak die zij hebben bij de uitvoering van de NHV en de uitbreiding van de wettelijke taken die daarmee samenhangen. Voor elke aanpassing wordt goed in beeld gebracht wat de consequenties zijn voor medeoverheden en andere (ruimtelijke) ontwikkelingen en zullen de relevante uitvoeringstoetsen worden doorlopen. Naar verwachting kan de internetconsultatie in juni starten om stakeholders, belanghebbenden en betrokken burgers de gelegenheid te geven hierop te reageren.
Stand van zaken wederkerige bestuurlijke afspraken
Om uiteindelijk tot een gedragen en uitvoerbaar Natuurplan te komen, is het van belang om wederkerige bestuurlijke afspraken te maken tussen het Rijk en medeoverheden over de invulling van taken, rollen en verantwoordelijkheden, te nemen maatregelen, het beschikbare instrumentarium, monitoring en evaluatie en de financiering. Bij de vaststelling van het Ontwerp-Natuurplan en de internetconsulatie van het wetsvoorstel tot wijziging van de omgevingswet worden afspraken gemaakt over randvoorwaarden bij effectuering van wetgeving en de stappen die partijen zetten tot aan het definitieve Natuurplan. Dit wordt opgepakt als onderdeel van de ministeriële taskforce. Deze afspraken worden gemaakt om te voorkomen dat partijen ergens aan gehouden worden, zonder dat de randvoorwaarden zijn ingeregeld en bestuurlijk zijn afgesproken. Vervolgens moet toegewerkt worden naar definitieve bestuurlijke afspraken om invulling te geven aan de Natuurherstelverordening. Voorzien wordt om deze definitieve afspraken samen te laten lopen met de hernieuwde afspraken in het kader van het Natuurpact voor na 2027.
Betrokkenheid stakeholders
De NHV kent opgaven voor alle ecosystemen en raakt daarmee ook de belangen van burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties. Zowel in sectoren die direct met de natuur werken als daarbuiten. Om die reden is het van groot belang om de implementatie van de NHV samen met burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties vorm te geven. Daarom zijn er in 2025 bijeenkomsten georganiseerd in alle provincies om ambtenaren van gemeenten, waterschappen en provincies vroegtijdig te betrekken en hun kennis te benutten. Daarnaast zijn er enkele brede stakeholderbijeenkomsten georganiseerd en deze worden gecontinueerd in 2026. Er is een driewekelijks overleg ingesteld met een representatie van sectoren en maatschappelijke partners. Zo nemen wij sectorpartijen mee in de ontwikkelingen en belangrijke keuzes rond de implementatie van de NHV. Verslagen van bijeenkomsten zijn in te zien via Natuurherstelverordening | Levend Landschap.
Tot slot
Samen met alle betrokken partners werken we hard aan het ontwerp-Natuurplan, om de natuur in Nederland te versterken en te beschermen voor huidige én toekomstige generaties. Een belangrijke rol ligt bij de boeren en natuurbeheerders. Ik streef naar een samenhangende aanpak die samen wordt opgesteld, waarbij er oog is voor alle partijen en belangen. Ik deel het plan rond de zomer graag met uw Kamer, zodat we samen in gesprek kunnen gaan over hoe beleid en praktijk het beste op elkaar kunnen aansluiten. Zo kunnen we samen echt aan de slag om onze natuur duurzaam te verbeteren.
Hoogachtend,
Jaimi van Essen
Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur
Kamerstuk 21 501-32, nr. 1657. ↩︎
Kamerstuk 33576, nr. 440. ↩︎
Met de benaming ‘Natuurplan’ wordt verwezen naar het ‘Nationaal Herstelplan’ zoals beschreven in hoofdstuk III van de natuurherstelverordening: verordening (EU) 2024/1234 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2024 betreffende natuurherstel ↩︎
Kamerstuk 33576, nr. 465 ↩︎
Berenschot en Arcadis. Impact Assessment Europese Natuurherstelverordening. 2024.↩︎
Kamerstuk 36 848, nr. 106.↩︎